CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 nieuw Kadernota 2024 (digitale versie)

Gemeenteraad 6 juli 2023, gemeente RoermondBij agendapunt: Kadernota / begroting 2024 1e termijn8.609 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

K A D E R N OTA 2 0 24

1

Kadernota

2024

K A D E R N OTA 2 0 24

2

Inhoudsopgave Vooraf

3

1. Ambitie, daadkracht en verbinding

5

2. Financieel perspectief

14

2.1

De financiële kaders

15

2.2

Autonome ontwikkelingen

17

2.3

Structureel en incidenteel financieel perspectief

18

3. Projectopdrachten

20

3.1

Inzicht in reserves en voorzieningen

21

3.2

Inzicht in meerjarige investeringsplanning

23

Onderzoek belastingheffingen, grondslagen, varianten en financiële consequenties

24

3.4

Actualisatie risicoprofiel

26

3.5

Herinrichting programmastructuur

27

3.3

K A D E R N OTA 2 0 24

3

Vooraf Graag bieden wij u de Kadernota 2024 aan. Ambitie, daadkracht en verbinding zijn de leidende thema’s in het coalitieakkoord dat LVR, Groen Links, VVD en PvdA op 8 juli 2022 met elkaar hebben gesloten. Uiteindelijk gaat het om de vertaling van papier en goede bedoelingen, naar de praktijk en naar concrete actie. Daarvan heeft de Roermondse samenleving in het afgelopen jaar al het nodige kunnen ervaren. De begroting 2023 was de eerste begroting van deze coalitie. Maar wij pakken door, ook in 2024. Met deze kadernota schetsen wij de financiële stand van zaken en de contouren van onze inzet voor komend jaar. Contouren die wij richting de begroting 2024, meerjarenperspectief 2025-2027 (hierna: begroting 2024) nader zullen uitwerken. In korte tijd kan er veel veranderen en kunnen zich om ons heen onvoorziene ontwikkelingen voordoen die van grote betekenis zijn voor Roermond. De afgelopen jaren is dat wel gebleken met o.a. een wereldwijde pandemie en oorlog op het Europese vasteland met als afgeleide daarvan een nog grotere instroom van ontheemden, een energiecrisis en een instabiele economie met een torenhoge inflatie. De effecten daarvan hebben lokaal hun weerslag en raken onze inwoners direct en steeds vaker ook heel hard. Maar ook de gevolgen van klimaatverandering zijn in onze regio, de droogste regio van Nederland, tastbaar aanwezig.

De stikstofproblematiek houdt politiek, boeren en burgers in een greep en heeft invloed op de een enorme woningbouwopgave waarvoor we gesteld zijn. Veel is onzeker, maar één ding staat als een paal boven water: we kunnen niet berusten, maar moeten, juist nu, in actie komen, in het belang van onze inwoners. De complexe vraagstukken móeten worden aangepakt en de grote uitdagingen, zoals op het gebied van wonen en klimaat, gaan wij als daadkrachtig bestuur niet uit de weg, maar worden door ons daadkrachtig en in verbinding met de Roermondse samenleving opgepakt. Maar wij staan ook voor de ambities die wij in ons coalitieakkoord hebben geformuleerd voor een nog beter en nog mooier Roermond. De urgentie van een aantal van de genoemde complexe vraagstukken zorgt er wel voor dat wij voor het komende jaar keuzes hebben gemaakt in hetgeen we in 2024 en daarna willen en kunnen realiseren. In deze kadernota schetsen wij op hoofdlijnen die keuzes vanuit hetgeen wij in het coalitieakkoord op hoofdlijnen hebben geformuleerd. In de financiële vertaling wordt daarbij aangesloten op de programma-indeling, waarbij wordt voorgesteld om hiervoor de taakveldindeling aan te houden. Hiermee vergroten we de vergelijkbaarheid met andere gemeenten. Per taakveld geven wij daarbij enige nadere duiding. De uitwerking vindt, na vaststelling van de kadernota, plaats bij de begroting 2024.

Met deze kadernota doet het college van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraad een voorstel voor de financiële en inhoudelijke kaders van de begroting 2024. De kaders waarbinnen de begroting 2024 wordt opgesteld worden geschetst. De vastgestelde kadernota vormt daarmee het uitgangspunt voor de begroting 2024.

K A D E R N OTA 2 0 24

4

Ook wordt het financieel perspectief in beeld gebracht, waarbinnen de ambities gerealiseerd moeten worden om te komen tot een sluitende begroting. Binnen het financieel perspectief worden de financiële kaders, de autonome ontwikkelingen en de incidentele en structurele financiële positie geschetst. Een vijftal projectopdrachten, voorvloeiend uit het coalitieakkoord, worden uitgewerkt. De projectopdracht rondom belastingheffingen is verder uitgewerkt met een raadswerkgroep. Voor de volledigheid wordt vermeld dat de bedragen in alle tabellen vermenigvuldigd moeten worden met €1.000. Daarnaast zijn negatieve bedragen een nadeel, en positieve bedragen een voordeel.

Namens het college van burgemeester en wethouders, Dirk Franssen, Wethouder economie, stedelijke ontwikkeling & financiën

K A D E R N OTA 2 0 24

5

1. Ambitie, daadkracht en verbinding

K A D E R N OTA 2 0 24

6

Ambitie, daadkracht en verbinding Ambitie hoort, net als trots, bij de gemeente Roermond. Wij hebben als doel om deze waar te maken, om Roermond een gemeente en een stad te laten zijn waar je wilt leven, waar iedereen meedoet, van ontwikkeling en van goud, groen en blauw. In het coalitieakkoord zijn de lange- termijn ambities geformuleerd. Deze beschouwen we daarbij niet als blauwdruk omdat wij zullen/willen anticiperen op ontwikkelingen die zich de komende jaren ongetwijfeld zullen voordoen. De geformuleerde lange-termijn ambities schetsen wij hier opnieuw, met daarbij een (niet uitputtende) doorkijk naar onze inzet voor het komende jaar en op onderdelen de komende jaren.

1. Een stad waar je wilt leven Onze ambitie Roermond is een stad waar inwoners zich thuis voelen. In onze wijken en kernen, die schoon, groen, heel en veilig zijn, is de leefbaarheid en de sociale interactie tussen de bewoners verder toegenomen en ze treffen elkaar in het ontmoetingspunt. Ook de gemeente Roermond is ‘zichtbaar’ in wijk en buurt. De woningmarkt is minder krap geworden doordat er naar behoefte is gebouwd en er een gezonde doorstroming op gang is gekomen. In ieder segment van de woningmarkt is er inmiddels weer voldoende aanbod beschikbaar doordat ook de woningcorporaties en ontwikkelaars een extra inspanning hebben verricht en er tijdig is ingespeeld op demografische ontwikkelingen. Roermondenaren komen sneller aan een eerste of andere woning. Met geschikte huisvesting voorkomen we dat jongeren wegtrekken naar andere regio’s. Mensen die cruciaal zijn voor onze arbeidsmarkt vinden in Roermond een passende woning. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt de ‘the magic mix’ gerealiseerd die bestaat uit betaalbare huur, middenhuur en -koop en woningen in het duurdere segment. Wij slagen er, op die momenten waarop dat nodig is, ook in om nieuwe inwoners (al dan niet tijdelijk) passende huisvesting en/of woonvorm te bieden. Maar waar ook de balans wordt gevonden tussen stenen en groen.

Naast meer woningen is er in het stedelijk gebied ook meer groen en zelfs een nieuw stadspark gerealiseerd. Het stadscentrum wordt steeds meer autoluw en ondernemers worden bevoorraad vanuit een innovatief en duurzaam stadsdistributiesysteem. In de gehele stad zijn er voldoende laadpunten voor elektrische auto’s gerealiseerd. Er is een duurzaam OV-netwerk gerealiseerd met goede verbindingen naar wijken en kernen en het stationsgebied heeft een kwaliteitsimpuls gekregen met als kloppend hart een modern stationsgebouw met ook een oostelijke ingang. Waar vroeger de ‘IJzeren Rijn’ door het stedelijk gebied heeft gelopen is een prachtige groene, toeristisch/recreatieve en economische zone ontstaan. Van iedere kern en wijk hebben wij een realistisch integraal beeld van de behoeften en mogelijkheden doordat er via co-creatie met betrokkenen een wijk- of centrumplan is opgesteld als basis voor de toekomst. Contouren van onze extra inzet voor 2024 en verder In 2024 (en verder) willen wij extra inzetten op: • Het verkennen van de mogelijkheden om nieuwe woonvormen, zoals bijvoorbeeld een knarrenhofje, te realiseren; • Aanpak van hittestress en verbeteren van verblijfskwaliteit door het realiseren van meer groen, bomen en water; • Het opzetten van c.q.

invulling geven aan nieuw wijken- en kernenbeleid; • Veiligheid met een projectmatige aanpak van overlast en opvolging van de aanpak overlast op en aan het water via het integrale projectplan Maasplassen; • Verdere intensivering aanpak overlast sportparken. • Een structurele aanpak van ondermijning, digitale criminaliteit en veilige wijken een plek geven; • Een onderzoek naar het realiseren van een nieuw Milieupark 2.0; • Duurzame mobiliteit en stadsdistributie; • Het vervangen van meer traditionele vormen van openbare verlichting door LED verlichting; • Impuls buitenruimte de Roerdomp.

K A D E R N OTA 2 0 24

7

2. De stad waar iedereen meedoet Onze ambitie In Roermond kunnen inwoners prettig, gezond en veilig leven. Positieve gezondheid is daarbij uitgangspunt. We leven in een inclusieve samenleving waarin we naar elkaar omkijken. Er is een goede samenhang in de buurten, wijken en dorpskernen met goede, bereikbare en betaalbare zorg en ondersteuning. In Roermond leeft niemand onder de armoedegrens en heeft iedereen de kans op zelfontplooiing, werk en inkomen. Kinderen en jongeren groeien kansrijk op. Ongeacht in welke wijk je geboren wordt of wie je ouders zijn. In de jeugdzorg staat het kind voorop. Kinderen wonen zo veel als mogelijk thuis en wachtlijsten bestaan niet meer. In Roermond zijn er voor jongeren volop kansen voor ontwikkeling, ontplooiing en vermaak. Iedere school heeft een Kinderwijkraad. Iedereen doet mee: jong en oud, vrouwen en mannen, mensen met een beperking; ongeacht je afkomst of achtergrond en ongeacht je seksuele oriëntatie. De samenleving houdt rekening met de ouder wordende mens en is daarop ingericht. Mantelzorgers en vrijwilligers zijn talrijk aanwezig in onze stad en spelen een prominente rol, ook in het sociaal domein. Onze senioren kunnen op een goede manier zo lang als mogelijk thuis (blijven) wonen. Voor senioren zijn er voldoende (betaalbare) woningen, die levensloopbestendig en duurzaam gebouwd zijn.

Er is ingespeeld op de behoefte van de arbeidsmarkt en iedereen die kan en wil werken heeft een baan. Er zijn volop ontwikkelingsmogelijkheden en kansen om deel te nemen aan de maatschappij. Contouren van onze extra inzet voor 2024 en verder In 2024 (en verder) willen wij extra inzetten op: • Het opstellen van en uitvoering geven aan een programmaplan ‘Kiezen voor Kansen’; Als onderdeel hiervan: - Een uitwerkingsprogramma om de koppeling onderwijs, jeugd- en jongerenbeleid en kinderopvang (investeren in de voorkant) te verbeteren; - Uitvoering hervormingsagenda jeugd; - IZA, GALA en WOZO; komen tot een integrale aanpak met een projectplan waarvoor we ook een projectleider aanstellen; - Het starten met een Quiet community; - Een financieel gezonde toekomst voor al onze inwoners door de inzet van een extra sociale boekhouder; - Terugdringen van laaggeletterdheid door o.a. het aanstellen van een projectleider. • Het opstarten van een onderzoek naar mogelijkheden voor een Diversiteitshuis; • Het opvangen van de tariefstijgingen voor ‘Meer Bewegen voor Ouderen’; • Het uitvoeren van onze veranderopgave inburgering.

K A D E R N OTA 2 0 24

8

3. De stad van ontwikkeling Onze ambitie De Roermondse economie floreert en ondernemers hebben de beschikking over voldoende goed gekwalificeerd personeel. Het werkloosheidspercentage in de regio is laag mede doordat er door samenwerking van bedrijfsleven en lokale onderwijsinstellingen een goede match is ontstaan tussen vraag en aanbod. Iedereen die wil participeren op de arbeidsmarkt vindt een passende baan. Voor diegene die onvrijwillig een andere keuze moet maken, wordt een maatwerkoplossing gevonden, bijvoorbeeld met een basisbaan. Bedrijven zijn klaar voor de toekomst en hebben via innovatie de slag gemaakt naar duurzaam en circulair. De inrichting van onze bedrijventerreinen is hierop aangepast. Niet alleen in onze compacte binnenstad, maar ook in de wijkwinkelcentra is de leegstand teruggedrongen, mede doordat een aantal voormalige winkelpanden een andere invulling heeft gekregen. De bezoekers aan onze binnenstad komen van ver buiten de regio en niet alleen om de prachtige winkels en aantrekkelijke horeca te bezoeken. De Roermondse binnenstad heeft de transformatie weten te maken van ‘Place to buy’ naar ‘Place to be’ omdat ondernemers sterk hebben ingezet op beleving. Daarbij is de verbinding gemaakt met andere ontwikkelgebieden en samen met de gemeente Roermond is een sterk raamwerk gebouwd dat we ook krachtig weten te promoten.

Met de juiste voorzieningen hebben we jongeren, ook die in een andere regio zijn gaan studeren, behouden voor onze stad. In een samenspel van Ondernemers, City Marketing en Gemeente ontwikkelen we verder aan Roermond en zetten de stad steeds beter op de kaart. Roermond is trots op de in de stad aanwezige onderwijsinstellingen waar kwalitatief goed onderwijs wordt verzorgd in gebouwen die aan de maat zijn. Er is een campus gerealiseerd die naast een sterk MBO, gestoeld is op de samenwerking met HBO, WO en bedrijfsleven. Het aantal laaggeletterden en inwoners met een taalachterstand is door een gerichte aanpak aanzienlijk teruggelopen. Contouren van onze extra inzet voor 2024 en verder In 2024 (en verder) willen wij extra inzetten op: • De implementatie van de Omgevingswet; • De voortgang van (majeure) ruimtelijke en sociale projecten borgen en waar nodig een verdere versnelling mogelijk maken; • Investeren in de verdere verbetering van de Singelring, nadere uitwerking van fase 3; • Verder uitwerking geven aan ontwikkeling Centrumkwartier en vertaling van de uitgangspunten; • Impuls geven aan c.q.

versnellen doorlooptijd van RO-trajecten, principe-verzoeken, ruimtelijkeen woningbouwprojecten door het aanstellen van extra capaciteit WABO-casemanager, RO-jurist, stedenbouwkundige en uitbreiding uren/budget commissie beeldkwaliteit; • Het uitbouwen van “Roermond Evenementenstad”. O.a. door het aanstellen van een tweede evenementencoördinator in vaste dienst (op dit moment tijdelijke formatie); • De impuls brede economische (door)ontwikkeling via opvolging traject “fit for future” en “een stad bouw je samen” en een doorontwikkeling c.q. toekomstplan stadsmarketing Roermond; • De verdere uitwerking en implementatie van het gebiedsprofiel binnenstad en het centrumplan/ gebiedsprofiel Swalmen; • Een vervolg op en uitwerking van de quickscan ruimte, wonen en bedrijvigheid; • Het wegnemen van functionele en planologische belemmeringen ten aanzien van het historische tracé van de IJzeren Rijn en daarnaast het realiseren van een voetpad en fietspad op het binnenstedelijk deel; • Het verder stimuleren c.q. ondersteunen van het initiatief Civil.

K A D E R N OTA 2 0 24

9

4. De stad van goud, groen en blauw Onze ambitie We hebben de kwaliteiten en potentie van onze monumentale binnenstad, natuurgebieden en de Maasplassen tot bloei weten te brengen zonder andere kwaliteiten en waarden aan te tasten. Zo is voor bewoners en ondernemers een aantrekkelijke binnenstad blijven bestaan en zijn ook natuurwaarden in het Maasplassengebied en in natuur- en buitengebied versterkt. Hoogwateroverlast is niet langer een item. In onze binnenstad is kwalitatief hoogwaardig groen gerealiseerd. Hiermee hebben we niet alleen de stad aantrekkelijker en mooier gemaakt maar tevens de biodiversiteit vergroot, maatregelen getroffen om de effecten van klimaatverandering te verminderen en ook de hittestress verminderd. Onze ecologisch bermaanpak draagt bij aan het bestendigen en verder uitbouwen van onze biodiversiteit. Groene verbindingen zijn gelegd tussen de binnenstad, stadswijken, kernen, buiten- en natuurgebieden. De groene omgeving biedt volop ruimte voor sport en spel en voor nieuwe culturele activiteiten. Die culturele activiteiten van verschillende omvang vinden ook plaats in wijken en kernen. Zowel in de buitenruimte als in eigentijdse accommodaties in die wijken en kernen. Roermond heeft daardoor een bloeiend verenigingsleven. De gemeentelijke organisatie is in 2030 duurzaam, energiezuinig en klimaatneutraal. Roermond haalt deze doelstelling in 2050.

Contouren van onze extra inzet voor 2024 en verder In 2024 (en verder) willen wij extra inzetten op: •  Het herijken van het bestaand en opzetten van nieuw accommodatiebeleid, waar nodig met een koppeling naar bestaande integrale huisvestingsplannen (o.a. sport, onderwijs, vastgoed, wijkaccommodaties); •  Ondersteuning van het initiatief Gebiedsontwikkeling Roermond-Oost (GORO); •  De transitie van Nationaal Park de Meinweg; •  De uitwerking van het integraal projectplan Maasplassen; •  Het uitvoeren van een onderzoek in combinatie met het opstellen van een toekomstplan voor de doorontwikkeling van het Cuypershuis; •  Een onderzoek naar en uitvoering geven aan het vergroenen van (school)pleinen; •  Het structureel uitbreiden van de formatie voor toezicht op Kabels en Leidingen.

K A D E R N OTA 2 0 24

10

5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners Onze ambitie In Roermond en in de (EU)regio wordt prima samengewerkt. Inwoners zijn al aan de voorkant van ontwikkelingen of beleidsprocessen betrokken en komen ook zelf met haalbare ideeën die vervolgens ook (samen) worden gerealiseerd. Bij andere overheden is bekend wat de Roermondse ambities en opgaven zijn. Ze ondersteunen ons bij het realiseren daarvan. Voor de Rijksoverheid geldt dat deze de gemeenten in Nederland, bij de taken die ze moeten uitvoeren, adequaat financieel ondersteunt. De gemeentelijke organisatie is in alles een moderne overheid. Ze is in staat haar taken meer dan naar behoren uit te voeren met een heldere communicatie en toegankelijke dienstverlening en in dialoog met inwoners en ondernemers, die dit zeer waarderen.

Contouren van onze extra inzet voor 2024 en verder In 2024 (en verder) willen wij extra inzetten op: •  Het opstellen van de HR-visie met een bijbehorende uitvoeringsagenda; •  Deregulering en procesoptimalisatie; •  De doorontwikkeling van de organisatie op het gebied van digitalisering, gebruikmaking van data en het opstellen van de visie dienstverlening met een uitvoeringsplan; •  Verdere professionalisering en doorontwikkeling op strategisch/tactisch niveau van het gemeentelijk vastgoed; •  Een meer structurele inbedding van de regionale- en Euregionale samenwerking, waar nodig ook financieel; •  Het opstellen van een strategische communicatievisie.

K A D E R N OTA 2 0 24

11

Werkwijze De aanpak en uitvoering van ambities geven wij vorm op een wijze die past bij een stad en een gemeente die klaar staat voor haar inwoners; met de kracht van samenwerking en met urgentie. De vraagstukken zijn complex en vragen om een integrale en duurzame oplossing. Tegelijkertijd is er geen tijd te verliezen. Er moet nú aan de oplossingen worden gewerkt, om te voorkomen dat er straks geen oplossing meer mogelijk is. Daarbij past een fundamenteel andere benadering en aanpak, waarbij we veel meer gebruik maken van de kracht van de samenleving. Wij werken opgavengericht met een programmatische- en projectmatige aanpak en hebben daarbij negen opgaven geformuleerd: 1. Een bestaanszekerheid voor al onze inwoners Doel: Faciliteren en deels creëren van zekerheid van wonen, werk, inkomen, zorg en participatie in de samenleving. 2. Een passende woning voor iedereen Doel: Voldoende en passend aanbod op de woningmarkt. 3. Een gezond leven mogelijk maken Doel: Faciliteren en deels creëren van omstandigheden waarbinnen inwoners gezond en vitaal kunnen leven. 4. Een veilige omgeving Doel: In Roermond is het veilig leven. 5. Een kansrijke en inclusieve samenleving Doel: In Roermond kan en mag iedereen meedoen. 6. Een nieuwe economie Doel: Bereiken en in standhouden van noodzakelijke voorzieningen. 7.

Een duurzame samenleving Doel: Bereiken en in standhouden van een veilige en gezonde fysiek leefomgeving, een goede omgevingskwaliteit en doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving. 8. Transformatie van centrumgebieden Doel: Bereiken en in standhouden van een toekomstige centrumfunctie (bijv. leven, kopen, verblijven, recreëren). 9. Een organisatie die klaar is voor de toekomst Doel: Een ambtelijke organisatie die klaar is voor de uitdagingen van de toekomst. Onze reguliere taken benoemen wij in deze kadernota niet of minder nadrukkelijk. Neemt niet weg dat deze taken voor een belangrijk deel de basis vormen van onze werkzaamheden en het uitvoeren daarvan draagt in hoge mate bij aan de realisatie van hetgeen we ons tot doel hebben gesteld. Financiële vertaling Wij zijn ambitieus. Maar, zoals wij ook al hebben aangegeven in ons coalitieakkoord, zijn wij realistisch en hebben wij oog voor de actualiteit en de ontwikkelingen om ons heen. Veel van die ontwikkelingen hebben niet alleen impact op de portemonnee van onze inwoners; ze hebben ook effect op het gemeentelijk huishoudboekje. De financiële consequenties van ambities en nieuw beleid (onze extra inzet voor 2024) duiden wij hier op hoofdlijnen; vanuit de negen taakvelden, aangezien dit aansluit bij de nieuwe structuur en indeling van de begroting.

De vijf thema’s uit het coalitieakkoord en de primaire opgaven benoemen wij hierbij (niet uitputtend). Vanuit verbinding, een van de leidende elementen uit het coalitieakkoord, zijn meerdere portefeuillehouders verantwoordelijk voor deze thema’s. In de opmaat naar de begroting 2024 vindt een nadere uitwerking plaats die een vertaling krijgt in de begroting 2024.

K A D E R N OTA 2 0 24

12

Financieel effect (bedragen x € 1.000) Primaire opgaven*

2024

2025

2026

2027

1. Een stad waar je wilt leven 3. De stad van ontwikkeling 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

9

€ 1.340

€ 1.340

€ 1.000

€ 1.000

1. Veiligheid

1. Een stad waar je wilt leven 2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

4, 7, 8

€ 595

€ 595

€ 320

€ 320

2. Verkeer, vervoer en waterstaat

1. Een stad waar je wilt leven 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

4, 7, 8

€ 140

€ 192

€ 379

€ 584

3. Economie

2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

1, 5, 6, 7, 8

€ 380

€ 480

€ 230

€ 130

4. Onderwijs

2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

5, 6

€ 175

€ 125

€ 125

€ 125

5. Sport, cultuur en recreatie

1. Een stad waar je wilt leven 2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

5, 6, 8

€ 750

€ 750

€ 317

€ 283

6. Sociaal domein

1. Een stad waar je wilt leven 2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

1, 2, 3, 5

€ 620

€ 520

€ 400

€ 225

7. Volksgezondheid en milieu

1. Een stad waar je wilt leven 2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

3, 4, 7

€ 390

€ 252

€ 238

€ 175

8. V  olkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

1. Een stad waar je wilt leven 2. De stad waar iedereen meedoet 3. De stad van ontwikkeling 4. De stad van goud, groen en blauw 5. Een stad die klaar staat voor haar inwoners

1, 2, 4, 6, 7, 8

€ 930

€ 1.180

€ 1.230

€ 947

Taakveld

Thema Coalitieakkoord

0. Bestuur en ondersteuning

* De nummers corresponderen met de nummers van de opgaven genoemd onder werkwijze.

K A D E R N OTA 2 0 24

13

Groei Roermond valt sinds het jaar 2023 in de categorie 60.000+ gemeenten. Deze groei is geen doel op zich, maar wel erg belangrijk. Bijvoorbeeld om voor de inwoners van Roermond en omliggende regio het voorzieningenniveau op peil te kunnen houden. Maar bijvoorbeeld ook voor onze ondernemers, om aan voldoende arbeidskrachten te kunnen komen. De lokale overheid dient deze groei te faciliteren door te investeren in die voorzieningen. Daar staan wij voor, ook de komende jaren en in deze kadernota vindt u dat ook terug. Bij die groeiende gemeente vinden wij het in kwalitatieve zin noodzakelijk en in kwantitatieve zin verantwoord om te investeren in groei van de ambtelijke organisatie. Dat is in de huidige arbeidsmarkt niet eenvoudig. We moeten alle zeilen bijzetten om op sterkte te blijven en om nog sneller en beter uitvoering te kunnen geven aan alle taken en ambities. Na jaren waarin de beschikbaarheid van financiële middelen bepalend was voor de uitvoerbaarheid van taken, is dit steeds vaker de beschikbaarheid van personele capaciteit. Het in stand houden van een financiële taakstelling op “personeel” (organisatiewijziging) achten wij dan ook niet langer realistisch.

In aanloop naar de begroting wordt nader onderzocht wat de financiële ruimte binnen de huidige personeelskostenbegroting is als (gedeeltelijke) dekking voor het uitvoeren van de HR-visie (in wording) en de organisatieontwikkeling. We brengen onze organisatie en formatie op orde, waarbij het personeel zo ingezet en gestimuleerd wordt dat organisatieontwikkeling en persoonlijke ontwikkeling elkaar versterken. We geven een reëel beeld van de beschikbare formatie, structurele vacatureruimte die ontstaat door de huidige arbeidsmarkt en kijken naar nieuwe vormen van het organiseren van werk. Bijvoorbeeld door traineeships, eigentijdse arbeidsvoorwaarden, branding van de gemeente Roermond als werkgever, een talentenprogramma en extra HRM-advisering. Zoals in het coalitieakkoord al aangegeven reiken onze ambities verder dan de korte termijn. Met deze kadernota hebben wij, in opmaat naar de begroting voor 2024, een goede eerste stap gezet.

K A D E R N OTA 2 0 24

14

2. Financieel perspectief

K A D E R N OTA 2 0 24

15

Financieel perspectief In dit hoofdstuk worden de financiële kaders geschetst, waarbinnen de begroting 2024 wordt opgesteld en de geschetste contouren worden vormgegeven. Tevens worden de autonome ontwikkelingen inclusief verbonden partijen gepresenteerd, waarna een doorkijk naar het structureel en incidenteel financieel perspectief wordt gemaakt.

2.1. De financiële kaders Bij het opstellen van de kadernota 2024 en begroting 2024 houdt de gemeente Roermond rekening met de aandachtspunten die de provincie Limburg in de brief van 11 april 2023 heeft geformuleerd voor de colleges en raden van alle Limburgse gemeenten. Tevens wordt er rekening gehouden met de financiële regelgeving over de begroting die is beschreven in de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) met bijbehorende notities. De financiële uitgangspunten worden hieronder genoemd. De begroting dient structureel en reëel in evenwicht te zijn Het uitgangspunt is om in november 2023 een begroting 2024 met meerjarenperspectief 20252027 vast te stellen die structureel en reëel in evenwicht is. Hiermee komt de gemeente Roermond in aanmerking voor repressief toezicht door de Provincie Limburg. Repressief toezicht betekent toezicht op afstand. De begroting is structureel in evenwicht als ieder jaar de structurele lasten worden gedekt door structurele baten. De begroting is reëel in evenwicht als de ramingen volledig, realistisch en haalbaar zijn. Voor een reële raming in de begroting 2024 moeten bijvoorbeeld de inkomsten uit het gemeentefonds zijn gebaseerd op de meicirculaire van 2023 en wordt er voldoende rekening gehouden met prijs- en loonontwikkeling en het kwaliteitsniveau voor onderhoud van kapitaalgoederen.

Ook dienen de reeds eerder opgenomen taakstellingen en oplossingsrichtingen voldoende realiseerbaar te zijn. Vanuit de Provincie wordt aangegeven dat in ieder geval het eerste begrotingsjaar sluitend moet zijn. Indien het eerste jaar niet sluitend is, dan zal in elk geval het laatste jaar van de meerjarenbegroting sluitend moeten zijn. Geen opschuivend perspectief Er mag geen sprake zijn van opschuivend perspectief. Hiermee bedoelt de Provincie dat het niet is toegestaan om ieder jaar opnieuw een (meerjaren)begroting aan te bieden waarbij uitsluitend de laatste jaarschijf in evenwicht is. Ontwikkelingen Gemeentefonds Het Rijk informeert de gemeente over het verloop van de algemene uitkering via de zogenoemde circulaires gemeentefonds. Het meerjarige budgettair kader in de kadernota 2024 is gebaseerd op de decembercirculaire 2022 van het Rijk, welke op het moment van de publicatie van deze kadernota de laatst uitgebrachte- en door de Raad besloten circulaire van het Rijk betreft. Accres ontwikkelingen (na 2026) De ontwikkelingen van het gemeentefonds worden voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Tot 2026 gold hiervoor de normeringssystematiek (trap op trap af) waarbij wijzigingen in de rijksuitgaven direct invloed hebben op de omvang van de algemene uitkering.

Het Rijk heeft aangegeven dat met gemeenten en provincies gewerkt wordt aan een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2026. Het accres is derhalve niet door vertaald naar 2026 en het restant van de opschalingskorting is alsnog geëffectueerd. Met deze ingrepen ontstond er vanaf 2026 een financiële terugval voor veel gemeenten (zo ook Roermond). Zoals beschreven in de raadsinformatiebrief Septembercirculaire 2022 (83308-2022/19 okt 2022) is er voor het jaar 2026 aan gemeenten een eenmalige bijdrage verstrekt (€ 3,5 mln. voor Roermond) om dit gat incidenteel te dichten, met inachtneming dat er nog geen duidelijkheid is over verdere structurele dekking vanaf 2027.

K A D E R N OTA 2 0 24

16

In de voorjaarsnota 2023 van het Rijk is opgenomen dat ook vanaf 2027 dit bedrag structureel beschikbaar komt voor gemeenten. Hiermee wordt een stabiele, solide en duurzame financiële basis geboden. Het bedrag wordt grotendeels via de algemene uitkering beschikbaar gesteld en deels toegevoegd aan het BTW-compensatiefonds. Het deel voor het BTW-compensatiefonds wordt structureel niet doorgerekend. De meicirculaire Gemeentefonds 2023 geeft hierover definitief uitsluitsel. De meicirculaire 2023 is niet verwerkt in de kadernota. Uw raad wordt wel middels een raadsinformatiebrief voorafgaand aan de raadsvergadering van de kadernota geïnformeerd over de uitkomsten van de meicirculaire. In deze brief zal een nadere update worden gegeven van het begrotingssaldo. In lijn met de procedure van voorgaande jaren worden de beleidskeuzes die volgen uit de meicirculaire 2023 integraal verwerkt in de begroting 2024. Loon- en prijscompensatie Onderdeel van het accres zijn de vergoedingen voor loon- en prijsindexatie. Onderstaand volgt een uiteenzetting voor beide indexaties. • Prijsindexatie In 2023 is de begroting structureel geïndexeerd op basis van de IMOC uit de meicirculaire 2022 (2,3%), aangevuld met een percentage uit de septembercirculaire 2021 (2,7%, in totaliteit 5%).

Ook in de septembercirculaire 2022 zijn middelen beschikbaar gesteld, welke gericht ingezet worden ter dekking van de autonome ontwikkelingen met name als gevolg van gestegen prijzen. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft in maart 2023 het Centraal Economisch Plan (CEP) gepubliceerd. De eerste inzichten van het CPB voor de prijzen laten op basis van het CEP 2023 de volgende aangepaste indexcijfers zien voor de ‘prijs materiële overheidsconsumptie’ (IMOC); 2024: 3,9%, 2025 e.v.: 1,6%. Voor het boekjaar 2024 zou dit een structurele toename van 1,5% betekenen op de op dit moment geraamde indexering van 2,4%. De jaren 2025 e.v. laten een lichte daling zien (-/- 0,8% 2025, -/0,3% 2026 e.v.) t.o.v. de ramingen septembercirculaire 2022. • Loonindexatie In de meerjarenbegroting is gemiddeld 4% per jaar opgenomen voor loonindexatie. De nieuwe cao loopt korter (tot 1 januari 2024) dan het meerjarenperspectief van deze kadernota en begroting 2024, waardoor deze vooralsnog niet als uitgangspunt kan dienen. Daarom wordt meerjarig uitgaan van de cijfers CPB – Loonvoet sector overheid. De eerste inzichten van het CPB op basis van het CEP 2023 laten de volgende aangepaste indexcijfers zien; 2024: 5,2%, 2025: 5,8%, 2026: 4,8%, 2027: 4,2%. Voor het meerjarig perspectief betekent dit op basis van de huidige inzichten een structurele toename van gemiddeld 1% per jaar t.o.v.

de huidige geraamde indexeringen. Op basis van deze informatie wordt voorzichtig ingeschat dat gemeenten hiervoor een aanvullende prijs- en looncompensatie gaan ontvangen van het Rijk. Hierover worden de gemeenten geïnformeerd in de komende meicirculaire 2023. Daarom worden de mutaties meicirculaire 2023 in tabel 2 vooralsnog als p.m. weergegeven.

K A D E R N OTA 2 0 24

17

2.2. Autonome ontwikkelingen Onderdeel van deze kadernota vormt een inventarisatie van de autonome ontwikkelingen. Hiervoor heeft er een organisatie-brede uitvraag plaatsgevonden van de autonome ontwikkelingen die in 2024 en verder verwacht worden op basis van onderstaande definitie.

Definitie: Autonome ontwikkelingen zijn ontwikkelingen die op de gemeente afkomen, waar de gemeente zelf geen invloed op kan uitoefenen. Bijvoorbeeld areaaluitbreiding, prijsstijgingen of er is sprake van wet- en regelgeving, waarbij geen keuzemogelijkheid is in de uitvoering.

In onderstaand overzicht zijn de autonome ontwikkelingen opgenomen. Hierbij is onderscheid gemaakt in de volgende categorieën: • Verbonden partijen • Investeringsbudgetten • Exploitatiebudgetten Tabel 1: Autonome ontwikkelingen Bedragen x € 1.000,-

2024

2025

2026

2027

Verbonden partijen

-1.449

-2.041

-2.034

-1.738

Investeringsbudgetten (afschrijvingen)

-86

-72

-345

-770

Investeringsbudgetten (rente)*

-5

p.m.

p.m

p.m.

Exploitatiebudgetten

-1.665

-1.575

-1.575

-1.575

Totaal

-3.205

-3.688

-3.954

-4.083

* De doorrekening van de rente vindt plaats richting de begroting en zal nog een effect hebben op de totaaltelling. In de bijlagen zijn de bovengenoemde autonome ontwikkelingen nader onderbouwd. • Bijlage 1: Autonome ontwikkelingen verbonden partijen • Bijlage 2: Autonome ontwikkelingen investeringsbudgetten • Bijlage 3: Autonome ontwikkelingen exploitatiebudgetten

K A D E R N OTA 2 0 24

18

2.3. Structureel en incidenteel financieel perspectief In deze paragraaf actualiseren we de structurele en incidentele financiële positie. Structurele financiële positie 2024-2027 Het financiële vertrekpunt is het meerjarig begrotingssaldo primitieve begroting 2023 en de reeds genomen besluiten vanuit de 3e bestuursrapportage 2022 en 1e tussenrapportage 2023. Daarnaast presenteren we de effecten vanuit de investeringsrapportage 2022 (a). Ook zijn de autonome ontwikkelingen zoals zichtbaar in tabel 1 opgenomen (b). Voor deze autonome ontwikkelingen is dekking beschikbaar vanuit de septembercirculaire 2022 (RIB 83308-2022), waarin de prijsindex naar boven is bijgesteld. Deze middelen zijn destijds in demeerjarenbegroting 2023-2026 opgenomen en zullen worden ingezet ter dekking van prijsstijgingen (c). De ambities uit het voorgaande hoofdstuk zijn opgenomen (d). De nadere uitwerking vindt richting de begroting plaats. Aanvullende effecten vanuit de meicirculaire zijn nog niet verwerkt in deze kadernota en zijn derhalve opgenomen als p.m (e). Bovengenoemde mutaties leiden tot onderstaand bijgesteld begrotingssaldo. Tabel 2: Geactualiseerde structurele financiële positie Bedragen x € 1.000,-

2024

2025

2026

2027

Meerjarig saldo primitieve begroting 2023

5.786

10.290

883

883

Moties en amendementen begroting 2023

-601

-601

-397

-397

Mutaties septembercirculaire (3e burap 2022)

3.851

4.317

8.207

7.914

Autonome ontwikkeling prijsindexatie (3e burap 2022)

-3.128

-3.116

-3.124

-3.124

1e tussenrapportage 2023 (o.a. december circ. 2022)

-74

-137

-54

-54

Vertrekpunt kadernota 2024

5.834

10.753

5.515

5.222

a) Investeringsrapportage 2022

840

772

795

762

b) Autonome ontwikkelingen

-3.205

-3.688

-3.954

-4.083

c) Inzet extra prijsindexatie 2023 ter dekking autonoom

3.128

3.116

3.124

3.124

d) Ambities

-5.320

-5.434

-4.239

-3.789

e) Ontwikkelingen meicirculaire 2023

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Bijgesteld begrotingssaldo 1 mei 2023

1.277

5.519

1.241

1.236

(Verwachte) besluitvorming:

* Het saldo 2026 is structureel opgenomen als gevolg van de voorjaarsnota 2023 (zie paragraaf 2.1, onderdeel accres ontwikkelingen). Voor de bepaling van de structurele financiële ruimte in de begroting 2024 is de laatste jaarschijf leidend. De verwerking van de financiële effecten uit de meicirculaire 2023, zal nog leiden tot een gewijzigd beeld. Op basis van het huidige beeld is er voldoende ruimte om de autonome ontwikkelingen structureel te kunnen dekken.

K A D E R N OTA 2 0 24

19

Incidentele financiële positie De incidentele financiële positie wordt tevens geactualiseerd. Binnen de algemene reserve wordt rekening gehouden met een gewenst minimumniveau. Daarnaast is de claim vanuit het sociaal domein in beeld gebracht. Bij de begroting 2023 werd uitgegaan van een gewenste minimumpositie van € 11,8 miljoen. Bij de jaarstukken 2022 heeft er een actualisatie plaatsgevonden van de risico’s en de daarop gebaseerde benodigde weerstandscapaciteit. Hieruit blijkt een bijstelling van de minimumpositie naar € 12,4 miljoen. In onderstaande tabel ziet u een uiteenzetting: Tabel 3: Incidentele financiële positie Omschrijving (bedragen x € 1.000)

2023

Stand algemene reserve (na besluitvorming jaarrekening 2021)

37.772

Besluitvorming burap. 2021

-149

Besluitvorming Lokaal fonds aanpak energiearmoede

-1.800

Besluitvorming grondverkopen 2022

225

Besluitvorming begroting 2023

-6.961

Af: Dekking amendementen begroting 2023

-100

Af: Reserveonttrekkingen 1e tussenrapportage 2023

-2.652

Stand algemene reserve (na besluitvorming 1e tussenrapportage)

26.335

2025

2026

2027

26.288

26.288

26.288

26.288

2024

-47

Stand algemene reserve na verwachte besluitvorming: Voorlopig jaarrekening resultaat 2022*

30.491

Voorstel budgetoverheveling en resultaatbestemming 2022*

-7.937

Prognose stand algemene reserve

48.889

48.842

48.842

48.842

48.842

Algemene reserve exclusief claim sociaal domein

41.609

41.562

41.562

41.562

41.562

Claim sociaal domein binnen algemene reserve

7.280

7.280

7.280

7.280

7.280

Minimumniveau algemene reserve (inclusief claim sociaal domein)

12.415

12.415

12.415

12.415

12.415

Prognose algemene reserve t.o.v. minimumniveau

36.474

36.427

36.427

36.427

36.427

* Bedragen kunnen nog wijzigen o.b.v. de definitieve jaarrekening 2022

K A D E R N OTA 2 0 24

20

3. Projectopdrachten

K A D E R N OTA 2 0 24

21

Projectopdrachten In deze kadernota zijn een aantal projectopdrachten verder uitgewerkt. Deze projectopdrachten vloeien voort uit het coalitieakkoord. Het gaat om de volgende projectopdrachten: 1. Inzicht in (bestemmings)reserves en voorzieningen. 2. Inzicht in meerjarige investeringsplanning. 3. Onderzoek belastingheffingen, grondslagen, varianten en financiële consequenties. 4. Actualisatie risicoprofiel (weerstandsvermogen en risicoprofiel) 5. Herinrichting programmastructuur.

3.1. Inzicht in reserves en voorzieningen In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de reserves en voorzieningen, met daarbij borging in het reguliere P&C proces. De grondslag voor de reserves en voorzieningen komt voort uit de nota reserves en voorzieningen gemeente Roermond 2023. Reserves en voorzieningen worden vaak in één adem genoemd. Toch is er een wezenlijk verschil. Reserves zijn vrij besteedbaar en zijn bestemd voor bijvoorbeeld het dekken van incidenteel beleid. Reserveren is een vorm van sparen. Meestal gaat het om zaken die niet direct in de exploitatie kunnen worden opgevangen en die incidenteel van aard zijn. Reserves kunnen in principe vrij worden bestemd. De gemeenteraad kan aan reserves een bepaalde bestemming geven of de bestemming wijzigen. Bij voorzieningen ligt dat anders. Voorzieningen worden gevormd omdat daar verplichtingen of risico’s tegenover staan waarbij omvang en tijdstip van voordoen onzeker zijn. Voorziening

Reserve Verantwoordelijk

De raad is bevoegd (instellen, beschikken en opheffen)

De raad is bevoegd (instellen en opheffen) Het college is bevoegd (beschikken)

Onderdeel van

Eigen vermogen

Vreemd vermogen

Wijziging bestemming

Mogelijk

Niet mogelijk

Aanwending vrij

Ja

Alleen voor het betreffende doel

Opbouw (toevoeging)

Resultaat bestemmend (wordt begroot)

Resultaat bepalend

Het resultaat van de baten en lasten leidt tot een toevoeging aan respectievelijk onttrekking uit de reserve

De storting in een voorziening is een last voor de begroting en komt direct ten laste van de exploitatie

Raadsbesluit is vereist Directe toevoeging is niet toegestaan Aanwending (onttrekking)

Resultaat bestemmend (wordt begroot) Directe onttrekking (via exploitatie) is niet toegestaan

Rechtstreeks uit de voorziening

Financiële onderbouwing

Niet verplicht, wel wenselijk

Ja, verplichte onderbouwing

Indeling

• Algemene reserve • Bestemmingsreserves

Voorzieningen voor: • Verplichtingen en verliezen • Bestaande risico’s • Egalisatie van kosten • Bijdragen van derden

K A D E R N OTA 2 0 24

22

Gezien het te maken onderscheid tussen reserves en voorzieningen, is in deze projectopdracht niet voor beide onderdelen dezelfde methodiek gekozen. Onderstaand wordt dit per onderdeel toegelicht. Voorzieningen Zoals aangegeven worden voorzieningen gevormd voor diverse doeleinden, zoals verplichtingen/ risico’s en onderhoudsvoorzieningen. Voorzieningen kunnen worden opgeheven als de verplichting en/of het risico waarvoor de voorziening is gevormd, niet meer bestaat. Jaarlijks worden bij de jaarrekening alle voorzieningen toegelicht en gecontroleerd door de accountant. Indien uit deze controle blijkt dat er geen doel meer verbonden is aan de voorziening, wordt de voorziening opgeheven. In deze projectopdracht heeft er derhalve geen nadere toetsing van de voorzieningen plaats gevonden, dit is geïntegreerd in het reguliere P&C proces middels de jaarrekeningcontrole. Reserves In aanloop naar deze kadernota zijn alle bestaande reserveclaims in kaart gebracht. Het doel hiervan is om inzicht te geven in deze reserveclaims. Voor de kadernota is een technische analyse uitgevoerd van de reserveclaims, waarbij rekening is gehouden met de volgende criteria in aansluiting op de nota reserves en voorzieningen: 1. Startdatum reserveclaim: reserveclaims vervallen uiterlijk drie jaar na het instellen van de reserve of het ontstaan van de claim.

2. Historie onttrekkingen en/of stortingen reserveclaim: indien er 3 jaar geen mutatie heeft plaatsgevonden, kan de claim vervallen. 3. Verwachte stand reserveclaim per 01-01-2024: reserveclaims kleiner dan € 25.000 vallen vrij, uitgezonderd: de wettelijke of contractuele en keiharde onontkoombare verplichtingen en de reserves ter dekking van de kapitaallasten. In totaliteit zijn er 108 reserveclaims. Op basis van de technische analyse adviseren we om voor de reserveclaims die groter zijn dan € 25.000 een nadere beoordeling te doen. In totaliteit zijn dit 57 reserveclaims, met een totaalbedrag van bijna € 20 miljoen. Gezien de diversiteit van deze reserveclaims, is het van belang dat hier niet alleen een technische, maar ook een inhoudelijke analyse plaatsvindt. Hierbij wordt onder andere aandacht besteed aan het oorspronkelijke doel, de hoogte, de historische inzet en de toekomstige verwachte inzet. Dit zal richting de 3e tussenrapportage 2023 verder opgepakt worden en waar nodig financieel vertaald. Uit de analyse blijkt dat er in totaliteit 51 reserveclaims kleiner dan € 25.000 zijn, met een totaalbedrag van circa € 158.000 (verwachte stand 01-01-2024). Op basis van bovenstaande criteria kunnen deze grotendeels vrijvallen. Voor 18 claims is het advies om deze – ondanks de stand – te handhaven.

De reden hiervoor is dat dit bijvoorbeeld kapitaallastenreserves zijn of dat hier andere verplichtingen aan ten grondslag liggen. In de 2e tussenrapportage 2023 zal de verwerking hiervan plaatsvinden.

K A D E R N OTA 2 0 24

23

3.2. Inzicht in meerjarige investeringsplanning Middels de investeringsrapportage 2022 (zaaknummer 27627-2023, 1 juni 2023) is de meerjarige investeringsplanning recent geactualiseerd. Deze geactualiseerde investeringsplanning is de basis voor de nadere uitwerking in deze paragraaf. Onderstaand wordt allereerst de wijziging van de investeringsplanning op basis van de autonome ontwikkelingen gepresenteerd. Voor de ambities op het gebied van investeringsprojecten wordt u verwezen naar hoofdstuk 2 van deze kadernota. Autonome ontwikkelingen en actualisatie investeringsplanning In hoofdstuk 2 van deze kadernota zijn de autonome ontwikkelingen op het gebied van investeringsprojecten opgenomen. Door het toevoegen van de autonome ontwikkelingen aan de investeringsplanning stijgt de totale investeringsbegroting. Dit is o.a. het gevolg van prijsstijgingen. De uitbreiding van de investeringsplanning kan gevolgen hebben voor de uitvoerbaarheid. Om de investeringsplanning realistisch te houden, is de investeringsplanning geactualiseerd. In bijlage 4 is het totaaloverzicht van investeringen opgenomen, bestaande uit de vastgestelde situatie voor wijziging en de situatie na actualisatie en toevoeging van de voorgestelde autonome ontwikkelingen. Volledigheidshalve wordt vermeld dat dit overzicht niet de ambities op het gebied van investeringsprojecten omvat.

Deze worden richting de begroting 2024 nader uitgewerkt. Ambities op het gebied van investeringsprojecten In het coalitieakkoord “De stad van ambitie, daadkracht en verbinding” zijn de lange termijn ambities geformuleerd. In hoofdstuk 2 van deze kadernota zijn de contouren voor extra inzet voor 2024 en verder opgenomen. De investeringen zijn daar een onderdeel van.

K A D E R N OTA 2 0 24

24

3.3. Onderzoek belastingheffingen, grondslagen, varianten en financiële consequenties In het coalitieakkoord zijn de ambities voor de periode 2022-2026 omschreven. Daarbij hoort ook een gezond financieel beleid om deze ambities waar te maken. Hiervoor is het wenselijk om inzicht te krijgen in de varianten, grondslagen en financiële consequenties van de belastingsoorten welke voor een deel bijdragen aan de inkomsten van de gemeente. Dit hoofdstuk en de bijbehorende bijlagen 5, 6 en 7 richten zich op de onroerendezaakbelasting (OZB), de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Gelijktijdig met het opmaken van de kadernota, loopt ook het proces rondom de harmonisatie BsGW. Bij de gemaakte doorrekeningen is zoveel mogelijk aangesloten bij de voorkeursvariant van de BsGW. Huidige situatie In onderstaande tabel is de heffingsgrondslag van OZB schematisch weergegeven. Het uitgangspunt hierbij is de vastgestelde begroting 2023. Bij de begroting 2023 is het eerder genomen besluit om de OZB met 8% te verhogen teruggedraaid. Bij de begroting 2023 is dan ook geen 8% verhoging toegepast, maar is besloten de meerjarenbegroting jaarlijks te verhogen met 2,5% (vanaf 2024) en de geldende index. Voor afvalstoffen- en rioolheffing geldt het maximaal kostendekkendheidsbeginsel. Dit betekent dat de baten niet hoger mogen zijn dan de lasten.

De begroting en het tarief wordt dan ook jaarlijks bijgesteld afhankelijk van de ontwikkeling van de lasten. Tabel 4: Verloop heffingspercentage OZB – huidige situatie Woningen Eigenaren

Niet woningen Eigenaren

Niet woningen Gebruikers

Begrote opbrengst

2023

0,1121%

0,2237%

0,1901%

€ 16.763.000

2024

0,1170%

0,2335%

0,1985%

€ 17.569.000

2025

0,1226%

0,2445%

0,2078%

€ 18.412.000

2026

0,1285%

0,2565%

0,2179%

€ 19.296.000

2027

0,1317%

0,2627%

0,2233%

€ 19.778.400

Afgezet tegen het landelijk en provinciaal gemiddelde geeft dit voor OZB het volgende beeld: Tabel 5: Landelijk en provinciaal gemiddelde OZB Percentage Eigenaar Woning

Percentage Eigenaar Niet-Woningen

Percentage Gebruiker Niet-Woning

Totaal percentage niet- woningen

Gemeente Roermond

0,1121%

0,2237%

0,1901%

0,4138%

Gemiddeld percentage landelijk

0,0978%

Niet bekend

Niet bekend

0,4778%

Gemiddeld percentage provincie Limburg

0,1266%

0,3170%

0,2561%

0,5731%

K A D E R N OTA 2 0 24

25

Voor de volledigheid wordt ook een voorbeeld weergegeven van de integrale lastendruk in de huidige situatie voor een gemiddelde woning en niet-woning. De gemiddelde woning in Roermond heeft een waarde van € 289.878 (afgerond € 300.000), de gemiddelde niet-woning € 601.324 (afgerond € 600.000). Tabel 6: Verloop heffing in euro’s – huidige situatie – woning € 300.000 2023

2024

2025

2026

2027

OZB*

€ 336,30

€ 351,00

€ 367,80

€ 385,50

€ 395,10

Afval**

€ 295,97

€ 295,97

€ 295,97

€ 295,97

€ 295,97

Riool**

€ 183,55

€ 183,55

€ 183,55

€ 183,55

€ 183,55

Totaal

€ 815,82

€ 830,52

€ 847,32

€ 865,02

€ 874,62

Woning Eigenaar

Tabel 7: Verloop heffing in euro’s – huidige situatie – niet-woning eigenaar € 600.000 2023

2024

2025

2026

2027

OZB*

€ 1.342,17

€ 1.478,40

€ 1.636,20

€ 1.800,60

€ 1.891,20

Riool**

€ 183,55

€ 183,55

€ 183,55

€ 183,55

€ 183,55

Totaal

€ 1.525,72

€ 1.661,95

€ 1.819,75

€ 1.984,15

€ 2.074,75

Niet-woning Eigenaar

Tabel 8: Verloop heffing in euro’s – huidige situatie – niet-woning gebruiker € 600.000 2023

2024

2025

2026

2027

OZB*

€ 1.140,71

€ 1.256,40

€ 1.390,80

€ 1.530,60

€ 1.607,40

Riool**

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Totaal

€ 1.140,71

€ 1.256,40

€ 1.390,80

€ 1.530,60

€ 1.607,40

Niet-woning Gebruiker

* Dit is inclusief indexering en 2,5% stijging per jaar. ** Dit is exclusief de jaarlijkse bijstelling op basis van het kostendekkendheidbeginsel. (Vervolg)proces Vanuit de gemeenteraad is een werkgroep samengesteld. Deze werkgroep heeft middels een opdracht aan ANG de mogelijkheden en de financiële consequenties in beeld gebracht van een aantal varianten in de heffingssystematiek. Doelstelling was om inzicht te krijgen in de verschillende varianten, grondslagen en financiële consequenties van de belastingsoorten om uw raad in positie te brengen hier mogelijk andere keuzes in te maken. Het rapport dat ANG heeft opgeleverd (bijlage 5) geeft dit inzicht, maar bood het college nog niet op alle onderdelen voldoende inzicht (met name op OZB en afvalstoffenheffing). Dit was dan ook de aanleiding om aanvullende scenario’s op te vragen. Deze zijn opgenomen in addendum 1 (bijlage 6) en addendum 2 (bijlage 7). Op 24 mei jl. zijn de stukken integraal aangeboden aan de raadswerkgroep. We hebben hiermee het vertrouwen dat we uw raad voldoende inzicht geven voor het voeren van een adequaat debat.

K A D E R N OTA 2 0 24

26

3.4. Actualisatie risicoprofiel In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in het weerstandsvermogen en het risicoprofiel. Inventarisatie van risico’s Tegenover de weerstandscapaciteit staat een aantal risico’s, die niet (geheel) gedekt zijn en van substantieel belang (kunnen) zijn om de financiële positie van de gemeente (meerjarig) te kunnen beoordelen. In de jaarrekening 2022 heeft er een actualisatie plaatsgevonden van de belangrijkste risico’s. Samen tellen deze op naar 12,4 miljoen. Voor de onderbouwing en een uitgebreide toelichting, verwijzen wij dan ook naar de jaarstukken 2022, welke gelijktijdig met deze kadernota aan de gemeenteraad aangeboden wordt. Ratio weerstandsvermogen Wij drukken het weerstandsvermogen uit in een ratio. Met behulp van dit verhoudingsgetal wordt bepaald of het weerstandsvermogen toereikend is. Voor de waardering van de weerstandsratio wordt gebruik gemaakt van de normtabel die door de Universiteit van Twente is ontwikkeld. Weerstandsratio

Waardering

> 2,0

Uitstekend

1,4 – 2,0

Ruim voldoende

1,0 – 1,4

Voldoende

0,8 – 1,0

Matig

0,6 – 0,8

Onvoldoende Ruim onvoldoende

< 0,6

De gemeente streeft naar een minimaal gewenste ratio van 1,4. Dit is gebaseerd op besluitvorming bij de begroting 2022. In de jaarrekening 2022 is de ratio gebaseerd op de stand van de algemene reserve per 31-12-2022. Bij de kadernota 2024 wordt uitgegaan van het geactualiseerde weerstandsvermogen, zijnde de prognosestand van de algemene reserve (zoals opgenomen in paragraaf 2.3 tabel 3). Het benodigd weerstandsvermogen betreft het minimum niveau van de algemene reserve. De ratio wordt als volgt berekend:

Beschikbare weerstandsvermogen

Benodigd weerstandsvermogen

►

48.889 12.415

►

3,9

Conclusie: Op basis van de actualisatie van het weerstandsvermogen is de weerstandsratio voor 2023: 3,9. Uitgaande van een minimaal gewenste ratio van 1,4 en afgezet tegen de normeringstabel is de weerstandscapaciteit hiermee uitstekend.

K A D E R N OTA 2 0 24

27

3.5. Herinrichting programmastructuur In deze paragraaf wordt de voorgestelde programmastructuur van begroting 2024 weergegeven. In het BBV (besluit, begroting en verantwoording) is opgenomen dat er financieel gerapporteerd moet worden op taakveld. Dit is een vereiste. De programma indeling is vrij en wordt door de gemeenteraad vastgesteld. In de financiële verordening van de gemeente Roermond is het volgende opgenomen:

Artikel 2. Programma-indeling 1.  De raad stelt bij aanvang van iedere raadsperiode op voorstel van het college een programmaindeling voor die raadsperiode vast. 2. De raad stelt op voorstel van het college per programma de maatschappelijke effecten, de doelstellingen die hier een bijdrage aan leveren en de daarbij relevante beleidsindicatoren vast. Het voorstel bevat tenminste de verplichte beleidsindicatoren. 3. De raad stelt op voorstel van het college vast over welke onderwerpen hij in extra paragrafen naast de verplichte paragrafen van de begroting en jaarstukken kaders wil stellen en wil worden geïnformeerd.

Bij aanvang van de nieuwe raadsperiode is geen nieuwe programma-indeling vastgesteld. In afwijking van artikel 2, stellen wij nu alsnog een nieuwe programma-indeling voor. Voorstel nieuwe programma indeling Het voorstel is om vanaf begroting 2024 de programma indeling aan te passen naar de taakveldindeling. Deze indeling heeft als voordeel dat de vergelijkbaarheid met andere gemeenten toeneemt en biedt een vaste structuur richting toekomst. Om wel te kunnen sturen op de ambities uit het coalitieakkoord en de opgaven, is het voorstel om hiervoor een nieuwe, aparte paragraaf op te stellen.

8.966 12.291 3.011 8.725 17.914 106.684 17.191 4.952

1.0 - Veiligheid

2.0 - Verkeer, vervoer en waterstaat

3.0 - Economie

4.0 - Onderwijs

5.0 - Sport, cultuur en recreatie

6.0 - Sociaal Domein

7.0 - Volksgezondheid en milieu

8.0 - Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing 223.211

43.477

0.0 - Bestuur en ondersteuning

Totaal taakvelden

Lasten

-223.211

-2.432

-15.561

-30.973

-1.886

-3.724

-2.440

-2.369

-1.051

-162.775

Baten

0

2.519

1.631

75.713

16.027

5.001

570

9.921

7.915

-119.298

Lasten

Begroting 2023

(bedragen x € 1.000)

Taakveld

227.273

7.255

16.725

99.493

17.985

8.939

2.918

12.503

8.821

52.634

Lasten

-227.273

-4.772

-15.568

-30.654

-1.886

-3.565

-2.440

-2.389

-1.042

-164.957

Baten

0

2.482

1.158

68.839

16.099

5.374

477

10.113

7.780

-112.322

Lasten

Begroting 2024

De voorgestelde nieuwe indeling ziet er op basis van de primitieve begroting 2023 als volgt uit:

232.625

4.861

16.812

98.856

18.058

9.541

2.788

12.623

8.736

60.350

Lasten

-232.625

-2.261

-15.728

-30.658

-1.886

-3.565

-2.441

-2.409

-1.018

-172.659

Baten

0

2.599

1.085

68.198

16.173

5.977

348

10.214

7.718

-112.308

Lasten

Begroting 2025

226.745

6.838

16.827

98.003

18.068

9.755

2.787

13.120

8.694

52.653

Lasten

-226.745

-4.240

-15.752

-30.381

-1.808

-3.565

-2.441

-2.426

-1.033

-165.099

Baten

0

2.598

1.076

67.622

16.259

6.190

347

10.694

7.661

-112.445

Lasten

Begroting 2026

28

1E T U S S E N R A P P O R TAG E 2 0 2 3

K A D E R N OTA 2 0 24

28

K A D E R N OTA 2 0 24

29

Stadhuis, Markt 31 | Postbus 900 | 6040 AX Roermond

| www.roermond.nl |

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=973bfc19-e68e-4c8e-8738-781e93e6ae75