Commissievoorstel inzake afwikkelen moties rioolheffing, hondenbelasting en precario
Tekst van het document
VOORSTEL AAN EEN COMMISSIE VAN DE GEMEENTE ROERMOND
Onderwerp: Commissievoorstel inzake afwikkelen moties rioolheffing, eventueel afschaffen hondenbelasting, tarieven precario terrassen Zaaknummer: 115873-2021 Datum: 27 september 2021
Inleiding Middels deze notitie informeren wij u over de afwikkeling van de moties 2017M15 en 2016M24, beide betreffende de heroverweging van de grondslag voor de rioolheffing, het wel of niet afschaffen van de hondenbelasting en het eventueel harmoniseren van de tarieven precario voor terrassen. Argumenten Grondslag voor de rioolheffing De beide moties 2017M15 en 2016M24 beogen voornamelijk een ‘eerlijkere’ rioolheffing, die niet alleen wordt gedragen door de eigenaren van de belastbare objecten, maar waarbij ook de gebruikers in de heffing worden betrokken. Het externe bureau ‘Van den Bosch & partners’ werd verzocht ons te adviseren ten aanzien van de mogelijke verschillende manieren waarop hieraan invulling gegeven kan worden. Dit rapport van 27 februari 2019 is reeds ter beschikking aan u gesteld, vergezeld van een voorstel “Herschikking Rioolheffing” van 20 mei 2019 (bijlage 1 en 2). Met betrekking tot deze informatie werden nog enkele vragen van uw commissie schriftelijk beantwoord middels de brieven van 7 juni 2019 en van 18 juli 2019 (bijlage 3 en 4). Tijdens de tuinzaalsessie op 10 september 2020, waarbij ook de heer Mr.
Robert Duits van ‘Van den Bosch & partners’ aanwezig was, is levendig gediscussieerd en afgesloten met de conclusie, dat aan uw commissie enkele varianten, inclusief vragen en overwegingen, zouden worden aangeboden, aan de hand waarvan uw fractie een voorkeur kan aangeven van de door uw fractie gewenste verdere uitwerkingsrichting. Deze uitgangspunten zijn aan uw commissie voorgelegd middels een brief van 18 december 2020 (bijlage 5). In deze brief werd u uitgenodigd om uiterlijk 31 januari 2021 input te leveren op een eventuele wijziging van de grondslag voor rioolheffing. Hierop is een reactie ontvangen van de fracties Groen Links en de LVR . (bijlage 6 en 7). Het college heeft besloten, op basis van de ontvangen reacties, geen wijziging van de grondslag van rioolheffing aan de gemeenteraad voor te stellen en beschouwd de beide moties hiermee als afgedaan. Hondenbelasting Tijdens de commissievergadering van 9 september 2019 is uitvoerig stilgestaan bij de binnengekomen petitie tegen hondenbelasting. De door de raadscommissie gestelde vragen zijn in de commissie-brief van 27 september 2019 beantwoord (bijlage 8). Tijdens de tuinzaalsessie van 10 september 2020 is naast de eventuele wijziging van de grondslag voor rioolheffing nogmaals gesproken over het eventueel afschaffen van de hondenbelasting.
Ook tijdens de commissievergadering van 30 november 2020 is hondenbelasting wederom besproken. Tijdens de Raadsvergadering van 17 december 2020, bij het actualiseren van de belastingverordening, is
Pagina 2
antwoord gegeven op door u gestelde vraag inzake inkomstenderving bij mogelijke kwijtschelding van hondenbelasting. Het betreft hier een bedrag van ongeveer € 20.000,-. Momenteel is het heffen van hondenbelasting ook een punt van discussie in de Tweede Kamer naar aanleiding van het burgerinitiatief “Stop de hondenbelasting” Naar aanleiding van de discussie in de Tweede Kamer reageert de VNG onder andere als volgt:
Gemeenten zijn geen voorstander van het per se vasthouden aan de hondenbelasting; daarvan getuigt onder andere het feit dat lang niet alle gemeenten hondenbelasting heffen. De hondenbelasting is een van de belastinggebieden van gemeenten; niet het belangrijkste, dat is de OZB. Beiden zijn geen doelbelasting, maar zijn inkomstenbronnen voor de algemene middelen van gemeenten. Als de hondenbelasting zou verdwijnen slaat dat een gat in de begrotingen van de betreffende gemeenten. Die zullen dat compenseren door bijvoorbeeld de OZB te verhogen (een lastenverzwaring voor woningeigenaren). Ons treft het ook onaangenaam dat er zo – achteloos bijna – weer over gesproken wordt een deuk in de gemeentelijke autonomie te slaan. Eerder zijn andere inkomensbronnen van gemeenten al afgeschaft: de gebruikersheffing OZB en de precario op kabels en leidingen, het zijn telkens incidentele inbreuken. Dit alles speelt op een moment dat we – in aanloop naar de vorming van een nieuw kabinet – een stevig pleidooi houden voor een structurele verbetering van de financiële positie van gemeenten.
De argumenten over het eventueel afschaffen van hondenbelasting zoals deze zijn opgenomen in de commissie-informatiebrief van 27 september 2019 zijn onveranderd. Hierin wordt onder andere aangegeven dat wanneer er besloten wordt de hondenbelasting af te schaffen hiervoor in de plaats elders inkomsten moeten worden gerealiseerd. Tevens ligt er een uitdaging om te komen tot een meerjarig sluitende begroting (Klaar voor de herstart). Gelet op de financiële consequenties ten gevolge van het afschaffen van de hondenbelasting, stelt het college voor de hondenbelasting te handhaven. Precario terrassen Tijdens de behandeling in de Commissie BM van 2 december 2019 inzake de actualisatie van de belastingenverordening 2020 is toegezegd dat het college in 2020 met een aanbeveling komt hoe om te gaan met de tarieven voor precario, daar deze voor diverse locaties in de stad historisch zijn bepaald. Daarbij zal er ook worden gekeken naar wintertuinen. Ook de tariefstelling van de precariorechten voor terrassen is een onderwerp geweest bij de tuinzaalsessie van 10 september 2020. De precariobelasting komt toe aan de algemene middelen van de gemeente en is door de gemeente vrij besteedbaar. Gemeenten hebben geen verplichting om de geheven precariobelasting in te zetten voor uitgaven die samenhangen met de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond.
Horecaondernemers hoeven in 2021 geen precariobelasting te betalen. Ze mogen tijdelijke terrasoverkappingen plaatsen en hun terras vergroten. Dat heeft het college besloten om de door de coronapandemie zwaar getroffen horecasector te ondersteunen. De maatregelen zorgen voor lastenverlichting en geven (letterlijk) meer ruimte om te ondernemen. Ook in 2020 kon de horeca al gebruik maken van tijdelijke terrasoverkappingen en het vergroten van het terras.
Pagina 3
Het niet innen van de precariobelasting bedraagt € 150.000. Dat bedrag wordt gedekt uit het eerder door de gemeenteraad ingestelde coronafonds. De tarieven voor precario terrassen is in onze gemeente als volgt: Hoofdstuk 5 van de tarieventabel behorende bij de ‘verordening op de heffing en invordering van de precariobelasting. Het tarief bedraagt voor voorwerpen onder, op of boven een terras : 5.1
In het kernwinkelgebied: (Stationsplein, Hamstraat, noordzijde van het Kloosterwandplein, Kloosterwandstraat, Graaf Gerardstraat, Munsterplein, Steenweg, Varkensmarkt, Schoenmakersstraat, H. Geeststraat (gedeelte tussen Jesuitenstraat en Lindanusstraat), Kazerneplein, Markt, Bergstraat, Brugstraat, Marktstraat, Roerkade, Roersingel, Neerstraat (gedeelte tussen Brugstraat en Paredisstraat), Paredisstraat, Sint Christoffelstraat)
per m² per jaar: met een minimum van:
€ 38,85 € 388,50
5.2
in afwijking van artikel 5.1. geldt voor de pleinterrassen aan de Markt
5.3
per m² per jaar: met een minimum van:
€ 33,10 € 331,00
overige gedeelte van de binnenstad: binnen de Singelring rond het centrum (dit betreft het gebied gelegen tussen Wilhelminasingel, Buitenop, Roerkade, Roersingel, Minderbroederssingel, Zwartbroek-plein, Willem II Singel, Godsweerdersingel en Wilhelminaplein
per m² per jaar: met een minimum van:
€ 26,75 € 267,50
5.4
overige locaties
per m² per jaar: met een minimum van:
€ 15,80 € 158,00
* Tarieven 2020
Uit bovenstaande tarievenoverzicht is te zien dat er voor verschillende locaties binnen de gemeente verschillende tarieven worden gehanteerd. De verdeling van deze verschillende locaties staat niet meer in verhouding met het aantal bezoekers aan de verschillende horecagelegenheden. Waar het Stationsplein voorheen een uitgaansplek met veel bezoekers is dit in de afgelopen jaren verplaatst naar bijvoorbeeld de
Pagina 4
Roerkade. Hetgeen er in resulteert dat de horecaondernemers van bijvoorbeeld het Stationsplein meer precario moeten betalen met (mogelijk) minder inkomsten dan de Roerkade. Tijdens de Raadsvergadering van 8 juli 2021 is het “Amendement Klaar voor de herstart” aangenomen waarin is vastgesteld dat voor de jaren 2021 en 2022 geen verhoging plaatsvindt van o.a. precario terrassen. Het college zal in de loop van 2022 een nieuw voorstel aan de gemeenteraad voorleggen voor het vaststellen van realistische tarieven precario, ingaande 1 januari 2023, op basis van benchmark met de grote steden in Limburg. VERZOEK COLLEGE Kennis te nemen van het voorstel en uw opvattingen hierover kenbaar te maken. Burgemeester en wethouders van Roermond, De secretaris,
De burgemeester,
ir. J.A.G.M. van Aaken
M.J.D. Donders – de Leest
Ter inzage: Bijlage 1: Voorstel aan de commissie van 20 mei 2019 Herschikking grondslag rioolheffing. Bijlage 2: Rapport Van den Bosch en partners 27 februari 2019 Bijlage 3: Beantwoording vragen Cie BM van 20 mei 2019 Bijlage 4: Beantwoording vragen Cie BM van 18 juli 2019 Bijlage 5: Commissiebrief d.d. 18 december 2020 Bijlage 6: Reactie Groen Links Bijlage 7: Reactie LVR Bijlage 8: Commissie-informatiebrief d.d. 27 september 2019
Burgemeester en wethouders van Roermond, De secretaris,
De burgemeester,
ir. J.A.G.M. van Aaken
M.J.D. Donders – de Leest
Ter inzage:
Pagina 5 van 5