CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Commissie advies BS6 - Bijlage 1 - getekend raadsvoorstel Doorontwikkeling Participatiewet. (nieuw)

Gemeenteraad 3 juni 2021, gemeente RoermondBij agendapunt: Doorontwikkeling Participatiewet in een regionale samenwerking2.497 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VOORSTEL AAN DE RAAD VAN DE GEMEENTE ROERMOND

Onderwerp: Doorontwikkeling van de Participatiewet in een regionale samenwerking Zaaknummer: 50173-2021 Datum: 13 april 2021

Inleiding De afgelopen 2 jaar (vanaf april 2019) heeft er een bestuurlijk en ambtelijk traject plaatsgevonden om met de 5 gemeenten Roermond, Roerdalen, Maasgouw, Leudal en Echt-Susteren (regio Midden Limburg Oost) te komen tot een regionaal programma voor de uitvoering van het werkdeel van de Participatiewet. Dit traject heeft plaatsgevonden onder de werknaam Doorontwikkeling Participatiewet. Voor Roermond is deze doorontwikkeling onderdeel van het programma Beter met Minder. In dit proces heeft de Stuurgroep Doorontwikkeling Participatiewet bestaande uit 5 portefeuillehouders Sociale zaken van de betrokken gemeenten, onderzoek gedaan naar de manier waarop deze aanpak vorm kan krijgen. Het college van Roermond heeft op 13 april de intentie uitgesproken om het programma uit te gaan voeren in een regionale samenwerking. Hiervoor wordt in 2021 een nieuwe fase ingeluid waarin wordt toegewerkt naar het opstellen van een bedrijfsplan voor het oprichten van een regionale entiteit voor de uitvoering van het programma en een beoogde start uiterlijk per 1-1-2022. 1.1 De Participatiewet als onderdeel van de transformatieopgave in het sociale domein. De Participatiewet is als onderdeel van de transformatie binnen het sociale domein gepositioneerd. In Roermond zijn de transformatieopgaven onderdeel van het programma Beter met Minder.

De belangrijkste opgave voor gemeenten in dit kader is het zo effectief mogelijk uitvoeren van haar taken binnen het sociale domein met de daarvoor beschikbare middelen. Voor de Participatiewet is deze opgave opgedeeld in 2 sporen: 1. Het aanpakken van de financiële opgave bij de uitvoering van de sociale werkvoorziening; 2. Het realiseren van banen voor de nieuwe doelgroep, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en een verminderde loonwaarde (voorheen Wajong en Wsw). Het eerste spoor is uitgevoerd door Westrom met ondersteuning van een externe adviseur en heeft geleid tot een verbeterplan voor de bedrijfsvoering van Westrom. Met de uitvoering van dit verbeterplan wordt een substantiële verbetering van het financiële resultaat (grofweg een halvering van de gemeentelijke bijdrage vanaf 2024) en een gezonde bedrijfsvoering van Westrom bereikt. Voor spoor 2 heeft de afgelopen 2 jaar (vanaf april 2019) een bestuurlijk en ambtelijk traject plaatsgevonden om met de 5 gemeenten Roermond, Roerdalen, Maasgouw, Leudal en Echt-Susteren (regio Midden Limburg Oost) te komen tot een regionale ambitie en een regionaal programma voor de uitvoering van het werkdeel van de Participatiewet.

Pagina 1 van 6

Pagina 2

Onderwerp:

1.2 De maatschappelijke opgave van de Participatiewet is om banen te realiseren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dit wordt gericht vormgegeven vanuit een regionale ambitie en een programmatische aanpak. De maatschappelijke opgave In het kader van de uitvoering van de Participatiewet is een belangrijke opgave om banen te realiseren voor de nieuwe doelgroepen, mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en een verminderde loonwaarde die voorheen in de Wajong en Wsw terecht konden. Deze doelgroep is vanaf 2015 onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten gekomen met de komst van de Participatiewet. De 5 gemeenten hebben voor de realisatie van deze maatschappelijke opgave een regionale ambitie en een gezamenlijk programma geformuleerd. Het belangrijkste beleidsuitgangspunt daarbij is dat de maatschappelijke baten van werk ten opzichte van een uitkering zonder meer positief zijn. De opgave, de ambitie en het programma in regio Midden Limburg-Oost sluiten aan bij de landelijke uitgangspunten van de Participatiewet. Het invulling geven aan de maatschappelijke opgave is zowel een regionaal als een lokaal vraagstuk. Regionaal vanwege de samenwerking tussen gemeenten, werkgevers en regionale partijen om banen te realiseren in een regionaal georiënteerde arbeidsmarkt.

Lokaal omdat iedere gemeente een eigen afweging maakt over de inzet van de dienstverlening voor de doelgroep, de omvang van de maatschappelijke opgave en de inzet van de daaraan gekoppelde budgetten.

Programmatische aanpak en de regionale ambitie Om de opgave voor het realiseren van banen voor de doelgroep beter in beeld te krijgen en deze zo effectief mogelijk uit te voeren met de daarvoor beschikbare middelen, is er een programma-aanpak ontwikkeld. Daarnaast is er een regionale ambitie geformuleerd. De regionale ambitie en het daaruit voortvloeiende programma komt neer op het realiseren van jaarlijks ongeveer 150 banen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Over een periode van 10 jaar kan dit voor de hele regio gaan om circa 1.500 banen. De aantallen voor deze ambitie zijn gebaseerd op de geprognotiseerde ontwikkeling van de instroom van nieuwe doelgroepen in de Participatiewet. Daarnaast hebben de sociale diensten hun bestaande uitkeringsbestand geanalyseerd en beoordeeld welke mensen potentie hebben om naar werk begeleid te worden om te werken met Loonkostensubsidie en begeleiding.

Naast de kwantitatieve ambitie van het programma is er tevens een veranderkundige opgave gericht op het organiseren van een passende begeleiding en de effectieve inzet van instrumenten voor het realiseren en het verduurzamen van deze 150 banen per jaar. Hierbij moet gedacht worden aan een actieve inzet van loonkostensubsidie, een detacheringsfaciliteit, werkgeversdienstverlening en jobcoaching. De landelijke evaluaties van de Participatiewet laten zien dat werk voor een bepaalde groep niet mogelijk is, zonder tijdelijke of structurele inzet van loonkostensubsidie en passende begeleiding. Het adequaat organiseren van deze inzet is dan ook een belangrijk onderdeel van het programma en de basis voor de realisatie van de regionale ambitie.

De Businesscase, inzetten op werk i.p.v. uitkering leidt tot positieve resultaten. Het programma Doorontwikkeling P-wet is in de kern gericht op het toeleiden van mensen naar werken met loonkostensubsidie in plaats van een uitkeringssituatie. Om dit te bereiken moeten er extra investeringen gedaan worden in het begeleiden naar werk en het ondersteunen bij werk. Om deze investeringen mogelijk te maken is een financiële businesscase ontwikkeld. Belangrijke conclusie hierbij is dat de afweging tussen inzet op werken met loonkostensubsidie versus een uitkering op basis van de huidige budgetsystematiek leidt tot een neutraal/ licht financieel voordeel. De regionale opgave en ambitie is uitgewerkt in een inhoudelijk programma en een financiële businesscase voor en door de 5 gemeenten. Het programma en de businesscase zijn per individuele

Pagina 3

Onderwerp:

gemeente doorgerekend en waar nodig zijn ambities bijgesteld op basis van de maatschappelijke opgave, inrichtingskeuzes en de financiële situatie per gemeente. De optelsom van de per gemeente tot stand gekomen keuzes t.a.v. de doelgroep leidt tot de regionale ambitie voor de 5 gemeenten gezamenlijk. De 5 bestuurders in de Stuurgroep Doorontwikkeling P-wet hebben op basis van het programma en de businesscase de intentie uitgesproken voor het in gezamenlijkheid gaan realiseren van de geformuleerde maatschappelijke opgave en ambitie.

Maatschappelijke opbrengst Wanneer iemand met een afstand tot de arbeidsmarkt een baan krijgt, heeft dat niet alleen voordelen voor de persoon zelf, maar ook voor de samenleving als geheel. Dit blijkt uit het onderzoek ‘De brede baten van werk’ van het Centraal Planbureau en het Sociaal en Cultureel Planbureau. Deze voordelen komen boven op de maatschappelijke besparingen op uitkeringen en de immateriële voordelen van werk voor mensen zelf, zoals zelfrespect en algeheel welbevinden. De maatschappelijke opgave en ambitie voor de uitvoering van de Participatiewet en de uitgangspunten en kaders voor uitvoering in een regionale samenwerking zijn uitgewerkt in bijgaande sheetnotitie ‘Doorontwikkeling Participatiewet in een regionale samenwerking’ bijgevoegd als bijlage 1 bij dit voorstel.

1.2 Een nieuwe entiteit als vehikel voor het realiseren van de maatschappelijke opgave in een regionale samenwerking Regionale samenwerking Omdat het invulling geven aan de maatschappelijke opgave niet enkel een lokaal vraagstuk is, is ervoor gekozen om de krachten in regio te bundelen. De regionale samenwerking is van belang, omdat de uitvoering van het programma voor een belangrijk deel in een regionaal georiënteerde arbeidsmarkt moet gaan plaatsvinden. Daar moeten de banen en het werk voor de doelgroep gerealiseerd worden. Door samen te werken als gemeenten hoeven werkgevers en andere partijen niet met alle gemeenten afzonderlijk afspraken te maken. Bovendien is het de bedoeling van de Participatiewet om een eenduidig pakket aan functionaliteiten en instrumenten aan te bieden voor zowel werkgevers als werkzoekenden. Een regionale route naar werk biedt daarnaast veel voordelen; naast een eenduidige aanpak voor werkzoekenden en werkgevers, ook schaalgrootte en daardoor meer slagkracht en een betere positie in de samenwerking met partijen waaronder UWV, opleiders, sectoren en werkgevers. Het bij elkaar brengen van disciplines in de keten stelt professionals in staat directer samen te werken vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor een doorgaande lijn naar (regulier) werk.

De werkgeversdienstverlening is een belangrijk onderdeel in de regionale samenwerking en heeft als belangrijkste taak om als adviseur op te treden richting werkgevers en de eigen werkorganisatie. Kort gezegd is het de uitdaging om een win-win situatie te creëren voor werkgevers en voor kandidaten uit de Participatiewet. Deze werkgeversdienstverlening moet zoveel als mogelijk vanuit een regionale samenwerking georganiseerd worden vanuit (SUWI) wetgeving. Bewezen is dat het regionaal organiseren van werkgeversdienstverlening de effectiviteit in de samenwerking met werkgevers vergroot. Een nieuwe entiteit Door de 5 participerende gemeenten is geconstateerd dat met een nieuwe entiteit bij voorkeur in de vorm van een BV met gemeentelijke aandeelhouders op een goede wijze invulling gegeven kan worden aan de regionale samenwerking en het realiseren van de ambitie en doelen uit het programma. In goed overleg is door iedere individuele gemeente een keuze gemaakt over de wijze waarop zij willen participeren in deze nieuwe entiteit.

Pagina 4

Onderwerp:

Roerdalen, Maasgouw en Roermond hebben de intentie om een nieuwe entiteit op te richten vanuit de rol van opdrachtgever en (mede) aandeelhouder. Gemeenten Echt-Susteren en Leudal hebben de intentie om de samenwerking en het opdrachtgeverschap op basis van een inkooprelatie vorm te geven. In de volgende projectfase wordt deze samenwerking verder uitgewerkt in een bedrijfsplan voor de nieuwe entiteit. 1.3 Voorgestelde kaders voor de ontwikkeling van een nieuwe entiteit. Het is de bedoeling om in het najaar 2021 in de colleges een definitief besluit te nemen over de nieuwe entiteit, nadat alle facetten die nodig zijn voor de oprichting zijn uitgewerkt in een bedrijfsplan en de raden hun wensen en bedenkingen hebben kunnen meegeven. Voor het uitwerken van het bedrijfsplan voor de nieuwe entiteit zijn door de 3 colleges gezamenlijk kaders opgesteld. Deze kaders worden middels dit voorstel voor besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad. Aan de raad wordt daaropvolgend in het najaar een ontwerpbesluit voorgelegd voor het oprichten van een nieuwe entiteit teneinde te kunnen beoordelen of de beoogde uitwerking van de nieuwe entiteit past in de kaders zoals met dit voorstel en besluit vastgesteld.

Met de nieuw te vormen entiteit wordt uitvoering gegeven aan de realisatie van de maatschappelijke opdracht en ambitie zoals die met het programma Doorontwikkeling Participatiewet wordt beoogd. De kaders die het college ter besluit voorlegt aan de gemeenteraad zijn: 1. De nieuwe entiteit gaat uit van de beleidsmatige doelstellingen en budgettaire kaders die de gemeenten hanteert bij de Participatiewet. De daadwerkelijke inzet op nieuwe doelgroep en de beschikbaarheid van middelen is onderdeel van de reguliere gemeentelijke begrotingscyclus. De nieuwe entiteit is opdrachtnemer van de gemeenten; 2. De nieuwe entiteit voert uitsluitend taken uit t.b.v. de Participatiewet. Dit doet zij in beginsel alleen voor de regiogemeenten*; 3. De nieuwe entiteit verricht zoveel als mogelijk dezelfde dienstverlening voor de inwoners van de 5 gemeenten. Hierbij wordt rekening gehouden met de lokale toegang die per gemeente kan verschillen en de eigen gemeentelijke beleidskeuzes t.a.v. de inzet van middelen; 4. De nieuwe entiteit verricht zoveel als mogelijk dezelfde werkgeversdienstverlening voor de 5 gemeenten. Binnen de regionale werkwijze is ruimte voor maatwerk per gemeente om lokale werkgevers daarmee goed te kunnen bedienen; 5.

De opbouw van de nieuwe entiteit wordt vormgegeven in een soepele transitie samen met Westrom (geleidelijke groei van nieuwe doelgroep, geleidelijke daling van WSW-doelgroep), het WSP en de andere uitvoeringsorganisaties (Sociale Zaken Roermond, MER-uitvoeringsorganisatie); 6. De nieuwe entiteit maakt gebruik van de huidige infrastructuur van Westrom; 7. De governance voor de Nieuwe Entiteit wordt vormgegeven op basis van samenwerking en goede communicatie tussen de 3 aandeelhoudende gemeenten. Daarbij worden duidelijke afspraken gemaakt op het gebied van kapitaal en financiën, risicobeheersing, aandeelverhoudingen, opdracht en doelstellingen, aansturing van de uitvoeringsorganisatie, verantwoordingsplicht, en voorwaarden tot in-en uittreding.

* De nieuwe entiteit voert geen taken uit voor private opdrachtgevers; alleen als dit het directe doel dient van de Participatiewet dient (bijv. een bedrijfsscan om medewerkers met een beperking te plaatsen);

Pagina 5

Onderwerp:

Financiële gevolgen Met het voorgestelde besluit zijn geen financiële gevolgen gemoeid. Het kader bij opstellen van het bedrijfsplan is dat de uitvoering moet plaatsvinden binnen de budgettaire kaders die de raad hiervoor heeft gesteld. In 2021 zijn er aanloopkosten. De aanloopkosten zijn noodzakelijke kosten die horen bij de nieuwe entiteit en feitelijk betaald moeten worden uit de producten van de nieuwe entiteit. Een van de uitgangspunten voor een op te richten nieuwe entiteit is dat deelnemende gemeenten een kostendekkend tarief betalen (inkopende gemeenten tevens een risico-opslag) voor de af te nemen producten. Op deze manier worden de kosten gezamenlijk gedragen door de 5 gemeenten die gebruik willen gaan maken van de nieuwe entiteit. Vanuit voorgaande uitgangspunten betreffen de aanloopkosten nadrukkelijk een voorfinanciering. Voor Roermond wordt de voorfinanciering gedekt vanuit de reguliere budgetten. De aanloopkosten voor het project Doorontwikkeling Participatiewet zijn onderdeel van de transformatie in het sociale domein en de opgave Beter met minder. De gemeenteraad heeft het raadskader Sociaal Domein vastgesteld. Dit raadskader gaat uit van uitvoering van de taken binnen de beschikbare financiële middelen. Tekorten worden tot en met 2021 gedekt uit de egalisatiereserve cluster Sociaal Domein conform afspraak met de provincie.

De incidentele kosten voor Roermond ter hoogte van € 197.000 worden betaald uit egalisatiereserve Sociaal Domein. Deze financiering heeft geen gevolgen voor de uitvoering van de reguliere taken van Roermond. Vanuit deze financiering worden de kosten betaald voor het opstellen van het bedrijfsplan en het voorbereiden van de start van de nieuwe entiteit. Aanloopkosten april 2021- dec 2021 Kwartiermaker 2 dgn p week Projectmanagement (extern) Projectsecretaris (extern) Juridisch advies statuten, mandaat, DVO Inrichten F&C Fiscaal advies Overig / n.t.b. Inzet medewerkers Roermond: • MT SoZa (2) • Beleidsadviseurs (2) • Juridische adviseur (1) • Financieel adviseur (1) • Inkoop adviseur (1) • Personeelsadviseur (1) • Communicatieadviseur (1) • Kwaliteitsmedewerker 1 • Klantmanagers 2

De afgelopen 2 jaar hebben de 5 gemeenten gezamenlijk en evenredig de kosten gedragen voor de Doorontwikkeling Participatiewet. De totale kosten voor externe projectleiding, advieskosten programma, uitwerken Businesscase en advies governance zijn € 154.160. De kosten zijn verdeeld over de 5 gemeenten, een bedrag van € 30.832 per gemeente.

Pagina 6

Onderwerp:

Communicatie en participatie Om de ontwikkelingen en plannen te communiceren met uw gemeenteraad en commissieleden, in de aanloop naar behandeling in commissie en raadsvergadering, wordt er een webinar georganiseerd voor raadsleden en commissieleden van de 5 betrokken gemeenten. Dit webinar vindt plaats voordat het raadsvoorstel wordt behandeld in de raden van de gemeenten. De uitnodiging voor het webinar is bijgevoegd als bijlage 3.

Burgemeester en wethouders van Roermond, De secretaris,

De burgemeester,

ir. J.A.G.M. van Aaken

M.J.D. Donders – de Leest

Ter inzage: Bijlage(n): Bijlage 1 Sheetnotitie Doorontwikkeling Participatiewet in een regionale samenwerking Bijlage 2 Besluit raad Bijlage 3 Uitnodiging voor webinar

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=e9643809-8024-4711-8281-c7d949cb70e1