Bijlage 5 - Vergelijking Reclamebeleid Gemeente Roermond 2010 – 2026
Tekst van het document
Bijlage 6 – Vergelijking Reclamebeleid Gemeente Roermond 2010 – 2026 Deze bijlage geeft een overzicht van de belangrijkste overeenkomsten, verschillen en verbeteringen tussen het Reclamebeleid van de gemeente Roermond uit 2010 en het geactualiseerde Reclamebeleid Roermond 2026. De vergelijking biedt inzicht in de beleidsmatige ontwikkeling, de juridische en technische aanscherpingen en de praktische gevolgen voor vergunningverlening en handhaving.
1. Wat blijft gelijk Onderwerp
2010
2026
Toelichting
Vergunningplicht
Gebaseerd op art. 2:10 en 4:15 APV
Zelfde juridische grondslag (APV en Omgevingswet)
De juridische basis en bevoegdheid van het college blijven ongewijzigd.
Functionele gebiedsindeling
Indeling in binnenstad, dorpsgezichten, winkelgebieden, bedrijventerreinen, woongebieden, buitengebied
Zelfde indeling, maar verduidelijkt met gebiedsprofielen en ruimtelijke kwaliteitskaders
De indeling vormt nog steeds de basis voor gebiedsspecifieke toetsing.
Ruimtelijke kwaliteit als uitgangspunt
Benadrukt in 2010 als onderdeel van “Atlas voor de Ruimtelijke Kwaliteitszorg”
Centraal uitgangspunt met nadruk op beeldkwaliteit en afstemming op architectuur
Continuïteit in doel: behoud van ruimtelijke kwaliteit, maar meer toetsbaar gemaakt.
Gevelreclame
Basisregels voor hoogte, lengte en plaatsing onder eerste bouwlaag
Zelfde kernprincipes; marges verduidelijkt (45 cm hoog, 50% gevelbreedte)
Regels zijn grotendeels gelijk, maar in 2026 objectiever geformuleerd.
Reclame sportvelden
Toegestaan mits niet gericht op de openbare ruimte
Ongewijzigd overgenomen
Identieke toepassing met verduidelijking van het criterium “gericht op openbare ruimte”.
Dakreclame
Verboden
Verboden
Identieke toepassing
2. Wat is versoepeld of verduidelijkt Onderwerp
2010
2026
Verbetering
Structuur van het beleid
Fragmentarisch (algemene, objectgerichte en gebiedscriteria)
Geordend naar algemene regels, gebiedsregels en uitzonderingen
Beter leesbaar, toepasbaar en handhaafbaar.
Toetsing en interpretatie
Veel subjectieve termen zoals “passend”, “niet hinderlijk”
Objectieve en technische criteria (maatvoering, NSVVrichtlijnen, zichtpercentages)
Minder interpretatieverschil, meer juridische houdbaarheid.
Maatwerk en bijzondere ontwerpen
Beperkt benoemd (straatbeeldplan)
Expliciet ruimte voor maatwerk mits afgestemd op ruimtelijke context
Maatwerk blijft mogelijk, maar binnen duidelijke kwaliteitskaders.
Uitstallingen
Verschillende regels per gebied
Uniforme richtlijnen voor gehele gemeente (max. 80 cm uitsteek, vrije doorgang 1,2 m)
Eenvoudiger voor ondernemers en vergunningverlening.
Bewegwijzering en niet-commerciële aanduidingen
Onvoldoende onderscheid
Functionele aanduidingen expliciet uitgesloten van reclamebegrip
Voorkomt onnodige vergunningprocedures.
De rol van de Adviescommissie Omgevingskwaliteit (AOK)
Toetsing van reclame vindt plaats met raadplegen AOK
Toetsing van reclame vindt hoofdzakelijk plaats in ambtelijk mandaat
Snellere afhandeling van reguliere aanvragen, minder bestuurlijke belasting en een efficiënter proces bij vergunningverlening.
Raam bestikkering
Te allen tijde Middels de APV onder vergunningsplichtig voorwaarden vergunningsvrij
Verlaging administratieve lasten ondernemers
Gevelreclame
Strikte eisen, geen rekening met meerdere gevelaanzichten.
Meer ruimte voor ondernemers, binnen beeldkwaliteit.
Maximaal twee uitingen per gevelaanzicht (hoekpanden twee gevels).
3. Wat is aangescherpt of aangevuld Onderwerp
2010
2026
Toelichting
Digitale reclame
Onder voorwaarden toegestaan op zichtlocaties; masterplan vereist
Specifieke gebieden aangewezen waar digitale reclame mogelijk is.
Voor digitale reclame zijn nu duidelijke voorwaarden en locaties vastgelegd. In het beleid van 2010 ontbrak deze afbakening, waardoor onduidelijkheid bestond over waar digitale reclame was toegestaan.
Verlichte reclame
“Niet hinderlijk” als criterium
Concrete technische normen (NSVV) en verplichte uitschakeltijd (23.00 u)
Juridisch toetsbaar en duurzaam.
Raambestickering
20–30% afhankelijk van gebied
Maximaal 20% per ruit, met zicht naar binnen en buiten verplicht
Meer openheid en verbetering straatbeeld.
Voertuigreclame
Niet expliciet geregeld
Vaste voertuigreclame verboden
Nieuwe bepaling voorkomt sluipvormen van reclame.
OOH-reclame (concessies)
Nauwelijks uitgewerkt
Uitgebreid kader Transparantie en eenduidig met, contractbeheer. veiligheidsafstanden en aanbestedingsregels
Gebiedsspecifieke Globaal, met regels veel uitzonderingen
Gedetailleerd per gebiedstype, aansluitend op gebiedsprofielen en omgevingsplan
Meer samenhang tussen ruimtelijke ordening en reclame.
4. Wat het geactualiseerde beleid kenmerkt • • •
Zorgvuldige actualisatie zonder koerswijziging: de uitgangspunten van 2010 blijven leidend, maar zijn geactualiseerd. Heldere structuur en transparantie: logische opbouw van algemene regels, gebiedsregels en uitzonderingen. Beeldkwaliteit als toetssteen: reclame draagt bij aan een verzorgde, herkenbare en kwalitatieve openbare ruimte.
• •
Ruimte voor innovatie binnen kaders: duurzame en digitale vormen kunnen waar passend, maar met technische randvoorwaarden. Sterkere juridische borging: beleid sluit aan op de Omgevingswet en biedt een solide basis voor vergunningverlening en handhaving.
5. Conclusie Het Reclamebeleid 2026 is een inhoudelijk vernieuwde en juridisch versterkte actualisatie van het beleid uit 2010. De kern, de balans tussen economische zichtbaarheid en ruimtelijke kwaliteit, blijft behouden maar is vertaald naar de eisen van nu: duidelijke toetsingscriteria, aandacht voor digitale ontwikkelingen, duurzaamheid en rechtszekerheid. Deze actualisatie zorgt voor een uniforme uitvoering binnen de organisatie, voorspelbare beoordelingen voor ondernemers en een betere borging van de beeldkwaliteit van Roermond.