Was-wordt-tabel aanpassing Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 (1).docx
Tekst van het document
Was-wordt-tabel Wijziging Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 Algemene toelichting en leeswijzer: De Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 gaat in zijn geheel op in de Verordening Fysieke Leefomgeving (VFL). Alle regels in deze verordening hebben namelijk betrekking op de fysieke leefomgeving. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden dan ook de artikelnummers in de Verordening Fysieke Leefomgeving aangehouden. Op 1 juli 2018 is de gewijzigde wet- en regelgeving voor de basisregistratie adressen en gebouwen (hierna: BAG) in werking getreden. Als gevolg daarvan hebben gemeenten een aantal aanpassingen moeten doorvoeren in hun mandaatregeling en de in het kader van de uitvoering van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen (hierna: Wet BAG) gebruikte gemeentelijke standaarddocumenten. Tegen deze achtergrond is door de VNG van de gelegenheid gebruik gemaakt om ook de modelverordening naamgeving en nummering op wetstechnisch vlak te verbeteren en in lijn te brengen met de 100 Ideeën voor de gemeentelijke regelgever. Daarnaast zijn er door de VNG in de modelverordening naamgeving en nummering tekstuele en redactionele verbeteringen doorgevoerd die ertoe strekken de bepalingen duidelijker, korter of beter leesbaar te maken of uniformering aan te brengen in de formulering.
Omdat de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 verouderd was, zijn de artikelen bij opname in de VFL direct geactualiseerd op basis van de modelverordening van de VNG. Het gaat hierbij om een beleidsneutrale actualisatieslag. Aan elk gewijzigd artikel is een tabel gewijd. Per gewijzigd artikel worden in deze tabel telkens de bestaande en de nieuwe tekst benoemd. Hierbij worden ook de oude en de nieuwe locatie van het artikel weergegeven. In de kolom ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt. In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet. Elke tabel wordt afgesloten met een toelichting op de doorgevoerde wijzigingen. Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a. openbare ruimte: alle voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande wegen of paden, pleinen, plaatsen, plantsoenen en alle wateren die, al dan niet met enige beperking, voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn, alsmede daarin begrepen alle bouw- en
Artikel 1.1.1 Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Adres: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. Afgebakend terrein: Een terrein met een kunstmatige of natuurlijke afbakening, waarop zich geen verblijfsobjecten bevinden en dat betreedbaar en afsluitbaar is. 1
b.
c.
d.
e. f.
g.
h. i.
j. k.
kunstwerken die daar onderdeel van uitmaken; bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond en bedoeld om ter plaatse te functioneren; gebouw: elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; complex: een afgebakend samengesteld geheel van onroerende zaken (industriecomplex, ziekenhuiscomplex, complex van vakantiehuisjes enzovoort); afgebakend terrein: een terrein, waarop zich geen bouwwerken bevinden en dat afzonderlijk wordt gebruikt; ligplaats: een deel van het openbaar water dat door burgemeester en wethouders is aangewezen voor het permanent afmeren van een woonschip of een woonark; standplaats: een kavel, bestemd voor het plaatsen van een woonwagen, waarop voorzieningen aanwezig zijn die op het leidingnet van de openbare nutsbedrijven, van andere instellingen of van gemeenten kunnen worden aangesloten; burgemeester en het college van burgemeester wethouders: en wethouders; nummer: een nummer bestaande uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter of een cijfercombinatie; object: een bouwwerk, gebouw, complex, afgebakend terrein, ligplaats of standplaats; rechthebbende: ieder, die krachtens
eigendom of een beperkt zakelijk recht zodanig beschikking heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is met betrekking tot die zaak te handelen als in de verordening
Bouwwerk: 1. Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren. 2. In deze verordening wordt mede verstaan onder: - bouwwerk: een gedeelte van een bouwwerk; - gebouw: een gedeelte van een gebouw. College: Het college van Burgemeester en Wethouders van Rijswijk. Complex: Geheel van bij elkaar horende gebouwen. Convenant: Het tussen de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Koninklijke TPG Post BV gesloten Kader Convenant en Nader Convenant inzake postcodes. Gebouw: Bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. Ligplaats: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. Nummeraanduiding: Door het college als zodanig toegekende aanduiding van een verblijfsobject, een standplaats, een ligplaats en een afgebakend terrein dat bestaat uit een of meer Arabische cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter- en/of cijfercombinatie. Openbare ruimte: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen.
Pand: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. 2
l.
is voorgeschreven, zomede de beheerder; uitvoerings- nadere bepalingen van technische en voorschriften: administratieve aard.
Rechthebbende: Degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht. Standplaats: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. Verblijfsobject: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. Wijk- en buurtindeling: Een indeling van de gemeente in wijken en buurten conform de eisen die het CBS aan deze indeling verbindt. Woonplaats: Dat wat daaronder wordt verstaan in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. Toelichting
De begrippen uit alle verordeningen die regels bezitten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zijn in de Verordening Fysieke Leefomgeving samengevoegd in artikel 1.1.1. Zo ook de begrippen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden enkel de begrippen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 weergegeven en niet de gehele begripsbepaling uit de Verordening Fysieke Leefomgeving. Voor de gehele begripsbepaling wordt u doorverwezen naar artikel 1.1.1 in de Verordening Fysieke Leefomgeving Rijswijk. De definities van de begrippen ‘afgebakend terrein’, ‘ligplaats’, ‘openbare ruimte’, ‘standplaats’, ‘nummer’ (nu nummeraanduiding) en ‘object’ (nu verblijfsobject) zijn conform de modelverordening van de VNG aangepast. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van deze begrippen dekken. Omdat de wijziging van de Wet BAG per 1 juli 2018 ertoe leidt dat de wet voortaan niet meer van ‘basisregistraties’ maar van ‘basisregistratie’ spreekt en de definitie van ‘ligplaats’ in de wet wijzigt, moest ook artikel 1 van de huidige Verordening naamgeving en nummering (adressen) daarop aangepast worden.
Van deze gelegenheid is door de VNG gebruik gemaakt om artikel 1 helemaal in lijn te brengen met de aanbevelingen uit de 100 Ideeën voor de gemeentelijke regelgever: voor begrippen die in de Wet BAG zijn gedefinieerd (zoals ‘ligplaats’) wordt naar die wet verwezen. Met het oog op het voorkomen van herhaling worden de definities van die begrippen in de modelverordening van de VNG niet herhaald. Begrippen die niet in de Wet BAG voorkomen of daarvan afwijken, worden in deze verordening nog wel afzonderlijk gedefinieerd. De begrippen ‘adres’, ‘convenant’, ‘pand’, ‘woonplaats’, ‘wijk- en buurtindeling’ zijn conform de modelverordening van de VNG toegevoegd.
3
De begrippen ‘bouwwerk’, ‘college’ en ‘rechthebbende’ zijn geharmoniseerd met begrippen uit andere verordeningen. Omdat deze begrippen algemeen zijn, is gezocht naar een definitie die de lading van deze begrippen over de gehele Verordening Fysieke Leefomgeving dekt. De begrippen ‘complex’ en ‘gebouw’ zijn gewijzigd conform de Databese juridische begrippen Omgevingswet van de VNG. De begrippen zijn hiermee in overeenstemming gebracht met de begrippen die onder de Omgevingswet en ook in het omgevingsplan gehanteerd worden. Misverstanden worden hierdoor voorkomen.
Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 2 Burgemeester en wethouders verdelen de gemeente, al dan niet op basis van bouwblokken, in wijken en buurten en duiden deze aan met nummers, zonodig aangevuld met letters of namen. Burgemeester en wethouders kunnen de openbare ruimte en gemeentelijke bouwwerken benoemen.
Artikel 7.1.1 Naamgeving woonplaatsen en openbare ruimte 1. Burgemeester en wethouders stellen de grens en de naam van een of meer woonplaatsen vast en kunnen deze in wijken en buurten verdelen conform de eisen die het Centraal Bureau voor de Statistiek aan deze indeling verbindt. 2. Burgemeester en wethouders kennen per woonplaats namen toe aan delen van de openbare ruimte en zo nodig aan gemeentelijke gebouwen en bouwwerken. 3. Onder vaststellen, verdelen en toekennen als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.
Toelichting Artikel 2 (nu 7.1.1 VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. In artikel 2 was bepaald dat burgemeester en wethouders woonplaatsen – al dan niet op basis van bouwblokken – in wijken en buurten kunnen verdelen. In artikel 1 was bovendien bepaald dat die indeling geschiedt overeenkomstig de eisen die het Centraal Bureau voor de Statistiek (hierna: CBS) aan die indeling verbindt. Nu die bepaling strikt genomen niet strekte tot verduidelijking van 4
het begrip ‘wijk- en buurtindeling’, maar daaraan de voorwaarde verbond dat deze in overeenstemming moet zijn met de eisen van het CBS (waarin ook besloten ligt dat de wijken en buurten aangeduid kunnen worden met namen, zo nodig met letters en nummers), is deze voorwaarde overgeheveld van artikel 1 naar artikel 7.1.1, eerste lid. Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 3 1. Burgemeester en wethouders kunnen aan een object of aan een te onderscheiden deel daarvan een nummer toekennen. 2. Aan een object dat een nummer heeft gekregen, moet het nummer op een doeltreffende wijze zijn aangebracht.
Artikel 7.1.2 Nummering objecten 1. Burgemeester en wethouders stellen de lig- en standplaatsen vast. 2. Burgemeester en wethouders kennen nummeraanduidingen toe aan verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen. 3. Zij bepalen de afbakening van panden, verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen. 4. Onder vaststellen, toekennen en bepalen als bedoeld in het eerste tot en met derde lid wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.
Toelichting Artikel 3 (nu 7.1.2 VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
5
Artikel 4 1. De door burgemeester en wethouders aan delen van de openbare ruimte en aan gemeentelijke bouwwerken toegekende namen worden zichtbaar en in voldoende aantallen ter plaatse aangebracht. 2. Het is eenieder die daartoe niet bevoegd is, verboden aan delen van de openbare ruimte, aan de daaraan liggende gemeentelijke bouwwerken en aan ligplaatsen of standplaatsen namen of nummers toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen. 3. Het is eenieder die daartoe niet bevoegd is, verboden aan zijn onroerende zaak nummers toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen.
Artikel 7.1.3 Aanbrengen aanduiding 1. De door burgemeester en wethouders aan de openbare ruimte of een gedeelte daarvan toegekende namen, bedoeld in artikel 7.1.1, worden door of in opdracht van de gemeente blijvend zichtbaar en in voldoende aantallen ter plaatse aangebracht. 2. De door burgemeester en wethouders aan een object toegekende nummers, bedoeld in artikel 7.1.2, tweede en vierde lid, worden daaraan op doeltreffende wijze aangebracht. 3. Het is eenieder die daartoe niet bevoegd is verboden namen aan de openbare ruimte of delen daarvan, dan wel nummers aan een pand of verblijfsobject, lig- of standplaats, toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen.
Toelichting Artikel 4 (nu 7.1.3 VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. Artikel 4 had betrekking op het aanbrengen van naamaanduidingen als bedoeld in artikel 7.1.1 en nummeraanduidingen als bedoeld in artikel 7.1.2, tweede en vierde lid. Dit is verduidelijkt door in het eerste lid (voor naamaanduidingen), onderscheidenlijk het tweede lid (voor nummeraanduidingen) van artikel 7.1.3 een verwijzing naar voorgenoemde artikelen op te nemen. Daarnaast zijn het tweede en derde lid samengevoegd tot één lid waarin is bepaald dat het verboden is voor eenieder die daartoe niet bevoegd is om namen aan (delen van) de openbare ruimte, onderscheidenlijk nummers aan objecten, toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen. Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 5
Artikel 7.1.4 Gedoogplicht naamaanduiding 6
Indien burgemeester en wethouders het nodig oordelen dat borden met een wijk- of buurtaanduiding, borden met straatnamen, huisnummerverzamel-borden en verwijsaanduidingen aan een bouwwerk, een gebouw, een muur, paal, schutting of andere soort terreinafscheiding worden aangebracht, is de rechthebbende verplicht toe te laten dat de hier bedoelde borden vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van burgemeester en wethouders worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd. De rechthebbende dient er zorg voor te dragen dat naamborden vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar blijven.
1. Als burgemeester en wethouders het nodig oordelen dat de door hen toegekende aanduidingen, bedoeld in artikel 7.1.1, tweede lid, aan een bouwwerk, gebouw, muur, paal, schutting of een andere soort terreinafscheiding worden aangebracht, draagt de rechthebbende er zorg voor dat de hier bedoelde aanduidingen vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van burgemeester en wethouders worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd. 2. Als burgemeester en wethouders het nodig oordelen een naamaanduiding, waarop de vervallen naam is doorgehaald, gedurende ten hoogste een jaar naast de naamaanduiding met de nieuwe naam te handhaven laat de rechthebbende dit toe. 3. De rechthebbende draagt er zorg voor dat de in het eerste en tweede lid bedoelde aanduidingen vanaf de openbare weg duidelijk leesbaar blijven.
Toelichting Artikel 5 (nu 7.1.4 VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 6 Tenzij door burgemeester en wethouders anders is besloten, is de rechthebbende van een object verplicht het nummer, zoals bedoeld
Artikel 7.1.5 Aanbrengplicht nummeraanduiding 1. Tenzij burgemeester en wethouders anders hebben besloten, draagt de rechthebbende van een object er zorg 7
in artikel 3, eerste lid, aan te brengen op een wijze zoals in artikel 7, eerste lid, is bepaald. De rechthebbende is verplicht het in het eerste lid genoemde nummer binnen vier weken na kennisgeving van het besluit van burgemeester en wethouders aan te brengen. Indien een object nog niet is voltooid, wordt het nummer binnen vier weken na de voltooiing aangebracht. Burgemeester en wethouders kunnen de in het tweede en derde lid genoemde termijn verlengen.
2.
3.
4.
5.
voor dat de nummers, bedoeld in artikel 7.1.2, tweede lid, worden aangebracht overeenkomstig het krachtens artikel 7.1.6 bepaalde. De rechthebbende draagt er zorg voor dat de nummers binnen 4 weken na kennisgeving van het besluit van burgemeester en wethouders zijn aangebracht. Als een verblijfsobject, lig- of standplaats nog niet gereed is gekomen, wordt het nummer binnen 4 weken na het gereedkomen daarvan aangebracht. Als burgemeester en wethouders het nodig oordelen een nummeraanduiding, waarop het vervallen nummer is doorgehaald, gedurende ten hoogste een jaar naast de nummeraanduiding met het nieuwe nummer te handhaven laat de rechthebbende dit toe of geeft de rechthebbende daaraan uitvoering. Burgemeester en wethouders kunnen de in het tweede en derde lid genoemde termijnen verlengen.
Toelichting Artikel 6 (nu 7.1.5 VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. In artikel 7.1.5 is ‘voltooid’ vervangen door ‘gereed gekomen’. Deze terminologie sluit beter aan bij artikel 7 van de Wet BAG zoals dat luidde tot 1 juli 2018 en waarin dit in de memorie van toelichting werd toegelicht als “[…] na het gereedkomen van het pand of verblijfsobject – bijvoorbeeld de oplevering van een huis of kantoorpand – of na de realisatie van een wijziging – bijvoorbeeld de aanbouw van een serre – […]”. Door bij deze terminologie aan te sluiten wordt duidelijker dat hetzelfde bedoeld wordt als dat voor 1 juli 2018 onder de Wet BAG gold. Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving) 8
Artikel 7 Burgemeester en wethouders stellen nadere technische uitvoeringsvoorschriften vast voor de wijze van nummeren en voor het aanbrengen van nummerborden. Burgemeester en wethouders stellen, met het oog op het interbestuurlijk en maatschappelijk belang van een systematische registratie van door hen uitgegeven namen en nummers, nadere registratieve voorschriften.
Artikel 7.1.6 Nadere regels 1. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over het proces en de wijze van: a. naamgeving en begrenzing van woonplaatsen, wijken, buurten en bouwblokken; b. naamgeving en begrenzing van de openbare ruimte; c. nummering van verblijfsobjecten, lig- en standplaatsen; d. opmaak van formulieren, besluiten en verklaringen. 2. De nadere regels zijn niet strijdig met het Convenant inzake postcodes.
Toelichting Artikel 7 (nu 7.1.6 VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 8 Strafbepaling Overtreding van artikel 4, tweede en derde lid, of het niet voldoen aan de bepalingen in de artikelen 5 en 6, eerste en tweede lid, wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie. De opsporing van de in het eerste lid strafbaar gestelde feiten is, naast de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door burgemeester en wethouders met de zorg voor de naleving van deze verordening zijn
Artikel 11.1.1 Strafbepaling 1. Overtreding van artikel 7.1.3, tweede en derde lid, artikel 7.1.4 en artikel 7.1.5, eerste tot en met vierde lid, wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie. a. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze artikelen zijn belast hen die door burgemeester en wethouders met de zorg voor de naleving van deze verordening zijn belast en de in artikel 141 van het 9
belast, ieder voorzover het de feiten betreft die in de aanwijzing zijn vermeld.
Wetboek van Strafvordering genoemde opsporingsambtenaren.
Toelichting De strafbepalingen uit alle verordeningen die regels bezitten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zijn in de Verordening Fysieke Leefomgeving samengevoegd in artikel 11.1.1. Zo ook de strafbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden enkel de strafbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 weergegeven en niet de gehele strafbepaling uit de Verordening Fysieke Leefomgeving. Voor de gehele strafbepaling wordt u doorverwezen naar artikel 11.1.1 in de Verordening Fysieke Leefomgeving Rijswijk. Artikel 8 (nu 11.1.1, lid 5, VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 9 Inwerkingtreding De verordening treedt in werking met ingang van de dag volgend op die van haar bekendmaking.
Artikel 12.1.3 Inwerkingtreding nieuwe verordening en intrekking oude verordeningen en regels 1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.
Toelichting De overgangs- en slotbepalingen uit alle verordeningen die regels bezitten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zijn in de Verordening Fysieke Leefomgeving samengevoegd in hoofdstuk 12. Zo ook de overgangs- en slotbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden enkel de overgangs- en slotbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 weergegeven en niet de gehele overgangs- en slotbepaling uit de Verordening Fysieke Leefomgeving. Voor de gehele overgangs- en slotbepaling wordt u doorverwezen naar hoofdstuk 12 in de Verordening Fysieke Leefomgeving Rijswijk.
10
De inhoud van artikel 9 (nu 12.1.3, lid 1, VFL) is ongewijzigd gebleven. De Verordening Fysieke Leefomgeving treedt in werking op de dag na bekendmaking. Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 10 Vervallen oude regels Met de inwerkingtreding van deze verordening vervallen alle eerdere gemeentelijke regels en voorschriften voor het benoemen van delen van de openbare ruimte en het nummeren van de daaraan liggende objecten.
Artikel 12.1.4 Overgangsrecht 1. Met de inwerkingtreding van deze verordening vervallen alle eerdere gemeentelijke regels en voorschriften voor het benoemen van delen van de openbare ruimte en het nummeren van de daaraan liggende objecten.
Toelichting De overgangs- en slotbepalingen uit alle verordeningen die regels bezitten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zijn in de Verordening Fysieke Leefomgeving samengevoegd in hoofdstuk 12. Zo ook de overgangs- en slotbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden enkel de overgangs- en slotbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 weergegeven en niet de gehele overgangs- en slotbepaling uit de Verordening Fysieke Leefomgeving. Voor de gehele overgangs- en slotbepaling wordt u doorverwezen naar hoofdstuk 12 in de Verordening Fysieke Leefomgeving Rijswijk. De inhoud van artikel 10 (nu 12.1.4, lid 5, VFL) is ongewijzigd gebleven. Artikel 11 wordt als volgt gewijzigd: Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
Artikel 11 Overgangsbepaling
Artikel 12.1.4 Overgangsrecht 11
Naam en nummers die op grond van de in artikel 10 genoemde regels en voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na het in werking treden van deze verordening bestaan. Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op grond van de in het eerste lid genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften. Bij het wijzigen van een naam of nummer, bedoeld in het eerste en tweede lid, zullen zowel de oude en de nieuwe naam als het oude en het nieuwe nummer gedurende een jaar mogen worden gebruikt op de wijze bepaald in de uitvoeringsvoorschriften, bedoeld in artikel 7, eerste lid.
Lid 5:
a. Namen en nummers die op grond van de in lid 5 genoemde regels en voorschriften aan objecten zijn toegekend, blijven na inwerkingtreding van deze verordening bestaan. b. Burgemeester en wethouders kunnen in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op grond van de in het eerste lid genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften.
Toelichting De overgangs- en slotbepalingen uit alle verordeningen die regels bezitten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, zijn in de Verordening Fysieke Leefomgeving samengevoegd in hoofdstuk 12. Zo ook de overgangs- en slotbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995. In de kolom ‘nieuwe tekst’ worden enkel de overgangs- en slotbepalingen uit de Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995 weergegeven en niet de gehele overgangs- en slotbepaling uit de Verordening Fysieke Leefomgeving. Voor de gehele overgangs- en slotbepaling wordt u doorverwezen naar hoofdstuk 12 in de Verordening Fysieke Leefomgeving Rijswijk. Artikel 11 (nu 12.1.4, lid 5, VFL) is conform de modelverordening van de VNG gewijzigd. De VNG stelt hierover opschriften te hebben toegevoegd die de lading van dit artikel dekken. Het derde lid van artikel 11 is komen te vervallen omdat dit lid niet langer strookt met de regelgeving in de Wet basisregistratie adressen en gebouwen. De volgende toelichting is toegevoegd in de algemene toelichting ten einde van de Verordening Fysieke Leefomgeving. Was
Wordt
Bestaande tekst (Verordening straatnaamgeving en huisnummering Rijswijk 1995)
Nieuwe tekst (Verordening Fysieke Leefomgeving)
12
Toelichting: Artikel 7.1.1 Naamgeving van woonplaatsen en van delen van de openbare ruimte Dit artikel regelt het vaststellen en begrenzen van de woonplaatsen. Het totale grondgebied van de gemeente moet in een of meer woonplaatsen worden opgedeeld. Dit betekent, dat de gemeentegrens altijd samenvalt met de woonplaatsgrenzen. Verder biedt het eerste lid de mogelijkheid om woonplaatsen te verdelen in wijken en buurten. In het kader van de Volkstelling 1971 is tussen gemeenten, de provinciale planologische diensten en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) een gebiedsindeling overeengekomen, die wordt aangeduid met de term CBS wijk- en buurtindeling. Deze indeling werd noodzakelijk geacht, omdat op provinciaal en landelijk niveau behoefte bestond aan inzicht in de onderverdeling van het gemeentelijk grondgebied. Sinds 1971 heeft het echter ontbroken aan systematisch interbestuurlijk overleg waardoor onduidelijkheid kon ontstaan over de te hanteren wijk- en buurtindeling. De minister van Economische Zaken is voornemens zijn coördinerende rol inzake wijk- en buurtindeling te reactiveren, maar dat heeft nog niet geleid tot nadere bijhoudingsregels. Gemeenten doen er voorlopig verstandig aan bij het opdelen van een woonplaats in wijken en buurten - de CBS-voorschriften inzake de wijk- en buurtindeling uit 1970 aan te houden.
Verder regelt dit artikel het per woonplaats benoemen van openbare ruimte. In de Wet BAG zijn geen bepalingen opgenomen over de grenzen van benoemde delen van de openbare ruimte. Daar is in de verordening wel voor gekozen om te voorkomen dat delen van de openbare ruimte, onbedoeld, een dubbele naam krijgen of deels geen naam krijgen vanwege onduidelijkheid over de begrenzingen. Verder is in het tweede lid de naamgeving van gemeentelijke gebouwen en bouwwerken meegenomen. Deze taak kan, naast de naamgeving van woonplaatsen en de openbare ruimte, aan de Commissie straatnaamgeving worden opgedragen. Met de wettelijke regeling inzake de naamgeving van de openbare ruimte komt een 13
einde aan discussies over de naamgeving van rijkswegen en provinciale wegen. De Wet BAG schrijft namelijk voor dat alle verblijfsobjecten van een nummer moeten zijn voorzien en dat geldt dus ook voor bijvoorbeeld benzinestations, restaurants of hotels die alleen via een rijks- of provinciale weg zijn te bereiken. Nummers kunnen alleen worden uitgegeven als zij worden gerelateerd aan een door het college vastgestelde naam aan een deel van de openbare ruimte. Gemeenten moeten derhalve ex artikel 6 van de Wet BAG voor rijks- en provinciale wegen een naambesluit nemen. Gemeenten moeten hier verstandig met hun bevoegdheid omgaan. In dit soort gevallen kan worden aangesloten bij de al jaren door veel gemeenten toegepaste werkwijze, waarbij de naamgeving louter wordt gebaseerd op de nummer en het type weg. Bijvoorbeeld door de A3 in een bepaalde woonplaats de naam <Rijksweg A3> toe te kennen. Daarmee blijft de A-nummering in tact en ook het type weg (rijksweg) blijft onveranderd. (E-aanduidingen moeten niet in de naamgeving van rijkswegen worden betrokken.) Zo kan ook bijvoorbeeld de provinciale weg N999 de naam <Provinciale weg N999> worden toegekend. Ook hier blijft het type weg en de N-nummering volledig in tact. Anders ligt dat bij de naamgeving van rivieren en wateren van internationale betekenis.
Na ampel beraad is besloten over de naamgeving van dit soort openbare buitenruimten geen regels op te nemen in de verordening. Er bestaat voor de gemeente immers geen enkele aanleiding of noodzaak tot het herbenoemen van deze rivieren en wateren. Het behoeft bovendien geen nadere uitleg dat het tot onoverzichtelijke situaties leidt als bijvoorbeeld een rivier per woonplaats een andere naam krijgt toebedeeld. Het toekennen van nummeringen aan een object of plaats dient te worden gekoppeld aan de naam van de openbare ruimte naast voornoemde rivieren en wateren. Als zich de bijzondere situatie al mocht voordoen om een naam van een rivier of water van internationale betekenis te wijzigen, dan kan dat niet eerder plaatsvinden dan na gehouden overleg met het bestuursorgaan die dat aangaat. 14
Het derde lid bepaalt, dat onder de termen bepalen, vaststellen, verdelen en toekennen, zoals bedoeld in het eerste en twee lid, tevens het wijzigingen of intrekken daarvan omvat. Deze passage is opgenomen, omdat hierover in het verleden problemen zijn gerezen. Artikel 7.1.2 Nummering van objecten Het eerste en tweede lid regelen het vaststellen van standplaatsen en ligplaatsen en het toekennen van nummers aan verblijfsobjecten, ligplaatsen, standplaatsen en afgebakende terreinen. Hier is niet voor de term huisnummer gekozen, omdat bij afgebakende terreinen, lig- en standplaatsen niet kan worden gesproken van huis. Vandaar dat de term nummeraanduiding wordt gebruikt. Een burger kan overigens een aanvraag voor een nummeraanduiding bij burgemeester en wethouders indienen. Deze aanvraag zal in de regel zijn aan te merken als een verzoek van een belanghebbende om een besluit te nemen in de zin van artikel 1:3, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Op de afwikkeling van de aanvraag zijn de hoofdstuk 3 en 4 van de Awb van toepassing (zie hierover ook de algemene toelichting). Artikel 7.1.3 Namen en nummers aanbrengen De toegekende namen moeten overeenkomstig de wens van het college worden aangebracht. De kosten daarvan komen voor rekening van de gemeente. De in het eerste lid vervatte zinsnede ‘in voldoende aantallen ter plaatse’ verdient nadere toelichting.
Onder dit begrip wordt verstaan, dat een verkeersdeelnemer bij het oprijden van een kruising van wegen, door in voldoende aantallen aangebrachte naamborden, zonder omkijken en in een oogopslag de naam van de dwarsstraat moet kunnen lezen. Dit betekent doorgaans dat op alle hoeken van de kruising borden dienen te worden aangebracht. Het tweede lid verbiedt een ieder die daartoe niet is bevoegd, namen toe te kennen aan delen van de openbare ruimte door naamborden zichtbaar ter plaatse aan te brengen. Het komt steeds vaker voor dat burgers - om de meest uiteenlopende redenen - een straatnaambord in de tuin plaatsen of 15
aan de onroerende zaak bevestigen. Dat geeft veelal verwarring met de door de gemeente toegekende namen aan de openbare ruimte. Het derde lid geeft de gemeente de bevoegdheid om hiertegen op te treden. Voor de goede wordt erop gewezen dat het iedereen vrij staat om een naam toe te kennen aan zijn onroerende zaak, zolang dat geen verwarring geeft met de door de gemeente toegekende namen aan de openbare ruimte. Het derde lid verbiedt een ieder die daartoe niet is bevoegd nummers toe te kennen aan onroerende zaken die privé bezit zijn door deze op zichtbare wijze aan te brengen. Het aanbrengen van zelf gekozen nummers door eigenaren, gebruikers of beheerders aan objecten, plaatsen en terreinen is de laatste decennia hand over hand toegenomen. Bovendien is bij de invoering van de BAG ook gebleken dat nummers vaak zijn verdwenen. Ook worden nummers soms zo abstract vormgegeven dat zij niet meer aan het criteria van doeltreffendheid, zoals bedoeld in het tweede lid, voldoen. Deze criteria moeten door het college worden uitgewerkt in de uitvoeringsvoorschriften. Artikel 7.1.4 Gedoogplicht naamborden Het toekennen van een naam of nummer op grond van de verordening is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het besluit zal aan de formele en materiële eisen van de Awb moeten voldoen.
Op grond van de Awb is het mogelijk tegen een besluit een bezwaarschrift in te dienen bij het besluitende bestuursorgaan. Tevens staat de mogelijkheid open om een beroepschrift in te dienen bij de sector bestuursrecht van de rechtbank. Met name ten aanzien van naamgeving kan de vraag rijzen of er wel sprake is van een besluit. Deze vraag kan bevestigend worden beantwoord indien het besluit zich richt op bepaalde, concreet aanwijsbare objecten en het besluit gebaseerd is op een publiekrechtelijke regeling die een gedoogplicht inhoudt voor de rechthebbende op onroerende zaken in verband met het op deze objecten aanbrengen van naam- en nummeraanduidingsborden. Op grond van deze verordening zal derhalve sprake zijn van 16
een besluit tot naamgeving of nummering. Ook wijziging of intrekking van een naam of nummer of het afwijzen van een verzoek daartoe valt binnen de reikwijdte van de Awb. Indien een aanvraag voor een naam of een nummering moet worden afgewezen of een besluit tot naamgeving of nummering een derdebelanghebbende kan treffen, moet worden bezien of artikel 4:7 dan wel 4:8 van de Awb van toepassing is. Deze artikelen houden de verplichting in de aanvrager of belanghebbende te horen voordat het besluit wordt genomen. Artikel 7.1.5 Nummerborden aanbrengen Vanuit een weloverwogen algemeen maatschappelijk belang dienen naamborden door of namens de gemeente ter plaatse goed zichtbaar en in voldoende mate te worden aangebracht. Veelal is het noodzakelijk om naamborden te bevestigen aan gevels, terreinafscheidingen of aan paaltjes die op privéterrein worden geplaatst. De betrokken rechthebbenden zijn verplicht dat toe te laten. Het artikel houdt verder rekening met de omstandigheid dat de borden niet door de gemeente zelf, maar op verzoek van de gemeente door derden worden aangebracht. Het tweede lid geeft de gemeente de mogelijkheid om een bord met de oude (doorgehaalde) naam enige tijd te handhaven naast een bord met de nieuwe naam. Op deze wijze wordt voorkomen dat zij, die niet van de herbenoeming op de hoogte zijn, hun bestemming niet kunnen vinden.
Het derde lid is opgenomen om te voorkomen dat de leesbaarheid/zichtbaarheid van een aangebracht naambord door bijvoorbeeld hoog opschietend groen, zonnescherm of reclamebord wordt belemmerd. Vandaar dat is bepaald dat de rechthebbende ervoor dient te zorgen dat de bedoelde borden vanaf de openbare weg leesbaar blijven. Artikel 7.1.6 Uitvoeringsvoorschriften Het eerste lid biedt de mogelijkheid om uitvoeringsvoorschriften vast te stellen ten aanzien van naamgeving en nummering. Deze uitvoeringsvoorschriften zijn gericht op vast gemeentelijk beleid. Dat kan van belang zijn bij beroeps- en bezwaarprocedures. De 17
uitvoeringsvoorschriften kunnen bepalingen bevatten met betrekking tot de bestuurlijke, taalkundige en inhoudelijke aspecten van de naamgeving, alsmede bepalingen over de wijken buurtindeling, de toekenning van nummers, de wijze van nummeren, de uitvoering en plaatsing van borden en voorschriften van administratief-organisatorische aard, zoals de instelling en functie van een Commissie straatnaamgeving. Ook kunnen modellen worden voorgeschreven voor verklaringen, besluiten en formulieren. Het tweede lid bepaalt dat de uitvoeringsvoorschriften niet in strijd mogen zijn met het postcodeconvenant. Toelichting De toelichting uit de modelverordening van de VNG is toegevoegd.
18