CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Contourennota mensontwikkelbedrijf Roermond 2025-2028

Gemeenteraad 17 oktober 2024, gemeente RoermondBij agendapunt: Contourennota mensontwikkelbedrijf Roermond 2025-20286.338 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Contourennota mensontwikkelbedrijf Roermond 2025-2028

Inhoudsopgave 1. Vooraf 1.1 Inleiding 1.2 Leeswijzer 1.3 Aanleiding 1.3.1 Ontwikkelingen 1.3.2 Het belang van een mensontwikkelbedrijf 1.3.3 Maatschappelijke meerwaarde MOB 1.3.4 Knelpunten huidige situatie 1.3.5 Wat hebben we nodig om inwoners verder te helpen? 1.3.6 Omvang doelgroep Roermond 2. MOB Roermond - de stip op de horizon 2.1 Mensontwikkelbedrijf Roermond 2.2 Visie en missie 2.2.1 Kernelementen MOB Roermond 2.2.2 Visie 2.2.3 Missie 2.3 Thema's 2.3.1 Doelgroep 2.3.2 Mensbeeld 2.3.3 Cultuur 2.3.4 Vakmanschap 2.3.5 Aanbod 2.3.6 Partners 2.3.7 Inrichting “Alles bij elkaar, binnen handbereik” 2.4 Taakverdeling ondersteuningsinfrastructuur Bijlage 1. Bijlage 2.

2 2 3 3 3 3 4 6 6 7 8 8 9 9 9 9 9 9 10 11 11 12 12 13 13 14 15

1.Vooraf 1.1 Inleiding “Als je werkt aan iets waar je echt om geeft, hoef je niet gepusht te worden” -Steve Jobs

“Je gaat veel tijd aan je werk besteden, dus zorg dat je doet wat je geweldig vindt. Dat is de sleutel tot tevredenheid. Als je nog niet weet wat dat is, blijf zoeken en geef niet op. Je hart zal je vertellen wanneer je het gevonden hebt ” -Steve Jobs

“Als we proberen onszelf te verbeteren, verbetert alles om ons heen ook’’ -Paulo Coelho De term ‘talent’ stond vroeger voor geldwaarde of voor ‘een enorme som geld’. Tegenwoordig wordt een ‘talent’ meer omschreven als ‘iets wat je gemakkelijk goed afgaat’ of als een ‘kwaliteit die nauw verweven is met wie je bent’. Daarmee zijn talenten belangrijk en waardevol voor iemands’ eigen persoonlijke en professionele ontwikkeling. Vaak voelen mensen zich er goed bij als hun talenten worden aangesproken, bijvoorbeeld om een bepaalde prestatie te leveren. Het geeft hen de nodige energie om te werken en te leven. Iedereen heeft talenten. Talenten krijgen pas waarde als ze worden benut! Het is dan ook van belang dat mensen ruimte krijgen om hun eigen talenten te ontwikkelen….. Met gepaste trots laten we de komst van een mensontwikkelbedrijf (tijdelijke werknaam) binnen de gemeente Roermond weten. Per 1 januari 2025 wordt het bestaande Westrom ondergebracht bij de gemeente Roermond om verder te gaan als mensontwikkelbedrijf. Tot dan toe was Westrom een samenwerkingsverband van de vijf gemeenten Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw, Roerdalen en Roermond, die deParticipatiewet en de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) uitvoerde voor deze gemeenten.

Net als bij Westrom, richt de focus van het nieuwe mensontwikkelbedrijf zich op het ondersteunen van zoveel mogelijk mensen naar werk of andere vorm van participatie in de samenleving opdat zij een zo zinvol mogelijke dagbesteding in hun leven ervaren. De scope is echter breder, er vanuit gaande dat participatie zo zijn weerslag heeft op bestaanszekerheid en andersom. Behalve het ontvangen van een financieel inkomen is er voor de medewerkers ook een wisselwerking met de eigen (positieve) gezondheid, betekenisgeving in het leven, het hebben van sociale contacten en het voorkomen van eenzaamheid. Dat vraagt een inzet van talenten op meerdere gebieden. Bij de overname vinden we het belangrijk dat de dienstverlening en infrastructuur voor de huidige medewerkers en onze inwoners, die in de toekomst zijn aangewezen op ondersteuning bij participatie, behouden blijft. Op deze manier kan de gemeente Roermond ook naar de toekomst toe zorgdragen voor het behoud van werkplekken voor haar inwoners die in het kader van de Wsw werken en participeren. Daarnaast krijgen we hierdoor de mogelijkheid om toe te werken naar een plek waar talentontwikkeling voor de hele doelgroep van de Participatiewet ingevuld kan worden. Daarmee willen we een goede werkomgeving bieden voor hun cliënten/medewerkers waarin hun talenten tot bloei en groei kunnen komen, passend bij de mens wie ze zijn.

De gemeente Roermond heeft de overtuiging dat iedereen talenten heeft die het verdienen om te worden ontwikkeld en benut. In deze notitie wordt nader ingegaan op de historie van de Participatiewet, de contouren van het mensontwikkelbedrijf en de beweegredenen voor de komst hiervan. Immers iedereen doet mee en iedereen is nodig in onze samenleving. Marianne Smitsmans-Burherne Wethouder Sociaal Domein – Gemeente Roermond 20 augustus 2024

2

1.2 Leeswijzer Het eerste deel van deze nota beschrijft de aanleiding, doelgroep en knelpunten in de huidige situatie. Het tweede deel gaat in op de visie en contouren van het mensontwikkelbedrijf Roermond. De onderzoeken en rapporten die benoemd worden in dit stuk worden in bijlage 1 nader toegelicht en van een link voorzien. De paragraaf over de doelgroep is in het stuk beknopt gehouden. In bijlage 2 wordt dieper ingegaan op de aannames en verwachtingen bij de (potentiële) doelgroep.

1.3 Aanleiding 1.3.1 Ontwikkelingen Wat gebeurt er landelijk? De Participatiewet wordt herzien. De huidige wet is te complex, legt een sterke nadruk op rechtmatigheid en uitstroom naar werk en bereikt niet in alle opzichten de gestelde doelen. Handhaving is streng en ondersteuning vanuit gemeenten wordt niet altijd als voldoende ervaren in die gevallen waarbij werk (nog) geen haalbare kaart is. Dit zorgt voor stress en onzekerheid bij inwoners. Het wetsvoorstel Participatiewet in Balans is een eerste concrete stap op landelijk niveau om ervoor te zorgen dat de mens weer centraal komt te staan bij de uitvoering van de Participatiewet. Het wetsvoorstel geeft gemeenten meer ruimte om maatwerk te bieden en om uit te gaan van vertrouwen. Het is de bedoeling dat de wet in de toekomst een passend perspectief biedt op werk en participatie, begrijpelijk en goed na te leven is, een doelmatig vangnet vormt en een toereikend inkomen biedt. Mensen moeten zich ondersteund voelen door de wet als het gaat om participatie en inkomen. Wat gebeurt er regionaal? Gemeente Roermond is voornemens per 1 januari 2025 de uitvoeringsorganisatie van Westrom over te nemen. De dienstverlening van Westrom aan de doelgroep blijft overeind. We nemen de dienstverbanden en begeleiding over en mensen houden hun zekerheden.

De uitvoeringsorganisatie van Westrom gaat, na besluitvorming door het Algemeen Bestuur van Westrom, onderdeel uitmaken van het mensontwikkelbedrijf Roermond. Wat gebeurt er lokaal? Lokaal zetten we stappen om de dienstverlening dichterbij de inwoners te organiseren, dit doen we via het gebiedsgericht en georganiseerd werken (ook wel wijkgericht werken). We willen inwoners laagdrempelig te woord kunnen staan en verder helpen in hun eigen buurt. Dit doen we samen met (maatschappelijke) partners. De ontwikkeling van het gebiedsgericht en georganiseerd werken raakt ook aan de oprichting van het mensontwikkelbedrijf. In 2.2.1 wordt de samenhang op hoofdlijnen benoemd. Hoe de wisselwerking tussen de buurt/wijk en het mensontwikkelbedrijf er in de praktijk precies gaat uitzien is een onderwerp van uitwerking na 1 januari 2025.

1.3.2 Het belang van een mensontwikkelbedrijf Met de invoering van de Participatiewet ging de Wsw volledig en de Wajong bijna volledig op slot. Nieuwe instroom is vanaf 2015 niet meer mogelijk, inwoners die voorheen aanspraak maakten op de Wsw of Wajong vallen nu onder de Participatiewet en dus onder gemeentelijke verantwoordelijkheid. Dit betekent dat gemeenten vanaf 2015 een grote groep nieuwe inwoners bedienen of zouden moeten gaan bedienen.

3

Figuur 1 geraamde ontwikkeling doelgroep (Berenschot)

Figuur 1 illustreert de door het Rijk geschatte groei van de gemeentelijke doelgroep sinds 2015. Het figuur laat de landelijke prognose zien. Groen en oranje zijn de inwoners die ook vóór 2015 door gemeenten ondersteund werden. De oranje groep Wsw’ers wordt langzaam vervangen door een nieuwe (reguliere en nieuwe beschutte) doelgroep. De rode groep voormalig Wajong’ers maakt dat de prognose is dat in 2055 de gemeentelijke doelgroep bijna verdubbeld is. Niets doen is dus geen optie. In dat geval bieden we een grote groep inwoners namelijk niet de ondersteuning(-sinfrastructuur) richting werk en participatie die ze nodig hebben. Zonder actie is ook een inclusieve arbeidsmarkt verder weg dan ooit. Hier hebben zowel werkgevers als werknemers én de samenleving als geheel last van.

1.3.3 Maatschappelijke meerwaarde MOB Dat werk meer is dan een middel om de rekeningen te betalen weten de meesten maar al te goed. Werk geeft, naast inkomen, zingeving, structuur en sociale contacten. Deze baten worden zelden doorgerekend binnen de uitvoering van de Participatiewet, ook omdat de baten niet altijd belanden bij die partij die de meeste, financiële lasten draagt. Toch kan een integrale blik op benodigde investeringen in mensen helpen bij het stellen van prioriteiten binnen de uitvoering van de Participatiewet. In deze paragraaf volgt een beschrijving van de maatschappelijke meerwaarde van werk en participatie. De doelstelling van een mensontwikkelbedrijf Roermond is om inwoners een stap verder te helpen en om bij te dragen aan een inclusieve arbeidsmarkt waar voor iedereen een plek is. Wanneer iemand uit de uitkering aan het werk wordt geholpen bespaart dit de gemeente Roermond direct uitgaven op de uitkeringslasten (circa € 17.000,- per jaar). Een werkgever en de samenleving profiteren van extra arbeidspotentieel. Voor de inwoner zelf betekent het dat hij/zij inkomen krijgt en meer sociale contacten heeft.

4

Uit diverse onderzoeken, waaronder dat van het SCP en CPB uit maart 2020 over de brede baten van werk komt de maatschappelijke meerwaarde van arbeidsparticipatie naar voren. Zo blijkt uit het genoemde onderzoek dat mensen met een arbeidsbeperking als zij werken minder vaak beroep doen op geestelijke gezondheidszorg en Wmo-ondersteuning en minder risico hebben om crimineel gedrag te vertonen. Het SCP/CPB maakt daarbij een grove schatting dat de maatschappelijke besparing van wanneer iemand uit de voormalig Wsw-doelgroep aan het werk wordt geholpen ongeveer € 5.000, - is. Tellen we daar de besparing op de uitkering bij op dan komen we tot een totale (maatschappelijke) besparing van € 22.000,- per jaar per persoon die vanuit de uitkering aan het werk wordt geholpen. Recentelijk heeft Berenschot, in opdracht van Divosa en Cedris, onderzoek verricht naar de maatschappelijke kosten-baten analyse bij de inzet van loonkostensubsidie. Hierbij kijken ze naar de maatschappelijke impact van het instrument loonkostensubsidie. Dit onderzoek en de ontwikkelde rekentool tonen aan dat de inzet van loonkostensubsidie als wordt gekeken naar maatschappelijke kosten en baten altijd loont. Voor gemeenten met de omvang van Roermond loont de inzet van loonkostensubsidie ook financieel.

Onderstaande tabel laat, op basis van het rekenmodel, de maatschappelijke kosten en baten op hoofdlijnen zien wanneer de gemeente Roermond één persoon vanuit de uitkering aan het werk helpt met loonkostensubsidie. Hierbij geldt uiteraard dat het rekenmodel werkt met gemiddelden en onderbouwde schattingen wanneer er geen exacte cijfers beschikbaar zijn (zoals bijvoorbeeld over de baten van de toegenomen kwaliteit van leven). De online rekentool biedt het volledige overzicht van de maatschappelijke kosten-baten analyse voor de gemeente Roermond.

Loonkosten Waarvan loonkostensubsidie

€ 23.589,€ 10.379,-

Uitgaand van een dienstverband van 30 uur met een loonwaarde van 56%. Het dikgedrukte bedrag is de investering vanuit de gemeente.

SoZa cluster Werk

€ 6.821,-

Minder uitvoeringskosten en uitkeringslasten.

Andere gemeentelijke afdelingen

€ 839,-

Minder beroep op bijv. bijzondere bijstand, Wmo etc.

€ - 11.545,-

Macroverlaging van het BUIG-budget.

Rijksoverheid

€ 8.839,-

Extra inkomstenbelasting, minder uitgaven macrobudget, minder kosten openbare orde en veiligheid

Kandidaat

€ 6.422,-

Meer inkomen, betere kwaliteit van leven.

Andere partijen

€ 1.226,-

Zoals zorgverzekeraar

Totaal maatschappelijke kosten-baten analyse

€ 12.602

Overige NL-gemeenten

De maatschappelijke meerwaarde van werk/participatie vormen een belangrijke aanleiding om met een brede en integrale blik naar arbeidstoeleiding en de ontwikkeling van een MOB te kijken.

5

1.3.4 Knelpunten huidige situatie Westrom is het SW-bedrijf van vijf gemeenten waaronder Roermond. Bij de invoering van de Participatiewet is landelijk de beleidskeuze gemaakt om de instroom in de WSW te stoppen waarmee de kerntaak van SW-bedrijven wegviel en hun oorspronkelijke doelgroep de komende jaren afvloeit. SW-bedrijven moesten zichzelf opnieuw uitvinden. Waar eerder inwoners een aanvraag bij het UWV moesten doen voor een SW-indicatie waarna zij zich direct konden melden bij, in dit geval, Westrom, moeten inwoners zich nu melden bij de gemeente, bij het cluster SoZa. Hier is de groep voormalig Wsw’ers slechts één van de vijf doelgroepen (zie 2.2.1 voor de beschreven doelgroepen) die consulenten werk ondersteunen. Voor iedere inwoner wordt een individueel traject uitgestippeld waarbij er zeer veel variabelen zijn. Dit resulteert erin dat de instroom waar Westrom eerder op kon rekenen nu niet meer automatisch bij hen binnenkomt. Tegelijkertijd meldt de gemeente ook ándere doelgroepen aan bij Westrom, waar Westrom nog niet altijd de juiste expertise voor heeft. Zo maakte iemand vrijwillig de keuze om een Wsw-indicatie aan te vragen, terwijl het voor de doelgroep die nu onder de Participatiewet valt een verplichting is om algemeen geaccepteerde arbeid te aanvaarden. Onder andere deze verschillende uitgangsposities vragen om een andere manier van werken.

Hierdoor kan er een mismatch voor de klant ontstaan en onzekerheid over de (kwaliteit van de) instroom voor Westrom en de kwaliteit van dienstverlening voor de gemeente.

In het rapport “Onderzoek infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven” van Berenschot beschrijven zij vijf typen SW-bedrijven. In het geval van Westrom gaat het om een partieel sociaal ontwikkelbedrijf. Belangrijk kenmerk hiervan is dat de taken in het kader van de Participatiewet worden uitgevoerd door zowel SWbedrijf als de sociale dienst (SoZa). In de gemeente Roermond zijn er ook nog andere aanbieders actief op het gebied van re-integratie. In dit geval vormen de taak- en klantverdeling vaak een ingewikkelde discussie met als gevolg dat het complex is hier je bedrijfsvoering op in te richten

In de praktijk zie je dat uitstroom uit de Wsw niet één op één vervangen wordt door instroom vanuit de Participatiewet, het SW-medewerkersbestand van Westrom krimpt daardoor. Hierdoor ontstaat een overcapaciteit en te hoge overhead die, als er niet geïntervenieerd wordt, leidt tot een sterfhuisscenario. In dit scenario breken we een infrastructuur nodig voor de doelgroep af. Deze ontwikkelingen vormen een belangrijke aanleiding voor een nieuwe koers richting een MOB Roermond.

1.3.5 Wat hebben we nodig om inwoners verder te helpen? Gemeenten zijn eindverantwoordelijk voor een goede uitvoering van de Participatiewet. Hiervoor is het noodzakelijk dat gemeenten en arbeidsmarktregio’s een goede sociale infrastructuur hebben met een sluitend vangnet van voorzieningen. Ongeacht situatie of beperking van de inwoner is onze opgave als gemeente om, samen met de arbeidsmarktregio, inwoners zich te laten ontwikkelen richting meer maatschappelijke deelname of werk. De Sociaal Economische Raad (hierna: SER) formuleert in hun verkenning een zestal functionaliteiten die gemeenten moeten kunnen bieden om tot een sociale infrastructuur te komen: 1. bieden van een voorziening voor beschut werk; 2. bieden van goede matching en begeleiding: het in kaart brengen van vraag en 3. aanbod met de daarbij behorende competenties, en ook inzet jobcoaches en banenmakelaars; ontwikkelen van werknemersvaardigheden: startklaar maken van mensen; 4. inspelen op en samenwerken met lokale en regionale werkgeversnetwerken; 5. bieden van detacheringsfaciliteiten naar reguliere werkgevers 6. werkgevers adviseren en helpen bij aanpassing van werkprocessen op maat;

6

Berenschot voegt hier na hun onderzoek over de infrastructuur van sociaal werkbedrijven nog de volgende twee functionaliteiten aan toe: 7. Het vinden, herkennen en diagnosticeren van kandidaten. 8. Dienstverlening aan mensen zonder indicatie beschut, die (nog) niet bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen. Om tot een succesvolle uitvoering van de Participatiewet te komen moeten de verschillende functionaliteiten samenkomen en/of goed samenwerken. In paragraaf 2.5 wordt de vertaalslag gemaakt van de benodigde functionaliteiten naar hoe de gewenste situatie in Roermond eruitziet en dan vooral welke plek het MOB daarin inneemt.

1.3.6 Omvang doelgroep Roermond Huidige doelgroep MOB per 1 januari 2025 Roermond verstrekt op dit moment aan ongeveer 1.800 inwoners inkomensondersteuning, hiervan wordt ongeveer 60% momenteel gesproken over werk of participatie. Voor de raming van de doelgroep MOB per 1 januari 2025 gaan we uit van de actieve doelgroep: circa 1.080 inwoners. Verder heeft eind 2023 een groep van circa 750 inwoners uit Roermond en de regiogemeenten[1] een dienstverband bij Westrom (inwoners met een Wsw-indicatie, Participatiewet-dienstverband of Beschut Werk dienstverband). Deze groep gaat, onder voorbehoud van besluitvorming over de toekomst van Westrom, onderdeel uitmaken van het MOB. Onderstaande tabel geeft een raming van aantallen inwoners die conform status quo onder de paraplu van het MOB gaan vallen. Hierbij is het goed om op te merken dat het in deze fase gaat om grove ramingen om een beeld te vormen bij de omvang van de doelgroep. Dit aantal houdt nog geen rekening met de doorontwikkeling en het ondersteunen van de potentiële doelgroep. Deze potentiële doelgroep is aanzienlijk groter dan de groep doe nu ondersteund wordt. In bijlage 2 wordt dieper ingegaan op de maximale, potentiële doelgroep.

Doelgroep MOB per 1 januari 2025

Groep voormalig Wwb (groen)

Dienstverbanden Westrom (oranje, geel, blauw)

Totaal

1.080

Gaat om 60% van het volledige uitkeringsbestand: de groep die momenteel gesproken wordt in het kader van werk/participatie.

750

Inclusief dienstverbanden van reegiogemeenten. Dit aantal zal afnemen omdat er geen nieuwe instroom is.

1.830 inwoners

1. Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw en Roerdalen

7

2. MOB Roermond - de stip op de horizon Totstandkoming In december 2023 heeft het college van Roermond enkele uitgangspunten vastgesteld die het begin vormden van een visie op een Roermonds MOB. In het eerste kwartaal van 2024 is een groep van diverse betrokkenen geïnterviewd. Daarbij was de centrale vraag wat zij vanuit hun rol of perspectief nodig zouden hebben in of van een mensontwikkelbedrijf om inwoners verder te helpen. In ruim twintig gesprekken is een beeld gevormd van de Roermondse situatie en behoeften. Dit beeld is vervolgens getoetst en aangevuld op basis van landelijke onderzoeken (zie bijlage X) en vergeleken met een aantal andere sociaal ontwikkelbedrijven in het land.

2.1 Mensontwikkelbedrijf Roermond De visual op de voorkant van de contourennota vertelt het verhaal van hoe het mensontwikkelbedrijf past in de Roermondse samenleving. Belangrijke elementen hieruit: Het MOB krijgt vorm door samenvoeging van een deel van het cluster SoZa (Werk, Inburgering en mogelijk een deel van Inkomen) met Westrom (onder voorbehoud van besluitvorming hierover). Hier wordt fysiek samengewerkt als één entiteit. Het MOB is expliciet niet de plek waar we de volledige (potentiële) doelgroep intern willen houden. Het streven is om mensen zoveel mogelijk in hun buurt of op de reguliere arbeidsmarkt verder te helpen. Voor niet iedereen is dit een haalbare kaart, voor hen is er (tijdelijk of permanent) een plek binnen het MOB. De visual laat van links naar rechts een gewenste ontwikkeling zien waarbij we het gedachtegoed van Simpel Switchen[1] zoveel mogelijk goed organiseren in het MOB. De sociale basis vloeit op natuurlijke wijze rondom het MOB. Er is wisselwerking en mensen komen vanuit de buurt (Huis van de Wijk bijv.) bij het MOB. Wanneer blijkt dat iemand nog niet toe is aan een traject of werk binnen het MOB of aan werk op de reguliere arbeidsmarkt dan wordt de koppeling gemaakt met iemands buurt voor bijvoorbeeld contact met buren of vrijwilligerswerk.

De samenwerking met partners binnen het MOB is onontbeerlijk, deze partners hebben we nodig om onze inwoners goed te begeleiden. Deze partners willen we op vaste tijden een werkplek bieden binnen het MOB. Op deze manier kunnen inwoners laagdrempelig en onder begeleiding van hun vaste consulent in contact komen met nieuwe partijen die hen verder gaan helpen. Hieronder valt ook de integrale samenwerking binnen SoZa. Inkomensondersteuning is een belangrijke randvoorwaarde voor werken aan werk of participatie. Deze discipline moet daarom dichtbij (of deels vanuit het MOB) georganiseerd worden.

2 De Rijksoverheid wil dat mensen makkelijk de stap zetten van uitkering naar werk. En als het (even) niet lukt weer terug naar een uitkering. Zonder dat mensen daarbij financiële onzekerheden kennen of rechten verliezen. Hierover zegt de Rijksoverheid: ´Veel mensen die vanuit een uitkering willen gaan werken zijn bang dat ze hun rechten op een uitkering kwijtraken als werken niet blijkt te gaan. Mensen zoeken makkelijker werk als ze zich veilig voelen om die stap te zetten. Zoals mensen die een arbeidsbeperking hebben en bijvoorbeeld van beschut werk naar gewoon werk willen overstappen. Het is een geruststellende gedachte dat er altijd een weg terug is. Want het lukt niet altijd om een nieuwe baan of plek vinden. ´

8

2.2 Visie en missie 2.2.1 Kernelementen MOB Roermond Iedere inwoner telt mee en iedere inwoner helpen we een stap verder in of vanuit het MOB We helpen inwoners niet per se binnen het MOB, maar vanuit het MOB een stap verder. Dat betekent dat gesprekken of een intake ook in een Huis van de Wijk gevoerd kunnen worden. En werkervaring kan, indien passend, het beste worden opgedaan bij een werkgever op locatie. Iemands talent koppelen we aan de arbeidsmarkt en/of buurt. Uitstroom naar werk is belangrijk maar niet voor iedereen haalbaar. Daarom zien we andere vormen van meedoen als net zo belangrijk. Gelijkwaardige samenwerking (met de inwoner en met professionals onderling) Eenvoud is een belangrijke waarde (kunnen we het makkelijker maken?).

2.2.2 Visie Het MOB Roermond streeft naar een inclusieve samenleving waarin iedere inwoner de kans krijgt om zijn of haar talenten te ontdekken, te ontwikkelen en te benutten. We begeleiden mensen op basis van vertrouwen en hebben een positief mensbeeld waarbij iedereen waardevol is en recht heeft op ondersteuning, ongeacht achtergrond of situatie. Vertrouwen staat voorop, maar gaat indien mogelijk hand in hand met eigen verantwoordelijkheid om kansen aan te grijpen. Door samen te werken, elkaars talenten te benutten en een cultuur van gelijkwaardigheid en gastvrijheid te creëren, streven we ernaar om inwoners een stap verder te helpen in hun persoonlijke ontwikkeling en participatie in de maatschappij en op de arbeidsmarkt.

2.2.3 Missie Het MOB is toegewijd aan het ondersteunen en ontwikkelen van inwoners van Roermond die onder de Participatiewet vallen. We bieden een breed scala aan diensten en ondersteuning, variërend van sociale activering, coaching en training tot toeleiding tot inkomensondersteuning. Onze aanpak is gebaseerd op een integraal mensbeeld, waarbij we kijken naar de totale situatie van de inwoner en streven naar passende- en indien nodig out-of-the-box oplossingen. We werken nauw samen met interne en externe partners om een inclusieve en ondersteunende omgeving te creëren waarin iedere inwoner de kans krijgt om te groeien en te bloeien. Onze cultuur van vakmanschap, samenwerking en experimenteren biedt professionals en inwoners de mogelijkheid om gezamenlijk te werken aan een betere toekomst voor ons allemaal.

2.3 Thema's 2.3.1 Doelgroep In het MOB richten we ons op de brede doelgroep van de Participatiewet. Dat betekent dat alle uitkeringsgerechtigden en niet-uitkeringsgerechtigden welkom zijn in het MOB. De groep niet-uitkeringsgerechtigden is divers en groot, het gaat dan om inwoners die jonger zijn dan de pensioengerechtigde leeftijd en ondersteuning nodig hebben op het gebied van werk of participatie. Bijvoorbeeld de jongere of jongvolwassene die nog bij zijn ouders woont en daardoor geen recht heeft op een uitkering heeft wél recht op gemeentelijke ondersteuning op het gebied van participatie. Datzelfde geldt voor een inwoner wiens partner een inkomen heeft maar die zelf wel stappen richting werk zou willen zetten.

3 “Een brede blik op de bijstand” – juni 2023 – Sociaal en Cultureel Planbureau

9

Inwoners op alle treden van de participatieladder ondersteunen vanuit MOB Zoomen we vervolgens in op het huidige uitkeringsbestand dan ondersteunen en ontwikkelen we in het MOB klanten op elke trede van de Participatieladder. Alle inwoners van Roermond die vallen onder de Participatiewet kunnen daarom gebruik maken van de dienstverlening in het MOB. Juist de groep die langdurig in de bijstand zit en een grote afstand heeft tot de arbeidsmarkt bereiken we nu onvoldoende door de huidige (landelijke) focus op uitstroom naar werk. Deze inwoners ervaren een stapeling[1] van problemen op allerlei leefgebieden waardoor werk (nog) geen reëel perspectief is. In de nieuwe situatie ligt de focus niet alleen op werk maar vooral op de mens en diens ontwikkelmogelijkheden. Dit is een verschil met de huidige situatie waarin voor een aanzienlijk deel van het klantenbestand geen inzet wordt gepleegd gericht op werk of meedoen in de samenleving. Deze groep wordt nu enkel gesproken in het kader van de rechtmatigheid van de uitkering. Overlap Participatiewet/Wet maatschappelijke ondersteuning In het MOB hebben we speciale aandacht voor de groep inwoners die zowel onder de Participatiewet als onder de Wmo valt. Voor deze groep kan een vorm van arbeidsmatige- of ontwikkelingsgerichte dagbesteding een waardevolle vorm van participatie zijn.

Hiervoor zoeken we logische samenwerkingen op (bijvoorbeeld met PSW) en/of we trekken hiervoor zelf de benodigde expertise aan. Vinden, herkennen, diagnosticeren Figuur 1 laat de omvang van de (potentiële) doelgroep zien waarbij de constatering werd gedaan dat we de verwachte toename van inwoners die beroep doen op ondersteuning van de gemeente nog niet zien. In het MOB is daarom niet alleen aandacht voor de huidige groep inwoners met een uitkering, maar ook voor het vinden, herkennen en diagnosticeren van inwoners die ondersteuning nodig hebben, maar deze vraag nog niet (op de juiste plek) gesteld hebben.

2.3.2 Mensbeeld De Participatiewet en de uitvoering ervan zijn landelijk uit balans geraakt. Lang lag de nadruk op rechtmatigheid, het voorkomen van instroom, het vergroten van de uitstroom en was de uitvoering sterk gericht op fraudebestrijding en veiligheid. Inmiddels is het heersende beeld veranderd en wordt erkend dat het negatieve mensbeeld geen recht doet aan de omstandigheden waarin sommige inwoners verkeren. Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (hierna: SCP) blijkt dat mensen in de bijstand vaak problemen hebben op meerdere leefgebieden en dat dit nog meer geldt voor mensen die langdurig in de bijstand zitten. Het overgrote deel van de Roermondse inwoners met een bijstandsuitkering zit al meerdere jaren in deze situatie. Oog hebben voor iemands totale situatie en iemand als gelijkwaardig zien ondanks de ongelijkwaardige positie vraagt om een shift in hoe we naar onze inwoners kijken.

In het MOB gaan we uit van een positief mensbeeld. Uitgangspunt is dat iedere inwoner talenten en competenties heeft die waardevol zijn voor de Roermondse maatschappij. Het ontdekken en verbinden van dit talent aan de arbeidsmarkt óf aan iemands buurt is het hoogst haalbare doel. Onze werkwijzen en processen reflecteren deze visie.

Dat dit op een rechtmatige manier gebeurt spreekt voor zich. De eisen van rechtmatigheid moeten echter worden toegepast volgens de bedoeling van onze regelgeving en het toepassen ervan moet geen doel op zich worden. Daardoor kan het in sommige gevallen nodig zijn om even uit te zoomen en het grotere plaatje te zien alvorens over te gaan tot het opleggen van een maatregel of het stopzetten van de uitkering. In elk geval is het nodig om elkaar te kennen om iemand verder te helpen. Quote uit intern gesprek:

“Mensen eerst in beeld hebben, vanuit daar groeien en bloeien”. 10

2.3.3 Cultuur Voor inwoners moet het MOB een prettige en toegankelijke plek zijn, waar ze gastvrij ontvangen worden en een kop koffie krijgen tijdens het gesprek. Bij professionals onderling is een gevoel van gedeelde verantwoordelijkheid vereist om samen “de klus te klaren”. Gelijkwaardigheid tussen inwoner en professional én tussen verschillende professionals onderling dragen bij aan een cultuur van dienstverlening waarbij iedere inwoner een stap verder komt. Verder streven we naar een cultuur binnen het MOB waarin we erkennen dat de praktijk dynamisch en afwegingen complex kunnen zijn. Perfect bestaat niet en “klooien en prutsen” met respect voor de inwoner dragen bij aan een cultuur waarin fouten mogen worden gemaakt en waarin professionals én inwoners de ruimte voelen om te experimenteren. Een stevige transitie is nodig om de gewenste cultuur te vertalen naar houding, gedrag en mensbeeld.

2.3.4 Vakmanschap Uit de gesprekken die zijn gevoerd om te komen tot de contouren van een MOB, komt naar voren dat vakmanschap misschien wel één van de meest bepalende elementen is voor een succesvol MOB. De klantmanager of andere professional speelt een sleutelrol. De insteek is dat zij in hun werk optimaal gefaciliteerd worden binnen het MOB om hun klant verder te helpen. De term vakmanschap is veelomvattend en gaat over de manier waarop de professional zijn of haar vak verstaat en werk doet. In onderstaande opsomming splitsen we de term op in de meest genoemde onderdelen van vakmanschap. De onderdelen worden kort geduid, het concretiseren en vervolgens implementeren gebeurt in een volgende fase. Houding en gedrag Echte verandering ontstaat wanneer houding en gedrag veranderen. Hiermee geven we uiting aan ons mensbeeld en onze cultuur. De houding en het gedrag van alle medewerkers betrokken bij het MOB moet daarom een weerspiegeling zijn van de visie van het MOB. Klant in beeld Om inwoners een stap verder te helpen, ook als werk niet haalbaar is, is het noodzakelijk om deze inwoners te kennen.

Met sommige klanten zal een hernieuwde kennismaking nodig zijn, niet (alleen) gericht op het rechtmatig blijven verstrekken van de uitkering maar juist ook om te kijken wat een inwoner nodig heeft om een stap verder te komen Rollen, taken en definities De invoering van de Participatiewet ging gepaard met een fikse korting voor gemeenten. Sindsdien zijn er tal van tijdelijke projectmiddelen, subsidies en steunfondsen ingesteld, landelijk en regionaal. Soms rechtstreeks bestemd voor extra formatie in de vorm van tijdelijke, nieuwe functies. Dit pleister op pleister plakken, bedoeld om de uitvoering van de Participatiewet te stutten leidt ertoe dat er een veelheid aan rollen en functies ontstaan is waardoor overlap ontstaat, maar ook witte vlekken in de uitvoering. De aanname dat iets tot iemand anders zijn takenpakket hoort kan er makkelijk toe leiden dat een inwoner tussen wal en schip valt en niet of onvoldoende verder geholpen wordt. Bij het uitwerken van dit onderdeel van het MOB wordt kritisch gekeken naar de inrichting van rollen, taken en de gehanteerde definities waarbij het streven is om te komen tot een vereenvoudiging die ook recht doet aan de kracht van de uitvoering. Methodiek/instrumenten In de huidige situatie gebruiken we geen methodieken of diagnosetools in onze (eerste) inschatting van klanten. Het gesprek met de professional is leidend.

Dit legt een zware verantwoordelijkheid bij de professional. In het MOB willen we de professional optimaal faciliteren om een gedegen inschatting te maken. In de verdere uitwerking wordt bekeken op welke manier de gespreksvoering en oordeelsvorming/diagnosevorming meer geobjectiveerd kan worden zonder dat dit tot een doel op zich verwordt. Gedacht kan worden aan structurele intervisie, diagnosetools, coaching on the job.

11

Integraal werken binnen SoZa 65% van de Roermondse inwoners met een uitkering ontvangt deze al meer dan twee jaar, 50% van het totale uitkeringsbestand ontvangt al meer dan vijf jaar een uitkering. Door het SCP is geconcludeerd dat het merendeel van deze groep obstakels ervaart op meerdere leefgebieden (zoals gezondheid, armoede/schulden, opvoedproblematiek) waardoor werk nog niet aan de orde is. Deze constatering vraagt om een integraal blik op de inwoner en diens uitkerings- of participatievraag. Een integrale blik waarbij niet alleen naar het arbeids- of economische aspect wordt gekeken maar iemand juist ook (eerst) wordt ondersteund op de andere leefgebieden. In het MOB passen we deze brede blik toe.

2.3.5 Aanbod In het MOB bedienen we de brede doelgroep van de Participatiewet. Wat het MOB biedt moet dit reflecteren en moet recht doen aan de diversiteit van de doelgroep. Creativiteit bij het zoeken naar een passend aanbod is vereist (“Een schaap met de vijf poten kan ook één schaap met drie en één schaap met twee poten zijn”). Onderstaande opsomming is wat inwoners minimaal moeten vinden in het MOB.

Intern Integrale intake (Toeleiding naar) inkomensondersteuning Ondersteuning richting werk of participatie Sociale activering/Arbeidsontwikkeltrajecten/Werkfit-trajecten Duale trajecten inburgering Beschut werk Ontwikkelingsgerichte/arbeidsmatige dagbesteding Training/opleiding/coaching/onderzoek

Extern Loonwaardebepalingen Praktijkleerlijnen Proefplaatsingen LKS-dienstverbanden (bepaalde en onbepaalde tijd, bij reguliere werkgevers of binnen het MOB) Duale trajecten inburgering Nazorg

2.3.6 Partners Vraagstukken en ondersteuningsbehoeften van inwoners gaan meestal breder dan enkel onze dienstverlening. Dit maakt een goede samenwerking met partners onontbeerlijk, hierin schuilt de kracht van het MOB. Om goed én snel te kunnen schakelen met elkaar is het belangrijk dat onze partners op vaste momenten aanwezig zijn in het MOB. Tot onze belangrijkste partners rekenen wij: Vijf WSP Regionaal werkcentrum UWV Gilde (Educatie) Roermond Actief (Digi-)Taalhuis Daarnaast zijn er interne collega’s zoals diegenen betrokken bij de uitvoering van schuldhulpverlening die ook zeer korte lijnen met het MOB moeten hebben. Ook voor hen is fysieke aanwezigheid op vaste momenten zinvol.

12

2.3.7 Inrichting – “Alles bij elkaar, binnen handbereik” In nagenoeg alle gesprekken werd fysieke nabijheid genoemd als randvoorwaarde om écht samen te werken. Het MOB moet daarom centraal georganiseerd worden, op één locatie. Het MOB is dan als het ware een one stop shop voor inwoners. Op vaste momenten zijn partners aanwezig en hiermee kan rekening worden gehouden bij het inplannen van een afspraak met de inwoner. Elkaar zien en kunnen aanspreken nodigt uit tot een integrale afweging en een gezamenlijke verantwoordelijkheid voelen voor onze inwoners.

2.4 Taakverdeling ondersteuningsinfrastructuur In paragraaf 1.2.4 wordt geschetst welke functionaliteiten we moeten bieden om onze inwoners goed te kunnen ondersteunen richting werk of participatie. Onderstaande tabel schetst welke functionaliteiten naar verwachting in het mensontwikkelbedrijf landen.

Functionaliteit

Primaire Partij

1.Bieden van een voorziening voor beschut werk

MOB

2. Bieden van goede matching en begeleiding: het in kaart

2.4 Maatschappelijke meerwaarde brengen van vraag en aanbod met de daarbij behorende MOB/WSP MOB competenties, alsmede inzet jobcoaches en banenmakelaars

3. Ontwikkelen van werknemersvaardigheden: startklaar maken van mensen

MOB

4. Inspelen op en samenwerken met lokale en regionale werkgeversnetwerken

WSP

5. Bieden van detacheringsfaciliteiten naar reguliere werkgevers

MOB

6. Werkgevers adviseren en helpen bij aanpassing van werkprocessen op maat

WSP

7. Het vinden, herkennen en diagnosticeren van kandidaten

MOB

8. Dienstverlening aan mensen zonder indicatie beschut, die (nog) niet bij reguliere werkgevers aan de slag kunnen

MOB

13

Bijlage 1 Lijst van geraadpleegde documenten 1. Rapport “Onderzoek infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven” – juni 2023 – Berenschot 2. “Eindevaluatie van de Participatiewet” – november 2019 – Sociaal en Cultureel Planbureau 3. “Een brede blik op de bijstand” – juni 2023 – Sociaal en Cultureel Planbureau 4. “Sociale infrastructuur kwetsbare groepen binnen de Participatiewet” – juni 2016 – Sociaal Economische Raad 5. “De brede baten van werk” – 20 maart 2020 – Centraal Planbureau en Sociaal en Cultureel Planbureau 6. “MKBA Loonkostensubsidie” – 15 februari 2024 – Martin Hekelaar, Bart Vertegaal – Berenschot 7. Rekentool MKBA loonkostensubsidie Berenschot https://www.berenschot.nl/media/nerjx3rl/rekentool-mkba-loonkostensubsidie-op-gemeentelijkniveau-2024.xlsx

14

Bijlage 2 Doelgroep Maximale potentiële doelgroep na doorontwikkeling MOB De landelijke prognose die Berenschot voor het ministerie van SZW maakte (figuur 1) is vertaald naar de Roermondse situatie (figuur 2). Dit figuur laat de omvang van de potentiële, nieuwe doelgroep zien. De groene groep uit figuur 1 is hierin niet meegenomen; de groep reguliere bijstandsgerechtigden (circa 1.800 inwoners). De nieuwe doelgroep komt volgens de prognose van het Rijk vanaf 2015 dus boven op de huidige groep bijstandsgerechtigden.

Figuur 2 Geraamde ontwikkeling doelgroep Roermond

De geraamde groei van de doelgroep zien we nog niet. Landelijk is het uitkeringsbestand stabiel en zelfs licht gedaald sinds 2015. Ook in Roermond is dit het beeld. Het Rijk ging er in haar prognose van uit (figuur 1) dat de groep Wwb-gerechtigden (de groene groep) stabiel zou blijven. Als we ervan uitgaan dat deze verwachting juist is, dan zouden we in 2025 ten opzichte van 2015 een stijging van circa 10% moeten zien in de doelgroep MOB omdat de doelgroep voormalig Wajong vanaf 2015 instroomt. Deze potentiële stijging wordt echter afgezwakt omdat de groep Wwb-gerechtigden (de groene groep) niet stabiel is maar ook schommelt, zeker in economisch goede tijden. Hierdoor is het zo dat er vanaf 2015 nieuwe doelgroepen instromen vanwege de invoering van de Participatiewet terwijl de uitstroom verhoogd is door de economische conjunctuur. Het is zowel landelijk als in Roermond niet te duiden met welke aantallen de nieuwe doelgroepen zijn ingestroomd. De aanname is echter dat de economisch goede tijden niet de volledige verklaring zijn voor het dempen van de verwachte stijging van het bestand. Hierdoor rijst de vraag of we een groep inwoners missen die wél (inkomens-)ondersteuning nodig heeft. Met het afschaffen van wetgeving verdwijnt een doelgroep namelijk niet.

Door het ontbreken van data over het effect van de gunstige arbeidsmark op de verwachte, maar niet gerealiseerde stijging van het uitkeringsbestand volgen we de prognose van het Rijk: we gaan er in onderstaande tabel van uit dat de groep Wwb-gerechtigden (de groene groep) stabiel blijft en de huidige omvang dus blijft behouden.

15

Verder wordt voor de doelgroepen voormalig Wsw, nieuw regulier en nieuw beschut gekeken naar de aantallen dienstverbanden bij Westrom (Wsw, Participatiewet en Beschut Werk) en bij reguliere werkgevers met LKS. Figuur 3 laat namelijk zien dat Roermond de uitstroom uit de Wsw redelijk eenop-een invult door nieuwe dienstverbanden met LKS voor inwoners te realiseren. Belangrijke conclusie hieruit is dat de doelgroep niet krimpt, maar dat we nog steeds een doelgroep van gelijke grootte ondersteunen als gemeente (dit gebeurt vanaf 2015 ook buiten de infrastructuur van Westrom om). De verwachte groei van de doelgroep Participatiewet komt daarmee voornamelijk door de groep voormalig Wajong. Dit is de groep inwoners waarvan zowel landelijk als in Roermond nog onvoldoende van duidelijk is waar zij zich bevinden en of zij ondersteuning nodig hebben.

Figuur 3

In onderstaande tabel wordt, wederom grofmazig, een beeld geschetst van de maximale potentiële doelgroep van het MOB ná de in deel 2 omschreven doorontwikkeling. Hierbij plaatsen we alvast de kanttekening dat het niet de bedoeling is dat al deze inwoners binnen de muren van het MOB blijven, wel dat zij vanuit het MOB een stap verder worden geholpen.

Maximale potentiele doelgroep na doorontwikkeling MOB in 2023 (raming) Groep voormalig Wwb (groen)

1.800

Dienstverbanden Westrom (oranje, geel, blauw)

750

Dienstverbanden LKS reguliere werkgevers (geel)

180

Groep voormalig Wajong (rood)

242

Totaal

2.972

16

Huidige versus maximaal potentiele doelgroep Raming huidige doelgroep die op enige manier werkt of participeert

1.830

Raming maximale doelgroep die op enige manier werkt of participeert

2.972

Mogelijk onbenut participatiepotentieel

1.142

% mogelijk onbenut participatiepotentieel

38%

Deze groep inwoners waarvan nu nog niet hun volle potentieel benut wordt vormt de aanleiding, ambitie en het bestaansrecht voor een MOB Roermond. In het volgende deel wordt toegelicht op welke manier we hen én de huidige doelgroep een stap verder willen helpen.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=78922ad0-78ae-4c0c-9bd1-4e6f17d03d57