CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Raadsvoorstel belastingverordeningen 2024

Gemeenteraad 9 november 2023, gemeente RoermondBij agendapunt: Belastingverordeningen 20242.851 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

»e

)/f;

»

gemeente Roermond

VOORSTEL AAN DE RAAD VAN DE GEMEENTE ROERMOND

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024 Zaaknummer: 87446-2023 Datum: 3 oktober 2023

Gevraagd besluit Wij stellen uw raad voor: 1. De in de bijlagen bijgevoegde belastingverordeningen voor het jaar 2024 vast te stellen. 2. De verordening hondenbelasting 2023 in te trekken per 1 januari 2024. 3a. Uit de voorgestelde scenario's van de heffingssystematiek voor de onroerende zaakbelasting, riool heffing en afvalstoffenheffing vanaf 2025 de richting te kiezen voor de heffingssystematiek voor de onroerende zaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing. 3b. De financiële gevolgen van de gekozen richting van de heffingssystematiek voor de onroerende zaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing te verwerken in de kadernota 2025. Inleiding Jaarlijks dienen de verordeningen met de daarin opgenomen tarieven voor de gemeentelijke belastingen en heffingen voor het nieuwe belastingjaar te worden vastgesteld. In dit raadsvoorstel worden aan u de aanpassingen van de verordeningen en tarieven voor 2024 voorgelegd. Bij de wijzigingen van de diverse belastingen, rechten en tarieven voor het jaar 2024 is rekening gehouden met wetswijzigingen en hetgeen door uw raad als beleid is vastgelegd. Als basis voor de verordeningen geldt de gelijktijdig in deze vergadering vast te stellen begroting 2024. In de begroting 2024 is rekening gehouden met een indexering van de kosten en opbrengsten ad +3,9%.

De betreffende tarieven in de onderscheidenlijke verordeningen zijn dan ook verhoogd met deze indexering. De lastendruk voor een huishouden met een eigen woning van een gemiddelde wozwaarde stijgt met 4,6% ten opzichte van 2023. Dit komt door de indexering en besluitvorming van de begroting 2023 en vanwege het feit dat kostendekkendheid als uitgangspunt geldt voor de tariefberekening van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing,

.

+.

{[2 //.24[4[@@[jul,

$.

-

2023 € 313,66 € 295,97 € 183,55

Mutatie

Onroerende zaakbelasting Afvalstoffenheffing Riool heffing

2024 € 334,08 € 298,40 € 196,80

Totaal

€ 829,28

€ 793,18

+4,6%

Pagina 1 van 8

Pagina 2

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

Op verzoek van de gemeenteraad zijn er in 2023 diverse belastingscenario's en heffingsmogelijkheden onderzocht, uitgewerkt en besproken in een raadswerkgroep. De uitkomsten van dit onderzoek en de addenda zijn vervolgens als bijlage opgenomen in de kadernota 2024. Definitieve keuzes en uitwerkingen van de voorgestelde scenario's zullen worden opgenomen en besloten in de kadernota 2025 en verwerkt in de begroting 2025.

Argumenten 1.1 Jaarlijkse vaststelling belastingverordeningen 2024 Op basis van artikel 16 van de Financiële verordening gemeente Roermond 2023 dienen de belastingverordeningen jaarlijks door de raad te worden vastgesteld. 1.2 De modelverordening van de VNG geldt als basis BsGW behartigt als uitvoeringsorganisatie van de deelnemende gemeenten (waaronder de gemeente Roermond) en het Waterschap Limburg de zorg voor het volledig, tijdig, rechtmatig, juist en doelmatig heffen en innen van de lokale belastingen. Voor alle verordeningen geldt dat BsGW een verdergaande harmonisering van de verordeningen van de diverse deelnemers nastreeft en hierop adviezen richting deelnemers afgeeft. BsGW streeft er tevens naar dat alle verordeningen van de gemeenten conform het model van de VNG worden opgesteld. Bij het actualiseren van de verordeningen worden de modelverordeningen van VNG dan ook als basis genomen. Hierdoor zijn er een aantal tekstuele aanpassingen in enkele verordeningen. De belangrijkste aanpassingen worden per verordening aangegeven. Tevens geldt voor alle verordeningen dat de datums en jaartallen in de onderscheidenlijke artikelen met betrekking tot het overgangsrecht, datum inwerkingtreding en het citeertitel geactualiseerd zijn.

De vigerende verordening hondenbelasting wordt met ingang van 1 januari 2024 ingetrokken aangezien bij de behandeling van de begroting 2023 besloten is de hondenbelasting met ingang van het jaar 2024 af te schaffen. 1.2.1 Verordening onroerende zaak belasting (OZB) Bij de tariefbepaling voor 2024 wordt uitgegaan van een totaalopbrengst, gebaseerd op de OZBopbrengsten over 2022 en het eerste halfjaar 2023, vermeerderd met de areaal-uitbreidingen en de indexering ad 3,9%. Tevens is bij de vaststelling van de begroting 2023 afgesproken een opslag van 2,5% te hanteren. Deze uitgangspunten leiden (vooralsnog) tot de volgende OZB-tarieven:

z

G)7217[ET@Elug@f-

.

4

Woningen eigenaren Niet-woningen eigenaren Niet-woningen gebruikers

.. .

.a

•

Gig@'

z]' e[o]ga/-1-

2024 0,1194% 0,2382% 0,2025%

7u3 #S4hè

2"#54,28 -93%

2023 0,1121% 0,2237% 0,1901%

Met bovenstaande tarieven wordt de nagestreefde totale indexering ad 3,9% en de opslag van 2,5% op de onroerendezaakbelastingen gerealiseerd. Door marktontwikkelingen kan de WOZ-waarde echter sterk fluctueren. Op 15 november aanstaande levert de BsGW de laatst bekende marktontwikkelings-cijfers aan voor de woningen als ook voor de niet-woningen. Op basis van deze cijfers worden de uiteindelijke percentages berekend voor de OZB-tarieven, waarbij een netto stijging van de inflatie-index en de afgesproken opslag wordt gerealiseerd. Deze uiteindelijke percentages worden in een wijzigingsbesluit in de vergadering van 21 december aan de raad voorgelegd. 1.2.2 Verordening afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een heffing ter dekking van kosten van beheer van huishoudelijke afvalstoffen. De heffing komt ten laste van gebruikers van percelen waarvoor de gemeente een

Pagina 3

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

inzamelverplichting voor huishoudelijk afval heeft. Het tarief voor de afvalstoffenheffing wordt in beginsel kostendekkend vastgesteld. Ten opzichte van 2023 stijgt het tarief in 2024 met 0,82%. In onderstaande tabel zijn de tarieven voor 2024 en 2023 weergegeven:

Artikel 6 van de verordening is gewijzigd omdat niet alle tarieven in de tarieventabel behorende bij de verordening jaartarieven zijn.

1.2.3 Verordening rioolheffing De rioolheffing wordt geheven van eigenaren van percelen die bij aanvang van het belastingjaar direct of indirect zijn aangesloten op de gemeentelijke riolering. Een perceel is volgens artikel 3 van de verordening een roerende of onroerende zaak of een gedeelte daarvan. De belasting wordt geheven voor een vast bedrag per perceel. Percelen met een WOZ-waarde die lager is dan€ 40.000 worden aangeslagen voor een verlaagd tarief (50% van het volledige tarief). Ook voor de rioolheffing geldt dat deze in beginsel kostendekkend behoort te zijn. Per saldo stijgt het tarief voor een rioolaansluiting in 2024 met 7,22%. De stijging van het riooltarief wordt met name veroorzaakt door de verhoging van de onderhoudskosten van de riolering op basis van de actualisering van het beleid voor het beheer van de openbare ruimte (raadsbesluit 14 september 2023). Daarnaast zijn de overige beheerkosten van de riolering naar boven bijgesteld door toepassing van loon- en prijsindexering. In onderstaande tabel zijn de tarieven voor 2024 en 2023 weergegeven: Voor percelen

€ 196,80

€ 183,55

Voor percelen met een WOZ waarde die minder is dan€ 40.000

€ 98,40

€

91,79

Hoewel de tariefstelling voor de riool heffing niet lager kan zijn dan € 5,00 verzoekt de BsGW uit oogpunt van uniformiteit toch een aanslaggrens op te nemen van€ 5,00. Voor andere belastingsoorten is deze aanslaggrens namelijk wel opgenomen. Dit is in de verordening rioolheffing verwerkt in een tussengevoegd artikel 9, waardoor de daarop volgende artikelen qua nummering aangepast zijn.

1.2.4 Legesverordening Voorgesteld wordt om de tarieven met 3,9% waar wettelijk mogelijk aan te passen, afgerond op € 0,05 naar boven, behalve paragraaf 1 Burgerlijke stand van hoofdstuk 1 Algemene dienstverlening dat op hele euro's is afgerond. De voorgestelde nieuwe tarieven zijn verwerkt in de tarieventabel behorende bij de legesverordening 2024. De tarieven die door het rijk worden vastgesteld zijn momenteel nog niet bekend en worden in de raadsvergadering van december aan de raad ter vaststelling aangeboden. Waar voorheen gesproken werd van titels, wordt nu gesproken over hoofdstukken. En in de plaats van de benaming hoofdstukken wordt nu gesproken over paragrafen. Een en ander conform de modelverordening van de VNG. In verband met de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2024 zijn in de verordening de Aanhef, de artikelen 4 en 5 tekstueel gewijzigd, en is in de bijhorende tarieventabel hoofdstuk 2 volledig vernieuwd.

Pagina 4

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

Tevens is in de verordening artikel 9 conform de modelverordening van de VNG aangepast, om zo een bredere juridische onderbouwing te bewerkstelligen.

Hoofdstuk 1 Paragraaf 1 Artikel 1.1.1.4 van de Tarieventabel betreffende de tijdstippen welke in aanmerking komen voor kosteloze huwelijksvoltrekking is uitgebreid. Indien een omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk plaatsvindt aan de balie tijdens reguliere openingstijden van het Stadskantoor worden daarvoor geen kosten in rekening gebracht. Hoofdstuk 1 Paragraaf 17 van de Tarieventabel (voorheen Kabels en Leidingen, nu Inrichting en Beheer Ondergrondse Ruimte) is middels de toevoeging van de artikelen 1.17.4 tot en met 1.17.8 uitgebreid met een aantal nieuwe producten. Hoofdstuk 3 Paragraaf 6 Artikel 3.6.1 is gewijzigd door een actualisatie van de verwijzing naar de vigerende verordening winkeltijden.

1.2.5 Verordening marktgelden Voorgesteld wordt om de tarieven met 3,9% aan te passen, met afronding op hele centen.

1.2.6 Verordening precariobelasting De tarieven precariobelasting worden verhoogd met de inflatiecorrectie van 3,9%, met een afronding op€ 0,05 naar boven.

1.2. 7 Verordening toeristenbelasting én 1.2.8 Verordening watertoeristenbelasting De tarieven toeristenbelasting en watertoeristenbelasting worden conform de uitgangspunten van de begroting 2024 verhoogd met de index van 3,9%. Tevens is bij de vaststelling van de begroting 2023 afgesproken met ingang van belastingjaar 2024 een opslag van 2,5% te hanteren. In onderstaande tabel zijn de tarieven voor 2024 en 2023 weergegeven:

• Toeristenbelasting, per overnachting:

€ 3,32

€ 3,12

Toeristenbelasting, verblijf op een kampeerterrein, per overnachting

€ 1,65

€ 1,55

Watertoeristenbelasting

€ 1,65

€ 1,55

In deze verordeningen wordt gebruik gemaakt van forfaitaire heffingsmaatstaven voor verblijf op vaste plaatsen en seizoenplaatsen op campings en bij vaste ligplaatsen in jachthavens. Deze forfaitaire heffingsmaatstaven zijn dringend toe aan een update. Een extern bureau is inmiddels gestart met het onderzoek naar deze forfaitaire maatstaven en de verwachting is dat de geactualiseerde aantallen nog dit jaar ter beschikking komen. Mochten deze aantallen in het voordeel van de exploitant uitvallen, dan zullen deze in een wijzigingsbesluit aan de raad ter vaststelling aangeboden worden. De definities uit artikel 1 van de toeristenbelasting zijn gewijzigd conform de modelverordening toeristenbelasting van de VNG. De belangrijkste wijziging is de aanpassing van het begrip kampeermiddel. In de loop der tijd zijn veel bouwwerken vergunningsvrij geworden. Door de invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen, die 1 januari 2024 in werking treden, worden nog meer bouwwerken vergunningsvrij. Hierdoor kunnen veel grondgebonden recreatiewoningen onder de oude definitie van kampeermiddel komen te vallen en in aanmerking komen voor forfaitaire berekenwijze. Omdat dit ongewenst is, is het begrip kampeermiddel aangepast. Effectief blijft de situatie hiermee gelijk aan de situatie in het verleden.

Pagina 5

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

1.2.9 Verordening haven- en kadegelden De tarieven haven- en kadegelden worden verhoogd met de inflatiecorrectie van 3,9%, met een afronding op hele centen. Inhoudelijk worden geen wijzigingen voorgesteld. 1.2.10 Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen De regeling kwijtschelding kent buiten het overgangsrecht, de inwerkingtreding en het citeertitel geen wijzigingen ten opzichte van de regeling van 2023. 1.2.11 Verordening lijkbezorgingsrechten De tarieven lijkbezorgingsrechten worden verhoogd met de inflatiecorrectie van 3,9%, met een afronding op hele euro's. Het door de fracties D'66, L VR en VVD ingediende voorstel "Grafrechten gespreid heffen" ziet enerzijds op het aanbieden van de mogelijkheid tot het gespreid heffen bij het verlengen van grafrechten en anderzijds op het aanbieden van eeuwigdurend grafrecht. Het gespreid heffen bij het verlengen van de grafrechten is binnen de huidige tekst van de verordening meteen toe te passen, zodat een wijziging van de verordening op dat onderwerp niet noodzakelijk is. Net als trouwens de optie om naast het verlengen van de grafrechten met 10 jaar ook de optie van een periode van 5 jaar aan te bieden. Dit is reeds in artikel 1.5 van de verordening geregeld.

Het onderzoek naar de mogelijkheid van eeuwigdurend grafrecht vergt meer tijd en zal niet zijn afgerond om nog onderdeel te kunnen uitmaken van dit bestuurlijke traject omtrent de vaststelling van de belastingverordeningen 2024. 2.1 Intrekking verordening hondenbelasting De verordening hondenbelasting 2023 wordt met ingang van 1 januari 2024 ingetrokken aangezien bij de behandeling van de begroting 2023 besloten is de hondenbelasting met ingang van het jaar 2024 af te schaffen. 3.1 Wijzigingen in de heffingssystematiek voor het belastingjaar 2025 Op verzoek van de gemeenteraad zijn er in 2023 diverse belastingscenario's en heffingsmogelijkheden onderzocht, uitgewerkt en besproken in een raadswerkgroep. De uitkomsten van dit onderzoek en de addenda zijn vervolgens als bijlage opgenomen in de kadernota 2024. Na vaststelling van de kadernota heeft er - op basis van aanvullende informatie van waterverbruik nog een extra onderzoek plaatsgevonden op het gebied van rioolheffing. Vervolgens heeft er een sessie plaatsgevonden met de raadswerkgroep, waarbij voorkeursrichtingen zijn besproken. Afhankelijk van het debat zoals de raad dat voert op 9 november 2023 wordt de gekozen richting per heffing, verwerkt in de kadernota 2025.

Dit zijn kort samengevat de volgende voorgestelde richtingen: Onroerendzaakbelasting: Geen daling in het heffingspercentage voor de woningen, wel een stijging van het heffingspercentage niet-woningen naar landelijk of provinciaal gemiddelde (gebaseerd op addendum 2). Afvalstoffenheffing: Heffing op basis van grootte huishouding, 1, 2 of meerpersoons (gebaseerd op addendum 1). Rioolheffing: Een gecombineerde heffing eigenaren en gebruiker met een nul tarief tot 400m3 voor gebruik (gebaseerd op het aanvullend onderzoek riool heffing). Voor de volledigheid zijn de volgende onderdelen als bijlage bij dit voorstel toegevoegd : Onderzoek heffingen, grondslagen en financiële consequenties Addendum 1 Addendum 2 Aanvullend onderzoek rioolheffing

Pagina 6

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

Integrale lastendruk voorgestelde scenario's voor gebaseerd op begroting 2023: a. Gemiddelde woningwaarde€ 300.000 b. Gemiddelde niet-woning waarde € 600.000 c. Hogere niet-woning waarde€ 1.250.000 In opvolging van het raadsdebat bij de kadernota 2024 is middels de extra werksessie met de raadswerkgroep op 25 juli 2023 uitwerking gegeven aan de richting per heffing zodat de raad op 9 november 2023 een adequaat debat kan voeren.

Historisch overzicht De belastingverordeningen worden jaarlijks geactualiseerd. In de raadsvergadering van 13 juli 2017 heeft de gemeenteraad de motie Herschikking Rioolheffing ingediend. In deze motie is het toenmalige college gevraagd een onderzoek aan de raad te presenteren waarin varianten, inclusief financiële consequenties, van een andere systematiek voor het opleggen van rioolheffing inzichtelijk worden gemaakt, zodat de Raad bij de begrotingsbehandeling 2019 en vaststelling van de belastingtarieven 2019 hierover kon besluiten. In 2023 zijn in samenwerking met een raadswerkgroep niet alleen de heffingsmogelijkheden (en aldus de tarieven) voor de rioolheffing onderwerp van onderzoek geweest, maar heeft er tevens onderzoek plaats gevonden naar de heffingsmogelijkheden voor de onroerende zaakbelasting en de afvalstoffenheffing. Financiële gevolgen De financiële gevolgen zijn verwerkt in de begroting 2024. Deze begroting wordt gelijktijdig behandeld in de raadsvergadering van 9 november 2023. Mochten er na de raadsvergadering nog wijzigingen in de aangeboden belastingverordeningen doorgevoerd moeten worden dan zullen deze in de vorm van een erratum aan dit voorstel worden toegevoegd of middels een wijzigingsbesluit aan de raad voorgelegd worden in haar vergadering van 21 december 2023.

De wijziging van hoofdstuk 2 van de Tarieventabel van de legesverordening is vooral een technische wijziging als gevolg van de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2024 en de invoering van de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen. Voorgesteld wordt om zoveel mogelijk de huidige leges op basis van de bouwkosten te hanteren, waardoor de financiële gevolgen beperkt zullen zijn. De effecten worden in de loop van het jaar gemonitord en gerapporteerd in de producten van de P&Ccyclus. Communicatie en participatie Na vaststelling door de raad zal ook BsGW in kennis gesteld worden van de nieuwe verordeningen. Uitvoering en evaluatie Datum van ingang De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2024. Voorgenomen wijzigingen in de heffingssystematiek voor onroerendzaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing vanaf 2025. De richtingen zoals benoemd in Argumenten 3.1 worden voorgesteld vanaf 2025. Definitieve keuzes en uitwerkingen van de voorgestelde scenario's zullen worden opgenomen en besloten in de kadernota 2025 en verwerkt in de begroting 2025.

Pagina 7

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

Met vriendelijke groet,

mi•.. ., _-""

het college van burgemeester en wethouders,

-·~e b.urgemeester,

~j•;g;-

Y.F.W. Hoogtanders

Ter inzage: Bijlage(n):

1 Raadsbesluit met zaaknummer 87446-2023 2 A Verordening onroerende-zaakbelastingen 2024; 2 B Wijzigingen Verordening onroerende-zaakbelastingen 2024 3 A Verordening afvalstoffenheffing 2024 plus bijbehorende tarieventabel; 3 B Wijzigingen Verordening afvalstoffenheffing 2024; 4 A Verordening rioolheffing 2024; 4 B Wijzigingen Verordening rioolheffing 2024; 5 A Legesverordening 2024 plus bijbehorende tarieventabel; 5 B Wijzigingen Legesverordening 2024; 5 C Wijzigingen Legesverordening 2024; 6 A Verordening marktgelden 2024; 6 B Wijzigingen Verordening marktgelden 2024; 7 A Verordening precariobelasting 2024 plus bijbehorende tarieventabel; 7 B Wijzigingen Verordening precariobelasting 2024; 8 A Verordening toeristenbelasting 2024; 8 B Wijzigingen Verordening toeristenbelasting 2024; 9 A Verordening watertoeristenbelasting 2024; 9 B Wijzigingen Verordening watertoeristenbelasting 2024; 10 A Verordening haven- en kadegelden 2024; 10 B Wijzigingen Verordening haven- en kadegelden 2024; 11A Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2024; 11B Wijzigingen Regeling kwijtschelding 2024; 12 A Verordening lijkbezorgingsrechten 2024; 12 B Wijzigingen Verordening lijkbezorgingsrechten 2024; 13 Onderzoek heffingen, grondslagen en financiële consequenties 14 Addendum 1

Pagina 8

Onderwerp: Belastingverordeningen 2024

15 Addendum 2 16 Aanvullend onderzoek rioolheffing 17 Integrale lastendruk voorgestelde scenario's voor : Gemiddelde woningwaarde € 300.000 Gemiddelde niet-woning waarde€ 600.000 Hogere niet-woning waarde€ 1.250.000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=e03199a0-34d9-49d2-b6d8-0d74f504dbab