CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2.3.9 Quickscan flora en fauna

Gemeenteraad 3 juli 2024, gemeente RoerdalenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan 'Paarloweg 3 Sint Odiliënberg'11.734 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

zeggenkorfslak (moerassen).

4.7.2

Verrichte waarnemingen en Toets Wet natuurbescherming

Soort Beekrombout

Waarnemingen tijdens veldbezoek 28 maart 2023 in de plangebied • Er zijn geen individuen waargenomen van de beekrombout. • In het plangebied zijn geen beken of rivieren aanwezig.

Toets Wet natuurbescherming (Wnb) • Negatieve effecten op het functioneel leefgebied van de soort zijn uitgesloten. • Een overtreding op de verbodsbepalingen Wnb artikel 3.10 is niet aan de orde. • Er is geen nader onderzoek naar de beekrombout nodig.

Página 31 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

Gaffellibel

• Er zijn geen individuen waargenomen van de gaffellibel. • In het plangebied zijn geen beken of rivieren aanwezig.

• negatieve effecten op het functioneel leefgebied van de soort zijn uitgesloten; • een overtreding op de verbodsbepalingen Wnb artikel 3.10 is niet aan de orde; • een nader onderzoek naar de gaffelibel is niet nodig.

Vermiljoenkever

• De soort is tijdens het veldbezoek niet waargenomen. • Er is in het plangebied geen vochtige bos aanwezig.

• De aanwezigheid van de vermiljoenkever kan op voorhand worden uitgesloten. • Er treedt geen negatief effect op het functioneel leefgebied van de soort noch een overtreding Wnb artikel 3.5. • Er is geen nader onderzoek naar de vermiljoenkever nodig.

Overige soorten

• Er zijn geen waarnemingen verricht van de in paragraaf 4.7.1.4 genoemde soorten. • Door het ontbreken van beken, kalkgraslanden, schraalgraslanden, iepen, venen, vochtig en nat bos en sleedoornstruweel is er geen habitat van de genoemde soorten.

• De aanwezigheid van functioneel leefgebied in het plangebied van beschermde ongewervelden is uitgesloten. • De geplande werkzaamheden veroorzaken geen negatieve effecten noch een overtreding Wnb artikelen 3.5 en 3.10. • De uitvoer van een vervolgonderzoek naar het gebruik van het plangebied door de in paragraaf 4.7.1.4 genoemde soorten is niet nodig.

Página 32 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

4.8 4.8.1

PLANTEN Literatuur

4.8.1.1 Glad biggenkruid Glad biggenkruid komt met name voor ter plaatse van kalkarme graanakkers. Ook in voedselarme bermen met een pioniersvegetatie op zandgrond en in de duinen kan de soort groeien. De soort is zeldzaam tot zeer zeldzaam in het oosten en midden van het land en in de duinen. Volgens de literatuur heeft de soort ten zuiden van het plangebied een groeiplaats langs de Dassenratherveldweg. 4.8.1.2 Ruw parelzaad Ruw parelzaad heeft een voorkeur voor kalkrijke akkers. De plant is zeldzaam in Zuid-Limburg, zeer zeldzaam in het rivierengebied, in het oosten van ons land en in de Hollandse duinen. De zeer sterke achteruitgang is enerzijds te danken het verminderen van het akkerareaal en anderzijds aan het veel intensiever gebruik daarvan. Een groeiplaats van de soort is vanuit de literatuur bekend langs de Dassenratherveldweg. 4.8.1.3 Overige soorten De aanwezigheid van andere wettelijk beschermde plantensoorten moet op grond van hun ecologie (specifieke habitats als kalkgraslanden, bossen, extensief gebruikte akkers, venen) en verspreiding (zeer zeldzaam of buiten Limburg) uitgesloten worden geacht.

4.8.2

Verrichte waarnemingen en Toets Wet natuurbescherming

Soort

Waarnemingen tijdens veldbezoek 28 maart 2023 in de plangebied

Toets Wet natuurbescherming (Wnb)

Glad biggenkruid

• Er zijn geen individuen waargenomen van het glad biggenkruid. • In het plangebied zijn geen akkers, voedselarme wegbermen of duinen aanwezig.

• Negatieve effecten op het functioneel leefgebied van de soort zijn uitgesloten. • Een overtreding op de verbodsbepalingen Wnb artikel 3.10 is niet aan de orde. • Er is geen nader onderzoek naar het glad biggenkruid nodig.

Ruw parelzaad

• Er zijn geen individuen waargenomen van het ruw parelzaad. • In het plangebied zijn geen kalkrijke akkers aanwezig.

• Negatieve effecten op het functioneel leefgebied van de soort zijn uitgesloten. • Een overtreding op de verbodsbepalingen Wnb

Página 33 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

artikel 3.10 is niet aan de orde. • Een nader onderzoek naar het ruw parelzaad is niet nodig. Overige soorten

• Er zijn geen waarnemingen verricht van beschermde plantensoorten. • Door het ontbreken van de in paragraaf 4.8.1.3. genoemde specifieke habitats is er geen habitat van beschermde soorten.

• De aanwezigheid van functioneel leefgebied in het plangebied van beschermde planten is uitgesloten. • De geplande werkzaamheden veroorzaken geen negatieve effecten noch een overtreding Wnb artikelen 3.5 en 3.10. • De uitvoer van een vervolgonderzoek naar groeiplaatsen van beschermde soorten in het plangebied is niet nodig.

Página 34 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

5.

CONCLUSIE

Soort Bever Das Rode eekhoorn Steenmarter Wild zwijn Overige zoogdiersoorten Gewone dwergvleermuis Laatvlieger Rosse vleermuis Ruige dwergvleermuis Bijeneter Boerenzwaluw Boomvalk Bosuil Grote gele kwikstaart Huismus Rode wouw Steenuil Torenvalk Overige vogelsoorten nest jaarrond beschermd Vogelsoorten nest beschermd in broedseizoen Alpenwatersalamander Hazelworm Herpetofauna overig Elrits Vissen overig Beekrombout Gaffellibel Vermiljoenkever Ongewervelden overig Planten

Overtreding Wnb

Nader onderzoek

Nee Nee Ja (Artikel 3.10) Nee* Nee Nee bij werkzaamheden 15 augustus tot en met februari ** Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee

Nee

bij werkzaamheden september - februari** Nee Nee Nee Nee bij werkzaamheden juli - september** Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee Nee

Schema 5.1 overzicht van de resultaten veldbezoek en de gevolgen voor het project inzake de Wet natuurbescherming. * : een nader onderzoek is niet nodig, omdat voldoende informatie is vergaard over de aanwezigheid van de das. ** : wanneer de werkzaamheden starten buiten deze data, moet u een nader onderzoek naar de betreffende soort of soortgroep uitvoeren.

Página 35 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

Op basis van het literatuuronderzoek en het veldbezoek uitgevoerd op 28 maart 2023 in relatie tot de werkzaamheden, worden de in paragraaf 1.2 genoemde onderzoeksvragen in de navolgende paragrafen beantwoord.

5.1 5.1.1

FLORA EN FAUNA JAARROND BESCHERMD Das

Er is functioneel leefgebied aanwezig van de das bestaande uit een burcht, wissels, primair leefgebied (grasland) en secundair leefgebied (braakliggend terrein). De werkzaamheden veroorzaken (mogelijk) een negatief effect op het functioneel leefgebied van de das. Een aanvraag om een ontheffing Wet natuurbescherming (Wnb artikel 3.10 en verlening van die ontheffing moet plaatsvinden vóórdat met de uitvoering van de feitelijke werkzaamheden een aanvang wordt gemaakt.

5.1.2

Overige flora en fauna

Wanneer conform het landschapsplan geen bomen worden gekapt en ook geen nieuwe lichtbronnen buiten de gebouwen worden geplaatst, zullen geen overtredingen Wet natuurbescherming gaan optreden met betrekking tot de overige flora en fauna waarvan het functioneel leefgebied jaarrond is beschermd.

5.2

FLORA EN FAUNA NIET JAARROND BESCHERMD

Er is potentieel functioneel leefgebied aanwezig van de steenmarter, de hazelworm en diverse broedvogels waarvan het nest is beschermd tijdens het broedseizoen (maart- augustus). De werkzaamheden veroorzaken een negatief effect op deze soorten. Dat betekent conform de Wet natuurbescherming (Wnb) het volgende:

5.2.1

Steenmarter

De vrijstellingsperiode Wnb van de steenmarter is in de periode 15 augustus tot en met februari (zie schema 5.2 en bijlage 8). Vindt de verwijdering van de begroeiing plaats buiten deze periode, dan is er een risico op het overtreden van verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) artikel 3.10. In dat geval is een nader onderzoek naar de aanwezigheid van functioneel leefgebied van de steenmarter nodig. Wanneer de soort wordt vastgesteld, dan is een ontheffing Wnb nodig voor deze soort.

5.2.2

Hazelworm

De vrijstellingsperiode Wnb van de hazelworm is in de periode juli tot en met september (zie schema 5.2 en bijlage 8). Vindt de verwijdering van de begroeiing plaats buiten de vrijstellingsperiode, dan is er een risico op het overtreden van verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) artikel 3.10. In dat geval is een nader onderzoek naar de aanwezigheid van functioneel leefgebied van de hazelworm nodig. Wanneer de soort wordt vastgesteld, dan is een ontheffing Wnb nodig voor deze soort.

Página 36 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

5.2.3

Vogelsoorten nest beschermd in broedseizoen

De vrijstellingsperiode voor het verstoren of vernielen van nesten is in de periode september – februari. Vindt een bomenkap plaats tijdens het broedseizoen (maart tot en met augustus), dan is er een risico op het overtreden van verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming (Wnb) artikel 3.1. In dat geval is een check naar de aanwezigheid van bezette nesten broedvogels nodig. Indien uit deze check blijkt dat gebruikte vogelnesten zullen worden verstoord, moet met de kap worden gewacht totdat de vogels zijn uitgebroed.

Schema 5.2 Overzicht van de vrijstellingsperiodes Wet natuurbescherming. Bij de vrijstellingsperiode gaat het om de periode waarin de werkzaamheden kunnen worden gestart en de vegetatie wordt verwijderd; dan vinden de verstoringen plaats. Als eenmaal is gestart in die periode dan kun je daarna doorwerken.

Página 37 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

6.

VERVOLGTRAJECT

6.1

NADER ONDERZOEK

Het advies is om de verstorende werkzaamheden zoals verwijdering van de begroeiing, uit te voeren in de overlapping van de vrijstellingsperiodes in de maand september, zie schema 5.2. Als dat niet mogelijk is, dan is een nader onderzoek naar de steenmarter en/of de hazelworm aan de orde. Dit onderzoek ziet er als volgt uit: • Steenmarter: plaatsing cameravallen (kan gehele jaar door), eenmalige controle camerabeelden en ophalen cameravallen (die bezoeken); • Hazelworm: het neerleggen van platen die tijdens vijf veldbezoeken worden gecheckt in de periode april tot met september.

6.2

AANVRAAG ONTHEFFING

Er is een ontheffing Wnb artikel 3.10 lid 1b nodig voor de das. Dat betekent dat deze aangevraagd moet worden met een activiteitenplan. Hierin staat: • alternatieven afweging; • maatschappelijk belang; • welke effecten optreden ten aanzien van de das en zijn burcht en de rest van zijn leefgebied; • welke maatregelen worden genomen om schade te voorkomen of te verminderen, denk hierbij aan: ➢ werken in de minst schadelijke periode van de das; ➢ werkzaamheden zo veel mogelijk faseren in tijd en ruimte. Te denken valt om de aanleg van de moestuin, aanleg poel of aanplant van bomen en struiken als eerste uit te voeren, omdat dit een positief effect heeft op de functionaliteit van de dassenburcht; ➢ indien van toepassing; geen werkzaamheden tussen zonsondergang en zonsopkomst uitvoeren binnen een straal van 20 meter van de dichtstbijzijnde toegang tot een dassenburcht; ➢ indien van toepassing; geen werkzaamheden met grondberijdende voertuigen en machines binnen een straal van 20 meter van de dichtstbijzijnde toegang tot een dassenburcht; ➢ Verbeteren habitat in bestaand leefgebied, zoals:  het aanleggen van extra lijnvormige beplantingen;  het aanleggen van (hoogstam)boomgaarden;  maatregelen nemen die zich richten op het bevorderen van de regenwormenstand zoals : beweiding door koeien, opbrengen van ruige stalmest en zorg dragen dat gras niet hoger is dan 5 centimeter rondom de

dassenburcht, zodat de dassen voldoende regenwormen kunnen vangen.

Página 38 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

Voor een ontheffing soortenbescherming geldt een beslistermijn van ca. 20 weken. Verwacht wordt dat in de ontheffing Wnb onder meer de volgende voorwaardes zullen worden vermeld: • Een ecologisch werkplan moet worden opgesteld. Dit is een uitwerking van een activiteitenplan en de specifieke voorwaarden zoals genoemd in de verleende ontheffing. • Hetgeen opgenomen in dit ecologisch werkplan dient te worden uitgevoerd; dit is de ecologische begeleiding welke wordt uitgevoerd door een deskundige (ecoloog). In de praktijk is dit onder andere de instructie en controle van de door de aannemer uit te voeren maatregelen. • Als voorschrift in de ontheffing Wnb kan een plicht tot monitoring van het functioneren van de aangebrachte voorzieningen aan de orde zijn.

Página 39 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

7.

LITERATUUR

Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV, 26 april 2023. Bestemmingsplan- onderdeel Toelichting - Paarloweg 3 Sint Odiliënberg Gemeente Roerdalen, Ubachsberg Nederland: Aelmans Ruimte, Omgeving & Milieu BV. BIJ12, 2017. Kennisdocument Das Meles meles. Versie 1.0 . Utrecht, Nederland: BIJ12. Broekhuizen, S., K. Spoelstra, J.B.M. Thissen, K.J. Canters & J.C. Buys (redactie), 2016. Atlas van de Nederlandse zoogdieren. Natuur in Nederland 12. Leiden, Nederland Naturalis Biodiversity Center & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden. Buggenum, van, H.J.M., Geraerds, R.P.G. & Lenders A.J.W. (red.). (2009). Reptielen en amfibieën van Limburg. Verspreiding en ecologie van amfibieën en reptielen in de periode 1980-2008. Maastricht, Nederland: Stichting Natuurpublicaties Limburg. Huizenga, C. et al., 2010. Zoogdieren van Limburg. Verspreiding en ecologie in de periode 1980-2007. Maastricht, Nederland. Stichting Natuurpublicaties Limburg. Hustings, F. et al, 2006. Avifauna van Limburg. Maastricht, Nederland: Stichting Natuurpublicaties Limburg. Kaper, A., Muskens, G., 2006. Steenmarters in en om het huis. Roosendaal, Nederland: Stichting Landschapsbeheer Gelderland. Provincie Limburg. Beleidsregels ten behoeve van de passieve soortenbescherming onder de Wnb in Limburg, Provinciaal Blad Nr. 5634 (6 december 2017). Limburg. Provincie Limburg.

Wijzigingsverordening Hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014. Provinciaal Blad Nr. 1845 (25 april 2017). Limburg. Jagurdzija BSc E. (Ermin), 25 mei 2023. Toelichting landschapsplan Paarloweg 3 Sint Odiliënberg Gemeente Roerdalen. Nijmegen, Nederland, Pouderoyen en Tonnaer

Página 40 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

Websites National Databank Flora en Fauna (2012 - 2022). Natuurgegevens NDFF. Geraadpleegd 27 maart 2023, van www.ndff-ecogrid.nl. https://www.netwerkgroenebureaus.nl/ Provincie Limburg. Kaarten en cijfers. Atlas Limburg. kaart van St Odiliënberg. Geraadpleegd 31 maart 2023 van https://portal.prvlimburg.nl/viewer/app/default

Página 41 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

8.

BIJLAGE 1 KADER WET NATUURBESCHERMING

8.1 8.1.1

ONDERDEEL SOORTENBESCHERMING LANDELIJK Algemeen

Soortenbescherming is altijd aan de orde. Hiervoor is de Wet natuurbescherming bepalend. De Wet natuurbescherming is gericht op het duurzaam in stand houden van natuurlijke habitats en wilde flora en fauna in hun natuurlijke leefomgeving. Deze wet heeft de beschermingsregels, zoals die ook in de Europese Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn zijn opgenomen, overgenomen en voor de Nederlandse situatie toegepast. Deze bescherming is, afhankelijk van het beschermingsregime, in de Wet Natuurbescherming opgenomen zoals is omschreven in de paragrafen 6.1.2 t/m 6.1.5.

8.1.2

Vogelrichtlijn

Soorten van de Vogelrichtlijn: Dit betreffen alle vogelsoorten die in Nederland als broedvogel, standvogel, wintergast of doortrekker aanwezig kunnen zijn, met uitzondering van exoten en verwilderde soorten, zoals bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn: • Artikel 3.1 lid 1: Het is verboden in het wild levende vogels opzettelijk te doden of te vangen. • Artikel 3.1 lid 2: Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen. • Artikel 3.1 lid 3: Het is verboden eieren te rapen en deze onder zich te hebben. • Artikel 3.1 lid 4 en 5: Het is verboden vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.

8.1.3

Habitatrichtlijn, Bern bijlage II, Bonn bijlage I

Dit zijn alle soorten in onderdeel A van bijlage IV van de Habitatrichtlijn inclusief bijlage II van het Verdrag van Bern en bijlage I van het Verdrag van Bonn, voor zover hun natuurlijke verspreidingsgebied zich in Nederland bevindt. In de bijlagen van de Verdragen van Bern en Bonn worden ook vogels genoemd: • Artikel 3.5 lid 1: Het is verboden soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen. • Artikel 3.5 lid 2: Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren. • Artikel 3.5 lid 3: Het is verboden eieren van dieren in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen. • Artikel 3.5 lid 4: Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen. • Artikel 3.5 lid 5: Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Página 42 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

8.1.4

Nationaal beschermde soorten

Dit zijn soorten die genoemd zijn in bijlage A van de Wet natuurbescherming. Het betreft hier de bescherming van zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen, kevers en vaatplanten voorkomend in Nederland. • Artikel 3.10 lid 1a: Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen. • Artikel 3.10 lid 1b: Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te vernielen. • Artikel 3.10 lid 1c: Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Een project kan in strijd zijn met de Wet natuurbescherming wanneer een ruimtelijke ingreep direct of indirect leidt tot het aantasten van verblijf- en/of rustplaatsen van de aangewezen, niet vrijgestelde beschermde soorten of hun leefgebied. Afhankelijk van de ingreep en de soort kan dan een ontheffing noodzakelijk zijn. Ontheffingen worden slechts verleend wanneer er geen andere bevredigende oplossing voor de ingreep bestaat, de ingreep vanwege een in de wet genoemd belang dient plaats te vinden en de gunstige staat van instandhouding van de soort niet in gevaar komt. Vaak worden hierbij mitigerende en compenserende maatregelen gevraagd.

8.1.5

Wettelijke belangen

Om een ontheffing te krijgen voor soorten van de Vogelrichtlijn moet worden voldaan aan een van de volgende belangen: • Wanneer de volksgezondheid en/of de openbare veiligheid in het geding is. • Wanneer de veiligheid van het luchtverkeer in het geding is. • Ter bescherming van flora en fauna. Voor nationaal beschermde soorten geldt: • Er is sprake van een bij de wet genoemd belang. Zorgplicht Voor alle aanwezige soorten geldt volgens de Wet natuurbescherming altijd de zorgplicht (artikel 1.11). De zorgplicht schrijft voor dat we nadelige gevolgen voor inheemse planten en dieren moeten voorkomen – of ze nu beschermd zijn of niet – en zorgvuldig met onze omgeving om moeten gaan. Deze zorgplicht geldt voor iedereen.

8.2

ONDERDEEL SOORTENBESCHERMING LIMBURGSE INVULLING

De provincie Limburg heeft beleidsregels opgesteld in het document Beleidsregels ten behoeve van de passieve soortenbescherming onder de Wnb in Limburg (6 december 2017, Limburg) voor soorten die beschermd zijn binnen de Vogelrichtlijn of bijlage onderdeel A bij de Wnb, te weten: • De broedvogels zijn ingedeeld in de categorieën 1 t/m 4: ➢ Hiervan is het nest van de vogelsoorten horende tot de categorieën 1 t/m 3 jaarrond beschermd (zie schema 7.1); ➢ Categorie 4 zijn de nesten van plaats trouwe vogels die over voldoende flexibiliteit beschikken om zich elders te vestigen indien de nestplaats

Página 43 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

verloren gaat, maar dusdanig kwetsbaar zijn dat de functionaliteit niet in het geding mag komen. • Voor soorten in bijlage onderdeel A bij de Wnb geldt de Omgevingsverordening Limburg 2014 bijlage III bij paragraaf 3.8 “Vrijstelling dieren bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud” zijn soorten opgenomen waarvoor in Limburg een (gedeeltelijke) vrijstelling geldt (zie schema 7.2). • Artikelen 4.3 en 4.4 lid 2: Soms is het voor de ontwikkeling erg moeilijk om een aanvullend onderzoek uit te voeren. Bijvoorbeeld als gezien de doorlooptijd die dit met zich mee brengt een toegekende subsidie komt te vervallen of veiligheidsaspecten er aan in de weg staan. In dergelijke omstandigheden zijn GS van mening dat er sprake is van een dermate uitzonderingssituatie dat de initiatiefnemer een ontheffingsaanvraag kan doen alsof de mogelijk aanwezige soorten daadwerkelijk aanwezig zijn. De initiatiefnemer moet in zo’n geval een aanpak overleggen waaruit blijkt voor welke soorten hij deze aanpak volgt, wat de maximaal verwachte dichtheden van de soorten zijn en welke maatregelen uitgevoerd gaan worden. Nederlandse naam

Categorie vaste nesten

Boerenzwaluw

2

Boomvalk

3

Bosuil

2

Gierzwaluw

2

Grote gele kwikstaart

2

Havik

3

Huismus

2

Huiszwaluw

2

Kerkuil

1

Oehoe

1

Ooievaar

2

Ransuil

3

Raaf

3

Rode wouw

3

Roek

1

Slechtvalk

2

Steenuil

1

Torenvalk

3

Wespendief

3

Zwarte wouw

3

Schema 8.1 jaarrond beschermde vogelnesten Wnb Beleidsregels Passieve Soortenbescherming.

Página 44 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

Nederlandse naam

Periode vrijstelling

Aardmuis Bosmuis

gehele jaar gehele jaar

Bunzing

gehele jaar

Bruine kikker

gehele jaar

Dwergmuis

gehele jaar

Dwergspitsmuis

gehele jaar

Eekhoorn Egel

maart- april en juli tot en met november gehele jaar

Gewone bosspitsmuis

gehele jaar

Gewone pad

gehele jaar

Haas

gehele jaar

Hazelworm Hermelijn

juli, augustus en september gehele jaar

Huisspitsmuis

gehele jaar

Kleine watersalamander

gehele jaar

Konijn

gehele jaar

Levendbarende hagedis Meerkikker

15 augustus tot en met 15 oktober gehele jaar

Middelste groene kikker

gehele jaar

Ondergrondse woelmuis

gehele jaar

Ree

gehele jaar

Rosse woelmuis

gehele jaar

Steenmarter Tweekleurige bosspitsmuis

15 augustus tot en met februari gehele jaar

Veldmuis

gehele jaar

Vos

gehele jaar

Wezel

gehele jaar

Woelrat

gehele jaar

Schema 8.2 Vrijgestelde soorten provincie Limburg bij ruimtelijke ontwikkeling en bestendig beheer of onderhoud volgens de Omgevingsverordening Limburg 2014.

Página 45 van 45 23RQ009 - Quickscan flora en fauna Paarloweg 3 Sint Odiliënberg - V05

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=8b040b04-4793-446b-9c7f-c5f340bc7faf