CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RV 23.091 bijlage D Ontwerp bestemmingsplan Sionparck

Forum Stad 30 november 2023, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplan ''Sionsparck'' (RV 23-091)27.509 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Vanwege de verhoogde tussen- en interventiewaarden blijft de locatie verdacht en wordt geadviseerd om ter plaatse van enkele deellocaties een nader bodemonderzoek (cf. NTA5755) met een gewijzigde onderzoeksopzet uit te voeren; ➢ Overig terrein: De verhoogde interventiewaarde van zware metalen ter plaatse van het overig terrein in B37 (0-50 cm-mv) en B5.2 (50-100 cm-mv) vanwege bijmenging van koolas/ kolengruis. De tussenwaarde verhoging van koper in het grondwater betreft vermoedelijk een plaatselijke verhoging welke op meer locaties in Rijswijkbuiten wordt aangetroffen. Strikt formeel dient het grondwater uit peilbuis B2 te worden her-bemonsterd. Wij adviseren om onderhavig bodemonderzoek voor te leggen aan het bevoegd gezag met de vraag of hier aanvullend onderzoek van het grondwater benodigd is.

➢ Deellocatie 1: De verhoogde tussenwaarde van OCB’s in de bovengrond (0-50 cm-mv) ter plaatse van B4 en B14. ➢ Deellocatie 4: De verhoogde tussenwaarde van minerale olie ter plaatse van de (voormalige) bovengrondse tank 2 op een diepte van 80-100 cm-mv. NEN 5707 De conclusie van het asbest in bodemonderzoek ter plaatse van de verdachte deellocaties worden hieronder uitgelicht; 1. Ter plaatse van de afwateringszone van de gebouwen zonder dakgoot wordt zowel zintuigelijk als analytisch geen asbest in de bodem aangetroffen; 2. Ter plaatse van de boringen waar baksteenpuin in de bodem is aangetroffen wordt zowel zintuigelijk als analytisch geen asbest in de bodem aangetroffen; NB: het aanwezige menggranulaat onder het asfalt is niet onderzocht op asbest. 3. Inpandig in de kassencomplexen wordt (daar waar geen betonverharding ligt), zintuigelijk en analytisch geen asbest in de bodem aangetroffen.

NEN 5720 Er wordt gemiddeld een laag slib van 25 cm aangetroffen. De analyseresultaten zijn getoetst aan verschillende toepassingen, de toepassingsmogelijkheden zijn in onderstaande tabel verder uitgewerkt. Monster

Materiaal

Dikte laag

Hoeveelheid

WTB-01

Slib

25 cm

45 m3

Beoordeling besluit bodemkwaliteit Toepassen op Toepassen in landbodem (T1) oppervlaktewater (T3) Niet toepasbaar Klasse B

WTB-02

Slib

25 cm

54 m3

Niet toepasbaar

Klasse B

Verspreiden aangrenzend perceel (T5) Niet verspreidbaar Niet verspreidbaar

De onderzochte ‘waterbodem’ is op basis van het onderzoek is toepasbaar als ‘niet toepasbaar’ op landbodem en het is ‘niet verspreidbaar’ op aangrenzend perceel. Het slib kan tevens niet worden toegepast in Grootschalige Bodem Toepassingen. NB: De waterbodem is niet onderzocht op PFAS parameters in verband met de uitvoeringsdatum van vóór 8-7-2019. Vermoedelijk komt de toepassing ‘klasse B’ in een ander oppervlaktewater te vervallen vanwege de aanwezigheid van PFAS in het slib, waardoor het materiaal ‘niet toepasbaar’ is in oppervlaktewater. Asfaltonderzoek De PAK’s parameters in het aanwezige asfalt op locatie blijven onder de detectiegrens. Het asfalt is indicatief teervrij. Aanbeveling De bevindingen uit dit bodemonderzoek geven bezwaar voor het geplande gebruik van de locatie. Op basis van dit bodemonderzoek zijn er, op de locaties waar verhoogde tussen- en interventiewaarden in de bodem worden aangetroffen, belemmeringen met betrekking tot de geplande bestemmingsplanwijziging en nieuwbouw. Middels een nader bodemonderzoek conform NTA5755 moet voor de bovengenoemde deellocaties, de mate en omvang van de verontreiniging(en) worden vastgesteld. Wanneer, in het kader van de herinrichting, grond van de locatie wordt afgevoerd is een partijkeuring conform Besluit Bodemkwaliteit noodzakelijk en er moet rekening worden gehouden met extra stort- of afvoerkosten.

Inhoud 1.

Inleiding .................................................................................................................................................1

2.

Vooronderzoek ......................................................................................................................................2

3.

Veldwerkzaamheden ...........................................................................................................................5

4.

5.

3.1

Onderzoeksstrategieën ...............................................................................................................5

3.2

Veldwerk ten behoeve van de grond.........................................................................................7

3.3

Veldwerk ten behoeve van het grondwater .............................................................................9

3.4

Veldwerk ten behoeve van het waterbodemonderzoek ........................................................9

3.5

Veldwerk ten behoeve van het asfaltonderzoek .................................................................. 10

Analyseresultaten ............................................................................................................................. 11 4.1

Resultaten NEN5740 ............................................................................................................... 11

4.2

Aanvullend onderzoek (uitsplitsing) in kader van NEN5740 ............................................. 14

4.3

Resultaten NEN5707 ............................................................................................................... 15

4.4

Resultaten NEN5720 ............................................................................................................... 16

4.5

Resultaten (indicatief) asfaltonderzoek ................................................................................ 17

Conclusie ............................................................................................................................................ 18

Bijlage 1. Ligging onderzoekslocatie Bijlage 2. Situatie uitgevoerde bodemonderzoek Bijlage 3. Vooronderzoek conform NEN 5725 Bijlage 4. Veldwerkverslag Bijlage 5. Boorprofielbeschrijvingen (conform NEN 5104) Bijlage 6. Analysecertificaten Bijlage 7. Getoetste analyseresultaten Bijlage 8. Foto’s onderzoekslocatie Bijlage 9. Certificaat

Alle rechten zijn uitdrukkelijk voorbehouden aan Terra milieu BV. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/ of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande toestemming van Terra milieu BV. Terra Milieu BV werkt als onafhankelijk adviesbureau samen met het veldwerkbureau Bodemflex BV. Bodemflex BV voert onafhankelijk veldwerk uit onder de certificaten BRL SIKB 1000, 2000 en 6000. Bodemflex BV heeft verder geen connecties met de opdrachtgever. Het veldwerk en de analyseresultaten worden onafhankelijk gerapporteerd.

1.

Inleiding

In uw opdracht heeft Terra Milieu een verkennend bodemonderzoek conform NEN 5740 en een bodemonderzoek, naar asbest in bodem conform NEN 5707 uitgevoerd ter plaatse van de Pastoor Verbuchweg 4-8 te Rijswijkbuiten. De onderzoekslocatie is kadastraal bekend als; Locatie/ adres Pastoor Verburchstraat 4 en 4a Pastoor Verburchstraat 6 Pastoor Verburchstraat 6a Pastoor Verburchstraat 8 Pastoor Verburchstraat 8a

Kadastrale sectie I I I I I

Perceelnummer(s) 2084 2083 1988; 2051 2152 2153

Voor de uitvoer van het bodemonderzoek is een vooronderzoek conform NEN 5725 uitgevoerd. Op basis van het vooronderzoek is de onderzoeksstrategie bepaald. NEN 5740 Het bodemonderzoek is uitgevoerd naar aanleiding van de geplande nieuwbouw op de locatie. Het doel van het bodemonderzoek is om aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het grondwater in gehaltes boven respectievelijk de achtergrondwaarden en de streefwaarden. NEN 5707 Het doel van het onderzoek is om met een relatief geringe inspanning aan te tonen of het vermoeden dat verontreinigende stoffen in de vorm van asbest aanwezig zijn op de locatie terecht is. NEN5720 Het doel van het onderzoek is om aan te tonen of in de waterbodem verontreinigende stoffen worden aangetroffen en het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de waterbodem en de eventueel daaruit vrijkomende baggerspecie. De ligging van de onderzoekslocaties is weergegeven in bijlage 1. De situatie van het uitgevoerde bodemonderzoek is weergegeven in bijlage 2.

Onderzoekslocatie: Pastoor Verbuchweg 4-8, Rijswijkbuiten Projectnummer: 19-137

1

2.

Vooronderzoek

Het vooronderzoek is uitgevoerd op basis van de NEN 5725, het vooronderzoek is verder uitgewerkt in bijlage 3. Op de locatie is een uitgebreid vooronderzoek cf. NEN5725 uitgevoerd door Grondslag Bodemkwaliteitsbureau (kenmerk rapport; 29493). Op basis van dat vooronderzoek is de onderzoeksopzet opgesteld voor een bodemonderzoek cf. NEN5740, NEN5720 en NEN5707. In overleg met de omgevingsdienst Haaglanden is dit vooronderzoek door Terra Milieu aangevuld met onderstaande punten; - Bodemopbouw en geohydrologie van de locatie; - Recent bodemonderzoek door MOL van de Pastoor Verburchweg 6. Onderzoekslocatie De locatie is in het verleden in gebruik geweest voor woon- en bedrijfsdoeleinden. De locatie zal in de toekomst worden gebruikt voor woondoeleinden. Er bevinden zich twee watergangen op locatie welke, gebaseerd op de toekomstige ontwikkelingen, mogelijk verbreed of verdiept worden. De aanwezige (agrarische) gebouwen en het asfalt worden voor de herontwikkeling van de locatie verwijderd en/ of gesloopt. Ter plaatse van Pastoor Verburchweg 6 is op 1 september 2015 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd door MOL ingenieursbureau (Kenmerk rapport; A0419). De bovengrond is licht verontreinigd met zwarte metalen, PAK, PCB en enkele OCB. De ondergrond is niet verontreinigd met de geanalyseerde parameters.

Ter plaatse van de voormalige bovengrondse tank zijn er destijds geen verhogingen van de onderzochte parameters aangetroffen. Dit rapport is door omgevingsdienst Haaglanden bekend en goedgekeurd met kenmerk; ODH-2016-00087010. Op het overige terrein van de onderzoekslocatie zijn nog geen bodemonderzoeken uitgevoerd. In de begrenzing van de onderzoekslocatie zijn twee burgerwoningen gelegen. Deze woningen zijn in de totale onderzoeksopzet opgenomen omdat hier de bestemming (bedrijfs)woning veranderd. Op deze locaties wordt geen sloop/ nieuwbouw gerealiseerd. Regionale bodemopbouw en geohydrologie De bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat uit de onderstaande laagopbouw. Meer informatie hierover is te vinden op de site: https://www.dinoloket.nl/ondergrondmodellen Laag (m. t.o.v. NAP)

Geohydrologische samenstelling

Bodemkundige samenstelling

0 tot -15 m

Deklaag

Middelfijn zand, sterk slibhoudend

-15 tot -35 m

1e watervoerend pakket

Uiterst grof tot matig grof zand

-35 tot -54

1e scheidende laag

Leem, zandig met kleilaag

-54 tot -140 m

1e watervoerend pakket

Uiterst grof tot uiterst fijn zand.

Onderzoekslocatie: Pastoor Verbuchweg 4-8, Rijswijkbuiten Projectnummer: 19-137

2

Grondwater Het freatisch grondwater bevindt zich op een diepte van circa 0,72 meter minus maaiveld. De stromingsrichting van het freatisch grondwater is op basis van de beschikbare informatie niet éénduidig vast te leggen. De stromingsrichting van het eerste watervoerende pakket is regionaal noordoostelijk gericht. De grondwateronttrekkingen bij DSM-Gist in het centrum van Delft beïnvloeden de grondwaterstroming echter sterk. Deze zorgt voor een verlaging in de stijghoogte van het eerste watervoerend pakket. Verder heeft deze onttrekking door DSM-Gist tot gevolg dat een toestroom van zout grondwater vanuit het westen plaatsvindt. Ondanks verlaging van de stijghoogtes is nog wel sprake van een kwelsituatie. De onderzoekslocatie bevind zich niet binnen een grondwaterbeschermingsgebied. Watergangen Ten noorden van de locatie bevind zich de Molensloot, aan de westzijde is de Noordhoornse watering (voormalig boezemwater) aanwezig. Ten zuiden van de onderzoekslocatie bevindt zich eveneens een (onbenoemde) watergang. Uit historisch kaartmateriaal is gebleken dat de loop van deze watergangen vanaf 1885 ongewijzigd zijn gebleven. Er zijn geen locaties van gedempte watergangen te herleiden. Mogelijk worden de watergangen in het kader van de ontwikkelingen op locatie verbreed of verdiept waardoor deze in dit bodemonderzoek tevens onderzocht worden.

Omgeving onderzoekslocatie De omgeving van de locatie is in gebruik voor woondoeleinden. In de directe omgeving van de onderzoekslocatie (straal van 100 meter) zijn geen relevante gegevens bekend met betrekking tot de bodem.

Onderzoekslocatie: Pastoor Verbuchweg 4-8, Rijswijkbuiten Projectnummer: 19-137

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=60ab9e2c-370a-4a0d-9fe5-032ca88e8945