03 Memo Analyse gemeentefondsuitkering naar aanleiding van septembercirculaire 2024
Tekst van het document
ANALYSE GEMEENTEFONDSUITKERING NAAR AANLEIDING VAN SEPTEMBERCIRCULAIRE 2024 Wij ontvangen meer geld van het rijk. De gemeentefondsuitkering stijgt voor de meeste jaren, ten opzichte van de meicirculaire 2024, in 2024 met € 169.000. In 2025 daalt de uitkering met € 11.000 om vervolgens weer te stijgen in de volgende jaren tot uiteindelijk € 853.000 in 2028. Een aantal van deze extra inkomsten leiden ook tot hogere uitgaven. Dit wordt voor 2024-2028 verwerkt in de begrotingswijzigingen van de Septembercirculaire die in november in de raad worden behandeld. Inleiding De gemeenten worden op basis van circulaires geïnformeerd over het verloop van de gemeentefonds uitkering. Meestal verschijnen jaarlijks drie circulaires. In mei, september en december. Mei geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de rijksoverheid, september van de vertaling van de Miljoenennota, december rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. Dit is de tweede circulaire van dit jaar, na de meicirculaire. De gemeentefondsuitkering bestaat uit drie onderdelen: 1. Algemene uitkering. 2. Integratie- en decentralisatie-uitkeringen, gesplitst in: a. de integratie-uitkering sociaal deelfonds; b. de overige integratie- en decentralisatie-uitkeringen 3. Aanvullende uitkeringen (uitkering die gemeenten specifiek krijgen, wij hebben deze niet).
Ontwikkeling van de gemeentefondsuitkering In onderstaand overzicht is per uitkeringssoort aangegeven hoe hoog de uitkering voor onze gemeente is op basis van de meicirculaire 2024. Dit is ook de stand van de primitieve begroting 20252028. Daarnaast is het beeld geschetst hoe de inkomsten van het gemeentefonds zich hebben ontwikkeld in de septembercirculaire 2024. Daarnaast is het verschil tussen de verschillende uitkeringssoorten aangegeven. Deze verschillen worden toegelicht. (bedragen * € 1.000) 2027 2028
2024
2025
2026
Berekend op basis van meicirculaire 2024 Algemene Uitkering Integratie uitkering Sociaal deelfonds Overige integratie en decentralisatie uitkeringen Berekend op basis van meicirculaire 2024
40.644 3.123 544 44.311
42.178 2.849 243 45.271
39.732 2.713 243 42.688
40.111 2.614 223 42.948
40.393 2.564 223 43.180
Berekend op basis van Septembercirculaire 2024 Algemene Uitkering Integratie uitkering Sociaal deelfonds Overige integratie en decentralisatie uitkeringen Berekend op basis van Septembercirculaire 2024
40.757 3.123 600 44.480
42.005 2.876 378 45.260
40.230 2.739 373 43.343
40.831 2.640 240 43.711
41.207 2.590 236 44.033
114 55 169
-173 27 135 -11
498 26 130 654
720 26 17 763
814 26 13 853
Verschil Algemene Uitkering Integratie uitkering Sociaal deelfonds Overige integratie en decentralisatie uitkeringen Bruto verschil tussen meicirculaire 2024 en septembercirculaire 2024
Algemene uitkering Pagina 1 van 6
*Z00519668F2*
De grootste afwijking tussen de meicirculaire 2024 en de septembercirculaire 2024 zit in de algemene uitkering. In onderstaand overzicht zijn de mutaties in de algemene uitkering weergegeven: (bedragen * € 1.000) 2027 2028
2024
2025
2026
Ontwikkeling uitkeringsfactor en basis Accresontwikkeling gemeentefonds Voorschot BCF-plafond 2024 Hoeveelheidsverschillen en ontwikkelingen uitkeringsbasis
314 -189
167 -329
115 -227
61 -70
12 -27
Ontwikkeling uitkeringsfactor en basis
125
-163
-112
-9
-15
Taakmutaties Besparingsverlies Jeugd Indexatie WMO demografie Digitaal stelsel omgevingswet Overige
-12 1
-16 7
533 96 -19 1
556 196 -23 2
558 296 -26 2
Taakmutaties
-11
-10
611
730
829
Totaal verschil tussen septembercirculaire 2024 en meicirculaire 2024
114
-173
499
720
814
Ontwikkeling uitkeringsfactor en uitkeringsbasis Accresontwikkeling Het accres is gesplitst in een volume- en een nominaal deel. Waarbij het nominale deel ter compensatie is van loon- en prijsstijging en het volumedeel ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres. Volume deel Het volume accres wordt vanaf 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp. In de septembercirculaire is een nieuwe raming voor het accres 2025 en verder opgenomen. Deze raming is gebaseerd op de actuele raming van de ontwikkeling van het bbp door het Centraal Planbureau. Voor de jaren 2025 tot en met 2029 is de raming van het volume deel neerwaarts bijgesteld. Loon- en prijsdeel De indexatie voor inflatie volgt de prijs bbp van het lopende jaar. Voor 2025 is de raming voor de prijs bbp omhoog bijgesteld. De ramingen voor de ontwikkeling van de prijs bbp lijkt structureel te laag te zijn1. Zo is als voorbeeld het percentage van de prijs bbp voor het jaar 2024 vastgezet in de meicirculaire 2024 op basis van de CEP24 op 4%. Op basis van de werkelijke cijfers bedraagt de werkelijke ontwikkeling op basis van de Macro economische verkenning 2025 (MEV25) 5,1%. Er vindt in deze circulaire geen compensatie voor de hogere prijsontwikkeling plaats. Bovenstaande effecten betekenen voor onze gemeente een voordeel van € 167.000 in 2025 aflopende naar € 12.000 in 2028.
Voorschot BTW compensatie fonds (BCF) Vanaf 2015 wordt het maximaal plafond voor het BTW Compensatie Fonds (BCF) jaarlijks vastgesteld (gerelateerd aan de ontwikkeling van het accres). Als gemeenten en provincies minder BTW claimen dan dit plafond wordt de rest van het bedrag verdeeld via de algemene uitkering. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Het plafond veranderd jaarlijks met het accrespercentage.
Pagina 2 van 6
In het systeem is opgenomen dat jaarlijks bij de septembercirculaire een voorschot wordt verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire volgend op het kalenderjaar volgt dan de afrekening. Het BCF-plafond bedraagt € 4,3 miljard voor gemeenten in 2024. In de septembercirculaire wordt uitgegaan van verwachte onderschrijding € 447 miljoen. De provinciaal toezichthouder staat toe een meerjarige stelpost op te nemen als inschatting op de jaarlijkse onder- of overschrijding van het plafond. Sinds 2023 ramen we een structurele post voor de onderschrijding van het BCF plafond. Aangezien er in 2024 meer geld is uitgekeerd dan geraamd betekent dit voor onze gemeente een voordeel van € 314.000 in 2024. Ontwikkeling uitkeringsbasis en hoeveelheidsverschillen Bij het begrip ontwikkeling van de uitkeringsbasis praten we over de mutaties van de landelijke aantallen inwoners, woonruimten, leerlingen, uitkeringsgerechtigden, WOZ-waarden, enzovoort. In de veronderstelling dat het te verdelen bedrag niet toeneemt als de hoeveelheid (Q) stijgt, dan zal per maatstaf het maatstafgewicht (P) evenredig moeten dalen. Dat is een ingewikkelde methode en daarom wordt gekozen voor een eenvoudiger oplossing, namelijk, de daling van de uitkeringsfactor. Dit is de voor alle gemeenten gelijke vermenigvuldigingsfactor.
Hoeveelheidsverschillen De grootste invloed onder deze post hebben de hoeveelheidsverschillen. De algemene uitkering wordt berekend met ongeveer 50 variabelen waar gemeenten met elkaar vergeleken worden. Door de bijstelling van deze variabelen kunnen er verschillen ontstaan. Voor onze gemeente betekent dit een nadeel van - € 16.000 in 2024 aflopende tot - € 329.000 in 2025 waarna het nadeel minder wordt tot - €27.000 in 2028. Taakmutaties Taakmutaties zorgen voor een toevoeging of afname van de omvang van de algemene uitkering. Hieronder worden deze apart toegelicht. Besparingsverlies jeugd Het kabinet Schoof zet de uitvoering van de Hervormingsagenda Jeugd door en laat de besparing Jeugdzorg vanaf 2026 structureel vervallen. In de septembercirculaire 2024 is dit verwerkt door een toevoeging aan het cluster Individuele voorzieningen jeugd van € 500 miljoen in 2026 en € 511 miljoen vanaf 2027. Aangezien we voor onze gemeente geen rekening hebben gehouden met deze besparing aan de lasten kant is dit voor Roerdalen een voordeel van € 533.000 in 2026 oplopende tot € 558.000 in 2028. Indexatie WMO demografie Het Rijk en gemeenten werken aan de beheersbaarheid van de uitgaven van gemeenten voor de wettelijke zorgtaken Wmo. Deze laten door demografische ontwikkelingen een hogere stijging zien dan via de algemene uitkering wordt gecompenseerd.
De verwachting is dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van) de Wmo niet langer via de algemene uitkering van het gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Vooruitlopend op de gekozen bekostigingsvorm is in de septembercirculaire 2024 vanaf 2026 een jaarlijks bedrag € 75 miljoen oplopend tot € 300 miljoen in 2029 opgenomen. Voor de gemeente Roerdalen betekent dit een positief effect van € 96.000 in 2026 oplopende tot € 296.000 in 2028.
Pagina 3 van 6
Digitaal stelsel omgevingswet De gemeenten dragen vanaf 1 januari 2020 jaarlijks 70% bij aan de kosten van beheer en doorontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO). In de septembercirculaire 2024 wordt de gemeentelijke bijdrage, conform aanvullende afspraken, verhoogd met € 10,6 miljoen in 2024 oplopend tot € 25,1 miljoen structureel vanaf 2029. Voor Roerdalen betreft dit een nadeel van - € 12.000 aflopende tot - €26.000 in 2028 Integratie uitkering sociaal domein Voor enkele deeltaken in sociaal domein heeft nog geen overheveling plaatsgevonden naar de algemene uitkering. De bijstellingen op basis van de meicirculaire zijn als volgt: (bedragen * € 1.000) 2027 2028
2024
2025
2026
Ontwikkeling integratie-uitkering Sociaal deelfonds Participatie - afschaffing lage inkomensvoordeel
-
27
26
26
26
Ontwikkeling integratie-uitkering Sociaal deelfonds
-
27
26
26
26
Totaal verschil tussen septembercirculaire 2024 en meicirculaire 2024
-
27
26
26
26
Participatie Het Rijk compenseert gemeenten via de integratie-uitkering (IU) Participatie vanaf 2025 voor de afschaffing van het lage-inkomensvoordeel in de sociale werkvoorziening. Voor het jaar 2025 wordt bij deze septembercirculaire in totaal € 19,8 miljoen toegevoegd aan de IU Participatie. Aangezien het een bedrag per plek betreft, loopt de compensatie voor de wet sociale werkvoorziening (Wsw) na 2025 af met de afbouw van de Wsw (€ 13,4 miljoen in 2025, teruglopend naar € 0 vanaf 2048). De compensatie voor beschut werk loopt op met het landelijk aantal plekken in de ministeriële regeling (€ 6,4 miljoen in 2025, oplopend naar € 16,8 miljoen vanaf 2048). De WSW gelden worden volgens afspraak doorbetaald aan de Westrom. Voor Roerdalen betekent dit een positieve bijdrage van € 27.000 in 2024 en € 26.000 voor de jaren erna. Overige integratie- en decentralisatie-uitkeringen In onderstaande tabel zijn de verschillen aangegeven van de integratie- en decentralisatieuitkeringen voor de gemeente Roerdalen: (bedragen * € 1.000) 2027 2028
2024
2025
2026
Ontwikkelingen overige integratie en decentralisatie uitkeringen Openbare bilbiotheken Wet betaalbare huur Alleenverdienersproblematiek 2023-2024 Overig
27 24 4
100 35 -
100 30 -
17 -
13 -
Ontwikkelingen overige integratie en decentralisatie uitkeringen
55
135
130
17
13
Totaal verschil tussen septembercirculaire 2024 en meicirculaire 2024
55
135
130
17
13
Openbare bibliotheken In de periode 2023-2024 konden gemeenten een specifieke uitkering ontvangen voor het versterken van het lokale bibliotheekstelsel. Daarna zal een wettelijke zorgplicht voor gemeenten worden Pagina 4 van 6
ingevoerd ten aanzien van de openbare bibliotheek. Voor het uitvoeren van deze taak zullen gemeenten een structurele bijdrage via het gemeentefonds ontvangen. In de periode tussen de specifieke uitkering en de invoering van de wettelijke zorgplicht ontvangen de gemeenten een decentralisatie-uitkering, om zich op de periode van de zorgplicht te kunnen voorbereiden. Hiervoor is in 2025 en 2026 in totaal een bedrag van € 59,3 miljoen beschikbaar. Voor Roerdalen betekent dit een positief effect van € 100.000 in 2025 en 2026. Wet betaalbare huur Met de Wet betaalbare huur wordt de op 1 juli 2023 in werking getreden Wet goed verhuurderschap gewijzigd. Daarmee krijgen gemeenten de bevoegdheid om toezicht te houden en handhavend op te treden met betrekking tot: - De maximale huurprijzen die gelden op grond van het woningwaarderingsstelsel. - De maximale huurverhogingen in de gereguleerde sector. - De informatieplicht op verhuurders om hun huurders een puntentelling te overleggen bij het afsluiten van een contract. Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. De financiering bestaat uit een incidentele bijdrage van circa € 5,5 miljoen in 2024 voor de eenmalige kosten die gemeenten maken bij de implementatie van het wetsvoorstel.
Daarnaast ontvangen gemeenten een bijdrage voor het ontvangen en behandelen van meldingen en de handhaving op deze meldingen. Voor deze werkzaamheden ontvangen gemeenten vanaf 2024 een structurele bijdrage van circa € 6,5 miljoen per jaar. Vanwege de piekperiode in de eerste jaren na inwerkingtreding van de wet is er een aanvullende incidentele bijdrage beschikbaar. De incidentele middelen worden in de periode 2024-2028 uitgekeerd op basis van inschattingen van de piek. Daarmee wordt er zorg voor gedragen dat de gemeenten die naar verwachting veel meldingen zullen ontvangen, hiervoor ook gecompenseerd worden. Voor Roerdalen betekent dit een positief effect van € 27.000 in 2024 oplopende naar € 35.000 in 2025 en aflopende naar € 13.000 in 2028. Alleenverdienersproblematiek 2023-2024 Gemeenten kunnen financiële ondersteuning bieden aan huishoudens die als gevolg van de alleenverdienersproblematiek in 2023 en 2024 onder het bestaansminimum uitkomen. Gemeenten kunnen de gemiste huur- en zorgtoeslag compenseren vanuit de individuele bijzondere bijstand. De Tweede Kamer heeft verzocht om de betrokken huishoudens actief te benaderen. Met de VNG is afgesproken dat gemeenten dit gefaseerd oppakken. Ter ondersteuning van gemeenten is een handreiking opgesteld. Ook konden gemeenten een lijst met vermoedelijk betrokken huishoudens opvragen bij het Inlichtingenbureau.
Deze lijsten zijn begin juli verstrekt. Via deze decentralisatie-uitkering ontvangen gemeenten budget om aan de betreffende huishoudens bijzondere bijstand te verstrekken. Nu wordt een bedrag van € 22,6 miljoen uitgekeerd. De budgetten worden zo nodig bijgesteld wanneer definitieve gegevens beschikbaar zijn, naar verwachting bij de meicirculaire 2025 en de meicirculaire 2026.Voor Roerdalen betekent dit een positief effect van € 24.000 in 2024.
Pagina 5 van 6
Effect op begrotingssaldo 2024 tot en met 2028 In onderstaand overzicht is aangegeven wat het effect van de Septembercirculaire is op de begrotingssaldi voor 2024 tot en met 2028. Zoals in de inleiding al aangegeven worden deze effecten verwerkt in de begrotingswijzigingen over de septembercirculaire 2024. (bedragen * € 1.000) 2027 2028
2024
2025
2026
Aanpassingen gemeentefondsuitkering Algemene uitkering Integratie uitkering sociaal domein Overige integratie en decentralisatie uitkeringen
114 55
-173 27 135
499 26 130
720 26 17
814 26 13
Aanpassingen gemeentefondsuitkering
169
-11
655
763
853
Aanpasingen uitgaven als gevolg van meicirculaire Indexatie WMO demografie Openbare bibliotheken
-
-100
-96 -100
-196 -
-296 -
Wet betaalbare huur Doorbetaling WSW gelden Alleenverdienersproblematiek 2023-2024
-27 -24
-35 -20 -
-30 -19 -
-17 -18 -
-13 -18 -
Aanpasingen uitgaven als gevolg van meicirculaire
-51
-155
-245
-231
-326
Effect op begroot-rekeningsaldo
118
-166
410
533
527
Pagina 6 van 6