Bijlage 2 Integraal Huisvestingsplan Gemeente Roerdalen 2026-2030
Tekst van het document
Integraal Huisvestingsplan Gemeente Roerdalen 2026-2030
Datum 13 mei 2026 Penvoerders Gemeente Roerdalen – Bart Verheijden HEVO B.V. - Mieke Kools Met medewerking van Miriam Traast (Stichting Swalm & Roer) & Herman Noppers (Innovo)
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
Statenlaan 8
5223 LA 's-Hertogenbosch
T 073 - 6 409 409
info@hevo.nl
KvK Brabant 16029774
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●●
Assendorperdijk 1
8012 EG Zwolle
T 038 - 4 258 101
ISO 9001-gecertificeerd
BTW 0011.60.461.B01
Inhoudsopgave 1. 1.1. 1.2. 1.3.
Inleiding Aanleiding Rolverdeling gemeente en schoolbestuur Opbouw IHP en leeswijzer
3 3 3 3
2. 2.1. 2.2. 2.3.
Aanbod onderwijs en kinderopvang Primair onderwijs Kinderopvang Bewegingsonderwijs
5 5 5 5
3. 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5. 3.6. 3.7.
Visie en beleidskaders Landelijke beleidskaders Lokale beleidskaders Bouwsteen 1 Regie Bouwsteen 2 Kwaliteit en duurzaamheid Bouwsteen 3 Renovatie en vervangende nieuwbouw Bouwsteen 4 Samenwerking: scholen, schoolbesturen en partners Bouwsteen 5 Vraag en aanbod
6 6 7 8 9 10 11 12
4. 4.1. 4.2. 4.3. 4.4. 4.5.
Methoden Quickscan Leerlingenprognose Capaciteitsanalyse o.b.v. leerlingenprognose Instandhoudingsnorm Urgentiecriteria
13 13 13 14 14 14
5. 5.1. 5.2. 5.3. 5.4. 5.5. 5.6.
Analyse en planvorming Resultaat leerlingenprognose 2025-2040 Herijking Quickscans Algemene visie op het onderwijs Toelichting plankaarten Montfort Herkenbosch
15 15 16 16 16 18 19
Referentie: P2000431-0003.0.3.
5.7. 5.8. 5.9. 5.10. 5.11. 5.12. 5.13. 5.14.
Melick St. Odiliënberg Vlodrop Posterholt Overzicht scenario’s Tijdelijke huisvesting Samenwerking met kindpartners bij scenario’s Samenwerking bibliotheek Roerdalen bij scenario’s
20 21 22 23 24 24 24 24
6. 6.1. 6.2. 6.3. 6.4.
Financiële uitgangspunten en vertaling Kwaliteit Financiële uitgangspunten en kosten Budget Interpretatie kosten IHP
25 25 25 27 27
7. 7.1. 7.2. 7.3.
Uitvoering IHP Bouwheerschap Actualisatie verordening Disclaimer
29 29 30 30
Bijlage 1 Leerlingenprognose 2025-2040
31
Bijlage 2 Kostenconfigurator
32
Pagina 2 van 32
1. Inleiding 1.1. Aanleiding Goede onderwijshuisvesting is een fundamentele bouwsteen voor een toekomstbestendige leefomgeving én het kunnen opgroeien in een inclusieve samenleving. Kwalitatief goede schoolgebouwen dragen namelijk bij aan beter leerrendement, minder ziekteverzuim en meer kansengelijkheid (VNG, 2025). Door te investeren in duurzame scholen leveren we tevens een bijdrage aan de klimaatdoelen. Maar onze duurzaamheidsambitie is breder dan alleen energiebesparing: we zetten in op gezonde, toekomstbestendige en energieneutrale schoolgebouwen. Dit geactualiseerde Integraal Huisvestingsplan (IHP) vormt het kader waarbinnen we in de gemeente Roerdalen, samen met de schoolbesturen, investeren in onderwijshuisvesting. Het IHP is een strategisch koersdocument, waarin we het pad schetsen richting het bereiken van de genoemde ambities. We beantwoorden vragen als: wanneer en hoe gaan we onze schoolgebouwen vernieuwen? En welke kosten zijn daar naar verwachting mee gemoeid? De afgelopen periode (2020 – 2025) waren er groeiende leerlingenstromen vanuit buurgemeenten en -landen. De stevige woningbouwambities die de gemeente in 2025 heeft vastgesteld in het Actieplan Versnellen Woningbouw Roerdalen, leiden tot een gestage groei van het aantal leerlingen. Dit brengt verdelingsvraagstukken met zich mee en vraagt mogelijk ook om uitbreiding van één of meer locaties.
Verder zijn de bouwkosten fors gestegen. Mede door deze ontwikkelingen is een herijking zowel wenselijk als nodig.
1.2. Rolverdeling gemeente en schoolbestuur De gemeente zorgt samen met de schoolbesturen voor de huisvesting van het onderwijs. Daarbij is de gemeente verantwoordelijk voor de bekostiging van (vervangende) nieuwbouw of levensduurverlengende renovatie en uitbreiding van scholen. De schoolbesturen zorgen voor de invulling van het onderwijs en voor de instandhouding van de huisvesting. De gemeente draagt zorg voor kwalitatief goede onderwijshuisvesting en laat op proactieve wijze zien hoe zij deze zorgplicht invult. Dat doet de gemeente via het vaststellen en vierjaarlijks herijken van het IHP, in nauwe
Referentie: P2000431-0003.0.3.
samenspraak met schoolbesturen en in afstemming met kindpartners en andere belanghebbenden.
1.3. Opbouw IHP en leeswijzer Dit plan heeft een strategisch karakter. Allereerst is vanuit een gedeelde visie en beleidskaders de strategische koers beschreven (stap 1). De kern van dit IHP omvat een beschrijving van de ontwikkelingen en plannen per school/dorp, op basis van een analyse van relevante gegevens en data (stap 2). Tot slot is er een financiële vertaling van het plan (stap 3) gemaakt en een vertaalslag naar de uitvoering. De gemeente en schoolbesturen houden zo een gedeeld zicht op de geplande toekomstige investeringen in onderwijshuisvesting en wat dit van eenieder vraagt.
1.3.1 Stap 1 Visie en beleidskader (hoofdstuk 2 en 3) Hierin beschrijven we de visie en beleidskaders van dit IHP. De in 2021 geformuleerde visie en beleidskaders zijn geactualiseerd en afgestemd in een stuurgroepbijeenkomst (d.d. 04-12-2025) tussen schoolbesturen en de gemeente Roerdalen over de toekomst van de onderwijshuisvesting. Dit deel omvat de relevante wettelijke kaders (3.1), de beleidskaders (3.2) en de vijf bouwstenen van het IHP (3.3 t/m 3.7). Verder is het actuele aanbod van onderwijs en kinderopvang in Roerdalen beschreven, ter voorbereiding op stap 2.
1.3.2 Stap 2 Analyse en planontwikkeling per kern (hoofdstuk 4 en 5) Hoofdstuk 4 introduceert de gehanteerde methoden voor de analyse en planontwikkeling per kern, welke in hoofdstuk 5 is uitgewerkt. Hiervoor vormde de stuurgroep van 28 januari 2026 en een gezamenlijke werksessie op 10 februari de basis. De methode bestaat uit drie onderdelen: a) de quickscan die de staat van alle gebouwen beschrijft, b) de capaciteitsanalyse, die de beschikbare capaciteit in relatie tot de leerlingenprognose weergeeft en c) overige lokale urgentiecriteria, zoals leefbaarheid in de kernen. Uit de verzamelde gegevens en analyse hebben we per school/kern een plan opgesteld voor de komende beleidstermijn, met een doorkijk tot 2040.
Pagina 3 van 32
1.3.3 Stap 3 Financiële vertaling (hoofdstuk 6) en uitvoering (hoofdstuk 7) In hoofdstuk 6 is het financiële kader opgenomen, bestaande uit de financiële uitgangspunten en de doorrekening van de kosten van het herijkte plan. Dit resulteert in een herziening van de investeringen die dit IHP bij benadering vraagt van de gemeente in de komende termijn. Het vormt de basis voor een kredietaanvraag, die op een later moment aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Dit IHP bepaalt voor de komende 4 jaar de visie op onderwijshuisvesting en het investeringskader, en geeft een doorkijk tot 16 jaar vooruit. Voordat de uitvoering van nieuwbouw/renovatie kan starten, wordt via een haalbaarheidsonderzoek stilgestaan bij enkele tactische keuzes: de afweging tussen nieuwbouw/renovatie, de eventuele inzet van tijdelijke huisvesting, ruimtelijke aspecten (bestemmingsplan, locatiekeuze etc.). Een vertaling naar deze uitvoeringsfase, inclusief de organisatiestructuur, is tot slot in hoofdstuk 7 opgenomen.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 4 van 32
2. Aanbod onderwijs en kinderopvang
Tabel 2 Overzicht kinderdagopvanglocaties
Dit hoofdstuk beschrijft het aanbod in het basisonderwijs, de voorzieningen bewegingsonderwijs en de kinderopvang in de gemeente Roerdalen, dat sinds 2021 met name is gewijzigd door de bouw van 2 nieuwe scholen.
2.1. Primair onderwijs
Dorp Montfort Herkenbosch
Het scholenlandschap van de gemeente Roerdalen voor het primair onderwijs (PO) is verdeeld over de zes kernen aanwezig. Er zijn verschillen in onderwijsconcept en omvang. Er zijn twee schoolbesturen voor het PO in Roerdalen gevestigd. Ze verzorgen samen het primair onderwijs voor bijna 1300 leerlingen (1 oktobertelling 2025). Een klein deel van de basisscholieren die in Roerdalen wonen, volgt onderwijs in andere gemeenten. Dit is voornamelijk in de gemeente Roermond en met name onderwijsaanbod dat in Roerdalen niet aanwezig is, zoals speciaal (basis-)onderwijs. Andersom gaan bijna 100 leerlingen (van de eerdergenoemde 1300) uit andere gemeenten naar een basisschool in Roerdalen. Dit betreft onder meer kinderen uit Duitsland en België (circa 25). De verdeling van leerlingen over de zes basisscholen, is in onderstaande tabel te vinden. Tabel 1 Overzicht onderwijslocaties gemeente Roerdalen (leerlingentelling 1 oktober 2025)
Melick Odiliënberg
Ja
Nee
Nee
Nee
Leefkind
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Leefkind
Nee
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
KDV Natuurlijk
Ja
Nee
Nee
Nee
Wee-Play
Ja
Ja
Ja
Ja
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Posterholt
KDV Natuurlijk
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
Ja, inpandig
2.3. Bewegingsonderwijs In Roerdalen heeft elke school een sporthal of sportzaal aan of dicht bij de school. Daardoor zijn de vervoersbewegingen voor gymnastiekonderwijs minimaal en hoeft er geen vervoersvoorziening per touringcar of anders te worden getroffen. De sportvoorzieningen zijn (op 1 na) eigendom van de gemeente en het beheer is ondergebracht in lokale stichtingen. De sportvoorzieningen bieden alle faciliteiten voor voldoende en kwalitatief goed bewegingsonderwijs.
Aantal leerlingen
%
Melick
Swalm & Roer
De Achtbaan
287
22%
Herkenbosch
Swalm & Roer
De Berensprong
262
20%
Dorp
Posterholt
INNOVO
De Mezenhof
256
20%
Montfort
Montfort
Swalm & Roer
De Hovenier
185
14%
St. Odiliënberg
Swalm & Roer
’t Kempke
178
14%
Vlodrop
Swalm & Roer
De Springplank
122
10%
1.290
100%
Referentie: P2000431-0003.0.3.
KOM Spele
BSO (4+ jaar)
Leefkind
Schoolnaam
De volgende organisaties voor kinderopvang en buitenschoolse opvang (BSO) zijn actief in de gemeente Roerdalen:
VVE aanbod Ja, inpandig
Leefkind
Schoolbestuur
2.2. Kinderopvang
Peuteropvang (2-4 jaar) Ja, inpandig
Vlodrop
Kern
Totaal
Wee-Play
Dagopvang (0-4 jaar) Ja, inpandig
Organisaties
Tabel 3 Overzicht locaties ten behoeve van bewegingsonderwijs
Herkenbosch Melick Odiliënberg Vlodrop Posterholt
Sporthal of -zaal Sporthal De Koeweide Sportzaal Herkenbosch Sporthal Apollohal Sporthal de Roerparel Sportzaal MFA Vlodrop Sporthal de Wiee
Eigendom
Afstand tot school
Gemeente
0m
Gemeente
0m
Derden partij
500 m
Stichting Beheer Sporthal de Koeweide Gemeente – buiten gymuren Derden
Gemeente
1000 m
Stichting de Roerparel
Gemeente
0m
Gemeente
500 m
Exploitatie en beheer
Stichting Beheer sportzaal Vlodrop Stichting Beheer Sporthal De Wiee
Pagina 5 van 32
3. Visie en beleidskaders In dit hoofdstuk staan de relevante landelijke beleidskaders (3.1), lokale beleidskaders (3.2) en onze gedeelde visie op onderwijshuisvesting centraal. Deze visie is net als in het vorige IHP gegoten in de vorm van 5 bouwstenen (3.3 t/m 3.7).
3.1. Landelijke beleidskaders In 2050 moeten alle schoolgebouwen in Nederland duurzaam en toekomstbestendig zijn. Om deze opgave te realiseren heeft het landelijke Programma Onderwijshuisvesting (POHV) in 2025 meerdere producten ontwikkeld die gemeenten en onderwijsbesturen ondersteunen in elke fase van het proces. Van een landelijke IHP-richtlijn voor de strategische planvorming, tot praktische instrumenten voor de diverse uitvoeringsfases bij de bouw van een school, zoals het opstellen van een programma van eisen of het implementeren en financieren van duurzame innovaties. Hoewel de meeste van deze producten pas in de loop van 2026 in definitieve versie gereed zijn, is in deze herijking al gebruik gemaakt van de gepubliceerde concepten.
3.1.1 Wetswijziging onderwijshuisvesting 20261 Dit huisvestingsplan is opgesteld in lijn met het Wetsvoorstel planmatige aanpak onderwijshuisvesting, waarin onder ander de verplichting van een IHP wordt gesteld. Met het aannemen van de nieuwe wetgeving wordt de jaarcyclus voor aanvragen onderwijshuisvesting vervangen door een langere periode van 4 jaar, waarin gemeenten na overleg met betrokken schoolbesturen het huisvestingsbeleid en het investeringsprogramma vastleggen in een meerjarenprogramma (IHP), met een doorkijk tot ten minste het 16e jaar. Daarin is voor minimaal de eerste vier jaren de planning en bijbehorende budgetten opgenomen. Zodra een voorziening, zoals (vervangende) nieuwbouw of uitbreiding, in het IHP is opgenomen heeft het schoolbestuur recht op financiering en vervalt de jaarlijkse aanvraagprocedure zoals die in de lokale verordening onderwijshuisvesting is opgenomen. De officiële toekenning van middelen is onder voorbehoud en gebeurt via een overeenkomst, meestal op basis van een haalbaarheidsstudie van het project. In het wetsvoorstel zijn ook de begrippen renovatie en meerjarenonderhoudsplan (MJOP) opgenomen, en 1
Wet planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting | Overheid.nl | Wetgevingskalender Op dinsdag 14 april 2026 is het wetsvoorstel aangenomen door de Tweede Kamer.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
wordt het investeringsverbod2 voor schoolbesturen versoepeld. Dit betekent dat schoolbesturen voortaan mogen mee investeren als er een overschot is van de exploitatie.
3.1.2 Klimaatakkoord Hieronder staat de stand van zaken ten aanzien van de landelijke uitwerking van het Klimaatakkoord, op basis van de Europese afspraken rond energietransitie in de gebouwde omgeving. Het einddoel is een emissievrije gebouwenvoorraad in 2050. Emissievrij impliceert dat er wordt gestreefd naar Zero Emission Buildings (ofwel: ZEB). ZEB kent vier aspecten en ziet erop toe dat een gebouw: 1. zeer weinig energie nodig heeft voor verwarming en/of koeling; 2. efficiënte installaties heeft; 3. vrij is van fossiele emissies op het eigen perceel ("aardgasvrij") en 4. de benodigde energie zoveel mogelijk invult met hernieuwbare energie door opwek op of bij het gebouw of via lokale warmtenetten. Vanaf 2030 dient rekening gehouden te worden met ZEB bij nieuwbouw. Op dit moment is de exacte ‘ZEB-norm’ nog niet bekend. Zodra deze bekend is wordt hier rekening mee gehouden. Vooralsnog gelden de (B)ENG-eisen voor (bijna)energieneutrale gebouwen.
3.1.3 Inclusief onderwijs In 2023 is door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de Werkagenda Route naar inclusief onderwijs 2035 gepubliceerd. De definitie luidt: ’Inclusief onderwijs is onderwijs waarbij alle kinderen en jongeren dichtbij huis, volwaardig en gelijkwaardig toegang hebben tot een inclusieve leeromgeving waarin zij zich samen ontwikkelen en samen leren en participeren’. Een inclusieve leeromgeving wordt beschreven als: ‘Binnen een inclusieve leeromgeving zijn alle kinderen welkom op een school dichtbij huis. Er wordt vanuit een pedagogische basis gewerkt aan de brede ontwikkeling van alle kinderen. Elk kind ontwikkelt zich, wordt gezien en hoort erbij. De kinderen leren 2
Investeren in het schoolgebouw: wat mag wel en wat mag niet? | PO-Raad
Pagina 6 van 32
met en van elkaar. Het schoolteam is multidisciplinair en biedt ondersteuning die nodig is om alle kinderen onderwijs te bieden. De inclusieve leeromgeving is toegankelijk voor alle kinderen, leraren en ouders.’ In mei 2025 is door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het ‘Ontwerpkader inclusieve huisvesting voor schoolorganisaties en gemeenten’ (opgesteld door Oberon) gepubliceerd. Het rapport geeft een concreet ontwerpkader waarmee schoolorganisaties en gemeenten afwegingen kunnen maken bij het inclusief bouwen en het toegankelijk inrichten van schoolgebouwen. Ook de NEN9120 geeft richting aan inclusieve schoolgebouwen door de uitgangspunten voor toegankelijkheid te definiëren.
3.1.4 Dunbevolktheidstoeslag De rijksoverheid is voornemens de kleinescholentoeslag te vervangen door een dunbevolktheidstoeslag. Op dit moment is er de kleinescholentoeslag die kleine scholen helpt financieel te overleven, ongeacht hun locatie. Dit geldt zowel voor scholen in steden als op het platteland. De invoering van een dunbevolktheidstoeslag betekent dat de financiële steun specifiek gericht zal zijn op kleine scholen in dunbevolkte regio's, waar het behoud van deze scholen cruciaal is voor de leefbaarheid en het voorzieningenniveau. Voor niet-stedelijke gemeenten betekent dit voornamelijk dat er extra middelen vrijkomen voor scholen in dunbevolkte gebieden, om hen beter te ondersteunen.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
3.2. Lokale beleidskaders In volgende paragrafen wordt het lokaal beleid dat van belang is voor onderwijshuisvesting beschreven, namelijk: het coalitieprogramma 2018-2022, het maatschappelijk vastgoedbeleid 2014-2025 en de Omgevingsvisie (concept). In deze herijking zijn de meest actuele en relevante beleidsplannen opgenomen, zoals het accommodatiebeleid 2025-2035, maar ook nieuw beleid, zoals het beleid kinderopvang en lokale duurzaamheidsambities. Een lokale visie op (inclusief) onderwijs is nog niet geformuleerd. Evenals een coalitieprogramma Roerdalen voor 2026 en verder.
3.2.1 Maatschappelijk accommodatiebeleid 2026-2035 De gemeente Roerdalen heeft in 2025 het lokale accommodatiebeleid geactualiseerd. De gemeenteraad stelde als resultaat van dit proces de “Richtinggevende Nota Maatschappelijke accommodaties” vast op 11 december 2025, met daarin de visie en speerpunten voor 2026 tot 2035. De scholen worden in verband met deze IHPherijking later in het proces betrokken. Desondanks zijn een aantal actiepunten in dit beleid van essentieel belang voor de onderwijshuisvesting, te weten: 1. Dorpsoverleg en jeugdvoorzieningen: opstarten van een dorpsoverleg per kern in 2026, rondom het huisvesten van maatschappelijke activiteiten, inclusief het bespreken van de realisatie van passende voorzieningen voor jongeren. 2. Sporthallen: Evaluatie van het huidige aanbod van (drie verouderde) sporthallen in de gemeente. Voor de sporthal in Montfort wordt in 2026 onderzocht of behoud van een sporthal noodzakelijk is of dat realisatie van een nieuwe (kleinere) gymzaal/sportzaal toereikend is. 3. Clusterkansen verkennen: Daarnaast is een algemene constatering dat er een breed en verspreid aanbod van voorzieningen is, maar dat clustering zeldzaam is. Bij nieuwbouw/renovatie in Montfort is een brede verkenning met een integrale benadering van het sportpark mogelijk (inclusief de basisschool). 4.
Verduurzaming: Beleid ontwikkelen voor het stimuleren van verduurzaming voor alle accommodaties in Roerdalen.
Pagina 7 van 32
3.2.2 Kinderopvang en VVE-beleid 2025-2030 (incl. convenant)
3.3. Bouwsteen 1 Regie
In 2025 heeft de gemeente samen met het onderwijs en andere kindpartners een beleid gericht op een doorgaande leer- en ontwikkellijn vastgesteld voor alle kinderen van 0 tot 14 jaar en hun gezinsnetwerk. In pijler 1 van dit plan is de essentie beschreven als: een vloeiende ontwikkellijn tussen kinderopvang en basisonderwijs is cruciaal voor de ontwikkeling van kinderen. Het plan stimuleert de samenwerking tussen kinderopvang en onderwijs, onder meer via structureel overleg in de Lokaal Educatieve Agenda (LEA) en de Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) werkgroep over VVE kwaliteitsplannen, locatieplannen en de aanpak van onderwijsachterstanden. Verdere afspraken zijn in een bijbehorend ‘Convenant’ voor de periode 2025-2028 vastgelegd.
De gemeente en schoolbesturen hebben het beleid op het gebied van onderwijshuisvesting uitgewerkt in vijf thema’s ofwel de bouwstenen voor onderwijshuisvesting. Ieder thema omvat verschillende beleidsuitgangspunten. Het IHP is erop gericht om, binnen de mogelijkheden van de gemeente deze uitgangspunten zoveel als mogelijk te realiseren. De eerste bouwsteen is regie. Deze bouwsteen geeft aan hoe gemeente en schoolbesturen met elkaar samen de regie voeren op het gebied van onderwijshuisvesting. Dit betreft onder andere het vastleggen van de status van het IHP en hoe hier uitvoering aan wordt gegeven.
3.2.3 Koers Duurzaamheid 2050 gemeente Roerdalen Het gemeentelijke duurzaamheidsbeleid richt zich op de overgang naar volledig duurzame energie in 2050, forse reductie van aardgasgebruik en CO₂-uitstoot in 2030, en een gebiedsgerichte aanpak die start in Vlodrop, aangevuld met beleid voor natuuren waterklimaat. Voor maatschappelijk vastgoed in eigendom van derden zijn geen subsidies of leningen beschikbaar gesteld.
3.2.4 Warmteprogramma Het lokaal warmteprogramma dat in 2026 wordt vastgesteld heeft als doel te voorzien in duurzame warmte. Een lokaal warmteprogramma is een verplicht gemeentelijk plan onder de Omgevingswet dat de strategie bepaalt voor het verduurzamen van de gebouwde omgeving. Het beschrijft per wijk de planning voor isolatie en de overstap naar aardgasvrije warmtebronnen. Gemeenten moeten dit programma uiterlijk eind 2027 vaststellen. Onderwijshuisvesting valt ook onder de doelgroepenaanpak van het warmteprogramma bij publiek maatschappelijk vastgoed.
1. Verantwoordelijkheden: De gemeente is onder andere verantwoordelijk voor nieuwbouw en uitbreidingen. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderhoud, (minimale) functionele aanpassingen en de exploitatie van schoolgebouwen. De schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het onderwijsaanbod. In het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) vindt de afstemming van deze verantwoordelijkheden plaats door middel van gezamenlijk overleg (minimaal jaarlijks). Deze samenwerking overstijgt de samenwerking op basis van de Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs. Voor het onderwijshuisvestingsbeleid in de gemeente Roerdalen wordt daarom in eerste instantie voor alle betrokken partijen het IHP leidend, voordat er wordt teruggevallen op de meeste recente lokale verordening3 Deze wijze van samenwerking dient, in afwachting van de wettelijke regeling, juridisch vastgelegd te worden. In het geval dat huisvestingsvraagstukken een regionaal karakter hebben vindt, indien noodzakelijk, afstemming plaats met het regionale OOGO en/of het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs. 2. Wetgeving: Het IHP is in lijn met het wetsvoorstel Wet planmatige en doelmatige aanpak onderwijshuisvesting om IHP’s in de wetgeving te verankeren. Met het vaststellen van het IHP worden tevens de financiële middelen voor de komende 0-4 jaar vastgesteld.
Met de gemeenteraad wordt verkend op welke wijze zij betrokken is bij de monitoring van de budgettaire kaders (programma- of projectniveau). Het
3
De Verordening voorziening huisvesting onderwijs van de gemeente Roerdalen is in 2015 vastgesteld. Wanneer de nieuwe VNG-modelverordening wordt uitgebracht, naar verwachting in 2026), zal de gemeente de lokale huisvestingsverordening actualiseren.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 8 van 32
IHP geldt voor een periode van 16 jaar en wordt om de 4 jaar geactualiseerd op basis van onder andere leerlingenprognoses en nieuwe inzichten vanuit (landelijk) beleid. Ieder jaar wordt in het OOGO de voortgang van het IHP besproken. 3. Total Cost of Ownership: Schoolbesturen en gemeente hanteren in het IHP de principes van Total Cost of Ownership (TCO). Schoolbesturen hebben de mogelijkheid om bij te dragen aan een deel van de stichtingskosten van een nieuwbouw- of renovatieopgave ten behoeve van kwaliteitsverbetering of onderhoudsbeperkende maatregelen. Deze investeringen komen de duurzaamheid van het gebouw ten goede, waardoor investeringen aan de voorkant besparingen opleveren tijdens het gebruik van het gebouw. Een integrale afweging tussen investering en onderhouds- en exploitatiekosten is daarbij van belang. Liever gezamenlijk goed investeren in deugdelijke maatregelen dan nadelige gevolgen te ondervinden in bijvoorbeeld exploitatie en onderhoud tijdens de levensduur van een gebouw. Met de schoolbesturen wordt verkend of, en op welke manier een cofinanciering vanuit het onderwijs een plek kan krijgen. In het IHP wordt rekening gehouden met het op dit moment nog bij wet geregelde investeringsverbod voor het Primair Onderwijs en de (exploitatie-) tekorten die zij (net als de gemeente) ervaren in de bekostiging. 4.
Leerlingenprognose: De leerlingenprognose van Mooz Onderzoek (2026), op basis van de leerlingenaantallen van oktober 2025 (DUO), vormt het uitgangspunt voor het gezamenlijk realiseren van een evenwichtige leerlingenverdeling. In het IHP volgen we de prognose tot 2040. Verder zijn lokale en regionale woningmarktgegevens en -verwachtingen in de leerlingenprognose verwerkt. Op basis van ervaring en verwachting van schoolbesturen is er ruimte voor nuance, bijvoorbeeld met betrekking tot een toename van inwoners uit West-Nederland, Duitsland en Oost-Europa. De prognoses van de gemeente vormen tevens de onderlegger voor vervolgonderzoeken welke naar aanleiding van het IHP worden uitgevoerd. 5. Haalbaarheidsonderzoek: Vanwege veranderende omstandigheden in het onderwijsveld (met name ook op het gebied van leerlingenaantallen) worden bij de realisatie van de in het IHP gedefinieerde projecten de uitgangspunten uit het IHP getoetst aan de dan bekende randvoorwaarden, middels een
Referentie: P2000431-0003.0.3.
haalbaarheidsonderzoek ofwel businesscase. In dit haalbaarheidsonderzoek wordt beoordeeld of ook de combinatie met investeringen in andere functies in een gebouw haalbaar en wenselijk is.
3.4. Bouwsteen 2 Kwaliteit en duurzaamheid Deze bouwsteen duidt de kwaliteit en duurzaamheid van onderwijshuisvesting waar de gemeente en schoolbesturen naar streven. Deze uitgangspunten zijn het uitgangspunt bij nieuwbouw. Bij renovatie (als volwaardig alternatief voor nieuwbouw) wordt beoogd om deze kwaliteit zo veel mogelijk te realiseren. Voor bestaande bouw ligt de verantwoordelijkheid primair bij de schoolbesturen, maar kan er in overleg met de gemeente worden getreden over verbetermogelijkheden. 1. Een brede definitie: Gemeente en schoolbesturen zien het realiseren van kwalitatief goede en duurzame huisvesting als een maatschappelijke, gezamenlijke verantwoordelijkheid. Een kwalitatief goed en duurzaam gebouw heeft een positief effect op het onderwijs én op het leefklimaat voor de toekomstige generaties. 2. Energieprestatie: Het uitgangspunt is om energieneutrale gebouwen (ENG) te realiseren. Bij renovatie wordt beoogd om dit zoveel mogelijk te realiseren; dit dient per situatie bekeken te worden, met een gezonde balans tussen kwaliteit, duurzaamheid en de (financiële) middelen (kostenbatenanalyse TCO). Gezien de onzekerheid rondom de wachttijden voor het aanleggen van de benodigde aansluiting (in verband met landelijke netcongestie), kan het uitgangspunt moeten worden bijgesteld of uitgesteld.
Door de netcongestie is ook het uitgangspunt ‘gasloos’ op dit moment niet altijd volledig haalbaar. 3. Trias Energetica: Duurzaamheidsprincipes worden toegepast bij nieuwbouw/renovatie van schoolgebouwen. Onder meer bieden de principes van Trias Energetica houvast om hierin een realistische afweging te maken tussen ambitie en budget: a. Voorkomen van onnodig energieverbruik (bijvoorbeeld isolatie). b. Gebruik van duurzame energiebronnen en energieopslag (bijvoorbeeld PVTpanelen die zowel stroom als warmte produceren). c. Indien nodig, efficiënt gebruik van fossiele brandstoffen (bijvoorbeeld gas). De scholen en schoolgebouwen hebben een maatschappelijke
Pagina 9 van 32
verantwoordelijkheid en voorbeeldfunctie naar leerlingen, hun familie en de kern. d. Naast de Trias Energetica houden we rekening met een markt die meer op hernieuwbare energie gaat draaien en toenemende netcongestie. Denk aan het sturen van verbruik naar momenten van eigen opwek en lage stroomprijzen en meer opslag van warmte en stroom. e. Het is van belang dat verduurzaming op projectniveau intensief wordt afgestemd op de mogelijkheden in de kern en omgeving. Daarbij kan gedacht worden aan het toevoegen van extra zonnepanelen en het oprichten van een energiegemeenschap met naburige inwoners. 4. Kwaliteitsambities: Duurzaamheid gaat ook over goed onderwijs, een gezond leer- en leefklimaat, een gezonde financiële exploitatie, circulariteit en toekomstbestendigheid. Deze thema’s hebben een hogere prioriteit dan alleen energiebesparing: a. Ten aanzien van goed onderwijs gaat het om het goed faciliteren van het onderwijsconcept van de scholen (het pedagogische klimaat en gebruik). b. Ten aanzien van gezondheid wordt rekening gehouden met de Frisse Scholenthema’s (naast energie): lucht, temperatuur, licht en geluid (in geprioriteerde volgorde) om een prettig en gezond klimaat voor kinderen en medewerkers te realiseren. c.
Ten aanzien van circulariteit wordt ernaar gestreefd bewust om te gaan met de toegepaste materialen en waar mogelijk gebruik te maken van natuurlijke, herbruikbare materialen. d. Ten aanzien van toekomstbestendigheid wordt ingezet op maximale flexibiliteit (o.a. het vermijden van dragende binnenwanden) om ervoor te zorgen dat de schoolgebouwen in de toekomst ook andere onderwijsconcepten kunnen faciliteren. Hierbij gaat het zowel om interne flexibiliteit, als om transformatiemogelijkheden van het vastgoed. 5. Onderhoud: Het IHP geeft de schoolbesturen inzicht in de vervangingstermijn van hun gebouwen. Schoolbesturen zijn door het IHP in staat om onderhoud en duurzaamheidsmaatregelen af te stemmen op het moment van nieuwbouw of renovatie.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
3.5. Bouwsteen 3 Renovatie en vervangende nieuwbouw Deze bouwsteen geeft aan hoe gemeente en schoolbesturen omgaan met renovatie en vervangende nieuwbouw. 1. Maatregelen: De gemeente is verantwoordelijk voor nieuwbouw, schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor het goed onderhouden en exploiteren van gebouwen. Renovatie is wettelijk nog niet geregeld. Renovatie kan een meer duurzame oplossing zijn dan nieuwbouw door het voorkomen van emissies bij de productie van nieuwe bouwmaterialen. Ten aanzien van renovatie wordt aangesloten op het wetsvoorstel: Wet planmatige aanpak onderwijshuisvesting (zie paragraaf 3.1.1.). Onderstaand worden de verschillende maatregelen toegelicht, waarvan renovatie en vervangende nieuwbouw in de wetgeving zijn opgenomen: a. Renovatie: het betreffende schoolgebouw wordt technische en functioneel gerenoveerd met het doel om de levensduur van het gebouw met tenminste 25 jaar te verlengen. b. Vervangende nieuwbouw: bij nieuwbouw wordt een gebouw gerealiseerd welke voor tenminste 40 jaar gebruik kan worden voor het onderwijs. c. Vernieuwbouw: in aanvulling op renovatie en vervangende nieuwbouw is vernieuwbouw een maatregel welke gemeente en schoolbestuur verkennen bij projecten. Vernieuwbouw is een ingrijpende renovatie waarbij delen van bestaande bouw behouden blijft en het gebouw kwalitatief vergelijkbaar wordt gemaakt met nieuwbouw.
Er wordt beoogd het schoolgebouw voor 40 jaar levensduur te verlengen. 2. Afwegingscriteria: Per situatie wordt een afweging gemaakt welke maatregel de beste oplossing is voor desbetreffende school. Daarbij worden onder andere de volgende aspecten meegenomen in de afweging (willekeurige volgorde, per situatie kan prioriteit verschillen): a. Er wordt rekening gehouden met de onderwijskundige functionaliteit van de gebouwen. b. Er wordt rekening gehouden met een goede bezetting van gebouwen. Er wordt (bij voorkeur) niet gerenoveerd voor leegstand. c. Er wordt rekening gehouden met de culturele en maatschappelijke waarde en de stedenbouwkundige uitstraling in samenhang met de omgeving.
Pagina 10 van 32
d. Er wordt rekening gehouden met mogelijkheden om de gestelde duurzaamheidsambities (zie bouwsteen 2) te bereiken. e. De kosten en mogelijkheden voor tijdelijke huisvesting worden meegenomen in de afweging voor nieuwbouw of renovatie. f. De toekomstige exploitatie- en onderhoudslasten worden meegenomen als afweging voor nieuwbouw of renovatie. g. Er wordt rekening gehouden met de mate van flexibiliteit en aanpasbaarheid in de toekomst.
3.6. Bouwsteen 4 Samenwerking: scholen, schoolbesturen en partners Deze bouwsteen omschrijft de samenwerkingsmogelijkheden tussen het onderwijs onderling, de gemeente en overige partners die raakvlakken hebben met het onderwijs. Samenwerking betekent dat scholen gebouwen delen, met elkaar of met partners (bijvoorbeeld kinderopvang, jeugdzorg, buurtvoorzieningen). Samenwerking kan zowel inhoudelijk als gebouwelijk worden vormgegeven. Inhoudelijke samenwerking biedt voordelen op het gebied van kennisuitwisseling. Gebouwelijke samenwerking kan de inhoudelijke samenwerking faciliteren omdat men elkaar ook daadwerkelijk tegenkomt en biedt exploitatievoordelen (door bijvoorbeeld het delen van ruimten). Het onderwijs staat daarbij centraal en daarmee is een gebouwelijke samenwerking geen verplichting, maar een mogelijkheid. 1. Samenwerking tussen scholen: Er wordt gestreefd naar een maximale samenwerking tussen beide schoolbesturen in de gemeente Roerdalen ten gunste van het onderwijs, de leerlingen en de medewerkers. De samenwerking tussen scholen is met name op inhoudelijk gebied. 2. Samenwerking tussen onderwijs en kinderopvang: Schoolbesturen, gemeente en kinderopvang zetten in op het behouden, versterken en waar nodig uitbreiden van samenwerking tussen het PO en kinderopvang, peuteropvang en buitenschoolse opvang. Dit worden ook wel de onderwijs- en kindpartners genoemd:
a. De samenwerking richt zich op de afstemming van de pedagogiek en didactiek van beide partijen. b. De samenwerking tussen onderwijs- en kindpartners kan verschillende vormen aannemen. Er zijn verschillende manieren van integratie tussen onderwijs en kinderopvang. Het IHP formuleert uitgangspunten, maar biedt ruimte om per project maatwerk te leveren, passend bij de specifieke situatie. c. Door de afname van het leerlingenaantal in het verleden, is in bestaande gebouwen ruimte ontstaan voor onderwijs- en kindpartners. Het is van belang dat ook in nieuwe situaties (na nieuwbouw/renovatie) ruimte wordt gerealiseerd voor onderwijs- en kindpartners. 3. Samenwerking met (overige) maatschappelijke partners: Schoolbesturen en gemeente streven naar samenwerking tussen scholen met overige maatschappelijke partners (bibliotheek, jeugdzorg, sportorganisaties, dorpshuis etc.): a. Er wordt tegemoetgekomen aan de sociaalmaatschappelijke rol van een school voor de kern. Deze functie kan per kern en per school anders worden ingevuld. Het IHP formuleert uitgangspunten, maar biedt ruimte om per project maatwerk te leveren, passend bij de lokale situatie. b. Scholen en (maatschappelijke) partners dragen bij aan de dorpskernontwikkeling. c. Andersom kan de school ook gebruik maken van de maatschappelijke voorzieningen die in de kern aanwezig zijn. 4.
Medegebruik en verhuur4: Indien er (in geval van overmaat) ruimten in schoolgebouwen in gebruik worden gegeven aan partijen anders dan het onderwijs (kinderopvang en/of andere maatschappelijke partijen) wordt ofwel ‘verhuur’ ofwel ‘medegebruik’ toegepast. Voorwaarde voor medegebruik is dat het bij medegebruik gaat om het gebruik door (uit de openbare kas bekostigd) onderwijs of voor culturele, maatschappelijke of recreatieve doeleinden. In het geval van verhuur geldt een marktconforme huur. De marktconforme huur sluit aan bij de Wet Markt en Overheid en bestaat in basis uit een gebruiksvergoeding: de extra kosten die de
4
Voor de bepalingen van medegebruik en verhuur kan gebruik gemaakt worden van de handreiking ‘Organiseren en financieren van gezamenlijke huisvesting kinderopvang en onderwijs’, mede opgesteld door de VNG en RuimteOK in maart 2022.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 11 van 32
verantwoordelijke voor onderhoud en exploitatie maakt als gevolg van de verhuur (ofwel exploitatiekosten) en een vergoeding voor investeringslasten: de jaarlijkse lasten die het gevolg zijn van het realiseren van de voorziening, bestaande uit rente en afschrijving, die kan worden verhoogd met een deel van de kosten van verzekering van het gebouw en de kosten van onroerendezaakbelasting. De vergoeding voor de investeringslasten gaat naar de investerende partij (tenzij dit uiteraard de kinderopvang of maatschappelijke partij zelf is).
3.7. Bouwsteen 5 Vraag en aanbod Deze bouwsteen geeft aan welk aanbod de gemeente en schoolbesturen nastreven. Het gewenste aanbod van onderwijs is bepalend voor de huisvestingsoplossingen.
oplossen van leegstand zijn het verwijzen naar (gebruik van ruimteoverschotten door andere scholen met een ruimtetekort) en/of het in medegebruik geven of verhuren van ruimten reële mogelijkheden. Afstoten van leegstand is een optie. 4. Verbinding onderwijs, sport en cultuur: Er is tevens aandacht voor de relatie met sport, bewegen en cultuur. Dit gaat enerzijds over de afstand tot en de bereikbaarheid van gymzalen en voorzieningen binnen Roerdalen, maar anderzijds ook over hoe de inrichting van een gebouw, het speelterrein (groen) en de directe omgeving beweging kunnen stimuleren. De school kan gebruik maken van de faciliteiten uit de kern, maar kan eventueel ook een functie voor de kern vervullen op het gebied van sport, bewegen en cultuur.
1. Thuisnabij onderwijs: Schoolbesturen en gemeente streven naar thuis nabij onderwijs, waarbij kinderen zoveel mogelijk in hun eigen kern naar school kunnen gaan. Het IHP richt zich daarom primair op het kernniveau: een goede spreiding van het onderwijs met behoud van een kwalitatief aanbod van onderwijs en kinderopvang in iedere kern. Daarbij wordt rekening gehouden met specifieke onderwijsbehoeften die mogelijk een regionale benadering vragen, zoals bepaalde denominaties, onderwijsvormen of speciaal onderwijs. Ook de positie van het openbaar onderwijs wordt meegenomen in verband met wettelijke kaders. Het uitgangspunt is dat elke kern een passend en toekomstbestendig aanbod heeft, zodat elk kind in de eigen leefomgeving naar school kan gaan - ongeacht of ouders hier daadwerkelijk voor kiezen. 2. Leefbaarheid: Scholen zijn belangrijk voor de leefbaarheid in de kernen van Roerdalen. Er is daarom aandacht voor de afstand voor inwoners van de kernen van de gemeente Roerdalen tot een basisschool. Want ook al is het verzorgingsgebied van een bepaalde basisschool mogelijk kernoverstijgend, het gebouw en de speelterreinen vormen toch een dorpsfunctie. 3. Leegstand en overmaat: Gemeente en schoolbesturen streven naar het voorkomen van onderwijsleegstand. De inkomsten van schoolbesturen voor onderhoud en exploitatie zijn afhankelijk van het aantal leerlingen.
Bij leegstand moet een schoolbestuur hetzelfde aantal vierkante meters onderhouden. Bij leegstand bekijkt de school samen met de gemeente welke opties er zijn. Voor het
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 12 van 32
4. Methoden Dit hoofdstuk behandelt de gehanteerde methoden voor de analyse- en planontwikkeling. In het volgende hoofdstuk worden de resultaten van de analyses weergegeven per kern en school.
4.1. Quickscan Op basis van de Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs 2015 gemeente Roerdalen (voortaan: de lokale verordening) is alleen de bouwkundige staat een formeel toetsingscriterium. Voor het IHP is het echter niet alleen de vraag of een pand een goed gebouw is, maar of een pand een goed schoolgebouw is. In de beoordeling van het gebouwenbestand is daarom gekeken naar meer dan alleen de bouwkundige staat. Er is ook gekeken naar onderwijskundige functionaliteit, binnenmilieu, veiligheid, exploitatie en uitstraling van de schoolgebouwen. Dit zijn kaders voor strategisch vastgoedbeleid.
De totaalscore geeft op uniforme wijze de mate van urgentie tot een levensduurverlengende ingreep in relatie tot de gebouwkwaliteit: • Binnen 0-5 jaar (rood) • Binnen 5-10 jaar (oranje) • Binnen 10-20 jaar (lichtgroen) • Over meer dan 20 jaar (donkergroen) In hoofdstuk 5 is aangegeven wat de quickscanscore per schoolgebouw is.
4.2. Leerlingenprognose In opdracht van de gemeente Roerdalen heeft MOOZ Onderzoek een leerlingenprognose opgesteld (zie bijlage 1). De prognose is opgesteld op basis van de criteria zoals deze in de lokale verordening zijn opgenomen. Hierbij is kennisgenomen van de Leidraad Leerlingenspreiding en Onderwijshuisvesting 5 voor leerlingenprognoses. Voor deze analyse is gebruikt gemaakt van de volgende gegevens: • • • •
Figuur 1 Onderdelen Quickscan methodiek
In het IHP van 2021 is elk schoolgebouw op deze 6 criteria beoordeeld en voorzien van een gewogen score. De quickscanscores uit het IHP 2021 zijn doorgetrokken naar 2026.
5
het recente aantal leerlingen per school(jaar) op basis van telgegevens van DUO (t/m 2025); demografische cijfers over het aantal kinderen per dorp/postcode (van CBS en de gemeente); de Primos bevolkingsprognose 2025 van ABF Research, en de gemeentelijke woningbouwplannen voor de komende jaren, waarbij ook rekening is gehouden met geplande nieuwbouw in Roermond, nabij Melick.
Op basis hiervan is tot 2040 in kaart gebracht: • de verwachte ontwikkeling van de basisgeneratie (ofwel: het aantal kinderen per kern); • een prognose (vooruitberekening) van het aantal leerlingen per basisschool op basis van de huidige belangstellingspercentages; en • een vooruitberekening van de ruimtebehoefte (in m2 BVO), op basis van rekenregels conform lokale verordening.
Deze Leidraad is een van de instrumenten van het POHV.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 13 van 32
4.3. Capaciteitsanalyse o.b.v. leerlingenprognose
4.4. Instandhoudingsnorm
De capaciteit van de schoolgebouwen is voor deze herijking opnieuw geanalyseerd via een zorgvuldige uitgevoerde leerlingenprognose. De capaciteitsanalyse maakt een ruimtetekort of -overschot per gebouw inzichtelijk voor de komende 15 jaar, tot 2040. De ruimtebehoefte van een school wordt bepaald door de leerlingentelling en de prognose te vertalen naar de benodigde vierkante meters (op basis van de criteria in de lokale verordening). Deze ruimtebehoefte wordt vergeleken met het aantal vierkante meters dat beschikbaar is: de bruto vloeroppervlakte (bvo). De beschikbare ruimte is conform verordening berekend met de formule: Ruimtebehoefte in m2 bvo = 200 (vaste voet) + (5,03 * leerlingenaantal) + correctie Achterstandsscore.
Een school komt voor bekostiging in aanmerking als het leerlingenaantal gelijk is aan of boven de instandhoudingsnorm zit van de gemeente waarin deze gevestigd is. De bekostiging wordt beëindigd als het leerlingenaantal gedurende drie achtereenvolgende schooljaren minder heeft bedragen dan de norm. De instandhoudingsnorm in Roerdalen is 49 (in 2025). Er zijn in de gemeente Roerdalen geen scholen onder, of nabij deze norm. Daarmee is de instandhoudingsnorm op dit moment geen onderdeel van de afweging.
Belangrijke opmerking: dit is een genormeerde ruimtebehoefteberekening. In de praktijk zijn er efficiënte en minder efficiënte schoolgebouwen. Wanneer een schoolgebouw bijvoorbeeld veel (brede) gangen heeft, of een grote aula, kan er een genormeerd ruimteoverschot zijn, terwijl dit niet zo wordt ervaren. Er is relatief immers minder effectieve onderwijsruimte. Ook wordt in de praktijk gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot medegebruik of verhuur van ruimten. In deze herijking is vanwege het beleidsrijke karakter ruimte voor nuance op de resultaten uit de ruimtebehoefteberekeningen (zie daarvoor de kaarten in hoofdstuk 5). Voor het uitvoeren van de normatieve ruimtebehoefte is in alle situaties gebruik gemaakt van de normen zoals vastgesteld door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Deze normen zijn zichtbaar in de modelverordening ‘Regelingen onderwijshuisvesting’ en de lokale verordening Roerdalen.
4.5. Urgentiecriteria Tussen de gemeente en schoolbesturen zijn in gezamenlijke sessies tijdens het IHPtraject urgentiecriteria bepaald. Aan de hand van deze criteria zijn de plannen geformuleerd en is beoordeeld of een plan aansluit bij de visie en ambitie van gemeente, schoolbesturen en kinderopvangorganisaties (de bouwstenen). Samenvattend gaat het om de volgende criteria (willekeurige volgorde): • Quickscanscores van de schoolgebouwen • Capaciteitsanalyse: passende huisvesting door reductie van ruimtetekorten en -overschotten. • Behouden en waar mogelijk en gewenst uitbreiden van samenwerking tussen het basisonderwijs, kindpartners en maatschappelijke partners, zoals de bibliotheek. • Aandacht voor leefbaarheid van dorpen.
Naast het inzichtelijk maken van eventuele ruimtetekorten is de capaciteitsanalyse van belang omdat een eventueel ruimteoverschot de schoolbesturen geld kost voor exploitatie en onderhoud. Schoolbesturen ontvangen een Lumpsum vergoeding op basis van het aantal leerlingen en niet op basis van het aantal m² in een schoolgebouw. Bovendien vormen ruimteoverschotten een risico voor de gemeente. Wanneer een gebouw geheel leeg komt te staan, zal de eigenaar (het schoolbestuur) dit terug willen geven aan de gemeente. Daarnaast dient de gemeente op basis van de lokale verordening te voorzien in oplossingen voor ruimtetekorten.
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 14 van 32
5. Analyse en planvorming In de volgende paragrafen is per kern en per school een plan beschreven. Deze is onderbouwd aan de hand van de capaciteitsanalyse en de quickscanscores. De plannen zijn tot stand gekomen in samenspraak met de schoolbesturen en gedeeld met de kinderopvangorganisaties.
5.1. Resultaat leerlingenprognose 2025-2040 Tussen 2020 en 2025 zijn de leerlingenaantallen op de meeste scholen gestabiliseerd of licht gedaald, met uitzondering van de voormalige St. Martinusschool in Vlodrop (+16%). Gemiddelde genomen komt bijna 90 procent van de leerlingen op een school uit het ‘eigen’ dorp. In Melick is dit aandeel iets lager, door (een toenemende) instroom vanuit de aangrenzende wijk in Roermond. De leerlingenprognose (bijlage 1) laat een gestage, maar op termijn forse toename zien van het aantal leerlingen op de 6 scholen, zie figuur 2. Het verschil tussen de 2 groeiscenario’s bedraagt op termijn circa 150 leerlingen (resp. +12% groei en +24%). Het verschil tussen de groeiscenario’s zit in het includeren van extra nieuwbouwplannen in Roerdalen en Roermond (Aan de Vallei/ Melickerveld), De originele ‘PRIMOS prognose’ (blauwe lijn) is exclusief deze extra woningbouw.
De cumulatieve leerlingengroei tot 2040 is het sterkst bij De Hovenier in Montfort (+39%). Enkel op basisschool de Berensprong in Herkenbosch is de verwachte groei tot 2040 laag (circa 4%). De overige scholen groeien over deze periode in een bandbreedte van 20% tot 30%. Belangrijke kanttekening is dat in deze prognose en in dit IHP is gekozen voor het scenario waarin ook de ‘zachte’ woningbouwplannen zijn verwerkt. Dit betekent ook dat de groei in de praktijk dus lager kan zijn. In bijgevoegd prognoserapport is de prognose per school in beelden en cijfers opgenomen, evenals de beschikbare capaciteit op de scholen.
5.1.1 Capaciteitsanalyse Duiding en conclusies ten aanzien van de capaciteit op basis van de prognose: • Nu: De meeste scholen hebben voldoende ruimte voor groei. • Na 5 jaar: kan bij 1 of 2 scholen een ruimtetekort ontstaan boven de ‘drempel’ voor het aanvragen en vaststellen van uitbreiding (tekort meer dan 55 m2). • In 10 à 15 jaar lijkt bij vier van de zes scholen capaciteitsknelpunten als gevolg van de groei van het aantal leerlingen. • Na 15 jaar is op Basisschool de Berensprong en De Hovenier het overschot afgenomen, maar nog geen tekort verwacht
5.1.2 Aandachtspunten komende termijn 1. Monitoren van de groei van de woningvoorraad en leerlingenaantallen in de praktijk. Herhalen van de leerlingenprognose. 2. Verkennen van mogelijke acties om de groei te faciliteren, waaronder in ieder geval de optie tot gebouwelijke uitbreiding op 1 of meerdere locaties. 3. Verkennen van de optie om bestaande gebouwen anders in te richten of benutten (in samenhang met andere gebruikers) 4. Verdiepen op de prognose voor Montfort (De Hovenier) in aanloop naar vervangingsopgave. Daarbij rekening houden met de verwachte groeicijfers in leerlingaantallen en zo nodig, te zijner tijd opnieuw een specifieke update van de prognose uit te voeren op Montfort.
Figuur 2 Leerlingenprognose gemeente Roerdalen (opgesteld door MOOZ onderzoek) Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 15 van 32
5.2. Herijking Quickscans Onderstaande tabel geeft de resultaten van de quickscan weer van de schoolgebouwen. Deze scores geven een indicatie voor de prioritering van de vervangingsopgave van de schoolgebouwen binnen de gemeente Roerdalen. Na de realisatie van 2 nieuwe schoolgebouwen sinds 2021, scoren nu alle scholen groen, op één school na: de Hovenier in Montfort. Deze staat voor een vervangingsopgave in de eerstvolgende termijn. Onderstaande tabel geeft de status weer in het verleden, heden en de verwachting voor 2030. Planning cf. Quickscan Actualisatie Verwachting Dorp School Bouwjaar IHP 2021 2021 naar 2025 2030 Montfort Basisschool de Hovenier 1989 2026-2030 Herkenbosch Basisschool de Berensprong 2006 Na 2040 Melick Basisschool de Achtbaan 2008 Na 2040 Odiliënberg Basisschool 't Kempke 2018 (ren.) Na 2040 Vlodrop De Springplank 2025 2021-2025 Posterholt De Draaiende Wieken / Mezenhof 2026 2021-2025 LEGENDA Binnen 5 jaar renovatie of nieuwbouw Binnen 5 - 10 jaar renovatie of nieuwbouw Binnen 10 - 20 jaar renovatie of nieuwbouw Na 20 jaar of langer renovatie of nieuwbouw
zorgpartners (spreekuur), opvang, delen van ervaringen (bouw en concepten). Binnen enkele dorpen is migratie een actueel onderwerp (taalontwikkeling).
5.4. Toelichting plankaarten De kaarten in de hiernavolgende paragrafen visualiseren de scholen in de gemeente Roerdalen en de gebouwgegevens. •
•
De grafiek met ‘Leerlingenprognose geeft aan wat het tekort of overschot is, uitgedrukt in aantal leerlingen en volgens de capaciteitsanalyse. Er is gerekend met de bvo die in gebruik is voor onderwijs. Eventueel medegebruik/verhuur aan derden of gymvoorzieningen zijn hiervoor in mindering gebracht. Voor elke school is verkend wat het gebouwelijk perspectief is, ofwel: welke plannen dienen uitgevoerd te worden? Op de kaart op de volgende pagina is middels pictogrammen aangegeven welk plan wordt voorgesteld. In de daaropvolgende paragrafen wordt elk kern/ school inhoudelijk besproken.
In vergelijking met het Nederlandse gemiddelde zijn de schoolgebouwen in Roerdalen jong. De gemiddelde leeftijd van de schoolgebouwen bedraagt minder dan 20 jaar. Het landelijke gemiddelde is ruim 40 jaar. Gemiddeld genomen is het gebouwenbestand in Roerdalen dus relatief modern en duurzaam. Dit komt omdat in de afgelopen 20 jaar is geïnvesteerd in vernieuwing en kwaliteit van de schoolgebouwen, via realisatie van 4 nieuwe scholen sinds 2006 én een volledige renovatie van 1 schoolgebouw.
5.3. Algemene visie op het onderwijs Over het algemeen biedt de huidige onderwijshuisvesting voldoende ondersteuning voor het onderwijsconcept dat de school aanbiedt. De scholen waarderen de aanwezigheid van de bibliotheek. De scholen werken veel samen met verenigingen (muziek, cultuur en sport). De samenwerking met de kindpartners (opvang) is over het algemeen goed, op enkele locaties is behoefte aan een intensivering vanuit de doorlopende leerlijn. De scholen werken onderling samen en zien dit ook als kans voor het onderwijs, dit wordt ook besproken in het LEA en heeft onder andere betrekking op
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 16 van 32
Legenda pictogrammen planontwikkeling
Vervangende nieuwbouw of renovatie voor 40 jaar
Verduurzamen
In stand houden
Figuur 3 Scholenlandschap gemeente Roerdalen en planontwikkeling per locatie
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 17 van 32
5.5. Montfort Het schoolgebouw van De Hovenier is inmiddels 37 jaar oud en staat op de planning om ofwel gerenoveerd te worden, dan wel nieuwbouw te krijgen in de komende termijn. Vooral de aspecten binnenmilieu en duurzaamheid zijn onvoldoende gebleken, al in de quickscan uit 2021, uitgevoerd door HEVO. Het huidige schoolgebouw heeft een ruime capaciteit. Mede daarom is per schooljaar 2025-2026 een aantal lokalen verhuurd aan kinderopvang incl. voor- en vroegschoolse educatie. De resterende gebouwcapaciteit is voldoende om enige groei te kunnen opvangen. De huidige onderwijscapaciteit is voldoende voor maximaal 238 leerlingen en lijkt daarmee passend voor toekomstbestendige nieuwbouw of renovatie. In 2026 wordt gestart met een haalbaarheidsonderzoek ter voorbereiding van de nieuwbouw of renovatie. De school is gesitueerd tussen enkele (deels verouderde) sportvoorzieningen, waaronder een sporthal, skatepark en sportclubs. Een deel van deze voorzieningen komt mogelijk ook voor vernieuwing/vervanging in aanmerking. In het haalbaarheidsonderzoek wordt daarom breder gekeken dan alleen het schoolgebouw. Er worden daarbij verschillende varianten ten opzichte van elkaar afgewogen. De varianten die onderzocht worden zijn zowel renovatie of nieuwbouw van het schoolgebouw als nieuwbouw/ renovatie in combinatie met de andere maatschappelijke voorzieningen in Montfort.
→Planontwikkeling: Nieuwbouw of renovatie voor 40 jaar.
1
De Hovenier
QuickScan Bouwjaar 1989 bvo Onderwijs [m2] 1.395
Leerlingenprognose Ruimtebehoefte Onderwijs [m2] Tekort/overschot Onderwijs [m2]
2025 2029 2033 2037 185 200 217 234 1.131 1.206 1.292 1.377 264 189 103 18
Figuur 4 Locatie- en gebouwinformatie De Hovenier te Montfort
Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 18 van 32
5.6. Herkenbosch De Berensprong is inmiddels 20 jaar oud. Daarom is dit een geschikt moment, nu het gebouw 20 jaren oud is, om te onderzoeken op welke manier verduurzaming (en duurzaam onderhoud) van het gebouw mogelijk is. Terugdringen van het hoge energieverbruik lijkt nodig. Denk aan extra isolatie en vervangen dakbedekking, toevoegen van PV-panelen, LED-verlichting en het vervangen van installaties. Dit verdient een nadere verkenning, waarvoor het schoolbestuur verantwoordelijk is. Gemeente kan indien gewenst een faciliterende rol hierbij spelen. De school beschikt over een ruime capaciteit met een normatief overschot aan ruimte. Dit overschot lijkt stand te houden door een beperkt groei aan kinderen in Herkenbosch (ontwikkeling basisgeneratie) en relatief minder nieuwbouw. In 2025/2026 staan 3 van de 14 klaslokalen leeg. In het gebouw is een gemeentelijke sportzaal geïntegreerd die de gemeente exploiteert. Verder huurt de kinderopvangpartner van de gemeente een bouwdeel van 468 m2. Door recente groei huurt de kinderopvang daarnaast voor 2 dagen per week de speelzaal van De Berensprong. →Planontwikkeling: Verduurzamen
2
De Berensprong
QuickScan Bouwjaar 2006 bvo Onderwijs [m2] 1.830
Leerlingenprognose Ruimtebehoefte Onderwijs [m2] Tekort/overschot Onderwijs [m2]
2026 2030 2034 2038 262 248 249 264 1.518 1.447 1.452 1.528 312 383 378 302
Figuur 5 Locatie- en gebouwinformatie De Berensprong te Herkenbosch Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 19 van 32
5.7. Melick De prognose voorspelt een normatief ruimtetekort, met name als gevolg van sterke instroom door nieuwbouw in de omgeving, zowel in Melick als aangrenzende wijken in Roermond (Aan de Vallei). Na 2030 loopt dit tekort op. Partijen zullen onderzoeken welke opties er zijn om het ruimtetekort aan te pakken, waaronder uitbreiding en het jaarlijks monitoren en evalueren van de capaciteit. Het schoolgebouw is inmiddels bijna 20 jaar oud. Hoewel de onderhoudsstaat goed is en vernieuwing nog ver weg, is het onderzoeken van kansen voor verdere verduurzaming en verlagen van energieverbruik nu zinvol. Denk aan vervanging van diverse installaties zoals cv’s, warmtepomp en luchtbehandelingskast en LED. Dit verdient een nadere verkenning, waarvoor het schoolbestuur verantwoordelijk is. Gemeente kan indien gewenst een faciliterende rol hierbij spelen. Ruimte voor kinderopvang en beweegaanbod zijn in of nabij de school gelegen en kwalitatief op orde. →Planontwikkeling: Verduurzamen
3
De Achtbaan
QuickScan Bouwjaar 2008 bvo Onderwijs [m2] 1.841
Leerlingenprognose Ruimtebehoefte Onderwijs [m2] Tekort/overschot Onderwijs [m2]
2026 2030 2034 2038 287 331 364 362 1.644 1.865 2.031 2.021 197 -24 -190 -180
Figuur 6 Locatie- en gebouwinformatie De Achtbaan te Melick Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 20 van 32
5.8. St. Odiliënberg De school heeft in 2018 een volledige renovatie gehad en is in de basis toekomstbestendig. Eventuele verduurzamingsmaatregelen zijn mogelijk om het energieverbruik verder terug te dringen. Onder andere vervanging door energiezuinigere installaties, zoals een warmtepomp. Het leerlingenaantal groeit gestaag. Deze groei kan vooralsnog opgevangen worden binnen de beschikbare ruimte in de school. →Planontwikkeling: In stand houden
4
t Kempke
QuickScan Bouwjaar 2018 bvo Onderwijs [m2] 1.366
Leerlingenprognose Ruimtebehoefte Onderwijs [m2] Tekort/overschot Onderwijs [m2]
2026 2030 2034 2038 178 197 219 220 1.095 1.191 1.302 1.307 271 175 64 59
Figuur 7 Locatie- en gebouwinformatie ’t Kempke te St. Odiliënberg Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 21 van 32
5.9. Vlodrop In 2025 heeft gemeente een multifunctionele accommodatie gerealiseerd en de basisschool is een van de gebruikers, naast sport en kinderopvang. Door verdere groei van het leerlingenaantal zal het bouwdeel dat voor de basisschool bestempeld is te klein zijn. Gemeente en schoolbestuur willen de leerlingengroei nauwlettend monitoren en de mogelijkheden voor toekomstige uitbreiding verkennen in de komende jaren. →Planontwikkeling: In stand houden
5
De Springplank
QuickScan Bouwjaar 2025 bvo Onderwijs [m2] 796
Leerlingenprognose Ruimtebehoefte Onderwijs [m2] Tekort/overschot Onderwijs [m2]
2025 2029 2033 2037 122 814 -18
129 849 -53
139 899 -103
141 909 -113
*De capaciteit van De Springplank is bestuurlijk op 150 leerlingen vastgesteld. Figuur 8 Locatie- en gebouwinformatie De Springplank te Vlodrop Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 22 van 32
5.10. Posterholt Basisschool de Draaiende wieken zal per schooljaar 2026-2027 zich vestigen op een nieuwbouwlocatie onder de nieuwe naam: De Mezenhof. Oplevering van de nieuwbouw is in de zomer 2026 gepland. De leerlingenprognose toont in Posterholt een stevige groei de komende 15 jaar. Het is de verwachting dat op termijn De Mezenhof uitgebreid dient te worden. Bij het ontwerp van de nieuwbouw is rekening gehouden met het kunnen uitbreiden van het gebouw met 2 klaslokalen. →Planontwikkeling: In stand houden
6
De Mezenhof
QuickScan Bouwjaar 2026 bvo Onderwijs [m2] 1.591
Leerlingenprognose Ruimtebehoefte Onderwijs [m2] Tekort/overschot Onderwijs [m2]
2026 2030 2034 2038 256 271 289 317 1.488 1.563 1.654 1.795 103 28 -63 -204
Figuur 9 Locatie- en gebouwinformatie De Mezenhof te Posterholt Referentie: P2000431-0003.0.3.
Pagina 23 van 32
5.11. Overzicht scenario’s Op basis van de inzichten uit de vorige paragrafen is een prioritering opgesteld. In de prioritering wordt onderscheid gemaakt tussen de termijn 0-4 jaar en termijn 4-16 jaar. In de termijn 0-4 jaar staan de urgente projecten, waarvan de budgetten in de meerjarenbegroting zullen landen. Voor de projecten in de termijn 4-16 jaar geldt dat deze bij de herijking van het IHP nader gespecificeerd worden. In de gemeente Roerdalen vertaalt zich dit naar: Termijn 0-4 jaar • Vervangende nieuwbouw / renovatie De Hovenier (Montfort)
hoeveel ruimte voor kinderopvang benodigd is en wat de vereiste investering is. Indien de gemeente voorfinanciering verstrekt, geldt dat er een marktconforme huurovereenkomst gesloten moet worden, die voldoet aan de wettelijke bepalingen6.
5.14. Samenwerking bibliotheek Roerdalen bij scenario’s Voor de scholen van het primair onderwijs in de gemeente Roerdalen is de samenwerking met de bibliotheek van groot belang. Dit belang wordt eveneens door de gemeente Roerdalen erkend. In dit IHP is geen aanvullend ruimtegebruik voor de bibliotheek opgenomen. Echter is het de nadrukkelijke wens van de scholen om bij toekomstige invulling van ruimten, ook ruimte voor een bibliotheek te realiseren.
Termijn 4-16 jaar • Afhankelijk van de leerlingenontwikkelingen en de verwachte leerlingenprognose verwachten we dat bij enkele scholen mogelijk een uitbreiding nodig is. Dit betreffen de scholen: De Springplank (Vlodrop), De Achtbaan (Melick) en De Mezenhof (Posterholt) • Bij de volgende herijking van het IHP (2030) is er meer zicht op deze ontwikkelingen en de aanpak van eventuele knelpunten in de capaciteit.
5.12. Tijdelijke huisvesting Bij een haalbaarheidsonderzoek is tijdelijke huisvesting een van de onderdelen die onderzocht moet worden. Indien tijdelijke huisvesting benodigd is wordt uitvoerig bekeken op welke wijze dit efficiënt in kan worden gevuld. Het kan zijn dat er elders tijdelijke capaciteit beschikbaar is, of dat er (bijvoorbeeld) units geplaatst moeten worden.