Commissie advies RU8 Ruimtelijk Economisch Kader Horeca Roermond - standpunt college
Tekst van het document
Commissie-advies Naam commissie:
Commissie Ruimte
Datum commissievergadering:
4 september 2024
Fracties afwezig bij commissiebehandeling: LVR GL CDA DS SPR Onderwerp:
VVD
D66
PvdA
SP
Ruimtelijk Economisch Kader Horeca Roermond
Advies commissie: Is dit onderwerp rijp voor behandeling in de gemeenteraad? Wijze van agendering voor de raad: hamerstuk bespreekstuk
Ja
Nee
n.v.t.
Woordvoering vindt plaats door de vertegenwoordiger van LVR, GL, CDA, DS, VVD, D66 en PvdA. Mevrouw Coumans neemt niet deel aan de vergadering wegens betrokkenheid. Enkele door de fracties gemaakte opmerkingen zijn: PvdA maakt zich zorgen over het stationsplein, een entree van de stad. Tevens vraagt PvdA aandacht voor het vestigen van nachthoreca, zeker met het oog op jongeren en studenten. PvdA spreekt waardering uit voor de participatie. VVD is verrast door de memo inzake het terrassenbeleid, waarin wordt aangegeven dat dit beleid niet tot de competentie van de raad zou behoren. VVD merkt op dat de Hamstraat de verbindingszone van het station naar de binnenstad is en verzoekt om een soort actieplan om verloedering van de straat tegen te gaan. VVD onderschrijft het belang van goede horeca in Roermond en is benieuwd hoe het college zich hier actief voor wil inspannen. GL merkt op dat het erop lijkt dat leegstand steeds op dezelfde plekken terugkomt. GL vraagt aandacht voor groene verbindingsstroken en een meer gezond en duurzaam horeca-aanbod. Tevens informeert GL naar de gevolgen van het opstappen van de voorzitters van BIZ binnenstad en Citymanagement. LVR spreekt de complimenten uit over het voorstel. Er is lang op gewacht, maar het bevat nieuwe concepten zoals blurring.
LVR merkt op dat het gebrek aan nachthoreca een minpuntje is als je kijkt naar het huidige horeca aanbod. Met het oog op de jongeren zou daar een boost aan gegeven moeten worden. LVR informeert of daar al gesprekken over plaatsvinden en of het college marktpartijen daartoe kan aanzetten. D66 informeert waar de grens ligt tussen wensdenken en het kunnen uitvoeren. D66 informeert naar de geplande groei, naar de ideeën over de ontwikkeling van het Zwartbroekplein, het beleid inzake paracommercie, het kader van de maatwerkafwegingen en de status van het terrassenbeleid. D66 informeert naar de officiële naam van het document en verzoekt deze in het raadsvoorstel en raadsbesluit te verwerken. DS merkt op dat de gemeente afhankelijk is van marktwerking maar informeert wat het college gaat doen om de groei mogelijk te maken. Tevens informeert DS of er inzicht is hoe de horeca in Roermond ervoor staat, of het advies inzake de dark kitchens wordt overgenomen en naar duiding van de maatwerkafwegingen.
CDA merkt op dat er duidelijk behoefte is aan nachthoreca en informeert of het college bereid is om dit actief te stimuleren. CDA informeert op welke wijze het Zwartbroekplein is meegenomen bij de reconstructie van de Singelring fase 3. Wethouder Franssen gaat in op de gestelde vragen en gemaakte opmerkingen. Hij gaat onder andere in op vragen over het Stationsplein, Hamstraat, Zwartbroekplein, leegstand en aanbod van eten. Wethouder Franssen merkt op dat er te lang een standstill periode is geweest in het horecabeleid maar dat het horeca-overleg weer wordt ingevoerd. Tevens deelt hij mede de komst van nachthoreca en discotheken toe te juichen, dat bezorgen een aandachtspunt is en bij transformaties in de stad te kijken of studentenhuisvesting kan plaatsvinden. Wethouder Franssen zegt toe op de groene flap de juiste titel van document te vermelden en dit ook overal te verwerken. Wethouder Franssen gaat in op de vragen over het terrassenbeleid en zegt toe de RIB uit 2013 inzake de actualisatie van het terrasbeleid ter informatie bij de groene flap te voegen. Commissie acht het voorstel rijp voor behandeling in de raad, agendering als bespreekstuk op verzoek van DS en D66.
Standpunt college: De titel van het beleidsstuk wordt: "Ruimtelijk Economisch Kader Horeca Roermond." Deze benaming is verwerkt in zowel het Raadsvoorstel als het Raadsbesluit. Uit voorgaande blijkt dat de door de raadsleden gestelde vragen afdoende zijn beantwoord en dat er geen aanvullende beantwoording of standpuntbepaling door het college aan de orde is.