Toezegging wethouder Besteman inzake financiële middelen onderwijsachterstanden.odt
Tekst van het document
Toezegging wethouder Besteman inzake financiële middelen onderwijsachterstanden Vorige week dinsdag heeft wethouder Besteman in het Forum Samenleving de toezegging (aan BvR) gedaan om de financiële middelen die beschikbaar zijn voor de uitvoering van het onderwijsachterstandenbeleid op een rijtje te zetten en na te sturen. Hieronder het overzicht. Het budget voor de uitvoering van het onderwijsachterstandenbeleid bestaat uit: Rijksbijdrage o Specifieke uitkering onderwijsachterstandenbeleid vanuit het Rijk: voorlopige beschikking 2021; € 2.082.612,--. Dit is geoormerkt budget dat de gemeente krijgt voor de uitvoering van de wettelijke taak op het gebied van voorschoolse educatie. Daarnaast kan dit budget, in overleg met het onderwijs, worden ingezet voor activiteiten ter bevordering van de beheersing van het Nederlands op school. Op deze manier moet de gemeente de besteding van het budget ook verantwoorden richting het Rijk. De hoogte van de specifieke uitkering wordt jaarlijks bijgesteld door het Rijk. Het Rijk hanteert zelf een “planperiode” van 4 jaar. We zitten nu in de planperiode 2020-2023. Aan het einde van de planperiode moeten niet, of onterecht, bestede middelen worden terugbetaald aan het Rijk. Gemeentelijke bijdrage (bedragen zoals opgenomen in de gemeente begroting 2021): o € 421.810,--; Voor peuteropvang voor niet-doelgroep peuters.
Daarmee zetten we in op gemengde groepen. o € 155.057,--; voor de Taalplannen; de uitvoering (en daarmee ook de gemeentelijke bijdrage) is per schooljaar o € 46.550,--; voor zaken die niet vanuit de Rijksbijdrage kunnen worden bekostigd. Bijvoorbeeld activiteiten in het voortgezet onderwijs. Ook voor dit soort activiteiten zullen per schooljaar lopen Naast bovenstaande middelen ontvangen alle scholen op basis van de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs binnen hun lumpsumfinanciering middelen om het onderwijs zodanig in te richten dat op herkenbare en structurele wijze aandacht wordt besteed aan het bestrijden van onderwijsachterstanden, in het bijzonder in het beheersen van de Nederlandse taal. Daarnaast ontvangen basisscholen met een hoge achterstandsscore zelf extra budget vanuit het Rijk om achterstanden in de vroegschoolse periode (groep 1 en 2) aan te pakken.