CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Kadernota 2023

Gemeenteraad 7 juli 2022, gemeente RoermondBij agendapunt: Kadernota 20235.424 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

K A D E R N OTA 2 0 2 3

1

Kadernota

2023

GEMEENTE ROERMOND

2

K A D E R N OTA 2 0 2 3

3

Inhoudsopgave Voorwoord

5

1. Inleiding en financiële uitgangspunten

7

2. Financieel perspectief

11

2.1 Structureel begrotingskader 2022 - 2026

13

2.2 Incidentele financiële positie

17

3. Weerstandsvermogen en risicoparagraaf

19

Bijlage 1 Autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen

22

Autonome ontwikkelingen

22

Vervangingsinvesteringen

25

Bijlage 2 Begrotingswijziging Decembercirculaire 2021

26

GEMEENTE ROERMOND

4

K A D E R N OTA 2 0 2 3

5

Voorwoord Graag bieden wij u hierbij onze laatste kadenota aan. Een kadenota die vooral financieel-technisch van aard is. De plannen en ambities uit een nog te presenteren coalitieakkoord zijn hierin niet meegenomen. De voorliggende kadernota laat zien hoe de gemeentelijke financiën ervoor staan en geeft, door het stellen van de financiële kaders, de ruimte aan voor het gemeentelijk beleid. We schrijven deze kadenota in een tijd zonder coronamaatregelen en -beperkingen. Niet lang geleden nog ondenkbaar. Tegelijk is op het Europese vasteland een andere ondenkbare realiteit bewaarheid geworden. We zijn geconfronteerd met een vreselijke oorlog, waarvan we dagelijks de beelden tot ons krijgen. De oorlog is ook tastbaar in Roermond, onder andere door de aanwezigheid van mensen die de oorlog zijn ontvlucht. Maar ook in de vorm van schaarste en stijgende prijzen. Dit heeft mede tot gevolg dat veel mensen hun energierekening niet meer kunnen betalen of hard geraakt worden door de ongekende inflatie. Het brengt onzekerheid over de toekomst en gevoelens van vertwijfeling en onveiligheid. Zoals u in de jaarrekening 2021 heeft kunnen lezen hebben we het jaar afgesloten met een fors positief financieel resultaat. Daarmee is al een aanzet gegeven voor een betere financiële huishouding, die wij reeds bij de Begroting 2022 hebben ingezet.

We zijn er de afgelopen jaren in geslaagd om, ondanks alle uitdagingen, veel te realiseren én een gezonde financiële basis te creëren, waarvan ook het nieuwe stadsbestuur en de inwoners van Roermond profijt zullen hebben. In deze kadenota zijn, zoals gebruikelijk in de overgang naar een nieuwe bestuursperiode, met name de autonome ontwikkelingen opgenomen. Maar er liggen voor de nieuwe gemeenteraad en voor het volgende college een veelheid aan uitdagingen. Denk aan de klimaatopgave, de wateropgave, de invoering van de Omgevingswet, de uitdagingen in plangebied Roerdelta, de langetermijneffecten van de coronapandemie, de spanning op de arbeidsmarkt, de herijking van het gemeentefonds en zo zijn er nog wel meer te benoemen. Gelukkig bieden wij, zoals ook blijkt uit deze kadenota, een gezonde financiële basis om op voort te bouwen en uitdagingen het hoofd te bieden. Het college van burgemeester en wethouders

GEMEENTE ROERMOND

6

K A D E R N OTA 2 0 2 3

7

1. Inleiding en financiële uitgangspunten

GEMEENTE ROERMOND

8

K A D E R N OTA 2 0 2 3

9

Inleiding en financiële uitgangspunten In de planning & control cyclus voor 2022 is, conform onze financiële verordening, opgenomen dat het college van burgemeester en wethouders aan de gemeenteraad een voorstel doet voor beleidsmatige- en de financiële kaders van de begroting 2023 en de daarop volgende jaren (de kadernota). Deze kadernota is een combinatie van de actualisatie financiële positie 2022 en een meerjarige doorkijk. De insteek is financieel van aard en omvat de actuele (financiële) situatie van de lopende begroting, relevante financiële ontwikkelingen en het effect daarvan op de meerjarenbegroting 2023-2026. In verband met de gemeenteraadsverkiezingen en daaropvolgende coalitievorming zal de kadernota beleidsarm zijn, waarbij inzicht gegeven zal worden in de financiële kaders en uitgangspunten voor de begroting. De nota bevat uitsluitend autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen. De door uw raad vastgestelde kadernota vormt het uitgangspunt voor de begroting 2023.

Financiële uitgangspunten (kaders) Bij het opstellen van de kadernota en begroting 2023 houdt de gemeente Roermond rekening met de aandachtspunten die de provincie Limburg in de brief van 12 april heeft geformuleerd voor de colleges en raden van alle Limburgse gemeenten en met de financiële regelgeving over de begroting die is beschreven in de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) met bijbehorende notities. De belangrijkste financiële uitgangspunten worden hieronder genoemd.

Begroting is structureel en reëel in evenwicht Het uitgangspunt is om in november 2022 een meerjarenbegroting 2023-2026 vast te stellen die structureel en reëel in evenwicht is. Hiermee komt de gemeente Roermond in aanmerking voor repressief toezicht door de Provincie Limburg. Repressief toezicht betekent toezicht op afstand. De begroting is structureel in evenwicht als ieder jaar de structurele lasten worden gedekt door structurele baten. De begroting is reëel in evenwicht als de ramingen volledig, realistisch en haalbaar zijn. Voor een reële raming in de begroting 2023 moeten bijvoorbeeld de inkomsten uit het Gemeentefonds zijn gebaseerd op de meicirculaire van 2022 en wordt er voldoende rekening gehouden met prijs- en loonontwikkeling en het kwaliteitsniveau voor onderhoud van kapitaalgoederen. Ook dienen de reeds eerder opgenomen taakstellingen en oplossingsrichtingen voldoende realiseerbaar te zijn. Om dit te realiseren zijn er diverse verbeterprocessen gestart, waarbij er door integrale advisering, de effecten van genomen besluiten beleid nog beter inzichtelijk worden. We komen steeds meer tot betere inzichten. Zo krijgen wij bijvoorbeeld de vervangingsinvesteringen in beeld, weten we wat onze arealen zijn, en wat dit in onderhoud kost.

De financiële effecten van deze verbeterprocessen zullen we daardoor steeds beter inzichtelijk hebben, waardoor we elk jaar tot een reëlere begroting gaan komen.

Geen opschuivend perspectief Er mag geen sprake zijn van opschuivend perspectief. Hiermee bedoelt de Provincie dat het niet is toegestaan om ieder jaar opnieuw een (meerjaren-) begroting aan te bieden waarbij uitsluitend de laatste jaarschijf in evenwicht is.

GEMEENTE ROERMOND

10

Toetsingskader De kadernota 2023 bevat uitsluitend autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen. Voor opname van de voorstellen in de kadernota 2023 is het volgende toetsingskader gehanteerd: • Een autonome ontwikkeling geeft antwoord op de vraag “WAT MOET IK?” op basis van (nieuwe) wet- en regelgeving of vanuit het oogpunt van instandhouding van kapitaalgoederen (vervangingsinvesteringen). In dat geval is er geen keuzevrijheid. •  Een beleidsvoornemen geeft antwoord op de vraag “WAT WIL IK?”. Hierbij is er dus een mogelijkheid voor een beleidskeuze.

Voor alle duidelijkheid melden wij nog dat de bedragen in onderstaande tabellen moeten worden vermenigvuldigd met € 1.000. Bovendien zijn alle negatieve bedragen nadelig en alle positieve bedragen voordelig.

K A D E R N OTA 2 0 2 3

11

2. Financieel perspectief

GEMEENTE ROERMOND

12

K A D E R N OTA 2 0 2 3

13

Financieel perspectief In deze kadernota schetsen we de kaders waarbinnen we straks de begroting 2023 – 2026 financieel gaan vormgeven. Tevens actualiseren we de financiële positie van de gemeente Roermond. We laten zien wat de stand van zaken is van het financieel beeld, waarbij we ook aangeven wat de risico’s zijn. Onderstaand hoofdstuk schetst de financiële positie van de gemeente Roermond over het lopend boekjaar en meerjarig (paragraaf 2.1) als ook de incidentele positie (paragraaf 2.2).

2.1. Structureel begrotingskader 2022 - 2026 Het budgettair kader geeft de ontwikkeling van de financiële positie van de gemeente weer voor de jaren 2022 – 2026 aan de hand van een aantal elementen. Deze elementen worden afzonderlijk belicht. Het financiële vertrekpunt van deze kadernota is de primitieve meerjarenbegroting 2022, inclusief meerjarige mutaties circulaires gemeentefonds en raadsvoorstellen t/m maart 2022. Vervolgens zijn hieraan toegevoegd: Het effect van de decembercirculaire 2021 en de autonome ontwikkelingen (tot dusver bekend). Dit leidt tot het bijgestelde begrotingssaldo per 1 mei 2022. Het begrotingssaldo in de kadernota 2023 is voldoende om de autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen structureel te kunnen dekken. Zie de uiteenzetting in onderstaande tabel. Tabel 1: Actualisatie financieel perspectief 2022 - 2026 Bedragen x € 1.000,-

2022

2023

2024

2025

2026

Saldo primitieve begroting 2022

-2.732

- 561

141

14

14**

Mutaties Septembercirculaire (eindejaarrap. 2021)

2.746

1.834

1.696

1.938

1.938

Raadsvoorstellen t/m maart 2022

-14

-98

-132

-131

-131

Vertrekpunt kadernota 2023

0

1.175

1.705

1.821

1.821

a) Gemeentefonds Decembercirculaire 2021

167

30

0

0

0

b) Autonome ontwikkelingen (totaal)

0

-1.557

-1.856

-2.036

-2.208

b1) Autonome ontwikkelingen (tarief/gesloten exploitatie)

0

1.298

1.304

1.304

1.304

c) Ontwikkelingen Gemeentefonds (meicirculaire 2022) (inclusief aanvullende bijstelling loon-prijs index)

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Bijgesteld begrotingssaldo 1 mei 2022 *

167

946

1.153

1.089

917

Verwachte besluitvorming:

* Het begrotingssaldo is inclusief de structurele maatregelen uit Klaar voor de Herstart. Voor een beschrijving hiervan, zie hoofdstuk 3 Weerstandsvermogen en risicoparagraaf. ** Beginstand saldo primitieve begroting boekjaar 2026 is gelijk aan beginstand boekjaar 2025. Deze zal nog gaan wijzigen in aanloop naar begroting 2023.

GEMEENTE ROERMOND

14

Als aanvulling op onderdeel b ‘Autonome Ontwikkelingen’ uit bovenstaand overzicht is het goed om te melden dat er ook autonome ontwikkelingen (b1) zijn, die niet ten laste van het begrotingssaldo gaan, maar nog zullen worden doorgerekend in het tarief afval/riool (gesloten exploitaties). Derhalve worden deze positief meegenomen in bovenstaande telling. Hieronder lichten we de diverse onderdelen van het financieel perspectief toe. a) Decembercirculaire 2021 Op 21 januari j.l. is uw raad via een raadsinformatiebrief (RIB) geïnformeerd over de uitkomsten Decembercirculaire 2021. Er is met name sprake van mutaties in Coronasteunmaatregelen, taakmutaties en overige specifieke uitkeringen, welke conform de door uw raad vastgestelde beleidslijn één op één ingezet worden voor het doel waarvoor het rijk de middelen beschikbaar heeft gesteld. De gevolgen voor het begrotingssaldo zijn marginaal te noemen. Zoals al in de RIB vermeld is, kan de begroting voor boekjaar 2021 niet meer worden gewijzigd. De inkomenseffecten 2021 van de decembercirculaire worden verwerkt in de jaarcijfers 2021. Dit heeft een gunstig effect op het jaarrekeningresultaat. Door de late publicatie van deze circulaire is het niet meer mogelijk om in 2021 nog uitgaven te doen voor de onderwerpen waarvoor middelen beschikbaar zijn gekomen.

Middels resultaatbestemming bij de jaarrekening 2021 wordt voor specifieke posten een verzoek tot overheveling gedaan. De budgettaire gevolgen voor de jaren 2022 en verder worden middels een begrotingswijziging (bijlage 2) aan u voorgelegd. b) Autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen Onderdeel van de kadernota vormt een inventarisatie van autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen die nog niet op de investeringsplanning zijn opgenomen. Derhalve heeft er organisatiebrede uitvraag plaatsgevonden van de autonome ontwikkelingen 2023 e.v. o.b.v. het criteria: “WAT MOET IK?” op basis van (nieuwe) wet- en regelgeving of vanuit het oogpunt van instandhouding van kapitaalgoederen? In dat geval is er geen keuzevrijheid. Het kan hierbij gaan om ontwikkelingen die een wijziging inhouden op het bestaande beleid of om nieuwe ontwikkelingen die vanuit wettelijke regelingen, voorschriften of door Rijks- en/of provinciaal beleid op de gemeente afkomen. Tevens zijn areaaluitbreidingen en aanvullende bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen (GR) als een autonome ontwikkeling gezien. Dit heeft geleid tot een bedrag aan structurele autonome ontwikkelingen in 2023 van ca € 1.6 mln. oplopend tot ca € 2.2 mln. in 2026. Van deze bedragen wordt ca. € 1.3 mln. gedekt (zie tabel 1; b1) uit tarieven afval en riool (gesloten exploitaties).

Het overige zal uit het begrotingssaldo worden gedekt. Voor een meer gedetailleerdere uiteenzetting van de autonome ontwikkelingen naar thema’s wordt verwezen naar bijlage 1, Autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen De kadernota 2023 bevat geen ambities of wensen voor nieuw beleid.

K A D E R N OTA 2 0 2 3

15

c) Ontwikkelingen gemeentefonds De ontwikkelingen van het gemeentefonds worden voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens de normeringssystematiek (trap op trap af) hebben wijzigingen in de rijksuitgaven invloed op de omvang van de algemene uitkering. Het Rijk informeert de gemeente inzake het verloop van de algemene uitkering via de zogenoemde circulaires gemeentefonds. Het meerjarige budgettair kader in de kadernota 2023 is gebaseerd op de septembercirculaire 2021 van het Rijk, welke op het moment van de publicatie van deze kadernota de laatst uitgebrachte- en door de Raad besloten circulaire van het Rijk betreft. Op 21 januari 2022 bent u geïnformeerd over de decembercirculaire 2021 (zie puntje a), welke als bijlage 2 ter besluitvorming voorligt. Het meerjarige effect van deze circulaire is te verwaarlozen. Daarna heeft het Rijk op 6 april jongstleden een Maartbrief (geen officiële circulaire) uitgebracht, waarvan de ontwikkelingen hieronder op hoofdlijn toegelicht worden. De Maartbrief bevat informatie over het financiële effect, voor wat betreft het accres en de opschalingskorting conform het regeerakkoord, de invoering van het nieuwe verdeelmodel per 1 januari 2023 en de eenmalige energietoeslag lage inkomens.

Zo gaat Roermond voor het jaar 2022 een incidentele Energietoeslag Compensatie ontvangen ter compensatie van de hoge energieprijzen voor lage inkomens. Tevens wordt er een accresstijging voor de jaren 2023 t/m 2025 aangekondigd. Deze zal hoofdzakelijk benodigd zal zijn om de stijgende prijzen (inflatie) te kunnen compenseren. Tot slot zal de opschalingskorting voor de jaren 2023, 2024 en 2025 bevroren worden, wat zou moeten leiden tot incidentele financiële ruimte voor deze jaren. De opschalingskorting 2026 blijft vooralsnog intact, waardoor er met name een uitdaging ligt om de begroting voor dat jaar sluitend (en in evenwicht) te krijgen. De Maartbrief heeft niet de status van een circulaire, waardoor hij dan ook niet financieel is vertaald. Daarbij oogt de maartbrief met name door de meerjarige accresbijstellingen en door bevriezing van de opschalingskorting positief, maar zolang onvoldoende bekend is welke kosten hiertegenover staan, geeft dit geen volledig beeld. De meicirculaire Gemeentefonds 2022 verschijnt pas als deze kadernota is gepubliceerd en kan daarom niet als basis dienen voor de ramingen. Wij zijn voornemens om de raad middels een raadsinformatiebrief (rib) te informeren over de meerjarige gevolgen van de meicirculaire 2022 ten behoeve van de behandeling van de kadernota 2023. In de brief zal een update worden gegeven van het begrotingssaldo.

In lijn met de procedure van voorgaande jaren worden de beleidskeuzes die volgen uit de meicirculaire 2022 integraal verwerkt in de begroting 2023. Prijsontwikkeling Het accres zoals opgenomen in de Maartbrief komt bovenop het accres van de septembercirculaire 2021. Het Centraal Planbureau (CPB) verwacht dat de hoge energieprijzen de toch al flinke inflatie verder op stuwt. Na verwerking van een nieuw CPB-macrobeeld wordt het accres tot en met 2025 herrekend op basis van de nieuwe standen. Hierover worden de gemeenten geïnformeerd in de komende meicirculaire 2022. De eerste inzichten van het CPB op basis van het CEP laten de volgende aangepaste indexcijfers zien voor de ‘prijs materiële overheidsconsumptie’ (IMOC); 4,1% in 2022 en 2,3% in 2023. Voor het boekjaar 2023 betekent dit een structurele toename van 3% (2,2%; 2022 en 0,8%; 2023) van de op dit moment geraamde indexeringen (1,9%; 2022 en 1,5%; 2023). De accresstijging die in de Maartbrief is aangekondigd, zal ter compensatie hiervan gaan dienen.

GEMEENTE ROERMOND

16

Loonontwikkeling De huidige cao loopt korter (tot 1 januari 2023) dan het meerjarenperspectief van deze kadernota 2023, waardoor deze vooralsnog niet als uitgangspunt kan dienen. Daarom zullen we meerjarig uitgaan van de cijfers CPB – Loonvoet sector overheid. De eerste inzichten van het CPB op basis van het CEP laten de volgende aangepaste indexcijfers zien voor de ‘prijs overheidsconsumptie – beloning werknemers’; 4,8% in 2022 en 3,3% in 2023. Voor het boekjaar 2022 heeft het geen gevolgen meer, daar hiervoor de geldende CAO is begroot. Voor het boekjaar 2023 betekent dit op basis huidige inzichten wel een structurele toename van 1% van de huidige geraamde indexeringen (2,3%; 2023). De in de Maartbrief al aangekondigde accresstijging zal ter compensatie hiervan gaan dienen. Exacte percentages voor meerjarige loonkostenontwikkeling worden niet genoemd. Verwacht wordt, dat in de meicirculaire van het gemeentefonds meer duidelijk zal worden over de verwachte meerjarige loonontwikkeling. Invoering nieuw verdeelmodel De nieuwe verdeling wordt landelijk langs de volgende lijnen worden ingevoerd: • De ingroeiperiode wordt ingekort naar 3 jaar. • De herverdeeleffecten in het eerste jaar worden beperkt tot € 7,50 per inwoner. Jaar twee en drie ieder tot € 15,00 per inwoner. Na 3 jaar is het maximale herverdeeleffect € 37,50 per inwoner.

• Jaarlijks zullen de fondsbeheerders monitoren of de nieuwe verdeling de kosten in het sociaal domein goed blijft volgen. • De fondsbeheerders zullen de door de ROB voorgestelde onderzoeksagenda uitvoeren en zo nodig aanvullende onderzoeken doen en de ROB en gemeenten hier nauw bij betrekken. • Voor een beperkte groep gemeenten met beperkte financiële draagkracht en een lage sociaaleconomische status komt er een aangepast ingroeipad. • In 2025 wordt de invoering van het nieuwe model geëvalueerd. Het ministerie van BZK heeft op 23 december 2021 een herziene publicatie uitgebracht van de voorlopige effecten van het nieuwe verdeelstelsel gemeentefonds per gemeente, met het jaar 2019 als peiljaar (was eerst 2017). Voor Roermond is een voorlopig herverdeeleffect van +/+ € 29 per inwoner gemeld. Nu de definitieve besluitvorming door het nieuwe kabinet inzake het verdeelmodel (1e kwartaal 2022) een feit is, zal met de laatst bekende gegevens nog een actualisatie plaatsvinden naar 1 januari 2023 (invoerdatum). Het definitieve herverdeeleffect zal zijn uitwerking krijgen in de komende meicirculaire. Middelen stelpost Jeugdhulp Per brief van 29 juni 2021 zijn gemeenten geïnformeerd dat het kabinet voor 2022 landelijk incidenteel € 1,314 miljard extra beschikbaar stelt ter compensatie van de tekorten in de jeugdzorg.

Dit bedrag komt bovenop de eerder toegezegde € 300 miljoen voor dat jaar. Hierin is ook meegenomen dat gemeenten uitvoering geven aan maatregelen die in 2022 een besparing van € 214 miljoen op de jeugdzorguitgaven opleveren. Voor Roermond betekent dit een incidenteel bedrag voor het jaar 2022 van circa € 4,9 miljoen. Gemeenten mochten in de begroting 2022 voor jaren 2023-2025 gebruik maken van de mogelijkheid tot het opnemen van een structurele stelpost voor middelen jeugdzorg van maximaal 75% van het deel dat gemeenten op basis van de verdeling zouden krijgen (€ 3,7 miljoen). Voor de begroting 2023 geeft de Provincie in haar begrotingsbrief aan, dat voor gemeenten die het maximale bedrag hebben opgenomen toch aanvullende dekking nodig is, daar de verwachting is dat de compensatie op de langere termijn lager gaat uitvallen dan eerder gedacht. Dit laatste geldt niet voor Roermond, daar er vorig jaar in het traject Klaar voor de Herstart geadviseerd is om niet het maximale bedrag (75% = € 3,7 miljoen) op te nemen, maar o.b.v. het voorzichtigheidsprincipe een bedrag van € 1,1 miljoen structureel. Afhankelijk van besluitvorming op dit punt in het coalitieakkoord van het nieuw kabinet zal hoogstwaarschijnlijk in de komende Meicirculaire 2022 uitsluitsel komen over de structurele financiën en de noodzakelijke aanpassingen jeugdhulp.

Pas daarna is er zekerheid over de exacte hoogte van de nog extra op te nemen structurele middelen Jeugdhulp.

K A D E R N OTA 2 0 2 3

17

2.2. Incidentele financiële positie De incidenteel beschikbare financiële ruimte wordt bepaald aan de hand van het niveau van de algemene reserve boven afgesproken minimumniveau van € 12,3 miljoen. In onderstaande tabel ziet u een uiteenzetting: Tabel 2: Actualisatie incidentele financiële positie Bedragen x € 1.000,-

2022

2023

2024

Saldo jaarrekening 2021

12.358

- begroting 2020 (incidentele onttrekking)

-200

- 1e overheveling reserves cluster Sociaal Domein (besluitvorming Klaar voor Herstart)

10.000

- Diverse overhevelingen Burap 2021

-930

-149

-47

Stand o.b.v. besluitvorming

21.228

21.079

37.319

2025

2026

21.032

21.032

21.032

37.272

37.272

37.272

Verwachte besluitvorming: - overheveling restant reserves cluster Sociaal Domein*

10.486

- voorlopig jaarrekeningresultaat 2021

9.929

- voorstel resultaatbestemming 2021

-4.175

Stand o.b.v. verwachte besluitvorming

37.468

* Overheveling reserves cluster Sociaal Domein De stand van de egalisatiereserve op 01-01-2021 was € 14,3 mln. Bij de begroting/Klaar voor de Herstart is uitgegaan van € 10 mln, omdat op dat moment niet bekend was of er nog onttrekkingen vanuit de egalisatiereserve SD plaats zouden vinden gedurende het jaar 2021. Bij de jaarrekening 2021 blijkt dat er per saldo geen onttrekkingen hebben plaatsgevonden, maar stortingen in de egalisatiereserve SD, waardoor er een aanvullende overheveling kan plaatsvinden naar de algemene reserve van € 10,5 mln. Voor een uitgebreide toelichting van de verschillen wordt verwezen naar de jaarrekening 2021. De gevolgen van de stand Algemene Reserve o.b.v. verwachte besluitvorming voor de ratio weerstandsvermogen leest u in de volgende paragraaf.

GEMEENTE ROERMOND

18

K A D E R N OTA 2 0 2 3

19

3. Weerstandsvermogen en risicoparagraaf

GEMEENTE ROERMOND

20

K A D E R N OTA 2 0 2 3

21

Inventarisatie van risico’s Tegenover de weerstandscapaciteit staat een aantal risico’s, die niet (geheel) gedekt zijn en van substantieel belang (kunnen) zijn om de financiële positie van de gemeente (meerjarig) te kunnen beoordelen. In de jaarrekening 2021 heeft er een actualisatie plaatsgevonden van de belangrijkste risico’s. Samen tellen deze op naar 13,7 miljoen. Voor de onderbouwing en een uitgebreide toelichting, verwijzen wij dan ook naar de jaarstukken 2021, welke gelijktijdig met deze kadernota aan de gemeenteraad aangeboden wordt.

Ratio weerstandsvermogen Wij drukken het weerstandsvermogen uit in een ratio. Met behulp van dit verhoudingsgetal wordt bepaald of het weerstandsvermogen toereikend is. Voor de waardering van de weerstandsratio wordt gebruik gemaakt van de normtabel die door de Universiteit van Twente is ontwikkeld. Tabel 3: Weerstandsratiomatrix Weerstandsratio

Waardering

> 2,0

Uitstekend

1,4 – 2,0

Ruim voldoende

1,0 – 1,4

Voldoende

0,8 – 1,0

Matig

0,6 – 0,8

Onvoldoende Ruim onvoldoende

< 0,6

De gemeente streeft naar een minimaal gewenste ratio van 1,4. De ratio wordt als volgt berekend:

Beschikbare weerstandsvermogen

Benodigd weerstandsvermogen

►

37.468 13.695

►

2,7

Conclusie: Medio 2022 is de weerstandsratio: 2,7. Uitgaande van een minimaal gewenste ratio en afgezet tegen de normeringstabel is de weerstandscapaciteit hiermee uitstekend.

GEMEENTE ROERMOND

22

Bijlage 1 Autonome ontwikkelingen en vervangingsinvesteringen Autonome ontwikkelingen Navolgende autonome ontwikkelingen zijn verwerkt in de kadernota: Tabel 4: Autonome ontwikkelingen kadernota 2023 Bedragen x € 1.000,-

2023

2024

2025

2026

1. Programma 1 Zorgzame gemeente

+340

+126

+54

+8

2. Programma 5 Goede leefomgeving

-1.363

-1.405

-1.406

-1.407

3. Programma 7 Ruimte en wonen

-17

-121

-231

-333

4. Programma 8 Levendige stad

-24

-61

-61

-61

5. Programma 9 Veilige stad

-110

-102

-94

-94

6. Programma 10 Moderne gemeente

-15

-15

-15

-15

7. Overzicht 2 Kosten van overhead

-369

-278

-282

-305

8. Overige ontwikkelingen

p.m.

p.m.

p.m.

p.m.

Totaal

-1.557

-1.856

-2.036

-2.208

Begrotingssaldo

-259

-552

-732

-904

Riool / Afval (gesloten systeem)

-1.298

-1.304

-1.304

-1.304

Totaal

-1.557

-1.856

-2.036

-2.208

Dekking ten laste van:

K A D E R N OTA 2 0 2 3

23

Ad 1. Programma 1 Zorgzame gemeente De autonome ontwikkeling betreft een bijstelling van begrotingen van een 2-tal Gemeenschappelijke Regelingen (GR’s); De begroting 2023 van de GR Westrom is aangepast en dit betekent een verlaging van de gemeentelijke bijdrage, waardoor er een met name in 2023 een substantieel positief financieel effect ontstaat van € 348.000 aflopend naar € 85.000 in 2026. Daarnaast is de meerjarenbegroting Omnibuzz geïndexeerd en zijn de eigen bijdragen bijgesteld op basis van klantritten. Dit leidt tot extra kosten van € 7.000 in 2023 oplopend naar € 77.000 in 2026. Ad 2. Programma 5 Goede leefomgeving De autonome ontwikkeling betreft met name de structurele meerkosten afval. Bij ‘Klaar voor de herstart’ is er incidenteel € 1.200.000 toegevoegd aan de begroting. Dit was met name bestemd voor het milieupark en de inzameling. Deze kosten zijn structureel van aard, vandaar dat deze als autonome ontwikkeling voor 2023 e.v. zijn meegenomen. Dekking vind plaats vanuit de afvalstoffenheffing. (geen effect begrotingssaldo). Tevens zijn de personele gevolgen ( € 98.000 structureel) meegenomen van de verplichting tot klimaat adaptief handelen m.b.t. inzameling en transport van het (stedelijk) afvalwater. Dekking vindt plaats vanuit de rioolheffing (geen effect begrotingssaldo).

Het overige betreft kapitaallasten (€ 65.000 in 2023 naar € 109.000 in 2026), van vervangingsinvesteringen die in tabel 7 worden gespecificeerd. De kapitaallasten van de vervangingsinvesteringen Beheer Openbare Ruimte jaarschijf 2026 (ca. € 1,8 mln.) zijn nog niet in de scope t/m 2026 meegenomen. Ad 3. Programma 7 Ruimte en wonen De autonome ontwikkeling betreft in hoofdzaak de financiële vertaling van de routekaart verduurzaming (kern)portefeuille maatschappelijk vastgoed van de gemeente Roermond. Vanuit het klimaatakkoord wordt voor 2030 de doelstelling 49% CO2-reductie ten opzichte van 1990 benoemd. In de plannen van de EU is deze doelstelling nog ambitieuzer: 55% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 1990. Rutte IV zet in het Regeerakkoord zelfs in op 60% CO2-reductie in 2030. Een stevig doel op (zeer) korte termijn. Om de 60% CO2 reductie norm in 2030 uit het regeerakkoord te halen, dienen naast investeringen in verduurzaming, ook gebouwen te worden gesloopt en nieuwgebouwd; Deze sloop/nieuwbouw kost ca. €50 mln. aan investering. Wij achten opname van zulke grote investeringsbedragen op dit moment niet realistisch, maar willen wel benadrukken dat om te voldoen aan wetgeving, dit eigenlijk noodzakelijk is. Derhalve nemen we nu alleen een gemiddeld bedrag aan nieuwe investeringsruimte op vanaf 2023 e.v. van € 1.8 mln.

p/j voor verduurzamingsinvesteringen aan de gemeentelijke kernportefeuille maatschappelijk vastgoed als autonome ontwikkeling, waarvan de kapitaallasten vanaf 2024 (ci. € 1 ton, oplopend naar € 3 ton, in 2026) in bovenstaand overzicht zijn opgenomen. Deze investeringsbedragen staan niet in het tabel 8 vervangingsinvesteringen genoemd, daar dit nieuw is en geen vervanging betreft. Mocht een gebouw vervangen moeten worden, zal een aanvullende vraag naar middelen apart bij de Gemeenteraad worden voorgelegd. Tenslotte vindt er (per saldo) een lichte positieve bijstelling (gemiddeld € 9.000 p/j) van de bijdrage EC Geo plaats. Ad 4. Programma 8 Levendige stad De autonome ontwikkelingen binnen dit programma betreffen veelal kapitaallasten van investeringen die in tabel 7 nader worden gespecificeerd. Zo leidt een aanpassing van de atletiekaccommodatie voor polsstokhoogspringen o.b.v. nieuwe wetgeving tot € 4.000 aan kapitaallasten vanaf 2024. Een vervangingsinvestering van de tennisbanen TC Maasniel leidt tot 11 k kapitaallast vanaf 2024 en tenslotte zijn de vervangingsinvesteringen gemeentelijke sportaccommodaties jaarschijf 2026 (ca. € 920.000) opgenomen. De kapitaallasten hiervan zijn nog niet in de scope t/m 2026 meegenomen. Tot slot zijn de personele gevolgen (€ 47.000) van de nieuwe archiefwet 2024 en de voorbereidingen hierop meegenomen als autonome ontwikkeling.

GEMEENTE ROERMOND

24

Ad 5. Programma 9 Veilige stad De autonome ontwikkeling betreft een bijstelling van begroting van de Veiligheidsregio LN. Het gros van de ontwikkeling bestaat uit een prijsstijging uit hoofde van indexering. Dit leidt tot extra kosten van € 110.000 in 2023 aflopend naar € 94.000 in 2026. Ad 6. Programma 10 Moderne gemeente Middels een amendement op de begroting 2021 heeft de gemeenteraad besloten een amendement aan te nemen voor een aanzet tot een eigen communicatiebeleid voor de raad. De raad heeft besloten om een bedrag van € 15.000 p/j hiervoor te ramen en ten laste te brengen van het begrotingssaldo. Dit laatste is per abuis nooit geraamd, waardoor deze nu alsnog meerjarig wordt meegenomen. Ad 7. Overzicht 2 Kosten van overhead De autonome ontwikkeling betreft een bijstelling van begrotingen van een 2-tal Gemeenschappelijke Regelingen (GR’s); De begroting 2023 van ICT NML is aangepast en dit betekent een verhoging van de gemeentelijke bijdrage van ca. € 210.000 structureel. Dit betreft hoofdzakelijk het gevolg van de wensen die door de deelnemende gemeenten (OGO) als opdracht bij ICT NML zijn neergelegd. Voor het waarborgen van deze wensen zijn extra middelen benodigd. Daarnaast is de meerjarenbegroting BsGW bijgesteld. Dit leidt tot extra structurele kosten van € 156.000 in 2023 naar € 96.000 in 2026.

Oorzaken van deze stijging liggen in toename proceskosten, correctie sociale lasten en afschrijvingen. Voor het jaar 2023 is er daarnaast sprake van € 96.000 eenmalige implementatiekosten van het programma Aanbesteding Hosting en Applicaties. Overige ontwikkelingen Naast de nu opgehaalde autonome ontwikkelingen zijn er ook nog enkele macro-economische ontwikkelingen, waar de Gemeente naar verwachting in de toekomst mee te maken gaat krijgen. De financiële effecten zijn nog niet te kwantificeren en daarom niet concreet financieel vertaald in de meerjarenbegroting. Derhalve kunnen ze als ‘p.m.’ beschouwd worden: • Inflatie van loon- en prijsontwikkelingen (de werkelijke inflatie, met name in de bouw, is hoger dan hetgeen de Gemeente gecompenseerd krijgt vanuit het gemeentefonds); • Stijging van energielasten nog niet bekend; • Wateropgave (o.a uitvoering van aanbevelingen hoogwaterproblematiek 2021); • Gevolgen van de Klimaatopgave; • De lange termijn effecten van de Covid crisis; •  De (neven)effecten van de vluchtelingenstroom Oekraïne (ook voor bijv.

onderwijshuisvesting en kinderopvang); • Regeerakkoord (en dan met name onderdeel wonen); •  Herijking van het gemeentefonds (het lijkt er op dat Roermond een voordeelgemeente is, maar dat kan zomaar omslaan); •  Invoering omgevingswet per 1 januari 2023 (de omvang van structurele financiële gevolgen hiervan zijn op meerdere onderdelen nog onvoldoende duidelijk); • De afzetmarkt voor afvalgrondstoffen staat onder druk.

K A D E R N OTA 2 0 2 3

25

Vervangingsinvesteringen Navolgende vervangingsinvesteringen zijn verwerkt in de kadernota: Tabel 5: Vervangingsinvesteringen kadernota 2023 Investering in jaar t

Investering

Kapitaallasten in jaar t + 1

1. Beheer Openbare Ruimte (BOR) (jaarschijf 2026)

2026

1.770.000

p.m.

2. Vervanging/Renovatie kunstwerken (prijsstijging)

2023

80.000

1.483

3. Sport en Bewegen (jaarschijf 2026)

2026

918.513

p.m.

4. Vervanging tennisbanen TC Maasniel

2023

100.000

10.750

5. Vervanging/aanpassing Polsstokhoogspringen

2023

50.400

3.738

6. Vervanging voertuig parkeerbeheer

2023

30.000

3.225

7. Vervanging 2-tal bollards en verwijdering 2 buiten gebruik gestelde bollards

2023

100.000

10.750

8. Vervanging voertuigen buitendienst BOR

2023

130.000

13.975

9. Vervanging groot materieel buitendienst BOR

2023

70.000

6.358

10. Vervanging rioolspuitmachine BOR

2023

65.000

5.904

Bedragen x € 1.000,-

Totaal vervangingsinvesteringen kadernota 2023

3.313.913

N.B. De kapitaallasten van investeringen in riolering en afval worden verdisconteerd in het tarief en leggen hiermee geen beslag op het begrotingssaldo. De kapitaallasten van investeringen worden berekend per 1 januari van het jaar volgend op het moment dat het actief in gebruik wordt genomen. De kapitaalslasten van investeringen in begrotingsjaar 2023 komen daarmee voor het eerst tot uitdrukking in 2024. De kapitaallasten voor de jaren 2027 en volgende zijn nog niet genoemd (derhalve p.m.).

Toelichting grootste posten Ad 1. De vervangingsinvesteringen bij Beheer Openbare Ruimte jaarschijf 2026 komen voort uit einde levensduur op de onderdelen; Renovatie Kunstwerken (€220.000), Openbare verlichting (€ 200.000), Groen (€ 100.000), Spelen (€ 200.000), Riolering (€ 900.000), Parkeergarages (€ 150.000). De kapitaallasten van investeringen in riolering en afval worden verdisconteerd in het tarief en leggen hiermee geen beslag op het begrotingssaldo. Ad 3. De vervangingsinvesteringen bij Sport en Bewegen jaarschijf 2026 komen ook voort uit einde levensduur voor de onderdelen: Machines + krachtstoominrichting + warmtepomp zwembad de Roerdomp (samen € 155.000), De Wijher atletiekbaan (€ 645.000), Johan Cruyfcoart, kunstgrasmat (€ 55.000), sportmaterialen binnensport (€ 47.000), Brandmeldinstallatie Jo Gerritshal (€ 17.000)

GEMEENTE ROERMOND

26

Bijlage 2 Begrotingswijziging Decembercirculaire 2021 Over de decembercirculaire 2021 bent u op 21 januari 2022 middels RIB 82222-2021 geïnformeerd. In de decembercirculaire 2021 zijn een aantal ontwikkelingen opgenomen die voor de gemeente Roermond een meerjarig financieel effect hebben op de specifieke uitkeringen (integratiedecentralisatie uitkeringen) alsmede op algemene uitkering (taakmutaties en het begrotingssaldo). De vertaling van deze circulaire voor het boekjaar 2022 en volgende zal middels onderstaande begrotingswijziging ter besluitvorming worden voorgelegd:

-85.277

Totaal mutatie programma 10

-125.644

-127.089

Totaal mutatie overzicht 2

-30.235 -657.421

-167.648 -878.147

Toevoeging begrotingssaldo

Totaal mutatie Decembercirculaire 2021

878.147

-12.500

-22.767

Impuls integraal werken sociaal domein

Overzicht 5 Resultaat

-17.955

-17.746

Systeemleren

0

-95.189

-86.576

Robuust rechtsbeschermingssysteem

Overzicht 2 Kosten van overhead

-328.492

-326.764

Totaal mutatie overzicht 1

878.147

-328.492

0

-326.764

878.147

0

Bijstelling loon index Sociaal Domein

Mutatie Gemeentefonds Alg.Uitkering Dec circulaire

Overzicht 1 Algemene dekkingsmiddelen

-85.277

Gemeenteraadsverkiezingen (DU)(covid-19)

Programma 10

-173.060

-171.369

Totaal mutatie programma 1

Lasten

-173.060 0

Baten

0

0

Baten

657.431

0

657.431

657.431

2023

-171.369

Lasten

2022

Versterking ondersteuning wijkteams

Programma 1

Uitleg : -/- = meer lasten of minder baten

Omschrijving

Programma

Tabel 6: Begrotingswijziging decembercirculaire 2021

-624.138

-115.127

-18.288

-96.839

-332.941

-332.941

0

-176.070

-176.070

Lasten

624.138

0

624.138

624.138

0

0

Baten

2024

-640.847

-118.385

-18.810

-99.575

-341.376

-341.376

0

-181.086

-181.086

Lasten

0

0

Baten

640.847

0

640.847

640.847

2025

-680.189

-122.046

-19.430

-102.616

-351.116

-351.116

-207.027

-207.027

Lasten

680.189

0

680.189

0

Baten

2026

K A D E R N OTA 2 0 2 3

27

GEMEENTE ROERMOND

28

Stadhuis, Markt 31 | Postbus 900 | 6040 AX Roermond

| www.roermond.nl |

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=7cbb3250-a581-422c-85f1-413307ba07a2