Bijlage 5: Nota van Zienswijzen Wet voorkeursrecht gemeenten “Gebiedsontwikkeling A73”
Tekst van het document
Nota van Zienswijzen Wet voorkeursrecht gemeenten Gebiedsontwikkeling A73
17 december 2021
1
Inleiding Het voorgenomen raadsbesluit tot het vestigen van het voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) heeft gedurende vier weken - van donderdag 11 november 2021 tot en met woensdag 8 december 2021 - voor eenieder ter inzage gelegen. Naar aanleiding van het voorgenomen raadsbesluit zijn tien zienswijzen ingediend. Het lijkt erop dat van deze zienswijzen slechts één zienswijze ontvankelijk is. Daarbij gaat het om de zienswijze van een agrarisch ondernemer waarbij de twee partners van de maatschap ieder eigenaar zijn van in de voorgenomen aanwijzing betrokken percelen. Een aantal zienswijzen is mogelijk ingediend na het verstrijken van de zienswijzenperiode. Ook lijken niet alle zienswijzen te zijn ingediend door een belanghebbende. Omdat alle zienswijzen exact dezelfde inhoud hebben, is er echter geen nader onderzoek gedaan zoals dat gebruikelijk is bij bezwaarschriften. De reactie van de gemeente in deze Nota van zienswijzen kan worden geacht betrekking te hebben op alle zienswijzen als ware zij allemaal ontvankelijk. In deze Nota van Zienswijzen worden de ingediende en ontvankelijke zienswijzen samengevat. Vervolgens worden het gemeentelijk antwoord en eventuele gevolgen weergegeven. De samenvatting van de zienswijzen heeft overigens alleen tot doel de leesbaarheid van deze Nota te vergroten.
Bij de beoordeling van de zienswijzen zijn de volledige brieven, zoals deze bij de gemeente zijn ingediend en kenbaar gemaakt, meegenomen. De betreffende zienswijzen zijn, geanonimiseerd, als bijlagen bij deze nota gevoegd. Zienswijzen 1. Zienswijze 7 december 2021 (ingekomen 8 december 2021), agrarische ondernemer 2. Zienswijze 7 december 2021 (ingekomen 8 december 2021), particulier (mogelijk niet ontvankelijk) 3. Zienswijze 7 december 2021 (ingekomen 8 december 2021), agrarische ondernemer (mogelijk niet ontvankelijk) 4. Zienswijze 7 december 2021 (ingekomen 8 december 2021), agrarische ondernemer (mogelijk niet ontvankelijk) 5. Zienswijze 7 december 2021 (ingekomen 8 december 2021), agrarische ondernemer (mogelijk niet ontvankelijk) 6. Zienswijze 8 december 2021 (ingekomen 10 december 2021), particulier (mogelijk niet ontvankelijk) 7. Zienswijze 8 december 2021 (ingekomen 10 december 2021), particulier (mogelijk niet ontvankelijk) 8. Zienswijze 8 december 2021 (ingekomen 10 december 2021), particulier (mogelijk niet ontvankelijk) 9. Zienswijze 8 december 2021 (ingekomen 10 december 2021), particulier (mogelijk niet ontvankelijk) 10. Zienswijze 8 december 2021 (ingekomen 10 december 2021), particulier (mogelijk niet ontvankelijk) Samengevatte zienswijzen 1.
Voorgenomen raadsbesluit In het gemeenteblad staat opgenomen dat belanghebbenden schriftelijk of mondeling hun zienswijzen ten aanzien van het voorgenomen raadsbesluit naar voren kunnen brengen. Tevens staat in het raadsvoorstel onder punt 8 opgenomen: het onderhavige raadsvoorstel alsmede het voorgenomen raadsbesluit heeft met ingang van 11 november 2021 gedurende vier weken ter inzage gelegen. Het voorgenomen raadsbesluit, waartoe de gelegenheid wordt geboden om zienswijzen naar voren te brengen, lag niet ter inzage. Onvolledige ter inzage legging is in strijd met artikel 3.11 van de Awb. Reactie gemeente: Het concept raadsbesluit heeft op het gemeentehuis ter inzage gelegen maar is abusievelijk niet bij de stukken op de website geplaatst. Reclamanten zijn door deze gang van zaken echter niet in hun belangen geschaad. De beslispunten zoals deze zijn opgenomen in het concept raadsbesluit staan beschreven in het raadsvoorstel. Dit raadsvoorstel heeft gedurende vier weken zowel digitaal als analoog ter inzage gelegen. De zienswijze wordt gegrond verklaard, maar geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 2
2. Grondslag toepassen artikel 5 Wvg Op grond van artikel 5 Wvg kan de gemeenteraad een voorkeursrecht vestigen op gronden die nog niet zijn opgenomen in een bestemmingsplan, inpassingsplan of structuurvisie, maar waarbij in het besluit tot aanwijzing aan de betrokken gronden een niet-agrarische bestemming wordt toegedacht en die op het moment van het aanwijzingsbesluit worden gebruikt in afwijking van die toegedachte bestemming. In het Beleidskader Zonne- en Windenergie Gemeente Roerdalen 2021-2030 staat opgenomen: in de raadsvergadering van 15 juli is het Meinwegplateau aangewezen als mogelijk ontwikkelingsgebied voor grootschalige geclusterde windenergie. Hieruit kan worden geconcludeerd dat het gebied 'A73 Roerdalen' geen Potentiegebied is voor windenergie maar voor zonnevelden. Bij zonnevelden blijven de betrokken gronden de agrarische bestemming behouden. Ook bij een enkelvoudig opgestelde windturbine blijven de gronden verenigbaar met een agrarische bestemming. U voorziet op de betrokken gronden niet een niet-agrarische bestemming. Reclamanten zijn van mening dat de gemeente niet kan besluiten tot aanwijzing van de gronden op grond van artikel 5 Wvg. Reactie gemeente: De betrokken gronden zijn op dit moment bestemd tot ‘Agrarisch’ en ook als zodanig in gebruik.
De toegedachte bestemming ‘Bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen’, zoals aangeduid op het masterplan met nummer 373.21.8042-MPN001 d.d. 4 november 2021, wijkt daarvan af. Dit is juist reden dat het voorkeursrecht kan worden aangewend. Dat uit het Beleidskader Zonne- en Windenergie Gemeente Roerdalen 2021-2030 zou kunnen worden geconcludeerd dat het gebied ‘A73 Roerdalen’ een potentiegebied is voor zonnevelden, doet daar niets aan af. Het toegedachte gebruik als bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen (onder meer vanwege infra voor ontsluiting) is vanwege de agrarische bestemming niet zonder meer mogelijk. De Wet voorkeursrecht gemeente biedt een raad uitdrukkelijk de mogelijkheid om slagvaardig op te treden in een vroegtijdig stadium; namelijk voor aanvang van de procedure tot vaststelling van een structuurvisie of bestemmingsplan. Op die manier kan voorkomen worden dat de verwezenlijking van de toegedachte bestemming wordt belemmerd (artikel 5 Wvg). De raad ontkomt er dan ook niet aan bij de omschrijving van de toegedachte bestemming een vrij algemene en abstracte formulering te hanteren. Indien met het vestigen van het voorkeursrecht zou moeten worden gewacht totdat een per perceel uitgewerkte gedetailleerde bestemming voorhanden is, zouden de doelstellingen van het voorkeursrecht niet kunnen worden gerealiseerd.
Aan de toepassing van artikel 5 lid 1 Wvg is derhalve inherent dat van de toekomstige bestemming nog slechts een globaal beeld bestaat. Zie onder meer de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) van 17 december 1999 (ECLI:NL:RVS:1999:AP5735). De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 3. Werkingsduur beperking Reclamanten zijn van mening dat het door de continuering van het voorkeursrecht in theorie mogelijk is dat de beperking op de gronden geldt voor een periode van zestien jaar en drie maanden (volledige artikel 9 Wvg). Reclamanten zijn het niet eens met het feit dat er gedurende zo'n lange periode beperkingen kunnen gelden op de gronden grenzend aan en in de nabijheid van de locatie. Reactie gemeente: Het is juist dat het voorkeursrecht een maximale werkingsduur heeft van zestien jaar en drie maanden. Het vestigen van een voorkeursrecht is een beperkte inbreuk op het eigendomsrecht. Deze inbreuk vindt plaats in het algemeen belang. Het voorkeursrecht is echter een betrekkelijk beperkte inbreuk op het eigendomsrecht. De vestiging van het voorkeursrecht heeft niet tot gevolg dat Reclamanten als eigenaar van een perceel niet langer de hen toekomende eigendomsrechten zou kunnen uitoefenen.
Zij moeten uitsluitend eerst de gemeente Roerdalen in de gelegenheid stellen het perceel te kopen op het moment dat zij tot vervreemding zouden willen overgaan. De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 3
4. Beperking grondeigenaren Reclamanten zijn van mening dat grondeigenaren niet alleen worden beperkt door het feit dat zij hun gronden niet mogen verkopen zonder dat de gemeente in de gelegenheid is gesteld om de gronden te verkrijgen. Reclamanten zijn van mening dat grondeigenaren ook beperkt worden door het feit dat zij op hun gronden geen zakelijk recht mogen vestigen (bijvoorbeeld een erfpachtrecht). Reactie gemeente: Het is juist dat het voorkeursrecht niet alleen tot gelding komt bij een ‘verkoop’. Onder vervreemding in de zin van de Wvg wordt verstaan: overdacht in eigendom of verdeling van een onroerende zaak alsmede overdracht of verdeling dan wel een vestiging van een recht van opstal, erfpacht, beklemming of vruchtgebruik, waaraan een onroerende zaak is onderworpen (zie artikel 1 lid e Wvg). De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 5. Bedrijfsopvolging Reclamanten zijn van mening dat energieleveranciers de gronden niet van de agrariërs wensen te kopen maar van hun wensen te pachten en dat dit geen argument kan zijn om het voorkeursrecht op de gronden te vestigen. Verder zijn reclamanten van mening dat het vestigen van het voorkeursrecht nu juist een prijsopdrijvend effect heeft en dat hierdoor de toekomst van de bedrijfsopvolging in gevaar komt.
Het is voor de bedrijfsopvolger bijna niet mogelijk om het familiebedrijf over te nemen gedurende de tijd die rest totdat de termijn van 16 jaar en 3 maanden is verlopen. Reactie gemeente: De gemeente heeft op de gronden het voorkeursrecht gevestigd om de bestemming “Bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen” te realiseren. Voor het realiseren van een bedrijfsbestemming is het uitgaan van het verpachten van gronden geen reëel uitgangspunt. Het tegengaan van speculatie en het behouden van de regie bij ruimtelijke ontwikkelingen is immers één van de redenen waarom het voorkeursrecht voor gemeenten in het leven is geroepen. Of andere partijen interesse hebben getoond in de aankoop dan wel het gebruik van de percelen doet daarbij niet ter zake. Of in dit specifieke geval de bedrijfsopvolging door het gevestigde voorkeursrecht wordt bemoeilijk kan niet worden beoordeeld. De wet biedt voor bepaalde gevallen mogelijkheden voor de verkoop van gronden. Bij het vestigen van het voorkeursrecht hoeft en kan de gemeente de individuele gevallen niet beoordelen. Door het vestigen van het voorkeursrecht is er geen sprake van ongunstige condities bij verkoop.
Indien reclamanten percelen aan de gemeente Roerdalen te koop aanbieden, kunnen de gronden worden verkocht tegen een waarde die gelijk is aan de waarde in het vrije commerciële verkeer tussen partijen als redelijk handelend koper en verkoper. Indien partijen niet tot overeenstemming kunnen komen voor wat betreft de prijs, dient in het oog te worden gehouden dat in de wet daarvoor zekerheden zijn opgenomen. Reclamanten kunnen aan burgemeester en wethouders verzoeken om de rechter te verzoeken een oordeel over de prijs te geven. Verder biedt het voorkeursrecht de mogelijkheid om met de eigenaren van de gronden waarop een voorkeursrecht is gevestigd alsnog ontwikkelingsafspraken te maken. De zienswijzen worden ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 6. Middelen gemeente Reclamanten zijn van mening dat onvoldoende onderzocht is of dat de gemeente voldoende middelen beschikbaar of gereserveerd heeft om de aangeboden onroerende zaak te kunnen verwerven. Dit blijkt ook uit het raadsvoorstel waarin staat opgenomen dat vooralsnog grondaankopen worden gedekt uit de reserve "uitvoering begroting in balans" en "strategische grondaankopen" maar dat aanvullende financiering nog moet worden gevonden. Reclamanten vragen zich af of de gemeente hierdoor mogelijk ten onrechte beperkingen op de gronden legt en haar publiekrechtelijke instrumenten onrechtmatig inzet. 4
Reactie gemeente: De gemeente heeft financiële middelen ter beschikking om gronden die in het kader van het voorkeursrecht worden aangeboden te kunnen kopen. Het feit dat er een voorlopig krediet beschikbaar wordt vastgesteld, zal expliciet in het raadsbesluit worden toegevoegd. Verder brengt de systematiek van de Wvg met zich mee, dat op het moment dat het voorkeursrecht kan worden aangewend, veelal nog niet zeker zal zijn of en op welke wijze het toegedachte gebruik feitelijk zal kunnen worden gerealiseerd en welke uitgaven hierbij zijn te verwachten. Gelet op het doel van de wet, het verschaffen van voorrang aan gemeenten bij aankoop van gronden benodigd voor het realiseren van toekomstige planologische ontwikkelingen, staat de gestelde onzekerheid niet in de weg aan het gebruik van de bij wet gegeven bevoegdheid tot het vestigen van een voorkeursrecht. De zienswijze wordt ongegrond verklaard maar geeft wel aanleiding tot aanpassingen. 7. Uitvoering In onderdeel 8 van het raadsvoorstel (planning en uitvoering) staat opgenomen dat voor afloop van de werkingsduur van het voorkeursrecht wordt overgegaan tot vaststelling van een bestemmingsplan dat als grondslag kan dienen voor de continuering van het voorkeursrecht. Uit beslispunt 5 van het raadsvoorstel blijkt dat het ook nog mogelijk kan zijn dat eerst wordt overgegaan tot vaststelling van een structuurvisie.
Reclamanten zijn van mening dat er in het raadsvoorstel een discrepantie bestaat tussen het aan u gevraagde besluit en de toelichting. Door de mogelijk nog te nemen stappen in het proces neemt de onzekerheid voor reclamanten maar toe. Reactie gemeente: Het is juist dat in het raadsvoorstel een discrepantie bestaat tussen hetgeen in beslispunt 5 en de toelichting in onderdeel 8 is opgenomen. Dit gebrek zal worden hersteld daarin in onderdeel 8 op te nemen dat voor het onderhavige gebied een structuurvisie zal worden vastgesteld dat kan dienen als grondslag voor de continuering van het voorkeursrecht. Mocht de ruimtelijke planvorming overigens sneller verlopen, dan kan de raad ertoe besluiten de fase van de structuurvisie over te slaan en direct een bestemmingsplan vast te stellen als grondslag voor continuering van het voorkeursrecht. De zienswijze wordt gegrond verklaard en geeft aanleiding tot aanpassingen in het raadsvoorstel. 8. Provinciale omgevingsvisie Limburg Reclamanten vragen zich af door het aanwijzen van onderhavig gebied voldoende tegemoet wordt gekomen aan de stelling van Provinciale Staten ten aanzien van het stimuleren van herontwikkeling van bestaande bedrijventerreinen voorafgaand aan het creëren van nieuwe locaties voor bedrijventerreinen.
Reclamanten zijn van mening dat gezien de nog beschikbare voorraad aan oppervlakte bedrijventerrein, het feit dat naast deze voorraad nog tal van te herstructureren bedrijventerreinen beschikbaar zijn en het gebied “A73 Roerdalen” niet gelegen is grenzend aan een bestaande werklocatie, niet kan worden overgegaan tot het aanwijzen van de toegedachte bestemming “Bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen” op de aldaar aanwezige vruchtbare landbouwgronden. Reactie gemeente: De zienswijzeprocedure tegen een voorgenomen aanwijzingsbesluit op grond van de Wvg leent zich niet voor opmerkingen van planologische aard. Daarbij zij nog opgemerkt dat het vestigen van het voorkeursrecht niet betekent dat de bestemming van de gronden waarop het voorkeursrecht is gevestigd, is gewijzigd. Het planstadium is nog niet zo ver dat concreet over bepaalde planologische invullingen van het gebied kan worden gesproken. Voor het wijzigen van de bestemming dient een afzonderlijke procedure op grond van de Wet ruimtelijke ordening te worden doorlopen, waartegen reclamanten hun zienswijzen en bezwaren naar voren kunnen brengen. De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen.
5
9. Linnerveld leefgebied patrijs Reclamanten zijn van mening dat door de toegedachte bestemming “Bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen” en/of het realiseren van zonnepanelen zal het soortenrijk cultuurlandschap afnemen naar verwachting afnemen. Dit is ongewenst en zou voorkomen moeten worden. Reactie gemeente: De zienswijzeprocedure tegen een voorgenomen aanwijzingsbesluit op grond van de Wvg leent zich niet voor opmerkingen van planologische aard. Daarbij zij nog opgemerkt dat het vestigen van het voorkeursrecht niet betekent dat de bestemming van de gronden waarop het voorkeursrecht is gevestigd, is gewijzigd. Het planstadium is nog niet zo ver dat concreet over bepaalde planologische invullingen van het gebied kan worden gesproken. Voor het wijzigen van de bestemming dient een afzonderlijke procedure op grond van de Wet ruimtelijke ordening te worden doorlopen, waartegen reclamanten hun zienswijzen en bezwaren naar voren kunnen brengen. De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 10. Ecologische verbindingszone Maas & Meinweg Reclamanten zijn van mening dat door het realiseren en/of aanleggen van een bedrijventerrein en/of zonnepark het ecoduct onbereikbaar wordt, verloren gaat of verstoord wordt met als gevolg dat de biodiversiteit afneemt. Dit is ongewenst en zou moeten worden voorkomen.
Reactie gemeente: De zienswijzeprocedure tegen een voorgenomen aanwijzingsbesluit op grond van de Wvg leent zich niet voor opmerkingen van planologische aard. Daarbij zij nog opgemerkt dat het vestigen van het voorkeursrecht niet betekent dat de bestemming van de gronden waarop het voorkeursrecht is gevestigd, is gewijzigd. Het planstadium is nog niet zo ver dat concreet over bepaalde planologische invullingen van het gebied kan worden gesproken. Voor het wijzigen van de bestemming dient een afzonderlijke procedure op grond van de Wet ruimtelijke ordening te worden doorlopen, waartegen reclamanten hun zienswijzen en bezwaren naar voren kunnen brengen. De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 11. Recreatie en toerisme Reclamanten zijn van mening dat door de toegedachte bestemming “Bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen” en/of het realiseren van zonnepanelen, sterk afbreuk wordt gedaan aan het landschapsschoon en dat recreatieve ontwikkelingen ernstig worden belemmerd. Dit is ongewenst en zou voorkomen moeten worden. Reactie gemeente: De zienswijzeprocedure tegen een voorgenomen aanwijzingsbesluit op grond van de Wvg leent zich niet voor opmerkingen van planologische aard.
Daarbij zij nog opgemerkt dat het vestigen van het voorkeursrecht niet betekent dat de bestemming van de gronden waarop het voorkeursrecht is gevestigd, is gewijzigd. Het planstadium is nog niet zo ver dat concreet over bepaalde planologische invullingen van het gebied kan worden gesproken. Voor het wijzigen van de bestemming dient een afzonderlijke procedure op grond van de Wet ruimtelijke ordening te worden doorlopen, waartegen reclamanten hun zienswijzen en bezwaren naar voren kunnen brengen. De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen. 12. Aanvullend Reclamanten tegen het wijzigen van de gronden naar de toegedachte bestemming "Bedrijventerrein, energieopwekking en aanverwante voorzieningen" en/of het realiseren van zonnevelden op de gronden om de volgende redenen: het landschappelijk karakter dat een van de belangrijkste kenmerken is van de gemeente Roerdalen wordt aangetast evenals het achterland; zonnepanelen geven straling af in de vorm van elektrische en elektromagnetische velden en nog onvoldoende is onderzocht welk effect dit op de volksgezondheid heeft; 6
waardevermindering omliggende woningen en bedrijven; lichthinder en geluidsoverlast ten gevolge van de bedrijven; grondmarkt wordt verstoord in de omgeving (de prijs van de grond wordt beïnvloed); bedrijfsvoering wordt belemmerd (uitbreidingsplannen/ontwikkelingsplannen); de uitstoot van Co2 en fijnstof neemt toe. Deze is nu al hoog en zal met de vestiging van een industrieterrein nog veel hoger worden (bron; Atlas Nederland RIVM 2019); schade aan flora en fauna: leefgebied van de das. Reactie gemeente: De zienswijzeprocedure tegen een voorgenomen aanwijzingsbesluit op grond van de Wvg leent zich niet voor opmerkingen van planologische aard. Daarbij zij nog opgemerkt dat het vestigen van het voorkeursrecht niet betekent dat de bestemming van de gronden waarop het voorkeursrecht is gevestigd, is gewijzigd. Het planstadium is nog niet zo ver dat concreet over bepaalde planologische invullingen van het gebied kan worden gesproken. Voor het wijzigen van de bestemming dient een afzonderlijke procedure op grond van de Wet ruimtelijke ordening te worden doorlopen, waartegen reclamanten hun zienswijzen en bezwaren naar voren kunnen brengen. De zienswijze wordt ongegrond verklaard en geeft geen aanleiding tot aanpassingen.
Conclusie Gelet op het voorgaande adviseren wij u om de zienswijzen over de financiële middelen (punt 6) en de uitvoering (punt 7) te verwerken in de stukken ten behoeve van de besluitvorming door de raad.
7
Bijlagen: Geanonimiseerde zienswijzen
Nota van Zienswijzen
9
Nota van Zienswijzen
10
Nota van Zienswijzen
11
Nota van Zienswijzen
12
Nota van Zienswijzen
13
Nota van Zienswijzen
14
Nota van Zienswijzen
15
Nota van Zienswijzen
16
Nota van Zienswijzen
17
Nota van Zienswijzen
18
Nota van Zienswijzen
19
Nota van Zienswijzen
20
Nota van Zienswijzen
21
Nota van Zienswijzen
22
Nota van Zienswijzen
23
Nota van Zienswijzen
24
Nota van Zienswijzen
25
Nota van Zienswijzen
26
Nota van Zienswijzen
27
Nota van Zienswijzen
28
Nota van Zienswijzen
29
Nota van Zienswijzen
30
Nota van Zienswijzen
31
Nota van Zienswijzen
32
Nota van Zienswijzen
33
Nota van Zienswijzen
34
Nota van Zienswijzen
35
Nota van Zienswijzen
36
Nota van Zienswijzen
37
Nota van Zienswijzen
38
Nota van Zienswijzen
39
Nota van Zienswijzen
40
Nota van Zienswijzen
41
Nota van Zienswijzen
42
Nota van Zienswijzen
43
Nota van Zienswijzen
44
Nota van Zienswijzen
45
Nota van Zienswijzen
46
Nota van Zienswijzen
47
Nota van Zienswijzen
48
Nota van Zienswijzen
49
Nota van Zienswijzen
50
Nota van Zienswijzen
51
Nota van Zienswijzen
52
Nota van Zienswijzen
53
Nota van Zienswijzen
54
Nota van Zienswijzen
55
Nota van Zienswijzen
56
Nota van Zienswijzen
57
Nota van Zienswijzen
58
Nota van Zienswijzen
59
Nota van Zienswijzen
60
Nota van Zienswijzen
61
Nota van Zienswijzen
62
Nota van Zienswijzen
63
Nota van Zienswijzen
64
Nota van Zienswijzen
65
Nota van Zienswijzen
66
Nota van Zienswijzen
67
Nota van Zienswijzen
68
Nota van Zienswijzen
69
Nota van Zienswijzen
70
Nota van Zienswijzen
71
Nota van Zienswijzen
72
Nota van Zienswijzen
73
Nota van Zienswijzen
74
Nota van Zienswijzen
75
Nota van Zienswijzen
76
Nota van Zienswijzen
77
Nota van Zienswijzen
78
Nota van Zienswijzen
79
Nota van Zienswijzen
80
Nota van Zienswijzen
81
Nota van Zienswijzen
82
Nota van Zienswijzen
83
Nota van Zienswijzen
84
Nota van Zienswijzen
85
Nota van Zienswijzen
86
Nota van Zienswijzen
87