Toelichting - Bijlage 10 Verkennend bodemonderzoek
Tekst van het document
VERKENNEND BODEMONDERZOEK EN ASBEST IN BODEM (INCLUSIEF PFAS) TE WERVE OOST TE RIJSWIJK
Rapportage verkennend bodemonderzoek en asbest in bodem (inclusief PFAS) Te Werve Oost te Rijswijk Opdrachtgever
Synchroon B.V. Stadsplateau 14 3521 AZ Utrecht
Contactpersoon
De heer D. van Duijn
Rapportnummer
7525.011
Versienummer
D2
Status
Eindrapportage
Datum
22 februari 2022
Vestiging
Zuid-Holland Hoofdweg 240 3067 GJ Rotterdam 010 – 764 08 28 rotterdam@econsultancy.nl
Opsteller
De heer dr. Y. Boswinkel
Paraaf Kwaliteitscontrole
De heer S. Heijink, MSc
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname.
Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE ................................................................................... 1
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM ................................................................. 2 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9
Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 2 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Calamiteiten ...................................................................................................................... 3 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 3 Aangrenzende terreindelen/percelen ............................................................................... 3 Terreininspectie ................................................................................................................ 4 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 4 Bodemopbouw en geohydrologie ..................................................................................... 4
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET) 5
5
VELDWERK ................................................................................................................................ 6 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
6
LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................................. 11 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5
7
Algemeen.......................................................................................................................... 6 Visuele inspectie toplaag/maaiveld op asbest.................................................................. 6 Grondonderzoek ............................................................................................................... 6 Algemene bodemopbouw en visuele inspectie opgegraven materiaal ............................ 7 Grondwateronderzoek .................................................................................................... 10 5.5.1 Uitvoering veldwerk .......................................................................................... 10 5.5.2 Grondwaterbemonstering ................................................................................. 10
Uitvoering analyses ........................................................................................................ 11 Toetsingskader ............................................................................................................... 14 Resultaten grond- en grondwatermonsters verkennend bodemonderzoek ................... 16 Resultaten verkennend onderzoek asbest ..................................................................... 17 Interpretatie analyseresultaten ....................................................................................... 18
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES ........................................................................ 19
7525.011
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3a. 3b. 4a. 4b. 5. 6.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Boorprofielen - Foto's asbestinspectiegaten, opgegraven en opgeboorde materiaal - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten Circulaire bodemsanering - Toetsingskader Circulaire bodemsanering - Berekening indicatief asbestgehalte
7525.011
1
INLEIDING
Synchroon B.V. heeft Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek en asbest in bodem op de locatie Te Werve Oost te Rijswijk. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen bestemmingsplanwijziging. Het onderzoek heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie bodemverontreiniging aanwezig is. Tevens heeft het onderzoek tot doel na te gaan of de verdenking van verontreiniging met asbest van het terrein terecht is en (zo nodig) een indicatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de bodem. Op basis van de resultaten wordt bepaald of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Het verkennend onderzoek asbest in bodem is uitgevoerd conform de NEN 5707+C1:2016/C2:2017 "Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond".
Het veldwerk en de bemonstering zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001, 2002 en 2018. De visuele inspectie is uitgevoerd door medewerkers, die gekwalificeerd zijn voor het protocol 2018 van de BRL SIKB 2000. Tevens is rekening gehouden met de “Handreiking PFAS bemonsteren” (VKB, VVMA en Expertisecentrum PFAS; versie 1.0; d.d. 25 juni 2020) voor het bemonsteren van PFAS-verbindingen. De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Voor de specifieke toetsing wordt verwezen naar paragraaf 6.2. De analyseresultaten zijn tevens getoetst aan de voorlopige toepassingswaarden voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem en in oppervlaktewater zoals opgenomen in het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie”. Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001, 2002 en 2018 van de BRL SIKB 2000. In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE
Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem omvat de onderzoekslocatie en de direct hieraan grenzende percelen en/of terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 42.000 m²) is gelegen aan de Karel Doormanlaan en de Idenburglaan, bekend als Te Werve Oost te Rijswijk (zie bijlage 1). De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Rijswijk, sectie D, nummers 5899, 7739, 7740, 7741, 7743, 8294 (ged.) en 8417(ged.).
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 1 van 20
Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 0,0 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 82.500, Y = 451.270.
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM
3.1
Geraadpleegde bronnen
Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een milieuhygiënisch vooronderzoek bodem uitgevoerd op basis van de NEN 5725. In tabel 1 zijn de in het kader van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel 1.
Geraadpleegde bronnen Onderdeel
Bron
Historisch, huidig en toekomstig gebruik
Opdrachtgever (contactpersoon: de heer D. van Duijn), d.d. 29 november 2021
Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek
Omgevingsdienst Haaglanden (online tool), d.d. 17 december 2021)
Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's & Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion
Terreininspectie
Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 16 november 2021
3.2
Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie
Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1900 - 1950 blijkt, dat de onderzoekslocatie in gebruik was als weiland en in die periode altijd een agrarische bestemming heeft gehad. Plaatselijk zijn er tot omstreeks 1950 kassen op de onderzoekslocatie aanwezig geweest. De periode waarop in de tuinbouw gebruik is gemaakt van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB’s) loopt van 1950 tot omstreeks 1975. Dit betekent dat op de locatie zeer waarschijnlijk geen OCB’s zijn gebruikt. Ook is er sprake van een ophooglaag voor de bebouwing, waardoor de oorspronkelijke bovengrond niet meer te identificeren is. Onderzoek naar OCB is daarom niet noodzakelijk geacht. In 1956 is de huidige bebouwing inclusief infrastructuur gerealiseerd, bestaande uit appartementsblokken, woonhuizen en wegen met trottoirs, alsmede parkeerplaatsen en enkele plantsoenen. Tegenwoordig zijn sommige wegen bestraat met klinkers en sommige wegen hebben een asfaltverharding. Waarschijnlijk is er voor de ontwikkeling van de woonwijk sprake geweest van ophoging van de onderzoekslocatie met zand en klei van onbekende herkomst. Voor zover bij de opdrachtgever en de Omgevingsdienst Haaglanden bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 2 van 20
plaatsgevonden. Ook zijn er geen gegevens bekend omtrent overige potentieel bodembedreigende activiteiten op de onderzoekslocatie. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie. 3.3
Toekomstige situatie
De initiatiefnemer is voornemens nieuwbouw op de locatie te realiseren. 3.4
Calamiteiten
Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de Omgevingsdienst Haaglanden blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan. 3.5
Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie
Aan de noordoostelijke zijde van de onderzoekslocatie, ter plaatse van de Generaal Berenschotlaan (ter hoogte van nummer 38), is ten tijden van rioolwerkzaamheden een geval van ernstige bodemverontreiniging met benzeen, tolueen en xylenen aangetoond. Tevens is het grondwater sterk verontreinigd met benzeen. Op 5 november 2015 is de sanering aangemeld als voltooid. Hierbij is 55 m 3 (circa 69 ton) verontreinigde grond afgevoerd naar een erkende verwerker. Uit putbodem- en wandmonsters is gebleken dat de terugsaneerwaarde, kleiner/gelijk aan de achtergrondwaarde, is gehaald. In het grondwater zijn enkel nog lichte verontreinigingen met benzeen, naftaleen en xylenen aangetoond. Er is verder 65 m3 schone grond toegepast. De verontreiniging is hiermee volledig verwijderd. De sanering is uitgevoerd door BMA Milieu BV en de sanering is goedgekeurd door de Omgevingsdienst Haaglanden (zaaknummer 00451629, d.d. 25 april 2016). 3.6
Aangrenzende terreindelen/percelen
In paragraaf 3.1 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Rondom de onderzoekslocatie bevinden zich woonhuizen en appartementsblokken met bijbehorende siertuinen. Ten noordwesten van de onderzoekslocatie is door Econsultancy in 2017 een verkennend bodemonderzoek (inclusief asbest) uitgevoerd (rapportnummer 4116.001, d.d. 8 september 2017). Hierbij zijn in de bovengrond lichte verontreinigingen met PCB, zware metalen en minerale olie aangetoond. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond en in het grondwater enkel een lichte verontreiniging met molybdeen. Verder is er in de bodem géén asbest aangetoond. Ten noorden van de onderzoekslocatie bevond zich tot omstreeks 1950 Huis Rijswijk. Hierbij zijn een aantal kassen en een oude fruitboomgaard bekend. De boomgaarden en een groot deel van de kassen bevindt zich buiten de huidige onderzoekslocatie. Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen zijn te verwachten.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 3 van 20
3.7
Terreininspectie
Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in paragraaf 3.2. Op de onderzoekslocatie zijn geen mogelijke bronnen voor een grond- en/of grondwaterverontreiniging aangetroffen. Op de onderzoekslocatie zijn eveneens geen specifieke mogelijke bronnen voor een asbestverontreiniging aangetroffen. 3.8
Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten
De onderzoekslocatie is met betrekking tot de bovengrond gelegen binnen de bodemkwaliteitszone “Wonen”, van het gebied waarvoor de gemeente Rijswijk een “Nota bodembeheer” heeft opgesteld. Met betrekking tot de ondergrond is de onderzoekslocatie gelegen binnen de bodemkwaliteitszone "AW2000”. Voor het gebied waarin onderhavige onderzoekslocatie is gelegen, is géén asbestkansenkaart vastgesteld. 3.9
Bodemopbouw en geohydrologie
De onderzoekslocatie ligt volgens de bodemkaart van Nederland in een niet-gekarteerd gebied. De dichtstbijzijnde kaarteenheid betreft een woudeerdgrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit klei. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Naaldwijk. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 1,5 m -NAP, waardoor het grondwater zich op ± 1,5 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordwestelijke richting. Er liggen geen pompstations in de buurt van de onderzoekslocatie die van invloed zouden kunnen zijn op de grondwaterstroming ter plaatse van de onderzoekslocatie. De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 4 van 20
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET)
Ten behoeve van het bodemonderzoek is, op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem, een aantal deellocaties geïdentificeerd. In tabel 2 zijn de onderzoeksstrategieën, die van toepassing zijn op de betreffende deellocaties, weergegeven. Tabel 2.
Onderzoeksstrategie Deelonderzoek
Oppervlakte
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
A
gehele onderzoekslocatie (*A)
± 42.000 m2
metalen, minerale olie, PAK en asbest
VED-HE-NL
B
PFAS onderzoek
± 42.000 m2
PFAS
VED-HO
(*A) Er is vanuit gegaan dat de bestaande infrastructuur vooralsnog blijft gehandhaafd. Derhalve is hier, in het kader van de bestemmingsplanwijziging, geen fysiek en analytisch onderzoek verricht. Bij herinrichting van deze infrastructuur kan mogelijk wel aanvullend bodemonderzoek noodzakelijk zijn. Onderzoeksstrategieën volgens NEN 5740 / NEN 5707: VED-HO : Verdacht, diffuse bodembelasting, homogene verontreiniging VED-HE-NL: Verdacht, diffuse bodembelasting, heterogene verontreiniging, niet lijnvormig
Op basis van het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” blijkt dat vooralsnog heel Nederland (voornamelijk de bovengrond) als “verdacht” wordt aangemerkt met betrekking tot de parametergroep PFAS. Dit betekent echter niet dat alle locaties per definitie verdacht zijn op PFAS bóven de toetsnorm. Verwacht wordt, dat er verspreid over de onderzoekslocatie gelijke gehalten aan PFAS voorkomen. Uit de reeds bekende gegevens concludeert Econsultancy dat atmosferische depositie naar verwachting de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op de locatie is. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehalten in bodem en water kan leiden.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 5 van 20
5
VELDWERK
5.1
Algemeen
Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten/gaten en de peilbuizen. In bijlage 3a zijn de bodemprofielen van de asbestinspectiegaten en de boringen opgenomen. Bijlage 3b bevat enkele foto’s van de asbestinspectiegaten en het opgegraven en opgeboorde bodemmateriaal. Het veldwerk is op 16 tot en met 19 november en 15 december 2021 uitgevoerd onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer M.M. Timmermans. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2001 en 2018 van de SIKB BRL 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De boringen en peilbuizen zijn geplaatst met behulp van een edelmanboor. Van het opgeboorde en opgegraven materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn. Ten behoeve van het verkennend onderzoek asbest is het opgegraven materiaal gezeefd over een 20 mm zeef en zintuiglijk beoordeeld.
Indien van toepassing is een schatting gemaakt van het asbestgehalte per gat. Indien er asbestverdacht materiaal is aangetroffen, is dit verzameld. 5.2
Visuele inspectie toplaag/maaiveld op asbest
Er zijn op het maaiveld geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In tabel 3 zijn enkele algemene gegevens met betrekking tot de visuele inspectie van de toplaag opgenomen. Tabel 3.
Visuele inspectie toplaag Aandachtsgebied
Opmerking
Oppervlakte van geïnspecteerde locatie
42.000 m²
Conditie toplaag
Droog
Beperkingen van de inspectie
Geen
Weersomstandigheden
Neerslag < 10 mm/dag Zicht > 50 m
Zand, klei/leem en/of veen
Klei
Los of (deels) vastgereden
Los
Geen/matige vegetatie
Vegetatie, gedeeltelijke verhardingen
Geschatte inspectie-efficiëntie (tabel 2 NEN 5707)
70 – 90 %
Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?
Nee
5.3
Grondonderzoek
Aan de hand van de geldende onderzoeksstrategieën zijn de werkzaamheden uitgevoerd zoals die in tabel 4 zijn vermeld.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 6 van 20
Tabel 4.
Uitgevoerde werkzaamheden Veldwerk
Deelonderzoek
Boringen / gaten / peilbuizen
Analyses Verharding
A
gehele onderzoekslocatie
47 (1,0 m -mv) 10 (2,0 m -mv) 5 (peilbuis) (*C) 47 (gaten) (*A)
divers
B
PFAS onderzoek
13 (1,0 m -mv) (*B)
divers
Grond standaardpakket (17x: 11x verdachte laag + 6x onverdachte ondergrond)
Grondwater standaardpakket (5x)
asbest (kwantitatief) (15x) PFAS (4x)
-
(*D)
(*A)
De gaten hebben een afmeting van 0,3 x 0,3 x 0,5 m en zijn gecombineerd uitgevoerd met de boringen.
(*B)
De boringen t.b.v. PFAS onderzoek zijn, waar mogelijk, gecombineerd met de boringen voor het verkennend bodemonderzoek (deelonderzoek A)
(*C)
De bovenkant van het peilfilter (met een lengte van 1 meter) is 0,5 m onder de grondwaterspiegel geplaatst.
(*D)
Vanwege de verwachting dat atmosferische depositie de enige bron van verontreiniging is, en de verontreiniging zich daardoor tot de bovengrond zal beperken, is er geen PFAS onderzoek in het grondwater uitgevoerd.
5.4
Algemene bodemopbouw en visuele inspectie opgegraven materiaal
De bodem bestaat voornamelijk uit zwak siltig, matig fijn zand en matig zandige, zwak siltige klei. De bovengrond is bovendien zwak tot matig humeus. De bovengrond is plaatselijk zwak tot matig baksteen-, beton en/of puinhoudend. Verder is de bovengrond lokaal zwak tot matig kolengruis- of ashoudend. Tijdens de inspectie is er, afgezien van 1 stukje asbestverdacht materiaal ter plaatse van boring 02 (traject 0,0-0,5 m -mv) geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. In het veld is van de bovengrond (0,0-0,5 m -mv) 15 mengmonsters samengesteld ten behoeve van analytisch onderzoek. Tabel 5 geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen verontreinigingen, die in het opgegraven en opgeboorde materiaal zijn aangetroffen. Tabel 5. Gat/boring 01
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen Einddiepte (m -mv) 3,30
Traject (m -mv)
Waargenomen verontreinigingen
0,00 - 0,30
zwak baksteenhoudend
0,30 - 1,30
matig baksteenhoudend, matig betonhoudend
1,30 - 1,80
zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend
02
1,00
0,00 - 0,50
zwak puinhoudend, zwak asbestverdacht materiaal houdend
04
1,00
0,00 - 0,50
zwak glashoudend
05
0,80
0,05 - 0,40
zwak baksteenhoudend
0,40 - 0,80
gestuit op leiding
06
1,00
0,05 - 0,50
zwak baksteenhoudend
08
1,30
0,00 - 0,50
zwak aardewerkhoudend
1,20 - 1,30
gestuit
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
0,50 - 1,00
zwak baksteenhoudend
09
1,00
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 7 van 20
Vervolg tabel 5. 11
13
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen 1,60
3,00
0,00 - 0,50
zwak asfalthoudend, zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend
0,50 - 1,00
zwak koolashoudend
1,50 - 1,60
gestuit
0,00 - 0,40
zwak aardewerkhoudend, zwak koolashoudend
1,10 - 1,50
zwak puinhoudend
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak glashoudend
14
1,00
0,50 - 1,00
zwak baksteenhoudend
15
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
16
2,00
0,00 - 0,50
zwak aardewerkhoudend
0,50 - 1,20
zwak baksteenhoudend
17
1,00
0,00 - 0,50
zwak glashoudend, zwak plastichoudend
0,75 - 1,00
sterk kolengruishoudend, zwak baksteenhoudend
18
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak glashoudend
21
0,30
0,05 - 0,30
boring gestaakt in verband met vele wortels en leidingtrace
22
1,00
0,00 - 0,50
zwak plastichoudend
23
1,00
0,05 - 0,50
zwak baksteenhoudend
25
3,00
0,00 - 0,60
zwak aardewerkhoudend
0,60 - 1,00
geroerde laag
26
1,00
0,00 - 0,50
zwak aardewerkhoudend
27
1,00
0,05 - 0,50
zwak baksteenhoudend
28
2,00
0,00 - 0,50
zwak aardewerkhoudend, zwak baksteenhoudend
1,00 - 1,10
zwak baksteenhoudend
29
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
30
2,00
0,10 - 0,50
zwak betonhoudend
0,50 - 0,75
zwak betonhoudend
1,00 - 1,30
zwak aardewerkhoudend
31
1,00
0,00 - 0,50
zwak aardewerkhoudend, zwak baksteenhoudend
32
1,00
0,00 - 0,50
zwak grindhoudend
0,50 - 1,00
zwak baksteenhoudend
33
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
34
1,00
0,00 - 0,80
zwak plastichoudend
0,80 - 1,00
zwak koolashoudend, zwak baksteenhoudend
36
1,00
0,05 - 0,50
zwak plastichoudend
37
3,20
0,50 - 0,70
matig baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend
1,40 - 1,60
zaden?
0,00 - 0,25
zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend
0,25 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
0,00 - 0,30
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak metaalhoudend
0,70 - 0,80
sterk baksteenhoudend, zwak betonhoudend
0,00 - 0,30
zwak baksteenhoudend
0,30 - 0,50
zwak baksteenhoudend
0,00 - 0,50
zwak metaalhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
0,50 - 0,80
estaakt op iets massiefs
0,55 - 1,00
zwak baksteenhoudend
38
1,00
39
2,00
40
1,00
41
0,80
42
1,00
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 8 van 20
Vervolg tabel 5.
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen
43
0,80
0,50 - 0,80
gestaakt op puin
44
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
45
1,00
0,00 - 0,25
zwak baksteenhoudend
0,25 - 0,50
zwak baksteenhoudend
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
1,00 - 1,50
zwak kolengruishoudend, zwak slakhoudend
46
2,00
47
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
48
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak slakhoudend
49
1,00
0,00 - 0,50
zwak koolashoudend
50
2,00
0,00 - 0,50
zwak puinhoudend, zwak koolashoudend
51
0,80
0,00 - 0,50
zwak puinhoudend
0,50 - 0,80
matig puinhoudend, gestuit
0,30 - 1,00
zwak puinhoudend
1,00 - 1,40
zwak koolashoudend
1,40 - 1,50
sterk koolashoudend
52
3,00
53
1,00
0,00 - 0,45
zwak plastichoudend
54
0,95
0,00 - 0,50
zwak puinhoudend
0,50 - 0,95
gestuit riool
0,05 - 0,50
zwak grindhoudend
0,50 - 1,00
zwak grindhoudend
0,00 - 0,40
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
0,40 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
0,80 - 1,20
matig baksteenhoudend, gestuit
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak bothoudend
0,50 - 1,00
zwak koolashoudend, zwak puinhoudend, sterk geroerde laag
55
1,00
56
1,20
57
1,00
58
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak houtskoolhoudend
59
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
60
0,65
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
0,50 - 0,65
matig puinhoudend, gestuit
61
1,00
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend
Tabel 6.
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen
Gat/boring
02
Einddiepte (m -mv)
1,0
Traject (m -mv)
0,0-0,5
Waargenomen verontreinigingen
zwak puinhoudend, zwak asbestverdacht materiaal houdend
Asbestverdachte materialen waargenomen? gewicht (gram)
soort
codering
27
vlakke plaat
ASB-D-1
Tabel 7 geeft een overzicht van de in het veld samengestelde (meng)monsters.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 9 van 20
Tabel 7.
Overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters
(Meng)monster
Monsters (in m -mv)
Bijzonderheden
ASB-MM01
02 (0,00-0,50)
zwak puinhoudend, zwak asbestverdacht materiaal houdend
ASB-MM02
05 (0,00-0,50), 08 (0,00-0,50), 09 (0,00-0,50), 10 (0,00-0,50), 11 (0,00-0,50)
zwak baksteen-, betongranulaat-, aardewerk- en/of asfalthoudend
ASB-MM03
03 (0,00-0,50), 04 (0,00-0,50), 06 (0,00-0,50), 07 (0,00-0,50)
zwak baksteen-, betongranulaat- en/of glashoudend
ASB-MM04
12 (0,05-0,50), 20 (0,05-0,50), 21 (0,05-0,50)
zintuiglijk schoon
ASB-MM05
14 (0,00-0,50), 15 (0,00-0,50), 23 (0,00-0,50), 24 (0,00-0,50)
zwak dakpan-, baksteen- en glashoudend
ASB-MM06
16 (0,00-0,50) 17 (0,00-0,50), 18 (0,00-0,50), 22 (0,00-0,50)
zwak baksteen-, dakpan-, aardwerk-, beton-, plastic en/of glashoudend
ASB-MM07
27 (0,05-0,50), 35 (0,05-0,50), 36 (0,05-0,50)
zwak baksteen-, plastic en/of betongranulaathoudend
ASB-MM08
26 (0,00-0,50), 28 (0,00-0,50), 29 (0,00-0,50), 30 (0,00-0,50), 31 (0,00-0,50), 32 (0,00-0,50), 33 (0,00-0,50)
zwak dakpan-, baksteen-, beton- en/of aardewerkhoudend
ASB-MM09
49 (0,00-0,50), 50 (0,00-0,50), 51 (0,00-0,50), 53 (0,00-0,50), 54 (0,00-0,50), 55 (0,05-0,50)
zwak baksteen-, koolas-, puin- en/of plastichoudend
ASB-MM10
40 (0,30-0,50), 45 (0,25-0,50), 46 (0,00-0,50), 48 (0,00-0,50)
zwak baksteen-, slak-, en/of betongranulaathoudend
ASB-MM11
40 (0,00-0,30), 45 (0,00-0,25), 47 (0,00-0,50)
zwak baksteen- en/of betongranulaathoudend
ASB-MM12
38 (0,00-0,50), 39 (0,00-0,30)
zwak baksteen-, beton- en/of metaalhoudend
ASB-MM13
39 (0,30-0,50), 41 (0,00-0,50)
zwak baksteen-, metaal-, en/of betonhoudend
ASB-MM14
42 (0,05-0,50), 43 (0,05-0,50)
zintuiglijk schoon
ASB-MM15
56 (0,00-0,50), 57 (0,00-0,50), 58 (0,00-0,50), 59 (0,00-0,50), 60 (0,06-0,50)
zwak baksteen-, beton-, aardewerk- en/of houtskoolhoudend
5.5
Grondwateronderzoek
5.5.1
Uitvoering veldwerk
Verspreid over de onderzoekslocatie zijn 5 peilbuizen geplaatst. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 19 november 2021 is ingeschat. 5.5.2
Grondwaterbemonstering
De grondwaterbemonstering is op 30 november en 8 december 2021 uitgevoerd door de heer S.L. Luk. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De bemonstering is uitgevoerd conform de eisen uit het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 en de NEN 5744:2011. Tabel 8 geeft een overzicht van de peilbuisgegevens en de resultaten van de veldmetingen.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 10 van 20
Tabel 8. Peilbuisnummer
6 6.1
Overzicht gegevens peilbuizen en veldmetingen grondwater Situering peilbuis
Filterstelling (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
Elektrisch Geleidingsvermogen (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Zuurgraad (pH)
01
stroomafwaarts
2,3-3,3
1,2
1.040
77,5
7,0
13
centraal op de onderzoekslocatie
1,8-2,8
0,5
950
85
7,3
25
stroomafwaarts
2,0-3,0
0,8
2.300
236
6,9
37
stroomopwaarts
2,1-3,1
1,3
1.425
105
7,1
52
stroomopwaarts
2,0-3,0
1,2
839
434
6,9
LABORATORIUMONDERZOEK Uitvoering analyses
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. In het laboratorium zijn in totaal 21 grondmengmonsters samengesteld (16 grondmengmonsters van de bovengrond en 6 grondmengmonsters van de ondergrond). De grondmengmonsters en de grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: -
standaardpakket grond: droge stof, lutum, organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie;
-
PFAS grond: droge stof, organische stof, perfluoroctaansulfonaat lineair (PFOS), perfluoroctaansulfonaat vertakt (PFOS), perfluoroctaanzuur lineair (PFOA), perfluoroctaanzuur vertakt (PFOA) en overige PFAS;
-
standaardpakket grondwater: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie.
. Na bekend worden van de analyseresultaten zijn de individuele grondmonsters, waaruit grondmengmonster MM13 (bovengrond) is samengesteld, separaat geanalyseerd op koper en zink. Tabel 9 geeft een overzicht van de samenstelling van de grond(meng)monsters en de analysepakketten.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 11 van 20
Tabel 9.
Overzicht van de samenstelling van de grond(meng)monsters en de analysepakketten
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Analysepakket
MM1
05 (0,05 - 0,40), 06 (0,05 - 0,50)
standaardpakket grond
MM2
04 (0,00 - 0,50), 07 (0,05 - 0,50) 08 (0,00 - 0,50), 09 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
MM3
01 (0,30 - 0,80), 01 (0,80 - 1,30) 01 (1,30 - 1,80)
standaardpakket grond
MM4
14 (0,00 - 0,50), 15 (0,00 - 0,50) 18 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
M5
13 (0,00 - 0,40)
standaardpakket grond
MM6
13 (1,10 - 1,50), 14 (0,50 - 1,00) 16 (0,50 - 1,00), 16 (1,00 - 1,20) 25 (0,00 - 0,50), 26 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
28 (0,00 - 0,50), 29 (0,00 - 0,50) 33 (0,00 - 0,50) 25 (1,00 - 1,50), 28 (0,50 - 1,00) 30 (1,30 - 1,80), 31 (0,50 - 1,00) 33 (0,50 - 0,70) 38 (0,00 - 0,25), 39 (0,00 - 0,30) 45 (0,00 - 0,25)
standaardpakket grond
MM11
44 (0,00 - 0,50), 46 (0,00 - 0,50) 48 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
MM12
standaardpakket grond
MM13
37 (0,70 - 1,10), 38 (0,50 - 0,75) 43 (0,50 - 0,80) 51 (0,00 - 0,50), 54 (0,00 - 0,50)
51-01
51 (0,00 - 0,50)
koper en zink
54-01
54 (0,00 - 0,50)
koper en zink
M14
52 (1,40 - 1,50)
standaardpakket grond
MM15
50 (1,30 - 1,80), 50 (1,80 - 2,00) 52 (1,50 - 2,00), 53 (0,45 - 0,70) 57 (0,00 - 0,50), 59 (0,00 - 0,50) 60 (0,00 - 0,50), 61 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
M17
58 (0,00 - 0,50)
standaardpakket grond
MM-PFAS-1
03 (0,05 - 0,50), 05 (0,05 - 0,40) 06 (0,05 - 0,50) 13 (0,00 - 0,40), 14 (0,00 - 0,50) 15 (0,00 - 0,50), 16 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) Handelingskader
MM-PFAS-3
33 (0,00 - 0,50), 41 (0,00 - 0,50) 60 (0,00 - 0,50), 62 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) Handelingskader
MM-PFAS-4
38 (0,00 - 0,25), 39 (0,00 - 0,30) 47 (0,00 - 0,50), 54 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) Handelingskader
MM7 MM8 MM9
MM10
MM16
MM-PFAS-2
Rapport 7525.011 versie D2
standaardpakket grond
standaardpakket grond
standaardpakket grond
standaardpakket grond
standaardpakket grond
PFAS (28) Handelingskader
Bijzonderheden bovengrond (zwak baksteenhoudend) bovengrond (zwak glashoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak baksteenhoudend) ondergrond (matig baksteenhoudend, matig betonhoudend, zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak glashoudend, zwak aardewerkhoudend) bovengrond (zwak aardewerkhoudend, zwak koolashoudend) ondergrond (zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend) bovengrond (zwak aardewerkhoudend) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend) ondergrond (zintuiglijk schoon) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak metaalhoudend) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak slakhoudend) ondergrond (gestaakt op puin) bovengrond (zwak puinhoudend) bovengrond (zwak puinhoudend) bovengrond (zwak puinhoudend) ondergrond (sterk koolashoudend) ondergrond (zintuiglijk schoon) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak bothoudend) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak houtskoolhoudend) bovengrond (zwak baksteenhoudend) bovengrond (zwak aardewerkhoudend, zwak koolashoudend, zwak baksteenhoudend, zwak glashoudend) bovengrond (zwak baksteenhoudend, zwak metaalhoudend, zwak betonhoudend) bovengrond (zwak puinhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak metaalhoudend)
Pagina 12 van 20
Verkennend onderzoek asbest in bodem NEN 5707 Het aangetroffen asbestverdacht materiaal (fractie > 20 mm) is aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie. In het laboratorium is het aangeboden asbestverdacht materiaal geanalyseerd op de volgende componenten: -
asbestverdacht materiaal (fractie > 20 mm; kwalitatief): serpentijn asbest (chrysotiel), amfibool asbest (amosiet, crocidoliet, anthophylliet, tremoliet en actinoliet).
Ten aanzien van de parameter asbest zijn in het laboratorium in totaal 15 (meng)monsters geanalyseerd op het volgende analysepakket: -
asbest (kwantitatief): droge stof, serpentijn asbest (chrysotiel), amfibool asbest (amosiet, crocidoliet, anthophylliet, tremoliet en actinoliet).
Tabel 10 geeft een overzicht van de samenstelling de (meng)monsters en het analysepakket. Tabel 10.
Overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het analysepakket
(Meng)monster
Monsters (in m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
ASB-MM01
02 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak puinhoudend, zwak asbestverdacht materiaal houdend)
ASB-MM02
05 (0,00-0,50), 08 (0,00-0,50), 09 (0,00-0,50), 10 (0,00-0,50), 11 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen-, betongranulaat-, aardewerk- en/of asfalthoudend)
ASB-MM03
03 (0,00-0,50), 04 (0,00-0,50), 06 (0,00-0,50), 07 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen-, betongranulaat- en/of glashoudend)
ASB-MM04
12 (0,05-0,50), 20 (0,05-0,50), 21 (0,05-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zintuiglijk schoon)
ASB-MM05
14 (0,00-0,50), 15 (0,00-0,50), 23 (0,00-0,50), 24 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak dakpan-, baksteen- en glashoudend)
ASB-MM06
16 (0,00-0,50) 17 (0,00-0,50), 18 (0,00-0,50), 22 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen-, aardwerk-, beton-, plastic en/of glashoudend)
ASB-MM07
27 (0,05-0,50), 35 (0,05-0,50), 36 (0,05-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen- en betongranulaathoudend)
ASB-MM08
26 (0,00-0,50), 28 (0,00-0,50), 29 (0,00-0,50), 30 (0,00-0,50), 31 (0,00-0,50), 32 (0,00-0,50), 33 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak dakpan-, baksteen-, beton- en/of aardewerkhoudend)
ASB-MM09
49 (0,00-0,50), 50 (0,00-0,50), 51 (0,00-0,50), 53 (0,00-0,50), 54 (0,00-0,50), 55 (0,05-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen-, puin- en/of plastichoudend)
ASB-MM10
40 (0,30-0,50), 45 (0,25-0,50), 46 (0,00-0,50), 48 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen- en/of betongranulaathoudend)
ASB-MM11
40 (0,00-0,30), 45 (0,00-0,25), 47 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen- en/of betongranulaathoudend)
ASB-MM12
38 (0,00-0,50), 39 (0,00-0,30)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen-, beton- en/of metaalhoudend)
ASB-MM13
39 (0,30-0,50), 41 (0,00-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen- en/of betonhoudend)
ASB-MM14
42 (0,05-0,50), 43 (0,05-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteenhoudend)
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 13 van 20
Vervolg tabel 10.
Overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het analysepakket
(Meng)monster
Monsters (in m -mv)
ASB-MM15
56 (0,00-0,50), 57 (0,00-0,50), 58 (0,00-0,50), 59 (0,00-0,50), 60 (0,06-0,50)
asbest in bodem (NEN 5898 -2016) verdachte laag (zwak baksteen-, beton-, aardewerk- en/of houtskoolhoudend)
ASB-D-01
02 (0,00-0,50)
asbest in materiaal (NEN 5896)
6.2
Analysepakket
Bijzonderheden
-
Toetsingskader
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Het toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus: -
achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen;
-
streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht;
-
tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat;
-
interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten en/of concentraties boven de interventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de saneringsurgentie te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk.
In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). De gemeten gehalten zijn door middel van een BoToVa-toetsing, met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte, omgerekend naar gehalten in een standaardbodem en vervolgens getoetst. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4aaaa. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt:
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 14 van 20
Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.
Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.
De analyseresultaten voor wat betreft PFAS in grond zijn getoetst aan de voorlopige toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau, zoals opgenomen in het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” (d.d. 2 juli 2020). De toepassingsnormen voor wat betreft de parameter PFAS zijn in tabel 11 weergegeven. Tabel 11.
Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau) Bodemfunctieklasse
Bodemkwaliteitsklasse
Toetsingswaarde (µg/kg d.s.)
landbouw/natuur
landbouw/natuur, wonen of industrie
PFOA = 1,9 overige PFAS = 1,4
wonen of industrie
landbouw/natuur
PFOA = 1,9 overige PFAS = 1,4
wonen of industrie
wonen of industrie
PFOA = 7 overige PFAS = 3
Verkennend bodemonderzoek asbest in bodem NEN 5707 De analyseresultaten met betrekking tot de bodem zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering. Het toetsingskader voor de beoordeling met betrekking tot asbest is als volgt omschreven. De interventiewaarde voor asbest is gelijk aan de maximale hergebruikswaarde uit de Regeling bodemkwaliteit, welke de hergebruiksmogelijkheden van grond bepaalt en is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. Indien sprake is van een overschrijding van de hergebruikswaarde voor asbest in bodem (“interventiewaarde”) is tevens sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging zoals bedoeld in de Wet bodembescherming, onafhankelijk van het bodemvolume waarin deze asbestgehalten zijn aangetoond. Indien het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de hergebruikswaarde (50 mg/kg d.s.) is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de hergebruikswaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de hergebruikswaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Van de (bodem)lagen waarin asbest is aangetoond, is een berekening gemaakt van het asbestgehalte. Hiertoe is gebruik gemaakt van de navolgende formule:
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 15 van 20
C
m,i
=
(MK %k,i /100) / V ns ds
waarin: V (in dm3) Mk (in mg) %k,i Ns (in kg/dm3) ds
6.3
: volume (V) van de sleuf of het gegraven gat. : massa van de verzamelde asbesthoudende materialen van het type "k" (bijvoorbeeld asbestplaatjes). : gemiddeld % van asbestsoort "i" (bijv. chrysotiel) in de verzamelde asbesthoudende materialen van type "k". : (stort)gewicht van de grond/puin. : percentage droge stof
Resultaten grond- en grondwatermonsters verkennend bodemonderzoek
Tabel 12 geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel 12.
Overschrijdingen toetsingskaders grond
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Gehalte > AW
Gehalte > T
Gehalte > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
MM01
05 (0,05-0,40), 06 (0,05-0,50)
lood
-
-
MM02
04 (0,00-0,50), 07 (0,05-0,50), 08 (0,00-0,50), 09 (0,00-0,50)
lood, zink, PCB
-
-
MM03
01 (0,30-0,80), 01 (0,80-1,30), 01 (1,30-1,80)
kwik, lood, PCB
-
-
MM04
14 (0,00-0,50), 15 (0,00-0,50), 18 (0,00-0,50)
lood, PAK
-
-
MM05
13 (0,00-0,40)
lood, PCB, PAK
-
-
MM06
13 (1,10-1,50) 14 (0,50-1,00), 16 (0,50-1,00), 16 (1,00-1,20)
molybdeen, lood
-
-
MM07
25 (0,00-0,50), 26 (0,00-0,50)
kwik, lood, zink
-
-
MM08
28 (0,00-0,50), 29 (0,00-0,50), 33 (0,00-0,50)
lood, zink
-
-
MM09
25 (1,00-1,50), 28 (0,50-1,00), 30 (1,30-1,80), 31 (0,50-1,00), 33 (0,50-0,70)
-
-
-
MM10
38 (0,00-0,25), 39 (0,00-0,30), 45 (0,00-0,25)
lood, PCB, PAK
-
-
MM11
44 (0,00-0,50), 46 (0,00-0,50), 48 (0,00-0,50)
lood
-
-
MM12
37 (0,70-1,10), 38 (0,50-0,75), 43 (0,50-0,80)
-
-
-
MM13
51 (0,00-0,50), 54 (0,00-0,50)
cadmium, kwik, lood, PCB, PAK
koper, zink
-
M51-01
51 (0,00-0,50)
-
zink
koper
M54-01
54 (0,00-0,50)
zink
koper
-
MM14
52 (1,40-1,50)
kobalt, koper, molybdeen, nikkel, lood
-
-
MM15
50 (1,30-1,80), 50 (1,80-2,00), 52 (1,50-2,00), 53 (0,45-0,70)
-
-
-
MM16
57 (0,00-0,50), 59 (0,00-0,50), 60 (0,00-0,50), 61 (0,00-0,50)
cadmium, kwik, zink, PAK
koper, lood
-
M17
58 (0,00-0,50)
cadmium, koper, kwik, lood, zink, PCB
-
-
Tabel 14 geeft een overzicht van de parameter PFAS in de grond die de actuele toepassingsnormen overschrijden.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 16 van 20
Tabel 14.
Overschrijdingen toepassingsnormen PFAS in grond
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Gehalte > Toepassingsnorm Functieklasse Landbouw/natuur
Gehalte > Toepassingsnorm Functieklasse Wonen/Industrie
MM-PFAS-1
03 (0,05-0,50), 05 (0,05-0,40), 06 (0,05-0,50)
-
-
MM-PFAS-2
13 (0,00-0,40), 14 (0,00-0,50), 15 (0,00-0,50), 16 (0,00-0,50)
som PFOA, som PFOS
-
MM-PFAS-3
33 (0,00-0,50), 41(0,00-0,50), 60 (0,00-0,50), 62 (0,00-0,50)
som PFOA, som PFOS
-
MM-PFAS-4
38 (0,00-0,25), 39 (0,00-0,30), 47 (0,00-0,50), 54 (0,00-0,50)
-
som PFOS
Tabel 15 geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel 15.
Overschrijdingen toetsingskader grondwater
Grondwatermonster
Situering peilbuis
Concentratie > S
Concentratie > T
Concentratie > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
01
stroomafwaarts
molybdeen
-
-
13
centraal op de onderzoekslocatie
-
-
-
25
stroomafwaarts
molybdeen, minerale olie
-
-
37
stroomopwaarts
molybdeen
-
-
52
stroomopwaarts
molybdeen
-
-
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten aan de Circulaire bodemsanering. 6.4
Resultaten verkennend onderzoek asbest
Tabel 16 geeft een overzicht van de asbesthoudendheid en karakterisering van de in het veld verzamelde (plaat)materialen (fractie > 20 mm). Tabel 16.
Zintuiglijk waargenomen asbestverdachte (plaat)materialen
Gat
Monsternaam
Traject (m -mv)
02
ASB-D-1
0,0-0,5
Toepassing/soort
vlakke plaat
Aantal stukjes
Gewicht (g)
(niet-)hechtgebonden
chrysotiel/ amosiet/ crocidoliet
1
27
hechtgebonden
chrysotiel
Asbestgehalte
10-15 %
Tabel 18 geeft een overzicht van de analytisch vastgestelde asbestgehalten (fractie < 20 mm). Tabel 18.
Vastgestelde asbestgehalten fijne fractie (< 20 mm)
(Meng)monster
Traject (m -mv)
Asbestgehalte (< 20 mm)
ASB-MM01
02 (0,00-0,50)
< 0,6 mg/kg d.s.
ASB-MM02
05 (0,00-0,50), 08 (0,00-0,50), 09 (0,00-0,50), 10 (0,0-0,50), 11 (0,00-0,50)
< 0,4 mg/kg d.s.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 17 van 20
(Meng)monster
Traject (m -mv)
Asbestgehalte (< 20 mm)
ASB-MM03
03 (0,00-0,50), 04 (0,00-0,50), 06 (0,00-0,50), 07 (0,00-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM04
12 (0,05-0,50), 20 (0,05-0,50), 21 (0,05-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM05
14 (0,00-0,50), 15 (0,00-0,50), 23 (0,00-0,50), 24 (0,00-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM06
16 (0,00-0,50) 17 (0,00-0,50), 18 (0,00-0,50), 22 (0,00-0,50)
< 0,4 mg/kg d.s.
ASB-MM07
27 (0,05-0,50), 35 (0,05-0,50), 36 (0,05-0,50)
< 0,6 mg/kg d.s.
ASB-MM08
26 (0,00-0,50), 28 (0,00-0,50), 29 (0,00-0,50), 30 (0,00-0,50), 31 (0,00-0,50), 32 (0,00-0,50), 33 (0,00-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM09
49 (0,00-0,50), 50 (0,00-0,50), 51 (0,00-0,50), 53 (0,00-0,50), 54 (0,00-0,50), 55 (0,05-0,50)
< 0,7 mg/kg d.s.
ASB-MM10
40 (0,30-0,50), 45 (0,25-0,50), 46 (0,00-0,50), 48 (0,00-0,50)
< 1,1 mg/kg d.s.
ASB-MM11
40 (0,00-0,30), 45 (0,00-0,25), 47 (0,00-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM12
38 (0,00-0,50), 39 (0,00-0,30)
< 0,7 mg/kg d.s.
ASB-MM13
39 (0,30-0,50), 41 (0,00-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM14
42 (0,05-0,50), 43 (0,05-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MM15
56 (0,00-0,50), 57 (0,00-0,50), 58 (0,00-0,50), 59 (0,00-0,50), 60 (0,06-0,50)
< 0,8 mg/kg d.s.
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. 6.5
Interpretatie analyseresultaten
Tabel 19 geeft een overzicht van de berekende asbestgehalten. Voor de berekening van deze indicatieve asbestgehalten wordt verwezen naar bijlage 6. Tabel 19.
Berekende asbestgehalten
Gat
02
Traject (m -mv) 02 (0,00-0,50)
Rapport 7525.011 versie D2
Gehalte < 0,5 x interventiewaarde/hergebruikswaarde -
Gehalte > 0,5 x interventiewaarde/hergebruikswaarde 53,6 mg/kg d.s.
Gehalte > interventiewaarde/hergebruikswaarde -
Pagina 18 van 20
7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES
Econsultancy heeft in opdracht van Synchroon B.V. een verkennend bodemonderzoek en asbest in bodem uitgevoerd aan de Te Werve Oost te Rijswijk. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de voorgenomen bestemmingsplanwijziging. De bodem bestaat voornamelijk uit zwak siltig, matig fijn zand en matig zandige, zwak siltige klei. De bovengrond is bovendien zwak tot matig humeus. Op de onderzoekslocatie zijn de volgende deellocaties onderzocht: Deellocatie A: verkennend bodemonderzoek inclusief asbest Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "verdacht, heterogeen verontreinigd, niet lijnvormig" (VED-HE-NL). Zintuiglijk zijn verspreid over het terrein zwakke tot sterke bijmengingen met baksteen, aardewerk, beton, dakpan, glas, kolengruis, plastic en/of puin aangetroffen. De bovengrond is licht verontreinigd met lood, zink, PCB, PAK, kwik en/of cadmium, matig verontreinigd met koper, lood en/of zink en sterk verontreinigd met koper (ter plaatse van boring 51). De ondergrond is plaatselijk licht verontreinigd met molybdeen en lood. Het grondwater is licht verontreinigd met molybdeen en/of minerale olie.
De vooraf gestelde hypothese dat deze deellocatie als "heterogeen verdacht, niet lijnvormig" dient te worden beschouwd, wordt voor deze deellocatie aanvaard. Econsultancy adviseert om een nader onderzoek te laten instellen naar de aard en de omvang van de geconstateerde verontreinigingen met koper en zink, ter plaatse van boring 51, met koper ter plaatse van boring 54 en de verontreinigingen met koper en lood in mengmonster MM16 (boringen 57, 59, 60 en 61). Deze aangetoonde verontreinigingen kunnen mogelijk milieuhygiënische belemmeringen vormen voor de beoogde bestemmingsplanwijziging. Waarbij dient te worden opgemerkt dat, op basis van de huidige resultaten, er voor een groot deel van de onderzoekslocatie geen noemenswaardige verontreinigingen aanwezig zullen zijn en er hier derhalve geen milieuhygiënische belemmeringen zijn voor het beoogde gebruik. Bovendien kunnen de aangetoonde verontreinigingen, indien noodzakelijk, eenvoudig gesaneerd worden middels het aanbrengen van een isolatielaag (leeflaag of verhardingslaag) eventueel in combinatie met ontrgraving en verwijdering conform het Besluit Uniforme Saneringen. In dat kader voorziet Econsultancy geen noemenswaardige belemmeringen voor de beoogde bestemmingsplanwijziging. De uiteindelijke beslissing hierover ligt bij de bevoegde overheid.
Verkennend onderzoek asbest in bodem NEN 5707 Er zijn op het maaiveld geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In de bovengrond is ter plaatse van gat 02 zintuiglijk als analytisch hechtgebonden asbest geconstateerd. Het gehalte overschrijdt de helft van de interventiewaarde. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt gesteld dat er wel aanleiding bestaat tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest in bodem ter plaatse van gat 02.
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 19 van 20
Deellocatie B: PFAS-onderzoek Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "verdacht, homogeen verontreinigd" (VED-HO). Uit het onderzoek concludeert Econsultancy dat op de onderzoekslocatie plaatselijk (grondmengmonsters MM-PFAS-2 en MM-PFAS-3, traject 0,00-0,50 m -mv) een lichte verontreiniging met PFOA en PFOS aanwezig is. Het gehalte van deze verontreinigingen ligt boven de toepassingsnorm in de functieklasse “Landbouw / natuur”, maar onder de toepassingsnorm in de functieklasse “Wonen / industrie”. Elders op de onderzoekslocatie (grondmengmonster MM-PFAS-4, traject 0,00-0,50 m -mv) is het gehalte PFOS boven de toepassingsnorm in de functieklasse “Wonen / industrie”. De vooraf gestelde hypothese, dat de onderzoekslocatie als "homogeen verdacht, niet lijnvormig" dient te worden beschouwd wordt, op basis van de onderzoeksresultaten, verworpen, vanwege het plaatselijke karakter van de aangetoonde verontreiniging. Echter, de aangetoonde verontreinigingen met PFOA en PFOS in mengmonsters MM-PFAS-2 en MM-PFAS-3 overschrijden de landelijke toepassingsnorm voor de functieklasse “Landbouw / natuur” en de aangetoonde verontreiniging met PFOS in mengmonster MM-PFAS-4 overschrijdt de landelijke toepassingsnorm voor de functieklasse “Wonen / industrie”.
Deze grond is als zodanig niet toepasbaar. Gezien het feit dat de concentratie onder de door het RIVM bepaalde gehalte ligt welke tot humane en/of ecologische risico’s zou leiden, leidt de PFOS verontreiniging in de huidige situatie, volgens Econsultancy, niet tot gezondheidsrisico’s. Wanneer deze grond verplaatst dient te worden in verband met de voorgenomen werkzaamheden zal een AP04keuring/partijkeuring conform BRL 1001 moeten worden uitgevoerd. Indien blijkt dat de grond ter plaatse van de nu aangetoonde PFOS verontreiniging inderdaad niet toepasbaar is, zal deze grond moeten worden afgevoerd naar een erkende verwerker. Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (d.d. 2 juli 2020) of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.
Econsultancy Rotterdam, 22 februari 2022
Rapport 7525.011 versie D2
Pagina 20 van 20
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
Legenda Symbolen:
Polygonen:
Boringen:
Asfalt
Ontgravingsvak
Boring tot 0,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 0,5 m -mv
Klinker
Saneringslocatie
Boring tot 1,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,0 m -mv
Beton
Partij ontgraven grond
Boring tot 1,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,5 m -mv
Ontgravingsdiepte (m -mv)
Toekomstige bebouwing
Boring tot 2,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,0 m -mv
Partijhoogte (m +mv)
Voormalige bebouwing
Boring tot 2,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,5 m -mv
Opnamerichting foto
Asfaltverharding
Boring tot 3,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,0 m -mv
Vloeistofdichte vloer
Reparatievak asfalt
Boring tot 3,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,5 m -mv
Prefab betonnen vloerplaat
Opslagtank (bovengronds)
Boring tot 4,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,0 m -mv
Tegels
Opslagtank (bovengronds in lekbak)
Boring tot 4,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,5 m -mv
Golfplaat (asbest verdacht)
Opslagtank (ondergronds)
Boring tot 5,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 5,0 m -mv
Boom
Struweel
Peilbuis (diep)
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis (diep)
Bos
Haag
Peilbuis
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis
Boring voorgaand onderzoek tot 0,5 m -mv
Kernboring 80 mm
Boring voorgaand onderzoek tot 1,0 m -mv
Kernboring 120 mm
Boring voorgaand onderzoek tot 1,5 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 0,5 m -mv
Boring voorgaand onderzoek tot 2,0 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 1,0 m -mv
Struiken Gras
Lijnen:
Water
Bebouwing
Braak
Grens onderzoekslocatie
Grind
Toekomstige bebouwing
Onverhard
Voormalige bebouwing
Puinverharding
Beschoeiing
Talud
Hekwerk
Boring voorgaand onderzoek tot 3,5 m -mv
Spoorlijn
Boring voorgaand onderzoek tot 4,0 m -mv
Wandmonster
Boring voorgaand onderzoek tot 4,5 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 4,0 m -mv
Boring voorgaand onderzoek tot 5,0 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 4,5 m -mv
Spoorbaan Fietspad Parkeerplaats
Verontreiniging:
Trafo Pomp Olie/vetafscheider Mangat Riool inspectieput Zinkput Ontluchting Vulpunt Sleuf asbestonderzoek 200x40x50cm
Boring voorgaand onderzoek tot 3,0 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 1,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,5 m -mv
Peilbuis voorgaand onderzoek (diep)
Kernboring 120 mm + boring tot 5,0 m -mv
Niet verontreinigd
Peilbuis voorgaand onderzoek
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 0,5 m -mv
Gehalte >AW/S-waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,0 m -mv
Gehalte >T-waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 0,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,5 m -mv
Gehalte >I-waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,0 m -mv
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,5 m -mv
AW/S-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,0 m -mv
T-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,5 m -mv
I-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,0 m -mv
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,5 m -mv
AW/S-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 5,0 m -mv
T-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis (diep)
I-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 5,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + peilbuis (diep)
Boring tot 0,5 m -waterbodem
Licht verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + peilbuis
Boring tot 1,0 m -waterbodem
Matig verontreinigd
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm
Duiker Voormalige duiker
Boring voorgaand onderzoek tot 2,5 m -mv
Sterk verontreinigd Verontreinigingsgraad onbekend Vindplaats asbestverdacht materiaal op maaiveld
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 1.
Foto 2.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 3.
Foto 4.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 5.
Foto 6.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 7.
Foto 8.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 9.
Foto 10.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 11.
Bijlage 3
Boorprofielen
Pagina 1 van 10
Profielen asbestinspectiegaten en boringen
Inspectiegat/Boring: 01 Datum veldwerk:
Inspectiegat/Boring: 02
16-11-2021
0
0 1
30
50
100
Datum veldwerk:
braak
0
groenstrook Zand, matig fijn, kleiïg, zwak
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig baksteenhoudend, matig betonhoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
2
16-11-2021
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
asb-1
50
asb-mm01 humeus, zwak puinhoudend, zwak asbestverdacht materiaal houdend, lichtbruin, Graven 50 Klei, matig zandig, licht grijsbeige, Edelmanboor