Commissie advies BM4 Visie Opvang Nieuwkomers
Tekst van het document
Commissie-advies Naam commissie:
Commissie Bestuur en Middelen
Datum commissievergadering:
17 juni 2024
Fracties afwezig bij commissiebehandeling: LVR GL CDA DS SPR
VVD
D66
PvdA
SP
Advies commissie: Is dit onderwerp rijp voor behandeling in de gemeenteraad?
Ja
Nee
n.v.t.
Onderwerp:
Visie Opvang Nieuwkomers
Wijze van agendering voor de raad: hamerstuk bespreekstuk
n.v.t.
Toelichting: Woordvoering vindt plaats door VVD, PvdA, LVR, GL, D66, DS en CDA. Partijen zijn positief over de voorliggende visie. VVD vindt dat ook gemeenten in de regio hun verantwoordelijkheid dienen te nemen en roept het college op hiertoe overleg te voeren. PvdA zegt dat met dit stuk een duidelijke koers kan worden gevaren maar wel met barmhartigheid. LVR betreurt het dat niemand het heeft over de oorzaak waarom mensen vluchten, veelal gelegen in geo-politieke strijd. GL is blij dat het vraagstuk door middel van deze visie in Roermond breder wordt bekeken dan op basis van landelijk beleid strikt noodzakelijk zou zijn. D66 zegt dat Roermond niet slecht scoort qua aantallen opvang maar met de realisatie toch onder de taakstelling zit. Hoe denkt het college te bereiken dat de taakstelling, mogelijk al in 2025 en niet pas in 2027, wordt bereikt? DS vraagt aandacht voor communicatie met de omgeving met als doel te streven naar draagvlak. Verder vraagt DS aandacht voor het wegnemen van de beeldvorming dat alle vrijkomende woningen naar asielzoekers gaan. CDA informeert naar de te kiezen lijn qua vastgoed voor de huisvesting, afweging tussen huren en kopen. Wethouder van Rey: 1. er is een regietafel waarin de zeven Midden-Limburgse gemeenten overleggen over de opvang. Namens Roermond nemen burgemeester Hoogtanders en wethouder van Rey hieraan deel.
Hierin wordt ook gesproken met de CdK en de gedeputeerde Wonen. De Spreidingswet geldt nog steeds. Op basis van deze wet kunnen taakstellingen tussen gemeenten worden uitgewisseld. Dit is met name relevant omdat er in Midden-Limburg twee grote opvangcentra zijn, nl. in Echt en in Baexem. Roermond is solidair met mede-overheden; 2. Roermond streeft er nog steeds naar om (uiterlijk 1 november 2024) te voldoen aan de taakstelling van 290 en overlegt daarover met het COA. Een aanbod van de gemeente voor langdurige opvang (5 tot 10 jaar) is echter niet tot uitvoering gekomen. Er is nu overleg met het COA over meerdere locaties in Roermond. Komt er overeenstemming, dan worden de fractievoorzitters daarover geïnformeerd. Maar een locatie is niet á la minute klaar. Als een locatie is gevonden, moet die eerst nog geschikt worden gemaakt c.q. verbouwd;
3. opvang van 100 vluchtelingen in Fletcher Hotel telt tot nu toe niet mee in realisatie van de taakstelling. Roermond vindt dat dit wel zou moeten. Gelukkig steunt de provincie ons nu daarin; 4. met betrekking tot opvang van Oekraïners is een locatie gevonden waarvoor een intentieovereenkomst is ondertekend. Ook hier moeten echter eerst ook nog bouwkundige voorzieningen getroffen worden; 5. problematiek van het huisvesten van statushouders vormt een grotere uitdaging dan het voldoen aan de taakstelling van vluchtelingen en Oekraïners; 6. woningcorporatie is de eerst aangewezene om te communiceren over toegewezen woningen aan statushouders maar de gemeente heeft geleerd en zal ook zijn verantwoordelijkheid nemen; 7. het is nog niet duidelijk welke gevolgen het hoofdlijnenakkoord nog zal hebben voor de huisvesting van statushouders maar de echte oplossing is "bouwen, bouwen, bouwen". Wethouder van Ballegooij zegt trots te zijn op het voorliggende stuk. Elke euro die aan de voorkant wordt geïnvesteerd in een goed inburgeringsproces van mensen die ook in Roermond gaan blijven, betaalt zich aan de achterkant driedubbel uit. Burgemeester Hoogtanders sluit zich hierbij aan, met deze visie en het daaronder liggende actieplan wordt een heel goede basis gelegd. De commissie acht het stuk rijp voor behandeling in de raad, agendering als hamerstuk.
________________________________________________________________________________ Standpunt college: Uit bovenstaande blijkt dat de door de raadsleden gestelde vragen afdoende zijn beantwoord en dat er geen aanvullende beantwoording of standpuntbepaling door het college aan de orde is.