Bijlage 6 - Concept nota van zienswijzen en wijzigingen
Tekst van het document
Nota van zienswijzen en wijzigingen Bestemmingsplan ‘Melickerveld 2022’
29 december 2021
Gemeente Roermond
1 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
Procedure ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan ‘Melickerveld’ heeft van woensdag 13 oktober 2021 tot en met dinsdag 23 november 2021 ter inzage gelegen, na voorafgaande publicatie op 12 oktober 2021 in het Elektronisch Gemeenteblad. Gedurende de periode van terinzagelegging was het ontwerpbestemmingsplan digitaal raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende deze periode heeft eveneens het ontwerpbeeldregieplan, het besluit aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling en het ontwerpbesluit vaststelling hogere waarde Wgh ter inzage gelegen. Eenieder heeft de mogelijkheid gehad zienswijzen omtrent het ontwerpbestemmingsplan in te dienen. Daarvan is gebruik gemaakt door: No. Naam Adres Ontvangen 1. Mw. mr. S. Habib Dirksbergerweg 19, 3 november 2021 namens dhr. 6045 EV Roermond Cornelissen 2. Dhr. S. Fokkema Heinsbergerweg 345, 9 november 2021 6046 CL Roermond 3. Dhr. F.H.W.H. Waajen Eindstraat 31, 6045 18 november 2021 GA Roermond 4. Mw. L.E.M. Paulis en Dirksbergerweg 25, 19 november 2021 dhr. J.J.R. 6045 EV Roermond Hommelberg 5. Dhr. T.P.J. Kempen en Eindstraat 30, 6045 22 november 2021 mw. A. Kempen – Van GA Roermond Helden 6. Dhr. mr. M.M. Dirksbergerweg 31, 17 november 2021 Breukers namens mw. 6045 EV Roermond L. Boots 7.
Natuur- en 23 november 2021 Milieufederatie Limburg (NMFL) samen met Milieugroep Roermond, Milieu- en Heemkunde Vereniging Swalmen en de Zoogdierenwerkgroep van IVN Roermond 8. Werkgroep 19 november 2021 Melickerveld 9. Dhr. Ir. B. Taken Irenelaan 4, 6074 AW 22 november 2021 Melick 10. Dhr. en mw. Rours Dirksbergerweg 17, 22 november 2021 6045 EV Roermond 11. Dhr. mr. R.A.H. Dirksbergerweg 23, 23 november 2021 Vlecken namens dhr. 6045 EV Roermond en mw. Rosenbauer 12. Heemkundevereniging 30 november 2021 Roerstreek 2 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
Ontvankelijkheid Alle zienswijzen zijn binnen de inzagetermijn van het ontwerpbestemmingsplan en daarmee tijdig ontvangen, met uitzondering van de zienswijze van de Heemkundevereniging Roerstreek, die op 30 november 2021 is ontvangen. Gelet op de recente jurisprudentie rondom ontvankelijkheid van partijen in ruimtelijke procedures met toepassing van de uitgebreide voorbereidingsprocedure (“Varkens in nood-jurisprudentie”), wordt deze zienswijze wel in behandeling genomen en in deze nota weerlegd. De reactie op de zienswijze wordt gegeven in onze reactie op zienswijze nummer 9, omdat de zienswijze van de Heemkundevereniging bestaat uit een adhesiebetuiging aan deze zienswijze. Ingetrokken zienswijzen Er is op 23 november 2021 één zienswijze ingediend, die vervolgens op 25 november 2021 is ingetrokken. Deze zienswijze is daarom niet opgenomen in het bovenstaande overzicht. Inhoudelijke reactie naar aanleiding van de ontvangen zienswijzen Inleiding Voor u ligt de Nota van zienswijzen met betrekking tot het bestemmingsplan “Melickerveld 2022”. In deze nota gaan wij in op de zienswijzen die door twaalf indieners zijn ingediend. Onderstaand vindt u een korte historie van het plan en wordt in algemene zin ingegaan op de belangrijkste aspecten die in de zienswijzen naar voren kwamen.
Ten slotte volgt de conclusie dat de zienswijzen geen aanleiding vormen om het bestemmingsplan niet vast te stellen. Historie Melickerveld wordt al sinds 1994 in provinciale en gemeentelijke nota’s als beoogde woningbouwlocatie in stedelijk gebied aangemerkt. De eerste plannen voor een ontwikkeling van circa 700 woningen, samen met de gemeente Roerdalen, kwamen zo’n twintig jaar geleden uiteindelijk niet tot uitwerking. Jaren later werd het plan opnieuw actueel, nu alleen aan de Roermondse kant van de N293. In oktober 2016 heeft de gemeenteraad het bestemmingsplan “Melickerveld” vastgesteld voor de realisatie van 468 (grondgebonden) woningen. Dit bestemmingsplan werd vanwege de PASproblematiek (Programmatische Aanpak Stikstof) in augustus 2019 door de Afdeling vernietigd voor wat betreft de nieuwbouwmogelijkheden in het plangebied. De in 2014 met ontwikkelaar Leigraaf Midden Limburg B.V. gesloten realiseringsovereenkomst werd door deze uitspraak echter niet geraakt. In deze realiseringsovereenkomst is opgenomen dat partijen zich moeten inspannen om de nadelige gevolgen van de uitspraak zoveel mogelijk te beperken. Een planaanpassing dient daartoe te worden onderzocht.
Dit heeft uiteindelijk geleid tot een nieuw plan, waarvan het Raamwerk stedenbouwkundig model in juli 2021 is vastgesteld door de raad en daarmee de basis vormt voor het onderhavige bestemmingsplan “Melickerveld 2022”. Dit bestemmingsplan voorziet in de realisatie van maximaal 468 woningen. Voorts is het mogelijk om op grond van een wijzigingsbevoegdheid twee nieuwbouwwoningen te realiseren op particulier eigendom binnen het plangebied. Behoefte De realisatie van het nieuwe woongebied Melickerveld met een gedifferentieerd woningbouwprogramma voor wat betreft woningtypologieën, in de combinatie met een groen-stedelijk woonmilieu en veel aandacht voor duurzaamheid en natuur-inclusief ontwikkelen en bouwen, voorziet in een behoefte die binnen het bestaand stedelijk gebied van Roermond niet in voldoende mate wordt aangeboden c.q. kan worden aangeboden in de omvang en mate zoals voorzien in Melickerveld.
3 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
Er zijn onvoldoende binnenstedelijk gelegen locaties geschikt en beschikbaar om het in Melickerveld beoogde woonmilieu, met een gedifferentieerd woningbouwprogramma, te verwezenlijken. Ook zijn er geen herbenuttingsmogelijkheden in het stedelijk gebied die hierin kunnen voorzien. Woningbouw in Melickerveld is daarom noodzakelijk om te zorgen dat de gemeente Roermond de komende jaren een goed kwantitatief en kwalitatief woningaanbod kan blijven bieden aan bestaande en toekomstige inwoners, aansluitend bij de woonbehoefte en woonwensen. De ontwikkeling van het woongebied Melickerveld in Roermond biedt een passende oplossing voor de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte aan woningen en de gespannen woningmarkt binnen het verzorgingsgebied Roermond, waarbij flexibel ingespeeld kan worden op wijzigingen in deze woningbehoefte en woonwensen gedurende de gefaseerde realisatie van het woongebied in de periode tot 2030, alsmede daarna, gezien de behoefte aan woningen tot 2043 binnen Roermond naar woningen in het woonmilieu 'groen-stedelijk'. Flexibel bestemmingsplan Voor de beoogde ontwikkeling van het woongebied Melickerveld is gekozen voor een globaal bestemmingsplan, omdat de ontwikkeling meerdere jaren in beslag zal nemen. Met een flexibel bestemmingsplan is het mogelijk om in te spelen op een eventuele wijziging van de behoefte en op ontwikkelingen in de woningmarkt.
De planregels voorzien hiervoor in een toetsingskader. Ondanks bovengenoemde flexibiliteit voorziet het plan – onder meer gelet op de in artikel 5 (bestemming ‘Groen’), 6 (bestemming ‘Groen-Omzoming’) en 9 (bestemming ‘Woongebied’) opgenomen planregels – in voldoende ruimtelijk relevante regels waarbinnen de beoogde invulling van het plangebied kan plaatsvinden. Met de opgenomen planregels wordt voldoende inzicht gegeven in de inrichting van het gebied en is het plan uit oogpunt van rechtszekerheid aanvaardbaar. Ecologie De stedenbouwkundige opzet voor het plan Melickerveld is geïnspireerd op het bestaande landschap. In de nieuwe groene structuur komen bestaande landschapselementen nog beter tot hun recht. De verschillende bouwvelden krijgen in deze structuur een plaats. Stad en natuur worden met onderhavig plan verenigd. Er is sprake van wonen aan de rand van de stad in een gezonde én groene leefomgeving, die uitnodigt tot ontmoeting, ontdekking en beweging. Het uitgangspunt voor deze ontwikkeling is natuurinclusief ontwikkelen en bouwen. Dit heeft absolute meerwaarde: voor het klimaat, de biodiversiteit én voor de gezondheid van mensen. Op dit moment is sprake van flora en fauna die vooral voortkomt uit het bestaande en intensieve agrarische gebruik van het gebied.
Voor een aantal soorten zal een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming moeten worden aangevraagd of zal een bestaande ontheffing moeten worden verlengd. Met inachtneming van alle te treffen mitigerende- en compenserende maatregelen mag in alle redelijkheid verwacht worden dat deze ontheffingen zullen worden verleend dan wel verlengd. De uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan is derhalve op dit punt niet in het geding. Indien gedurende de uitvoering andere, op basis van recent onderzoek niet aangetroffen of te verwachten, beschermde soorten worden waargenomen, geldt de wettelijke zorgplicht en zal indien nodig ook voor deze soorten een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming worden aangevraagd. Op den duur zal sprake zijn van een biodiversiteit die past binnen een stedelijk, groen woonmilieu. Het nieuwe plangebied biedt hierdoor vooral nieuwe kansen.
4 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
Conclusie De zienswijzen geven geen aanleiding om het bestemmingsplan niet vast te stellen. Wel is naar aanleiding van de zienswijzen het bestemmingsplan op een aantal punten gewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. Deze wijzigingen zijn terug te vinden aan het einde van deze nota. Hierna volgt een zakelijke samenvatting van de diverse zienswijzen en de inhoudelijke reactie daarop. De onderdelen van de zienswijzen die niet expliciet zijn genoemd, zijn dus wel bij de reactie op de zienswijzen betrokken. De zienswijzen zijn in hun geheel beschouwd. Bij de standpuntbepaling is dus rekening gehouden met de volledige inhoud van de ontvangen zienswijzen. Aan het einde van deze nota zijn de wijzigingen opgenomen, die onder meer voortkomen uit een aantal van de ingediende zienswijzen.
5 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
1. Mw. mr. S. Habib namens dhr. R.M.I. Cornelissen, ontvangen op 3 november 2021 1. Indiener woont op circa 120 meter ten westen van het plangebied en ervaart nadelige gevolgen van het bestemmingsplan Melickerveld 2022. Standpunt: Indiener heeft in 2017 een omgevingsvergunning voor het bouwen van zijn woning aangevraagd, die begin 2018 is verleend. Indiener wist of kon weten dat er in de omgeving van zijn woning al lange tijd (1994 Streekplan Noord- en Midden Limburg) plannen voor woningbouw bestaan en er eerder (2016) al een bestemmingsplan voor de bouw van 468 woningen in de directe omgeving is vastgesteld, maar in 2019 is vernietigd. 2. De verhouding tussen flexibiliteit en rechtszekerheid knelt. Een goede ruimtelijke ordening kan niet worden gegarandeerd doordat het bestemmingsplan te globaal van aard is. Standpunt: Een bestemmingsplan, onder meer bestaande uit planregels en verbeelding, is het planologische instrument om een goede ruimtelijke ordening te borgen. Het bestemmingsplan is gebaseerd op het vastgestelde stedenbouwkundig raamwerk (door de raad op 8 juli 2021). Voorts wordt het plan nader uitgewerkt door middel van een door de gemeente vast te stellen inrichtingsplan. Het is niet ongebruikelijk om functies als tuin, verkeer en verblijfsgebied onderdeel te laten zijn van de woonfunctie. Dat is ook is in het bestemmingsplan Melickerveld 2022 gebeurd.
Ook in het bestemmingsplan voor het gebied waar de woning van indiener is gelegen is deze splitsing in tuin, verkeer en verblijfsgebied niet apart voorzien, maar een ondergeschikt onderdeel van de woonfunctie. Voor de beoogde ontwikkeling van het woongebied Melickerveld is gekozen voor een globaal bestemmingsplan om ruimte te bieden bij de uitvoering van het plan. Het plan voorziet desalniettemin, gelet op de in artikel 5 (bestemming ‘Groen’), 6 (bestemming ‘Groen-Omzoming’) en 9 (bestemming ‘Woongebied’) opgenomen planregels, in voldoende ruimtelijk relevante regels waarbinnen de invulling van het plangebied kan plaatsvinden. Met de opgenomen planregels wordt voldoende inzicht gegeven in de inrichting van het gebied en is het plan uit een oogpunt van rechtszekerheid aanvaardbaar. In het kader van het aan het bestemmingsplan ten grondslag gelegde onderzoek, zijn de maximale mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt als uitgangspunt genomen. Dat betekent dat de ruimtelijke gevolgen van alle denkbare uitvoeringsmodaliteiten zijn onderzocht en in het kader van een goede ruimtelijke ordening aanvaardbaar zijn geoordeeld. 3. In hoeverre zijn bijlagen bij een bestemmingsplan bindend? Standpunt: Uitsluitend de planregels en verbeelding zijn juridisch bindend. De plantoelichting en daarmee de bijlagen bij de plantoelichting zijn niet bindend.
De niet bindende toelichting bij het bestemmingsplan heeft in zoverre betekenis dat deze over de bedoeling van de planwetgever meer inzicht kan geven als de bestemming en de bijbehorende planregels waaraan moet worden getoetst, op zichzelf noch in samenhang duidelijk zijn. Het opnemen van bouwvlakken in het plan verhoudt zich niet tot de gewenste flexibiliteit van het bestemmingsplan. Dit geldt niet voor de locaties van de beoogde appartementengebouwen. 4. De globale invulling van het bestemmingsplan ziet onder meer toe op het aantal woningen. Er is geen maximum aantal woningen in het bestemmingsplan opgenomen en bouwvlakken ontbreken. Indiener verzoekt om het woningaantal van 468 op te nemen in de planregels. Standpunt: In artikel 9.2.1 van het bestemmingsplan is het maximaal aantal woningen vastgelegd. Het bestemmingsplan Melickerveld ziet op de realisatie van maximaal 468 nieuwbouw woningen. In artikel 3.5.2. van de regels, behorende bij het BP Melickerveld 2022, is voorts een wijzigingsbevoegdheid opgenomen ten behoeve van de realisatie van maximaal 2 vrijstaande woningen op een drietal 6 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
particuliere kavels met een totale oppervlakte van 6.311 m 2. Het opnemen van bouwvlakken (situeringsaspect) in het bestemmingsplan verhoudt zich niet met de gewenste flexibiliteit van het bestemmingsplan. In artikel 9.2 van de planregels zijn bouwregels opgenomen die ook voorzien in situerings- alsmede maatvoeringsaspecten. In het vast te stellen bestemmingsplan zullen voor de beoogde te realiseren appartementen zones (situeringsvlakken) op de verbeelding worden opgenomen. Voor de overige bebouwing in de bestemming ‘Woongebied’ worden geen bouwvlakken op de verbeelding opgenomen. In artikel 9.2.2. van eerdergenoemde regels wordt nader ingegaan op de verschillende woningtypen die in het plan worden gerealiseerd. De verdeling naar typen is gebaseerd op de huidige woningbehoefte en de bestaande planvoorraad. Voor woningtypen met een grote behoefte is uitgegaan van een minimum aantal, voor woningen met een gemiddelde behoefte van een maximum aantal. In de op dit artikel volgende artikelen worden kaders voor het realiseren van de woningen bepaald en beperkt. Er is derhalve geen sprake van ongelimiteerde woningbouwmogelijkheden. Vanwege de omvang en daarmee de looptijd van het plan is het wenselijk om in te kunnen spelen op ontwikkelingen op de woningmarkt, passend binnen het gemeentelijke volkshuisvestingsbeleid en eventuele schommelingen in de behoefte.
Daarom is er voor gekozen om de hoofdstructuur vast te leggen met woongebieden. Binnen een woongebied is sprake van flexibiliteit, zonder dat het totaal aantal woningen van 468 overschreden mag worden. Het opnemen van situeringsvlakken, anders dan ten behoeve van gestapelde woningbouw, verhoudt zich niet met de gewenste flexibiliteit van het bestemmingsplan. 5. Door onduidelijkheid over de maximale invulling kunnen verschillende (ruimtelijke) aspecten niet worden beoordeeld. Onduidelijk is met welk aantal woningen is gerekend voor de voor de planontwikkeling relevante onderzoeken, waardoor niet kan worden gesproken van een goede ruimtelijke ordening. Standpunt: Zoals onder punt 3 reeds is gesteld, is het maximale aantal van 468 woningen in de planregels vastgelegd. Alle voor de planontwikkeling relevante onderzoeken zijn op dit aantal woningen gebaseerd, waardoor wel degelijk sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Voor de realisatie van twee woningen op grond van de in artikel 3.5.2. opgenomen wijzigingsbevoegdheid op drie percelen aan de Eindstraat dienen, in geval sprake is van een aan de orde zijnde planontwikkeling, eveneens relevante onderzoeken te worden uitgevoerd (artikel 3.5.2. onder a.) 6. Indiener vreest dat het plan voor geluidsoverlast zorgt. Minder woningen is in het kader van geluidsoverlast beter dan het vaststellen van een hogere grenswaardenbesluit.
Standpunt: Het vaststellen van hogere grenswaarde heeft geen effect op geluid dat door Melickerveld veroorzaakt wordt, maar maakt het mogelijk om binnen de geluidproductie van omliggende wegen en bedrijventerreinen woningbouw in Melickerveld te realiseren. Geluidoverlast kan het woongenot schaden. Daarom zijn er regels en geluidsnormen en is een verscheidenheid aan wettelijke kaders van toepassing, bijvoorbeeld voor verkeer en/of andere geluidhinderbronnen. Voor burenoverlast is de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van toepassing. De regels voor geluidsoverlast voor wegen richten zich op het voorkomen en verminderen van omgevingslawaai van verkeer. Deze regels staan in de Wet geluidhinder en de Wet milieubeheer. Het bestemmingsplan Melickerveld 2022 maakt de realisatie van een nieuwe woonwijk mogelijk, waardoor de verkeersintensiteiten op bestaande wegen toenemen. Voor wat betreft de toename van 7 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
verkeer op de zogenaamde geluidgezoneerde wegen (Heinsbergerweg en N293) is een akoestisch onderzoek uitgevoerd overeenkomstige het bepaalde van de Wet geluidhinder. Ter borging van een verantwoord woon- en leefklimaat wordt op basis van de resultaten van het akoestisch onderzoek voor de nieuw te bouwen woningen die een hogere geluidsbelasting verkrijgen dan 48 dB(A) een hogere grenswaarde vastgesteld in combinatie met de aanleg en instandhouding een geluidwerende wal. Indiener vraagt zich tevens af wat de gevolgen voor de geluidbelasting op zijn woning zijn. De woning van indiener is gesitueerd aan de Dirksbergerweg en buiten het plangebied gelegen. Aan de Dirksbergerweg zelf zal geen fysieke wijziging doorgevoerd worden. De kortste afstand van de woning van indiener tot de Heinsbergeweg bedraagt circa 185 meter. De beoogde aansluiting van de wegstructuur vanuit het nieuwe woongebied Melickerveld op de Heinsbergerweg ligt ten zuidwesten van de woning van indiener. De beoogde locatie van de aansluiting ligt hemelsbreed op een afstand van tussen de circa 337 tot circa 418 meter van de woning van indiener. Het ligt niet in de rede dat in het kader van het bestemmingsplan Melickerveld een reconstructie van de Heinsbergerweg wordt voorzien, anders dan ter plaatse van de aansluiting op dat beoogde punt met de Heinsbergerweg.
Uitstuitend ter plaatse van de aansluiting is sprake van een reconstructie in de zin van de Wgh. Gelet op de afstand tussen de locatie van de aansluiting en de woning van indiener, zal ter plaatse van de woning van indiener geen sprake zijn van een toename van het geluid’. Ook in het kader van een goede ruimtelijke ordening kan het noodzakelijk zijn om de akoestische gevolgen van de toename van de verkeersintensiteit in kaart te brengen, om te onderzoeken of er nog wel sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Er is sprake van een aanvaardbaar akoestisch woon- en leefklimaat als de geluidbelasting op de bestaande woningen niet met 2 dB of meer toeneemt. Hiervoor geldt als vuistregel ‘als de verkeersintensiteit op een weg of wegvak als gevolg van de woonwijk toeneemt met meer dan 40% zal, wanneer andere variabelen onveranderd blijven, de geluidbelasting met meer dan 2 dB toenemen’. De verkeerstoename wordt bepaald tussen de intensiteiten in de huidige situatie en die in de toekomstige situatie. Voor de bestaande woning van indiener is de verkeerstoename lager dan 40%. Daarom is er geen aanleiding om de akoestische gevolgen in beeld te brengen. 7. Indiener dreigt door het plan zijn vrije uitzicht te verliezen. Op dit moment is ruim uitzicht over agrarisch landschap. Om dit uitzicht te behouden is aanpassing van het plan noodzakelijk.
Standpunt: Er zal inderdaad sprake zijn van een gewijzigd uitzicht vanuit de bestaande woningen. Er bestaat op grond van jurisprudentie geen recht op een blijvend vrij uitzicht. Bovendien is reeds lange tijd (sinds 1994) bekend dat in het gebied woningbouw is voorzien. Vanaf de woning van indiener is de afstand tot de grens van het plangebied Melickerveld langs het bosgebied circa 225 meter. Vanaf de perceelsgrens van indiener tot aan de grens van het plangebied door de open weide is de afstand minimaal 190 meter. Gelet op deze afstanden zal van een onaanvaardbare aantasting van het uitzicht geen sprake zijn. 8. Door dit plan is inkijk in de woning en tuin van indiener mogelijk. In de omgeving van indiener is vierlaagse bebouwing mogelijk, waardoor inbreuk wordt gemaakt op de privacy in de woning en tuin. Standpunt: De nieuwbouwwoningen zijn op ruime afstand van de woning en kavel van indiener gepland. Tussen de woning van indiener en het noordelijk deel van het plangebied zijn nog twee bestaande woningen op ruime kavels (van 4.492 m2 respectievelijk 16.633 m2) gelegen. De afstand tot de grens van het plangebied in zuidelijke richting varieert tussen de circa 110 en circa 150 meter, die in oostelijke richting is in het standpunt onder punt 7 reeds genoemd. Het risico op inkijk is daarmee niet aannemelijk 8 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
en het opnemen van een groenstrook als voorwaardelijke verplichting ter voorkoming van inkijk is niet noodzakelijk. Met een overgang tussen de bestaande situatie en het nieuw te realiseren woongebied wordt rekening gehouden door de aanleg en/of instandhouding van (bestaande) groenvoorzieningen binnen de opgenomen bestemmingen ‘Groen ’en ‘Groen-Omzoming’). 9. Indiener wil graag met de gemeente meedenken over een andere oplossing. Indiener is bereid af te zien van verdere stappen als onderstaande punten met een voorwaardelijke verplichting worden aangepast: a. Het bestemmingsplan wordt nader uitgewerkt. Standpunt: Er is sprake van een flexibel bestemmingsplan met planregels die voldoende waarborgen bevatten ten aanzien van de rechtszekerheid. Een nadere uitwerking is niet nodig. b. De bouwvlakken dienen in de verbeelding te zijn ingetekend. Standpunt: Dit wordt niet overgenomen. Zie voor de beantwoording van dit onderdeel de reactie onder 4. c.
De bestemming tuin, verkeer en verblijfsgebied dienen apart te zijn voorzien.
Standpunt: Dit wordt niet overgenomen. Zie voor de beantwoording van dit onderdeel de reactie onder 2. d. De bouwhoogte bij functieaanduiding ‘specifieke vorm van woongebied – 1’ wordt verlaagd naar 7 meter, te weten 3 bouwlagen. Standpunt: Het is niet mogelijk om 3 bouwlagen te realiseren binnen een bouwhoogte van 7 meter. Dit is strijdig met het Bouwbesluit 2012, waarin is bepaald dat de verdiepingshoogte in een woning ten minste 2,60 meter dient te bedragen. In artikel 9.2.4. van de planregels worden de kaders van de hoofdgebouwen in de bestemming woongebied opgesomd. Een grondgebonden woning mag uit meerdere bouwlagen, al dan niet met kap bestaan, met een maximale bouwhoogte van 11 meter. De bouwhoogte van een woongebouw met appartementen mag uit ten hoogste 4 bouwlagen bestaan met een maximale hoogte van 13 meter. In het vastgestelde stedenbouwkundig raamwerk (vastgesteld 8 juli 2021) zijn vier zorgvuldig gekozen locaties in het plangebied opgenomen, waar realisatie van woongebouwen verantwoord wordt geacht. Deze worden in het vast te stellen bestemmingsplan (verbeelding) nader aangeduid. Onder ‘zorgvuldig’ wordt verstaan ‘met respect voor de bestaande bebouwing in de omgeving en de toekomstige bebouwing in het plangebied’. Deze locaties liggen op ruime afstand van de kavel met woning van indiener.
Aanpassing van de toegestane maximale bouwhoogte ten behoeve van de beoogde grondgebonden woningen en woongebouwen is niet wenselijk en niet nodig is. e. Een hoge en dichte groenstrook komt over de gehele oostelijke rand van het plangebied. Standpunt: De Oostelijke zijde van het plangebied wordt grotendeels ingericht met een groenzone, die als ‘Groen’ is bestemd. De inrichting van deze zone zal nader worden uitgewerkt in het nog op te stellen inrichtingsplan. Ten aanzien van de inrichting wordt gezocht naar een evenwicht tussen enerzijds een robuust groen karakter en anderzijds een veilige en beheerbare woonomgeving, passend binnen de daarvoor bestaande kaders.
9 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
Grenzend aan het perceel van indiener is ten oosten reeds een volwaardige groenstructuur aanwezig die buiten het plangebied valt. Ten noordoosten van de kavel is deze beperkt aanwezig. Echter is in de randzone van het plangebied de bestemming ‘Groen’ opgenomen, pas daarachter is de bestemming ‘Woongebied’ opgenomen. Dit tezamen met de ruime afstand (circa 230 meter, gemeten vanaf de luchtfoto) tot de bestemming ‘Woongebied’ kan gesteld worden dat aanpassing niet nodig is en dat reeds sprake is van een groenzone en sprake blijft van uitzicht. f.
Deze groenstrook dient in stand te blijven.
Standpunt: Een groene afscherming van de woongebieden is een van de specifieke onderdelen van het karakter van het plangebied. Deze strook heeft een bestemming ’Groen - Omzoming’ en zal met groenvoorzieningen worden ingericht en in stand gehouden. Daartoe wordt een voorwaardelijke verplichting in de planregels opgenomen. g. De groenstrook dient onderhouden te worden. Standpunt: Volgens de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) is onderhoud niet een aspect dat in het bestemmingsplan wordt geregeld. Er wordt een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan opgenomen dat deze strook wordt ingericht, zie de beantwoording onder f. Ten aanzien van het aspect onderhoud worden op basis van het vastgestelde inrichtingsplan privaatrechtelijke afspraken gemaakt, die worden opgenomen in een tweede addendum op de in 2014 gesloten realiseringsovereenkomst voor het plan. h. Er dient een beplantingsplan te komen. Standpunt: In het kader van het inrichtingsplan wordt niet alleen voorzien in een beplantingsplan, maar ook in een beplantingsstrategie, waardoor het robuuste groene karakter van het plan vanaf het begin is geborgd.
10. De gemeente kan volgens indiener planschade voorkomen door het plan aan te passen. Standpunt: Of er sprake zal zijn van planschade is pas aan de orde bij de beoordeling van een verzoek tot tegemoetkoming in planschade nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is. Bij de beoordeling van een verzoek tot tegemoetkoming in planschade wordt mede in overweging genomen de voorzienbaarheid van een planontwikkeling. Indiener wist of kon weten dat in de omgeving van zijn perceel sprake zou zijn van een woningbouwontwikkeling nu deze locatie reeds sinds 1994 als zodanig is aangemerkt.
10 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
2. Dhr. S. Fokkema, ontvangen op 9 november 2021. 1. Er is eerder gevraagd om een tweede woning op de kavel van indiener te realiseren, en er zou zijn toegezegd dat dit aan de orde zou komen bij het ontwerpbestemmingsplan. Standpunt: De kavel van indiener is gelegen buiten het plangebied van het bestemmingsplan Melickerveld. Het klopt dat indiener eerder heeft verzocht om een tweede woning op de betreffende kavel te realiseren. Dit verzoek is in 2009 afgewezen. In 2015 meldt indiener per e-mail contact te hebben gehad met het bureau dat het stedenbouwkundig plan voor Melickerveld in 2012 heeft opgesteld. Men zou zich kunnen voorstellen dat de betreffende kavel wordt gesplitst in twee kavels met oriëntatie op de Heinsbergerweg. Op deze vraag is geantwoord dat het vigerende bestemmingsplan voor de betreffende locatie (Buitengebied Roerdal, vastgesteld in 2009) geen nieuwbouw, anders dan vervangende nieuwbouw, toelaat. En dat de omstandigheden die in 2009 tot een afwijzing van het verzoek hebben geleid niet zodanig zijn gewijzigd dat dit op dat moment tot een ander advies zou leiden. Voorts is aangegeven dat het betrokkene vrijstaat om opnieuw een formeel verzoek te doen. Dit verzoek volgde in 2018 en is opnieuw afgewezen. Uitbreiding van de bestaande woning is wel mogelijk. Hiervoor is in 2019 een omgevingsvergunning verleend. 2.
De nieuwe wijk Melickerveld wordt een kopie van de wijk De Kemp. Er is geen variatie in kavels/woningtypen, wat het plan monotoon maakt. Standpunt: De wijk de Kemp in Roermond is in de vijftiger jaren gebouwd in het kader van de wederopbouw van de stad. De wijk is destijds opgezet met voornamelijk rijwoningen in de sociale huur. In Melickerveld zal sprake zijn van een gevarieerd woningaanbod (levensloopbestendig, vrijstaand, rijen hoekwoningen, tweekappers en appartementen), zowel in de koop als de huursfeer, ingepast in een robuuste groene structuur, gebaseerd op bestaande landschappelijke waarden en hedendaagse woonkwaliteitseisen. Er zal geen sprake zijn van een monotoon opgezette woonwijk, noch van een kopie van de wijk de Kemp.
11 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
3. Dhr. F.H.W.H. Waajen, ontvangen op 18 november 2021. 1. De das zal verdwijnen door het plan. De das komt op meer plekken voor dan wordt geconcludeerd in het onderzoek door Econsultancy. Ten gevolge van uitgebreide dassenactiviteit is de verkregen ontheffing niet meer van toepassing. Tevens loopt er een dassenwissel van de tuin van indiener naar de fietsbrug. Standpunt: In 2018 is een ontheffing op de Wet natuurbescherming voor de das verleend. In het kader van bestemmingsplan Melickerveld 2022 wordt een verlenging van de reeds verkregen ontheffing aangevraagd ten aanzien van de das. Hierin zullen verplichte compenserende en mitigerende van de das worden opgenomen om aan de vigerende wetgeving te voldoen. Aanvullende maatregelen, anders dan hierboven genoemd en voortkomend uit de ontheffingsaanvraag bij de provincie Limburg ten aanzien van deze soort, zijn niet aan de orde. Op basis van de eerder verleende ontheffing en geactualiseerd onderzoek is er geen reden aan te nemen dat de verlenging van de reeds bestaande ontheffing niet verkregen zal worden. Met betrekking tot de das zal een actualisatie van het eerder opgestelde activiteitenplan plaatsvinden. Daaropvolgend zal een verlenging aangevraagd worden van de verleende ontheffing. Gelet op het onveranderd agrarisch gebruik van het plangebied, is het aannemelijk dat het habitatgebruik van de das onveranderd is gebleven.
De geschiktheid van de gehele planlocatie als foerageergebied is geanalyseerd in de ontheffingsaanvraag van Sweco, en betreft niet enkel de directe omgeving van de burcht (zie ook pagina 12 van ‘Activiteitenplan das Plan Melickerveld’, 357230, d.d. 11 december 2017). Wat betreft de door indiener aangegeven dassenactiviteit in en pal achter zijn tuin, kan worden gesteld dat deze locatie weliswaar binnen de bestemmingsplangrenzen is gelegen maar door de planontwikkeling niet wordt aangetast. 2. De torenvalk zal met dit plan verdwijnen uit het gebied. Op de plek waar de torenvalkkast aanwezig is, zijn de twee woningen vermeld die kunnen worden gerealiseerd op grond van de wijzigingsbevoegdheid. Standpunt: In het kader van BP Melickerveld 2022 wordt een ontheffing op de Wet natuurbescherming aangevraagd voor de torenvalk. Hierin zal verplichte compensatie en mitigatie voor de torenvalk worden opgenomen om aan de actuele wet- en regelgeving te voldoen. Tevens zal een nieuw aan te leggen groenstructuur tussen de te realiseren woningen en de aanwezige kast voor de nodige rust en beschutting zorgen. Aanvullende maatregelen, anders dan hierboven genoemd en voortkomend uit de ontheffingsaanvraag bij de provincie Limburg ten aanzien van deze soort, zijn niet aan de orde.
Voor zover gebruik kan worden gemaakt van de door indiener genoemde wijzigingsbevoegdheid voor de realisatie van maximaal twee woningen, zal – om gebruik te kunnen maken van deze wijzigingsbevoegdheid – onder meer ecologisch onderzoeken moeten plaatsvinden, gelet op artikel 3.5.2 onder a van de planregels. 3. De rugstreeppad zal met dit plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: De rugstreeppad is een pionierssoort die bij uitstek gebruik maakt van pioniersgebieden. Denk hierbij aan braakliggende bouwterreinen, groeven en zand- en kleiafgravingen, (rivier)duinen en uiterwaarden. De soort kan een dergelijk gebied snel koloniseren. De soort is voor zijn voorplanting afhankelijk van ondiepe, meestal kleine en geheel vegetatie loze wateren. Dit zijn tevens wateren die in de zomer opdrogen en daarmee (grotendeels) vrij zijn van predatoren, zoals vis en libellenlarven. Deze wateren zijn niet binnen de grenzen van het plangebied en de onderzoekslocatie aanwezig. De aanwezigheid van een beschermde voortplantingshabitat is derhalve uitgesloten. 12 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
De soort gebruikt daarnaast het terrestrisch habitat voor overwintering. Overwinteren doen rugstreeppadden in oude muizenholen of ze graven zichzelf in, in goed vergraafbaar zand. Door intensief gebruik van de agrarische percelen is structurele overwintering van rugstreeppadden hier uit te sluiten, zie in dat kader ook de soortenstandaard voor de rugstreeppad (https://www.rvo.nl/sites/default/files/2015/01/Soortenstandaard%20Rugstreeppad.pdf). De Heinsbergerweg, de N293 en lokale wegen zijn barrières voor de soort en houden de verspreiding vanuit de Breidberg tegen. Desondanks is de aanwezigheid van een zwervend individu niet uit te sluiten. Hiertoe worden, mede vanwege het snel koloniserende vermogen van de soort, bij de werkzaamheden passende maatregelen getroffen en zal tevens een ontheffing op de Wet natuurbescherming worden aangevraagd voor deze maatregelen. Aanvullende maatregelen, anders dan hierboven genoemd en voortkomend uit de ontheffingsaanvraag bij de provincie Limburg ten aanzien van deze soort, zijn derhalve niet aan de orde. (Kennisdocument Rugstreeppad, versie 1.0 BIJ12 juli 2017 | Verboom et al (2009). Amfibieën en reptielen: Rugstreeppad. Natuur van Nederland, 9. | https:// https://www.ravon.nl/soorten/soortinformatie/rugstreeppad). 4. De groene kikker, gewone pad en kleine watersalamander zijn waargenomen in de vijver.
Standpunt: Van de genoemde soorten wordt alleen de poelkikker – ook wel kleine groene kikker genoemd – beschermd krachtens de Wet natuurbescherming. Uit ecologisch onderzoek blijkt, dat voortplantingslocaties voor beschermde amfibieën (waaronder de poelkikker) in het plangebied uitgesloten kunnen worden. Voor de middelste groene kikker, meerkikker, gewone pad en kleine watersalamander geldt een vrijstelling voor ruimtelijke ontwikkelingen (zie Wijzigingsverordening Hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014, paragraaf 3.8, bijlage III). Door intensief gebruik van de agrarische percelen is structurele overwintering van amfibieën uit te sluiten. Overigens kan gesteld worden dat, met de realisatie van het plan, het aantal voortplantingslocaties binnen het plangebied toeneemt. Daarbij zal door het versterken van de ecologische structuur binnen het plangebied het aanbod van overwinteringslocaties en overig landhabitat toenemen. Ten slotte zal te allen tijde de zorgplicht in acht genomen moeten worden. 5. De geelgors zal met dit plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: De aanwezigheid van de geelgors binnen het Melickerveld is bekend. Het nest van deze soort geniet alleen wettelijke bescherming, zolang het in gebruik is.
Door vestiging van de soort (en alle andere inheemse vogels) binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden tegen te gaan, kan overtreding van de Wet natuurbescherming voorkomen worden. Dit gebeurt onder meer door kappen/ het verwijderen van vegetatie zoveel als mogelijk buiten de kwetsbare periode te laten plaatsvinden. Voorafgaande aan de kap wordt bovendien gecontroleerd op broedgevallen en broed indicerend gedrag. Dit is overigens een normale werkwijze. Aanvullende maatregelen ten aanzien van de geelgors zijn derhalve niet aan de orde. 6. De knoflookpad zal met dit plan verdwijnen uit het gebied. Het onderzoek is op dit punt onvolledig. Er dient onderzoek te worden verricht naar de aanwezigheid van de knoflookpad. Standpunt: De knoflookpad stelt specifieke eisen aan zijn voortplantingshabitat, namelijk vrij grote poelen die iedere twee jaar droogvallen met een weelderige onderwater- en oevervegetatie en een matig tot voedselrijk karakter (bron: BIJ12.nl). Dat maakt onderhavig gebied niet geschikt voor deze 13 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
soort. De soort is meerdere malen uitgezet bij de Driestruik en de Breidberg, bij speciaal hiervoor aangelegde en beheerde poelen. Waarnemingen van de laatste 10 jaren worden uitsluitend gedaan bij de poelen aan de Driestruik. Kolonisatie en verspreiding van de knoflookpad gaat traag, doordat de soort gebonden is aan de bestaande voortplantingsplaatsen en zich van hieruit slechts beperkt verspreid. De soort overwintert doorgaans binnen enkele tientallen tot maximaal enkele honderden meters van de voortplantingswateren. Geschikte voortplantingswateren zijn in ieder geval niet aanwezig, waardoor overwintering van de soort binnen de onderzoekslocatie kan worden uitgesloten. 7. Eekhoorns zijn veelvuldig in de tuin en elders in het plangebied aanwezig en hebben in het recente verleden nesten in de tuin gehad. De conclusie van Econsultancy dat geen eekhoornnesten aanwezig zijn, wordt in twijfel getrokken. Standpunt: De bestaande hoge bomen op de onderzoekslocatie zijn gedurende het winterseizoen gecontroleerd op de aanwezigheid van nesten van eekhoorn. Deze zijn niet aangetroffen binnen de onderzoekslocatie, waardoor geen overtreding van de Wet natuurbescherming ten aanzien van eekhoorn zal optreden. Voordat bomen worden verwijderd, wordt nagegaan of er geen beschermde waarden in zitten. Ook hiervoor geldt dat dit de gebruikelijke werkwijze is.
Eventuele nesten in de bomen die buiten de grenzen van de planlocatie vallen, zullen ook bij realisatie van het bestemmingsplan behouden blijven. Aanvullende maatregelen ten aanzien van eekhoorn zijn derhalve niet aan de orde. 8. De steenmarter is aanwezig in het gebied. Standpunt: Volgens de quickscan Wet natuurbescherming is geschikt habitat voor steenmarter aanwezig binnen de planlocatie en aan de grenzen hiervan. In Limburg geldt voor de steenmarter een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud in de periode 15 augustus tot en met februari (zie Wijzigingsverordening Hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014, paragraaf 3.8, bijlage III). Werkzaamheden waarbij een steenmarter verstoord zou kunnen worden, zoals kap van bosschage aan de zuidwestzijde, zullen worden uitgevoerd gedurende de vrijstellingsperiode. Verder zal te allen tijde de algemene zorgplicht in acht genomen moeten worden. Aangezien de steenmarter een voorkeur heeft voor steenachtige biotopen, zoals gebouwen, met de aanwezigheid van elementen als groenstroken, heggen, bosjes, greppels en bermen zal op de planlocatie bij de voorgenomen plannen een meer optimale habitat voor de steenmarter gecreëerd worden, dan nu aanwezig is (bron: zoogdiervereniging.nl). Aanvullende maatregelen ten aanzien van steenmarter zijn derhalve niet aan de orde. 9.
De Spaanse vlag (vlinder), die niet vermeld wordt door Econsultancy, is de laatste jaren veelvuldig gezien in het plangebied, ook in 2021. Het uitvoeren van het plan zal ten koste gaan van de aanwezigheid van de Spaanse vlag. Standpunt: De soort geniet bescherming onder de Europese Habitatrichtlijn. Dit betekent dat de soort alleen beschermd is in voor de soort specifiek aangewezen natuurgebieden. Dit zijn tevens ook beschermde Natura2000 gebieden. In Limburg zijn als specifiek beschermingsgebied voor de Spaanse vlag aangewezen: Bemelerberg, Schiepersberg, Bunder- en Elsloërbos, Geuldal, Savelsbos, Sint Pietersberg en het Jekerdal. Bij werkzaamheden in het kader van BP Melickerveld 2022 wordt de Wet natuurbescherming ten aanzien van de Spaanse vlag niet overtreden. Aanvullende maatregelen ten aanzien van deze soort zijn derhalve niet aan de orde. Overigens stelt deze soort hoge eisen aan de kruiden- en nectarrijkdom van de vegetatie met een uitgesproken voorkeur voor koninginnekruid (bron: Natura 2000-soortprofiel). In het nieuwe woongebied zal vestiging van deze en andere kruiden op een groot areaal worden gestimuleerd. Het plangebied zal 14 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
daardoor in de nabije toekomst veel geschikter worden voor deze en andere vlindersoorten dan het huidige intensieve landbouwgebied. 10. De ree zal met onderhavig plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: Met betrekking tot ree geldt in Limburg een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer en onderhoud (zie Wijzigingsverordening Hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014, paragraaf 3.8, bijlage III). Wel geldt te allen tijde de algemene zorgplicht. Aanvullende maatregelen ten aanzien van ree zijn derhalve niet aan de orde. 11. De haas zal met onderhavig plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: Met betrekking tot haas geldt in Limburg een vrijstelling bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer en onderhoud (zie Wijzigingsverordening Hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014, paragraaf 3.8, bijlage III). Wel geldt te allen tijde de algemene zorgplicht. Aanvullende maatregelen ten aanzien van haas zijn derhalve niet aan de orde. 12. De groene specht zal met onderhavig plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: De aanwezigheid van de groene specht binnen het Melickerveld is bekend. Het nest van deze soort geniet alleen wettelijke bescherming, zolang het in gebruik is.
Door vestiging van de soort (en alle andere inheemse vogels) binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden tegen te gaan, kan overtreding van de Wet natuurbescherming voorkomen worden. Dit gebeurt onder meer door kappen/ verwijderen van vegetatie zoveel als mogelijk buiten de kwetsbare periode te laten plaatsvinden. Voorafgaande aan de kap wordt bovendien gecontroleerd op broedgevallen en broed indicerend gedrag. Aanvullende maatregelen ten aanzien van de groene specht zijn derhalve niet aan de orde. Ten slotte wordt opgemerkt dat de gunstige staat van instandhouding van de groene specht op regionaal of landelijk niveau niet in het geding is. 13. De nachtegaal zal met onderhavig plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: De aanwezigheid van de nachtegaal binnen het Melickerveld is bekend. Het nest van deze soort geniet alleen wettelijke bescherming, zolang het in gebruik is. Door vestiging van de soort (en alle andere inheemse vogels) binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden tegen te gaan, kan overtreding van de Wet natuurbescherming voorkomen worden. Dit gebeurt onder meer door kappen/ verwijderen van vegetatie zoveel als mogelijk buiten de kwetsbare periode te laten plaatsvinden. Voorafgaande aan de kap wordt bovendien gecontroleerd op broedgevallen en broed indicerend gedrag. Aanvullende maatregelen ten aanzien van de nachtegaal zijn derhalve niet aan de orde.
De nachtegaal staat ten slotte als ‘kwetsbaar’ op de Rode Lijst. De bekende broedgebieden in Limburg betreffen vooral de vochtige bossen en struwelen rondom de Maasplassen. Ook hier wordt geconcludeerd dat de gunstige staat op regionaal of landelijk niveau niet in het geding is. 14. De gele kwikstaart zal met onderhavig plan verdwijnen uit het gebied. Standpunt: De aanwezigheid van de gele kwikstaart binnen het Melickerveld is bekend. Het nest van deze soort geniet alleen wettelijke bescherming, zolang het in gebruik is. Door vestiging van de soort (en alle andere inheemse vogels) binnen de invloedssfeer van de werkzaamheden tegen te gaan, kan overtreding van de Wet natuurbescherming voorkomen worden. Dit gebeurt onder meer door kappen/ verwijderen van vegetatie zoveel als mogelijk buiten de kwetsbare periode te laten plaatsvinden.
15 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
Voorafgaande aan de kap wordt bovendien gecontroleerd op broedgevallen en broed indicerend gedrag. Aanvullende maatregelen ten aanzien van de gele kwikstaart zijn derhalve niet aan de orde. Ten slotte wordt opgemerkt dat de gunstige staat van instandhouding van de gele kwikstaart op regionaal of landelijk niveau niet in het geding is. 15. Het plan leidt tot een forse toename van geluidsoverlast, met name ten gevolge van de N293. De N293 heeft geen maximum snelheid van 50 km/u zoals opgenomen in de plantoelichting, maar een maximum snelheid van 80 km/u. Anderzijds leidt verbreding van de Eindstraat tot toename verkeer en dus meer geluidsoverlast. Het onderzoek naar geluidsniveaus dient te worden geactualiseerd. Om geluidsoverlast te voorkomen, moet van het plan worden afgezien. Ten slotte is afbeelding 4.13 in de plantoelichting onduidelijk. Standpunt: Hetgeen in de toelichting ten aanzien van de N293 is opgenomen met betrekking tot het snelheidsregime betreft een verschrijving. In het akoestisch rapport is gerekend met de juiste aanname, namelijk een snelheidsregime van 80 km/u op de N293, zoals blijkt uit tabel 4.1 van het Onderzoek wegverkeerslawaai, industrielawaai en inrichtingslawaai. Met de ontwikkeling van het woongebied Melickerveld kan niet ontkend worden dat het verkeer op de Eindstraat zal toenemen.
In het kader van een goede ruimtelijke ordening kan het noodzakelijk zijn om de akoestische gevolgen van de toename van de verkeersintensiteit in kaart te brengen, en te onderzoeken of er nog wel sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de bestaande woningen. Er is sprake van een aanvaardbaar akoestisch woon- en leefklimaat als de geluidbelasting op de bestaande woningen niet met 2 dB of meer toeneemt. Hiervoor geldt als vuistregel ‘als de verkeersintensiteit op een weg of wegvak als gevolg van de woonwijk toeneemt met meer dan 40% zal, wanneer andere variabelen onveranderd blijven, de geluidbelasting met meer dan 2 dB toenemen’. De verkeerstoename wordt bepaald tussen de intensiteiten in de huidige situatie en die in de toekomstige situatie. Op de Eindstraat ter hoogte van de 3 bestaande woningen, waaronder die van indiener, is in het plan voorzien in eenrichtingsverkeer dat wordt ingesteld in de richting van de Ratommerweg tussen de nieuwe woongebieden. In de toekomst (2032) zal op dit deel de intensiteit circa 275 mvt/etmaal op een gemiddelde weekdag bedragen. In de huidige situatie rijdt er alleen beperkt bestemmingsverkeer. De toename van het verkeer is derhalve meer dan 40%. Ook de geluidtoename zal, uitgaande van gelijkblijvende variabelen als wegdek (nu asfalt) en snelheid (nu 60 km/uur) 2 dB of meer zijn.
Maar gezien het beoordelingskader bevindt de grootste geluidtoename zich onder voorkeursgrenswaarde van 48 dB en zal niet meer dan 2 dB hoger zijn dan de voorkeursgrenswaarde. In de toekomst wordt de maximum snelheid in het hele plangebied, dus ook op de Eindstraat, teruggebracht naar 30 km/u. In deze situatie zal het geluidsniveau op de Eindstraat afnemen en zal aan de voorkeursgrenswaarde worden voldaan, waardoor sprake is van een aanvaardbaar akoestisch woon- en leefklimaat. Afbeelding 4.13 betreft een verkleinde weergave van de afbeelding behorend bij het onderzoek wegverkeerslawaai dat als bijlage 8 bij de toelichting van het plan is gevoegd. Voor meer duidelijkheid wordt verwezen naar deze bijlage. 16. Het plan leidt tot een forse toename van luchtvervuiling, waaronder fijnstof. Standpunt: De beoordeling van de luchtkwaliteit vindt plaats volgens bepalingen in de Wet milieubeheer (Wm). De basis voor de luchtkwaliteitstoets staat in titel 2 van hoofdstuk 5 Wm. De luchtkwaliteitseisen zelf staan in artikel 5.16 Wm. De grenswaarden voor fijnstof (PM10) staat in bijlage 2 van de Wm. Een ontwikkeling voldoet als de (toename van de) uitstoot niet in betekenende mate (NIBM) bijdraagt. Daarmee bedoelt de wetgever de bijdrage aan de heersende concentratie PM10 in de buitenlucht.
Daarbij wordt de toename van luchtverontreiniging, na realisatie van de woningen, afgezet tegen de autonome ontwikkeling van de uitstoot van PM10 en NO2 door het wegverkeer. Als deze bijdrage niet in 16 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
betekenende mate is, dan hoeft niet getoetst te worden aan de grenswaarden. Dit volgt uit artikel 5.16, lid 1, sub c Wm. Het Besluit en de regeling NIBM leggen concreet vast, wat verstaan wordt onder 'niet in betekenende mate bijdragen'. In het besluit en de regeling “niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)” is vastgelegd dat een woningbouwproject met een omvang van minder dan 1.500 woningen geen relevante toename van PM10 (fijnstof) en NO2 (stikstofdioxide) tot gevolg heeft. 17. Het vrije uitzicht van indiener verdwijnt door dit plan. Standpunt: Op grond van de jurisprudentie is er geen recht op blijvend vrij uitzicht. De drie tegenover het perceel van indiener gelegen kavels waar op grond van de wijzigingsbevoegdheid twee vrijstaande woningen mogen worden gerealiseerd, hebben een totale oppervlakte van 6.311 m2. Door te kiezen voor eventuele toevoeging van twee vrijstaande woningen, wordt aangesloten bij de stedenbouwkundige opzet van de directe omgeving: vrijstaande grondgebonden woningen op grote kavels. Het vrije uitzicht van indiener wordt daarom niet onevenredig aangetast. 18. Het plan leidt tot inbreuk op de privacy van indiener, er is vrij inzicht in de woning en tuin. Ook is inkijk in de tuin vanuit woningen mogelijk vanuit het oosten van de woning van indiener.
Standpunt: In de bestaande situatie is in de voortuin van indiener reeds een grote hoeveelheid bestaand groen aanwezig, die inkijk voorkomt en daarmee inbreuk op privacy voorkomt.. Het klopt dat ten oosten van de woning van indiener woningbouw mogelijk is. Tussen de woning van indiener en de beoogde woningen ten oosten van zijn woning, zit echter een strook van circa 10 meter met groenbestemming, waarbinnen geen bebouwing mag worden opgericht. Daarnaast dient de minimale afstand van een hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens minimaal 3 meter te bedragen. Hierdoor heeft er een zorgvuldige afweging in het kader van een goede ruimtelijke ordening plaatsgevonden en heeft de planontwikkeling geen onaanvaardbare inbreuk op de privacy van indiener (omwonende) tot gevolg. In het kader van artikel 3.1 Wro spelen bovendien privaatrechtelijke beginselen geen rol. Aangezien deze in beginsel zijn voorbehouden aan de burgerlijke rechter. Dit kan anders zijn indien er sprake is van een ‘evidente’ privaatrechtelijke belemmering waarvan op voorhand in redelijkheid moet worden aangenomen dat die de verwezenlijking van het bestemmingsplan in de weg staat. Hiervan is in deze situatie geen sprake gezien de hiervoor beschreven afstand en opgenomen planregels. 19. De woning van indiener is niet meer te bereiken vanuit oostelijke richting door de invoering van eenrichtingsverkeer.
Daarnaast leidt plan tot verkeerstoename op de Eindstraat. Standpunt: Met de gekozen en beoogde verkeerstructuur in Melickerveld worden de belangen van indiener niet onevenredig geschaad. De woning van indiener blijft bereikbaar, Met de ontwikkeling van het woongebied Melickerveld kan niet ontkend worden dat het verkeer op de Eindstraat zal toenemen. Voor wat betreft de effecten van de verkeerstoename op het woon- en verblijfsklimaat van indiener wordt verwezen naar de beantwoording bij onderdeel 15. 20. De landschappelijke waarden van het Melickerveld worden vernietigd door het plan. Standpunt: Met de ontwikkeling van het Melickerveld zijn de landschappelijke kenmerken het uitgangspunt bij de opzet en inrichting van de wijk en vastgelegd in het door de gemeenteraad vastgestelde stedenbouwkundig raamwerk. Het reliëf in het gebied blijft zoveel mogelijk behouden en wordt waar mogelijk versterkt. Voor zover de landschappelijke waarden zijn gesitueerd binnen de bestemming ‘Groen’ met betrekking tot de inrichting van De Vallei voorziet de planregeling in de instandhouding, ontwikkeling en de kwaliteitsverhoging van de aanwezige landschapswaarden. 17 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
21. In tegenstelling tot de aanbeveling van RAAP wordt ervoor gekozen om het gebied te transformeren in een woonwijk. Hierdoor verdwijnt het unieke karakter van het gebied volledig. In de ‘Toelichting’ staat onder andere ‘De landschappelijke inpassing van de woningbouw is een essentieel onderdeel van het slagen van het project.’ Gezien het grote aantal geplande woningen (waaronder appartementen), parkeerplaatsen en wegen is er geen sprake van landschappelijke inpassing van de woningbouw. Het landschap verdwijnt ten gevolge van de woningbouw. Ik ben van mening dat moet worden afgezien van woningbouw om het unieke karakter van het gebied te behouden. Standpunt: Voor beantwoording wordt eveneens verwezen naar het eerder gestelde onder 20. Het gebied kent al lange tijd de bestemming agrarisch met landschapswaarden en wordt intensief ten behoeve van de akkerbouw gebruikt. Het in de zienswijze genoemde RAAP-rapport benoemt een aantal in het plangebied aanwezige (cultuurhistorische) landschappelijke waarden. In de ontwikkeling van het Melickerveld zijn de landschappelijke kenmerken het uitgangspunt bij de opzet en inrichting van de wijk en vastgelegd in het door de gemeenteraad vastgestelde stedenbouwkundig raamwerk. Het reliëf in het gebied blijft zoveel mogelijk behouden en wordt waar mogelijk versterkt.
Bovendien wordt het behoud, herstel en ontwikkeling van natuurlijke- en landschappelijke waarden expliciet geborgd binnen de bestemmingen ‘Bos’, ‘Groen’ en ‘Groen – Omzoming’. Integraal behoud van deze waarden is, binnen het voornemen om in het gebied een woonwijk te realiseren, niet mogelijk. 22. De verplaatsing van het fietspad dat via de fietsbrug over de N293 naar Melick loopt, is ongewenst. Standpunt: De bestaande fietsbrug blijft gehandhaafd op de huidige locatie. Het fietspad zoals nu opgenomen in het stedenbouwkundig raamwerk komt te vervallen. In het inrichtingsplan wordt een nieuwe toegang tot de fietsbrug nader uitgewerkt, waarbij het uitgangspunt is dat de bestaande fietsbrug op een goede manier bereikbaar blijft en de toerit naar de fietsbrug verkeersveilig wordt uitgevoerd. 23. De gezondheid van de monumentale tamme kastanje voor de woning bij Eindstraat 31 heeft ernstig te lijden van de voorgenomen aanpassingen in het plangebied. Standpunt: Genoemde tamme kastanje is een monumentale boom die staat op particulier eigendom aan de rand van het plangebied. het is niet de bedoeling het profiel van de Eindstraat te wijzigen. Nader onderzoek naar de tamme kastanje was daarom niet nodig. Voor het geval een wijziging op enig moment aan de orde zou kunnen, biedt het kapvergunningenstelsel uit de APV voldoende bescherming.
Onder vellen wordt in de APV mede verstaan: het rooien, kappen, verplanten, het snoeien van meer dan 20% van de kroon of het wortelgestel met inbegrip van kandelaberen en het verrichten van handelingen, zowel boven- als ondergronds, die de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van de boom tot gevolg kan hebben. Dat betekent dat een wijziging van het profiel die kan leiden tot beschadiging van de tamme kastanje, vergunningsplichtig is. In dat kader kan en zal beoordeeld worden of een beoogde wijziging kan plaatsvinden zonder de boom te beschadigen en kunnen eventuele maatregelen om beschadiging te voorkomen, voorgeschreven worden. 24. Er is geen enkele garantie dat er natuur inclusief gebouwd gaat worden, en dat er daadwerkelijk nestkasten worden opgehangen en tuinen een bijdrage aan natuurwaarden leveren. Standpunt: Het is de nadrukkelijke ambitie van de ontwikkelaar – die gedeeld wordt door de gemeente - om Melickerveld natuurinclusief te ontwikkelen. Natuurinclusief bouwen is een vorm van duurzaam bouwen waarbij zodanig gebouwd wordt en de openbare ruimte wordt ingericht dat bouwwerken en de inrichting van de omgeving bijdragen aan de lokale biodiversiteit en natuurwaarden. 18 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen
De randvoorwaarden voor natuurinclusief inrichten van de omgeving (openbaar gebied) zijn vastgelegd in het door de gemeenteraad op 8 juli 2021 vastgestelde stedenbouwkundige raamwerk en het beeldregieplan. Specifieke ruimtelijke onderdelen zijn ook opgenomen in het bestemmingsplan. Denk daarbij aan de functie van groen t.b.v. de toekomstige vallei (verbindingszone) en de functie G-OZ ten behoeve van de omzoming van de woongebieden. Voor beschermde soorten, die gebruik maken van het gebied, is een ontheffing op de Wet natuurbescherming aangevraagd waarbij voorzien is in een compensatie in en nabij het plangebied. Voor de das is sprake van een verlengingsaanvraag van de reeds verleende vergunning. In het nader uit te werken inrichtingsplan voor de openbare ruimte wordt in overleg tussen de ontwikkelaar, de landschapsarchitect en de gemeente bepaald, welke type gebiedseigen begroeiing wordt toegepast om de biodiversiteit te versterken, soorten te behouden en nieuwe soorten te verwelkomen om zo de lokale biodiversiteit te ondersteunen. 25. Het plan leidt tot aantasting van de gezondheid. Het zicht op groen en contact met groen verdwijnt met onderhavig plan. Standpunt: Gezondheid van mensen wordt beïnvloed door de kwaliteit van de fysieke omgeving welke kwaliteit kan worden beïnvloed door ruimtelijke ordening.
Bij de wijziging van een bestemmingsplan dient in het kader van een goede ruimtelijke ordening dan ook rekening gehouden te worden met het aspect gezondheid voor zover dit ruimtelijk relevant is. In dit bestemmingsplan zijn de gevolgen van de beoogde woningbouwontwikkeling Melickerveld beoordeeld voor wat betreft het aspect milieu en de effecten op de volksgezondheid (zie paragraaf 4.4 van de toelichting). Uit de beoordeling is naar voren gekomen dat het beoogde ruimtegebruik niet behoeft te worden uitgesloten vanwege de daarvan te verwachten milieuhinder en effecten op de volksgezondheid. De beoogde planontwikkeling brengt niet zulke risico’s voor de volksgezondheid mee dat het woon- en leefklimaat hierdoor onverantwoord verslechtert. Gedetailleerd milieubeleid wordt bovendien niet gevoerd via bestemmingsplanvoorschriften maar via regelgeving en besluitvorming op grond van meer specifieke milieuwetgeving (zoals de Wet geluidhinder etc.). 26. In plaats van wijzigingsbevoegdheid naar 2 vrijstaande woningen, dient hiervoor in de plaats een natuurbestemming te worden opgenomen. Standpunt: Het perceel waarvoor de wijzigingsbevoegdheid is opgenomen in de planregels, heeft de bestemming “Agrarisch met waarden – Landschapswaarden”. Hierbinnen is het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de landschapswaarden, landschappelijke en cultuurhistorische waarden rechtstreeks toegestaan.
Het klopt dat binnen deze bestemming een wijzigingsbevoegdheid is opgenomen waarmee het college deze bestemming kan wijzigen in de bestemming “Wonen” ten behoeve van de bouw van maximaal twee vrijstaande woningen. Hierbij dient sprake te zijn van een goede ruimtelijke inpassing. Tevens is binnen deze bestemming reeds een wijzigingsbevoegdheid opgenomen om de bestemming te wijzigen naar “Natuur”, ten behoeve van het behoud en/of ontwikkeling van de natuur en/of de aanleg van een ecologische verbindingszone. Zie hiervoor artikel 3.5.1 van de planregels.
19 Bestemmingsplan Melickerveld 2022 – Nota van zienswijzen en wijzigingen