Vragen VVD - inzake de Orchard
Tekst van het document
Vragen inzake de Orchard
Inleiding Op 27 juni 2023 heeft de Raad een amendement van de Rijswijkse VVD (en anderen) aangenomen met betrekking tot de Orchard. Het aangenomen raadbesluit luidde daarmee : in te stemmen met een eenmalige gemeentelijke financiële bijdrage van €1.870.758 bedoeld als cofinanciering bij de toegekende Specifieke uitkering impulsaanpak winkelgebieden van het ministerie van EZK, waardoor de start bouw van The Orchard in juli 2023 wordt gegarandeerd; naar onderstaande nieuwe tekst: 2. In te stemmen met een eenmalige gemeentelijke financiële bijdrage van €1.870.758 bedoeld als cofinanciering bij de toegekende Specifieke uitkering impulsaanpak winkelgebieden van het ministerie van EZK, waardoor de start bouw van The Orchard in juli 2023 wordt gegarandeerd;
onder voorwaarden dat tijdens de bouw sprake is van social return of investment en dat in The Orchard gedurende tien jaar na oplevering een door de gemeente te bepalen maatschappelijke functie wordt gecreëerd van tenminste 300 m BVO waar alle Rijswijkers profijt van kunnen hebben.
Het vet gedrukte deel is de voorwaardelijke toevoeging die de raad via het amendement heeft aangenomen. In de toelichting is het College gevraagd een voorstel voor de invulling aan de Raad te sturen, waarbij tevens duiding is gegeven waaraan, wat betreft de Raad, gedacht kan worden (en waaraan niet). In 2024 heeft het college naar aanleiding van vragen van GL tijdens de begrotingsbehandeling aangegeven dat er contractuele afspraken met de ontwikkelaar zijn gemaakt dat er een ruimte ter beschikking wordt gesteld.
Vragen: We zijn inmiddels bijna drie jaar verder. De bouw van de Orchard vordert, appartementen staan reeds in de verkoop. Daarom de volgende vragen: 1. Waarom heeft de wethouder zoals gevraagd tot dusver geen raadsvoorstel aan de Raad gestuurd met daarin een voorstel voor de invulling van de maatschappelijke functie? Of op zijn minst geen RIB om de raad te informeren over de voorgang? 2. Zijn er inmiddels al ideeën over de invulling van de maatschappelijke functie? Zo ja, welke zijn dit? Indien nee: waarom niet, en wanneer zijn die er wel. En wanneer wordt dan wel aan de Raad een raadsvoorstel gestuurd? 3. Hoe verlopen de gesprekken met de ontwikkelaar over de invulling van de maatschappelijke ruimte? 4. Is de wethouder het met de Rijswijkse VVD eens dat het op zijn zachts gezegd best raar is dat als de raad een zeer uitzonderlijk besluit neemt (1,8 mln euro stoppen in een commercieel traject) en daar een tegenpresentatie voor vraagt, er na drie jaar nog geen enkel inzicht is gegeven in wat de inhoud van die tegenpresentatie zou kunnen zijn?
Namens de Rijswijkse VVD,
Udo Oelen