CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RV 23-004 Raadsvoorstel percentageregeling

Forum Samenleving 7 februari 2023, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Wijziging verordening percentage regeling 2008 Kunst in de openbare ruimte (RV 23-004)2.587 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Datum besluit B&W Forumverg. d.d. Agendapunt nr. Portefeuillehouder(s)

17-01-2023 (datum) (nummer) M. Wit - Energie(transitie), Openbare Ruimte, Milieu en Duurzaamheid, Volksgezondheid en Kunst en Cultuur

Redacteur Doorkiesnummer Domein / Team Corsanummer

S. Koopmans/ L. de Steur (070) 326 11 36/ (070) 326 15 19 Cultuur en Evenementen 23.001619

Aan de Raad, 1.

Onderwerp Kunst in de openbare ruimte

2.

Voorstel - De wijzigingsverordening Percentageregeling 2008 (percentageregeling) ter financiering van (nieuwe) kunst in de openbare ruimte vast te stellen; - In te stemmen met het voorstel om nadere uitvoeringsregels op te laten stellen, als aanscherping van de uitvoering van de Verordening Percentageregeling 2008.

3.

Inleiding Op 10 mei jl. is de motie ‘vreemd aan de orde – Herzien Percentageregeling’ aangenomen door uw raad. Met de motie verzoekt de raad het college om “met een gedegen alternatief voor de percentageregeling te komen middels een raadsvoorstel en deze binnen 4 maanden naar de raad te sturen”. Tijdens de bespreking van de motie zijn knelpunten naar voren gebracht die betrekking hebben op twee hoofdzaken: 1. De percentageregeling zelf. De belangrijkste vraag die hier voorligt is of er andere opties zijn om invulling te geven aan financiering voor kunst bij nieuwbouw. Het belang van kunst in de openbare ruimte staat hierbij niet ter discussie. 2. De wijze waarop de percentageregeling wordt toegepast. Hierbij spelen vragen als hoe maken we een keuze voor een kunstwerk; wat is daarbij de rol van bewoners, gebruikers, college, raad en de commissie KunstRuimte; wie bepaalt de locatie van het werk, etc. Met dit raadsvoorstel wordt invulling gegeven aan de vragen rondom de regeling.

4.

Beoogd effect Het beoogde effect van dit raadsvoorstel is om de (uitvoering van de) percentageregeling zodanig te herzien, dat de geconstateerde knelpunten van de regeling worden aangepakt en tegelijkertijd de realisatie van nieuwe kunst in de openbare ruimte gewaarborgd blijft.

Corsanr. 23.001619

Pagina 1 van 7

Raadsvoorstel (vervolg)

5.

Argumenten 5.1 Percentageregeling De percentageregeling is feitelijk een verordening die de (financiële) basis vormt voor nieuwe openbare kunst in de gemeente Rijswijk. Veel gemeenten hebben een dergelijke regeling. Onze regeling is gebaseerd op de verordening Percentageregeling Beeldende Kunst 2008 van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Op een aantal punten wijkt onze regeling af. Zo is de percentageregeling van de gemeente Rijswijk wel van toepassing bij nieuwbouw van gemeentelijke (bouw)werken en gebouwen maar niet automatisch bij verbouw en renovatie van gemeentelijke gebouwen. Bij nieuwbouw van gemeentelijke (bouw)werken en gebouwen wordt een bedrag gereserveerd voor een kunstopdracht. Dit is 1,5% over de eerste € 230.000 van het begrote bedrag en 1% over het resterende bedrag tot een maximum van € 55.378. Hiervan moet vervolgens nieuwe kunst in de openbare ruimte worden gerealiseerd. Een kunstwerk wordt in de regel direct gerealiseerd bij het betreffende gemeentelijke nieuwbouwproject. Dat kan, maar is geen voorwaarde vanuit de regeling. Vanuit een project kan ook worden bijgedragen aan een kunstopdracht op een andere locatie. Een achterliggende gedachte van de percentageregeling is de overtuiging dat het toevoegen van kunst bijdraagt aan de kwaliteit en de kwaliteitsbeleving van het nieuwe gebouw of de openbare ruimte.

De regeling gaat over de financiering van kunstopdrachten, nieuwe kunstwerken. Het (her)plaatsen van bestaande beelden bij een nieuwe project vormt geen invulling van de percentageregeling. 5.2 Kenmerken van de percentageregeling - De regeling geldt alleen voor gemeentelijke projecten, niet voor bouwprojecten van andere investeerders; - De regeling geldt niet voor verbouw- en renovatieprojecten (bijvoorbeeld Huis van de Stad); - De regeling is een eis. Juist door het als (bouw)eis te formuleren wordt het belang van kunst beschermd en sneuvelt het niet bij de eerste bezuinigingsronde in een project; - De regeling biedt vooraf duidelijkheid bij het ontwikkelen van een gebouw; - De regeling werkt kostenverhogend voor een bouwproject.

Voor grote projecten zijn deze kosten relatief laag vanwege het maximumbedrag; - De regeling is gericht op realisatie van nieuwe kunst en niet op het herplaatsen van bestaande kunst; - De regeling vermindert de druk op bestuurlijke besluitvorming doordat er niet steeds apart over een kunstwerk hoeft te worden besloten; - Het maximumbedrag van € 55.378 (prijspeil 2008) is beperkt voor een kunstwerk in de openbare ruimte; voor kunstopdrachten boven dit maximum is alsnog een apart raadsbesluit noodzakelijk (voor het beschikbaar stellen van extra krediet uit de bestemmingsreserve); - Een kunstwerk wordt in de regel gerealiseerd bij het betreffende nieuwbouwproject. Dit is geen voorwaarde vanuit de regeling. 5.3 Scenario’s voor percentageregeling De percentageregeling is een van de manieren om kunstopdrachten bij gemeentelijke nieuwbouwprojecten te financieren. Dit kan ook op een andere manier worden ingevuld. We onderscheiden de volgende scenario’s:

Corsanr. 23.001619

Pagina 2 van 7

Raadsvoorstel (vervolg)

A. Afschaffen percentageregeling. Apart raadsvoorstel voor kunst in/bij nieuwbouw Met het afschaffen van de percentageregeling ontstaat flexibiliteit. Het realiseren van kunst bij nieuwbouw wordt een keuze die per project kan worden gemaakt. Dit vormt direct ook het nadeel: iedere opdracht vergt een apart financieel besluit van de raad. Daarnaast is het risico dat de kunstopdracht sneuvelt vanwege tegenvallers in het project. B. Afschaffen percentageregeling. Budgetteren vast bedrag voor nieuwe kunst In dit scenario wordt er jaarlijks een vast bedrag gereserveerd voor de realisatie van kunst, ergens in de gemeente. Dit vergt een wijzing in de meerjarenbegroting. De middelen zijn niet meer gekoppeld aan de omvang van gemeentelijke investeringen in nieuwbouwprojecten. En ook de locatie wordt volledig losgelaten: nieuwe kunstopdrachten kunnen overal in de gemeente worden toegevoegd op kansrijke locaties. Wat deze kansrijke locaties zijn, kan verder worden uitgewerkt in overleg met de commissie KunstRuimte. Het risico is ook hier dat de ambitie om nieuwe kunst te realiseren sneuvelt bij tegenvallers in de begroting. C. Handhaven percentageregeling. Wel aanpassen uitvoering/proces Scenario C is het handhaven van de huidige regeling. Wel wordt kritisch gekeken naar de uitvoering ervan. Hiervoor worden nadere regels opgesteld (zie 5.5).

Het voordeel van de huidige regeling is dat er geld beschikbaar is voor kunst en dat vooraf duidelijk is hoeveel. De kunstopdracht kan daardoor integraal worden meegenomen in de ontwikkeling van het gebouw. Het budget is gemaximeerd. Dit betekent dat voor grotere kunstopdrachten instemming vereist is van de raad om middelen uit de bestemmingsreserve kunst te onttrekken, en zo controle kan blijven uitoefenen. D. Aanpassen van de percentageregeling. Ook voor herplaatsen oude kunst In dit scenario wordt de percentageregeling aangepast zodat ook herplaatsen van bestaande kunstwerken binnen de regeling mogelijk wordt gemaakt. Het voordeel is dat gewaardeerde bestaande kunstwerken behouden blijven. Nadeel is dat er minder geld beschikbaar komt voor het stimuleren van eigentijdse kunst via nieuwe kunstopdrachten. Let wel: ook het inpassen van bestaande werken kost geld. Hiervoor blijft financiering via projectbudget of de percentageregeling noodzakelijk (er zal eerst projectbudget worden benut voordat er wordt overgaan op financiering via de regeling). Bovenstaande wijziging vergt een aanpassing van de verordening. E. Uitbreiden van de percentageregeling Een laatste scenario is het uitbreiden van de percentageregeling door: - Het maximumbedrag te verhogen. Bij investeringen boven € 5,5 mln.

kan een grotere kunstopdracht worden weggezet; - De verordening ook toe te passen bij gemeentelijke renovatie- en verbouwprojecten; - De verordening ook toe te passen bij nieuwbouwprojecten van particuliere ontwikkelaars. Dit betekent bijvoorbeeld dat ook de projectontwikkelaars vanuit de Bogaard Stadscentrum en het Havenkwartier financieel gaan bijdragen aan kunst. Het uitbreiden van de percentageregeling heeft maatschappelijke implicaties die nader in beeld kunnen worden gebracht, indien de raad kiest voor dit scenario. Advies De raad wordt gevraagd een keuze te maken uit bovenstaande scenario’s. Op basis van de afweging van voor- en nadelen stellen wij voor te kiezen scenario D, waarbij de regeling wordt aangepast zodat ook herplaatsen van bestaande kunstwerken onder de percentageregeling kan vallen. Daarnaast adviseren we om nadere regels op te laten stellen om knelpunten in de uitvoering op te lossen (zie 5.5). Corsanr. 23.001619

Pagina 3 van 7

Raadsvoorstel (vervolg)

5.4 Wijzigingsvoorstel Verordening Keuze voor scenario D betekent dat de Verordening percentageregeling 2008 als volgt wordt gewijzigd: Toevoeging artikel 7a: Herplaatsing van bestaande kunst (Wijziging - 2023) Artikel 7a De beheerder kan er voor kiezen ten laste van de bestemmingsreserve bestaande kunst te herplaatsen. Wijziging artikel 8 door toevoegen onderstreepte woorden: Legitimiteit Artikel 8 (gewijzigd - 2023) De beheerder geeft een kunstopdracht of een opdracht tot het herplaatsen van bestaande kunst eerst na advies te hebben ingewonnen bij de Commissie Kunstruimte. 5.5 Knelpunten in de uitvoering van de regeling We hebben gekeken naar de regeling zelf en de wijze waarop daar de afgelopen jaren uitvoering aan is gegeven. Op basis van de afgeronde trajecten valt een aantal zaken op: 1. Een kunstwerk wordt in de regel direct gerealiseerd bij het betreffende bouwproject. Dat kan, maar is geen voorwaarde vanuit de regeling. Vanuit een project kan ook worden bijgedragen aan een kunstopdracht op een andere locatie. Voorstel is om de gegroeide koppeling tussen kunstopdracht en locatie flexibeler in te vullen en ook te kijken naar kansrijke locaties in de omgeving van het project. Deze kansrijke locaties dienen in kaart te worden gebracht binnen de gemeente, eventueel met een oproep aan de inwoners om kansrijke locaties door te geven.

Op die wijze wordt tevens de betrokkenheid van inwoners versterkt. De keuze voor een locatie dient een weloverwogen beslissing te zijn. Wij gaan komend jaar aan de slag om te kijken waar de komende jaren plek is om kunstwerken te realiseren. 2. Participatie en communicatie bij de keuze voor een kunstwerken wordt verschillend ingevuld en opgepakt en blijft soms achter bij de verwachting. Bij het uitvoeren van de regeling is opgemerkt dat het opkomstpercentage bij stemrondes achterblijft. Bij het kunstwerk in RijswijkBuiten was er een opkomstpercentage van 15%. Slechts 27 mensen hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om te stemmen op hun favoriete schetsontwerp bij De Altis. Hoewel er al participatievormen worden toegepast in het proces, is de mogelijkheid om in bepaalde gevallen betrokkenen (zoals buurtbewoners of gebruikers van een gebouw) in een eerder stadium of op een andere wijze te betrekken bij de totstandkoming van een nieuw kunstwerk. Zij kunnen bijvoorbeeld schriftelijk en digitaal worden geïnformeerd via sociale media en/of de gemeentewebsite. 3. De rollen en bevoegdheden van de verschillende betrokkenen bij een kunstopdracht zijn niet altijd helder. Daarmee kan er ruis ontstaan over het proces.

Corsanr. 23.001619

Pagina 4 van 7

Raadsvoorstel (vervolg)

De rollen en bevoegdheden van het college van B&W, de commissie KunstRuimte en van andere belanghebbenden (gebruikers) worden niet altijd scherp neergezet. Hierdoor ontstaat onduidelijkheid over wat er gebeurt met het resultaat van het participatietraject of een advies van de commissie KunstRuimte. Dit leidt tot teleurstelling of onbegrip. Ook is niet altijd getoetst of een kunstwerk realiseerbaar is (voldoet het aan eisen als veiligheid etc.), voordat het de inspraak in gaat. Om teleurstelling te voorkomen moet dit anders worden opgezet. De commissie begeleidt het proces van schetsontwerp tot oplevering en stemt in het proces af met de projectleider, andere betrokkenen en de kunstenaar. De taken, rollen en bevoegdheden dienen voorafgaand aan elk nieuw proces te worden vastgelegd om een goed verloop van de uitvoering te borgen. Conclusie en aanpassingen van het traject Op basis van een evaluatie van de laatste processen voor het realiseren van nieuwe kunst in de openbare ruimte hebben we een aantal knelpunten geconstateerd. Deze knelpunten zitten met name op de wijze waarop de percentageregeling wordt uitgevoerd, niet op de percentageregeling zelf. Met het aanpassen van het traject en het verbeteren van de kaders, verwachten we ook tegemoet te komen aan de gehoorde zorgen in de raad over de uitvoering van de realisatie van kunst in de openbare ruimte.

5.5 Voorstel Om bovenstaande knelpunten te voorkomen, dient voorafgaand aan een kunstopdracht over een aantal kaders een helder besluit genomen te worden. De besluiten worden genomen op basis van een routekaart. De voorgestelde routekaart borgt dat er wordt nagedacht over de best mogelijke opties om belangstellenden te betrekken bij de keuze voor een nieuw kunstwerk. Wanneer er op basis van de percentageregeling een nieuwe opdracht voor een kunstwerk wordt uitgezet, dient onderstaande routekaart te worden gevolgd. In de kunstopdracht wordt, waar mogelijk, ruimte gegeven aan innovatieve kunstvormen. 1. Locatie: er dient voorafgaand aan de opdracht van een schetsontwerp een duidelijk besluit door het college te worden genomen over de (kansrijke) locatie van het beoogde kunstwerk. Dit gebeurt onder andere aan de hand van het advies van de commissie, de inbreng van inwoners en de haalbaarheid van de locatie. 2. Participatie: aan het begin van een nieuw proces wordt de wijze van participatie bepaald en besloten door het college. Deze kan betrekking hebben op omwonenden, gebruikers van het nieuwe gebouw en andere belanghebbenden. Overigens is het niet in alle gevallen logisch om inwoners te betrekken bij een nieuw kunstwerk. Zo zal de wijze van participatie voor een nieuw kunstwerk bij een school voornamelijk betrekking hebben op de leerlingen en het schoolbestuur. 3.

Communicatie: Voor een groter draagvlak wordt vooraf een communicatieplan geschreven, met aandacht voor het participatieproces. Inwoners, andere belanghebbenden en geïnteresseerden kunnen zo meegenomen worden in het proces van de realisatie van het kunstwerk 4. Keuze schetsontwerp: het college maakt de keuze voor een schetsontwerp op basis van de uitkomsten van de participatie en het advies van de commissie KunstRuimte.

Corsanr. 23.001619

Pagina 5 van 7

Raadsvoorstel (vervolg)

6.

Kanttekeningen De aanpassing van de regeling conform scenario D maakt ook het herplaatsen van bepaalde bestaande kunstwerken onder voorwaarden mogelijk via de regeling. Niet alle kunstwerken komen voor herplaatsing in aanmerking en niet iedere omgeving past bij een bestaand werk. Hierbij is het oordeel van de commissie KunstRuimte zwaarwegend. Het aantal kunstwerken dat op dit moment voor herplaatsing in aanmerking komt is beperkt, omdat er voor nu een concreet plan is om verweesde kunst te herplaatsen in het Wilhelminapark. De percentageregeling blijft dan ook met name een regeling voor het realiseren van nieuwe kunstopdrachten, maar biedt na aanpassing meer flexibiliteit als er toevallig een bestaand kunstwerk passend herplaatst kan worden. Bovenstaande uitwerking in de vorm van een routekaart loopt vooruit op de keuze van de raad voor scenario D. Indien de raad kiest voor een ander scenario, ziet de uitwerking er ook anders uit. Dit wordt uitgewerkt, indien de raad kiest voor een ander scenario.

7.

Financiën Een keuze voor scenario D kan zijn dat er minder geld beschikbaar komt voor kunstopdrachten. Financiële gevolgen zijn er verder met name voor de scenario’s B (jaarlijks vast budget voor nieuwe kunst) en E (uitbreiden percentageregeling).

8.

Vervolg De voorgestelde wijzigingen worden opgenomen in een gewijzigde Verordening Percentageregeling 2008.

9.

Communicatie Na vaststelling wordt de wijzigingsverordening Percentageregeling 2008 gepubliceerd via de hiertoe geldende procedures. Communicatie rondom een kunstopdracht vindt plaats zoals in de routekaart staat beschreven. Mochten inwoners worden opgeroepen om kansrijke locaties door te geven aan de gemeente, dan wordt vanzelfsprekend aanspraak gemaakt op de digitale kanalen van de gemeente.

10.

Bijlagen 1. Wijzigingsverordening Percentageregeling 2008 2. Metadata verordening 3. Bekendmaking

Burgemeester en wethouders, de secretaris,

de burgemeester,

P.M. Schuit

H. Sahin

Corsanr. 23.001619

Pagina 6 van 7

Raadsbesluit

De gemeenteraad van Rijswijk, Bijeen in openbare vergadering op 21 februari 2023 Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 17 januari 2023, nr. xx

BESLUIT: 1. De wijzigingsverordening Percentageregeling 2008 (percentageregeling) ter financiering van (nieuwe) kunst in de openbare ruimte vast te stellen; 2. In te stemmen met het voorstel om nadere uitvoeringsregels op te laten stellen, als aanscherping van de uitvoering van de Verordening Percentageregeling 2008. Aldus besloten door de Raad van de gemeente Rijswijk, in zijn openbare vergadering van 21 februari 2023

De gemeenteraad, de griffier,

de voorzitter,

J.A. Massaar, bpa

H. Sahin

Corsanr. 23.001619

Pagina 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=5f9a1515-258e-4201-9e9d-2af93bd87fe1