CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2.2.1 Landschapppelijke inpassing

Gemeenteraad 3 juli 2024, gemeente RoerdalenBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan 'Paarloweg 3 Sint Odiliënberg'3.369 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rapportage

International Ladies Organisation

Toelichting landschapsplan Paarloweg 3 Sint Odiliënberg Gemeente Roerdalen

RAPPORTAGE Toelichting landschapsplan PAARLOWEG 3 SINT ODILIËNBERG

Projectnummer

: 040-066

Opsteller

:

Datum

: 25 mei 2023

Pouderoyen en Tonnaer zijn zelfstandige onderdelen van de Aelmans Adviesgroep St. Stevenskerkhof 2, 6511 VZ Nijmegen , T 024 – 322 45 79 KvK Nijmegen nr. 14066614 IBAN NL 29 RABO 0154 8198 75 BTW NL 81 04 81 996 B 01

2

INHOUD 1.

INLEIDING ..................................................................................................................................... 4

1.1. 1.2. 1.3.

Aanleiding ................................................................................................................................................... 4 Planlocatie .................................................................................................................................................. 4 Leeswijzer ................................................................................................................................................... 4

2.

RUIMTELIJKE CONTEXT .................................................................................................................. 5

2.1.

Context planlocatie..................................................................................................................................... 5 Natuurlijk fundament ..................................................................................................................................... 5 Gebruik en patroon in de tijd ......................................................................................................................... 6 Ruimte-massa huidige situatie ....................................................................................................................... 7 Kwaliteitskaart landschap............................................................................................................................... 8 2.2. Locatie ...................................................................................................................................................... 11 Groenwaarden ............................................................................................................................................. 11

3.

LANDSCHAPPELIJKE INPASSING ................................................................................................... 15

3.1. 3.2.

Uitgangspunten ........................................................................................................................................ 15 Toelichting ................................................................................................................................................ 16

4.

AANLEG & BEHEER ...................................................................................................................... 20

4.1. 4.2.

Sortimentstoelichting ............................................................................................................................... 20 Aanleg en beheer ..................................................................................................................................... 20

3

1.

INLEIDING

1.1. Aanleiding Aan de Paarloweg 3 te Sint Odiliënberg ligt nabij de rivier de Roer een akkerbouwbedrijf. Het perceel voor functiewijziging naar maatschappelijk is nu bestemd als agrarisch bouwvlak met natuur en landschapswaarde. Het planvoornemen dient gepaard te gaan met een goede ruimtelijke en landschappelijke inpassing. In het voorliggend document wordt het landschapsplan voor de locatie toegelicht in woord en beeld. Verder worden de voorgenomen maatregelen voor de benodigde kwaliteitsbijdrage beschreven en uitgewerkt conform het LKM/GKM.

1.2. Planlocatie De planlocatie ligt oostelijk van het “Bos Sint-Odiliënberg” en zuidelijk van de Roer. Het erf grenst aan het oosten aan het erf van het naastgelegen agrarisch bedrijf. De locatie ligt op circa 600 meter van de bebouwde kom van Sint-Odiliënberg. Navolgende luchtfoto illustreert de ligging van de planlocatie.

Planlocatie (luchtofo Pdok)

1.3. Leeswijzer Hierna wordt het landschapsplan voor de planlocatie toegelicht. Allereerst wordt de ruimtelijke context en het planvoornemen beschreven. Daarna volgt het planconcept en het landschapsplan, die toegelicht worden in woord en beeld. Ten slotte volgen de maatregelen voor de ruimtelijke kwaliteitsbijdrage.

4

2.

RUIMTELIJKE CONTEXT

2.1. Context planlocatie De planlocatie betreft een agrarische bedrijfslocatie in het buitengebied van de gemeente Sint Odiliënberg. Het omliggend landschap wordt hierna beschreven aan de hand van de kaartenreeks van ‘Landschapskader Noord- en Midden-Limburg’. Natuurlijk fundament

Op de kaart ‘Natuurlijk fundament’ is te zien dat de planlocatie op het terrasdeel ligt. Het gebied grenst aan het zuiden aan een dekzandrug en aan het noorden aan een beek- en rivierendal. In het plangebied is de overgang van het ‘hoge’ terras naar het lage beekdal zichtbaar in een steilrand (zie F op de kaart ‘Landschapsplan’). In het plan wordt deze overgang behouden en nieuwe betekenis gegeven als gradiënt van hoger gelegen bewaard cultuurgebied en laaggelegen natte natuurzone.

5

Gebruik en patroon in de tijd

De kaart van het ‘gebruik en patroon in de tijd’ laat zien dat het erf van de planlocatie deel uit maakt van de oude bouwlanden of velden. Om het erf liggen de weiden en akkers, en enkele bospercelen en een bosstrook. Deze afwisseling en mozaïek in het landschap is het uitgangspunt voor het landschapsplan.

6

Ruimte-massa huidige situatie

De kaart ‘Ruimte-massa huidige situatie’ illustreert het erf van de planlocatie en het aangrenzend agrarisch erf als een besloten omgeving van bebouwing. Daaromheen lig het halfopen landschap, waar open delen worden afgewisseld door verspreid liggende bebouwing en opgaand groen. Aan de flanken wordt het gebied omsloten door een bosperceel en een bosstrook. In aansluiting hierop, gaat het landschapsplan uit van een besloten en compact erf en versterking van het landschappelijk casco.

7

Kwaliteitskaart landschap

Het landschap wordt gekenmerkt door een afwisseling in landschapstypen. De planlocatie behoort tot het Mozaïek landschap en grenst aan het Bos in mozaïeklandschap. Aan het noorden grenst het gebied aan het beekdal landschap met daarin een “Bos in het dalenlandschap”. Het landschap is hierdoor gevarieerd en met name langs de Roer leveren de vele kleinschalige landschapselementen een aantrekkelijk beeld op. Als eerder aangegeven vormt behoud en versterking van het mozaïek het uitgangspunt voor dit plan.

8

Kwaliteitsimpuls landschap

Het wensbeeld voor het landschap ter plaatse van de planlocatie is het versterken van erfbeplanting en groenstructuren. Voornamelijk aan de dorpsranden en rondom de agrarische erven. Zeker op plaatsen zoals in het waardevolle beekdallandschap van de Roer is een goede landschappelijke inpassing van erven en bebouwing wenselijk. Daarnaast wordt in het gebied gestreefd naar de ontwikkeling van het beek- en rivierdallandschap rondom de Roer en de beken.

9

Goud, Zilver, Brons & Natte Natuurparel & Broedvogel

Het projectgebied bevindt zich in de provinciaal bepaalde Zilvergroene Natuurzone. Dit is een zone die voornamelijk bestaat uit agrarische gebieden met natuurwaarden. Aan de noordzijde grenst het gebied aan de goudgroene natuurzone waarop enkele locaties broedvogels voorkomen. Ook grenst het gebied hier aan een Natte Natuurparel. Dit zijn gebieden waarvan de Provincie Limburg het nodig acht om verdroogde gebieden door o.a. grondwaterdaling te herstellen. In aansluiting hierop, richt het landschapsplan zich op: -

10

Versterking van agrarische landschaps- en natuurwaarden op het hoge deel (Zilvergroen) Versterking van vochtige natuur met een meer robuust karakter in het lage gebied (Goudgroen)

2.2. Locatie

Groenwaarden In het plangebied zijn een achttal onderdelen die waarde hebben voor zowel de landschappelijke als de natuurlijke structuren. Deze zijn hieronder puntsgewijs toegelicht. A. Een omvangrijk bosperceel begrenst het plangebied aan de westzijde; B. de entree wordt geaccentueerd met laanbeplanting die buiten de erfgrens staan. De eerste twee bomen zijn forse beuken, de navolgende 18 bomen zijn sparren ; C.

enkele solitaire bomen op de perceelsgrens;

D. rijbeplanting ten oosten van het perceel bestaat uit een struweellaag met daarin boomvormers. E.

een bosschage als rugdekking;

F.

solitaire bomen verspreid op het erf;

G. steilrand ter scheiding van het droge gebied (zuid) en het natte gebied (noord); H. route volgens natuurschoonwet

11

Hieronder volgt een fotoreeks om een impressie te geven van het plangebied.

Het zicht vanuit het zuiden met op de achtergrond de Roer (2019)

Situatie in 2022

12

Het weiland ten noorden van de bestaande bebouwing tijdens hoogwater.

Entree met twee beuken aan de voorzijde gevolgd door sparren

13

Einde van het toegangspad. Links op de foto enkele solitaire loofbomen nabij de perceelsgrens.

Vogelvlucht van de planlocatie (2019). Met op het erf de solitaire bomen, ten oosten het struweel met boomvormers en in het noorden de bosschage voor rugdekking. De bebouwing op het erf is in de huidige situatie gesloopt.

14

3.

LANDSCHAPPELIJKE INPASSING

3.1. Uitgangspunten Uitgangspunten architectuur Voor het ontwerp van de bebouwing worden er principes uit de Vastu architectuur gehanteerd. De terreininrichting is opgezet door architect Christian Schweizer. De uitgangspunten hieronder komen van de website www.maharishivastu.org. Maharishi Vastu architectuur zorgt ervoor dat een gebouw of wijk een voedende, levensbevorderlijke en gezonde invloed op de bewoners heeft. Dit is het gevolg van het gebruik van verschillende belangrijke principes die gebaseerd zijn op natuurwetten. Vedische uitgangspunten: 1. Juiste orientatie: de oriëntatie van een gebouw heeft een grote en meetbare impact op de levenskwaliteit van de bewoners. De energie van de zon is het meest voedend wanneer de zon stijgt. Gebouwen op het oosten bieden de grootste voordelen voor de gezondheid en het succes van hun bewoners. 2. Juiste plaatsing van de kamers: Vastu gebouwen zijn zo ontworpen dat de verschillende activiteiten die we uitvoeren in de verschillende kamers van een huis zijn afgestemd op de juiste kwaliteit van de zon. Bijvoorbeeld slapen en rusten waar de zon ondergaat, eten en koken waar de zon in de middag het hoogst is. 3. Juiste verhouding: verhouding is een sleutel tot succesvol ontwerp in de natuur. De juiste proporties en afmeting (bijv.

gulden snede) in gebouwen versterken de verbinding van onze individuele intelligentie met kosmische intelligentie. 4. Natuurlijke en niet-giftige materialen en zonne-energie: een belangrijk onderdeel van Maharishi Vedische architectuur is duurzaam bouwen met natuurlijke, niet-giftige materialen die geschikt zijn voor de lokale klimatologische omstandigheden. Dit omvat het gebruik van materialen zoals hout, baksteen, evenals natuurlijke afwerkingen zoals klei, adobe, stucwerk, marmer, keramische tegels, natuurlijke vezels voor tapijten, gordijnen en meubels, en gezonde, natuurlijke, niet-giftige verven en lijmen. 5. Maharishi Vastu houdt ook rekening met andere belangrijke invloeden zoals: - De helling van het land - de vorm van het land - Gebouwen, heuvels etc die de opkomende zon belemmeren - De ligging van waterpartijen ten opzichte van het gebouw - de meest gunstige tijd om te bouwen

15

Uitgangspunten Landschap Voor de totstandkoming van het landschapsplan zijn er aan de hand van de analyse een aantal uitgangspunten geformuleerd. Deze uitgangspunten bieden een houvast voor het uiteindelijke ontwerp. 1. 2. 3. 4. 5.

Het verschil tussen droog en natte gebieden behouden en versterken; behouden en versterken van bestaande lijnstructuren; landschappelijke maatregelen rondom de bebouwing situeren; omgeving overwegend natuurlijk inrichten; aan de erfzijde voortborduren op de Vastu ontwerpprincipes.

3.2. Toelichting A. De enkele solitaire bomen worden aangevuld tot een bomenrij bestaande uit inheemse loofsoorten met daaronder 5 meter breed struweel. De bomen worden 4 strekkende meter van de perceelsgrens af aangeplant B. In beide vakken wordt er inheems struweel aangeplant, alleen is er een verschil in uitstraling aan de zijde van het erf en de zijde van het landschap. Aan de zijde van het erf wordt er regelmatig onderhoud gepleegd om het struweel geschoren te houden. Aan de zijde richting het landschap wordt er extensief onderhoud gepleegd en kan de beplanting ruiger en losser uitgroeien. Daarnaast zorgt het voor een inpassing bij het openbaar pad en creëert het afscherming nabij het erf. Daarbij ten noorden van het pad

16

(B*)wordt er een bomenrij aangeplant bestaande uit 6 lindes ter aanduiding van de perceelsgrens. Deze worden op 4 strekkende meter van de perceelsgrens af aangeplant. C.

Een oppervlakte van 2400 m2 biedt ruimte voor een moestuin. Dit als cultuurelement bij het erf en invulling van het agrarisch mozaïek. Op de grens met E wordt een bomenrij aangeplant als omkadering van de moestuin.

D. Dit gedeelte wordt ingezaaid met bloemrijk grasland voor drogere gronden met daarin een bomengroep. Er zal extensief worden begraasd of gehooid voor agrarisch natuurbeheer. Met deze invulling in combinatie met de moestuin wordt het beeld van het mozaïeklandschap versterkt. E.

Aanplant oude fruitrassen op de overgang van hoog naar laag (reeds opgenomen in landgoedplan);

F.

Dit gedeelte blijft zoals bestaand een grasland op natte grond. Er zal extensief worden begraasd of gehooid voor agrarisch natuurbeheer.

G. Het bestaande bosje wordt uitgebreid om de nieuwe bebouwing compleet van rugdekking te voorzien; H. Een grote poel ten behoeve van reptielen en amfibieën in de omgeving; I.

Qua parkeergelegenheid worden er 27 parkeerplaatsen gerealiseerd. 7 stuks in het zuiden en 20 stuks in het oosten. De parkeerplaatsen worden uitgevoerd in grindroosters, maar worden ingezaaid met gras. Dit zorgt voor stevige ondergrond voor parkeren en een dichte grasstructuur. Daarnaast worden er 6 lindes aangeplant aan de oostzijde van het parkeerterrein. Omdat er zeer beperkt geparkeerd wordt bij deze functie zal er zo een overwegend groen beeld ontstaan;

J.

Pad voor agrarisch gebruik en voor recreanten. Bestaande jonge boomaanplant gedeeltelijk verwijderen (3 meter) om zicht naar het landschap te creëren, ook struweel toevoegen aan de erfzijde ter privacy waarborging;

K.

Dit gedeelte wordt ingezaaid met bloemrijk grasland voor nattere gronden. Er zal extensief worden begraasd of gehooid voor agrarisch natuurbeheer.

In de gebiedsanalyse van Kragten (15-05-2021 Kenmerk:MVU004-0001) wordt voorgesteld om aanvullende beplanting op de zuidoostelijke grens toe te voegen. Om zo hoeve ’t Hemke in te passen en hiermee het zicht vanaf de Paarloweg te ontnemen. Het volledig beplanten van de zuidoostelijke grens is echter niet noodzakelijk voor een adequate landschappelijke inpassing. In het bovenstaande plan is het struweel (B) ingetekend tot de grens van de parkeerplaats. Hiermee wordt het zicht vanaf de Paarloweg op het nieuwe gebouw ontnomen. Een zicht op de hoek van het gebouw is enkel mogelijk vanaf de noordwestelijke hoek van perceel 1222. Daarnaast is het gedeelte zonder struweel zo geplaatst dat het vanaf de Paarloweg een zicht naar de poel en de Roer mogelijk is. In de ontwerptekening van Kragten (2021-1932 Situatietekening inrichting landgoed_221207) is over de gehele oostelijke grens struweel ingetekend. Dit is onwenselijke aangezien de variatie van open/gesloten ruimtes op het openbare pad verdwijnt. In de bovenstaande tekening heeft het pad een variatie van afscherming door beplanting. Ter hoogte van aanduiding ‘B’ is de noordzijde beplant en is het zicht open naar het zuiden. Vervolgens opent zich het zicht richting het noorden en de poel. Daarna, ter hoogte van aanduiding ‘J’ is het pad aan weerszijde beplant.

Dit geeft een gesloten belevenis die verder noordelijk overgaat in een open zicht naar het westen richting de poel, het grasland, en de Roer.

17

Compensatie Naast de landschappelijke inpassing dient er ook extra compensatie te worden gerealiseerd. Hierbij geldt dat iedere m2 erf gecompenseerd dient te worden met €1 en iedere m2 extra bebouwing met €25 voor een commerciële maatschappelijke functie. Dit bedrag kan gestort worden in het gemeentelijk fonds of kan worden ingezet voor versterking van landschap en natuur. In de bestaande situatie is het gebouwd oppervlak 1196 m2. Zie hieronder voor de samenstelling ’t Hemke: Schuurtje: Totaal:

925 m2 271 m2 1196 m2

In de nieuwe situatie bedraagt het bebouw oppervlak 1688m2. De samenstelling is als volgt: Hoofdgebouw: Bijgebouw noord: Bijgebouw zuid: Totaal:

1167 m2 700 m2 168 m2 2035 m2

Dit komt uit op een toename van 839 m2 en daarmee een benodigde compensatie van €20 975.

Het te bestemmen bouwvlak heeft een omvang van 10 131 m2 (totaalomvang). Minus 2035 m2 van het bebouwd oppervlak zorgt voor een resterend nieuw erf van 8096 m2. Aldus is €8096 compensatie vereist.

18

Samen met het bedrag van de bebouwing is het te compenseren bedrag in totaal €29 071 Voor het bepalen van de compensatie is het document “Aanleg Kwaliteitsgroen, kwaliteitsverbetering in het kader van het Limburgs Kwaliteitsmenu” gebruikt. Zie hieronder de kostentabel uit dit document.

De oppervlaktes in het ontwerp zijn als volgt. Bloemrijkgrasland excl. oppervlakte poel (K): Poel(H): Bloemrijkgrasland (D) : Totaal

7718 m2 800 m2 5106 m2

= € 44 967 = € 16 000 = € 33 189 = € 94 156

Hieruit kan geconcludeerd worden dat er ruimschoots wordt voldaan aan de kwaliteitsbijdrage zoals aangegeven in Kwaliteitskader Roerdalen (09 juli 2021).

19

4.

AANLEG & BEHEER

4.1. Sortimentstoelichting Voor de totstandkoming van het sortiment is er gekeken naar de geomorfologie. Op het hogere gedeelte zal in de PNV (potentiele natuurlijke vegetatie) zich een berken-eikenbos ontwikkelen. Het lagere gedeelte bestaat uit rivierklei en is voedselrijk. Hier zal zich in de PNV een Iepenrijk-Eikenessenbos ontwikkelen. Als uitgangspunt worden deze twee bostypen gekozen en bepalen zo de sortimentskeuze.

4.2. Aanleg en beheer Struweel De heesters worden geleverd met kale wortel en zijn 1+2 keer verplant. De heesters worden aangeplant met een dichtheid van 1 per vierkante Meter in groepen van 7. Dunning vindt plaatst zodra de beplanting in sluiting dreigt te komen. Afplantrij De randbeplanting van het struweel bestaat uit Prunus spinosa. Dit is een struik met een dichte takkenstructuur en zorgt zo voor extra afscherming vanaf het wandelpad. De sleedoorn wordt geleverd met de plantmaat zoals aangegeven op de beplantingslijst. Aanplant is 3 planten per strekkende meter; aanplant na 1 jaar terugzetten op de aangeleverde maximale hoogte (150cm, zie beplantingslijst). Daarna 2 maal per jaar scheren tot de hoogte van 3 meter is bereikt, vervolgens 1 maal per jaar scheren ter onderhoud. Eventuele uitval dient vervangen te worden in het voorjaar. Bomen De bomen worden aangeplant met een maat van 12-14, en geplant met een onderlinge afstand van 8 meter h.o.h. Tijdens de aanplant worden boompalen met boombanden aangebracht ten behoeve van een rechte stamgroei. Deze worden na 5 jaar verwijderd. De bomen worden jaarlijks gecontroleerd op afstervende takken. Het opkronen en begeleidingsnoei wordt uitgevoerd in de winterperiode. Bij eventuele uitval wordt de betreffende boom in het voorjaar vervangen. Poel Het onderhoud van de poel wordt uitgevoerd in het najaar.

Het wateroppervlak wordt opgeschoond als deze 50-70% is dichtgegroeid. Dit is ongeveer eens in de 4-7 jaar. Rondom de poel wordt in het kruidenrijkgrasland een bufferzone van 5 meter gehanteerd. Dit biedt fauna een rustplaats. De strook kan wel gefaseerd worden gemaaid in de periode van september tot half oktober. Opslag boven 1.5 meter wordt verwijderd. Het beheer van de poel wordt gegarandeerd door het op te nemen als een voorwaardelijke verplichting in het bestemmingsplan. Bloemrijkgrasland Er wordt extensief beheerd. In het begin twee maal per jaar maaien totdat de bloemen in meerderheid zijn ten opzichte van het gras. Vervolgens eenmaal per jaar maaien in juni/ juli of september. Maaisel enkele dagen laten liggen ter bevordering van zaad verspreiding. Vervolgens afharken en afvoeren.

20

Vak

Type

A

Bomen Rij Bosplantsoen

B*

Afplantrij Bomenrij

Afplantrij

Bomengroep

7 stk 368 m2 55 110 110 55 37

8 m1 h.o.h 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7

Zomereik Gewone lijsterbes Gewone vlier Amerikaans krentenboompje Wilde liguster Sleedoorn

Quercus robur Sorbus aucuparia Sambucus nigra Amelanchier lamarckii Ligustrum vulgare Prunus spinosa

12-14 80/120 80/120 80/120 80/120 80/120

drdkl 3xv blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2

339 m2 51 102 101 51 34 88 m1 264 6 stk

1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 3 per 1m1 8 m1 h.o.h

Gewone lijsterbes Gewone vlier Amerikaans krentenboompje Wilde liguster Sleedoorn Sleedoorn Winterlinde

Sorbus aucuparia Sambucus nigra Amelanchier lamarckii Ligustrum vulgare Prunus spinosa Prunus spinosa Tillia cordata

80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 120/150 12-14

blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 drdkl 3xv

1042 m2 157 313 312 156 104 72 m1 216

1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 3 per 1m1

Gewone lijsterbes Gewone vlier Amerikaans krentenboompje Wilde liguster Sleedoorn Sleedoorn

Sorbus aucuparia Sambucus nigra Amelanchier lamarckii Ligustrum vulgare Prunus spinosa Prunus spinosa

80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 120/150

blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2

7 stk

8 m1 h.o.h

Sterappel

Malus domestica 'Sterappel'

12-14

drdkl 3xv

3

nvt

Zomereik

Quercus robur

12-14

drdkl 3xv

8 stk

8 m1 h.o.h

Sterappel

Malus domestica 'Sterappel'

12-14

drdkl 3xv

1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 nvt

Gewone lijsterbes Gewone vlier Amerikaans krentenboompje Wilde liguster Sleedoorn Eenstijlige meidoorn Vuilboom Zomereik

Sorbus aucuparia Sambucus nigra Amelanchier lamarckii Ligustrum vulgare Prunus spinosa Crataeugus monogyna Rhamnus frangula Quercus robur

80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 12-14

blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 drdkl 3xv

6 m1 h.o.h

Winterlinde

Tillia cordata

12-14

drdkl 3xv

1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 1 p 1m2 groepen van 7 Zie kaart

Gewone lijsterbes Gewone vlier Amerikaans krentenboompje Wilde liguster Sleedoorn Zomereik

Sorbus aucuparia Sambucus nigra Amelanchier lamarckii Ligustrum vulgare Prunus spinosa Quercus robur

80/120 80/120 80/120 80/120 80/120 12-14

blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 blw, 1+2 drdkl 3xv

377 m2 47 71 71 47 48 47 46 3 stk

Bomen Bomenrij

J

Kwaliteit

Struweel Bosplantsoen

I

Afmeting

Bomen Rij

G

Latijnse naam

Bomen Bomengroep

E

Soort

Bomen Rij

D

Plantverband

Struweel Bosplantsoen

C

Aantal

Struweel Bosplantsoen

B

Afmeting

6 stk

Struweel Bosplantsoen

Solitaire boom

336 m2 67 67 67 67 68 1 stk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=d0a7860f-ed73-460d-98df-3d60c043a0b6