CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording Cie vragen SPR behorende bij Raadsvoorstel 5.1 en 5.3 def

Gemeenteraad 7 november 2024, gemeente RoermondBij agendapunt: Voorstel inzake Hervormingsagenda jeugd3.481 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel 5.1 Hervormingsagenda jeugd en voorstel beleidsplan armoede en schulden Cie. Vragen. blz. 3/6 (boven)Regionaal Door de staatssecretaris is aangekondigd dat Midden Limburg Oost en Midden Limburg West, beide kleinere jeugdhulpregio's, samengevoegd gaan worden. Dit vraagt tijdelijk extra investering in de bedrijfsvoering 1. In het verleden was er al eens een samenwerking tussen beide regio’s. Die ging om een of andere reden ter ziele. Waarom zou de samenwerking nu wel goed gaan? Antwoord: De samenwerking in de regio (tussen Oost en West) is de afgelopen jaren reeds enorm verbeterd. Op verschillende onderdelen wordt inmiddels al samengewerkt (bijvoorbeeld de inkoop van ambulante Jeugdzorg die nu al gezamenlijk wordt voorbereid). Ook op het gebied van bedrijfsvoering van Jeugdhulp en Wmo is de samenwerking de laatste jaren sterk aangehaald. Medewerkers werken daarbij al intensief samen op diverse gebieden (bv uitwisseling en aanvullen van expertise op inkoop, contractmanagement, datamanagement etc.). De samenvoeging van de regio’s zoals nu ingezet wordt door het Rijk bekrachtigd de uitvoeringspraktijk waarbij beide regio’s door samen te werken hun krachten al op diverse onderdelen bundelen. 2. Zijn de problemen van destijds opgelost of wat is er veranderd? Antwoord: Zie het antwoord op de vorige vraag.

Door de herindeling van de jeugdregio’s ontstaat er ook een wettelijke plicht tot samenwerking, die in de uitvoeringspraktijk al was ingezet. 3. Wat is de inspanning die Roermond gaat verrichten om dit nu wel te laten lukken? Graag verduidelijking hiervan. Antwoord: Roermond zet actief in op de samenvoeging en samenwerking van beide regio’s door inzet van alle regionale medewerkers (Roermond fungeert als werkgever voor de medewerkers die regionaal werken voor Midden Limburg Oost) in het traject om te komen tot 1 regio ingaande 1 januari 2026. Ambtelijk opdrachtgeversoverleg en Bestuurlijk overleg wordt inmiddels al gehouden op Midden Limburgs niveau om de samenwerking te faciliteren en aan te jagen. blz 3/6 Lokaal Roermond kent een bovengemiddelde uitdaging in het jeugddomein. Uit de laatste cijfers van het CBS over 2023 blijkt dat de regio Midden Limburg Oost en Roermond een hoger gebruik van maatwerkvoorzieningen (jeugdzorg) kent dan andere vergelijkbare regio's of steden 4. Wat is de oorzaak dat Roermond ondanks al onze inspanningen in het verleden (zeg van pakweg 2000 af) nog steeds een hoog gebruik heeft van jeugdhulp/jeugdzorg? Antwoord: In het hele land zijn er gemeenten die van oudsher al een groot gebruik kennen van jeugdzorg, dat zijn met name Limburgse gemeenten, in het oosten van het land, de grote steden en gebieden rondom Groningen.

Op een aantal onderdelen van de jeugdhulp is voor de regio Midden Limburg Oost en Roermond het gebruik verminderd, waaronder 24 uursopname, maar aan de andere kant is het gebruik verschoven naar intensievere ambulante hulp (maatwerkvoorzieningen). Met de komende aanbesteding ambulant, trachten we daarin een kentering teweeg te brengen. Vele factoren

hebben invloed op het gebruik van jeugdhulp en jeugdzorg waardoor Roermond vooral inzet op enerzijds een brede sociale basis in het voorliggende veld en anderzijds op een ruim pakket aan geïndiceerde (Jeugd)zorg voor hen die het nodig hebben. Evaluatie, monitoring en het op basis daarvan initiëren van nieuwe maatregelen blijven daarbij steeds noodzakelijk. 5. Doen wij wel de juiste dingen? Kunt u ons een verduidelijking hiervan geven Antwoord: Over het algemeen hebben we meerdere maatregelen getroffen of zowel het voorliggend veld als op de geïndiceerde Jeugdzorg. Doel blijft dat het maatwerk afneemt. Bij sommige (met name de zwaardere vormen van zorg) neemt het maatwerk weliswaar af maar is het nog te vroeg om dat geheel aan de ingezette maatregelen toe te dichten, hoewel dit wel een goed teken is. Wat betreft collectieve vrij toegankelijke ondersteuning moeten meer interventies ingezet worden. Dat is een lokale aangelegenheid die, bijvoorbeeld door de intensivering van de aanpak Kansrijke Start wordt ingezet. blz. 4/6 bij 2.1 Een risico is dat de tijdelijke investeringen niet het gewenste effect hebben en daarmee de beoogde besparingen niet worden gerealiseerd. 6. Het regionale plan is nog niet gereed, doen wij dat wel goed? Graag zouden wij eerst het regionale voorstel willen zien en dan vervolgens het juiste bedrag.

De raad van de gemeente Roermond mag de middelen uit de bestemmingsreserve voor de hervormingsagenda inzetten op regionaal en lokaal niveau. Om regionaal tot afstemming te komen voor regionale maatregelen is het noodzakelijk dat ook de regiogemeenten in een zelfde mate (naar rato) bijdragen voor regionale plannen. Dit is niet voor alle gemeenten in dezelfde mate mogelijk en daardoor heeft regionale planvorming ook niet voor alle gemeenten dezelfde prioriteit of zijn de middelen naar niet in dezelfde mate voor gereserveerd. Met de middelen die na onttrekking voor de inzet op lokale noodzakelijke inzet over blijven resteren er voldoende middelen om regionaal evenredig in te kunnen zetten zonder dat dit tot vertraging van inzet in Roemrond leidt op het lokale niveau waar de noodzaak daarvoor evident aanwezig is. blz. 4/6 bij 2.2 en bijlage 1 blz. 5/10 Na akkoord door de gemeenteraad op voorliggend plan en het beleidsplan armoede en schulden kan Roermond vanuit de bestemmingsreserve maximaal € 680.000,- bijdragen. 7. Waarop is dit bedrag geoormerkt zonder dat het plan MLO er is? 8. Waarom niet een grote bestemmingsreserve? Waarom niet het hele bedrag? 9. Waarom denkt u dat dit voldoende zal zijn? Dit is het bedrag dat na inzet op de lokale maatregelen over blijft voor regionale aanpak. Zie ook het antwoord op vraag 6. BIJLAGE 1 blz.

4/10 laatste alinea De consequentie van deze inperking van de jeugdhulpplicht is dat de vrijheid van gemeenten voor deze zorgvormen / maatwerk wordt ingeperkt. 10. Heeft u al een idee/inschatting van de consequenties hiervan voor onze Roermondse jeugd?

Antwoord: In de hervormingsagenda jeugd is afgesproken dat de jeugdhulpplicht ingeperkt wordt wat betreft maatwerkzorgvormen. Dat was medio 2023. Hiervoor heeft de gemeente Roermond het plan Kiezen voor Kansen opgesteld om vooruitlopend op de wettelijke inperking maatregelen te nemen lokaal. In Kiezen voor Kansen is aangegeven dat het effect van de maatregelen pas over een aantal jaren te zien is. De zorgvormen waarvoor Roermond (of eigenlijk de jeugdregio Midden Limburg) geen vrijheid meer heeft in de inkoop daarvan zijn specialistisch van aard waardoor de toegang daartoe nu al (veelal) niet door de lokale georganiseerde toegang (CJG) wordt verzorgd maar deze uit het medische circuit of via gecertificeerde Instellingen wordt georganiseerd. Voor de Roermondse Jeugd betekent dit dan vooral dat de financiering anders zal verlopen in de toekomst. 11. Heeft men hiervoor al een plan van aanpak? Antwoord: Op lokaal niveau werken we met de aanpakken uit Kiezen voor Kansen, het beleidsplan jeugd en het beleidsplan armoede en schulden. B. 1e alinea Dit betekent concreet dat alle lichte jeugdhulp (dat eerder met een indicatie alleen toegankelijk was) beschikkingsvrij toegankelijk wordt. 12. Hebben wij al een idee wat DIT financieel betekent voor Roermond. Antwoord: Nee, dat is op dit moment nog niet bekend. Zodra het mogelijk is heir een berekening voor te maken zal dit gedeeld worden.

13. Hebben wij al een beeld van wie nu zou kunnen komen te vallen onder het nieuwe regime. Antwoord: Nee, dit komt omdat het aan de verwijzer (veelal dus niet de gemeente) is om aan te geven of jeugdigen een maatwerkvoorziening nodig hebben. 14. Om hoeveel meer aanvragen zou het kunnen gaan? Antwoord: Dat is momenteel nog niet aan te geven. We volgen nauwlettend hoe verwijzer s sullen omgaan met de nieuwe situatie. 4e alina Een en ander heeft grotere impact op de inzet van de incidentele middelen Jeugd voor de komende jaren dan eerder voorzien. Er is meer tijdelijke investering nodig op lokaal niveau, in het Roermondse geval met name op bestaanszekerheid en kansengelijkheid. 15. Ons inziens gebruiken wij steeds wat lapmiddelen, we reageren ad hoc i.p.v. actief Wij dichten het ene gat van incidentele middelen met het andere gat van incidentele middelen. Zou het niet verstandiger zijn om hier structurele middelen voor in te zetten? Wij hebben immers een zorgplicht voor onze inwoners. Kunt u het hiermee eens zijn? Zo nee, waarom niet. Antwoord: In het algemeen kan gesteld worden dat via Kiezen voor Kansen en het beleidsplan armoede en schulden domein overstijgende aanpakken opgesteld zijn die o.a. jeugdhulp gaan verminderen en de bestaanszekerheid van inwoners gaan beïnvloeden. Omdat de incidentele middelen ook slechts

incidenteel ingezet kunnen worden wordt ervoor gekozen dit te doen in aanpakken die op hun effect gemonitord kunnen worden waardoor voorstellen voor vervolg gefundeerd gedaan kunnen worden. De middelen die vanuit het Rijk beschikbaar worden gesteld hebben nu een incidenteel karakter. blz. 6/10 werken aan een sterke sociale en (ped)agogische basis waardoor veel breder en beter wordt gekeken of de oplossing daadwerkelijk ligt in het jeugdhulpaanbod of veel meer in onderwijs, ruimte voor een totaal andere aanpak waarbij schotten tussen wetgeving en tussen diverse uitvoerders worden geslecht 16. Kennen wij de inhoud van het lespakket en zijn wij het hiermee eens? Antwoord: We kennen niet het specifieke lespakket. We zetten vooral in op het leren overstijgend samen te werken tussen verschillende sectoren, o.a. met het onderwijs. 17. Schotten slechten tussen diverse uitvoerders. Wordt daar al niet sinds pakweg 2010 aan gewerkt? Is dat nog niet opgelost? integreren en samenwerken lijkt ons een betere oplossing. Hoe denkt u hierover De gemeente Roermond zet steeds in op samenwerking en ontschotting o.a. met het voorliggende voorstel. blz. 9/10 Alle inzet betreft een aanjaagperiode, ieder onderdeel heeft daarmee een duidelijke en onvoorwaardelijke einddatum. In de begroting is per onderdeel de start- en eindperiode geduid. De inzet wordt uiterlijk eind 2028 gestopt 18.

Uiterlijk 2028 wordt gestopt. Waarop baseert u dan dat alles beter is voor diegenen die hulp krijgen? Zijn we dan inderdaad klaar en is het af? Iets wat langjarig nog steeds niet gelukt is? De voorgestelde inzet wordt geëvalueerd waarna opnieuw bekeken wordt of en binnen welke voorwaarden nieuwe of aanvullende maatregelen ingezet moeten en kunnen worden. Inzet op armoede en schulden heeft een langdurige en blijvende noodzaak, waarbij diverse aanpakken steeds geëvalueerd en doorontwikkeld moeten worden. Door (tijdelijk) een grotere groep inwoners te kunnen bereiken is het beoogde effect in ieder geval dat deze groep ook na de looptijd van de aanjaagperiode in beeld is en blijft en passend ondersteund kan worden. Vaak denken we daarbij aan binnenruimten zoals school of het CJG. Deze ruimten kunnen ook elders in afstemming met stichtingen die met vrijwilligers werken gevonden en ondersteund worden In 2029 stopt onze bijdrage onvoorwaardelijk en na de eindperiode zetten de veldpartijen zelf vanuit het reguliere werk deze vormen van inzet door. Het wordt als het ware het nieuwe normaal. 19. Werken met vrijwilligers en het Nieuwe Normaal. Bent u het met ons eens dat dit weleens een groot risico zou kunnen zijn? We hebben nu al een tekort aan menskracht bij de professionals(mantel)(jeugd)zorg, en vrijwilligers worden steeds meer overvraagd, terwijl de mensen langer moeten werken.

Is dit een reëel beeld, wat gaan we hieraan doen Blijvend wordt ingezet op het normaliseren van zorg door zo weinig mogelijk geïndiceerde zorg in te hoeven zetten en dit naar het voorliggende veld te verplaatsen. Het blijvend stimuleren en ondersteunen van vrijwilligers en mantelzorgers blijft een uitgangspunt van het beleid.

===========================================================================

BELEIDSPLAN ARMOEDE EN SCHULDEN blz. 2/7 …1.3 Zo is het aanbod ter ondersteuning van de minima geoptimaliseerd, wordt de kwaliteit van de gemeentelijke dienstverlening met betrekking tot schuldhulpverlening als goed ervaren en .. 20. Wie heeft dit onderzocht? Onder hoeveel personen is dit onderzoek onderzocht en kunnen wij daar cijfers van krijgen? Antwoord: In mei 2023 heeft een klantbelevingsonderzoek plaats gevonden onder inwoners die een traject schuldhulpverlening volgden. Dit onderzoek is gedaan onder 783 huishoudens met een actief traject in de schuldhulpverlening en/of budgetbeheer. De commissie BS is hierover geïnformeerd op 22 augustus 2023. Uw vindt de resultaten van het onderzoek als bijlage.

Bovendien zijn doelgroepen naar de oppervlakte gekomen die eerder niet vanzelfsprekend een plek kregen in het armoedebeleid en niet bij de gemeenten in beeld waren, bijvoorbeeld werkende armen. 21. Waarom schrijft u dat dit bij de gemeente niet bekend was, terwijl in de afgelopen 15 jaren regelmatig door de SPR hierover vragen en opmerkingen gesteld zijn. Hier worden met name de doelgroepen bedoeld die tijdens de Corona pandemie (zoals de jongeren) en de energiecrisis naar voren kwamen en daarvoor nog niet eerder massaal in de problemen kwamen. Dit naast de groepen die al eerder bekend waren. Deze groep is nu dus ook opgenomen in het beleid. 22. Wat heeft dit en vorige colleges hiermee gedaan? En waarom is men nu tot een ander inzicht gekomen. De noodzaak om geïntensiveerd in te zetten op armoede en schulden is vertaald in het voorliggende beleidsplan. blz. 3/7 Het creëren van bewustwording bij professionals, inwoners en partners wat betreft het herkennen en de gevolgen van financiële stress; 23. Financiële stress komt niet alleen voor bij de minima, maar ook bij (goed) verdienende mensen die het financieel niet onder controle hebben (meer uitgeven dan dat er inkomsten zijn).

Hoe gaan wij deze mensen bereiken voordat de schulden hen boven het hoofd groeien? Antwoord: Sinds 2021 is vroegsignalering van schulden als verplichting opgenomen in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Vaste lastenpartners zoals energie, waterbedrijven, zorgverzekeraars en verhuurders moeten betalingsachterstanden vroegtijdig doorgeven aan de gemeente. Door de intensieve aanpak door ons team schuldhulpverlening bereiken we burgers vroegtijdig, worden problematische schulden vaak voorkomen. Tegelijkertijd kunnen we hulp bieden aan burgers die al wel geldzorgen en/of problematische schulden hebben maar nog niet bekend waren bij onze gemeente. Uw commissie is hierover uitgebreid geïnformeerd in de commissieinformatiebrief van 15 april 2024. U vindt de brief in de bijlage.

Allereerst willen we alle inwoners goed op de hoogte stellen van hun rechten, de informatievoorziening verbeteren en het bereik vergroten. Naast het team schuldhulpverlening en het team budgetbeheer heeft er dit jaar een uitbreiding plaatsgevonden naar een tweede sociaal boekhouder. De sociaal boekhouders richten zich op het herkennen en signaleren van armoede en geldzorgen bij inwoners maar ook op het creëren van bewustzijn hiervan bij ketenpartners, professionals en vrijwilligersorganisaties.

We monitoren en meten welke resultaten we halen met betrekking tot de gestelde doelen en onderdelen van het nieuwe armoede- en schuldenbeleid 24. Zijn er al nulmetingen gedaan? Kunnen we dit benchmarken De startpositie wordt vastgesteld na vaststellen van het voorliggende beleidsplan door de raad. We kunnen daar vervolgens de evaluatie op inrichten. kanttekeningen en risico’s blz. 4/7 Voor deze interventie wordt apart onderzoek (maatschappelijk kosten-baten en kwalitatief onderzoek) ingericht 25. Begrijpen wij het goed dat hier nog onderzoek naar moet worden gedaan? Wanneer is dit gepland en krijgen wij daar dan een terugkoppeling over? Gedurende de looptijd wordt dit onderzoek gedaan en wordt de raad daar regelmatig van op de hoogte gehouden.

blz. 4/7 Onduidelijk is nog wat de interventies aan besparingen opleveren. 26. Waarom is dit nog onduidelijk? U spreekt van besparingen, dan zullen er toch wel ideeën zijn over hoeveel dit oplevert? Sommige aanpakken zijn uniek en hebben een bijzonder karakter waardoor dat pas gedurende de looptijd kan worden onderzocht. Beleidsplan bestaanszekerheid blz. 5/29 Dat kenmerkt zich door domeinoverstijgend samenwerken op niveau van beleid (integraal beleid) en uitvoering (integrale aanpak met mix van acties en interventies) volgens de Groeimatrix Armoede en Gezondheid van het RIVM 27. Deze Groeimatrix dateert uit 2020. Waarom starten we hier nu pas mee ? Graag een verklaring hiervoor. Het investeren in de afzonderlijke aspecten van bestaanszekerheid is niet nieuw. De integrale aanpak gaat door leefgebieden en verschillende maatschappelijke opgaven heen. Met dit plan intensiveren we de integrale benadering van armoede en schulden.

2.2 Brede bestaanszekerheid 28. Hoe gaat u geldzorgen voorkomen. Hoe gaat u zorgen voor VOLDOENDE INKOMEN? Wij als gemeente doen immers niet aan inkomenspolitiek? Nederland geldt nog steeds als een lagelonenland volgens een onderzoek volgens de Groene Amsterdammer dus graag meer uitleg hierover? Antwoord: Gemeenten mogen inderdaad geen inkomenspolitiek voeren, dit is voorbehouden aan het Rijk. Wij proberen zoveel mogelijk geldzorgen te voorkomen door de vroegsignalering heel actief in te zetten en door het ruimhartig en laagdrempelig informeren over en aanbieden van onze gemeentelijke maar ook landelijke minimaregelingen.

3. Beleidsvoornemens: ambities en doelen voor 2025 tot en met 2028 Allereerst willen we alle inwoners goed op de hoogte stellen van hun rechten, de informatievoorziening verbeteren en het bereik vergroten 29. Hoe gaat u dit doen? Antwoord: Wij gaan dit op een aantal manieren doen: - Wij gaan alle communicatiekanalen gebruiken om laagdrempelig bekendheid te geven aan de bestaande regelingen en voorzieningen. - Wij zorgen ervoor dat al onze ketenpartners geïnformeerd zijn zodat zij de juiste informatie kunnen geven aan onze doelgroep. - Wij vereenvoudigen onze aanvraagprocessen en onze regelingen.

blz. 13/29 Wij bieden mensen met een uitkering het comfort van stages, 30. Is er een stagevergoeding Of wordt dat Vrijwilligerswerk? In dit kader betreft het stages die met behoud van uitkering gevolgd mogen worden om te wennen aan de arbeidsmarkt zonder dat dit meteen leidt tot het beëindigen van een uitkering. HET AANTAL INWONERS…. In ons coalitieakkoord hebben we de ambitie aangescherpt, namelijk: vóór 2026 leeft niemand van onze inwoners meer onder de armoedegrens. 31. Hoeveel van onze inwoners leeft momenteel onder de armoedegrens? Wordt dat berekend volgens de nieuwe berekeningen. zie https://www.nporadio1.nl/nieuws/binnenland/f031791d-d4394851-9298- ea3e0ed48d12/minder-mensen-in-armoede-door-nieuwe-definitie-betekent-niet-datweniks-moeten-doen Volgens die nieuwe definitie leefden vorig jaar 540.000 mensen in armoede. Volgens de oude berekeningen waren dat er 820.000. Antwoord: Wij hebben als gemeente niet de gegevens om het aantal inwoners te bepalen die onder de nieuwe armoedegrenzen vallen. De nieuwe armoedegrenzen zijn o.a. afhankelijk van de

ontvangen toeslagen en het ter beschikking staande vermogen. Wij hebben niet de beschikking over deze gegevens. Daardoor kunnen wij dit aantal niet bepalen op basis van de nieuwe definities. Op basis van CBS gegevens uit 2023 kunnen wij wel een inschatting maken van het aantal inwoners in een huishouden met een inkomen rond het sociaal minimum in Roermond Percentage sociaal minimum

100% 110% 120% 130%

Aantal personen (1) 4 .652 6.920 8.722 10.410

(1) Vertaald naar aantal huishoudens, dan is dit ongeveer de helft van het aantal personen

blz. 14/29 De gemeenteraad van Roermond heeft op 9 november 2023 een motie aangenomen voor een ‘busvoordeelabonnement voor bewoners met een kleine beurs’. In 2024 (en verder) onderzoeken we wat betekent om inwoners een gratis ‘busabonnement’ aan te bieden en aan te sluiten bij de provinciale initiatief. Daarover wordt de gemeenteraad geïnformeerd. 32. is er al een eerste indicatie over de resultaten De gemeente gaat haar rol nemen in het aanschrijven van haar inwoners waarvan bekend is dat zij in de doelgroep van de minimapas vallen. Dit betreft voornamelijk ons bijstandsbestand. Zij kunnen zich vervolgens bij Arriva melden voor het aanvragen van een pas. De provincie financiert deze passen vervolgens. We onderzoeken momenteel hoe de provincie en Arriva hier tegenover staan, hoe dit proces er concreet uit ziet, welke inzet daarmee gepaard gaat en toetsen dit aan relevante (AVG) wet- en regelgeving. Dit resulteert in een implementatieplan waarmee de motie naar verwachting eind 2024 wordt uitgevoerd. Hierin wordt inzichtelijk wat het inhoudelijk en financieel voor gemeente Roermond betekent om deze nieuwe minimaregeling in onze gemeente implementeren. Gegevens in Roermond Uit cijfers blijkt dat we in de gemeente Roermond grote uitdagingen kennen op het gebied van inkomen en werk.

Vergeleken met het landelijk gemiddelde heeft Roermond meer werklozen, meer mensen in de bijstand, meer voortijdig schoolverlaters en meer mensen die meer stress ervaren dan in een goede gezondheid leven. Bovendien zijn de verschillen per wijk erg groot. Voor de komende jaren is het doel om minder inwoners in armoede en met schulden te laten leven, zodat ze beter kunnen meedoen in de samenleving. Gegevens over de situaties van inwoners geven ons richting om dat doel te behalen. Hoe het is gesteld met bestaanszekerheid in Roermond anno 2024 is lastig te onderbouwen met cijfers omdat data recenter dan 2022 nauwelijks beschikbaar is. Het is echter aannemelijk dat de hieronder gepresenteerde - enigszins gedateerde - gegevens per wijk nog altijd representatief zijn voor de situatie vandaag de dag. Daarbij zijn de volgende indicatoren van belang om goede interventies uit te zetten: 33. U ziet dat wij in ROOD het woordje MEER ingevoegd hebben. In al die jaren dat de SPR vertegenwoordigd is in de raad hebben wij veel, heel veel beleidsnota’s voorbij zien komen over dit onderwerp. En nog steeds is deze problematiek niet opgelost. Hoe kunt u

dan denken dat voor 2026 geen enkele inwoner van onze stad onder de armoedegrens leeft (zie pagina 13) Het is in ieder geval onze ambitie om dit te bewerkstelligen. Er zijn de afgelopen jaren ook al resultaten te zien. Er is relatief gezien wel een afname te zien van bijvoorbeeld het aantal personen/huishoudens met een bijstandsuitkering. De aanpak van Armoede en schulden blijft echter een kwestie van langdurige noodzakelijke inzet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=49a4815d-d53f-4d86-86ab-aa3d0fd01e0c