CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

A007 bijlage inzake Taskforce-culturele-en-creatieve-sector-over-stijgende-lasten.-Najaarsnota

Commissie Burgers en Samenleving (BS) 28 februari 2023, gemeente RoermondBij agendapunt: Ingekomen brieven in de raad van 9 februari 20231.312 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan: Leden van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Cc.: Staatssecretaris van cultuur en media, mevrouw G. Uslu VNG, ter attentie van de heer J. van Zanen en mevrouw F. van Hout IPO, ter attentie van de heer J. Smit en mevrouw F. van Spaendonck

Amsterdam, 12 december 2022

Betreft: besteding gelden Najaarsnota 2022 aan cultuur Geachte leden van de Tweede Kamer, Op woensdag 14 december a.s. debatteert de Kamer over de Najaarsnota van het kabinet. Deze nota biedt de culturele sector perspectief in financieel donkere tijden. Er is vanaf 2023 structureel geld vrijgemaakt voor maatschappelijke sectoren waaronder de cultuur, om tegemoet te komen aan de stijgende (energie)lasten. Maar zolang deze middelen niet concreet vertaald zijn door Rijk, gemeenten en provincies leeft de sector tussen hoop en vrees. En de vrees wordt steeds groter. Wat is er aan de hand?

Ongekende lastenstijging amputeert cultureel programma 2023 De jaarafsluiting 2022 en begrotingen 2023 van vele culturele organisaties laten dieprode cijfers zien en de weerstandsvermogens zijn door de coronacrisis flinterdun. Prijsstijgingen, energiecrisis en de ontwrichte arbeidsmarkt leiden tot ongekende lastenstijgingen. Bureau Berenschot heeft in opdracht van de Taskforce culturele en creatieve sector geïnventariseerd - op basis van een uitvraag naar steekproeven door brancheorganisaties - wat de daadwerkelijke lastenstijging is. > Uit die inventarisatie blijkt dat ten opzichte van 2019 de totale lasten bij (bijna) 1.500 instellingen zijn toegenomen van €3,55 miljard in 2019 tot €3,73 miljard in 2022 (+5%) en geraamd voor 2023 op €4,06 miljard (+14%). Dat komt neer op €0,5 miljard hogere lasten per jaar in 2023 dan in 2019. De totale stijging is vooral groot bij de podia (+29%), de presentatie-instellingen (+23%) en (binnen de deelsector bioscopen) de filmtheaters (zelfs +55%). > De energielasten zijn bij deze (bijna) 1.500 instellingen toegenomen van €86 miljoen in 2019 tot €206 miljoen in 2022 (+139%) en geraamd voor 2023 op € 272 miljoen (+216%, meer dan verdrievoudigd). Dat komt neer op €120 miljoen hogere energielasten in 2022 en €186 miljoen hogere energielasten in 2023 dan in 2019.

Deze stijging van energielasten is zichtbaar in alle deelsectoren binnen het culturele veld. Het aandeel van energielasten in het totaal van lasten stijgt gemiddeld van 2,4% in 2019 via 5,5 % in 2022 tot 6,7% in 2023. Voor musea geldt een percentage van 6,9% in 2023. Uitschieters zijn podia (in 2023 11,2% energiekosten van totale kosten) en presentatie-instellingen (10,6% energiekosten van totale kosten), hetgeen ook verklaart dat daar de totale lasten het hardst stijgen. Ook producerende organisaties, festivals en makers in alle disciplines zijn zeer sterk getroffen door zowel inflatie als doorberekende energielasten.

1

Lastenstijgingen zijn moeilijk op te vangen door de sector zelf De inventarisatie heeft laten zien dat de veelal gemeentelijk gesubsidieerde culturele infrastructuur wordt geconfronteerd met forse lastenstijgingen, die deels structureel van aard kunnen blijken. Energielasten kunnen mogelijk weer dalen, maar inflatie blijft de lasten opdrijven. Compensatie van deze kostenstijging is maar ten dele mogelijk, omdat prijzen van tickets al vastliggen en de hogere kosten niet kunnen worden doorberekend. Met dit vooruitzicht dreigt waardevol cultureel programma dat nu in voorbereiding moet worden genomen, te sneuvelen. Vernieuwende kunst, avontuurlijke voorstellingen, aanstormend maar nog niet doorgebroken talent, experimentele en klassieke muziek - alles buiten de gebaande paden zal als eerste worden geschrapt omdat deze activiteiten niet rendabel te maken zijn. Kortom: door financiële onzekerheid kalft de culturele keten van top tot basis af. En dit op een moment waarop de sector (met name beginnende makers) net aan het opkrabbelen is van de coronacrisis.

Laat de tegemoetkoming terecht komen waar de nood het hoogst is Onze zorg zit vooral bij de lokale culturele infrastructuur. Cultuur dreigt in de verdeling van geld op gemeentelijk niveau het onderspit te delven. Op basis van ervaringen tijdens de coronacrisis is de zorg in vele branches dat opnieuw lang niet alle daarvoor bestemde middelen terecht zullen komen bij de culturele sector. De taken op dit terrein zijn immers niet wettelijk geborgd, andere prioriteiten gaan daarom vaak voor. Lokale infrastructuur is van fundamenteel belang voor de culturele keten, van maker tot publiek en deelnemer. Zonder actie op korte termijn en zonder een visie op de culturele keten en op de gedeelde verantwoordelijkheden van Rijk, provincies en (met name) gemeenten, dreigen er gaten te vallen in de infrastructuur. Dit patroon moet stoppen.

Hoe dan wel? De cultuursector heeft op korte termijn behoefte aan de volgende maatregelen, zowel te treffen door het Rijk, als door gemeenten en provincies: - Energiecompensatie voor organisaties die hard worden getroffen door stijgende (energie)lasten. We pleiten ervoor om deze beschikbaar te stellen aan de gehele keten, zowel voor gesubsidieerde als ongesubsidieerde organisaties die zwaar worden getroffen. - Volwaardige loon- en prijsindexatie voor de culturele infrastructuur. Op dit moment zijn de aangekondigde subsidie-indexatiecijfers bij gemeenten ver onder het niveau van de kerninflatie. Zo kunnen we onze medewerkers en zzp’ers niet volgens fair practice betalen en dreigt sluiting van instellingen. - Een noodfonds op landelijk niveau (vergelijkbaar met sport) voor culturele organisaties die belangrijke schakels zijn in het cultuurbestel, maar die vanwege een combinatie van sterk stijgende kosten en uitgeputte weerstand failliet dreigen te gaan. - Een set van afspraken tussen de culturele sector en Rijk, provincies (IPO) en gemeenten (VNG) over het weerbaar maken en houden van de culturele keten. Dit gekoppeld aan fair practice afspraken binnen de keten zelf, met het oog op de vele crises waar de sector mee te maken heeft gehad (en gaat krijgen).

2

Oproep De Taskforce culturele en creatieve sector doet de volgende driedubbele oproep: -

Gemeente- en provinciale besturen van Nederland, besteed het geld dat u van het Rijk zal ontvangen om de (energie)lasten voor de maatschappelijke sectoren te verlichten in proportionele mate aan cultuur. Laat organisaties zo spoedig mogelijk weten op welke compensatie zij kunnen rekenen, zodat zij doorkunnen met programmavoorbereidingen voor 2023 en de gehele keten van makers en zzp’ers kunnen inhuren en betalen. Kom bovendien met een loon- en prijscompensatie die recht doet aan de nieuwe werkelijkheid en tenminste op het niveau ligt van de kerninflatie. In 2022 is sprake van een gemiddelde inflatie van 10 %.

-

Staatssecretaris Uslu, wij verzoeken u een indringende boodschap af te geven aan uw medebestuurders bij lokale overheden om gezamenlijk verantwoordelijkheid te nemen voor de nood in de sector. En om daarvoor op Rijksniveau het goede voorbeeld te geven. Daarnaast vragen wij u, om in de herziening van het cultuurbestel, ook de vraag mee te nemen op welke wijze cultuurtaken op lokaal niveau kunnen worden geborgd. Maak hierover goede afspraken met provincies, gemeenten en andere financiers.

-

Kamerleden, ondersteun de cultuursector door uw lokale collega’s te wijzen op het belang van het instandhouden van de (regionale) culturele infrastructuur: primair een verantwoordelijkheid van provincies en (met name) gemeenten. Zorg dat lagere overheden het geld besteden aan de zaken waarvoor het primair was bedoeld.

Wij vragen u om - in de moeilijke afwegingen die u moet maken in de toekenning van middelen - de unieke en fijnmazige culturele infrastructuur overeind te houden, door ook oog te hebben voor het niet-rijksgesubsidieerde deel van de sector en voor de druk op de vitale gemeentelijke infrastructuur. Zodat de zo kwetsbaar gebleken culturele en creatieve keten, die heeft aangetoond van grote toegevoegde waarde te zijn voor de samenleving, ook deze crisis kan doorstaan. Met vriendelijke groet,

Jan Zoet, voorzitter Taskforce culturele en creatieve sector

De Taskforce culturele en creatieve sector is een samenwerkingsverband van ruim 100 branche-, beroeps- en belangenorganisaties. Doel van de taskforce is om door gezamenlijke analyses, informatie-uitwisseling en afstemming de Coronacrisis het hoofd te bieden. Kunsten ’92 | Federatie Cultuur (NAPK, Museumvereniging, VSCD, CultuurConnectie, VOB, VNPF, VvNO) | De Creatieve Coalitie | Erfgoedplatform | Federatie Creatieve Industrie (BNA, BNO, DGA, DDD, MODINT, Buma Cultuur, NAPA, NCP, Dupho, NVPI) | VVTP | Kunstenbond | NVBF | Popcoalitie |ENCORE| VVEM | De Zaak Nu | Platform ACCT | Alliantie van Evenementenbouwers | Federatie Auteursrechtbelangen (Platform Makers, Platform Creatieve Media Industrie en Vereniging VOICE) 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=51d30d86-955c-4b93-83f9-505f19cee004