CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 Gebiedsanalyse (oud)

Gemeenteraad 6 februari 2025, gemeente RoermondBij agendapunt: Gebiedsprofiel niet-stedelijke Maasplassen5.013 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BIJLAGE 2: GEBIEDSANALYSE

M

a

a

s

Kessel-Eik

Beesel

Roggel

M a a s

Neer

ysen

A73

Nunhem

Swalmen

Haelen

Buggenum

Asseltse Plassen

A73

Boukoul

Horn

A73

Asenray

Roermond

Het Smalbroek

Beegden

Oolergreend Oolderplas

el

Herten Isabelle greend

Merum Gerelingsplas

A73

Spoorplas

Lus van Linne

Melick

Herkenbosch

Linne

Brachterbeek

A73

Sint Odiliënberg

Vlodro

2 Monort

1 GEBIEDSBESCHRIJVING 1.1 LAGENBENADERING Met behulp van de lagenbenadering maken we een ruimtelijke-functionele analyse van het gebied om inzicht te krijgen in de ruimtelijke en functionele structuren. De analyse wordt in dit hoofdstuk verwerkt in diverse kaarten.

De lagenbenadering gaat uit van drie lagen: -

Occupatielaag: ruimtegebruik voor wonen, werken, landbouw en recreatie; Netwerklaag: alle aanwezige infrastructuur (boven en ondergrondse netwerken); Ondergrond: bodemtypologie, geomorfologie en watersysteem met daarmee samenhangende natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarde.

1.2 LIGGING Het plangebied betreft de Niet-Stedelijke Maasplassen in de gemeente Roermond. Tot deze plassen behoren de Asseltse Plassen, Het Smalbroek, Oolergreend, Oolderplas, Isabelle greend, Gerelingsplas, Spoorplas en Lus van Linne. Het merendeel van bovengenoemde plassen is gelegen ten zuidwesten van Roermond, ter hoogte van Ool, Herten en Merum. De Asseltse Plassen liggen ten noorden van Roermond aan de Maas. De Asseltse Plassen worden aan de westkant begrensd door de Maas en aan de oost- en zuidkant door het landschap dat voornamelijk uit grasland bestaat, afgewisseld met bebossing. De Oolderplas wordt begrensd door de Maas aan de zuid- en westkant en Oolergreend aan de noordwestkand. Het bebouwd gebied van Ool, Herten en Merum aan de noord- en oostkant zorgt daar voor de grens. De Gerelingsplas, Spoorplas, Isabelle greend, Lus van Linne en het Smalbroek worden door de Maas en het Kanaal begrensd of door andere Maasplassen. Deze plassen worden dus voornamelijk omringd door water of oevernatuur.

3

1.3 HISTORIE 1.3.1

GRONDGEBRUIK VAN TOEN EN NU

Rond 1850 werden de dorpen met elkaar verbonden via één rechte weg (straatweg), die er vandaag de dag nog steeds ligt (Maastrichterweg/Rijksweg Zuid).

Om de ontstaanswijze en structuur van de Maasplassen te begrijpen, beginnen we met het beschrijven van de historie van het gebied.

Ten opzichte van de kaart van 1850 zien we in 1900 nog weinig veranderen aan de Maas en Roer en het rivier- en beekdal waarin deze liggen.

In de vroege geschiedenis van Roermond kende de stad nog geen Maasplassen. Roermond was strategisch gelegen op de plek waar de Roer in de Maas uitmondt. Het rivierdal van de Maas vormde een robuuste structuur in het landschap. Het grondgebruik bestond voornamelijk uit natte graslanden (beemden) dicht bij de rivier. Op de hoger gelegen delen, vond akkerbouw plaats of lagen drogere graslanden. De hogere droge delen werden gebruikt voor de beweiding met schapen. Door uitputting van deze gronden ontstonden uitgestrekte heidevelden.

De komst van de spoorlijn zorgt voor een tweede rechte lijn door het landschap, bijna parallel aan de Maastrichterweg. De spoorlijn Venlo-Maastricht werd geopenend in 1865. Het sterk meanderende verloop van de Maas is nog duidelijk aanwezig. Van Maasplassen is nog geen sprake. De beemden zijn deels in gebruik als boomgaarden. Veel van deze boomgaarden zijn ook zichtbaar op de kaart van 1850.

Ter bescherming van de bebouwingsconcentraties werden dijken aangelegd.

1850

4

Roermond bestaat nog voornamelijk uit het deel binnen de stadsmuren.

1900

Na de tweede wereldoorlog, zien we veel veranderen. Roermond breidt zich enorm snel uit en ook de omliggen de dorpen zoals Herten, Merum, Maasniel en Leeuwen groeien. Mede hiervoor zijn grondstoffen noodzakelijk en de eerste bescheiden maasplassen lijken te ontstaan.

plassen ontstaan: de Maasplassen. Het gewonnen grind werd met name toegepast in de wegenbouw en productie van beton. De eerste plas die duidelijk vorm begint te krijgen is de huidige Spoorplas. Ook bij Asselt ontstaan er ontgrindingen.

Met de komst van kunstmest is de heide niet langer noodzakelijk voor de aanvoer van heideplaggen en in de potstal en wordt deze bebost. Het hout is met name bedoeld voor de mijnen in ZuidLimburg en dus wordt veel naaldhout aangeplant. (Een belangrijke eigenschap van naaldhout is dat dit kraakt voor het breekt, wat dit hout bij uitstek geschikt maakt voor mijnbouw).

Op de kaart van 1960 zien we dat de bestaande plassen groter zijn geworden en dat er op meerdere plekken nieuwe plassen gegraven worden, die in latere periodes soms aan elkaar groeien of anders van vorm worden. Deze nieuwe plassen worden voornamelijk gegraven op de plekken die daarvoor in gebruik zijn als grasland.

Om de Maas geschikt te maken voor de scheepvaart met grote schepen worden meanders afgesneden. De sluis bij Linne moet er voor zorgen dat de waterstand voldoende hoog is voor de diepgang van de schepen.

Ook de stad Roermond breidt steeds verder uit, maar blijft nog duidelijk buiten de grenzen van de ‘Donderberg’, de heuvel ten zuiden van Maasniel, ten noordoosten van Gebroek en ten oosten van Roermond.

In de afgesneden lussen van de Maas is gestart met ontgrindingen waardoor de eerste diepe

1955

1960

5

Tussen 1960 en 1970 zijn de ontgrindingen in volle gang. Het oppervlak Maasplassen neemt gestaag toe. Opvallend is de aanleg van het eerste gedeelte van het kanaal ter hoogte van Beegden. Hierdoor wordt de bevaarbaarheid van de Maas verbeterd.

In 1980 is de aanleg van het Lateraalkanaal Linne-Buggenum afgerond, waarmee er geen beroepsvaart meer door het Maasplassengebied voert. Inmiddels zijn de Maasplassen tussen het kanaal en de Maas gegroeid tot een enorme oppervlakte waaronder de Oolderplas die in korte tijd is ontstaan. (Bijzonder is dat dit een voormalig oud bouwland is, het oude akkercomplex van Herten). Ten noorden van Asselt zien we dat de oorspronkelijke lus van de Maas nu doodloopt.

Ten noorden van Roermond wordt de aanleg van de Willem Alexanderhaven zichtbaar, die vandaag nog steeds op dezelfde locatie ligt. Ten noorden van de Asseltse plassen wordt de natuurlijke meandering van de Maas doorbroken door deze aan de westkant van de lus recht te trekken, wederom ten behoeve van de scheepvaart.

Ten westen van Linne zien we dat de Clauscentrale in gebruik is genomen (Claus A in 1977 en Claus B in 1978). Net als de Maasplassen, neemt ook de omvang van het stedelijk gebied verder toe. De Donderberg ten oosten van Roermond wordt nu ook onderdeel van de stad en de heuvel verdwijnt. Daarnaast groeien de omliggende dorpen. De laatste overblijfselen van de heide ten oosten van Roermond worden bebouwd met industrie.

1970

6

1980

In 1990 komen de ontgrindingen van de Maasplassen langzaam tot een einde. De Oolderplas is nog wat gegroeid ten opzichte van 1980. Hierbij zijn de dijken behouden gebleven, evenals de Drusushoeve gelegen ten westen van Herten. Dit is een boerderij uit begin jaren ‘60. Eind jaren 70’ is rondom de boerderij een dijk gerealiseerd waarna de gronden tot aan deze dijk zijn ontgraven.

Daarnaast groeit Roermond nog verder uit richting het oosten en daar wordt een nieuwe ontsluiting aangelegd, de N271. Richting 2000 zien we dat bijna de gehele oppervlakte tussen het Lateraalkanaal en de grenzen van het stedelijk gebied bestaat uit water. De overige stukken land worden nog verder uitgebreid met bebouwing. Roermond groeit uit tot ze de fysieke grenzen (N271, Rijksweg, water) raakt. Daarnaast zien we voorzichtige kaders ontstaan voor de toekomstige ontwikkeling van de A73, parallel aan de Maastrichterweg en randweg rondom Roermond in het oosten. De A73 wordt relatief laat voltooid, pas in 2008 wordt deze opengesteld.

Verder zijn er nog kleine ontwikkelingen zichtbaar bij de Spoorplas en Gerelingsplas, de twee zuidelijkste plassen binnen gemeente Roermond.

1990

2000

7

1.4 ONDERGRONDLAAG 1.3.2

CULTUURHISTORISCHE WAARDEN Een groot gedeelte van Roermond en het landschap eromheen behoort tot cultuurlandschap. Dit is een landschap dat onder invloed van de mens is gevormd. Het is de tegenhanger van 'natuurlandschap'. Hierin zien we dat alleen de Oolderplas tot het cultuurlandschap behoort. Ool, Herten en Merum hebben allemaal een historische dorpskern. Daar zijn dan ook verschillende Rijksmonumenten te vinden. Ook Asselt is een historische dorpskern met veel Rijksmonumenten. Onder andere de kerk van Asselt is een bijzonder monument. De Sint Dionysiuskerk stamt uit de 11e eeuw en is daarmee een van de oudste gebouwen van Nederland. Het staat op een landtong, vroeger uitstekend in de Maas. De kerk werd in 1916-1917 gerestaureerd door Pierre Cuypers uit Roermond. Verder is een groot deel van de wegen rondom de Niet-Stedelijke Maasplassen ouder dan 1806.

8

1.4.1

GEOMORFOLOGIE De Maas kent van oudsher verschillende karakters. In één van de latere ijstijden had de rivier een vlechtend karakter met meerdere stroomgeulen naast elkaar. De rivier stroomde snel en voerde daardoor veel zand en grind mee en vulde daarmee het eigen rivierdal op, dat hierdoor breed en relatief vlak werd. In de latere, warmere periode kreeg de Maas een meanderend karakter. Op de geomorfologische kaart is te zien dat de Maasplassen zijn gelegen in dit brede rivierdal dat is ontstaan door de afzettingen van de Maas. Dit is niet geheel toevallig, zoals we in de historische kaarten hebben kunnen zien. De Maasplassen zijn ontwikkeld door de mens als gevolg van de ontgrindingen. Hierbij werd het grind gewonnen dat in de voorliggende periode door de Maas is afgezet. De voortdurende stroom water vormde door de eeuwen heen kleine ronde kiezelstenen. Deze kon men goed gebruiken in de wegenbouw en bij de productie van beton.

Het omliggende landschap van Roermond is naast het Rivierdal van de Maas, ontstaan rond de beekdalen van de Roer en Maasnielderbeek.

1.4.2

BODEM De bodem bestaat uit grondsoorten passend bij de ligging in het Maasdal: ooivaaggronden met lichte zavel. Op sommige plekken kalkloos en sommige plekken kalkhoudend. Een ooivaaggrond is een rivierkleigrond die behoort tot de vaaggronden, met in de bovenste 50 cm geen kenmerken veroorzaakt door vocht in de bodem en grondwaterbeweging zoals roest en grijze vlekken. Dit geeft aan dat de grondwaterstand tijdens de bodemvorming relatief laag was voor een kleigrond. Ooivaaggronden zijn over het algemeen goed ontwaterd en daarmee geschikt voor fruitteelt.

1.4.3

HOOGTE De hoogtekaart laat de geschiedenis van het Maasdal goed zien. Door de afzetting van zand en grind uit de periode waarin de Maas een vlechtend karakter had is een heel breed en relatief vlak dal ontstaan. In de tijd erna heeft de Maas zich in verschillende perioden steeds verder ingesneden binnen dit vlakke dal. Hierdoor zijn de verschillende Maasterrassen ontstaan. De Maasterrassen kenmerken zich door een steilrand. Op veel plekken zijn deze echter in deloop van de tijd afgevlakt of overstoven door afzettingen uit latere perioden. De Maasplassen zijn gegraven op de locatie waar de delfstoffen zich het dichtst bij het oppervlak bevonden en liggen mede daarom in het laagst gelegen Maasterras. Daarnaast is duidelijk dat sommige van de oude maasmeanders zich in de loop van de tijd ontwikkeld hebben tot beekdal. De Maasnielderbeek ten oosten van Roermond is hier een goed voorbeeld van.

9

1.5 NETWERKLAAG 1.5.1

WATERSYSTEEM Roermond is een stad aan het water. Vrijwel de hele westelijke grens van het stedelijk gebied wordt gevormd door water, of uitloopgebied van het water of de Maasplassen.

GROENNETWERKEN - NATURA 2000

Om de stad te beschermen tegen overstromingen, liggen er dijken. Deze bevinden zich veelal tussen de Maas en het stedelijke gebied. De dijken vormen een fysieke scheiding tussen het stedelijk gebied en het buitengebied met de Maasplassen.

Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In deze gebieden worden bepaalde dieren, planten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden, want deze staat in Europa al jaren onder druk. Planten en dieren trekken zich weinig aan van landsgrenzen en daarom is het belangrijk om natuurbescherming in Europees verband aan te pakken. Hiermee voorkomen we dat de natuur steeds meer hetzelfde wordt.

Op onderstaande kaart is tevens het overstromingsgebied weergegeven bij een hoogwatergolf die één keer in de honderd jaar voor kan komen. Dit omvat het gehele gebied van de Maasplassen en directe omgeving.

Op onderstaande kaart zijn de Natura 2000 gebieden weergegeven. De Maasplassen zijn geen onderdeel van dit netwerk. Het Roerdal ten zuiden en Swalmdal ten noorden van Roermond behoren wel tot de Natura 2000-gebieden.

Ook in het stedelijk gebied speelt water een rol. Zowel de Roer als de Maasnielderbeek aan de oostkant van het stedelijk gebied. Direct ten westen van de Maastrichterweg splitst de Roer zich op met de Hambeek. Deze laatste mondt uit op de Maas en de Roer stroomt verder door de stad.

10

1.5.2

Kleurenonderscheid op kaart: Blauw = Niet-Stedelijke Maasplassen Lichtblauw = Stedelijke Maasplassen

1.5.3

GROENNETWERKEN - NATUURNETWERK NEDERLAND Natuurnetwerk Nederland is het Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk moet natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. De provincies zijn verantwoordelijk voor het Natuurnetwerk op het land. Het Rijk is systeemverantwoordelijk voor de natuur in de grote wateren binnen de rijkswateren, waaronder de grote rivieren zoals de Maas. Op onderstaande kaart is te zien dat een groot deel van de Maasplassen en het omliggende land behoort tot het Natuurnetwerk Nederland. Het doel is om NNN gebieden te verbinden en kwalitatieve natuur te behouden en ontwikkelen. Dit met name omdat grote natuurgebieden veerkrachtiger en sterker zijn bij plagen of grote invloeden als gevolg van het veranderende klimaat.

1.5.4

GROENNETWERKEN - GROENBLAUWE MANTEL Wanneer de kaarten van Natuurnetwerk en de Groenblauwe mantel met elkaar worden vergeleken, is goed te zien dat de gebieden die buiten het NNN vallen, wel grotendeels onderdeel zijn van de Groenblauwe mantel, de provinciale aanduiding voor natuurgebieden in Limburg. Ook deze gebieden zijn aangeduid ten behoeve van de bescherming en ontwikkeling van natuur. Ingrepen die plaatsvinden in Natuurnetwerk Limburg gebieden (ofwel NNN) of de Groenblauwe mantel dienen gecompenseerd te worden als de activiteit de natuur- en landschapswaarden aantast. Zoals op onderstaande kaarten te zien is behoren de Niet-Stedelijke Maasplassen tot Natuurnetwerk Nederland, wat aangeeft dat we aan deze plassen hogere natuurwaarden toekennen vanuit beleid dan aan de Stedelijke Maasplassen, die behoren tot de Provinciale Groenblauwe mantel.

11

1.5.5

GROENNETWERKEN - GRONDGEBRUIK Rondom de Maasplassen bestaat het landschap vooral uit graslanden. Gezien de ligging in het rivierdal van de Maas is deze functie logisch, aangezien de gronden hier natter zijn en minder geschikt voor landbouw. Hier en daar ligt rondom de Maasplassen wat hoger opgaand groen, maar het gebied heeft veelal een open karakter. Akkers zijn voornamelijk te vinden in het buitengebied rondom de stad en dorpen. Dit buitengebied is uitgestrekt en hier wisselen open akkers zich af met stukken bebossing.

1.5.6

AUTOMOBILITEIT - BEREIKBAARHEID De A2 en A73 zorgen voor een goede ontsluiting van de gemeente Roermond. Samen met diverse regionale wegen voorzien deze in de bereikbaarheid van Roermond en omgeving. Directe afritten vanaf de snelwegen en regionale wegen richting de Maasplassen ontbreken. Het gebied is dus wel te bereiken met de auto, maar er zal altijd gebruik moeten worden gemaakt van lokale wegen. Het OV-netwerk in en rondom Roermond beschikt over veel bushaltes. Het centrum en de omliggende wijken en dorpen zijn daarmee goed bereikbaar. Met het NS-treinstation is ook de brede regio goed is ontsloten per OV. Er is echter geen directe verbinding met de niet-stedelijke Maasplassen, aangezien de bushaltes in het bebouwde gebied liggen. Asselt heeft helemaal geen halte. Om dichtbij het water te komen moet de laatste afstand bovendien vaak te voet worden afgelegd en op sommige plekken is het, zelfs te voet, bijna onmogelijk om dichtbij de Maasplassen te komen.

12

1.5.7

FIETSNETWERK In en rondom de gemeente Roermond ligt een uitgebreid netwerk aan fietsroutes. Het fietsknooppunten netwerk is goed herkenbaar langs de fietspaden. Via dit netwerk is de oostkant van de Maasplassen goed bereikbaar per fiets. De westkant van de Maasplassen is minder goed bereikbaar door de ligging van de Maas. Ook tussen de plassen door en over het water heen lopen geen fietsroutes. De Maasroute is wel een aantrekkelijke langeafstandsroute, van noord naar zuid, langs de oostkant van de Asseltse plassen en westkant van de zuidelijker gelegen niet-stedelijke Maasplassen. Buiten de Maasroute en het knooppuntennetwerk liggen er nog veel meer fietspaden in de gemeente, die niet allemaal op kaart staan. Ondanks dat het gebied goed bereikbaar is met de fiets, is het water minder beleefbaar. Écht dichtbij het water komen is niet goed mogelijk en vanaf de fietspaden is er weinig zicht op het water door begroeiing of dijken die dit wegnemen.

1.5.8

WANDELNETWERK Net als het fietsnetwerk, is het wandelnetwerk ook erg uitgebreid. Te voet is de bereikbaarheid van het gebied het beste en kun je het beste dichtbij de Maasplassen komen. In de regio rondom Roermond liggen een aantal grotere wandelroutes. Het Maas-Niederrheinpad ligt bijvoorbeeld van noord naar zuid door Roermond. Het Hertogenpad start in het centrum van Roermond en steekt de Maas en het kanaal over richting het noordwesten. Daarnaast ligt het Pieterpad aan de oostkant van Roermond, een landelijke route die veel gebruikers en bezoekers aantrekt. Ondanks het uitgebreide netwerk, liggen er echter niet veel wandelpaden direct langs het water of met goed zicht op het water. Het zicht wordt vaak weggenomen door bijvoorbeeld dichte begroeiing of dijken. De paden die er wél liggen, bestaan veelal uit informele verbindingen of ze zijn niet aangegeven.

13

1.5.9

EXTERNE VEILIGHEID EN ENERGIENETWERK Op onderstaande kaart is het hoogspanningsnetwerk weergeven met rode en blauwe lijnen. De rode lijnen hebben daarvan de hoogste spanning. Dit netwerk bestaat grotendeels uit bovengrondse leidingen. Vanaf de elektriciteitscentrale ten noordoosten van Linne, langs de Rijksweg, gaat het netwerk ondergronds verder het stedelijk gebied van Roermond in. Verder is op kaart het uitsluitingsgebied voor windenergie weergegeven. Dit gebied komt grotendeels overeen met het Natuurnetwerk Nederland, de Groenblauwe mantel en Natura 2000-gebieden.

1.6 OCCUPATIELAAG 1.6.1

VERSTEDELIJKING De kaart verstedelijking gaat voornamelijk over het gebruik en de inrichting van het gebied door menselijk handelen. Veranderingen gebeuren veelal binnen één generatie (10 tot 40 jaar). Rondom de Niet-Stedelijke Maasplassen liggen een aantal horecagelegenheden. Zo ligt Beachclub Oolderhof aan de Oolderplas in het noorden en Frends Beach Club in het zuiden ter hoogte van Merum. In het zuiden bij de Lus van Linne ligt Brasserie LUS. In Asselt liggen restaurant Maaszicht en De Boei. Bij de Niet-Stedelijke Maasplassen zien we geen openbare zwemplekken. Daarvoor moet de recreant uitwijken naar de stedelijke Maasplassen. Ook havens en aanlegsteigers vinden we hoofdzakelijk bij de stedelijke Maasplassen. De Asseltse Plassen hebben wel een haven. De bereikbaarheid per auto is matig. Het is niet goed mogelijk om dichtbij het water te komen en parkeervoorzieningen dichtbij het water zijn maar beperkt aanwezig. Voor echte recreatie áán het water kan de recreant in de huidige situatie alleen terecht bij de stedelijke Maasplassen. Conclusie is dat de niet-stedelijke Maasplassen eigenlijk nauwelijks zijn ingericht op recreatie aan het water, maar voornamelijk óp het water plaatsvindt in de vorm van varen of surfen.

14

15

16

2 BELEIDSKADER 2.1 INLEIDING In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het relevante beleid voor de visie op de niet-stedelijke maasplassen. Een klein deel van het beleid is meegenomen in de lagenbenadering, als onderdeel van de laag (natuur)netwerk. Dit is gedaan omdat dit beleid direct gevolgen heeft voor de ruimtelijke ontwikkeling van het gebied. Overig relevant beleid wordt in dit hoofdstuk meegenomen. Het gaat daarbij om zowel gemeentelijk, provinciaal en landelijk beleid. Voor zover dit weerslag heeft op de ruimtelijke ontwikkeling van het gebied is dit op kaarten aangegeven.

2.2 BELEIDSANALYSE De stukken die zijn gebruikt voor de beleidsanalyse formuleren doelen, ambities en aandachtspunten die in meer of mindere mate van belang zijn voor de visie op het plangebied. Dit zijn: - Naar een toekomstbestendig rivierengebied – Ontwerp Programma Integraal Riviermanagement - Langetermijnvisie langzaam verkeer N280 Roermond-Leudal - Uitvoeringsplan Integrale Veiligheid 2024 - Presentatie college verbindingen over de Maas m.b.t. verkeersveiligheid langzaamverkeer - Projectplan veilige Maasplassen Roermond - Trajectaanpak Roermond en omgeving – Waterschap Limburg - Omgevingsvisie Roermond - Intergemeentelijke Structuurvisie Maasplassen 2030 - Ontwikkelingskader Stedelijke Maasplassen - Beleidsregels Grote Rivieren - Principe 'Water en Bodem sturend' Uit bovenstaande beleidsstukken komen een aantal thema’s naar voren. Per thema wordt ingegaan op het vigerend beleid.

2.2.1

ONTSLUITING In verschillende beleidsstukken wordt opgemerkt dat de ontsluiting in het gebied onvoldoende is. Er zijn nauwelijks mogelijkheden om over te steken. Het wandelroute- en fietsroutenetwerk vertoont hier dan ook grote gaten. Een betere toegankelijkheid van de plassen hangt samen met een betere bereikbaarheid. Dit betekent vervolgens dat de parkeermogelijkheden voor auto's ook goed geregeld moeten zijn. De langzaamverkeersverbinding tussen Roermond en Horn krijgt in het beleid specifiek aandacht. Daarbij wordt ingezoomd op de beperkt beschikbare ruimte rond de Louis Raemaekersbrug, waar de beschikbare ruimte moet worden gedeeld met gemotoriseerd verkeer. Deze oversteek maakt overigens geen deel uit van plangebied van de niet-stedelijke Maasplassen, maar is wel exemplarisch voor het gebrek aan oversteekmogelijkheden over en tussen de plassen door. Ook de bereikbaarheid van het plassengebied vanuit de dorpen aan de westzijde van de Maas is onvoldoende. Voor de wandelaar en fietser zijn dan ook meer oversteken wenselijk. Oversteekmogelijkheden, bestaande en mogelijke te ontwikkelen, die worden genoemd zijn: de spoorbrug, de stuw, pontje Oolderhuuske, oversteek aan de westkant van de Oolderplas, oversteek over de Maas naar de sluis, de sluis en de waterkrachtcentrale.

De nadruk bij de toekomstige ontsluiting ligt met name bij de langzaamverkeersverbindingen en aanvullend openbaar vervoer. Naast een eventuele nieuwe vaste brug kan hierbij ook gedacht worden verbindingsmogelijkheden als een pontje of watertaxi. Daarnaast is de verbondenheid van de stad met de Maasplassen nauwelijks aanwezig, omdat er geen doorgaande

17

wandel- en fietspaden zijn die beide gebieden met elkaar verbinden. Met uitzondering van de Louis Ramaekersbrug. Hier loopt een verbinding voor fietsers- en wandelaars overheen, maar de kwaliteit laat te wensen over.

2.2.2

NATUUR De Maasplassen zijn naast recreatief aantrekkelijk tevens van belang voor de natuur. Met name de plassen rond de Lus van Linne en de Asseltse plassen hebben een bovenregionale schakelfunctie voor flora en fauna. De natuur bestaat uit de oevers en plassen, oude meanders en extensief beheerde graslanden. Dit is bij uitstek een plek voor vogels en insecten. Daarnaast worden delen van het gebied begraasd door Konikpaarden en runderen, wat zorgt voor extra beleving en bijzondere natuurwaarden. In het Intergemeentelijk structuurvisie Maasplassen 2030 is ten aanzien van de niet-stedelijke plassen aangegeven welke doelstellingen er liggen. Deze hebben vooral betrekking op natuurontwikkeling. Zo wordt in het gebied tussen de Maas en de Oolderplas gestreefd naar ontwikkeling van kronkelwaarden en weerdverlaging, evenals in het gebied direct langs de Maas ter hoogte van de Asseltse plassen. Het overgrote deel van het wateroppervlak van de plassen in de Lus van Linne, Asseltse plassen en de rand tussen de Oolderplas en de Maas wordt aangegeven als ecologisch water. Slechts kleine delen van de plassen worden aangegeven als open water. De bestaande natuur is tenslotte conform de categorisering uit de Omgevingsverordening Limburg aangegeven als Groen-Blauwe Mantel (voorheen ‘Zilvergroene natuur’). Slechts de oostelijke rand van de Oolderplas heeft geen natuurgerelateerde aanduiding.

Hier ligt de rand van de uitbreidingswijk Oolderveste met ten noorden en ten zuiden een recreatieoever.

18

Water en bodem sturend Voldoende en schoon water en een gezonde bodem zijn van groot belang voor iedereen. Daarom heeft de ministerraad in november 2022 besloten dat water en bodem sturend moeten zijn bij beslissingen over de inrichting van ons land. Tussen gebieden zitten veel verschillen en daarom is de aanpak gebiedsgericht. Voorbeelden zijn: aanleggen van meer zoetwatervoorraden (langer vasthouden van water), niet meer bouwen op plaatsen die nodig zijn voor bergen en afvoeren van water in tijden van hoog water, minder verharding toepassen, zodat water kan infiltreren in de bodem, verhogen van het grondwaterpeil zodat er voldoende water is in tijden van droogte, zuiniger omgaan met water en minder drinkwater gebruiken. Het principe water en bodem sturend is kaderstellend bij keuzes die gemaakt moeten worden bij nieuwe ontwikkelingen.

2.2.3

RECREATIE De Maasplassen hebben een sterk profiel als samenhangend watersportgebied. Samen met de binnenstad en de Designer Outlet heeft Roermond hiermee een grote aantrekkingskracht op zowel inwoners als bezoekers. Het ontbreekt echter nog aan kruisbestuiving tussen deze drie. Van de Maasplassen zijn met name de stedelijke Maasplassen, die grenzen aan Roermond, de belangrijkste recreatieve trekkers. De plassen ten noorden en ten zuiden hier van, zijn met name van belang voor de natuur. Dit onderscheid wordt ook gemaakt op de kaart met plassentypologie uit de Intergemeentelijke Structuurvisie Maasplassen. Daar wordt onderscheid gemaakt tussen de recreatieplassen, die tegen het stedelijk weefsel aan liggen en de plassen met een algemene of natuurfunctie, die hier ten noorden en zuiden van liggen. De plassen bij Heel, gelegen in de buurgemeente Maasgouw, worden getypeerd als duikplas en waterwinplas. De Oolderplas vormt hierin een overgangsgebied met aan de westzijde natuur en de oostkant een combinatie van recreatie en wonen. Dit betekent dat aan de oostkant diverse vormen van water- en oeverrecreatie mogelijk zijn. Op de plassen met natuurfunctie zijn mogelijkheden voor recreatief medegebruik in de vorm van kanoën, kajakken, zeilen e.d.

19

HYDROLOGIE

Rivierkilometers Maas

BGR2020

Donderberg

Maas

Delen die vallen onder artikel 6.16 Waterbesluit (oud WBR artikel 2a)

N273

Delen met bergend regime

88

Delen met stroomvoerend regime

Nunhems

Nunhem Leudal

Wieler

N273

87

Haelen

Buggenum

Einde

Haelenerweg

Park Kasteel Aldenghoor

86

N273

N279

Berik

IJzeren Rijn

IJzeren Rijn IJzeren Rijn

IJzeren Rij n

num ge ug

N273

e-B inn

Haelense Broek

Voormalige Willem-Alexandercentrale

N279

Asselt

85

A73

aa s

Overhaelen

L

Windmolenbos

Late raal kan aa l

IJzeren Rijn

N271

Asseltse Plassen

M

84

A73 IJ

ae lerw eg

N273

ze re n

Heugde

Linn eBug ge nu m

H

N273

Roermond 19

La te ra

Limburg

N271

81

alk an aal

Heide

Vuilbemden

Rijn

N280

Maas

Buitenplaats Kasteel Horn

Horn

Noordplas

N280

Bee gde rve ld

alk eg ra te alw La na Ka

ere

N280

g we lose Ven

N271

Herten

Plas Hatenboer

Maasniel

79 Marina Oolderhuuske

Maa sstra at

Ma77 as

Bro eks tra at

75

De Wijher

an njela Ora

Oranjela an

ROC

Ool

ug ge nu m

Maa s

La tera alka na al Li nn e-B

Roermond-Oost

Centrum

78 Natuur-en Waterleerpad Hammerveld-Oost

De Rosslag en Roermond City Marina

Isabellagriend

N271

Hoogvonderen N271

an rla elle Kap

uid at-Z tra ers He

De Vijver Maasniel

Roermond

Nieuwe Nack

76 Bredeweg

Smalbroek

Beegden

Roermond 19

N271

IJz

Designer Outlet Roermond

Maas

N280

e-B inn lL aa an

nR ij n

80

Horn

m nu ge ug

Beegderheide

N280

Bredeweg

N280

A73 N280

Smurfit Kappa Roermond Papier

De Weerd

Rijks we g

Haelen

Maas

N273

Broekhin

Donderberg N271

Ooldergreend

Roermond-Oost 20 A73

Herten

Oolderplas

74 Roermond-Zuid

s Maa

N570

Roerstreek Noord

A73

73 Isabellagreend Maa s

A73

68

Aan de Rijksweg

69 Spoorplas

Maas Weerd

Linne 21

N293

1

26-08-2024

Versie Datum

-

CC

Omschrijving

-+C0XX+-

Opsteller

CC

-+R0XX+-

PT

Par. Verificatie Par. Validatie

-+L0XX+-

Par.

Rijk

Bedrijventerrein Linnerblik

sw eg

71

70

Lerop

A73

Linne 21

Solvay Chem. fabr.

Niet-stedelijke Maasplassen

Daarnaast is in het kader van het initiatief “Nieuw leven in de Lus van Linne” speciale aandacht gericht op de Lus van Linne. Hier wordt ingezet op de ontwikkeling van de aanwezige natuurwaarden in combinatie met een bijdrage aan de hoogwaterbescherming. Onderdeel hiervan is de winning van de resterende grondstoffen. A73

Clauscentrale

Linne

Ri jks we g

Beleidsregels Grote Rivieren 2020

N293

Linner Heide Gemeente Roermond Fase: -

Melick

088 - 3366333 info@kragten.nl www.kragten.nl

Projectnr.: ROE487

0

2.2.5

200

400

600

800

1.000

1.200

1.400

1.600

1.800

2.000m

¤

Formaat: A2 Tekeningnr: 0000-0000 Map data © OpenStreetMap contributors, Microsoft, Facebook, Inc. and its affiliates, Esri Community Maps contributors, Map layer by Esri Doc. nr.: Schaal: 1:20.000

Groenstraat

P:\prj100\.............\*************.mxd

sn ed en

72

Gerelingsplas

Afge

as Ma

Industieterrein Oosttangent

Merum

weg rger be ns Hei

In de Beleidsregels Grote Rivieren is een afwegingskader vastgesteld voor ruimtelijke ontwikkelingen in het rivierbed. Dit stuk heeft als doel om de beschikbare afvoer- en bergingscapaciteit van het rivierbed van de grote rivieren te behouden en ontwikkelingen tegen te gaan die de mogelijkheid tot rivierverruiming door verbreding en verlaging feitelijk onmogelijk maken.

Gendijk

Regime BGR2020

eg ew els gg Ro

De overheid streeft naar een zo natuurlijk mogelijke rivierdynamiek en verwacht hier in de toekomst meer ruimte voor nodig te hebben, zowel binnen- als buitendijks om de vijf functies van de rivier te kunnen faciliteren (1. Waterafvoer, 2. Zoetwaterbeschikbaarheid en drinkwater, 3 Natuuren ecologische waterkwaliteit, 4. Bevaarbaarheid , 5 Regionale economische ontwikkeling en ruimtelijke kwaliteit). Het is dan ook noodzakelijk om telkens een goede afweging te maken bij de wenselijkheid van nieuwe functies in het gebied met het oog op de ruimtereservering.

Verklaring

Roggelsewe g

2.2.4

(SOCIALE) VEILIGHEID EN LEEFBAARHEID Veiligheid is een belangrijk thema, dat in meerdere beleidsstukken wordt genoemd. Het gaat daarbij enerzijds om sociale veiligheid, maar anderzijds ook om verkeersveiligheid. Roermond heeft in die zin een hoge ambitie om een veilige, weerbare, leefbare en aantrekkelijke stad te zijn voor iedereen, behalve criminelen. Veiligheid en leefbaarheid op en rond de Maasplassen is daarbij een aandachtspunt. Daarbij is niet alleen inzet van politie van belang, maar ook de ketenpartners (ondernemers, watersporters en inwoners). In dit kader loopt in het gebied ook het project Schoon Heel Veilig en is door Stichting Limburgs Landschap een BOA in dienst genomen die controles op het water uitvoert. Stimuleren van de aanleg van goed bewegwijzerde routestructuren spelen hierin een belangrijke rol. Mensen die rond de plas(sen) lopen maken het gebied levendiger en zorgen tegelijkertijd voor sociale controle. De beleefbaarheid van deze routes kan nog versterkt worden door de routes vanuit de binnenstad aan te geven, mooie uitzichtpunten te realiseren en ruimte te geven aan de ontwikkeling van natte natuur of door aanleg van (natuurlijke) sport- en spelaanleidingen. Ook stimuleren van de waterbeleving op de Oolderplas kan in het kader van de sociale veiligheid positief zijn.

Gedacht wordt bijvoorbeeld aan het verplaatsen van watersportwedstrijden naar deze plas. Een betere toegankelijkheid van het gebied en intensivering van het gebruik staat overigens op gespannen voet met de wensen van bewoners in het gebied en heeft tevens effect op de parkeerdruk.

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=16231f2b-f6bc-4e6c-a78c-98bf00101ecf