CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Commissie advies RU6a RKC Onderzoek naar leegstandsbeleid

Gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente RoermondBij agendapunt: RKC onderzoek naar leegstandsbeleid1.171 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Naam commissie:

Commissie Ruimte

Datum commissievergadering:

23 juni 2021

Fracties afwezig bij commissiebehandeling: LVR GL CDA DS VVD

Onderwerp:

D66

SP

SPR

DENK

Ja

Nee

n.v.t.

LL

RKC Onderzoek naar leegstandsbeleid

Advies commissie: Is dit onderwerp rijp voor behandeling in de gemeenteraad? Wijze van agendering voor de raad: hamerstuk bespreekstuk

n.v.t.

Woordvoering vindt plaats door de vertegenwoordiger van LVR, GL, CDA, DS, VVD, D66, SP en SPR. Enkele door de verschillende fracties gemaakte opmerkingen zijn: LVR is ontevreden over de beantwoording door RKC en STEC en stelt diverse vragen over onder andere het nawoord, voorzienbaarheid, stichting Stadsherstel. Achteraf kan worden vastgesteld dat een diepgravend volwaardig onderzoek beter was geweest dan een quick scan in deze kwestie. LVR richt ook diverse vragen aan de wethouder, onder andere over de opsomming van oorzaken die aan de leegstand ten grondslag liggen, de aandacht voor andere centra, de raadswerkgroep en het belang van de structuurvisie wonen. LVR merkt op dat geen enkele ondernemer weet waar hij terecht kan binnen het ambtelijk apparaat in het kader van transformatie, dat een goede transformatie onmogelijk is zonder dat het parkeren goed opgelost wordt, dat de actualisatie van het horecabeleid weer opgepakt moet worden en dat winkels en horeca samen het hart van de binnenstad vormen. Zonder financiële middelen is het onhaalbaar om het probleem van de leegstand goed aan te pakken en bij dit college ontbreekt daadkracht. CDA is met de LVR van mening dat deze quick scan iets te kort door de bocht is. De aanbevelingen uit deze rapportage verdienen alle aandacht maar het betreft een quick scan waaraan zware conclusies worden gehangen.

CDA merkt op dat er grote uitdagingen liggen. Leegstand is één van de prioritaire onderwerpen; de implementatie kan dan ook niet tot het 4e kwartaal wachten. Als door diverse fracties het belang en de urgentie wordt onderschreven, moet het misschien een plek in de herstart worden gegeven zodat het duurzaam ingebed wordt. VVD vindt het onderzoek een ‘te’ quick scan. Een deel van de beleidsdocumenten is verouderd, de integrale aanpak ontbreekt en het is meer een onderzoek naar de historie. VVD constateert dat er sprake is van stilstand. Er vinden te veel overleggen en gesprekken plaats, maar er is nog steeds geen gedocumenteerde basis voor het leegstandsbeleid. Tevens zijn er ook niet voldoende gelden beschikbaar voor het oplossen van de problemen. Het is aan het college om een oplossingsrichting aan te dragen.

SP ondersteunt de analyse van de LVR. Het is een quick quick scan met logische resultaten. De inzet van de gemeente ten aanzien van leegstand schiet te kort en is te weinig concreet. Tevens merkt de SP op dat er ook geld vrijgemaakt moet worden. SP merkt op dat leegstand ook mensen weerhoudt om naar de binnenstad te gaan en blijft pleiten voor flexibiliteit naar nieuwe en jonge ondernemers. GL gaat in op het transformeren van de functies en de betekenis van wonen voor het doelgroepenbeleid. GL informeert welke maatregelen ter stimulering voor Roermond de juiste zijn. Nagegaan moet worden of deze maatregelen en instrumenten een positie dienen te verkrijgen in de omgevingswet. GL merkt op dat de markt dient te worden verleid door visie en uitgenodigd moet worden tot initiatieven. Er dient ingegrepen te worden bij stilstand. DS deelt mede dat langs diverse tafels overleg wordt gepleegd over dit onderwerp en op welke wijze hieraan een positieve wending kan worden gegeven. Er moet gekeken worden naar wat bindt en verbindt. DS informeert wie aan het stuur zit om alle relevante partijen aan tafel te krijgen om uiteindelijk tot een constructief overleg te komen. Wie neemt het initiatief en gaat constructief meedenken om tot een oplossing te komen. DS informeert of deze rol voor de gemeente is weggelegd.

SPR merkt op dat het iets is van de lange adem en refereert naar een stickeractie in relatie tot leegstand. SPR merkt op dat middels motie 15M42 is opgeroepen om geen nieuwe winkelpanden te creëren als er voldoende zijn. SPR merkt op dat er nog steeds sprake is van leegstand, er geen visie is maar hap snap beleid is gevoerd en dat op korte termijn oplossingen en prioriteiten moeten worden voorgelegd. SPR informeert of we als Roemrond een outletcenter zijn met een stad of een stad met een outletcenter. De heer Janssen gaat in op de vragen die gericht zijn aan de RKC en gaat daarbij onder andere in op de keuze voor een quick scan, het proces en het nawoord. Door de heer Eringveld worden de vragen over het rapport van STEC beantwoord. Wethouder Waajen gaat in op de diverse vragen en opmerkingen. Zij gaat onder andere in op de lokale woonvisie, horecabeleid, het ruimtelijk detailhandelsbeleid, de keuze voor de binnenstad als prioriteit nummer 1 met aandacht hebben en houden voor de wijken, de keuze voor clusters en het niet toevoegen van extra vierkante meters en stichting Stadsherstel. Wethouder Waajen herkent de oorzaken van de leegstand zoals genoemd in STEC rapport maar deze moeten in breed perspectief worden gezien, het is niet aan één oorzaak toe te kennen. Wethouder merkt op, dat het onderwerp iedereen na het hart ligt.

Ze ervaart het rapport als een hand in de rug, een erkenning van een grote opgave en in haar portefeuille is dit de belangrijkste opgave. In reactie op een vraag van het CDA deelt zij mede wat daadwerkelijk nodig is aan capaciteit en financiële middelen om de aanbevelingen uit het rapport van de RKC te realiseren. Deze substantiële en langjarige middelen zitten echter niet in de programma’s. In reactie op een vraag van de VVD deelt wethouder Waajen mede dat het opdracht geven aan het college (conform punt 2 van het besluit) zonder extra middelen weinig zinvol is. Mogelijkheid is om het uitvoeringsplan (zoals vermeld bij punt 3 van het besluit) reeds in 3e kwartaal voor te leggen, zodat deze meegenomen kan worden bij de begrotingsbehandeling. Wethouder Waajen zegt toe op de groene flap een reactie te verzorgen op een aantal vragen die in eerste instantie door de LVR aan de RKC zijn voorgelegd maar waarop de LVR nu ook graag een antwoord van het college wil verkrijgen. Het betreft de vragen 2, 5, 20, 23, 27 en 28.

De commissie acht dit stuk rijp voor behandeling in de raad. Agendering als bespreekstuk.

Standpunt RKC: N.a.v. de bespreking in de commissie RU van 23 juni zijn er geen openstaande toezeggingen van de RKC. Wel wil de RKC naar aanleiding van een opmerking van de VVD over de aanbevelingen benadrukken dat de RKC het voorstel doet om de (uitgebreide) aanbevelingen zoals verwoord in het onderzoeksrapport van STEC (Hoofdstuk 5 / pagina 30 e.v.) over te nemen. In het raadsvoorstel zelf staan weliswaar louterde samengevatte aanbevelingen vermeld, maar er wordt verwezen naar hoofdstuk 5 van het rapport waar de integrale aanbevelingen (zoals opgesteld door STEC i.s.m. de RKC) vermeld staan.

Standpunt college: Wethouder Waajen heeft in tegenstelling tot hetgeen verwoord staat in het commissieadvies geen toezegging gedaan. De nog openstaande vragen worden via het reguliere proces beantwoord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=fb46faab-fc0d-4e3b-8ccf-aa99ea8eed9c