CConstaterende datRoerdalen
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Gemeenteraad 28 mei 2025, gemeente Roerdalen28.268 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

-20.709.000 20.709.000 0

0

0

19.665.000

20.709.000 0 0 0 20.709.000

0 -1.044.000 0 0 -1.044.000

-19.665.000

0

0

-19.665.000

-19.665.000

Begroting 2027 waarvan: incidenteel structureel

-18.978.000 18.978.000 0

0 0 0

0

18.238.000

18.978.000 0 0 0 18.978.000

0 -740.000 0 0 -740.000

-18.238.000

0

0

-18.238.000

-18.238.000

totaal

0 0 0

0 0

0

0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

-18.978.000 18.978.000 0

0

0

18.238.000

18.978.000 0 0 0 18.978.000

0 -740.000 0 0 -740.000

-18.238.000

0

0

-18.238.000

-18.238.000

Begroting 2028 waarvan: incidenteel structureel

-17.453.000 17.997.000 544.000

0 0 544.000

544.000

17.543.000

17.997.000 0 0 0 17.997.000

0 -454.000 0 0 -454.000

-16.999.000

0

0

-16.999.000

-16.999.000

totaal

0 0 0

0

0

0

0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0

0

0

0

0

-17.453.000 17.997.000 544.000

544.000

544.000

17.543.000

17.997.000 0 0 0 17.997.000

0 -454.000 0 0 -454.000

-16.999.000

0

0

-16.999.000

-16.999.000

Begroting 2029 waarvan: incidenteel structureel

4.1.5. Overzicht recapitulatie van het structureel en reëel evenwicht

20

4.2. Overig Overzicht gebruikte afkortingen BBV BuW Fte PW Wsw

-

Besluit Begroting en Verantwoording Beschut werk Fulltime equivalent Participatiewet Wet sociale werkvoorziening

21

gemeente roerdalen

Aan

College van Burgemeester en Wethouders Gemeente Roerdalen Postbus 6099 6077 ZH Sint Odiliënberg

uw kenmerk

ons kenmerk 2025/G013

contactpersoon Monique Heijnens

onderwerp Concept Begroting 2026 GR Westrom

datum 3-4-2025

telefoon 0475 - 447405

Geacht college, Op 3 april 2025 werd van het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Westrom de bijgevoegde concept Begroting 2026 ontvangen. Het Dagelijks Bestuur van de GR Westrom stelt de gemeenteraad in de gelegenheid eventuele zienswljzêln) uiterlijk op 9 juni 2025 kenbaar te maken. Het Dagelijks Bestuur zal vervolgens de kenbaar gemaakte zienswijze(n) beoordelen en ter besluitvorming aanbieden aan het Algemeen Bestuur. U wordt hierbij verzocht om ten aanzien van de voorliggende concept Begroting 2026 Westrom een inhoudelijk advies uit te brengen aan de gemeenteraad. De gemeenteraad is voornemens om deze concept Begroting 2026 Westrom te behandelen in de raadsadviescommissie van 6, 7 of 8 mei en de raadsvergadering van 28 mei aanstaande.

Met vriendelijke groet, De griffier,

/;;J --------

_y--o~/od~ M. Heijnens-Coenjaerts

Bijlage(n): - Aanbiedingsbrief 3 april 2025, GR Westrom - Concept Begroting 2026 Westrom

bezoekadres Schaapsweg 20, 6077 CG Sint Odiliënberg postadres Postbus 6099, 6077 ZH Sint Odiliënberg

telefoon 0475 538 888 e-mail info@roerdalen.nl website www_roerdalen.nl

gemeente roerdalen

Brief aan de gemeenteraad

zaaknummer 225-054714

uw kenmerk

contactpersoon Sandra Nijsten

onderwerp primaire begroting Westrom 2026

datum 29 april 2025

telefoon 0475 - 538 888

Geachte leden van de gemeenteraad, Op 4 april 2025 ontvingen wij van u het verzoek een advies af te geven over de primaire begroting Westrom 2026. Voorgestelde zienswijze Wij adviseren over primaire begroting Westrom 2026 geen zienswijze in te dienen. Toelichting begroting De Gemeenschappelijke Regeling (GR) Westrom is vanaf 2025 in gewijzigde vorm voortgezet. Op 20 november 2024 heeft het algemeen bestuur van GR Westrom definitief besloten tot de overdracht van de uitvoeringsorganisatie van Westrom aan de gemeente Roermond. Dit betekent dat de Gemeenschappelijke Regeling Westrom per 1 januari 2025 het Mensontwikkelbedrijf (MOB) van de gemeente Roermond ( Doon BV) aanwijst als uitvoerder van de aan haar opgedragen taak om de Wsw uit te voeren voor de 5 deelnemende gemeenten. Per 1 januari 2025 is de uitvoeringsorganisatie van de GR Westrom overgedragen aan Doon BV. De GR Westrom omvat per 1 januari 2025 enkel nog de dienstverbanden van de Wswmedewerkers. Dit brengt met zich mee dat de begroting van Westrom sterk vereenvoudigd is en enkel nog de loonkosten Wsw, de rijkssubsidie Wsw en de personeel gerelateerde kosten van de doelgroep Wsw in de concept begroting 2026 landen. (Meerjaren)begroting 2026: algemeen beeld.

De concept begroting 2026 is opgesteld conform de regels van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en bestaat uit drie onderdelen: een directieverslag, een bclcldsbcgroting, een financiële begroting en een bijlage met de gemeentelijke tabellen. In de begroting zijn ook een aantal verplichte paragrafen opgenomen. De voor de concept begroting 2026 gehanteerde uitgangspunten zijn: De realisatie van circa 464 fte's arbeidsovereenkomsten Wsw van de deelnemende gemeenten en de realisatie van circa 20 fte's Begeleid Werken;

Pagina 1 van 2

111111111111111111111111111 IIIIII IIII IIIIII IIII 111111111111111111

Ten behoeve van prognose prijspeil 2026, wordt een indexering gehanteerd van 1,5% voor prijspeil 2025 en 2,5% voor prijspeil 2026 op de loonkosten Wsw ten opzichte van 2024, waarbij het personeelsverloop gerelateerd wordt aan pensioen en 2% extra uitstroom; De te ontvangen Rijksbijdrage Wsw wordt begroot op basis van de Septembercirculaire 2024 eveneens geïndexeerd met resp. 1,5% en 2,5% ter compensatie van (verwachte) stijgingen loonkosten Wsw gedurende de jaren 2025 en 2026; Een DVD-bijdrage van de GR Westrom aan Doon is, op basis van het onderhandelingsakkoord en rekening houdend met de afgesproken indexatie (loonvoet sector overheid) van 4,7% (2025) en 2,0% (2026). Een gemeentelijke bijdrage van € 283.000 (2026) ter gedeeltelijke dekking van het exploitatietekort; Een gemeentelijke bijdrage van€ 530.000 voor de infrastructuur; De begroting 2026 alsmede de meerjarenbegroting is sluitend met in 2029 met een licht positief resultaat

Het effect op de begroting: Gemeentelijke bijdrage 2025-2029 Begroting Westrom Begroting Roerdalen Mutatie op begroting Roerdalen

BW2025 2026 2027 2028 2029 105.246 98.336 84.459 22.935 0 167.339 156.735 117.653 144.427 144.427 62.093 58.399 33.194 121.492 144.427 *

Groene bedragen hebben een positief effect op de begroting, rode bedragen hebben een negatief effect op de begroting.

Bovenstaande bedragen worden verwerkt in de Halfjaarrapportage 2025 en in de Kadernota 2026 en in de Meerjarenbegroting 2027-2029.

Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Roerdalen De secretaris, De burgemeester,

L.H.C. Bijl

Bijlage(n): e.c.:

Pagina 2

geen

GGGGGRIFFIE

GRIFFIE OPLEGVEL RAADSVOORSTEL Raadsvergadering:

28 mei 2025

Agendapunt:

8

Onderwerp:

GR BsGW – Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030

Commissiebehandeling Raadsadviescommissie:

6 mei 2025

Fracties afwezig bij commissiebehandeling:

n.v.t.

Advies commissie: 1. Onderwerp rijp voor behandeling in gemeenteraad

Ja

2. Wijze van agendering voor de raad

Hamerstuk

Inhoudelijk commissieadvies: Blijkens het raadsvoorstel stelt het raadspresidium de gemeenteraad voor: 1. Kennis te nemen van de Ontwerpbegroting 2026 van de GR Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen 2. Kennis te nemen van de Meerjarenraming 2027-2030 van de GR Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen De fracties van het CDA, Democraten Roerdalen, Ons Roerdalen, PvdA-GroenLinks en Roerstreek Lokaal! adviseren positief over het raadsvoorstel. Bijzonderheden (indien van toepassing): n.v.t.

Pagina 1

gemeente roerdalen Raadsvoorstel Onderwerp: Indiener agendapunt: Portefeuillehouder: Contactpersoon: Gevraagd besluit:

Gemeenschappelijke Regeling Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen. Raadspresidium J. Smits M. Heijnens-Coenjaerts (raadsgriffier) 1. Kennis te nemen van de Ontwerpbegroting 2026 van de GR BsGW 2. Kennis te nemen van de Meerjarenraming 2027-2030 van de GR BsGW

Bijlage(n):

• Aanbiedingsbrief Ontwerpbegroting 2026 en MJR 2027-2030 • Ontwerpbegroting BsGW 2026 en MJR 2027-2030 • Verzoek om inhoudelijk advies aan het college van Ben W Roerdalen 6 maart 2025

Bijlage(n) ter inzage:

Inleiding, aanleiding en doelstelling

De gemeente Roerdalen participeert in de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen. Bij brief van 27 februari 2025 heeft het Dagelijks Bestuur van de GR Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen de Ontwerpbegroting BsGW 2026 en Meerjarenraming 2027-2030 voorgelegd aan de gemeenteraad. Het Dagelijks Bestuur stelt daarbij uw gemeenteraad in de gelegenheid om een of meerdere zienswijze(n) ten aanzien van de Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030 kenbaar te maken. Verzocht wordt uiterlijk 31 mei 2025 aan het betreffende verzoek te voldoen, zodat het Algemeen Bestuur in haar vergadering van 26 juni 2025 hierover een besluit neemt. Alvorens de gemeenteraad besluit tot het al dan niet kenbaar maken van een of meerdere zienswijze(n) is het college van burgemeester en wethouders, bij brief van 6 maart 2025, verzocht om een inhoudelijk advies uit te brengen over de voorgelegde van de Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030.

Bevoegdheid

De onderhavige bevoegd- en verantwoordelijkheid om zienswijze(n) in te dienen vloeit voort uit de Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) en het bepaalde in artikel 23 van de GR Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen.

Reden besluit

Het besluit geeft invulling aan de wettelijke bevoegdheid om als gemeenteraad, ten aanzien van de voorgelegde Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030, aan het Algemeen Bestuur van de GR al dan niet zienswijzen kenbaar te maken.

Pagina 1

gemeente roerdalen Gevraagd besluit 1. Kennis te nemen van de Ontwerpbegroting 2026 van de GR BsGW 2. Kennis te nemen van de Meerjarenraming 2027-2030 van de GR BsGW

Het concept besluit zal mogelijk nog worden gecompleteerd met een of meerdere zienswijze(n), zo het college van burgemeester en wethouders de gemeenteraad daartoe adviseert.

Risico's

Indien u geen opmerkingen over de voorgelegde Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 20272030 heeft en het college van burgemeester en wethouders geen aanleiding ziet te adviseren een of meerdere zienswijze(n) kenbaar te maken, kunt u volstaan met kennis hiervan te nemen. Mocht u daarentegen het niet eens zijn met het bij de raadsbehandeling voorliggende concept besluit, dan kunt u middels het indienen van een amendement voorstellen om het voorliggende concept besluit te wijzigen.

Toelichting

De Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen is een van de gemeenschappelijke regelingen waaraan de gemeente Roerdalen deelneemt. Voor wat betreft de Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030 is in artikel 23 van de GR geregeld dat het Dagelijks Bestuur jaarlijks vóór 1 maart een ontwerpbegroting opstelt en deze vóór 31 mei, voordat zij aan het Algemeen Bestuur wordt aangeboden, toezendt aan de raden van de deelnemende gemeenten om eventuele zienswijze(n) kenbaar te maken. De gemeenteraad wordt verzocht om uiterlijk 31 mei 2025 eventuele zienswijze(n) kenbaar te maken. Het college van burgemeester en wethouders is bij brief van 6 maart 2025 verzocht om een advies uit te brengen over de Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030. Er wordt van uitgegaan dat het college in ieder geval vóór de raadsbehandeling van 28 mei 2025 een advies aan de raad zal afgegeven.

Middelen

Het onderhavige voorstel, in het kader van de zienswijzeprocedure, heeft als zodanig geen begrotingstechnische invloed. Het besluit van het Algemeen Bestuur van de GR BsGW over de Ontwerpbegroting 2026 en Meerjarenraming 2027-2030 kan dat daarentegen wel hebben. Uiteraard is dat afhankelijk van het door het Algemeen Bestuur te nemen besluit.

Planning en uitvoering

n.v.t.

Pagina 2

gemeente roerdalen Evaluatie

n.v.t.

Communicatie en participatie

n.v.t.

Sint Odiliënberg, 14 april 2025 Raadspresidium gemeente Roerdalen, De griffier,

Pagina 3

Raadsbesluit

Jaar 2025/05/28/08

Onderwerp: Kennis te nemen van de Ontwerpbegroting 2026 en de Meerjarenraming 2027-2030 De raad van de gemeente Roerdalen heeft, gezien het voorstel van het Raadspresidium van 12 mei 2025, gelet op de wet Gemeenschappelijke Regeling Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen, gelet op artikel 23 van de Gemeenschappelijke Regeling Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen, gelet op het advies van het college van burgemeester en wethouders van 15 april 2025 het volgende besluit genomen:

Besluit: 1. Kennis te nemen van de Ontwerpbegroting 2026 van de GR Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen 2. Kennis te nemen van de Meerjarenraming 2027-2030 van de GR Belasting samenwerking Gemeente en Waterschappen Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 28 mei 2025 De gemeenteraad van Roerdalen, De griffier,

De voorzitter,

mr. M. Heijnens-Coenjaerts

mr. M.D. de Boer-Beerta

Pagina 1 van 1

BsGW

Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen

Kerkeveldlaan 2 6042 JX Roermond Postbus 1275 6040 KG Roermond T: 088 8420 444 W: www.bsgw.nl KvK-nr.: 52426297

Aan het Algemeen Bestuur van het Waterschap Limburg en de raden van de in de GR BsGW deelnemende gemeenten

BS25.0211 1

Telefoonnummer: E-mail:

Staf/Control K. van Bergen 06-52861407 k.vanbergen@bsgw.nl

Ontwerpbegroting 2026 en -meerjarenraming 2027-2030

Datum:

27 februari 2025

Uw kenmerk:

Afdeling:

Uw brief van:

Behandeld door:

Ons kenmerk: Bijlage(n): Onderwerp:

Geacht bestuur, geachte raad,

Hierbij bieden wij u de ontwerpbegroting 2026 en -meerjarenraming Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) aan.

2027-2030

van

In haar vergadering van 20 februari 2025 heeft het Dagelijks Bestuur de begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2030 in ontwerp vastgesteld. Overeenkomstig artikel 23 van de GR BsGW ontvangen de raden van de in BsGW deelnemende gemeenten en het Algemene Bestuur van Waterschap Limburg deze ontwerpbegroting en -meerjarenraming en worden in de gelegenheid gesteld om hun eventuele zienswijze hierover in te dienen. Wij verzoeken u hierbij uw zienswijze uiterlijk 31 mei 2025 aan het Dagelijks Bestuur kenbaar te maken. Voorafgaand aan het vaststellen van de begroting door het Algemeen Bestuur van BsGW zal het Dagelijks Bestuur schriftelijk en gemotiveerd reageren op uw zienswijze (art. 68 lid 4 Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr)). Zienswijze en reactie worden samen met de begroting en meerjarenraming aangeboden aan het Algemeen Bestuur ter vaststelling in haar vergadering van 26 juni 2025. Nadat de begroting is vastgesteld zendt het Algemeen Bestuur de begroting en meerjarenraming aan de raden van de in BsGW deelnemende gemeenten en het Algemeen Bestuur van Waterschap Limburg. Het Dagelijks Bestuur zendt de vastgestelde begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2030 conform artikel 67 lid 2 Wgr aan Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg.

Het Dagelijks Bestuur BsGW,

N.M.J.G. Lebens, directeur

G.H.C. Frische, voorzitter

BsGW Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen is een zelfstandig samenwerkingsverband van 29 Limburgse gemeenten en het Waterschap Limburg. BsGW voert namens deze deelnemers de heffing en inning van lokale belastingen uit. Ook stelt BsGW in de deelnemende gemeenten de WOZ-waarden vast.

Ontwerp-Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2030 BsGW

Versie 1.0 d.d. 27-02-2025

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

Inhoudsopgave 1. Inleiding ........................................................................................................... 4 1.1 Algemeen .................................................................................................................. 4 1.2 Indeling van de begroting ............................................................................................ 4 1.3 Leeswijzer.................................................................................................................. 4

2. Ravijnjaar ......................................................................................................... 6 3. Financiële effecten ............................................................................................10 3.1 Financieel effect op de (exploitatie)begroting 2026 ........................................................10

4. Beleidsbegroting ...............................................................................................12 4.1 Uitgangspunten .........................................................................................................12 4.2 Definities: reserves, voorzieningen, weerstandscapaciteit/-vermogen, post onvoorzien.......14 4.3 Ontwikkelingen ..........................................................................................................15 4.3.1 Landelijke ontwikkelingen ................................................................................... 15 4.3.2 Ontwikkelingen in de bedrijfsvoering .................................................................... 17 4.4 Produkten van dienstverlening .....................................................................................22 4.5 Paragrafen ................................................................................................................24 4.5.1 Lokale heffingen ................................................................................................ 24 4.5.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ............................................................ 24 4.5.3 Onderhoud kapitaalgoederen ..............................................................................

25 4.5.4 Financiering ...................................................................................................... 25 4.5.5 Bedrijfsvoering .................................................................................................. 27 4.5.6 Verbonden partijen ............................................................................................ 27 4.5.7 Grondbeleid ...................................................................................................... 27 4.5.8 Openbaarheid ................................................................................................... 27

5. Financiële begroting ..........................................................................................29 5.1 Overzicht baten en lasten ...........................................................................................29 5.2 Effect Harmonisatie en nieuwe kostenverdeelmethode ....................................................29 5.3 Toelichting op de baten en lasten .................................................................................31 5.4 Uiteenzetting van de financiële positie ..........................................................................34 5.4.1 Investeringen ................................................................................................... 34 5.4.2 Financiering ...................................................................................................... 34 5.4.3 Stand en verloop reserves en voorziening............................................................. 34

Bijlagen ...............................................................................................................35 Bijlage 1: MeerjarenInvesteringsProgramma: MIP 2025-2029 ...............................................36 Bijlage 2: Staat van immateriële, materiële, financiële vaste activa en onderhanden werk ........37 Bijlage 3: Staat van vaste schulden ...................................................................................38 Bijlage 4: Staat van reserves en voorzieningen ...................................................................39 Bijlage 5: Berekening van het rente-omslagpercentage ........................................................43 Bijlage 6: Toelichting op de kostenverdeelmethodiek ...........................................................44 Bijlage 7: Risicoanalyse ....................................................................................................48 Bijlage 8: Het Ondernemings- en Ontwikkelplan (OOP) ........................................................54 Bijlage 9: Berekend EMU-saldo .........................................................................................55 Bijlage 10: Geprognosticeerde balans 2024-2030 ................................................................56 Bijlage 11: Bijdragen 2026 ...............................................................................................57

Bijlage 12: Bijdrage Waterschap Limburg volgens BBP-opzet ................................................60

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

1. Inleiding 1.1 Algemeen Voor u ligt de begroting 2026 en de meerjarenraming 2027-2030 van Belastingsamenwerking Gemeenten

en

Waterschappen

(BsGW). Hierin zijn

de

financiële

consequenties van

zekere

ontwikkelingen en bestuursbesluiten meegenomen. Zekere ontwikkelingen, waarvan de (financiële) effecten nog een mate van onzekerheid hebben, worden eveneens zo veel mogelijk gekwantificeerd. Mogelijke ontwikkelingen worden alleen in de begroting meegenomen voor zover deze zijn in te schatten. De door het Algemeen Bestuur van BsGW op 12 december 2024 vastgestelde kadernota 2026 dient als basis voor de begroting 2026 en de meerjarenraming 2027-2030. Het belangrijkste bestuurlijke uitgangspunt hierbij is een sluitende begroting en meerjarenraming. Het is vanwege de aanhoudende en zelfs toenemende dynamiek in de (inter)nationale samenleving steeds lastiger om meerjarig vooruit te kijken. Daaraan kan worden toegevoegd dat BsGW als gemeenschappelijke regeling de kadernota en de begroting inclusief meerjarenraming vroegtijdig dient aan te leveren als input voor de begrotingen van de deelnemende gemeenten en Waterschap Limburg. BsGW is 1 april 2011 opgericht als samenwerkingsverband op belastinggebied voor gemeenten en waterschappen in de vorm van een gemeenschappelijke regeling. BsGW is een openbaar lichaam op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Per 1 januari 2025 zijn Waterschap Limburg en de gemeenten Beek, Beekdaelen, Beesel, Bergen, Brunssum, EchtSusteren,

Eijsden-Margraten,

Gennep,

Gulpen-Wittem,

Heerlen,

Kerkrade,

Landgraaf,

Leudal,

Maasgouw, Maastricht, Meerssen, Mook & Middelaar, Nederweert, Peel & Maas, Roerdalen, Roermond, Simpelveld, Sittard-Geleen, Stein, Vaals, Valkenburg aan de Geul, Venlo, Voerendaal, Weert deelnemers in BsGW. De begroting 2026 is gebaseerd op bovenstaande 30 deelnemers. BsGW behartigt als uitvoeringsorganisatie van het waterschap en de deelnemende gemeenten de zorg voor optimaal beheer en verwerking van (basis)gegevens en informatie, het heffen, innen en afdragen van de opbrengsten van lokale belastingen en het waarderen van belastingobjecten in het kader van de wet WOZ, dit alles op basis van bedrijfseconomische principes. 1.2 Indeling van de begroting Aangezien BsGW een samenwerking is voor zowel gemeenten als een waterschap, volgt uit de wetgeving dat verslaggeving dient plaats te vinden conform Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De begroting is dan ook ingedeeld volgens het BBV en bestaat uit een beleidsbegroting en een financiële begroting. In de beleidsbegroting worden het programmaplan en de verplichte paragrafen weergegeven. De financiële begroting omvat het overzicht van baten en lasten plus een uiteenzetting van de financiële positie per programma. In het geval van BsGW betreft dit het programma ‘940 lasten heffing en invordering belastingen’. (Bron: Hoofdlijnen vernieuwing Besluit Begroting en Verantwoording blz. 19)

1.3 Leeswijzer Hoofdstuk 1 bevat de inleiding. In hoofdstuk 2 wordt uitvoerig ingegaan op het Ravijnjaar.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 4 van 60

In hoofdstuk 3 worden de financiële effecten op de (exploitatie)begroting 2026 gepresenteerd evenals de meerjarenraming 2027-2030. Hoofdstuk 4 bevat de beleidsbegroting met de (reken)uitgangspunten en de ontwikkelingen, waarmee daar waar mogelijk rekening is gehouden in de (financiële) begroting. Deze paragraaf bevat daarnaast de vaste rubrieken met een toelichting op het (benodigde) weerstandsvermogen en de financiering. Tot slot wordt de financiële begroting in hoofdstuk 5 nader toegelicht.

Het Dagelijks Bestuur BsGW,

Roermond, 27 juni 2025

N.M.J.G. Lebens, directeur

G.H.C. Frische, voorzitter

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 5 van 60

2. Ravijnjaar Een aantal gemeenten heeft zich per brief tot het DB gericht met een opdracht om in het kader van het Ravijnjaar de uitgaven dusdanig bij te stellen dat vanaf 2026 de bijdrage van de deelnemers met minimaal 5% afneemt. Ook in de AB-vergaderingen van september en december 2024 is uitvoerig stilgestaan bij (de effecten van) het Ravijnjaar. Uiteraard heeft BsGW begrip voor het financiële perspectief van de gemeenten in dit kader. BsGW heeft vanuit historisch perspectief reeds een structurele bezuiniging gerealiseerd en werkt momenteel toe naar een aanvullende structurele bezuiniging. Bij dit alles dient evenwel de continuïteit van de bedrijfsvoering van BsGW te worden gegarandeerd. Beleidsarm BsGW is een uitvoeringsorganisatie en hanteert daarmee per definitie een beleidsarme begroting. Mocht er al sprake zijn van (nieuw) beleid, dan is dit op basis van een wettelijke grondslag (bijv. de Woo) dan wel op verzoek van de deelnemers. Het Samenwerkingsportaal en vooral de doorontwikkeling hiervan is een goed voorbeeld van dit laatste. Historische kostenreductie Eén van de doelstellingen, die voortvloeien uit de missie van BsGW, is kostenreductie. Uitgangspunt voor de begroting van BsGW is dan ook altijd geweest: sober en doelmatig.

BsGW heeft zich gecommitteerd aan een taakstellende kostenreductie van afgerond 13% procent in de eerste 6 jaar na de oprichting en heeft in de jaren 2012 – 2017 daarom de kostenindexering van gemiddeld 2% per jaar niet doorberekend aan de deelnemers. De totale gerealiseerde, historische kostenreductie voor de deelnemers loopt hiermee op tot structureel € 1,565 miljoen per jaar. Ondernemings- en Ontwikkelplan Met het Ondernemings- en Ontwikkelplan (OOP) heeft het Algemeen Bestuur de BsGW-organisatie een structurele, taakstellende kostenreductie opgelegd van € 1,3 miljoen met ingang van 2028. Dit resulteert in het structureel verlagen van de bijdragen van de deelnemers met hetzelfde bedrag. Om dit te bereiken wordt de BsGW-begroting met ingang van 2024 stapsgewijs benedenwaarts bijgesteld. Deze taakstellende kostenreductie – die in belangrijke mate gerealiseerd wordt middels een formatiereductie – loopt op van ruim 2% in 2024 tot structureel 4% vanaf 2028, zoals in onderstaande tabel weergegeven: Jaar

Begroting

Taakstelling Bijdragen

%

2024

25.122.000

-600.000

24.522.000

-2,39%

2025

29.319.000

-800.000

28.519.000

-2,73%

2026

30.466.000

-1.000.000

29.466.000

-3,28%

2027

31.711.000

-1.200.000

30.511.000

-3,78%

2028

31.881.000

-1.300.000

30.581.000

-4,08%

(Bron: vastgestelde begroting 2025)

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 6 van 60

De historische kostenreductie en het effect van het OOP leidt tot de volgende cumulatieve kostenreductie:

Jaar

Historische

Taakstelling

Kostenreductie

kostenreductie

OOP

totaal

2024

1.565.000

600.000

2.165.000

2025

1.565.000

800.000

2.365.000

2026

1.565.000

1.000.000

2.565.000

2027

1.565.000

1.200.000

2.765.000

2028

1.565.000

1.300.000

2.865.000

Maatwerk Het Harmonisatietraject, dat in 2023 is afgerond, heeft er onder andere toe geleid dat de kosten voor maatwerk voortaan via een offertetraject in beeld worden gebracht en dat deze één op één worden doorberekend aan de desbetreffende deelnemer. Dit betekent dat deelnemers, die geen maatwerk afnemen, niet langer financieel bijdragen aan het duurdere maatwerk van andere deelnemers. Een en ander leidt tot een benedenwaartse bijstelling van de reguliere begroting met ingang van 2025 en daarmee de bijdrage van de deelnemers, die geen maatwerk afnemen. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is in principe bedoeld als buffer voor het opvangen van risico’s, waarvan de financiële gevolgen vooraf niet redelijkerwijs zijn in te schatten. Deze post wordt jaarlijks berekend aan de hand van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde risicoanalyse. Hierbij worden de risico’s (kwalitatief) en de bedragen plus de inschatting van de kans dat een risico zich daadwerkelijk voordoet (kwantitatief) in kaart gebracht. De vigerende bestuurlijke lijn is dat het weerstandsvermogen van BsGW zo bescheiden mogelijk, doch realistisch moet zijn. Operationele risico’s moeten door BsGW zelf kunnen worden opgevangen, zonder terug te hoeven vallen op de deelnemers. Deze benadering wordt gedeeld door de toezichthouder (Provincie Limburg).

Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre BsGW in staat is om bij onverwachte gebeurtenissen met een financieel gevolg deze tegenvaller te nemen zonder dat dit gevolgen heeft voor de door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders en doelstellingen in de begroting. In

de

basis

moet

de

beschikbare

weerstandscapaciteit

even

groot

zijn

als

de

Bestuur

heeft

ten

aanzien

benodigde

weerstandscapaciteit. Naar

aanleiding

van

de

discussie

in

het

Algemeen

van

het

weerstandsvermogen nader overleg met de accountant plaatsgevonden. De accountant kan zich vinden in de methode, de omvang en de onderbouwing van het weerstandsvermogen. Wanneer er bij BsGW geen sprake zou zijn van een (afdoende) weerstandsvermogen, dan dient BsGW zichtbaar onderdeel te zijn van het weerstandsvermogen van alle 30 deelnemers. Bij de risicoanalyse eind 2024 is in het kader van het Ravijnjaar extra kritisch gekeken naar de omvang en onderbouwing van het weerstandsvermogen. Dit heeft geresulteerd in een benedenwaartse bijstelling van het weerstandsvermogen ten opzichte van de begroting 2025 met € 472 duizend. Het voorgenomen DB-besluit resp. AB-voorstel is om deze € 472 duizend terug te storten naar de deelnemers.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 7 van 60

Indexeringspercentages Conform

toezegging

(AB

12-12-2024)

heeft

BsGW

de

door

de

deelnemers

gebruikte

indexeringspercentages geïnventariseerd. Dit levert een zeer divers beeld op, waaruit geen ‘grootst gemene deler’ kan worden afgeleid. Naar

aanleiding

van

de

discussie

in

het

Algemeen

Bestuur

heeft

ten

aanzien

van

de

indexeringspercentages nader overleg met de accountant plaatsgevonden. De accountant is op basis van het uitgangspunt ‘reëel begroten’ voorstander van het toepassen van indexeringspercentages en kan zich vinden in de hoogte en de onderbouwing van de indexpercentages, die BsGW hanteert. In het verlengde van het bovenstaande continueert BsGW de indexpercentages, zoals opgenomen en toegelicht in paragraaf 3.1. Renteopbrengsten Naar aanleiding van de discussie in het Algemeen Bestuur heeft ten aanzien van de renteopbrengsten nader overleg met de accountant plaatsgevonden. De renteopbrengsten zijn niet beïnvloedbaar door BsGW. Op dit moment komen de renteopbrengsten ten gunste van de deelnemers. Indien de renteopbrengsten zouden verworden tot een begrotingspost, dan dient op basis van het uitgangspunt ‘reëel begroten’ een realistische inschatting te worden gemaakt in dezen. Het bijkomend effect is dan wel dat het financiële risico, dat hierdoor ontstaat, verwerkt dient te worden in het weerstandsvermogen. In het verlengde van het bovenstaande heeft BsGW de afweging gemaakt om de rente-opbrengsten geen onderdeel van de begroting te laten worden. Nieuwe bestemmingsreserve AHA In 2022 zijn drie grote aanbestedingstrajecten opgestart voor de hosting, de belasting- en de waarderingsapplicatie van BsGW. De implementatie hiervan is in 2023 gestart, met een uitloop naar 2024.

De verwachte implementatiekosten van dit programma Aanbesteding Hosting en Applicaties (AHA) waren ingeschat op € 2,775 miljoen. Per 31-12-2024 is het project afgesloten waarbij de totale projectkosten AHA lager zijn uitgevallen dan begroot. Daarnaast hoefde een in de projectbegroting opgenomen risicopost niet te worden aangesproken. Het Algemeen Bestuur heeft besloten om voor het volgende aanbestedings- en implementatietraject 2028/2029 een nieuwe bestemmingsreserve te vormen (AB 12-12-2024). Vooruitlopend hierop is reeds in de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029 een jaarlijkse storting in de bestemmingsreserve AHA opgenomen van € 555 duizend per jaar (AB 27-6-2024). De onderbesteding van het huidige project AHA van afgerond € 445 duizend (voorlopig bedrag; ook dit realisatiecijfer dient nog door de accountant te worden gecontroleerd) wordt als startkapitaal gestort in de nieuwe bestemmingsreserve. Tezamen met de voornoemde bijdrage 2025 van € 555 duizend, betekent dit dat de jaarlijkse stortingen voor de jaren 2026-2029 met € 180 duizend kunnen worden verlaagd naar € 375 duizend. Areaaluitbreiding In het kader van het Ravijnjaar dient niet alleen gekeken te worden naar bezuinigingsaspecten. In voorkomende gevallen geven gemeenten niet (volledig) of met de nodige vertraging areaaluitbreidingen door. Hierdoor worden opbrengsten misgelopen.

Mutatiedetectie Ook het consequent en zorgvuldig laten uitvoeren van de jaarlijkse mutatiedetectie kan leiden tot extra inkomsten, bijvoorbeeld in het geval van (vergunningvrij) bouwen. De objecten worden immers groter en waardevoller. Wanneer (vergunningvrij) slopen niet goed in de boeken komt, leidt dat tot extra bezwaren en daarmee gepaard gaande uitvoeringskosten en bij de inzet van ncnp-bedrijven of andere gemachtigden tot uitkeringskosten.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 8 van 60

Kritische blik Om een verantwoorde bedrijfsvoering te kunnen borgen zijn de grenzen van bezuinigingen (vooralsnog) bereikt. Een en ander neemt niet weg dat BsGW kritisch blijft kijken naar haar eigen organisatie, processen en kosten(reductie), zoals de proceskosten. Ontwikkelingen op dit vlak worden via de P&C-cyclus gerapporteerd. Bij een financieel voordeel wordt dit op de gebruikelijke wijze (jaarresultaat) verrekend. Bij een structureel voordeel zal de begroting hierop worden aangepast, al dan niet in eerste instantie in de vorm van een begrotingswijziging.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 9 van 60

3. Financiële effecten 3.1 Financieel effect op de (exploitatie)begroting 2026

Ontwikkelingen begroting 2026

Zekere ontwikkelingen

Effect op netto kosten 2026 t.o.v. begroting 2025 Opgenomen in de begroting:

Indexering salarissen

€ 897.000

cf KN2026 (AB 12-12-2024) obv C PB september circulaire

Inflatie

€ 433.000

cf KN2026 (AB 12-12-2024) obv C PB september circulaire

Verschil taakstelling OOP 2026 t.o.v. 2025

€ -200.000

cf besluit (AB 14-12-2017)

€ -180.000 onbekend, geen meerkosten

cf besluit (AB 12-12-2024)

Verlaging bestemmingsreserve IC T 2025 - 2029 Wet herwaardering proceskostenvergoeding

cf wet (1-12024), HR 12-7-2024, Belastingplan 2025

Verbetering archiefbeheer

budgetneutraal

cf Archiefwet en inspectie Provincie Limburg

Informatiebeveiliging & Privacy

budgetneutraal

cf KN2026 (AB 12-12-2024) obv NIS2 en BIO2

Stimuleringsregeling

budgetneutraal

cf besluit (AB 23-6-2016)

Effect Harmonisatie en kostenverdeelmethode

Opgenomen in de begroting:

Inflatie maatwerk & beeldmateriaal (uit begroting)

€ -115.000

cf nieuwe opzet KVM (AB 25-1-2024), format DVO

Interne kosten maatwerk (nu via offertetraject)

€ 115.000

(AB 12-12-2024) en Harmonisatietraject (AB 8-12-2022)

Mogelijke ontwikkelingen

Niet opgenomen: onbekend

Tegengaan toenemende armoede

onbekend

- Sociaal invorderen

onbekend

- Vroegsignalering Fiscale Vereenvoudigingswet 2017

vooralsnog niet (2027 of later)

Krapte op de arbeidsmarkt

onbekend

Wetsvoorstel aanpassing belastingstelsel waterschappen

onbekend

Robotisering en artificial intelligence (AI)

onbekend

Ontwikkelingen begroting 2026

Niet in begroting BsGW, wel positief effect deelnemers

Surplus weerstandsvermogen cf risico-analyse B2026

€ -572.000 *

* vooruitlopend op het voorgenomen DB-besluit resp. AB-voorstel om het verschil tussen het aanwezige en benodigde weerstandsvermogen ad € 572 duizend terug te storten naar de deelnemers.

Zoals zichtbaar is gemaakt in bovenstaande tabel is de beïnvloedbaarheid door BsGW van de in de begroting opgenomen posten nihil. De begrotingsposten zijn nagenoeg allemaal gebaseerd op eerder door het bestuur van BsGW vastgestelde stukken en besluiten en wetgeving.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 10 van 60

Per saldo stijgen de reguliere netto-kosten 2026 met € 835 duizend ten opzichte van de begroting 2025. Reguliere Begroting 2025 (via KVM)

€

Indexering salarissen interne kosten

€

Inflatie

€

433.000

€

1.330.000

Verschil taakstelling OOP2026 t.o.v. 2025

€

-200.000

Verlaging bestemmingsreserve IC T 2025 - 2029

€

-180.000

Inflatie maatwerk

€

-12.000

Beeldmateriaal: maatwerk via seperate facturatie

€

-103.000

€

-495.000

28.519.000

897.000

Reguliere Begroting 2026 (via KVM) Maatwerk 2025 (voorheen in begroting BsGW)

€

Inflatie maatwerk

€

12.000

Beeldmateriaal: maatwerk via seperate facturatie

€

103.000

Maatwerk extra (IC T) kosten

€

40.000

Maatwerk totaal 2026

€

401.000

€

835.000

€

29.354.000

€

29.756.000

246.000

Begroting BsGW totaal

Naast de reguliere begroting, zijnde de kosten voor de uitvoering van voorkeursvarianten die worden verrekend via de kostenverdeelmethode, kent BsGW maatwerkvarianten. De uitvoering van de maatwerkvarianten wordt separaat geoffreerd en gefactureerd bij de betreffende deelnemers. Samen vormt dit de totaalbegroting van BsGW. Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2030: Realisatie

Begroting KVM

Begroting KVM

Maatwerk totaal

Begroting BsGW totaal

2024

2025

2026

2026

2026

2027

2028

2029

2030

Personeelskosten

0

17.362

18.247

248

18.495

19.287

20.271

21.304

22.391

Huisvestingkosten

0

919

951

0

951

983

1.016

1.051

1.087

Afschrijvingkosten

0

357

57

0

57

59

61

63

65

ICT-kosten

0

2.972

3.384

40

3.424

3.540

3.660

3.785

3.913

Overige operationele kosten

0

1.361

1.304

114

1.418

1.466

1.516

1.568

1.621

Diensten door derden

0

1.015

1.050

0

1.050

1.086

1.123

1.161

1.200

Kostenvergoeding bezwaar en beroep

0

3.506

3.625

0

3.625

3.748

3.876

4.007

4.144

Overige operationele kosten

0

5.882

5.979

114

6.093

6.300

6.514

6.736

6.965

algemene kosten

0

609

630

0

630

651

673

696

720

onvoorzien

0

365

424

0

424

439

453

469

485

Algemene kosten

0

974

1.054

0

1.054

1.089

1.127

1.165

1.204

bankkosten

0

290

300

0

300

310

321

331

343

rentekosten

0

7

8

0

8

8

8

9

9

Bank- en rentekosten

0

297

308

0

308

318

329

340

352

Toevoegingen aan voorzieningen

0

555

375

0

375

375

375

375

375

Totale lasten

0

29.319

30.353

402

30.756

31.951

33.353

34.819

36.352

-800

-1.000

0

-1.000

-1.200

0

0

0

0

-1.300

-1.300

-1.300

0

28.519

29.353

402

29.756

30.751

32.053

33.519

35.052

Renteopbrengsten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

BsGW diensten aan derden

0

0

0

0

0

0

0

0

0

overige opbrengsten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Diensten aan derden

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Opbrengst vervolgingskosten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Totale baten

0

0

0

0

0

0

0

0

0

Netto kosten Waarvan incidentele baten/lasten (saldo)

0 0

28.519 0

29.353 0

402 0

29.756 0

30.751 0

32.053 0

33.519 0

35.052 0

Totaal bijdragen

0

28.587

29.353

402

29.756

30.751

32.053

33.519

35.052

Exploitatieresultaat (+ is winst/ - is verlies)

0

68

0

0

0

0

0

0

0

0

68

0

0

0

0

0

0

0

Bedragen x € 1.000

Meerjarenperspectief

Lasten

Taakstelling kostenreductie OOP Structurele kostenreductie Totale lasten Baten

Mutatie bestemmingsreserve AHA Resultaat na terugbetaling OOP

Voor een nadere toelichting en ontwikkelingen verwijzen we u naar hoofdstuk 4 en 5.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 11 van 60

4. Beleidsbegroting 4.1 Uitgangspunten Onderwerp

Uitgangspunt

Raming personele lasten

Salariskosten worden jaarlijks geïndexeerd op basis van de CAO Werken voor Waterschappen. Indien die niet bekend zijn ten tijde van het opstellen van de kadernota wordt uitgegaan van de Macro Economische Verkenningen uit de laatst bekende septembercirculaire van het CPB, onderdeel ‘loonvoet sector overheid’ (voor de personele kosten).

Formatie en personeel

BsGW werkt met een vaste formatie en een flexibele schil. Binnen deze twee categorieën kan worden geschoven, maar de vastgestelde loonsom kan niet overschreden worden, behalve door CAO-stijgingen.

Financiering

Alleen voor investeringen kan BsGW een langlopende lening aantrekken. Hiervoor is een bestuursbesluit vereist.

Raming materiële lasten

Voor de jaarlijkse indexatie wordt uitgegaan van de Macro Economische Verkenningen uit de laatst bekende septembercirculaire van het CPB, onderdeel ‘nationale consumentenprijsindex’. Indien voor specifieke kostencategorieën andere indexeringspercentages gelden, wordt hiervan afgeweken en worden de marktconforme kostenstijgingen in de begrotingscijfers verwerkt.

Inhuur derden

De verwachte inhuurkosten worden geïndexeerd met de raming van het CPB. Een afwijking hierop wordt gemotiveerd toegelicht.

Raming onvoorzien

De raming onvoorzien bedraagt 1,4% van de begrote kosten.

Investeringen in het belastingpakket

Bij investeringen in het belastingpakket is BsGW verplicht om te voldoen aan de wettelijke eisen, incl. onderhoudskosten. Als uitgangspunt wordt alle software afgenomen als dienst (SaaS), waardoor er eenmalige implementatiekosten zijn en daarna jaarlijkse abonnements- en licentiekosten. Er vindt dus geen reservering kapitaalslasten inzake belastingsoftware meer plaats. Er wordt niet langer op afgeschreven omdat BsGW geen juridisch eigenaar is.

Risicomanagement

Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt als ratio t.o.v. de benodigde weerstandscapaciteit, waarbij de in het AB van 24-3-2022 vastgestelde Kadernota Risicomanagement leidend is.

Kosten die specifiek zijn voor bepaalde deelnemers

Deze worden o.b.v. de goedgekeurde offerte separaat doorbelast.

Kostenverdeelmethode

De (nieuwe) kostenverdeelmethode wordt gehanteerd (AB 25 januari 2024). Maatwerk en Externe vorderingen worden separaat geoffreerd en gefactureerd.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 12 van 60

Ondernemings- en Ontwikkelplan (OOP) BsGW 2018-2020

Het OOP moet – conform besluitvorming door het Algemeen Bestuur d.d. 14 december 2017 – leiden tot een stapsgewijze nettokostenreductie, oplopend tot structureel € 1,3 miljoen vanaf 2028. Jaar: Lagere netto-kosten i.r.t. OOP: 2024 € 600.000 2025 € 800.000 2026 € 1.000.000 2027 € 1.200.000 2028 € 1.300.000 Deze kostenreductie, die met name gerealiseerd wordt middels een formatiereductie, is als taakstelling opgenomen in de (meerjaren) begroting van BsGW.

Renteopbrengsten (Schatkistbankieren)

De rentevergoedingen* op het saldo van de gelden die uitstaan bij het Rijk als gevolg van Schatkistbankieren, fluctueren, zijn niet-structureel en bovendien niet beïnvloedbaar door BsGW. BsGW begroot deze renteopbrengsten als zijnde nihil. Mocht in enig jaar sprake zijn van renteopbrengsten als gevolg van bovenstaande, dan zal BsGW deze renteopbrengsten doorstorten naar de deelnemers. * betreft voornamelijk de renteontvangsten als gevolg van de enkele verwerkingsdagen voordat de ontvangen belastingopbrengsten worden afgedragen aan de deelnemers van BsGW.

Financieel technische uitgangspunten v.w.b. de indexeringen: BsGW valt onder de Cao Werken voor waterschappen. De huidige cao is eind 2024 geëindigd. De uitkomsten van de cao-onderhandelingen zijn nog niet bekend en kunnen derhalve niet worden opgenomen in de ontwerpbegroting. Het uitgangspunt voor de indexatie van de salariskosten is zoals te doen gebruikelijk de septembercirculaire van het Centraal Planbureau (CPB) met daarin opgenomen de CPB indexcijfers. Voor de verwachte materiële lasten en inhuur betreft dit de ‘nationale consumentenprijsindex’. Voor de verwachte salariskosten betreft dit de ‘loonvoet sector overheid’. Indexeringen Begroting 2026 Indexering materiele lasten en inhuur Het gemiddelde percentage van nationale consumentenprijsindex over de jaren 2024-2026 bedraagt tussen de 3,0% en 3,6%. Gekozen is om het drie jaargemiddelde 2024-2026 van 3,4% aan te houden. Indexering salarissen Het gemiddelde percentage van de loonvoet overheidssector over de jaren 2024-2026 bedraagt tussen de 2,1% en 8,4%. Gekozen is om ook hier het drie jaargemiddelde 2024-2026 aan te houden van 5,1%. Mocht

de

septembercirculaire

van

het

CPB

d.d.

2025

daartoe

aanleiding

geven,

dan

zal

dienovereenkomstig een correctie plaatsvinden via de bestuurlijk vastgestelde P&C-cyclus van BsGW.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 13 van 60

4.2 Definities: reserves, voorzieningen, weerstandscapaciteit/-vermogen, post onvoorzien Reserves kunnen worden omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vrij zijn te besteden. Reserveren betekent geld opzij leggen: -

om later een (grote) investering te doen;

-

voor moeilijke tijden (weerstandsvermogen. Dit is het weerstandsvermogen en dit betreft alleen de algemene reserve);

-

om risico’s op te vangen;

-

voor onverwachte zaken.

Voorzieningen zijn passiefposten in de balans (vreemd vermogen), die een inschatting geven van voorzienbare lasten in verband met risico’s en verplichtingen waarvan de omvang en/of het tijdstip van optreden min of meer onzeker zijn. Bij voorzieningen is er sprake van een oorzaak uit het verleden: er is iets gebeurd wat niet terug te draaien is en wat waarschijnlijk leidt tot lasten in de toekomst die niet waren voorzien (begroot). Ook kan een voorziening ingesteld worden ter egalisatie van pieken in de kosten in de begroting. Deze kosten dienen zeker plaats te vinden. Van een vrije keuze bij het instellen van een voorziening is derhalve geen sprake. Wel kunnen soms de gevolgen nog beïnvloed worden. Bij het bepalen van de noodzakelijke omvang van de voorziening wordt hiermee ook rekening gehouden. Weerstandscapaciteit is de mate waarin BsGW over middelen beschikt of kan beschikken om niet voorziene tegenvallers op te vangen. Er wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen de post onvoorzien en het weerstandsvermogen. De post onvoorzien mag worden opgevat als een buffer voor onvoorziene externe tegenvallers: onvoorzien, onvermijdelijk en onuitstelbaar. De post onvoorzien moet een soepele uitvoering van de begroting vergemakkelijken en zorgt zodoende voor een beetje flexibiliteit.

Er kunnen zich gezien de tijdspanne tussen het opstellen van de kadernota (laatste kwartaal van begrotingsjaar t-2), de (ontwerp-)begroting en realisatie (begrotingsjaar t), altijd tegenvallers voordoen als gevolg van bijvoorbeeld wijzigingen in wet-/regelgeving. Tussentijdse begrotingswijzigingen worden hiermee zoveel als mogelijk voorkomen. Het weerstandsvermogen is in principe bedoeld als buffer voor het opvangen van risico's, waarvan de financiële gevolgen vooraf niet redelijkerwijs zijn in te schatten. Jaarlijks wordt deze post berekend aan de hand van de door het bestuur vastgestelde risico-analyse. Hierbij worden de risico’s (kwalitatief) en de bedragen plus de inschatting van de kans dat een risico zich daadwerkelijk voordoet (kwantitatief) in kaart gebracht. Zie ook paragraaf 4.5.2 en bijlage 7 Risicoanalyse.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 14 van 60

4.3 Ontwikkelingen In deze paragraaf wordt op hoofdlijnen een beeld geschetst van de ontwikkelingen waar BsGW, naast de indirecte effecten van het Ravijnjaar, mee te maken heeft en krijgt. De ontwikkelingen binnen BsGW (bedrijfsvoering) worden grotendeels bepaald door externe (inter)nationale ontwikkelingen. 4.3.1 Landelijke ontwikkelingen Proceskosten BsGW heeft nog steeds te maken met ncnp-bedrijven. Deze bedrijven veroorzaken een relatief groot aantal van de jaarlijkse (WOZ-)bezwaren met de daaruit voortvloeiende proceskosten (uitvoerings- en uitkeringskosten). Bovendien worden de bezwaren steeds uitgebreider, complexer en technischer waardoor de uitvoeringskosten per ingediend bezwaar oplopen. Als gevolg van de Wet herwaardering proceskostenvergoeding WOZ (en bpm) zijn de proceskosten drastisch verlaagd per 1-1-2024. Echter heeft de Hoge Raad op 12 juli 2024 het door de wetgever vastgestelde lagere bedrag voor proceskostenvergoeding buiten toepassing verklaard. Daarmee is het hoge tarief weer van toepassing. Middels het Belastingplan 2025 is daarom als herstelmaatregel de wegingsfactor voor bezwaren aangepast van 0,25 naar 0,125, zodat de proceskostenvergoeding (tarief * wegingsfactor) in WOZ-zaken weer uitkomt op het niveau dat de wetgever voor ogen had per 1 januari 2024. Echter, voor beroepszaken is de factor van 0,25 in stand gebleven.

Het bedrag aan proceskostenvergoeding voor WOZ-beroepszaken wordt daarmee zelfs hoger dan voor de wetswijziging. Indien zich geen nieuwe, onverwachte ontwikkelingen voordoen en het aantal bezwaren naar aanleiding van de aanslagoplegging 2025 geen stijging vertoont ten opzichte van 2024 heeft voorgenoemde herstelmaatregel

naar

alle

waarschijnlijkheid

toch

een

positief

effect

op

de

begrotingspost

‘proceskostenvergoeding’. BsGW hanteert evenwel het voorzichtigheidsprincipe in dezen, te meer omdat er ten aanzien van de aanslagoplegging 2025 (peildatum 1 januari 2024) sprake is van een aanzienlijke (gemiddelde) waardestijging van de objecten in combinatie met een in voorkomende gevallen stevige tariefstijging door gemeenten. Ook het feit dat met betrekking tot de heffingsjaren 2023 en 2024 procentueel gezien meer ncnp-bedrijven in beroep gingen en de proceskostenvergoeding in deze hoger is dan voor de wetswijziging rechtvaardigt in de ogen van BsGW het hanteren van het voorzichtigheidsprincipe. De begrotingspost blijft dan ook gehandhaafd. Wel heeft BsGW na het uitvoeren van de risico-analyse het risico op hogere proceskosten afgeschaald tot een Pro Memorie-post in het weerstandsvermogen. Mocht zich ten aanzien van de proceskosten een positief effect voordoen, dan wordt dit in eerste instantie in het lopend boekjaar via de P&C-cyclus verantwoord en verrekend. Voor het daaropvolgende jaar zal – rekening houdend met de door het Algemeen Bestuur vastgestelde spelregels (AB 8-12-2022) – een begrotingswijziging worden doorgevoerd. Mocht

er

op

enig

moment

sprake

zijn

van

een

positief

effect

op

de

begrotingspost

‘proceskostenvergoeding’ dan staat dit los van de kostenreductie in het kader van het OOP. Project Inwinning Secundaire Objectkenmerken Het doel van het project Inwinning Secundaire Objectkenmerken is het terugwinnen van het vertrouwen bij de woningeigenaren in de overheid in het algemeen en de bepaling van de WOZ-waarde in het

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 15 van 60

bijzonder door de woningeigenaren maximaal te betrekken bij het vaststellen van (een aantal van) de secundaire objectkenmerken en hierbij maximale transparantie te bieden. Bij het project, dat onder verantwoordelijkheid van de Landelijke Vereniging Lokale Belastingen (LVLB) wordt uitgevoerd, zijn o.a. de VNG, het ministerie van Financiën, het ministerie van Justitie en Veiligheid, de Waarderingskamer, de Vereniging Eigen Huis en de Consumentenbond betrokken. In afstemming met genoemde partijen is een vragenlijst tot stand gekomen, die in de vorm van een aantal pilots aan woningeigenaren wordt voorgelegd in combinatie met een opgave van de huidige situatie (lees: weergave van de huidige secundaire objectkenmerken). De pilots worden goed ontvangen door de aangeschreven woningeigenaren. In de loop van het eerste kwartaal 2025 worden de eerste resultaten van de pilots verwacht. Onderzoek tweejaarlijkse WOZ-waardering Bij de Algemene Ledenvergadering van de VNG in juni 2024 is een motie aangenomen om op korte termijn een onderzoek te starten naar de mogelijkheden van een tweejaarlijkse herwaardering in plaats van de nu geldende jaarlijkse herwaardering. Wat de eventuele gevolgen zijn voor andere belastingen en/of instrumenten, waarvoor de WOZ-waarde de basis vormt, dient hierin mee te worden genomen.

Ook de gevolgen voor diverse andere instanties die de WOZ-waarde (en andere WOZ-gegevens gebruiken voor diverse doeleinden, worden in het onderzoek betrokken. Hiertoe wordt een klankbordgroep ingesteld met daarin vertegenwoordigers van de VNG, de Unie van Waterschappen, het Ministerie van Financiën, de Belastingdienst, Vereniging Eigen Huis en de Landelijke Vereniging van Lokale Belastingen (LVLB). Het onderzoek zal worden uitgevoerd door het Erasmus Studiecentrum voor Belastingen van Lokale overheden (ESBL) en dient in nauwe samenspraak c.q. afstemming met de uitvoering (lees: LVLB) en de betrokken ministeries plaats te vinden. De indieners van de motie verwachten dat een tweejaarlijkse herwaardering leidt tot een verlaging van de druk op de uitvoering van de Wet WOZ en daaruit voortvloeiend: -

een verbetering van de kwaliteit van de herwaardering;

-

een verbetering van de kwaliteit van de bezwarenafhandeling;

-

een tijdige afdoening van bezwaren;

-

het beter kunnen verwerken van bezwaaruitkomsten in een volgende herwaardering;

-

het beschikbaar krijgen van capaciteit voor contact met de burger;

-

een reductie van kosten, met name als het gaat om proceskosten en inhuur.

In december 2024 is een enquête onder gemeenten en belastingsamenwerkingsverbanden uitgezet. Hierop volgend vinden interviews ter verdieping plaats. In de planning staat dat in de loop van de maand maart 2025 het eindrapport wordt opgeleverd. Tegengaan toenemende armoede Ook het nieuwe kabinet heeft in de Miljoenennota maatregelen opgenomen om de toenemende armoede tegen te gaan en de koopkracht van de laagste inkomens te verbeteren, de zogenaamde bestaanszekerheid. Daarnaast neemt de overheid ook maatregelen om gezinnen te helpen, die hun rekening niet kunnen betalen. Sociaal invorderen, vroegsignalering en schuldhulpverlening zijn instrumenten die hiervoor worden ingezet. Ook zullen gemeenten in een zo vroeg mogelijk stadium passende hulp aanbieden. Het percentage oninbaar zal mogelijk stijgen, hetgeen zal leiden tot lagere netto-belastingopbrengsten voor de deelnemers.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 16 van 60

4.3.2 Ontwikkelingen in de bedrijfsvoering Krapte op de arbeidsmarkt De grote krapte op de arbeidsmarkt houdt onverminderd aan. In alle beroepsgroepen is sprake van een tekort aan personeel, voor ICT-ers geldt dit in het bijzonder. Het effect van traditionele wervingscampagnes neemt af. Er zal gezocht moeten worden naar andere manieren om toch de juiste kennis in huis te halen. In dit kader wordt, analoog aan het zelf opleiden van taxateurs, nadrukkelijk ook gedacht aan het zelf opleiden van ICT-ers, zoals bijvoorbeeld Functioneel Applicatiebeheerders. Waar nodig en mogelijk wordt samen met deelnemers en/of andere samenwerkingsverbanden voorzien in moeilijk invulbare rollen en functies. Daarnaast is er de laatste en ook komende jaren sprake van leeftijdsgebonden uitstroom van medewerkers. BsGW anticipeert hier zo goed als mogelijk op, zodat de bijbehorende kennis bijtijds en zorgvuldig wordt overgedragen. Wetsvoorstel aanpassing belastingstelsel waterschappen Het wetsvoorstel aanpassing belastingstelsel waterschappen is door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen. Het wetsvoorstel biedt waterschappen betere mogelijkheden om het profijtbeginsel toe te passen. Zo kunnen zij meer kosten neerleggen bij diegenen, die meer voordeel hebben bij de werkzaamheden van het waterschap.

Daarnaast kunnen waterschappen door de voorgenomen wijzigingen beter inspelen op (toekomstige) ontwikkelingen, zoals klimaatopwarming, de circulaire economie, de energietransitie en veranderingen in het eigen waterschap. Deze wetswijziging regelt ook dat Rijkswaterstaat en waterschappen geen schadelijke stoffen meer hoeven te gebruiken bij het meten van de vervuiling in afvalwater. Waterschappen krijgen door de aanpassingen in de watersysteemheffing meer mogelijkheden om te heffen naar profijt of belang. Diegene, die meer profijt heeft van de werkzaamheden van het waterschap, betaalt dan een hogere heffing. Degene die minder belang heeft, krijgt een lagere heffing. De inwerkingtreding van het wetsvoorstel is 1 januari 2026. De gevolgen van de wijziging voor specifieke groepen belastingbetalers verschillen per waterschap. De besturen van de waterschappen bepalen namelijk zelf hoe zij de kosten precies verdelen. Waterschap Limburg en BsGW zijn eind 2023 een project gestart om de migratie van het huidige naar het nieuwe belastingstelsel vorm te geven. De projectkosten, die BsGW hiervoor maakt, komen geheel en al ten laste van Waterschap Limburg. Dit geldt ook voor de structurele kosten. Vanaf de inwerkingtreding van het nieuwe belastingstelsel zullen deze via de gebruikelijke Planning & Controlcyclus van BsGW worden verwerkt en doorbelast aan Waterschap Limburg.

Harmonisatie en de herziening van de kostenverdeelmethode Op 9 december 2021 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met het procesvoorstel m.b.t. harmonisatie en de herziening van de kostenverdeelmethode. Beide onderdelen zijn actief ter hand genomen. Besluitvorming door de deelnemers over harmonisatie heeft in nagenoeg alle gevallen voor september 2023 plaatsgevonden. Vanaf 2024 wordt het zogenaamde maatwerk separaat bij de desbetreffende deelnemers in rekening gebracht. Aansluitend aan het harmonisatietraject is de kostenverdeelmethode geëvalueerd en herijkt. De nieuwe kostenverdeelmethode is begin 2024 (AB 25-01-2024) door het Algemeen Bestuur vastgesteld en treedt met ingang van 2025 in werking.

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 17 van 60

De nieuwe kostenverdeelmethode heeft overigens geen invloed op de begroting van BsGW zelf, maar de aanpassingen in de methodiek leiden wel tot wijzigingen in de bijdragen van de deelnemers aan BsGW. Zie ook bijlage 11: Bijdragen 2026. Verbetering archiefbeheer In 2021 heeft een archiefinspectie plaatsgevonden binnen BsGW. Vanaf 2022 zijn op basis van het vastgestelde plan van aanpak verbeterstappen gezet. Naast het digitaliseren van ons archief en het zaaksysteem-werken is met name ook aanvullende kennis en kunde nodig om alle aspecten rondom de (digitale) informatiehuishouding binnen BsGW vanuit juridisch perspectief én kostenbewustzijn (enkelvoudige opslag – meervoudig gebruik) te (waar)borgen. Samenwerkingsportaal Vanaf 1 januari 2022 bestaat de verplichting om woningen te waarderen op basis van de gebruiksoppervlakte. Daarvoor gebruikte BsGW de bruto inhoud om woningen te waarderen. Namens en op verzoek van de deelnemers heeft BsGW de regie van dit transitieproject (2019-2021) op zich genomen, in nauwe samenwerking met de gemeenten en Het Gegevenshuis.

Voor het actueel houden en borgen van alle gegevens, heeft BsGW namens alle partijen de regie op zich genomen voor het aanschaffen van een applicatie, die in staat is om relevante gegevens voor zowel de BAG (gemeenten), de BGT als de WOZ (BsGW) op een efficiënte manier uit te wisselen en te tonen, zowel administratief als geografisch. Het zogenaamd Samenwerkingsportaal. Landelijk wil men komen tot een samenhangende objectenregistratie (SOR). Dit is een uniforme registratie met daarin basisgegevens over objecten in de fysieke werkelijkheid, die zich voor gebruikers als één registratie gedraagt. Daaronder verstaan we objecten die in het terrein zichtbaar zijn, zoals gebouwen, wegen, water, spoorlijnen en bomen, terreindelen, aangevuld met enkele (administratieve) objecten als woonplaatsen, gemeentegrenzen en openbare ruimten. In de objectenregistratie gaan in ieder geval de objecten van de basisregistratie adressen en gebouwen (BAG) en de basisregistratie grootschalige topografie (BGT) op. Daarnaast is het de bedoeling dat ook het gedeelte van de WOZadministratie waarin objectgegevens zijn opgenomen en een aantal basisgegevens uit aanpalende registraties in de objectenregistratie worden opgenomen. De ontwikkeling naar een SOR heeft gevolgen voor zowel BsGW als voor haar deelnemers en aan de deelnemers gelieerde partijen, zoals gegevenshuizen.

Het is inefficiënt en onwenselijk om op meerdere plaatsen dezelfde of nagenoeg dezelfde gegevens te verzamelen en te verwerken. Dit staat immers haaks op de doelstelling van juist één unieke registratie. De beoogde ingangsdatum van de SOR was 1 januari 2025. Een nieuwe streefdatum is nog niet bekend, zo de SOR er al zal komen. Op nationaal niveau is in grote mate overeenstemming over de inhoud en architectuur van de SOR. Dat geldt evenwel niet voor de governance en financiering van de implementatie en het beheer van de SOR. De door de VNG geïnitieerde impactanalyse heeft uitgewezen dat er nog veel onduidelijk is en er een hoog kostenplaatje aan hangt. Uit oogpunt van zekerheid en continuïteit wordt het Samenwerkingsportaal begrotingstechnisch gecontinueerd voor een bedrag van € 350 duizend per jaar (excl. indexatie) om zo de door de deelnemers gewenste verdere doorontwikkeling vorm te kunnen blijven geven. In deze kosten is rekening gehouden met de jaarlijkse mutatiedetectie waaruit extra werkzaamheden, ICT- en bijbehorende onderhoudskosten voortvloeien, waartegenover een betere borging in de integraliteit tussen de basisregistratie BAG, BGT en de WOZ staat. Om de gebruikers meer te betrekken bij het

Begroting BsGW 2026 en meerjarenraming 2027-2030

pagina 18 van 60

Samenwerkingsportaal is een Gebruikersoverleg in het leven geroepen. Dit Gebruikersoverleg fungeert als klankbord en overlegplatform. Informatievoorziening en ICT In 2022 zijn drie grote aanbestedingstrajecten opgestart voor de hosting, de belasting- en de waarderingsapplicatie van BsGW. De implementatie hiervan is in 2023 gestart, met een uitloop naar 2024. De verwachte implementatiekosten van dit programma Aanbesteding Hosting en Applicaties (AHA) waren ingeschat op € 2,775 miljoen. Per 31-12-2024 is het project afgesloten waarbij de totale projectkosten AHA lager zijn uitgevallen dan begroot. Daarnaast hoefde een in de projectbegroting opgenomen risicopost niet te worden aangesproken. Het Algemeen Bestuur heeft besloten om voor het volgende aanbestedings- en implementatietraject 2028/2029 een nieuwe bestemmingsreserve te vormen (AB 12-12-2024). Vooruitlopend hierop is reeds in de begroting 2025 en meerjarenraming 2026-2029 een jaarlijkse storting in de bestemmingsreserve AHA opgenomen van € 555 duizend per jaar (AB 27-6-2024). De onderbesteding van het huidige project AHA van afgerond € 445 duizend (voorlopig bedrag; ook dit realisatiecijfer dient nog door de accountant te worden gecontroleerd) wordt als startkapitaal gestort in de nieuwe bestemmingsreserve.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Roerdalen&id=f53662bc-22de-4ac2-b6b5-3ab46d544180