CConstaterende datRoermond
Koppel je AI →
Document · PDF

20230801_Oplegnotitie herstelbesluit BP Melickerveld 2022

Gemeenteraad 14 september 2023, gemeente RoermondBij agendapunt: Herstelbesluit bestemmingsplan Melickerveld 20221.593 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Oplegnotitie Herstelbesluit bestemmingsplan Melickerveld 2022 In deze oplegnotitie wordt ingegaan op het voorstel aan uw raad om een herstelbesluit te nemen voor het bestemmingsplan Melickerveld 2022. In het bijzonder wordt in deze oplegnotitie ingegaan op het aspect stikstof, dat ook de voornaamste reden is voor dit voorstel, omdat stikstof een zeer complex en specialistisch onderwerp is. We kunnen ons daarom voorstellen dat u, ondanks de onderzoeken en toelichting in het voorstel, technische vragen heeft. Om te zorgen dat de commissievergadering soepel kan verlopen, attenderen wij u op de werkafspraak over de mogelijkheid tot het stellen van technische vragen voorafgaand aan de commissievergadering. Bij dit voorstel betekent dit dat als u uiterlijk woensdag 23 augustus 2023 uw technische vragen stelt, de beantwoording zo spoedig mogelijk voor de commissie Ruimte van 30 augustus 2023 plaatsvindt. Waarom ligt er een herstelbesluit voor? Op 21 februari 2022 heeft uw raad in de verlengde raadsvergadering van 17 februari 2022 het bestemmingsplan “Melickerveld 2022” vastgesteld, wat de realisatie van maximaal 470 woningen aan de zuidrand van Roermond mogelijk maakt. Zoals bekend, loopt er momenteel een beroepsprocedure tegen dit bestemmingsplan. In de beroepsgronden wordt ook ingegaan op het aspect ‘stikstof’.

Dit gegeven, en het feit dat dit onderwerp aan continue verandering onderhevig is omdat de rechtspraak, wetgeving en berekeningsmethodiek voortdurend worden geactualiseerd, vormden voor de ontwikkelaar aanleiding om nieuw stikstofonderzoek te laten uitvoeren. Waarom is stikstofonderzoek van belang? Met objectieve gegevens moet worden aangetoond dat significante gevolgen voor Natura 2000gebieden als gevolg van het beoogde plan kunnen worden uitgesloten. Negatieve significante gevolgen kunnen onder meer optreden als gevolg van stikstofuitstoot bij de realisatie en het gebruik van woningen. In de huidige praktijk wordt ervan uit gegaan dat een plan of project dat meer dan 0,00 mol/ha/jaar bijdraagt aan de stikstofdepositie op een overbelast stikstofgevoelig habitattype of leefgebied in potentie reeds een significant negatief effect kan hebben. Door middel van een zogenoemde ‘AERIUS-berekening’ wordt de stikstofdepositie inzichtelijk gemaakt. Welke uitgangspunten gelden voor de nieuwe stikstofberekeningen? Voor het plan Melickerveld is gelet op het voorgaande de stikstofdepositiebijdrage op Natura 2000gebieden berekend. Enerzijds is de berekening uitgevoerd voor het bouwen van de woningen, en anderzijds voor het gebruik van deze woningen. Daarbij is het effect van “intern salderen” met agrarische grond inzichtelijk gemaakt.

We spreken van “intern salderen”, wanneer een nieuw project zorgt voor een toename in stikstofuitstoot, maar dit op de locatie kan worden “opgevangen” doordat de planologische en feitelijke toegestane stikstofuitstoot (huidig gebruik) vermindert of zelfs verdwijnt. De stikstofdepositie van de “nieuwe situatie” en de “bestaande situatie” (referentiesituatie) worden op die manier als het ware verrekend. In de nieuwe stikstofberekeningen, die ten grondslag liggen aan het voorliggende herstelbesluit, is de referentiesituatie ten opzichte van de eerdere onderzoeken geactualiseerd. Deze berekeningen zijn uitgevoerd op basis van de meest recente versie van de AERIUS-calculator en de laatste jurisprudentie. Conform deze meest actuele jurisprudentie wordt in de beoordeling als referentiesituatie uitgegaan van de “feitelijke, planologisch legale situatie voorafgaand aan de vaststelling van het plan”. Door de realisatie van Melickerveld wordt 23,0792 hectare landbouwgrond op zand uit productie genomen. Dit betreft vooral grasland, dat volledig wordt gemaaid en één perceel tarwe. Dit planologische legale gebruik maakt onderdeel uit van de referentiesituatie, zoals nader beschreven in het stikstofonderzoek van Tauw (te vinden als bijlage 14 bij de plantoelichting).

Pagina 1 van 3

Voorheen was deze grond veelal anders in gebruik, denk aan mais, bieten, aardappelen, gele mosterd en beperkt grasland. Dat gebruik is destijds ook als uitgangspunt genomen voor de uitgevoerde stikstofberekeningen, wat een andere stikstofdepositie met zich meebracht dan hoofdzakelijk gebruik als grasland. De referentiesituatie is met de nieuwe stikstofberekeningen dus geactualiseerd naar het huidige, feitelijke en tevens planologisch toegestane gebruik. In het stikstofonderzoek van Tauw zijn de stikstofeffecten van het bestemmingsplan Melickerveld vervolgens berekend door te kijken naar twee situaties: 1. Een berekening van de stikstofdepositie tijdens de bouw van Melickerveld ten opzichte van de referentiesituatie. Er worden maximaal 100 woningen per jaar gebouwd (dit wordt ook met de planregels geborgd). Omdat het plan in zijn totaliteit voorziet in meer woningen dan 100 is gekozen om de bouw en aanlegsituatie te modelleren waarbij er al 373 woningen zijn gebouwd en in gebruik zijn, en nog 100 woningen in aanbouw zijn. Dit is de situatie met de hoogste uitstoot per jaar en dus de hoogste depositie van het plan gedurende de bouw- en aanlegfase. De bouw- en aanlegwerkzaamheden bestaan uit: • Bouwrijp maken van de kavels • Aanleg van nieuwe infrastructuur zoals bestrating, kabels, leidingen, et cetera • Bouwen van de nieuwe woningen.

In de berekening is gewerkt met een reële en aannemelijke bouwsnelheid van 100 woningen per jaar. De hoeveelheid NOx (stikstofoxiden) en NH3 (ammoniak) emissies die vrijkomen bij de aanleg- en bouwwerkzaamheden zijn bepaald door kentallen te hanteren afkomstig van het deskundigenbureau Tauw. Concreet komt dit neer op 2,60 kg NOx en 0,11 kg NH3 per woning. Bij de realisatie van 100 woningen per jaar betekent dit dus een hoeveelheid van 260 kg NOx en 11 kg NH3 per jaar. Dit betreft een reëel en aannemelijk uitgangspunt. In de planregels is volledigheidshalve geborgd dat de uitstoot ook niet hoger kan zijn dan gemodelleerd voor de bouw van deze 100 woningen. Voor de omrekening van inzet van mobiele werktuigen naar emissies is daarbij de zogenoemde AUB rekenmethode (AdBlue, Uren, Brandstof) van TNO aangehouden. Dit is de voorgeschreven rekenmethode voor de berekening van emissies van mobiele werktuigen, zoals volgt uit de Instructie gegevensinvoer voor AERIUS (BIJ12, april 2023). Tevens is rekening gehouden met de emissies afkomstig van het bouwverkeer (13.000 vervoersbewegingen personenauto’s en bestelbusjes en 5.000 ritten zwaar vrachtverkeer per 100 woningen). Een uitgebreidere toelichting op de uitgevoerde berekening is te vinden in paragraaf 3.1 van het Stikstofonderzoek van Tauw (bijlage 14 bij de plantoelichting). 2.

Een berekening van de eindsituatie, dus met 473 woningen in gebruik en geen bouwactiviteiten. De uitstoot van stikstof veroorzaakt door het gebruik van de woningen is als volgt inzichtelijk gemaakt. De woonwijk zal niet op het gasnet worden aangesloten. De panden zullen op een alternatieve, duurzame manier en zonder verbrandingsprocessen worden verwarmd. Daarom zijn er géén gebouwemissies, ook gelet op de Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator (BIJ12, april 2023). Qua stikstofdepositie zijn daarom alleen de verkeersbewegingen relevant. Omdat op dit moment nog niet duidelijk is hoe de uiteindelijke woningbouwprogrammering er uit zal zien, is voor het bepalen van de verkeersgeneratie uitgegaan van een worst-case scenario, waarbij er Pagina 2 van 3

van wordt uitgegaan dat alle woningen vrijstaande woningen zijn uit het dure segment met de hoogste verkeersgeneratie. Zoals bij u bekend is, zal hiervan in de praktijk geen sprake zijn omdat er bij de realisatie wordt gekozen voor een bepaalde mix van woningen uit het dure, middeldure en goedkopere segment. Bij het bepalen van deze worst-case verkeersgeneratie is aansluiting gezocht bij CROW-publicatie 381. Deze publicatie geeft voor verschillende functies aan wat de verkeersgeneratie betreft. Daarbij wordt rekening gehouden met de ligging van de ontwikkellocatie en de stedelijkheidsgraad van de betreffende gemeente waar de ontwikkeling plaatsvindt. Zie ook de Mobiliteitstoets Melickerveld (bijlage 5 bij de plantoelichting), waarin nader is ingegaan op de uitgangspunten om de verkeersproductie van Melickerveld te bepalen. De verdeling van dit extra verkeer (= de hiervoor genoemde verkeersgeneratie) als gevolg van Melickerveld over het wegennet is berekend door RoyalHaskoningDHV aan de hand van het verkeersmodel. De basis voor het verkeersmodel is het Verkeersmodel Midden Limburg 2021. Hieraan is de verkeersgeneratie van Melickerveld toegevoegd. Bij het opstellen van het verkeersmodel is gerekend met 473 woningen. De verkeersgeneratie ten gevolge van Melickerveld komt zo uit op 473 × 7,8 = 3.689 lichte verkeersbewegingen per jaargemiddeld etmaal.

Het extra verkeer is zekerheidshalve in overeenstemming met de paragraaf ‘Netwerkeffecten’ uit de Instructie gegevensinvoer voor AERIUS Calculator (BIJ12, april 2023) bepaald. Dit betekent dat het verkeer is meegenomen vanaf Melickerveld, totdat het verkeer gelet op de betrouwbaarheid van het gehanteerde verkeersmodel niet meer wordt toegerekend aan het bestemmingsplan Melickerveld. Door deze benadering zijn ook de effecten van veranderingen in verkeersbewegingen op wegvakken ruim buiten het plangebied meegenomen. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat kan worden uitgesloten dat er significante gevolgen kunnen optreden in de Natura 2000-gebieden, zowel gelet op de uitgevoerde stikstofberekeningen zoals hierboven beschreven, maar ook voor wat betreft overige verstoringseffecten, zoals geluid, licht en trillingen. Dat betekent dat het bestemmingsplan kan worden vastgesteld in overeenstemming met de Wet natuurbescherming (Wnb) en dat geen Wnb-vergunning nodig is voor de ontwikkeling Melickerveld. Welke aspecten zijn verder meegenomen in het herstelbesluit, en waarom? Nu reeds vanwege het onderwerp stikstof wordt voorgesteld een herstelbesluit te nemen, is dit een logisch moment om andere ondergeschikte wijzigingen ook in dit herstelbesluit mee te nemen.

Deze ondergeschikte wijzigingen – die de opzet van het plan onveranderd laten – zijn een rechtstreeks gevolg van de ingekomen beroepsgronden tegen dit bestemmingsplan (en ons verweer op de betreffende beroepsgronden). Door deze wijzigingen mee te nemen in het herstelbesluit wordt tegemoet gekomen aan de bezwaren die appellanten tijdens de beroepsprocedure hebben geuit. Dit betreft de volgende punten: - het opnemen van een planregel voor het realiseren van een torenvalkkast in de groenbestemming; - het opnemen van een aanlegvergunningsstelsel voor het borgen van een steilrand met cultuurhistorische waarden in de groenbestemming; - het opnemen van een voorwaardelijke verplichting in de regels in de woonbestemming voor het borgen van het tracé van de historische Bronkweg en; - het toekennen van een verkeersbestemming aan de bestaande verbindingsweg tussen de Dirksbergerweg en de Eindstraat. Met het nemen van het herstelbesluit zullen deze aanpassingen worden doorgevoerd in de verbeelding, planregels en toelichting op het bestemmingsplan. Pagina 3 van 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roermond&id=00880102-b593-479b-9767-f0039da46f2b