CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Investeer in jeugd 2024-2028

Gemeenteraad 7 november 2024, gemeente RoermondBij agendapunt: Voorstel inzake Hervormingsagenda jeugd3.579 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

Inhoudsopgave Inleiding .............................................................................................................................3 1.

Incidentele middelen Jeugd ..................................................................................................3

2.

Deskundigencommissie Hervormingsagenda ........................................................................4

A.

(boven)Regionale extra inspanningen .........................................................................4 Tijdelijke activiteiten: ..................................................................................................................5 1.

Benodigde tijdelijke investering regionale uitvoeringsagenda Midden Limburg Oost ............5

B. Reikwijdte Jeugdhulpplicht inperken, domeinoverstijgend werken en meer lokaal vrij toegankelijk collectieve inzet ..............................................................................................6 Tijdelijke activiteiten: ..................................................................................................................8 1.

Kansengelijkheid en gezond leven: .......................................................................................8

1.1

Kansrijke Start ...................................................................................................................................8

1.2

Gezonde voeding als onderdeel van de rijke schooldag.....................................................8

2.

Bestaanszekerheid: ..............................................................................................................9

2.1

2.2

Tijdelijke knelpunten bij lokaal team ...............................................................................................9

Normaliserende (gezinsgerichte) bijeenkomsten ..............................................................9

2

Inleiding

Voor u ligt het plan ‘Investeer in Jeugd 2024-2028 Roermond, als onderdeel van het intensiveringsprogramma Kiezen voor Kansen. Dit plan is opgesteld in het kader van de afspraken in de Hervormingsagenda Jeugd, lopend van 2023 t/m 2028. In die landelijke agenda zijn twee hoofddoelen opgesteld, namelijk de kwaliteit van de jeugdhulp te verbeteren en daarmee ook besparingen te realiseren. Dit plan draagt daar met onderstaande onderdelen aan bij, door tijdelijke intensiveringen aan te brengen. Sinds de transitie in 2015 is het aantal jeugdigen dat hulp vraagt significant toegenomen, ook in Roermond. Enerzijds krijgt de gemeente via de algemene uitkering hier middelen voor, anderzijds legt zij zelf op een (eventueel) tekort bij. Om dit te doorbreken zijn in de Hervormingsagenda meerdere inhoudelijke en randvoorwaardelijke maatregelen gesteld om uiteindelijk de hoofddoelen te halen. Hiervoor dient door gemeenten en uitvoeringsorganisaties extra geïnvesteerd te worden in. Hiervoor zijn extra tijdelijke middelen aan de gemeenten of specifieke doelen toegekend, de zogenaamde incidentele middelen Jeugd. Onderstaande lokale onderdelen worden opgenomen in het intensiveringsprogramma Kiezen voor Kansen Roermond dat een looptijd heeft t/m 2028. 1. Incidentele middelen Jeugd Aan Roermond zijn voor de jaren 2022 en 2023 extra middelen toegekend.

Deze zijn onderdeel van het raadskader Sociaal Domein. De incidentele middelen zijn geland in het intensiveringsprogramma Kiezen voor Kansen Roermond 2023-2028. In de meicirculaire van 2023 zijn voor de jaren 2024 en 2025 nogmaals door het rijk in het kader van de Hervormingsagenda Jeugd aan Roermond incidentele middelen Jeugd toegekend. Daarvan is in totaal nog € 9.176.162,- te besteden.. Conform raadsbesluit op 12 oktober 2023 zijn deze middelen in een bestemmingsreserve met als doel “(boven) regionale taken hervormingsagenda jeugd en taken Rijk” gestort. De gemeenteraad had kort daarvoor het intensiveringsprogramma Kiezen voor Kansen vastgesteld. Hierin waren de eerste destijds te overziene lokale maatregelen in het kader van de Hervormingsagenda opgenomen. Voor de verdere uitnutting van debestemmingsreserve is dit plan ‘Investeer in jeugd’ opgesteld. In dit plan benoemen we aanvullende maatregelen die we in de jaren 2024 t/m 2028 nemen voor de hoofddoelen van de Hervormingsagenda. Deze maatregelen zijn zowel bedoeld voor (boven)regionale inzet als lokale inzet: a. (boven)Regionaal: De gemeente Roermond is samen met de gemeenten Echt-Susteren, Maasgouw en Roerdalen de jeugdhulpregio Midden Limburg Oost. Zij werken in het kader van de toegang tot en het laten uitvoeren van maatwerk (geïndiceerde zorg) nauw samen met de jeugdhulpregio’s Midden Limburg West en Noord Limburg.

Daarnaast pakken zij bepaalde lokale thema’s in afstemming met elkaar regionaal op. b. Lokaal: de Hervormingsagenda is in juni 2023 ondertekend door de vijfhoek1. Voor de jaren 2023 t/m 2028 is in die hervormingsagenda geduid wie welke maatregel (als eerste) dient uit te werken. In de Hervormingsagenda wordt met name voor de lokale activiteiten domeinoverstijgende inzet voorgestaan. In Roermond zijn deze domeinoverstijgende opgaven bestaanszekerheid, kansengelijkheid en gezond leven. Eind 2023 en begin 2024 werd duidelijk dat de hoofddoelen uiteindelijk beter worden gehaald als de reikwijdte van de jeugdhulpplicht anders wordt afgebakend dan eerder door het ministerie van VWS voorzien in de Hervormingsagenda. Dit heeft implicaties voor de uitnutting van de Roermondse bestemmingsreserve: meer lokale dan (boven)regionale inzet is vereist. Daarover later meer per uitwerkingsniveau.

1

Ministerie van VWS, VNG, aanbieders, cliëntenorganisaties en beroepsverenigingen

3

2. Deskundigencommissie Hervormingsagenda In de Hervormingsagenda Jeugd is berekend dat met alle maatregelen de besparingen landelijk op circa 1 miljard uitkomen. Daarvan is 390 miljoen als discutabel bestempeld. Er is begin 2024 een deskundigencommissie ingesteld om te beoordelen in hoeverre alle maatregelen daadwerkelijk leiden tot besparingen. Deze commissie monitort vanaf medio 2024 in hoeverre er maatregelen door gemeenten zijn getroffen mede op basis van de inzet van de incidentele middelen Jeugd (2022 t/m 2025), wat eventueel autonome ontwikkelingen zijn die besparingen in de weg staan, etc. Begin 2025 doet deze commissie uitspraken wat dat voor de jaren 2023 en 2024 betekende. Vervolgens geeft zij daarover in 2027 en verder nogmaals haar oordeel. Met andere woorden: het is van belang dat de gemeente Roermond inzichtelijk maakt hoe zij de incidentele middelen Jeugd daadwerkelijk heeft ingezet voor het doel dat deze middelen hebben en wat dat op termijn aan resultaten geeft. Indien blijkt dat gemeenten deze inzet plegen (ongeacht het resultaat) dan neemt het Rijk de 390 miljoen voor haar rekening.

Leveren gemeenten deze inzet niet of nauwelijks met de investeringsmiddelen, dan loopt zij daarnaast het risico dat instroom in maatwerkvoorzieningen minimaal gelijk blijven of toenemen, met alle inhoudelijke en financiële gevolgen van dien voor respectievelijk de hulpvragers en de gemeente Roermond als financier.

A. (boven)Regionale extra inspanningen

Naast de hoofddoelen van de Hervormingsagenda, namelijk de kwaliteit van de jeugdhulp te verbeteren en daarmee ook besparingen te realiseren, zijn subdoelen gesteld die moeten voorkomen dat jeugdigen instromen in maatwerkvoorzieningen of daar minder lang verblijven. Ook de kwaliteit van hulpverlening dient verhoogd te worden. Deze subdoelen dienen zowel lokaal als in regionaal verband opgepakt te worden: 1. Terugdringen residentiële jeugdhulp: zo thuis mogelijk. 2. Transformatievraagstukken bestaanszekerheid, gedwongen kader, onderwijs-jeugdhulp, verbinding met volwassen(GGZ)zorg. 3. Verbeteren van de organisatie en inkoop van specialistische jeugdzorg. 4. Eenvoudigere uitvoering en inkoop, minder administratieve lasten en aanpak negatieve effecten marktwerking. Aan deze subdoelen wordt in de regio met andere jeugdhulpregio’s de afgelopen jaren hard gewerkt. Bijvoorbeeld door in het nieuwe aanbestedingsproces rondom ambulante niet-vrijtoegankelijke jeugdhulp de organisatie en inkoop te verbeteren, met minder administratieve lasten voor aanbieders e.d.. Medio oktober 2024 wordt de voorbereiding afgerond om vervolgens het bestuurlijke besluitvormingsproces te doorlopen. Andere zorgvormen die (boven)regionaal worden ingekocht, worden anderhalf jaar voor afloop van de overeenkomsten geëvalueerd en in ieder geval op basis van de subdoelen bijgesteld.

Het Rijk is daarnaast voornemens de wet- en regelgeving bij te stellen, waarbij duidelijk wordt wat de jeugdhulpplicht van gemeenten is. Via een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) wordt vastgesteld welke vormen van jeugdhulp zodanig specialistisch zijn dat die regionaal moeten worden ingekocht. Deze zijn alleen toegankelijk als de wettelijk vastgestelde verwijzers daarvoor een indicatie opstellen. Voor die zorgvormen in de AMvB wordt gedurende de looptijd van de Hervormingsagenda ook een vergaande uniformering qua product/dienstomschrijvingen en tarieven ingezet, waarmee de organisatie en beschikbaarheid van deze zorgvormen worden verbeterd. Dat is een voordeel voor gemeenten. De consequentie van deze inperking van de jeugdhulpplicht is dat de vrijheid van gemeenten voor deze zorgvormen / maatwerk wordt ingeperkt. Er is een regionale uitvoeringsagenda Jeugd MLO in de maak. Zodra deze gereed is en duidelijk wordt wat er nodig is aan extra inzet voor bovenstaande (lokale en regionale doelen in afstemming met de regio), doet de gemeente Roermond daartoe een voorstel aan het college en de raad. De eindperiode van dit komende regionale uitvoeringsplan loopt gelijk met de regiovisie Midden Limburg Oost Jeugd, de Hervormingsagenda Jeugd en Kiezen voor Kansen Roermond. 4

Tijdelijke activiteiten: 1. Benodigde tijdelijke investering regionale uitvoeringsagenda Midden Limburg Oost Op grond van het toekomstig regionale plan wordt duidelijk welke taak/actie en met welke reguliere of tijdelijke investering gewerkt gaat worden. Met de jeugdhulpregio Midden Limburg Oost zijn afspraken gemaakt over de verdeelsleutel van de te bekostigde activiteiten. Reguliere activiteiten zijn al opgenomen in de reguliere begroting. De tijdelijke investeringen die mogelijk nodig zijn om b.v. een vervolg te geven aan het Toekomstscenario, de verbinding met de volwassen GGZ e.d., worden in het toekomstig regionaal uitvoeringsplan inzichtelijke gemaakt. In de begroting van dit plan is hiervoor een PM post voor de jaren 2025 t/m 2028 opgenomen. In de bestemmingsreserve van Roermond resteert daarvoor maximaal € 680.000,- per jaar.

5

B. Reikwijdte Jeugdhulpplicht inperken, domeinoverstijgend werken en meer lokaal vrij toegankelijk collectieve inzet

In de Hervormingsagenda Jeugd is afgesproken dat de reikwijdte van de jeugdhulpplicht op advies van het ministerie van VWS nader moet worden afgebakend in de Jeugdwet. Dit is één van de kernpunten van de agenda en komt voort uit het advies van Commissie van Wijzen, die constateerde dat het stelsel niet houdbaar is wanneer een dergelijke afbakening niet wordt gemaakt. Het ministerie van VWS heeft in deze the lead en is de projectgroep Reikwijdte2 gestart. Dit betekent concreet dat alle lichte jeugdhulp (dat eerder met een indicatie alleen toegankelijk was) beschikkingsvrij toegankelijk wordt. De partijen sluiten daarbij aan op de AMvB zorgvormen (zie boven). In het afgelopen jaar zijn door VWS verschillende mogelijkheden voor afbakening en aanpassing van de Jeugdwet daartoe verkend. Deze voorzagen vooral in een afbakening op casus- of productniveau, waarbij geen normatief kader werd uitgewerkt. En werd verschoven naar de interpretatie ervan door (gemeentelijke) professionals. Ook is een concept handreiking opgeleverd die de juridische mogelijkheden die gemeenten in de huidige situatie (dus voorafgaand aan de wijziging van de Jeugdwet op dit punt) hebben om op lokaal niveau de jeugdhulpplicht in te kaderen. Daarop is bovenvermelde kritiek t.a.v. het ontbreken van een normatief kader van analoge toepassing.

Vanuit deze ontwikkelingen zijn in het voorjaar 2024 door de VNG gesprekken gevoerd met VWS over een andere insteek voor de afbakening van de reikwijdte, waarbij veel meer de nadruk komt te liggen op het creëren van de juiste randvoorwaarden voor lokaal werken aan transformatie en normaliseren. De VNG en gemeente Amsterdam gaan deze een opdracht uitvoeren. Deze is in de stuurgroep Hervormingsagenda van mei 2024 vastgesteld. Een en ander heeft grotere impact op de inzet van de incidentele middelen Jeugd voor de komende jaren dan eerder voorzien. Er is meer tijdelijke investering nodig op lokaal niveau, in het Roermondse geval met name op bestaanszekerheid en kansengelijkheid. Het is nodig om aansluitend aan het lokale intensiveringsprogramma Kiezen voor Kansen (dat tot en met 2026 voorziet in extra middelen per aanpak) tijdelijk meer te investeren om de geformuleerde visie van de VNG en de gemeente Amsterdam op de reikwijdte goed te vertalen. De afbakening van de reikwijdte van de jeugdhulpplicht begint namelijk bij het primaat van de eigen (veer)kracht van de jeugdige, diens gezin en sociale systeem met dichtbij een sterke structuur voor de sociale en (ped)agogische basis in gemeenten om problemen zoveel mogelijk in die context te kunnen oplossen.

Wanneer gemeenten daar kunnen werken zonder jeugdhulpplicht, maar met een meer passend kader, randvoorwaarden en beleidsvrijheid (met richtlijnen voor de professionals om overeenkomstig de visie te werken) wordt het anders beantwoorden van hulpvragen mogelijk. Dit past bij de gemeentelijke invloedssfeer en het stimuleren van de kracht van de lokale civil society. Doel hierbij is het duurzaam terugdringen van inzet van specialistische, op het individu gerichte jeugdhulp en meer in te zetten op accepteren en ’omgaan met…’. Dit vraagt dan ook meer wijkgerichte en gezinsgerichte inzet als alternatief voor het nog steeds toenemende gebruik van individuele jeugdhulp. Dit sluit aan op de lijn die Commissie van Wijzen in haar adviesrapport in 2021 voorstelt: ‘Daarnaast kan een aantal wetswijzigingen doorgevoerd worden die de beleidsvrijheid verder versterken en de uitvoeringsvrijheid zo min mogelijk aantasten. Deze wetswijzigingen hangen samen met de fundamentele keuzes die de wetgever moet maken over de reikwijdte van de wet.’ Deze andere insteek brengt voor gemeenten meerdere voordelen om de doelen uit de Hervormingsagenda te halen:

2

bemenst door de partners uit de vijfhoek en waarin de afspraken nader worden uitgewerkt.

6

• • • • •

een grotere mate van beleidsvrijheid lokaal doordat er geen jeugdhulpplicht is voor collectief vrijtoegankelijke oplossingen; werken aan een sterke sociale en (ped)agogische basis waardoor veel breder en beter wordt gekeken of de oplossing daadwerkelijk ligt in het jeugdhulpaanbod of veel meer in onderwijs, wijkvoorzieningen, wonen en inkomensvoorzieningen, etc. ruimte voor een totaal andere aanpak waarbij schotten tussen wetgeving en tussen diverse uitvoerders worden geslecht; verder werken aan sterke lokale teams die zelf hulp verlenen (richtinggevend kader). Voor deze hulp geldt dan geen jeugdhulpplicht meer, maar zijn gemeenten slechts gehouden hiervan een toereikend aanbod te realiseren en met focus en impact de lokale opgaven, met name bestaanszekerheid en kansengelijkheid, voort te zetten en/of op te pakken.

Visueel weergegeven levert dit het volgende model op:

NB De grootte van de blokken representeert de ambitie om plm. 80% van de hulpvragen lokaal af te vangen. Ideaaltypisch zou de financiële verdeling tussen algemene jeugdvoorzieningen, specifieke voorzieningen en maatwerk respectievelijk 15%, 35% en 50% moeten beslaan. Voor de huidige middelen van de gemeente Roermond binnen jeugdhulp gaat circa 75% of meer naar maatwerk zorgvormen. Hierbij wordt het blok ‘Eigen kracht, aanpalende domeinen en vrij toegankelijke voorzieningen (lokaal)’ gevormd door de eigen kracht van inwoners en hun systeem, de in de gemeente aanwezige sociale en pedagogische basis en de stevige lokale teams en wat zij vanuit het Richtinggevend Kader Toegang, lokale teams en integrale dienstverlening te bieden hebben. Het blok ‘Tussencategorie’ bevat een aanbod aan lichte hulp en ondersteuning die beschikkingsvrij wordt aangeboden, maar niet (volledig) binnen het lokale team kan worden georganiseerd. Dit is ook in lijn met de oorspronkelijke gedachte van Algemene commissie jeugdzorg uit 2012 waarmee werd beoogd dat gemeenten ook beschikkingsvrij jeugdhulp zouden kunnen leveren. De invulling van dit blok is met name afhankelijk van de invulling van de AMvB Zorgvormen (en wat daar niet in terugkomt) en hoe daar door een gemeente in het kader van de beleidsvrijheid invulling aan wordt gegeven.

Naast bovenstaande werkt de VNG een voorstel uit om een juridische grondslag te creëren (anders dan de Awb) die passend is bij de beoogde rol en functie van de teams/toegang en het karakter van de werkzaamheden die daar plaatsvinden. Deze nieuwe rechtsgrond beoogt de rechtszekerheid van de inwoners te verbinden aan het kwaliteitsniveau, -kaders en richtlijnen van de professionals in de teams, waarmee wordt gebroken met de huidige aansprakencultuur op voorzieningenniveau die in de huidige Jeugdwet is opgenomen.

7

Tijdelijke activiteiten: Alle activiteiten waarvoor de incidentele middelen Jeugd 2024 en 2025 in de komende jaren als tijdelijke investering worden ingezet, sluiten aan bij de leidende principes van inperking van de jeugdhulpplicht, collectieve en normaliserende (informele) inzet, vroegtijdig domeinoverstijgende inzet in het kader van opgaven die in het coalitieakkoord en in Kiezen voor Kansen zijn verwerkt: bestaanszekerheid, kansengelijkheid en gezond leven. Deze opgaven sluiten een op een aan bij de doelen van de Hervormingsagenda Jeugd. M.a.w.: het versterken van de sociale en pedagogische basis voor jeugdigen en gezinsleden, zodat vroegtijdig voorkomen of verholpen kan worden en jeugdigen minder instromen in de ingeperkte zorgvormen jeugdhulp. Hiermee bouwen we voort aan een toereikend aanbod voor jeugdigen in Roermond. Alle inzet betreft een aanjaagperiode, ieder onderdeel heeft daarmee een duidelijke en onvoorwaardelijke einddatum. In de begroting is per onderdeel de start- en eindperiode geduid. De inzet wordt uiterlijk eind 2028 gestopt. 1. Kansengelijkheid en gezond leven: 1.1 Kansrijke Start Voor 2023 is regionaal in samenwerking met Noord Limburg en Midden Limburg West gewerkt aan het verbeteren van een infrastructuur tussen het medisch- en sociaal domein om de allerjongsten kinderen die gaan opgroeien in een kwetsbaar gezin goed te begeleiden.

In het programma Kiezen voor Kansen is ten doel gesteld een lokale aanpak te ontwikkelen waarin daadwerkelijk de jonge gezinnen te begeleiden. Deze Kansrijke start-aanpak is inmiddels uitgewerkt en vraagt voor de komende jaren een impactvolle tijdelijke investering. De eerste 1000 dagen (-10 maanden tot 2 jaar) van een kind zijn namelijk cruciaal voor een goede start. De gezondheid van een kind voor, tijdens en na de geboorte blijkt een belangrijke voorspeller te zijn van problemen – zowel fysiek als mentaal – op latere leeftijd. In Roermond zijn er circa 550 geboortes per jaar. Uit onderzoek blijkt dat een op de vijf een minder goede start maakt in het leven, omgerekend zo’n 121 kinderen in Roermond. De tijdelijke investering betreft de volgende acties: doorontwikkelen van de lokale infrastructuur, de benodigde samenwerking(safspraken), verbindingen aangaan met andere aanpakken zodat een doorlopende ontwikkellijn voor de jongsten ontstaat, trainingen van effectievere interventies (GIZ) en het tijdelijk intensiveren en optimaliseren van een (in)formeel steunpallet. In de begroting is oplopend van 2024 t/m 2028 een totaalbedrag voor tijdelijke investering van € 3.681.000,- opgenomen. Voor de jaren 2024 t/m 2026 is dat tijdelijke uitbereiding van de middelen in Kiezen voor Kansen.

Voor de jaren 2027 t/m 2028 is de tijdelijke investering nodig voor de inzet van andere acties van deze impactvolle aanpak. Na 2028 is met de stakeholders afgesproken dat de tijdelijke investering stopt. 1.2 Gezonde voeding als onderdeel van de rijke schooldag In het kader van armoedebestrijding is de afgelopen jaren ingezet op het specifiek verstrekken van ontbijt(tassen) aan jeugdigen die dat nodig hebben. Professionals konden deze jeugdigen aandragen bij de gemeente. Na evaluatie van deze interventie blijkt dat: • het bereik van de interventie beperkt is, terwijl de behoefte bestaat onder een groter aantal jeugdigen in Roermond; • het relatief veel inzet en middelen kost om de interventie in huidige vorm uit te voeren; • onduidelijk is hoe effectief de interventie is; • de interventie mogelijk stigmatiserend werkt. Gedurende het schooljaar 2024-2025 veranderen we de huidige vorm van verstrekken van ontbijt(tassen) aan jeugdigen. We bouwen de huidige inzet af waarbij we de deelnemers tijdig informeren. We ontwikkelen door vanuit twee sporen:

8

a. We verzoeken (alle) scholen om gebruik te maken van de landelijke regeling Schoolmaaltijden, die in 2025 nog van kracht is. b. We gaan in overleg met de scholen die betrokken zijn bij de interventie Rijke schooldag, onderdeel van de aanpak Kansrijk Onderwijs in het programma Kiezen voor Kansen, en onderzoeken samen met hen op welke manier aandacht kan worden besteed aan dit thema. We verkennen hierbij de mogelijkheid om een externe partij te betrekken die een rol kan spelen in het leveren van gezonde voeding op de scholen. We schatten de tijdelijke extra benodigde investering - aanvullend op het regulier budget ter hoogte van € 70.000 euro per jaar - op € 230.000 per jaar. De investering loopt tot en met 2027 en stopt daarna onvoorwaardelijk. Betrokkenen worden hierover tijdig geïnformeerd. Indien op basis van monitoring en evaluatie in het kader van de interventie Rijke schooldag blijkt dat na 2028 de inzet voortgezet dient te worden, dan is er voldoende tijd om naar andere financieringsbronnen op zoek te gaan. 2. Bestaanszekerheid: 2.1 Tijdelijke knelpunten bij lokaal team Er zijn het afgelopen jaar twee knelpunten geconstateerd die negatief inwerken op de subdoelen in het kader van het verlagen en verkorten van maatwerk in de jeugdzorg. Deze zijn: a. Enerzijds heeft het CJG mede vanwege de druk op de jeugdzorg te maken met wachtlijsten.

Middels het budget Kiezen voor Kansen en dit plan willen we naast de structurele subsidie het CJG extra met een tijdelijke investering ondersteunen. Uit de bestemmingsreserve vragen we voor de jaren 2025 en 2026 € 100.000,- per jaar extra. Daarna stopt deze investering. Daarnaast blijken er meer jeugdigen spoedig een verklarende analyse te moeten ondergaan. Mede vanwege de druk op het CJG en het landelijke Consultatiecentrum Expertise Jeugd (CCE), ervaren we dat jeugdigen zonder verklarende analyse in niet passende instellingen worden geplaatst. Het gaat hierbij om complexe casuïstiek. De komende jaren zal de druk verhoogd worden, mede vanwege de afbouw van de gesloten jeugdzorg. Ter overbrugging van deze periode vragen we voor de jaren (resterende tijd) 2024 € 10.000,-, 2025 € 50.000,- en 2026 € 50.000,- tijdelijk investeringsbudget om bij wachtlijsten met spoed een beschikbare expert in te schakelen en de analyse te verrichten opdat een jeugdige en gezin duidelijk krijgt welke passende zorg ingezet kan worden. Beide tijdelijke acties zijn onderdelen van de Kiezen voor Kansen-aanpak Recht op gezinsleven. Na 2026 stopt deze investering.

2.2 Normaliserende (gezinsgerichte) bijeenkomsten Uit meerdere onderzoeken blijkt dat voor het versterken van de sociale en (ped)agogische basis er een paar bevorderende factoren zijn, namelijk: - het bieden van ruimten waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en - hun sociaal netwerk kunnen vergroten, vooral met inzet van de inwoners zelf, omdat zij de civil society vormen. Vaak denken we daarbij aan binnenruimten zoals school of het CJG. Deze ruimten kunnen ook elders in afstemming met stichtingen die met vrijwilligers werken gevonden en ondersteund worden. Te denken valt aan vrijetijdsbestedingen zoals sport, cultuur/muziek, bewegen (in speeltuinen). Hiermee wordt het normaliserende karakter in groepsverband meer benadrukt. Terwijl gezinnen met hun kinderen bijeenkomen en met gewone alledaagse activiteiten bezig zijn, kunnen ze ook laagdrempelig informatie ophalen en een praatje met een professional maken. De komende jaren gaan we voor dergelijke initiatieven en/of stichtingen ontmoetingen aanjagen door b.v. bijeenkomsten te faciliteren. Daarvoor maken we jaarlijks tot en met 2028 € 25.000,- vrij om die bijeenkomsten te organiseren. Hiermee geven we de komende jaren het goede voorbeeld, stimuleren een lokale netwerkstructuur zodat de organisaties elkaars kwaliteiten en ruimten beter gaan benutten. In 2029 stopt onze bijdrage onvoorwaardelijk en na de eindperiode zetten de 9

veldpartijen zelf vanuit het reguliere werk deze vormen van inzet door. Het wordt als het ware het nieuwe normaal. De wijze van financiering maakt onderdeel uit van deze ontwikkeling, in sommige gevallen compenseren we het gebruik van de ruimten of toegangsticket, in andere gevallen geven we o.b.v. een aanvraag een tijdelijke subsidie, en ondersteunen we op andere wijzen bewonersinitiatieven. Deze tijdelijke activiteiten sluiten aan bij de Kiezen voor Kansen-aanpak Circulaire Zorg.

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=90f3a892-9bc5-4a2a-aa72-c65347224fa9