CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.f Overzicht aanbevelingen uit de quickscan (NIEUW)

Commissie Bestuur en Middelen (BM) 11 maart 2024, gemeente RoermondBij agendapunt: Leerpunten uit evaluaties hoogwater juli 20213.387 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanbevelingen uit de Lokale quickscan Hoogwater juli 2021 Roermond door Cuijpers Consultancy bv Hoofdstuk 4.2 Bijzondere (bestuurlijke) situatie bij een GRIP-4 (pagina 13) Aanbeveling 1.Prima om tijdens een GRIP-4 een extra bestuurlijk kernteam voor de burgemeester in te stellen. Waarborg zo dat de burgemeester op de hoogte blijft van de stand van zaken (inclusief eventuele knelpunten) in haar gemeente en zo haar rol binnen het RBT kan invullen.

Wat te doen, door wie, wanneer Aanvullend op de Grip-structuur kan - indien dit gelet op de aard, omvang, duur en impact van het incident, ramp of crisis noodzakelijk wordt geacht - een bestuurlijk kernteam ingesteld. De burgemeester geeft hiertoe opdracht aan de medewerker crisisbeheersing.

2.Realiseer dat dit kernteam ook zinvol is bij een GRIP-1 of GRIP-2.

Indien dit gelet op de (impact van het incident, ramp of crisis noodzakelijk of wenselijk wordt geacht kan een lokaal kernteam bij elke grip-situatie worden ingesteld door de burgemeester. We hanteren voortaan de term bestuurlijk kernteam in plaats van beleidsteam.

3.Voorkom verwarring door het bestuurlijk kernteam van de burgemeester een beleidsteam te noemen. 4.Realiseer dat een bestuurlijk kernteam -afhankelijk van de situatieuitgebreid kan worden met bijvoorbeeld strategisch adviseurs van politie, brandweer en/of GHOR.

1

De inhoudelijke bezetting van het bestuurlijk kernteam wordt afhankelijk van de aard van de crisis, calamiteit of incident samengesteld met vertegenwoordigers uit die disciplines die een rol van betekenis of ervaring hebben bij het beheersen of bestrijden ervan.

Hoofdstuk 4.3 Interactie en communicatie tussen de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders (pagina 17) Aanbeveling 5.Blijf bij een volgende onverhoopte ramp of crisis als burgemeester de wethouders op de hoogte houden. Dit volgt uit de rollen van de burgemeester als beslisser en bruggenbouwer. Gelet op (eventuele) aflossing en vervanging van de burgemeester als lid van het RBT of in de rol van burgermoeder is dit relevant.

6.Voorkom als wethouder de zogenaamde action bias. De praktijk leert dat ook wethouders aangesproken worden door burgers, bedrijven en pers over de rampenbestrijding en crisisbeheersing in de gemeente. Zeker in een GRIP-4-opschaling zijn de rollen van de burgemeester minder prominent, dus ook van een wethouder.

2

Wat te doen, door wie, wanneer De burgemeester informeert de leden van het college (bij een ramp van deze omvang) dagelijks één of meerdere keren over het verloop van de ramp of crisis. Acute crisisbeheersing blijft wel altijd voorop staan. Afhankelijk van de aard en omvang van de crisis of ramp wordt in het vervolg een handelingsperspectief opgesteld voor wethouders. De werk- en communicatieafspraken - vanuit het principe van één crisis, één bron, één boodschap ‘ - worden vastgelegd. De interactie tussen de burgemeester, de leden van het college en de gemeenteraad is onderwerp van een training rampen- en crisisbestrijding van het nieuwe college van B&W in Q3 van 2022. Ook dit onderwerp komt in de training (aanbeveling 5) aan de orde. Duidelijkheid en consensus over rollen en verantwoordelijkheden (inzicht crisisorganisatie) zijn hierbij van belang, evenals een goede informatiepositie van de wethouders. Ook om burgers en ondernemers te verwijzen naar de juiste instanties en informatiebronnen.

7.Waarborg dat het Team Bevolkingszorg (TBZ) kritisch is en blijft over wie aanschuift in het TBZ. Maak als TBZ-lid ook duidelijk wat jouw rol is aan tafel. Hierdoor ontstaat geen verwarring wanneer je tijdens een ramp of crisis ad hoc een crisisfunctie invult.

De medewerker crisisbeheersing neemt deze aanbeveling op in de taakbeschrijving van het Team Bevolkingszorg (TBZ). Het is een verantwoordelijkheid van de voorzitter van het TBZ.

8.Maak duidelijke afspraken met wethouders over de communicatie, intern en extern (bijvoorbeeld in de richting van burgers en bedrijven). Het werken volgens het principe van ‘één crisis, één bron, één boodschap’ is een gezamenlijk belang. Het is belangrijk dat de gemeentelijke (crisis)organisatie één boodschap uitbrengt, zodat de burgers eenduidige informatie ontvangen.

Zie aanbeveling 5.

3

Aanbeveling 9.Bepaal of en hoe ondersteuning door wethouders positief bijdraagt aan de crisis. Breng bijvoorbeeld de wethouders in stelling om de burgemeester in haar burgermoederrol te ondersteunen, wanneer het een ramp of crisis van grote omvang betreft. Wethouders kunnen bijvoorbeeld een bezoek brengen aan getroffen burgers, bedrijven en organisaties en een luisterend oor bieden.

Wat te doen, door wie, wanneer Als vast agendapunt opnemen tijdens het bijpraatmoment tussen de burgemeester en de wethouders (zie ook aanbeveling 5).

10. Benut de reguliere contacten van de wethouders dan zoveel mogelijk. Borg dat wethouders vragen en feedback vanuit burgers en andere getroffenen tijdens een ramp of crisis via het klantcontactcentrum of ‘crisis’publieksinformatienummer doorgeven.

Zie aanbeveling onder 5 en 9. Wordt onderdeel van de training van het nieuwe college. Wethouders dienen goed geïnformeerd te zijn over de crisisorganisatie en over de wijze waarop kan worden omgegaan met vragen en feedback van inwoners en ondernemers en ook waar zij terecht kunnen voor hulp en informatie.

11. Waarborg dat de operatien bij de operationele diensten en crisisteams blijven. Zorg dat bestuurders zich hier zo min mogelijk in mengen. Het is uiteraard prima om je als bestuurder te laten adviseren over bestuurlijke en strategische aspecten van een ramp of crisis.

Een van de onderdelen van de training van het nieuwe college zal gaan over de inrichting van de crisisorganisatie (Grip-structuur, beleidsteam, operationeel team en Team Bevolkingszorg) en de rollen en verantwoordelijkheden die daarbij horen op strategisch, tactisch en operationeel gebied.

Hoofdstuk 4.3. Interactie en communicatie tussen de burgemeester en de gemeenteraad (pagina 20)

Aanbeveling

Wat te doen, door wie, wanneer

12.Manage als burgemeester de verwachtingen van de gemeenteraadsleden.

De nieuwe gemeenteraad wordt geïnformeerd over de structuur van de rampenbestrijding en crisisbeheersing, inclusief rollen en verantwoordelijkheden. Hierbij worden afspraken gemaakt over de frequentie en de wijze waarop de burgemeester de gemeenteraad informeert. Ook hier geldt dat de acute crisisbeheersing voorrang heeft. Zie aanbeveling 12.

13.Maak duidelijke afspraken over de manier waarop de raadsleden op de hoogte gehouden worden. Bijvoorbeeld over de bron waar gemeenteraadsleden geverifieerde informatie kunnen vinden (raadsinformatiebrieven, gemeenteraadsvergadering, website van de gemeente Roermond et cetera).

4

14.Informeer dan als bestuurder de gemeenteraad over de stand van zaken. Laat bijvoorbeeld raadsinformatiebrieven opstellen, of organiseer een digitale vergadering. Waarborg wel dat de acute crisisbeheersing voorrang krijgt.

Zie aanbeveling 12.

15.Overweeg de gemeenteraad kennis te laten maken met de regionale en gemeentelijk rampenbestrijding en crisisbeheersing binnen de VrLN.

Zie aanbeveling 12.

16.Overweeg ook dat de nieuwe gemeenteraad na de verkiezingen in maart 2022 kennis krijgen over de rampenbestrijding en crisisbeheersing zoals afgesproken.

Zie aanbeveling 12.

17.Ontwikkel een handelingsperspectief voor de gemeenteraadsleden voor de denkbare situatie dat ze benaderd worden tijdens een ramp of crisis door journalisten, bewoners en bedrijven.

Afhankelijk van de aard en de omvang van het incident, de crisis of ramp wordt in het vervolg een handelingsperspectief opgesteld voor de raadsleden.

18.Overweeg de voorzitter van de veiligheidsregio uit te nodigen om een mondelinge toelichting en uitleg te geven over de genomen besluiten, wanneer de gemeenteraad hieraan behoefte heeft.

Dit is onderdeel van de politiek-bestuurlijke evaluatie van deze crisis en wordt na de installatie van de nieuwe gemeenteraad gepland.

Hoofdstuk 4.4.1. Communicatie Veiligheidsregio Limburg-Noord en gemeente Roermond (pagina 23)

5

Aanbeveling 19.Borg dat de communicatieboodschap van de gemeente Roermond gericht is op de ontvanger. Wanneer de VRLN onvoldoende lokale informatie heeft, overweeg dan inderdaad om de regionale crisiscommunicatie-organisatie lokaal na te bootsen

Wat te doen, door wie, wanneer We gaan met deze aanbeveling aan de slag door lokaal de omgevingsmonitoring te organiseren. Dat brengt tijdens de operatie beter in beeld wat de maatschappelijke informatiebehoefte is. Daarbij blijft de beschikbaarheid en aanlevering van deze informatie uit de Veiligheidsregio en het eigen Team Bevolkingszorg van belang.

20.Voorkom dan wel communicatie langs elkaar heengaat en/of dat informatie elkaar tegenspreekt. Zorg dat de gecommuniceerde informatie betrouwbaar en valide is. Vermeld de onbetrouwbaarheidsmarge als de informatie onvoldoende betrouwbaar is, zoals bijvoorbeeld bij de voorspelde waterstanden. Dit vergroot de geloofwaardigheid van de gemeente.

Er wordt naast feiten en omstandigheden alleen gevalideerde informatie gecommuniceerd. Zo waren de voorspelde waterstanden ook gevalideerd. Hierbij nemen wij in toekomstige situaties de onzekerheden mee in onze boodschappen.

21.Maak regionale werkafspraken over de crisiscommunicatie met betrekking tot het proces Evacuatie (inclusief de terugkeer naar de woningen). Dit om te voorkomen dat in casu zowel de gemeente Roermond als de burgers door een mededeling van VRLN overvallen worden.

De afspraak was dat de gemeente verantwoordelijk was voor de communicatie rond de evacuaties. Dit is over het algemeen ook goed gegaan. In toekomstige situaties zullen we dat nog explicieter afspreken.

22.Zorg dat de gemeente op zowel op operationeel- als bestuurlijk niveau goed aangehaakt is bij de VRLN. Zorg voor goede communicatie en samenwerkingsverbanden, zodat de informatievoorziening en hulpverveling soepel verlopen. Beleg bijvoorbeeld tweemaal per dag een digitale vergadering waar alle voorzitters TBZ aansluiten om het beeld en knelpunten te delen. Om op die manier de nadelige gevolgen van de hoogwatercrisis te beperken.

Op dit moment is er geen structureel overleg tussen de sectie Bevolkingszorg en de getroffen gemeenten. Wij gaan deze aanbeveling bespreken met de Veiligheidsregio Limburg-Noord.

Hoofdstuk 4.4.2 Afstemming met het Waterschap Limburg en Rijkswaterstaat (pagina 24)

6

Aanbeveling 23.Meld bij voorspelde waterstanden ook de onzekerheidsmarge. Hierdoor blijven het waterschap en Rijkswaterstaat geloofwaardig voor burgers. Als de nieuwere voorspelling afwijkt van eerdere voorspellingen, duid wat de reden is van deze afwijking. Dit neemt veel onrust weg bij burgers.

Wat te doen, door wie, wanneer Wij nemen in toekomstige situaties de onzekerheden mee in onze boodschappen en zullen de betreffende instanties ook expliciet bevragen naar de oorzaken van afwijkingen, zodat ook dat een plek krijgt in onze communicatie.

24.Communiceer via de communicatielijnen, om te voorkomen dat informatie elkaar tegenspreekt. Laat communicatie van crisispartners via het ROT lopen, zeker bij informatie die grote impact heeft voor de activiteiten van het TBZ.

Om de betrouwbaarheid en validiteit van de informatie te borgen gaan we aan de slag met deze aanbeveling binnen de lokale crisisorganisatie en het leerprogramma. Tevens wordt deze aanbeveling besproken met de Veiligheidsregio Limburg-Noord.

25.Controleer jaarlijks of de contactgegevens van (mogelijke) crisispartners actueel zijn. Op die manier heb je bij een crisis altijd de juiste contactgegevens en kan je snel handelen.

De medewerker crisisbeheersing is verantwoordelijk voor de actualiteit van de contactgegevens. Controle hiervan wordt jaarlijks uitgevoerd.

Hoofdstuk 4.4.3. Samenwerking en afstemming met overige partners (pagina 26)

7

Aanbeveling 26.Schakel inderdaad de hulp in van andere crisispartners zoals defensie en het Rode Kruis om te helpen om de nadelige gevolgen van het hoogwater te verminderen of zelfs te voorkomen. Op deze manier genereer je extra capaciteit. Zorg dat je als gemeente duidelijke afspraken maakt over de rollen, taken en bevoegdheden van de andere ondersteunende crisispartners.

Wat te doen, door wie, wanneer Het Rode Kruis is een vaste crisispartner en wordt indien nodig ingezet. Bij de inzet is duidelijk wat hun rol, taken en bevoegdheden zijn. Assistentie van het leger verloopt door tussenkomst van de voorzitter van de Veiligheidsregio Limburg-Noord en/of de burgemeester via de Commissaris van de Koning.

27.Maak als gemeente gebruik van de lokale kennis en ervaringen van inwoners. Deze ervaringsdeskundigen hebben bruikbare praktische tips en adviezen om de nadelige gevolgen van hoogwater te beperken.

Bij een specifieke ramp zoals hoogwater zal van deze aanbeveling gebruik worden gemaakt. We kennen binnen de meeste wijken ervaringsdeskundigen, ook op het gebied van hoogwater (bewoners, havenmeesters, watersportverenigingen, etc.). Vanuit hun ervaring kunnen zij informatie en adviezen geven aan wijkbewoners en medewerkers van de crisisorganisatie.

28.Stimuleer de zelfredzaamheid en redzaamheid van inwoners. Communiceer handelingsperspectieven en communiceer waar bewoners informatie kunnen vinden over de waterstanden. Door de (zelf)redzaamheid van inwoners te stimuleren, kan je als gemeente op andere zaken richten. Op zaken die burgers niet kunnen oplossen. Waarborg ook dat jaarlijks de actuele betrekkingslijnen worden gedeeld met inwoners, bedrijven en organisaties in de gemeente Roermond.

We pakken deze aanbeveling op. Verwijzen naar websites over waterstanden gebeurt al tijdens hoogwater. Een ander goed voorbeeld is het boekje ‘Wateroverlast in je woning’ van het Waterschap Limburg. Hierin staan maatregelen die genomen kunnen worden om schade door wateroverlast in de eigen woning te beperken.

Hoofdstuk 4.5 Feedback vanuit de samenleving (pagina 32)

8

Aanbeveling 29.Denk bij de crisiscommunicatie aan alle inwoners en bedrijven van de gemeente Roermond. Voorkom dat de aandacht alleen of voornamelijk uitgaat naar de meest getroffen wijken. Communiceer dus ook naar en over de andere wijken.

Wat te doen, door wie, wanneer Deze aanbeveling wordt in het vervolg meegenomen in de crisiscommunicatie. Prioriteit in de berichtgeving blijft wel uitgaan naar de (meest) getroffen wijken.

30.Waarborg bij een grootschalige ramp of crisis inderdaad dat essentiële crisiscommunicatiefuncties lokaal beschikbaar zijn en kunnen worden ingezet. Leid hiervoor op korte termijn extra medewerkers voor op. Zo waarborgt de gemeente Roermond de crisiscommunicatiebehoefte van de inwoners van de gemeente Roermond.

Om bij hoogwater een lokale crisiscommunicatie-operatie te draaien dienen minimaal 4 rollen in afwisselende diensten 24/7 beschikbaar en getraind te zijn. Dat betekent 12 mensen en overstijgt de reguliere communicatiecapaciteit. Dit dient daarom nog nader uitgewerkt te worden.

31.Gebruik naast de traditionele crisiscommunicatiemiddelen ook moderne, innovatieve crisiscommunicatiemiddelen: social media, WhatsApp (buurt)groepen, sms-diensten, bestaande netwerken et cetera.

Sociale media zijn ingezet. We gaan samen met wijkregisseurs onderzoeken hoe we gebruik zouden kunnen maken van lokale communicatienetwerken zoals buurt whatsappgroepen, specifiek voor de door hoog water getroffen gebieden.

32.Bedenk wel dat bij een uitval van nutsvoorzieningen traditionele(re) communicatiemiddelen beter werken. Zorg in dat geval dat inwoners persoonlijk worden gewaarschuwd, bijvoorbeeld door politieagenten en/of gemeentelijke medewerkers.

Deze alternatieven dienen nader uitgewerkt te worden binnen de lokale crisisorganisatie.

33.Overweeg als gemeente Roermond aandacht te besteden aan de specifieke en lokale risicocommunicatie: “Hoe kunnen burgers, bedrijven en bezoekers zich voorbereiden op een ramp of crisis in Roermond”. Zo weten ze wat er verwacht wordt, welke hulpmiddelen bestaan, en zijn ze al op de hoogte van essentiële tips.

Met de Veiligheidsregio Limburg-Noord bekijken we samen hoe we de risicocommunicatie kunnen oppakken.

Hoofdstuk 5.2 Afstemming lokale en regionale teams (pagina 34)

9

Aanbeveling 34.Besteed aandacht aan de communicatielijnen. Stem bijvoorbeeld de vergaderklokken van het ROT, RBT, de sectie bevolkingszorg én het TBZ in Roermond op elkaar af.

Wat te doen, door wie, wanneer De vergaderklokken worden in de praktijk ook op elkaar afgestemd. De voorzitter van TBZ is hierbij een belangrijke schakel.

35.Waarborg hierin dat de sectie bevolkingszorg met álle getroffen gemeenten regelmatig overleg inplant tijdens een ramp of crisis. Bijvoorbeeld via Microsoft Teams. Zo kunnen de verschillende teams de beelden op elkaar afstemmen en belangrijke knelpunten delen.

Deze nuttige aanbeveling bespreekt de medewerker crisisbeheersing in het AOV-overleg in de veiligheidsregio en met de contactpersoon van de sectie bevolkingszorg van de Veiligheidsregio Limburg-Noord.

36. Gemeenten kunnen dan ook ervaringen en oplossingsrichtingen met elkaar delen

Zie aanbeveling 35.

Hoofdstuk 5.3 Crisiscommunicatie: regionaal én lokaal (pagina 35) Aanbeveling 37. Spreek als VRLN en gemeenten direct bij een regionale ramp en crisis hoe de rol- en taakverdeling ligt.

38. Maak de verwachtingen helder. Goed dat de VRLN zich met de regiobrede crisiscommunicatie bezighoudt, en de gemeenten de lokale crisiscommunicatie oppakken. Stem dit goed op elkaar af. 39.Vul als gemeente de regionale crisiscommunicatie aan met specifieke, lokale informatie. Plaats een doorverwijslink op de gemeentelijke website naar de crisiscommunicatiesite van de VRLN.

Wat te doen, door wie, wanneer Deze aanbeveling nemen we als aandachtspunt bij een regionale ramp of crisis op in de lokale planvorming en in het scholingsprogramma van de lokale crisisorganisatie. De verwachtingen ten opzichte van elkaar moeten vanaf het begin duidelijk zijn en kunnen indien nodig tijdens de ramp of crisis in onderling overleg worden bijgesteld. Zie aanbeveling 37.

Zie aanbeveling 37. Het verwijzen naar andere websites gebeurt in de praktijk al.

40.Bespreek met de VRLN welke ondersteuning crisiscommunicatie van de VRLN kan geven aan de gemeenten. Zéker bij een grootschalige ramp of crisis die meerdere gemeenten in de VRLN treft.

Zie aanbeveling 37

41. Waarborg dat de verwachtingen van zowel de VRLN als gemeente Roermond op elkaar afgestemd zijn.

Zie aanbeveling 37

10

Hoofdstuk 5.4 Samenwerking met Rijkswaterstaat en het Waterschap Limburg (pagina 36) Aanbeveling 42.Geef aan dat de gemeente Roermond zich kan vinden in de aanbevelingen voor het versterken van de actuele, situationele beelden door het Waterschap en Rijkswaterstaat. 43.Attendeer de veiligheidsregio, het waterschap en Rijkswaterstaat op de behoefte van de gemeente Roermond dat het beantwoorden van lokale vragen (de QenA van de gemeente) plaatsvindt. De VRLN dient hierover duidelijke afspraken te maken met het waterschap en Rijkswaterstaat. 44.Attendeer de veiligheidsregio, het waterschap en Rijkswaterstaat op de mogelijkheid dat de gemeente Roermond over betrouwbare, lokale informatie (bijvoorbeeld vanuit veldeenheden en lokale inwoners) beschikt, die een relevante aanvullingen zijn op de actuele situationele beelden van het waterschap en Rijkswaterstaat.

11

Wat te doen, door wie, wanneer De lokale quickscan hoogwater juli 2021 Roermond wordt gedeeld met de Veiligheidsregio Limburg-Noord, het waterschap Limburg en Rijkswaterstaat. Het verkrijgen van een actueel en lokaal beeld van waterstanden en de scenario’s is een belangrijk onderdeel daarvan. Zie aanbeveling 40.

In de praktijk wordt lokale informatie gedeeld met de betrokken partijen. Bij de uitwerking van de lokale planvorming naar aanleiding van deze evaluatie en in de overleggen met het Waterschap en Rijkswaterstaat (in de koude fase) betrekken we deze aanbeveling.

Hoofdstuk 5.5 Burgerinitiatieven (pagina 37) Aanbeveling 45.Bepaal als gemeente Roermond wie de lokale coördinatie van vrijwilligers en burgerinitiatieven op zich neemt. Besteed daarbij ook aandacht aan de coördinatie van aangeboden diensten en middelen. Maak deze coördinator(en) bekend tijdens een ramp of crisis. Waarborg dat inwoners weten dat zij zich bij de coördinator aan kunnen melden. Door een lokale coördinator voor burgerinitiatieven in te zetten, weet de gemeente Roermond waar bepaalde acties worden uitgevoerd, en wie deze acties uitvoert. Houd er wel rekening mee dat vrijwilligers dan onder aansturing van de gemeente vallen, en de gemeente dus een verantwoordelijkheid heeft voor hun veiligheid. 46.Wees je ook bewust van andere mogelijkheden, zoals ‘Ready2Help’ van het Rode Kruis.

Wat te doen, door wie, wanneer Dit is een nieuw punt voor zowel de regionale als lokale crisisorganisatie en dient uitgewerkt te worden door de medewerker crisisbeheersing, inclusief de opmerking over de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid. Omdat er op regionaal niveau ook geen planvorming is, wordt dit ook afgestemd met de Veiligheidsregio Limburg-Noord.

47.Neem als lokale én regionale crisisorganisatie een standpunt in hoe om te gaan met de aanwezige kennis en expertise van de inwoners.

Er zal lokaal (meer) gebruik gemaakt worden van de aanwezige kennis en expertise.

12

Dit is bekend.

Hoofdstuk 5.6 Lokale hoogwaterplannen (pagina 37) Aanbeveling 48.Pas het gemeentelijk draaiboek hoogwater van Roermond aan met de lessen uit de hoogwatercrisis in juli 2021. Voeg de kaarten van overstroomde gebieden toe met informatie over hoeveel land overstroomt bij bepaalde waterstanden.

Wat te doen, door wie, wanneer Het hoogwaterteam en de medewerker crisisbeheersing passen het gemeentelijk draaiboek hoogwater aan.

49.Stem het gemeentelijk draaiboek hoogwater af met de lokale bevolking. Waarborg dat de lokale bevolking weet wat zij kan doen tijdens een hoogwatercrisis, en wat zij moet laten. Maak bijvoorbeeld een ‘meterkastkaart’ waarop nuttige tips staan om de inwoners voor te bereiden op een hoogwatersituatie.

De al bestaande (digitale) informatiekaart van de Veiligheidsregio LimburgNoord ‘Wat te doen bij hoogwater’ kan hiervoor worden ingezet, eventueel aangevuld met nuttige lokale informatie.Net als de brochure ‘Zorg voor droge voeten’ van het Waterschap Limburg.

Hoofdstuk 5.7 (Preparatie) Nafase (pagina 38) Aanbeveling 50.Waarborg dat de multidisciplinaire crisisteams bij een ramp of crisis een overdrachtsdocument opstellen en dit overdrachtsdocument delen met de gemeente Roermond. Gebruik als gemeente dit document als input voor het (concept) plan van aanpak nafase. 51.Neem een gemeentelijk standpunt in of bij een volgende (onverhoopte) regionale ramp de VRLN de coördinatie van de nafase heeft of dat de gemeente opnieuw zelfstandig de nafase invulling geeft.

13

Wat te doen, door wie , wanneer Deze aanbeveling wordt door de medewerker crisisbeheersing opgenomen in de lokale planvorming van de crisisorganisatie. Bij een volgende regionale crisis of ramp wordt deze aanbeveling meegewogen als het gaat over de coördinatie van de nafase. Bij een volgende regionale crisis of ramp wordt deze aanbeveling meegewogen als het gaat over de coördinatie van de nafase.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=f24e62ec-590f-4926-844e-7c4080ecf8a5