Bijlage 13 - Onderzoek heffingen grondslagen en financiële consequenties Roermond - mei 2023
Tekst van het document
Onderzoek heffingen, grondslagen en financiële consequenties Gemeente Roermond
ANG, Montfoort, mei 2023 Auteurs: Abel Provily en Michel ten Brummelhuis
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
INHOUD 1 Inleiding ................................................................................................................. 3 2 Onroerende zaakbelasting (OZB) ......................................................................... 4 Inleiding .................................................................................................................. 4 Toekomstige mogelijkheden Roermond................................................................... 6 3 Afvalstoffenheffing ............................................................................................... 9 Inleiding ..................................................................................................................
9 Toekomstige mogelijkheden Roermond..................................................................11 4 Rioolheffing ..........................................................................................................12 Inleiding .................................................................................................................12 Toekomstige mogelijkheden Roermond..................................................................15 5 Integrale lastendruk .............................................................................................18 Inleiding .................................................................................................................18 Uitleg doorrekentabellen ........................................................................................20 Doorrekeningen woningen .....................................................................................21 Doorrekeningen niet-woningen ...............................................................................25 6 Slot .......................................................................................................................30
2
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
1
INLEIDING
In het coalitieakkoord heeft Roermond de ambities voor de periode 2022-2026 opgeschreven. Daarbij hoort ook een gezond financieel beleid om deze ambities waar te maken. Om die reden wil de gemeente graag de financiële consequenties in beeld hebben van een aantal varianten in de systematiek van het heffen en het gebruik van de grondslag. Dit voor wat betreft de onroerendezaakbelasting (OZB), de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Het gaat bij dit overzicht dus specifiek om deze belastingsoorten. Deze heffingen dragen immers voor het grootste deel bij aan de inkomsten van de gemeente. Om het genoemde inzicht te krijgen in varianten, grondslagen en financiële consequenties van deze belastingsoorten, gesplitst naar woningen en niet-woningen (bedrijven), heeft de gemeente Roermond ANG de opdracht gegeven hiervoor een analyse uit te voeren. Opzet document Voor de uitvoering van het onderzoek was het van belang dat de politiek van de gemeente Roermond eerst een helder beeld kreeg van de mogelijkheden tot heffen bij de drie genoemde belastingsoorten. ANG heeft de begeleidingsgroep Kadernota 2024 daarom van een document voorzien waarin per belastingsoort is aangegeven welke heffingsmethodieken en grondslagen gehanteerd kunnen worden en wat daarbij de voor- en nadelen zijn in met name de uitvoering.
Daarbij is ook weergeven welke keuzes een aantal vergelijkbare gemeenten, voor wat betreft ligging en het aantal inwoners, hebben gemaakt. In de volgende hoofstukken staan de methodieken opnieuw kort samengevat, maar voor gedetailleerde uitleg over specifieke heffingswijzen verwijzen wij naar het bovengenoemde document. Een belangrijke toevoeging, die niet in dit overzicht stond, is dat ondertussen bekend is hoe de BsGW de systematieken heeft ingedeeld in voorkeurs- en maatwerkvarianten. Het uitgangspunt voor de uitwerking van de scenario’s in dit onderzoek is namelijk dat deze aansluiten op de standaard (voorkeurs) dienstverlening van de BsGW. Op basis van deze kennis is vanuit de gemeente aangegeven welke varianten nader uitgewerkt moesten worden. Of een variant als voorkeur of maatwerk is bestempeld, staat in de volgende hoofstukken vermeld bij de heffingsmethodieken. De varianten die de begeleidingsgroep op basis van dat overzicht graag uitgewerkt zag worden, zijn in dit document nader beschreven. Voor alle duidelijkheid; het betreft mogelijkheden van te hanteren heffingsmethodieken en te hanteren tarieven. Dit als input en inspiratie voor de kadernota 2024. In dit document wordt eerst ingegaan op de onroerendezaakbelasting en vervolgens de afvalstoffenheffing. Met de uitwerking van de gekozen scenario’s in het kader van de rioolheffing wordt dit document afgesloten.
3
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
2
ONROERENDEZAAKBELASTING (OZB) INLEIDING
De inkomsten uit de ozb vallen in de algemene middelen van de gemeente. Dat betekent dat de inkomsten geen vooraf bepaald doel hebben maar dat de gemeenteraad bepaalt waarvoor de opbrengsten uit de ozb worden gebruikt. De opbrengst van de ozb draagt bij aan het voorzieningenniveau van de gemeente en aan het onderhoud van een prettige leefomgeving. Belastingplichtigen De onroerendezaakbelasting bestaat uit een belasting voor de eigenaar en gebruiker van een opstal, waarbij verschil gemaakt wordt tussen woningen en niet-woningen. Sinds 2006 is de gebruikersbelasting voor woningen komen te vervallen. Hierdoor kan aan huurders van woningen momenteel geen aanslag voor de OZB-belasting worden opgelegd. Voor niet-woningen, bedrijfspanden, geldt de gebruikersbelasting nog wel als mogelijkheid. Belastingplichtig voor de eigenarenbelasting is de genot hebbende, krachtens eigendom, bezit of beperkt recht. Dat is degene die bij het Kadaster staat ingeschreven met het meest verstrekkende genotsrecht. Voor de gebruikersbelasting is belastingplichtig degene die de onroerende zaak gebruikt (bijvoorbeeld een huurder), al dan niet krachtens persoonlijk recht. Heffingsmethodieken en grondslagen De ozb is voor gemeenten de voornaamste inkomstenbron binnen de eigen heffingen.
De hoogte van deze belasting verschilt aanzienlijk per gemeente, maar de manieren waarop het heffen mogelijk is, zijn vrij beperkt. De grondslag is namelijk in alle gevallen een – door iedere gemeente zelf vastgesteld – percentage van de WOZ-waarde van de te belasten onroerende zaak. Dit percentage mag verschillen tussen de 3 OZB-heffingen die er bestaan; eigenaren van woningen, eigenaren nietwoningen en gebruikers niet-woningen. Dit is de enige manier om de OZB te heffen en is daardoor dus uiteraard een voorkeursvariant van de BsGW. Het is gebruikelijk dat de belasting van niet-woningen hoger is dan die van woningen. De mate waarin verschilt door het land en per gemeente, maar betreft voor eigenaren niet-woningen vaak een verhouding van 2,5 tot 3,5 maal het percentage voor eigenaren woningen. Daarnaast worden dus ook de gebruikers van niet-woningen bijna altijd belast. Het is gebruikelijk dat dit percentage lager ligt dan voor de eigenaren, maar ook dit verschilt weer aanzienlijk per gemeente. In de gemeente Roermond worden op dit moment de woningen relatief zwaar belast ten opzichte van de niet-woningen, vergeleken met de landelijke cijfers en de vergelijkbare gemeenten, voor wat betreft ligging en het aantal inwoners, Doetinchem, Maashorst en Weert.
In de tabel op de volgende pagina staan de huidige percentages van de gemeente Roermond en die van deze vergelijkbare gemeenten.
4
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Gemeente OZB 2023
Percentage Eigenaar Woning
Percentage Eigenaar Niet-Woning
Percentage Gebruiker Niet-Woning
Roermond
0,1121%
0,2237% (199,6%)
0,1901% (85,0%)
Doetinchem
0,0955%
0,2814% (294,7%)
0,2523% (89,7%)
Weert
0,0917%
0,2597% (283,2%)
0,1447% (55,7%)
Maashorst
0,07260%
0,2520% (347,1%)
0,2001% (79,4%)
Tabel 1. OZB-tarieven 2023 van gemeenten Roermond, Doetinchem, Weert en Maashorst. Tussen de haakjes staat bij de eigenaren niet-woningen de verhouding ten opzichte van de woningen. Vervolgens staat bij de gebruikers niet-woningen de verhouding ten opzichte van de eigenaren niet-woningen.
Het tarief van de onroerendezaakbelasting wordt dus berekend naar een percentage van de WOZwaarde. Dit percentage wordt door de raad vastgesteld. Rekenvoorbeeld voor de OZB-heffing van 2023 m.b.t. een woning in Roermond: • Een woning heeft een WOZ-waarde van € 280.000,• Het OZB-tarief eigenaren woningen in 2023 is vastgesteld op 0,1121 % • Hieruit volgt een OZB van € 280.000,- × 0,1121% = € 323,88 OZB in de praktijk Veruit de meeste gemeenten belasten momenteel de eigenaren van niet-woningen en de gebruikers van deze bedrijfspanden. Zo wordt een hogere inkomstenstroom gerealiseerd ten behoeve van de bekostiging van de lokale voorzieningen en het onderhouden van een goede leefomgeving. Deze systematiek is ook logisch. Bedrijven gevestigd in de gemeente en die een pand huren, van bijvoorbeeld een investeringsmaatschappij, maken immers ook gebruik van tal van voorzieningen binnen de gemeente. Het heffen van de OZB voor gebruikers van niet-woningen, neemt wel meer tijd in beslag. Als organisatie moet dan namelijk meer capaciteit worden ingezet om goed zicht te houden op de verhuur van bedrijfsobjecten. De mutaties hierin moeten worden bijgehouden en gecontroleerd, hetgeen een tijdrovende exercitie is. Omdat de BsGW dit voor meerdere gemeenten doet en deze heffing valt onder de standaard dienstverlening, is het hier ongetwijfeld goed op ingericht.
Bij het heffen van gebruikers van bedrijfsobjecten is het vooraf niet altijd duidelijk of de verwachte inkomsten ook gehaald worden. Wanneer alleen de eigenaren worden belast is dit wel het geval. Voor de gemeente Nijmegen waren dit redenen om over te gaan naar alleen het belasten van de eigenaren van niet woningen. Deze eigenaren krijgen dan in Nijmegen wel te maken met een veel hoger percentage als grondslag voor de OZB-aanslag, namelijk 0,9646%. De gedachte hierbij is dat de eigenaren van bedrijfspanden deze rekening vervolgens toch wel gaan verdelen over de huurders, wanneer hier sprake van is. In 2022 was het gemiddelde landelijk OZB-percentage voor woningen 0,0978%, wat in 2023 is gedaald naar 0,0890%1. De hoogte van dit OZB-percentage gerelateerd is aan de grootte van een gemeente en de waarde van de objecten. De grote steden met veel objecten, die vaak een hoge waarde hebben, hoeven logischerwijs een minder hoog tarief te betalen om genoeg geld op te halen. Wat meer landelijke gemeenten met relatief weinig objecten moeten wat hogere percentages hanteren om alle kosten van de gemeente te kunnen dekken. 0,1121 0,1081
1
Te vinden op https://www.coelo.nl/index.php/atlas-lokale-lasten/interactieve-kaarten/atlas-gemeenten > Onroerendezaakbelasting > 5 OZB-tarief woningen
5
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
TOEKOMSTIGE MOGELIJKHEDEN ROERMOND De OZB-tarieven in Roermond zijn relatief gezien, zoals hiervoor uitgelegd, hoog voor de woningen en laag voor de niet-woningen. Voor dit onderzoek is de wens uitgesproken om te kijken naar mogelijkheden waarbij deze situatie wat meer gelijkgetrokken kan worden met die van vergelijkbare gemeenten en het landelijk gemiddelde voor woningen. Zoals is uitgelegd in de inleiding van dit hoofdstuk, is het gemiddelde OZB-percentage niet zo veelzeggend als los getal. De hoogte is gebonden aan andere eigenschappen van de gemeente, waardoor meer precieze gegevens nodig zijn om voor Roermond tot een realistisch scenario te komen. Hiervoor is een gestandaardiseerd OZBtarief ontwikkeld2, dat onder andere corrigeert voor de WOZ-waardes in gemeenten. Als de objecten weinig waard zijn, zal het tarief natuurlijk hoger moeten liggen om daarvoor te compenseren. Dit gecorrigeerde tarief geeft hierdoor dus een betere vergelijking voor de verschillende hoogtes van het OZB-tarief per gemeente. Het tarief voor woningen is in Roermond 0,1121%, wat na correctie een hoogte heeft van 0,1081%. Deze correctie laat zien dat, gezien de waarde van de woningen in Roermond, een iets hoger percentage dan landelijk gemiddeld logisch verklaarbaar is. Toch zit het gecorrigeerde tarief nog steeds ver boven het huidige gemiddelde van 0,0890%.
Dit verschil kan dan weer verklaard worden doordat in de gemeente Roermond de niet-woningen dus relatief weinig meer betalen dan de woningen, vergeleken met de landelijke trend. De wens vanuit de begeleidingsgroep en het college om de tarieven richting een meer gemiddeld tarief te laten bewegen, kan op basis van bovenstaande gegevens dus wat beter vormgegeven worden. Roermond heeft op basis van de woningwaardes een wat hoger dan gemiddeld tarief nodig. Daarnaast is het landelijk gemiddelde tarief dit jaar waarschijnlijk op zijn laagste punt gekomen, aangezien dit jaar de woningprijzen waarschijnlijk ook hebben gepiekt. Als de prijzen weer wat gaan zakken, wat toch de verwachting is, zal het gemiddelde tarief ook weer wat stijgen. Het is dus niet realistisch om toe te groeien naar het lage gemiddelde tarief van 0,0890% dat nu geldt. Uiteindelijk heeft dit geleid tot de keuze om in de analyse in dit document toe te werken naar het landelijk gemiddelde OZB-percentage voor woningen van 2022 (0,978%). Bron voor deze gemiddelden zijn de cijfers van de Waarderingskamer. Hiermee wordt rekening gehouden met de verwachtte stijging van de OZB-tarieven en de lager dan gemiddelde huizenwaarden in Roermond. Nu de richting bepaald is voor de mogelijke tarieven voor woningen, kan vanuit die percentages worden gedacht aan de tarieven voor de niet-woningen.
Als het tarief voor woning namelijk daalt, zullen de niet-woningen deze vermindering in opbrengsten moeten compenseren. In de onderstaande tabellen 2 en 4 zijn steeds de tarieven voor de niet-woningen aangepast tot het percentage waarmee alsnog wordt voldaan aan de begrootte opbrengst van de gemeente Roermond. De huidige verhouding van 85% van het tarief van de eigenaren niet-woningen voor de gebruikers niet-woningen, is niet aangepast. In eerste instantie zijn enkele varianten gepresenteerd, variërend van een kleine daling voor de woningen tot een grote daling, tot lager dan het landelijk gemiddelde. Hieronder staan de percentages: Variant
Woningen
Niet woningen
Eigenaren
Eigenaren
Gebruikers
Huidig 2023
0,1121%
0,2237%
0,1901%
1
0,1069%
0,2603%
0,2213%
2
0,1020%
0,2734%
0,2324%
3
0,0976%
0,2852%
0,2424%
4
0,0935%
0,2962%
0,2518%
Tabel 2. Huidige en voorgestelde tarieven OZB in Roermond, afnemend in percentage voor de woningen.
2
Te vinden op https://www.coelo.nl/index.php/atlas-lokale-lasten/interactieve-kaarten/atlas-gemeenten > onroerendezaakbelasting > 8 gestandaardiseerd OZB-tarief woningen
6
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Deze percentages zorgen, als gerekend wordt met de laatste aantallen en bedragen die geleverd zijn vanuit de gemeente Roermond, voor de onderstaande opbrengsten. Het gaat om 29.697 woningen met een gemiddelde WOZ-waarde van €289.878,00, 3.116 niet-woningen met een gemiddelde WOZwaarde van €601.324,00, waarvan 2.469 niet-woningen met gebruiker met een gemiddelde WOZwaarde van €638.710,00. Variant
Woningen
Niet-woningen
Totaal
Subtotaal
Eigenaren
Gebruikers
Subtotaal
€ 9.844.000,00
€ 4.449.000,00
€ 3.276.000,00
€ 7.725.000,00
€ 17.569.000,00
€ 9.650.136,31
€ 4.191.440,75
€ 2.998.126,68
€ 7.189.567,43
€ 16.839.703,74
1
€ 9.202.493,95
€ 4.877.736,40
€ 3.489.442,70
€ 8.367.179,11
€ 17.569.673,05
2
€ 8.780.677,11
€ 5.123.354,10
€ 3.665.153,07
€ 8.788.507,17
€ 17.569.184,28
3
€ 8.401.902,80
€ 5.344.174,16
€ 3.823.123,67
€ 9.167.297,83
€ 17.569.200,63
4
€ 8.048.954,01
€ 5.550.125,08
€ 3.970.457,17
€ 9.520.582,24
€ 17.569.536,26
Begroot 2024 Huidig 2023
Tabel 3. Opbrengsten per OZB-heffing volgens de huidige tarieven en de voorgestelde varianten.
Zoals goed te zien is, zijn de verschillen in opbrengst per heffing vrij significant in de varianten met de grotere verschillen ten opzichte van het huidige systeem. Zeker als men kijkt naar tarieven die bewegen richting het gemiddelde tarief van 2023, worden de bedragen voor de niet-woningen erg hoog. De wens om te bewegen naar meer landelijk gemiddelde tarieven voor woningen komt hierbij in conflict met de wens om niet in één keer de belasting voor de ondernemers in de gemeente enorm te verhogen. Om deze reden is, nadat deze percentages en doorrekeningen gepresenteerd waren aan het college, het verzoek gekomen om naast bovenstaande varianten ook een ingroei-scenario op te stellen. In dit scenario worden de OZB-tarieven voor woningen in 4 jaar tijd geleidelijk aangepast richting het eerder berekende doeltarief van 0,978%. Het lastige aan een ingroeimodel is dat de gegevens steeds minder zeker zijn naarmate het model vordert met de jaren. Cijfers over de WOZ-waarden en de aantallen objecten over enkele jaren zijn moeilijk te voorspellen, waardoor het de analyse slechts vertroebelt als hiertoe een poging wordt gedaan. Hoewel er voor het ingroeimodel rekening is gehouden met de jaarlijks groeiende begroting, blijft de rest van de cijfers waarmee gewerkt wordt dus hetzelfde.
Dit heeft één duidelijk effect: de tarieven voor de niet-woningen stijgen waarschijnlijk harder in dit model dan dat ze in werkelijkheid zullen doen. Deze bekende imperfectie is echter te verkiezen boven de onbekende effecten die in het model komen als er een poging wordt gedaan om zonder goede onderbouwing de waarden en aantallen te voorspellen. Variant
Woningen
Niet woningen
Eigenaren
Eigenaren
Gebruikers
Huidig 2023
0,1121%
0,2237%
0,1901%
Jaar 1
0,108525%
0,2560%
0,2176%
Jaar 2
0,104950%
0,2918%
0,2480%
Jaar 3
0,101375%
0,3289%
0,2795%
Jaar 4
0,097800%
0,3534%
0,3004%
Tabel 4. Huidige en voorgestelde tarieven OZB in Roermond per jaar volgens het ingroeimodel.
Bovenstaande tarieven zijn vervolgens doorgerekend naar de opbrengsten per heffing per jaar. De totale opbrengsten van de jaren 1, 2 en 3 zijn een vrij precieze benadering van de begrootte OZBopbrengsten voor de jaren 2024, 2025, 2026. Bij gebrek aan een begroting voor 2027 is hier een bedrag gekozen dat berekend is door de opbrengst van 2026 te verhogen met een verwacht inflatiepercentage van 2,5%.
7
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Variant
Woningen
Niet-woningen
Totaal
Subtotaal
Eigenaren
Gebruikers
Subtotaal
Huidig 2023
€ 9.650.136,31
€ 4.191.440,75
€ 2.822.635,51
€ 7.014.076,27
€ 16.664.212,57
Jaar 1
€ 9.342.382,18
€ 4.796.933,77
€ 3.431.637,99
€ 8.228.571,76
€ 17.570.953,94
Jaar 2
€ 9.034.628,06
€ 5.466.800,50
€ 3.910.848,30
€ 9.377.648,80
€ 18.412.276,86
Jaar 3
€ 8.726.873,94
€ 6.161.943,32
€ 4.408.140,66
€ 10.570.083,99
€ 19.296.957,92
Jaar 4
€ 8.419.119,81
€ 6.622.668,09
€ 4.737.734,66
€ 11.360.402,75
€ 19.779.522,56
Tabel 5. Opbrengsten per OZB-heffing volgens de huidige tarieven en per jaar volgens het ingroeimodel.
Bovenstaande opbrengsten geven de opbrengsten weer per heffing zoals opgesteld in het ingroeimodel. Direct zichtbaar is de flinke toename in de opbrengsten vanuit de niet-woningen. Dit is deels een gevolg van de keuze om in het laatste jaar toe te werken naar het tarief voor woningen dat op dit moment is gekozen. Zoals eerder uitgelegd leidt deze manier van rekenen tot een ongebruikelijk hoge stijging van de lasten voor niet-woningen. Uiteindelijk zal ieder jaar, indien voor een soortgelijk systeem gekozen wordt, ook het tarief voor de woningen aangepast dienen te worden aan de hand van de ontwikkelende aantallen en waardes. De nu berekende opbrengsten zijn, zeker voor de latere jaren, eerder een ruwe benadering dan een precieze uitwerking. Belangrijk te melden is dat bovenstaande tabel mogelijke scenario’s weergeeft. De gemeente kan met het wijzigen van percentages immers zelf bijstellen naar de gewenste scenario’s voor woningen en niet woningen.
8
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
3
AFVALSTOFFENHEFFING INLEIDING
De afvalstoffenheffing is bedoeld als compensatie van de kosten die de gemeente heeft voor het ophalen en verwerken van het huishoudelijke afval. Dit geldt voor het in rekening brengen van het afval dat wordt opgehaald als ook voor de wijze waarop afval, dat wordt aangeboden in de zogenaamde Milieustraat of Afvaldepot van de gemeente, in rekening wordt gebracht. De manieren waarop deze heffing wordt ingericht, staat gemeenten redelijk vrij. Wel geldt te allen tijde dat de opbrengsten uit de heffing maximaal kostendekkend mogen zijn, hoewel gekozen mag worden om lagere tarieven te kiezen. Belangrijk om op te merken hier is dat deze heffing alleen het huishoudelijk afval behandelt. Bedrijfsafval valt bij gemeenten onder het reinigingsrecht, waar weer aparte tarieven voor kunnen worden gehanteerd. Dit valt niet onder het huidige onderzoek. Belastingplichtigen De afvalstoffenheffing is een echte gebruikersheffing. Niet de eigenaar, maar de gebruiker van het object krijgt de aanslag. Deze produceert immers het afval. Heffingsmethodieken en grondslagen Hieronder is kort samengevat welke mogelijkheden er zijn voor het heffen van de afvalstoffenheffing. Het is niet noodzakelijk één van de methodieken te kiezen. Ook combinaties van methodieken behoren tot de mogelijkheden.
De BsGW heeft aangegeven dat het combineren van twee of meer methodieken wel altijd tot gevolg zal hebben dat het een maatwerkvariant zal zijn, ongeacht of de individuele methodieken voorkeursvariant zijn of niet. Hier komen dus extra kosten bij kijken. Gelijk tarief (Voorkeursvariant) Er is geen verschil in tarieven voor de verschillende belastingplichtigen. Iedereen betaalt hetzelfde tarief per jaar. Dit is ook het systeem dat de gemeente Roermond nu hanteert. Huishoudgrootte (Voorkeursvariant) De grootte van het huishouden bepaalt het tarief. Mogelijk op basis van aantal personen of op basis van staffels. Staffels is gebruikelijker, zodat er geen extreem hoge bedragen zijn voor zeer grote huishoudens. Diftar (verschilt per type) Breed scala aan methodieken gericht op het (bij benadering) meten van de geproduceerde hoeveelheid afval. Heeft, naast het laten betalen van de vervuiler, ook als doel om een prikkel te zijn mensen minder afval te laten produceren. De ervaring leert echter dat dit effect zeer beperkt is. Daarnaast is de uitvoering relatief complex en foutgevoelig. Ook speelt het privacyvraagstuk mee, aangezien er meer gegevens van de inwoners van gemeenten gemeten en opgeslagen moeten worden dan bij andere methodieken.
Milieustraat (Niet van toepassing) Voor een Milieustraat of Afvaldepot waar burgers afval kunnen aanbieden bestaan ook verschillende mogelijkheden of toepassingen. Deze zijn eigenlijk in lijn met de mogelijkheden zoals hierboven weergegeven. Voor de afweging is het belangrijk of men wil gaan voor een makkelijk te hanteren
9
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
systeem of voor het principe ‘de vervuiler betaalt’. Ook hier zijn wederom combinaties mogelijk en vormt met name de inzameling per gewicht vaak een extra uitdaging. De uitvoering van de milieustraat gaat buiten de werkzaamheden van de BsGW om. Bij bezoek van de milieustraat kan, indien betaald moet worden voor dat bezoek, de bezoeker simpelweg contant of met pin betalen. Hierdoor is de indeling in voorkeurs- en maatwerkvarianten niet van toepassing. De huidige situatie in Roermond en de vergelijkbare gemeentes is opgenomen in onderstaande tabel: Gemeente Afvalstoffenheffing 2023 Roermond
Optie 1
Optie 2
Vast tarief €295,97
Bruikleen 2de duobak Bruikleen elke extra €280,92 gft-emmer 25L (vanaf 3de emmer) €42,14
Doetinchem
Huishouden 1 persoon €244,80
Huishouden 2 of meer personen €278,40
Weert
Huishouden 1 persoon €266,04 Huishouden 1 persoon €192,36
Huishouden 2 personen €290,76 Huishouden 2 of meer personen €256,80
Maashorst
Optie 3
Diftar Restafval Rolcontainer per lediging 140L €5 240L €10 Ondergrondse container per aanbieding 30L €1 60L €2 Huishouden 3 of meer personen €318,12
Optie 4
Bruikleen elke extra restafval emmer 40L (vanaf 3de emmer) €74,65 Overige kosten Brede variatie aan kosten voor o.a. extra containers, grofvuil etc.
Extra duobak €124,24
Tabel 6. Afvalstoffenheffing, tarief per gemeente en categorie.
10
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
TOEKOMSTIGE MOGELIJKHEDEN ROERMOND Op dit moment is er in Roermond eigenlijk geen differentiatie in tarieven tussen huishoudens die veel afval produceren en huishoudens die minder afval produceren. De wens vanuit de begeleidingsgroep is om juist te kijken of dit toch in meer of mindere mate in te voeren is. Zoals eerder is aangegeven, zijn de ervaringen met een volledig diftarsysteem zeker niet alleen maar positief. De uitvoering brengt veel uitdagingen en foutgevoeligheden met zich mee, terwijl de uiteindelijke hoeveelheid afval niet significant afneemt. Om deze redenen is het verzoek geweest om varianten uit te werken die het tarief bepalen aan de hand van de huishoudgrootte. Dit systeem stimuleert de burger in principe niet om minder afval te produceren, maar verdeelt de kosten wel eerlijker over de belastingbetalers. Dit heeft geleid tot twee varianten voor de afvalstoffenheffing, waar beide varianten verder uitgesplitst zijn in de mate waarin de tarieven per huishoudgrootte van elkaar verschillen.
Huishouden 1 Huishouden 2+
Variant 2+ (klein verschil)
Variant 2+ (groot verschil)
Aantal Roermond
Maatstaf
Opbrengst
Maatstaf
Opbrengst
11012
€ 283,50
€ 3.121.902,00
€ 270,00
€ 2.973.240,00
17197
€ 303,50
€ 5.219.289,50
€ 312,00
€ 5.365.464,00
€ 8.341.191,50
Totaal
€ 8.338.704,00
Begrootte opbrengst
€ 8.337.556,00
Tabel 7. Afvalstoffenheffing voor de variant met tarieven voor eenpersoonshuishouden en meerpersoonshuishouden.
In de variant met een tarief voor een éénpersoonshuishouden en voor een meerpersoonshuishouden zijn bovenstaande tarieven mogelijke voorbeelden die voldoen aan het halen van de begroting. In deze variant moeten de bedragen van beide staffels niet al te ver uit elkaar liggen. Het zwaarder belasten van echt grote huishoudens belast de tweepersoonshuishoudens namelijk net zo erg, wat dan een groot verschil zou geven met de éénpersoonshuishoudens.
Huishouden 1 Huishouden 2 Huishouden 3 Huishouden 4+ Totaal
Variant 4+ (klein verschil)
Variant 4+ (groot verschil)
Aantal Roermond
Maatstaf
Opbrengst
Maatstaf
Opbrengst
11012
€ 268,17
€ 2.953.069,54
€ 215,00
€ 2.367.580,00
9471
€ 293,09
€ 2.775.818,26
€ 295,00
€ 2.793.945,00
3369
€ 320,66
€ 1.080.320,25
€ 365,00
€ 1.229.685,00
4357
€ 350,78
€ 1.528.365,89 € 8.337.573,94
€ 450,00
€ 1.960.650,00 € 8.351.860,00
Begrootte opbrengst
€ 8.337.556,00
Tabel 8. Afvalstoffenheffing voor de variant met tarieven voor eenpersoonshuishouden, tweepersoonshuishouden, driepersoonshuishouden en vierpluspersoonshuishouden.
In de variant met 4 verschillende categorieën is meer mogelijk als het aankomt op het verschillend belasten van de diverse huishoudens. Hier kan het tarief voor de kleinere huishoudens lager gesteld worden, omdat de echt grotere huishoudens ook apart hoger belast kunnen worden. In bovenstaande tabel staan twee voorbeelden voor hoe deze tarieven verdeeld kunnen worden. De milieustraat valt ook onder de afvalstoffenheffing. Het huidige kassasysteem ter plaatse is alleen niet ingericht om gedetailleerde gegevens te verzamelen waar vervolgens nieuwe betaalvarianten mee kunnen worden berekend. Het contract van de huidige milieustraat loopt nog twee jaar door. Voor de periode daarna zijn er voorzichtige plannen om een zogenaamde milieustraat 2.0 in te richten die op technisch vlak tot meer in staat zal zijn. Overleg met de begeleidingsgroep en het college heeft geleid tot de afspraak om de (financiële) inrichting van de milieustraat te herzien zodra de techniek zich daar ook beter voor leent. Voor dit onderzoek is zijn de aspecten van de milieustraat dus niet meegenomen in de berekeningen.
11
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
4
RIOOLHEFFING INLEIDING
De aanleg en het beheer van de riolering is een gemeentelijke taak. Op een enkele uitzondering na wordt deze taak bekostigd via de rioolheffing, alhoewel een gemeente ervoor kan kiezen om (deels) geld vanuit de algemene middelen hiervoor te gebruiken. De wet geeft aan dat de begrote baten van de rioolheffing niet hoger mogen zijn dan de begrote lasten (Gemeentewet artikel 229b) die nodig zijn voor de uitvoering van de gemeentelijke watertaken. Er zijn verschillende mogelijkheden voor de aanslagoplegging van de rioolheffing. De hoogte van de rioolheffing verschilt per gemeente. De oorzaak hiervan ligt deels in de geografie en bijvoorbeeld in de hoogte van de investeringen die nog moeten worden gedaan ten behoeve van het onderhoud van de riolering. Een klein deel van de gemeenten heeft geen kostendekkende rioolheffing. Zij betalen dan bij uit de algemene middelen. Een aanzienlijk deel van het water dat door de riolering stroomt is niet afkomstig van waterverbruik vanuit de waterleiding, maar van hemelwater dat op het perceel valt en afgevoerd moet worden. Ook al verbruikt iemand helemaal geen water, dan is diegene om deze reden toch gebaat bij een functionerend rioleringsstelsel. Om deze reden is het niet gebruikelijk dat het tarief slechts wordt bepaald op basis van waterverbruik.
Dat wil zeggen: indien waterverbruik de grondslag is voor de rioolheffing, zal een afwezig waterverbruik niet moeten resulteren in een afwezige heffing. Een minimumbedrag in de laagste staffel kan hiermee de algemene kosten voor afvoer van hemelwater dekken. Belastingplichtigen De rioolheffing kan zowel op gebruikers als op eigenaren gericht zijn. Heffingsmethodieken en grondslagen Hieronder is kort samengevat welke mogelijkheden er zijn voor het heffen van de rioolheffing. Het is niet noodzakelijk één van de methodieken te kiezen. Ook combinaties van methodieken behoren tot de mogelijkheden. De BsGW heeft aangegeven dat het combineren van twee of meer methodieken wel altijd tot gevolg zal hebben dat het een maatwerkvariant zal zijn, ongeacht of de individuele methodieken voorkeursvariant zijn of niet. Hier komen dus extra kosten bij kijken. Eerst is opgesomd van wie de kosten voor de riolering geheven kunnen worden. Heffen van de eigenaar Alle kosten van de riolering worden doorbelast aan de eigenaar van een perceel. De gebruikelijke grondslag is een vast bedrag per perceel, dan wel een gedifferentieerd tarief naar het soort object (woning versus niet-woning). Deze methodiek doet weinig tot geen recht aan het principe van de gebruiker betaalt, of de vervuiler betaalt. Heffen van de gebruiker Alle kosten van de riolering komen ten laste van de gebruiker van een perceel.
De gebruikelijke grondslag is een gestaffelde grondslag op basis van waterverbruik, al dan niet met een vast recht voor de kleinverbruikers tot 200-250 m3 water. Een vast recht wordt maar weinig gehanteerd indien de kosten van de riolering alleen op de gebruiker worden verhaald. Deze methodiek, gecombineerd met een gestaffelde grondslag op waterverbruik doet meer recht aan het principe de gebruiker c.q. vervuiler betaalt. Overigens dient bij de bepaling van de opbrengst wel rekening gehouden te worden met leegstand.
12
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Heffen van de eigenaar en de gebruiker De kosten van de riolering worden verdeeld over de eigenaar en de gebruiker. Hierbij is het gebruikelijk de vaste kosten van de riolering te verhalen op de eigenaar, terwijl de variabele kosten op de gebruiker worden verhaald. Veelal is de grondslag voor het eigenarendeel een vast bedrag per perceel en wordt voor het gebruikersdeel het waterverbruik als grondslag gehanteerd. Onderstaande opsomming geeft weer welke methodieken er mogelijk zijn in de uitvoering. Het combineren van twee of meer methodieken in één heffing (bijv. gebruikersheffing woningen) is voor de BsGW een maatwerkvariant, ook al zijn de individuele methodieken voorkeursvarianten. Wél mogelijk is het kiezen voor bijvoorbeeld een vast recht voor de eigenarenheffing en een tarief per waterverbruik voor de gebruikersheffing. Dit systeem valt onder de voorkeursvarianten. Daartegenover staat dat de gemeente Roermond op dit moment niet gebruik maakt van zowel eigenaren- als gebruikersheffingen voor de woningen en niet-woningen in de gemeente. Indien de verschillende methodieken dus gecombineerd moeten worden d.m.v. het in gebruik nemen van extra heffingen, dient aan de BsGW wel weer extra betaald te moeten worden voor het uitvoeren van deze nieuwe heffingen.
Heffen op basis van een vast recht per perceel (Voorkeursvariant) Er is geen verschil in tarieven voor de verschillende belastingplichtigen. Iedereen betaalt hetzelfde tarief per jaar. Dit is ook het systeem dat de gemeente Roermond nu hanteert (m.u.v. het verlaagde tarief voor objecten met een waarde tot 40 duizend euro). Heffen op basis van de omvang van een huishouden (Voorkeursvariant) De grootte van het huishouden bepaalt het tarief. Hierbij hanteert men staffels, bijv. 1-persoons, 2persoons en 3 of meer persoons. Een huishouden van 6 personen betaalt dus hetzelfde als een huishouden van 3 personen. Heffen op basis van het aantal bewoners (Voorkeursvariant) De grootte van het huishouden bepaalt het tarief. Er worden geen staffels gehanteerd. 6 personen betalen meer dan 3 personen, kijkend naar bovenstaand voorbeeld. Heffen op basis van de WOZ-waarde (Voorkeursvariant) De WOZ-waarde bepaalt de hoogte van het tarief. Heffen op basis van de kaveloppervlakte (Maatwerkvariant) De kaveloppervlakte bepaalt de hoogte van het tarief. Dit heeft een direct verband met de hoeveelheid hemelwater die vanaf de kavel in het rioleringsstelsel terecht komt. Heffen op basis van een vast tarief per aansluiting (Voorkeursvariant) Het aantal aansluitingen dat een perceel heeft op de riolering bepaalt het tarief.
Percelen zonder directe aansluiting betalen vaak een verlaagd tarief om te compenseren voor het hemelwater dat wel op het perceel terecht komt en via een indirecte route alsnog in het riool komt. Heffen op basis van waterverbruik (Wisselend) Het gemeten waterverbruik vanuit de waterleiding bepaalt het tarief. Vaak vormgegeven met staffels, maar varianten waar per kubieke meter wordt afgerekend bestaan ook. Heffen op basis van de gebruiksoppervlakte (Maatwerkvariant) De gebruiksoppervlakte bepaalt het tarief.
13
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
In de vergelijkbare gemeenten is de rioolheffing als volgt vormgegeven: Gemeente Rioolrecht 2023 Roermond
Optie 1
Optie 2
Per perceel €183,55
Per perceel met WOZ-waarde < €40000 €91,79
Doetinchem
Per perceel €230,16 Verbruik <500 m3 €215,04
Weert
Maashorst
Optie 3
Verbruik 500 – 5000 Verbruik 5000 m3 – m3 10000 m3 €265,92 + €47,40 €2399,76 + €30,48 per volle eenheid van per volle eenheid van 100 m3 boven de 100 m3 boven de 500 m3 5000 m3 Deel 1 van gemeente Deel 1 van gemeente Deel 2 van gemeente 0 – 1000 m3 > 1000 m3 19 staffels van 0 – €206,64 €0,57 extra per m3 100 m3 voor €137,40 tot 20000 – 25000 m3 voor €4599
Optie 4
Verbruik > 10000 m3 €3926,64 + €15 per volle eenheid van 100 m3 boven de 10000 m3
Tabel 9. Rioolheffing, tarief per gemeente en categorie.
Op dit moment betaalt ieder perceel in Roermond hetzelfde bedrag voor de rioolheffing. De enige uitzondering hierop zijn de percelen met een waarde van minder dan €40.000,-, die het gehalveerde tarief betalen. Dit tarief is in het leven geroepen om rekening te houden met percelen zonder directe aansluiting op het riool en andere laagwaardige percelen die maar een kleine belasting voor het rioleringsstelsel betekenen, bijvoorbeeld garageboxen. De andere gemeenten gebruiken een soortgelijk systeem of baseren de heffingshoogte op basis van het waterverbruik. Binnen deze methode zitten veel verschillen in de staffels en bijbehorende tarieven.
14
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
TOEKOMSTIGE MOGELIJKHEDEN ROERMOND Na het bestuderen van de mogelijkheden en de voorkeursvarianten vanuit de BsGW, werd door de begeleidingsgroep aangegeven dat gekeken moest worden naar scenario’s op basis van watergebruik. Er waren echter meerdere beperkingen waardoor waterverbruik uiteindelijk niet tot de uitgewerkte varianten in dit document behoort. Dit kwam door: • De mogelijkheden vanuit de BsGW kwamen neer op 2 varianten, verschillend in staffelgrootte. Bij nader onderzoek kwam naar voren dat de wens om de verbruiker te laten betalen voor de woningen niet haalbaar was binnen deze methodieken. De staffels waren (door de BsGW bewust) van een grootte gemaakt waardoor de woningen in de praktijk eigenlijk allemaal binnen de eerste staffel vallen. • Voor de niet-woningen waren de staffels vanuit de BsGW wel bruikbaar om enige differentiatie te implementeren in de rioolheffing. Helaas zijn gedurende het onderzoek de gegevens m.b.t. het waterverbruik van de niet-woningen in Roermond niet beschikbaar gekomen vanuit de BsGW. Aangezien deze cijfers cruciaal zijn om enige vorm van doorrekeningen te kunnen geven, is gekozen ook voor de niet-woningen een andere methodiek dan waterverbruik te selecteren. De wens om in de toekomst de rioolheffing te baseren op waterverbruik is ondanks deze obstakels nog wel aanwezig.
Het ontbreken van scenario’s gebaseerd op waterverbruik in dit onderzoek heeft geen andere reden dan dat de gegevens ontbraken om er een berekening voor te maken. Mochten deze gegevens alsnog tijdig beschikbaar komen en mocht er een goede verordening mee op te stellen zijn, dan kan waterverbruik natuurlijk alsnog gekozen worden als basis voor de rioolheffing. Voor het geval dat deze gegevens niet op tijd beschikbaar komen of als deze heffingsmethodiek toch niet als gewenst wordt gezien, zijn er in dit onderzoek andere methodieken uitgewerkt die ook aansluiten bij de wensen van de begeleidingsgroep en het college. Voor de woningen is, net als bij de afvalstoffenheffing, ook gekozen om varianten uit te werken die differentiëren op huishoudgrootte. Het is ook hier geen perfecte meter voor het gebruik van het riool door een woning, maar gemiddeld gezien is er wel een verband te leggen. Hierbij is wederom de keuze tussen een variant met één- en meerpersoonshuishoudens en een variant met één-, twee-, drie- en vierpluspersoonshuishoudens. Voor de niet-woningen is de keuze gemaakt de rioolheffing te baseren op een percentage van de WOZ-waarde. Dit is na waterverbruik de enige manier om de niet-woningen enigszins te kunnen differentiëren binnen de mogelijkheden die de BsGW aangeeft als voorkeursvariant.
De WOZ-waarde zegt iets over de grootte van het object en daarmee mogelijk iets over het aantal aansluitingen op het riool. Als laatste is voor met name garageboxen opnieuw een verlaagd tarief opgenomen dat via de “overige” rioolheffing geheven kan worden.
15
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Het heeft uiteindelijk geleidt tot onderstaande varianten. Variant 1
Totaal
Woningen Gebruikersheffing Huishoudgrootte
1
2+
Aantallen
11012
17197
€ 159,45
183,45
Maatstaf Opbrengst
€ 1.755.863,40 € 3.154.789,65
€ 4.910.653,05
Niet-woningen Eigenarenheffing Gemiddelde waarde
€ 601.324,00
Aantallen
3.116
Maatstaf
0,03762%
Opbrengst
€ 704.895,56
€ 704.895,56
Garageboxen Eigenarenheffing Aantallen
800
Maatstaf
€ 91,79
Opbrengst
€ 73.432,00
€ 73.432,00
Totale opbrengst
€ 5.688.980,61
Totaal begroot
€ 5.683.191,00
Tabel 10. Variant 1 rioolheffing. Woningen op basis van één- of meerpersoonshuishoudens, niet-woningen op basis van WOZwaarde.
In deze eerste variant worden woningen onderverdeeld in huishoudgroottes van één en meer dan één. Hiermee kan de gemeente in essentie, vergeleken met de huidige methodiek, een korting geven voor éénpersoonshuishoudens. Grotere huishoudens betalen ongeveer hetzelfde tarief als nu. Bedrijven stijgen in hun totale bijdrage, welke wordt berekend volgens een percentage van de WOZwaarde. Deze stijging compenseert de korting voor de éénpersoonshuishoudens. De percelen met een waarde tot €40.000,- zoals garageboxen blijven hetzelfde verlaagde tarief betalen.
16
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Variant 2
Totaal
Woningen Gebruikersheffing Huishoudgrootte
1
2
3
4+
Aantallen
11012
9471
3369
4357
Maatstaf
€ 153,31
€ 173,31
€ 193,31
€ 213,31
Opbrengst
€ 1.688.249,72 € 1.641.419,01 € 651.261,39
€ 929.391,67
€ 4.910.321,79
Niet-woningen Eigenarenheffing Gemiddelde waarde
€ 601.324,00
Aantallen
3.116
Maatstaf
0,03762%
Opbrengst
€ 704.895,56
€ 704.895,56
Garageboxen Eigenarenheffing Aantallen
800
Maatstaf
€ 91,79
Opbrengst
€ 73.432,00
€ 73.432,00
Totale opbrengst
€ 5.688.649,35
Totaal begroot
€ 5.683.191,00
Tabel 11. Variant 2 rioolheffing. Woningen op basis van één-, twee-, drie- of vierpluspersoonshuishoudens, niet-woningen op basis van WOZ-waarde.
Deze tweede variant, weergegeven in bovenstaande tabel, verschilt van de eerste in het aantal staffels in de huishoudgrootte. Dat zijn hier de één, twee, drie en vierpluspersoonshuishoudens. Deze variant biedt een bredere mogelijkheid tot differentiatie tussen de huishoudens, waardoor bijvoorbeeld een tweepersoonshuishouden niet hetzelfde hoeft te betalen als een groot gezin. Gemiddeld genomen zal dit de hoeveelheid geproduceerd afval beter weerspiegelen. Verder worden de niet-woningen en garageboxen hetzelfde belast als in de eerste variant.
17
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
5
INTEGRALE LASTENDRUK INLEIDING
De verschillende uitgewerkte varianten bij de bovenstaande drie heffingen kunnen op vele manieren gecombineerd worden. Daarnaast zal iedere combinatie voor de verschillende inwoners en bedrijven andere financiële consequenties hebben. Om inzicht te krijgen in wat de varianten als gevolg zullen hebben, is in dit hoofdstuk een aantal combinaties van varianten uitgewerkt voor verschillende voorbeeldinwoners of -bedrijven. De lastendruk is uitgewerkt voor de volgende varianten: • OZB o Het ingroeimodel • Afvalstoffenheffing o Eénpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishouden (klein verschil in tarieven) o Eénpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishouden (groot verschil in tarieven) • Rioolheffing woningen o Huidige systeem o Eénpersoonshuishoudens en meerpersoonshuishouden o Eén-, twee-, drie- en vierpluspersoonshuishouden • Rioolheffing niet-woningen o Huidige systeem o Percentage WOZ-waarde Vervolgens zijn deze varianten samengevoegd tot de combinaties in onderstaande tabel. Deze tabel zal later in dit hoofdstuk ook de basis zijn om de hoogte van de heffingen te duiden voor verschillende voorbeelden van woningen en niet-woningen. Combinatie 1 is de huidige combinatie van de drie heffingen uit dit onderzoek. Daaronder volgen combinaties 2 tot en met 5.
Deze zijn allemaal onderverdeeld in de vier jaren van het OZBingroeimodel (a t/m d), zodat per jaar de veranderende lastendruk zichtbaar is. Combinaties Combinatienummer
OZB
Afval woningen
Riool woningen
Riool niet-woningen
1
Huidig
Huidig
Huidig
Huidig
2a
Jaar 1
1 of 2+ (klein verschil)
Huidig
Huidig
2b
Jaar 2
1 of 2+ (klein verschil)
Huidig
Huidig
2c
Jaar 3
1 of 2+ (klein verschil)
Huidig
Huidig
2d
Jaar 4
1 of 2+ (klein verschil)
Huidig
Huidig
3a
Jaar 1
1 of 2+ (groot verschil)
Huidig
Huidig
3b
Jaar 2
1 of 2+ (groot verschil)
Huidig
Huidig
3c
Jaar 3
1 of 2+ (groot verschil)
Huidig
Huidig
3d
Jaar 4
1 of 2+ (groot verschil)
Huidig
Huidig
4a
Jaar 1
1 of 2+ (klein verschil)
1 of 2+
Percentage WOZ
4b
Jaar 2
1 of 2+ (klein verschil)
1 of 2+
Percentage WOZ
4c
Jaar 3
1 of 2+ (klein verschil)
1 of 2+
Percentage WOZ
4d
Jaar 4
1 of 2+ (klein verschil)
1 of 2+
Percentage WOZ
5a
Jaar 1
1 of 2+ (groot verschil)
1, 2, 3 of 4+
Percentage WOZ
5b
Jaar 2
1 of 2+ (groot verschil)
1, 2, 3 of 4+
Percentage WOZ
5c
Jaar 3
1 of 2+ (groot verschil)
1, 2, 3 of 4+
Percentage WOZ
5d
Jaar 4
1 of 2+ (groot verschil)
1, 2, 3 of 4+
Percentage WOZ
Tabel 12. Voor totale lastendruk uitgewerkte combinaties van varianten.
18
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Verder zijn de volgende voorbeeldwoningen en niet-woningen uitgekozen waarvoor de totale lastendruk bij de combinaties aan heffingen zijn doorgerekend. Woningen Huishoudgrootte
WOZ-waarde
1
€ 175.000
1
€ 300.000
1
€475.000
3
€ 175.000
3
€ 300.000
3
€ 475.000
3
€ 825.000
Tabel 13. Woningvoorbeelden gebruikt in berekeningen lastendruk
Niet-woningen eigenaren
Niet-woningen gebruikers WOZ-waarde
€ 300.000
€ 300.000
€ 600.000
€ 600.000
€ 1.250.000
€ 1.250.000
€ 4.500.000
€ 4.500.000
Tabel 14. Niet-woningvoorbeelden gebruikt in berekeningen lastendruk
19
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
UITLEG DOORREKENTABELLEN In dit onderdeel volgt een uitleg over hoe de tabellen in de volgende alinea’s dienen te worden gelezen. Ter illustratie wordt gewerkt met het eerste voorbeeld voor de woningen. Dit betreft een éénpersoonshuishouden in de gemeente Roermond met een huidige WOZ-waarde van €175.000,-. In de meest linker kolom (lichtblauw) staan de combinaties van de heffingsvarianten zoals uitgelegd in hoofdstuk 5.1. Vervolgens staan in de kolommen rechts daarvan, opeenvolgend, de tarieven voor de OZB (geel), afvalstoffenheffing (rood), rioolheffing (groen) en de totale lasten (grijs). Als men bijvoorbeeld zou willen weten wat de lasten zijn in het geval van een combinatie van de variant van de afvalstoffenheffing met een één- of meerpersoonshuishouden (klein verschil) en de huidige variant van de rioolheffing (combinatie 2) in het derde jaar van het OZB-ingroeimodel, dan kan men kijken naar combinatie 2c (rood omlijnd). Dit huishouden betaalt in dit scenario dat jaar €177,41 OZB, €283,50 afvalstoffenheffing en €183,55 rioolheffing om in totaal een lastendruk van €644,46 te hebben. WOZ-waarde €175.000
Eénpersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 196,18
€ 295,97
€ 183,55
€ 675,70
2a
€ 189,92
€ 283,50
€ 183,55
€ 656,97
2b
€ 183,66
€ 283,50
€ 183,55
€ 650,71
2c
€ 177,41
€ 283,50
€ 183,55
€ 644,46
2d
€ 171,15
€ 283,50
€ 183,55
€ 638,20
3a
€ 189,92
€ 270,00
€ 183,55
€ 643,47
3b
€ 183,66
€ 270,00
€ 183,55
€ 637,21
3c
€ 177,41
€ 270,00
€ 183,55
€ 630,96
3d
€ 171,15
€ 270,00
€ 183,55
€ 624,70
4a
€ 189,92
€ 283,50
€ 159,45
€ 632,87
4b
€ 183,66
€ 283,50
€ 159,45
€ 626,61
4c
€ 177,41
€ 283,50
€ 159,45
€ 620,36
4d
€ 171,15
€ 283,50
€ 159,45
€ 614,10
5a
€ 189,92
€ 270,00
€ 153,31
€ 613,23
5b
€ 183,66
€ 270,00
€ 153,31
€ 606,97
5c
€ 177,41
€ 270,00
€ 153,31
€ 600,72
5d
€ 171,15
€ 270,00
€ 153,31
€ 594,46
Tabel 15. Voorbeeldtabel ter illustratie van de uitleg in 5.2.
20
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
DOORREKENINGEN WONINGEN In dit laatste onderdeel staan vijf voorbeelden van woningen in de gemeente Roermond. Per scenario staat, zoals eerder in dit hoofdstuk uitgelegd, weergegeven wat de kosten zouden zijn per heffing en in totaal. WOZ-waarde €175.000
Eénpersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 196,18
€ 295,97
€ 183,55
€ 675,70
2a
€ 189,92
€ 283,50
€ 183,55
€ 656,97
2b
€ 183,66
€ 283,50
€ 183,55
€ 650,71
2c
€ 177,41
€ 283,50
€ 183,55
€ 644,46
2d
€ 171,15
€ 283,50
€ 183,55
€ 638,20
3a
€ 189,92
€ 270,00
€ 183,55
€ 643,47
3b
€ 183,66
€ 270,00
€ 183,55
€ 637,21
3c
€ 177,41
€ 270,00
€ 183,55
€ 630,96
3d
€ 171,15
€ 270,00
€ 183,55
€ 624,70
4a
€ 189,92
€ 283,50
€ 159,45
€ 632,87
4b
€ 183,66
€ 283,50
€ 159,45
€ 626,61
4c
€ 177,41
€ 283,50
€ 159,45
€ 620,36
4d
€ 171,15
€ 283,50
€ 159,45
€ 614,10
5a
€ 189,92
€ 270,00
€ 153,31
€ 613,23
5b
€ 183,66
€ 270,00
€ 153,31
€ 606,97
5c
€ 177,41
€ 270,00
€ 153,31
€ 600,72
5d
€ 171,15
€ 270,00
€ 153,31
€ 594,46
Tabel 16. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eénpersoonshuishouden met woning ter waarde van €175.000.
WOZ-waarde €300.000
Eénpersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 336,30
€ 295,97
€ 183,55
€ 815,82
2a
€ 325,58
€ 283,50
€ 183,55
€ 792,63
2b
€ 314,85
€ 283,50
€ 183,55
€ 781,90
2c
€ 304,13
€ 283,50
€ 183,55
€ 771,18
2d
€ 293,40
€ 283,50
€ 183,55
€ 760,45
3a
€ 325,58
€ 270,00
€ 183,55
€ 779,13
3b
€ 314,85
€ 270,00
€ 183,55
€ 768,40
3c
€ 304,13
€ 270,00
€ 183,55
€ 757,68
3d
€ 293,40
€ 270,00
€ 183,55
€ 746,95
4a
€ 325,58
€ 283,50
€ 159,45
€ 768,53
4b
€ 314,85
€ 283,50
€ 159,45
€ 757,80
4c
€ 304,13
€ 283,50
€ 159,45
€ 747,08
4d
€ 293,40
€ 283,50
€ 159,45
€ 736,35
5a
€ 325,58
€ 270,00
€ 153,31
€ 748,89
5b
€ 314,85
€ 270,00
€ 153,31
€ 738,16
5c
€ 304,13
€ 270,00
€ 153,31
€ 727,44
5d
€ 293,40
€ 270,00
€ 153,31
€ 716,71
Tabel 17. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eénpersoonshuishouden met woning ter waarde van €300.000.
21
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
WOZ-waarde €475.000
Eénpersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 532,48
€ 295,97
€ 183,55
€ 1.012,00
2a
€ 515,49
€ 283,50
€ 183,55
€ 982,54
2b
€ 498,51
€ 283,50
€ 183,55
€ 965,56
2c
€ 481,53
€ 283,50
€ 183,55
€ 948,58
2d
€ 464,55
€ 283,50
€ 183,55
€ 931,60
3a
€ 515,49
€ 270,00
€ 183,55
€ 969,04
3b
€ 498,51
€ 270,00
€ 183,55
€ 952,06
3c
€ 481,53
€ 270,00
€ 183,55
€ 935,08
3d
€ 464,55
€ 270,00
€ 183,55
€ 918,10
4a
€ 515,49
€ 283,50
€ 159,45
€ 958,44
4b
€ 498,51
€ 283,50
€ 159,45
€ 941,46
4c
€ 481,53
€ 283,50
€ 159,45
€ 924,48
4d
€ 464,55
€ 283,50
€ 159,45
€ 907,50
5a
€ 515,49
€ 270,00
€ 153,31
€ 938,80
5b
€ 498,51
€ 270,00
€ 153,31
€ 921,82
5c
€ 481,53
€ 270,00
€ 153,31
€ 904,84
5d
€ 464,55
€ 270,00
€ 153,31
€ 887,86
Tabel 18. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eénpersoonshuishouden met woning ter waarde van €475.000.
WOZ-waarde €175.000
Driepersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 196,18
€ 295,97
€ 183,55
€ 675,70
2a
€ 189,92
€ 303,50
€ 183,55
€ 676,97
2b
€ 183,66
€ 303,50
€ 183,55
€ 670,71
2c
€ 177,41
€ 303,50
€ 183,55
€ 664,46
2d
€ 171,15
€ 303,50
€ 183,55
€ 658,20
3a
€ 189,92
€ 312,00
€ 183,55
€ 685,47
3b
€ 183,66
€ 312,00
€ 183,55
€ 679,21
3c
€ 177,41
€ 312,00
€ 183,55
€ 672,96
3d
€ 171,15
€ 312,00
€ 183,55
€ 666,70
4a
€ 189,92
€ 303,50
€ 183,45
€ 676,87
4b
€ 183,66
€ 303,50
€ 183,45
€ 670,61
4c
€ 177,41
€ 303,50
€ 183,45
€ 664,36
4d
€ 171,15
€ 303,50
€ 183,45
€ 658,10
5a
€ 189,92
€ 312,00
€ 193,31
€ 695,23
5b
€ 183,66
€ 312,00
€ 193,31
€ 688,97
5c
€ 177,41
€ 312,00
€ 193,31
€ 682,72
5d
€ 171,15
€ 312,00
€ 193,31
€ 676,46
Tabel 19. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Driepersoonshuishouden met woning ter waarde van €475.000.
22
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
WOZ-waarde €300.000
Driepersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 336,30
€ 295,97
€ 183,55
€ 815,82
2a
€ 325,58
€ 303,50
€ 183,55
€ 812,63
2b
€ 314,85
€ 303,50
€ 183,55
€ 801,90
2c
€ 304,13
€ 303,50
€ 183,55
€ 791,18
2d
€ 293,40
€ 303,50
€ 183,55
€ 780,45
3a
€ 325,58
€ 312,00
€ 183,55
€ 821,13
3b
€ 314,85
€ 312,00
€ 183,55
€ 810,40
3c
€ 304,13
€ 312,00
€ 183,55
€ 799,68
3d
€ 293,40
€ 312,00
€ 183,55
€ 788,95
4a
€ 325,58
€ 303,50
€ 183,45
€ 812,53
4b
€ 314,85
€ 303,50
€ 183,45
€ 801,80
4c
€ 304,13
€ 303,50
€ 183,45
€ 791,08
4d
€ 293,40
€ 303,50
€ 183,45
€ 780,35
5a
€ 325,58
€ 312,00
€ 193,31
€ 830,89
5b
€ 314,85
€ 312,00
€ 193,31
€ 820,16
5c
€ 304,13
€ 312,00
€ 193,31
€ 809,44
5d
€ 293,40
€ 312,00
€ 193,31
€ 798,71
Tabel 20. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eénpersoonshuishouden met woning ter waarde van €300.000.
WOZ-waarde €475.000
Driepersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 532,48
€ 295,97
€ 183,55
€ 1.012,00
2a
€ 515,49
€ 303,50
€ 183,55
€ 1.002,54
2b
€ 498,51
€ 303,50
€ 183,55
€ 985,56
2c
€ 481,53
€ 303,50
€ 183,55
€ 968,58
2d
€ 464,55
€ 303,50
€ 183,55
€ 951,60
3a
€ 515,49
€ 312,00
€ 183,55
€ 1.011,04
3b
€ 498,51
€ 312,00
€ 183,55
€ 994,06
3c
€ 481,53
€ 312,00
€ 183,55
€ 977,08
3d
€ 464,55
€ 312,00
€ 183,55
€ 960,10
4a
€ 515,49
€ 303,50
€ 183,45
€ 1.002,44
4b
€ 498,51
€ 303,50
€ 183,45
€ 985,46
4c
€ 481,53
€ 303,50
€ 183,45
€ 968,48
4d
€ 464,55
€ 303,50
€ 183,45
€ 951,50
5a
€ 515,49
€ 312,00
€ 193,31
€ 1.020,80
5b
€ 498,51
€ 312,00
€ 193,31
€ 1.003,82
5c
€ 481,53
€ 312,00
€ 193,31
€ 986,84
5d
€ 464,55
€ 312,00
€ 193,31
€ 969,86
Tabel 21. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eénpersoonshuishouden met woning ter waarde van €475.000.
23
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
WOZ-waarde €825.000
Driepersoonshuishouden Combinatie- OZB nummer
Afval
Riool
Totaal
1
€ 924,83
€ 295,97
€ 183,55
€ 1.404,35
2a
€ 895,33
€ 303,50
€ 183,55
€ 1.382,38
2b
€ 865,84
€ 303,50
€ 183,55
€ 1.352,89
2c
€ 836,34
€ 303,50
€ 183,55
€ 1.323,39
2d
€ 806,85
€ 303,50
€ 183,55
€ 1.293,90
3a
€ 895,33
€ 312,00
€ 183,55
€ 1.390,88
3b
€ 865,84
€ 312,00
€ 183,55
€ 1.361,39
3c
€ 836,34
€ 312,00
€ 183,55
€ 1.331,89
3d
€ 806,85
€ 312,00
€ 183,55
€ 1.302,40
4a
€ 895,33
€ 303,50
€ 183,45
€ 1.382,28
4b
€ 865,84
€ 303,50
€ 183,45
€ 1.352,79
4c
€ 836,34
€ 303,50
€ 183,45
€ 1.323,29
4d
€ 806,85
€ 303,50
€ 183,45
€ 1.293,80
5a
€ 895,33
€ 312,00
€ 193,31
€ 1.400,64
5b
€ 865,84
€ 312,00
€ 193,31
€ 1.371,15
5c
€ 836,34
€ 312,00
€ 193,31
€ 1.341,65
5d
€ 806,85
€ 312,00
€ 193,31
€ 1.312,16
Tabel 22. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eénpersoonshuishouden met woning ter waarde van €825.000.
24
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
DOORREKENINGEN NIET-WONINGEN In dit laatste onderdeel staan vier voorbeelden van niet-woningen in de gemeente Roermond. Per scenario staat, zoals eerder in dit hoofdstuk uitgelegd, weergegeven wat de kosten zouden zijn per heffing en in totaal. Voor de niet-woningen is er geen sprake van een afvalstoffenheffing. Deze is dus ook niet opgenomen in de tabellen. Verder is in de scenario’s bij de rioolheffing gekozen voor een eigenarenheffing. Hierdoor staat deze niet ingevuld in de tabellen voor de gebruikers van de niet-woningen. Eerst volgen de vier voorbeelden vanuit het perspectief van de eigenaar, vervolgens komen de vier voorbeelden vanuit het perspectief van de gebruiker. Niet-woning eigenaar
WOZ-waarde €300.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 671,09
€ 183,55
€ 854,64
2a
€ 768,03
€ 183,55
€ 951,58
2b
€ 875,28
€ 183,55
€ 1.058,83
2c
€ 986,58
€ 183,55
€ 1.170,13
2d
€ 1.060,35
€ 183,55
€ 1.243,90
3a
€ 768,03
€ 183,55
€ 951,58
3b
€ 875,28
€ 183,55
€ 1.058,83
3c
€ 986,58
€ 183,55
€ 1.170,13
3d
€ 1.060,35
€ 183,55
€ 1.243,90
4a
€ 768,03
€ 112,86
€ 880,89
4b
€ 875,28
€ 112,86
€ 988,14
4c
€ 986,58
€ 112,86
€ 1.099,44
4d
€ 1.060,35
€ 112,86
€ 1.173,21
5a
€ 768,03
€ 112,86
€ 880,89
5b
€ 875,28
€ 112,86
€ 988,14
5c
€ 986,58
€ 112,86
€ 1.099,44
5d
€ 1.060,35
€ 112,86
€ 1.173,21
Tabel 23. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eigenaar niet-woning met pand ter waarde van €275.000.
25
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Niet-woning eigenaar
WOZ-waarde €600.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 1.342,17
€ 183,55
€ 1.525,72
2a
€ 1.536,06
€ 183,55
€ 1.719,61
2b
€ 1.750,57
€ 183,55
€ 1.934,12
2c
€ 1.973,16
€ 183,55
€ 2.156,71
2d
€ 2.120,70
€ 183,55
€ 2.304,25
3a
€ 1.536,06
€ 183,55
€ 1.719,61
3b
€ 1.750,57
€ 183,55
€ 1.934,12
3c
€ 1.973,16
€ 183,55
€ 2.156,71
3d
€ 2.120,70
€ 183,55
€ 2.304,25
4a
€ 1.536,06
€ 225,72
€ 1.761,78
4b
€ 1.750,57
€ 225,72
€ 1.976,29
4c
€ 1.973,16
€ 225,72
€ 2.198,88
4d
€ 2.120,70
€ 225,72
€ 2.346,42
5a
€ 1.536,06
€ 225,72
€ 1.761,78
5b
€ 1.750,57
€ 225,72
€ 1.976,29
5c
€ 1.973,16
€ 225,72
€ 2.198,88
5d
€ 2.120,70
€ 225,72
€ 2.346,42
Tabel 24. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eigenaar niet-woning met pand ter waarde van €600.000.
Niet-woning eigenaar
WOZ-waarde €1.250.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 2.796,19
€ 183,55
€ 2.979,74
2a
€ 3.200,13
€ 183,55
€ 3.383,68
2b
€ 3.647,01
€ 183,55
€ 3.830,56
2c
€ 4.110,76
€ 183,55
€ 4.294,31
2d
€ 4.418,12
€ 183,55
€ 4.601,67
3a
€ 3.200,13
€ 183,55
€ 3.383,68
3b
€ 3.647,01
€ 183,55
€ 3.830,56
3c
€ 4.110,76
€ 183,55
€ 4.294,31
3d
€ 4.418,12
€ 183,55
€ 4.601,67
4a
€ 3.200,13
€ 470,25
€ 3.670,38
4b
€ 3.647,01
€ 470,25
€ 4.117,26
4c
€ 4.110,76
€ 470,25
€ 4.581,01
4d
€ 4.418,12
€ 470,25
€ 4.888,37
5a
€ 3.200,13
€ 470,25
€ 3.670,38
5b
€ 3.647,01
€ 470,25
€ 4.117,26
5c
€ 4.110,76
€ 470,25
€ 4.581,01
5d
€ 4.418,12
€ 470,25
€ 4.888,37
Tabel 25. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eigenaar niet-woning met pand ter waarde van €1.250.000.
26
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Niet-woning eigenaar
WOZ-waarde €4.500.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 10.066,30
€ 183,55
€ 10.249,85
2a
€ 11.520,47
€ 183,55
€ 11.704,02
2b
€ 13.129,25
€ 183,55
€ 13.312,80
2c
€ 14.798,72
€ 183,55
€ 14.982,27
2d
€ 15.905,21
€ 183,55
€ 16.088,76
3a
€ 11.520,47
€ 183,55
€ 11.704,02
3b
€ 13.129,25
€ 183,55
€ 13.312,80
3c
€ 14.798,72
€ 183,55
€ 14.982,27
3d
€ 15.905,21
€ 183,55
€ 16.088,76
4a
€ 11.520,47
€ 1.692,90
€ 13.213,37
4b
€ 13.129,25
€ 1.692,90
€ 14.822,15
4c
€ 14.798,72
€ 1.692,90
€ 16.491,62
4d
€ 15.905,21
€ 1.692,90
€ 17.598,11
5a
€ 11.520,47
€ 1.692,90
€ 13.213,37
5b
€ 13.129,25
€ 1.692,90
€ 14.822,15
5c
€ 14.798,72
€ 1.692,90
€ 16.491,62
5d
€ 15.905,21
€ 1.692,90
€ 17.598,11
Tabel 26. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Eigenaar niet-woning met pand ter waarde van €4.500.000.
Niet-woning gebruiker
WOZ-waarde €300.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 570,36
2a
€ 652,83
-
€ 570,36 € 652,83
2b
€ 743,99
-
€ 743,99
2c
€ 838,59
-
€ 838,59
2d
€ 901,30
-
€ 901,30
3a
€ 652,83
-
€ 652,83
3b
€ 743,99
-
€ 743,99
3c
€ 838,59
-
€ 838,59
3d
€ 901,30
-
€ 901,30
4a
€ 652,83
-
€ 652,83
4b
€ 743,99
-
€ 743,99
4c
€ 838,59
-
€ 838,59
4d
€ 901,30
-
€ 901,30
5a
€ 652,83
-
€ 652,83
5b
€ 743,99
-
€ 743,99
5c
€ 838,59
-
€ 838,59
5d
€ 901,30
-
€ 901,30
Tabel 27. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Gebruiker niet-woning met pand ter waarde van €300.000.
27
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Niet-woning gebruiker
WOZ-waarde €600.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 1.140,71
€ 1.140,71
2a
€ 1.305,65
-
€ 1.305,65
2b
€ 1.487,98
-
€ 1.487,98
2c
€ 1.677,19
-
€ 1.677,19
2d
€ 1.802,59
-
€ 1.802,59
3a
€ 1.305,65
-
€ 1.305,65
3b
€ 1.487,98
-
€ 1.487,98
3c
€ 1.677,19
-
€ 1.677,19
3d
€ 1.802,59
-
€ 1.802,59
4a
€ 1.305,65
-
€ 1.305,65
4b
€ 1.487,98
-
€ 1.487,98
4c
€ 1.677,19
-
€ 1.677,19
4d
€ 1.802,59
-
€ 1.802,59
5a
€ 1.305,65
-
€ 1.305,65
5b
€ 1.487,98
-
€ 1.487,98
5c
€ 1.677,19
-
€ 1.677,19
5d
€ 1.802,59
-
€ 1.802,59
Tabel 28. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Gebruiker niet-woning met pand ter waarde van €600.000.
Niet-woning gebruiker
WOZ-waarde €1.250.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 2.376,49
2a
€ 2.720,11
-
€ 2.376,49 € 2.720,11
2b
€ 3.099,96
-
€ 3.099,96
2c
€ 3.494,14
-
€ 3.494,14
2d
€ 3.755,40
-
€ 3.755,40
3a
€ 2.720,11
-
€ 2.720,11
3b
€ 3.099,96
-
€ 3.099,96
3c
€ 3.494,14
-
€ 3.494,14
3d
€ 3.755,40
-
€ 3.755,40
4a
€ 2.720,11
-
€ 2.720,11
4b
€ 3.099,96
-
€ 3.099,96
4c
€ 3.494,14
-
€ 3.494,14
4d
€ 3.755,40
-
€ 3.755,40
5a
€ 2.720,11
-
€ 2.720,11
5b
€ 3.099,96
-
€ 3.099,96
5c
€ 3.494,14
-
€ 3.494,14
5d
€ 3.755,40
-
€ 3.755,40
Tabel 29. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Gebruiker niet-woning met pand ter waarde van €1.250.000.
28
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
Niet-woning gebruiker
WOZ-waarde €4.500.000
Combinatie- OZB nummer
Riool
Totaal
1
€ 8.555,35
€ 8.555,35
2a
€ 9.792,40
-
€ 9.792,40
2b
€ 11.159,86
-
€ 11.159,86
2c
€ 12.578,91
-
€ 12.578,91
2d
€ 13.519,43
-
€ 13.519,43
3a
€ 9.792,40
-
€ 9.792,40
3b
€ 11.159,86
-
€ 11.159,86
3c
€ 12.578,91
-
€ 12.578,91
3d
€ 13.519,43
-
€ 13.519,43
4a
€ 9.792,40
-
€ 9.792,40
4b
€ 11.159,86
-
€ 11.159,86
4c
€ 12.578,91
-
€ 12.578,91
4d
€ 13.519,43
-
€ 13.519,43
5a
€ 9.792,40
-
€ 9.792,40
5b
€ 11.159,86
-
€ 11.159,86
5c
€ 12.578,91
-
€ 12.578,91
5d
€ 13.519,43
-
€ 13.519,43
Tabel 30. Lastendruk per heffing en totaal, berekend per combinatie van heffingen. Gebruiker niet-woning met pand ter waarde van €4.500.000.
29
ONDERZOEK HEFFINGEN, GRONDSLAGEN EN FINANCIËLE CONSEQUENTIES
6
SLOT
Dit onderzoek had tot doel om de verschillende mogelijkheden in kaart te brengen voor het heffen van de onroerendezaakbelasting, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. In samenspraak met de begeleidingsgroep Kadernota 2024 en het college zijn de mogelijkheden geselecteerd die het beste aansluiten bij de huidige wensen van de gemeente Roermond. Tevens is gekeken welke heffingsmethodieken door de BsGW waren aangemerkt als voorkeursvariant. Dit heeft per heffing een richting voor de verordening en/of een selectie aan geschikte heffingsmethodieken opgeleverd. Voor de gewenste heffingsmethoden is daarna berekend hoe deze exact ingevuld dienden te worden om de huidige (en voor de OZB ook de toekomstige) begrotingen rond te krijgen. Uiteindelijk is voor een aantal voorbeelden doorgerekend wat de verschillende mogelijkheden als financieel effect zouden hebben. Het belangrijkste om uit dit onderzoek mee te nemen is dat het in alle gevallen slechts gaat om mogelijke richtingen die gekozen kunnen worden. Om een begroting sluitend te krijgen kan eindeloos gesleuteld worden aan de verhoudingen tussen de verschillende tarieven binnen een heffing. Indien de wens aanwezig is om een bepaalde groep minder te laten betalen, dan zal de rest extra bij moeten dragen en andersom.
De heffingsvarianten in dit onderzoek illustreren alleen enkele richtingen waar interesse voor is uitgesproken door de gemeente Roermond. Daarnaast zijn er verschillende kanttekeningen geplaatst die nog herhaald dienen te worden. Voor alle drie de heffingen kan alleen maar gerekend worden met huidige aantallen en, waar van toepassing, WOZ-waardes. Het ingroeimodel van de OZB is daarnaast erg kwetsbaar in de berekening aangezien de wens is om toe te werken naar het landelijk gemiddelde OZB-tarief voor woningen. Hoe dit gemiddelde zich gaat ontwikkelen is onbekend, waardoor in de berekeningen de verhoging van de begroting ieder jaar neer zal komen op een stijging voor de niet-woningen. Ten slotte is voor de rioolheffing gerekend met huishoudgroottes en OZB-percentages, terwijl de wens aanwezig is om te werken met waterverbruik. Als de gegevens hierover alsnog beschikbaar komen, zal de lastendruk voor (een deel van) de inwoners van de gemeente mogelijk flink anders kunnen zijn dan in de voorgestelde scenario’s. Ten slotte: de gegevens en berekeningen die gebruikt zijn om te komen tot de scenario’s in dit onderzoek zijn bij de oplevering van dit rapport mee verzonden aan de opdrachtgevers. Het is voor hen dus mogelijk om opnieuw scenario’s uit te rekenen op basis van nieuwe wensen of recentere gegevens.