Bijlage 1 - investeringsrapportage 2024
Tekst van het document
Investeringsrapportage 2024
1
Bijlage 1:
Investeringsrapportage 2024
Inhoud Inleiding ...............................................................................................................................................2 Actualisatie investeringsplanning ........................................................................................................4 Toerekening interne uren aan projecten..............................................................................................6 Lopende investeringsbudgetten ..........................................................................................................8 Financiële gevolgen ...........................................................................................................................10
2
Inleiding Conform de P&C gids wordt jaarlijks de investeringsrapportage voorgelegd aan uw raad. De investeringsrapportage heeft tot doel de raad te informeren over de planning en voortgang van projecten, waarvoor een investeringsbudget beschikbaar is of in de toekomst beschikbaar komt. Op basis van de investeringsrapportage passen we waar nodig de investeringsbudgetten aan. Op basis van artikel 12, lid 4 van de financiële verordening is het wenselijk dat de investeringsrapportage vóór de behandeling van de jaarstukken vastgesteld wordt door de gemeenteraad. De investeringsrapportage bestaat uit een aantal onderdelen: - De herijking van het restant aan investeringen uit het jaar 2024 op de investeringsplanning. Hierbij wordt beoordeeld of een investering doorgeschoven dient te worden naar 2025 of mag vrijvallen. De verdere meerjarige actualisatie van de investeringsplanning vindt plaats bij de kadernota 2026. - Op basis van de voorschriften uit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dienen ambtelijke uren behorende bij investeringsprojecten toegerekend te worden. Middels de bijgevoegde begrotingswijziging wordt de raad gevraagd in te stemmen met de wijziging van de bijbehorende investeringsbudgetten. - De herijking van de lopende investeringsbudgetten. Hierbij wordt beoordeeld of een lopende investeringsbudget afgesloten, doorgeschoven of aangepast wordt.
Hierbij wordt de raad in de gelegenheid gesteld om een besluit te nemen over afwijkingen en wijzigingen op de investeringsbudgetten, zodat wordt voldaan aan de eisen van rechtmatigheid. Tot slot heeft de investeringsrapportage niet tot doel om te komen tot uitbreiding van investeringsbudgetten door bijvoorbeeld prijsstijgingen. Deze wijzigingen worden middels de kadernota 2026 en daaropvolgend de begroting 2026 met meerjarenperspectief 2027-2029 aan de raad voorgelegd.
3
Actualisatie investeringsplanning Conform de vastgestelde kaders in de P&C gids 2025 wordt via de investeringsrapportage de investeringsplanning geactualiseerd. Hierbij richten we ons uitsluitend op de bedragen die, per jaarultimo, in jaarschijf 2024 resteerden. Terugblik 2024 Bij het vaststellen van de begroting 2024 is voor een bedrag van € 26,8 miljoen aan investeringsruimte beschikbaar gesteld. Vervolgens is er via de investeringsrapportage 2023 € 2,7 miljoen vanuit het restant 2023 toegevoegd aan 2024. Bij aanvang van het begrotingsjaar 2024 was er dus voor € 29,5 miljoen aan investeringsruimte opgenomen in de begroting. Bij de kadernota 2025 is de investeringsplanning geactualiseerd. Hierbij is er kritisch gekeken naar de uitvoerbaarheid van projecten, waarbij deze in voorkomende gevallen zijn bijgesteld of zijn geschoven naar latere jaren. Dit heeft geleid tot een nieuw aanvangssaldo op de investeringsplanning van € 21,9 miljoen voor het jaar 2024. Jaarultimo 2024 In 2024 is er voor € 10,4 miljoen aan investeringen in uitvoering genomen. Dit is - ondanks de huidige marktsituatie en krappe arbeidsmarkt - een toename ten opzichte van 2023, waar voor € 8,1 miljoen in uitvoering was genomen. In bijlage 2 is een detailoverzicht van alle investeringsbudgetten die resteren per 31-12-2024 opgenomen.
Van de resterende € 11,5 miljoen op de investeringsplanning, mag € 100.000 vervallen. Dit betreft een tweetal investeringen (vervanging waterton en vervanging perscontainer) die vanuit de exploitatie zijn bekostigd, omdat de werkelijke kosten minder dan € 50.000 (activeringsgrens) bedroegen. Voor alle overige openstaande bedragen wordt voorgesteld om deze door te schuiven naar 2025.
Investeringsplanning 2024
Doorschuiven 2025
48% 52%
Vervallen In uitvoering
0% Grafiek 1: Schematische weergaven investeringsplanning per jaarultimo 2024
4
Onderstaand is er per programma een overzicht gemaakt van de aanvangssituatie bij vaststelling van de kadernota 2025 in vergelijking met de eindstand 2024. Programma 0.0 Bestuur en ondersteuning 1.0 Veiligheid 2.0 Verkeer, vervoer en waterstaat 3.0 Economie* 4.0 Onderwijs 5.0 Sport, cultuur en recreatie 6.0 Sociaal Domein 7.0 Volksgezondheid en milieu 8.0 Volkshv, leefomg. en sted. Vernieuw. Overzichten Eindtotaal
Aanvang 2024 Niet opengesteld per 31-12-2024 € 1.162.500,00 € 217.500,00 € 60.000,00 € € 4.728.666,67 € 2.184.666,67 € 1.500.000,00 € 270.000,00 € 4.973.000,00 € 4.303.000,00 € 2.952.416,67 € 2.085.166,67 € 650.000,00 € € 5.274.666,67 € 2.145.666,67 € 300.000,00 € € 300.000,00 € 300.000,00 € 21.901.250,01 € 11.506.000,01
Tabel 1: Overzicht per programma beginstand t.o.v. jaarultimo 2024 *Onder programma 3.0 Economie is de investering Implementatie Gebiedsprofielen weergegeven. Op basis van taakvelden behoort deze onder programma 2.
In programma 2, 4, 5 en 7 zijn de grootste restanten zichtbaar, hierover volgt onderstaand een korte toelichting per programma. Programma 2 Binnen programma 2 zijn enkele projecten nog niet in uitvoering genomen. Deze schuiven door naar 2025. De grootste hiervan is het project Sterrenberg. De middelen voor de aanleg van wegen binnen dit project zijn opgenomen in programma 2. De aanleg van de openbare ruimte is mede afhankelijk van de nieuwbouw van de woningen die de woningstichting in een deel van de Sterrenberg gaat uitvoeren. De woningbouw loopt uit en dit heeft dan ook consequenties voor de aanleg van de openbare ruimte. Programma 4 In 2024 zijn de beschikbare middelen uit het IHP Investeringsplan 2023 ingezet. De beschikbare middelen behorende bij het Investeringsplan 2024 zijn niet besteed. In het IHP Onderwijs hebben enkele projecten vertraging opgelopen in de uitvoering. Verder heeft het schoolbestuur IEZO in augustus 2024 besloten om IBS Alhambraa te sluiten, waarop het schoolbestuur Stichting Swalm en Roer – in afstemming met de gemeente – met de school een doorstart heeft gemaakt in de vorm van een dislocatie ‘IBS Marjam’. De hiervoor beschikbare middelen in 2024 worden naar verwachting alsnog ingezet in 2025.
Tot slot heeft het project nieuwbouw ROER College Schöndeln vertraging opgelopen in afwachting van besluitvorming omtrent sloop van het huidige schoolgebouw, hetgeen noodzakelijk is voor de verdere uitvoering van de nieuwbouwplannen. Voor alle genoemde investeringen wordt voorgesteld de middelen door te schuiven naar 2025. Programma 5 Binnen programma 5 zijn enkele projecten nog niet in uitvoering genomen. Deze schuiven door naar 2025. Voor de investering ‘Aanleg Hockeypark Hammerveld’ geldt dat de nieuwbouw van de kleedlokalen met clubhuis op hockeypark Hammerveld, uit te voeren door stichting Hammerveld, vertraging heeft opgelopen. De stichting zal o.b.v. de planning in maart 2025 met de werkzaamheden starten. Er vindt nu afstemming plaats tussen de stichting en de gemeente om de rioleringswerkzaamheden die door de gemeente dienen te worden uitgevoerd, af te stemmen op de bouw van de kleedlokalen met clubhuis. Voor wat betreft de buitenruimte van de Roerdomp geldt dat de aanbesteding in voorbereiding is. Naar verwachting kan de uitvoering van start gaan in Q3 2025. Programma 7 Binnen programma 7 zijn enkele projecten nog niet in uitvoering genomen. Deze schuiven door naar 2025. De grootste hiervan is het project Sterrenberg. De middelen voor riolering binnen dit project zijn opgenomen in programma 7. Zie voor nadere toelichting programma 2.
5
Vooruitblik 2025 Uiteraard heeft de verschuiving van restantmiddelen van 2024 naar 2025 ook consequenties voor het begrotingsjaar 2025. Bij het vaststellen van de begroting 2025 is voor een bedrag van ruim € 45 miljoen aan investeringsruimte beschikbaar gesteld door de gemeenteraad. Met het doorschuiven van het restant van 2024 (€ 11,4 miljoen) is er in totaliteit ca. 56 miljoen begroot op de investeringsplanning. In de afgelopen jaren is gebleken dat de uitvoeringscapaciteit per jaar varieert. Dit is onder ander afhankelijk van de fasering waarin een project zich bevindt. De komende jaren staan er enkele majeure projecten op de planning, waarbij de verwachting is dat – zodra deze in de uitvoeringsfase komen – er een intensivering van de uitgaven plaats vindt. Tevens heeft er in de afgelopen begroting uitbreiding van formatie in de ruimtelijke projecten plaats gevonden, waardoor de uitvoeringscapaciteit bij deze projecten toeneemt. Daarnaast wordt er door de inzet van een flexibele schil voorzien in de realisatie van meer projecten. Desondanks, is de verwachting dat de ramingen op de investeringsplanning 2025 e.v. ambitieus zijn. Bij de kadernota 2026 zal daarom een kritische inschatting op uitvoerbaarheid plaats moeten vinden. Op basis daarvan vindt bij de kadernota 2026 actualisatie en bijstelling van de investeringsplanning plaats.
Financiële gevolgen De actualisatie van jaarschijf 2024 in de investeringsplanning heeft effect op de structurele kapitaallasten in de meerjarenbegroting. De doorrekening hiervan is meegenomen in de begrotingswijziging in bijlage 5.
6
Toerekening interne uren aan projecten Bij de voorbereiding, uitvoering en nazorg van investeringsprojecten worden interne uren ingezet. Deze interne uren zijn onderdeel van het realiseren van een project. Op basis van de financiële voorschriften in het BBV moeten ambtelijke kosten die direct toerekenbaar zijn aan een investering worden geactiveerd. Net als vorig jaar is ervoor gekozen om bij de doorrekening van de uren aan de investeringsbudgetten de Handreiking Overheid Tarieven (HOT) te hanteren. Hierin wordt een norm voor bruto en netto productieve uren gehanteerd welke als basis dient voor de berekening van het uurtarief van een projectleider. Voor projecten die onder het (faciliterend) grondbeleid lopen, bijvoorbeeld Roerdelta, Jazz City, geldt dat de ambtelijke kosten worden verhaald op de initiatiefnemers. Deze zijn niet zichtbaar in dit hoofdstuk. Via de paragraaf grondbeleid in de jaarrekening 2024 wordt u hierover geïnformeerd. Na doorrekening op basis van de genoemde uitgangspunten wordt over het jaar 2024 € 546.944 toegerekend aan de projecten. In de begroting (programma 2) is rekening gehouden met een toerekening van € 510.000. De werkelijke uren zijn gerealiseerd in programma 0, 2, 7 en 8, waardoor er op programma niveau afwijkingen kunnen ontstaan.
Indien significante verschillen ontstaan, dan worden deze zichtbaar in de verschillenanalyses in de jaarrekening 2024. In bijlage 3 is een overzicht van de toegerekende bedragen per project opgenomen. Financiële gevolgen De toerekening van interne uren leidt tot een aanpassing van het investeringsbudget, alsmede de daarbij behorende structurele kapitaallasten. In bijlage 5 is de begrotingswijziging opgenomen.
7
Lopende investeringsbudgetten Naast de geplande projecten op de investeringsplanning, zijn er ook lopende investeringsbudgetten (onderhanden werk). Een overzicht hiervan en de toelichting is als bijlage 4 bijgesloten. Hierbij wordt per investeringsbudget aangegeven: • Is het werk uitgevoerd / kan het investeringsbudget worden afgesloten? • Indien het werk nog niet gereed is, wat is dan de nieuwe (verwachte) einddatum? Voortgang uitvoering onderhanden werk Per ultimo 2024 zijn er 85 openstaande investeringsbudgetten. Hiervan worden er 32 afgesloten, waarbij per saldo een bedrag aan resterende investeringsruimte van ca. € 1 miljoen kan vrijvallen. Er zijn 53 investeringsprojecten nog niet gereed, deze budgetten worden voortgezet in 2025. Afwijking op investeringsbudgetten In de nota Investeringen gemeente Roermond 2023 is opgenomen hoe omgegaan wordt met budgetoverschrijdingen. Bij 8 investeringsbudgetten is er sprake van een afwijking. Onderstaand wordt een toelichting per investeringsbudget gegeven: •
Investering 70319: Uitvoeringskrediet 3 kunstwerken 2021 Het uitvoeren van inspectie en onderhoud aan het viaduct Venloseweg heeft een grotere impact dan van tevoren gedacht. Dit is het gevolg van de aanwezigheid van de spoorlijnen. De te nemen veiligheidsmaatregelen zijn aanzienlijk meer en kostbaarder. Op het investeringsbudget is een gering tekort ontstaan (<10% en < € 20.000). Voor het vervolg van het project worden nog wel kosten verwacht, hiervoor wordt zoveel mogelijk de bestaande investeringsplanning ingezet m.n. de jaarlijkse begroting voor ‘Renovatie kunstwerken’.
•
Investering 70321: Nazorg reconstructie N280 In de nazorgfase zijn nog kosten gemaakt, welke gedekt worden uit de ontvangen GOML gelden. In de realisatie sluit dit investeringsbudget dus ook op € 0. Qua begroting is er een geringe afwijking ontstaan op zowel de lasten als de baten. Dit betreft een afwijking van < 10% en < € 20.000.
•
Investering 70940: Boomprogramma 2021 Op dit budget is een geringe afwijking ontstaan. Dit betreft een afwijking van < 10% en < € 20.000.
•
Investering 70943: Boomprogramma 2022 Op dit budget is een geringe afwijking ontstaan. Dit betreft een afwijking van < 10% en < € 20.000.
•
Investering 71509: Vervanging VRI Bredeweg – Julianalaan De kostenoverschrijding is het gevolg van de snelle en sterke prijsstijgingen in de GWW sector ten opzichte van het prijspeil tijdens de periode van het opstellen van de raming en het beschikbaar stellen van de middelen. Het betreft een geringe afwijking van < 10% en < € 20.000.
•
Investering 72008: Vervanging openbare verlichting 2023 Op dit budget is een geringe afwijking ontstaan. Dit betreft een afwijking van < 10% en < € 20.000.
•
Investering 75094: Topsportlocatie Jo Gerrishal De investeringskosten voor Jo Gerris Lounge en Led Boarding zijn hoger uitgevallen dan begroot. Oorzaak zit hem met name in duurdere materialen dan vooraf begroot. Dit betreft een afwijking van < 10% en < € 20.000.
•
Investering 79504: Schepen van Hertefeltstraat Bij de aanleg van de openbare ruimte zijn afspraken gemaakt over het doorbelasten van de ambtelijke kosten. Dit heeft geleid tot een geringe afwijking van < 10% en < € 20.000 zowel aan de lasten als aan de baten kant. In de realisatie is het saldo hiermee € 0.
De bovengenoemde projecten zijn inmiddels afgerond. De investeringsbudgetten worden dan ook middels deze rapportage afgesloten. Om die reden vindt er geen bijstelling van het budget meer plaats, maar wordt voorgesteld de afwijking goed te keuren en de kapitaallasten, welke van invloed zijn op de toekomstige exploitatie, te herrekenen. Het financieel effect hiervan wordt is opgenomen in bijlage 5.
8
Wijziging van investeringsbudgetten Bij 2 investeringsbudgetten is een aanpassing gewenst, welke onderstaand wordt toegelicht. Daarnaast zijn er gedurende het jaar 2024 enkele wijzigingen doorgevoerd op investeringsbudgetten, die een meerjarig effect hebben. Denk hierbij aan eerdere besteding van een budget maar wel binnen de totaalbegroting en de bijstelling van budgetten vanuit de 3e tussenrapportage. Voor deze investeringsbudgetten is een begrotingswijziging noodzakelijk. Onderstaand wordt een toelichting per investeringsbudget gegeven: •
Investering 78901:Vervanging sportveldverlichting In de oorspronkelijke raming was geen rekening gehouden met het vervangen van de verlichting bij een extra veld op sportpark Kitskensberg. Door groei van ledenaantallen bij sportverenigingen blijkt dit toch noodzakelijk. Hierdoor zal € 40.000 extra investeringsbudget noodzakelijk zijn. Middels deze rapportage wordt voorgesteld de begroting hierop aan te passen.
•
Investering 76908 Interimvoorziening SO H. Broerenschool Het betreft een interim voorziening H. Broeren met optie tot koop (met in aftrek van betaalde huur). Het contract is al voor de helft verlopen. Om die reden wordt voorgesteld het krediet met 50% te verminderen. Dit komt overeen met de huidige waarde.
•
Overige wijzigingen kapitaallasten Gedurende het jaar 2024 zijn er enkele wijzigingen doorgevoerd op investeringsbudgetten, die een meerjarig effect hebben. Dit kan bijvoorbeeld gaan om het eerder in uitvoering nemen van een investeringsbudget. Hierdoor starten ook de afschrijvingslasten eerder. Ook heeft er een bijstelling plaatsgevonden in de 3e tussenrapportage 2024. Deze wijzigingen hebben een totaal financieel effect van ca. € 27.000 in 2025.
De bovengenoemde projecten zijn nog in uitvoering (onderhanden werk). Derhalve wordt uw raad gevraagd om in te stemmen met bovengenoemde wijzigingen. De aanpassing van de lopende investeringsbudgetten heeft effect op de kapitaallasten in de meerjarenbegroting. De bijbehorende begrotingswijziging treft u in bijlage 5.
9
Financiële gevolgen In bijlage 5 is de begrotingswijziging opgenomen behorende bij de investeringsrapportage 2024. Het effect van bovengenoemde begrotingswijziging op het begrotingssaldo is in onderstaande tabel opgenomen. Bedragen x € 1.000,Meerjarig begrotingssaldo na 3e tussenrapportage 2024 Raadsbesluit 'Moties en amendementen' begroting 2025 Raadsbesluit 'Water- en rioleringsplan' Meerjarig begrotingssaldo na besluitvorming raad december 2024 Raadsvoorstel Investeringsrapportage 2024 Raadsvoorstel 1e Tussenrapportage 2025 Raadsvoorstel 1e Tussenrapportage 2025: decembercirculaire 2024 Prognose meerjarig begrotingssaldo na raad april 2024
10
2025
2026
2027
2028
2.405 -885 66
-657 0 300
773 0 341
685 0 241
1.586 1.105 -237
-357 198 -25
1.114 62 -25
926 69 -25
148
-16
9
0
2.602
-200
1.160
970