CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Rijswijk - Accountantsverslag 2020 (2).pdf

Raadsvergadering 6 juli 2021, gemeente RijswijkBij agendapunt: Jaarstukken 2020, besteding jaarrekening resultaat en wijziging begroting (21-028)11.092 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Accountantsverslag Gemeente Rijswijk Boekjaar 2020

1

Aan de gemeenteraad van de gemeente Rijswijk Bogaardplein 2284 DP Rijswijk Breda, juni 2021 Geachte leden van de Gemeenteraad, Hierbij bieden wij u ons concept accountantsverslag aan dat is opgesteld in het kader van de opdracht om de jaarrekening 2020 van de gemeente Rijswijk te controleren. Dit accountantsverslag bevat bevindingen en conclusies die naar aanleiding van onze werkzaamheden uit hoofde van de jaarrekeningcontrole 2020 naar voren zijn gekomen. De bevindingen in dit verslag zijn besproken met de portefeuillehouder financiën en een afvaardiging van de ambtelijke organisatie. Gezien de bevindingen bij onze controle van RijswijkBuiten, de Tozocontrole, de vertraging van de aanlevering verantwoording Jeugdhulp en de consequenties hiervan voor de jaarrekening zijn onze werkzaamheden uitgelopen en zijn wij op dit moment nog bezig met de afronding van ons dossier. Op basis van de geconstateerde bevindingen zijn wij voornemens om een goedkeurend oordeel te verstrekken voor zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid.

Vanwege de Corona-maatregelen hebben wij afgelopen jaar de controles en werkzaamheden volledig digitaal uitgevoerd. Hierdoor gingen afstemmingen over bevindingen en het proces anders dan gebruikelijk. Wij danken de medewerkers voor de samenwerking bij het verrichten van onze controlewerkzaamheden en de totstandkoming van ons accountantsverslag. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en lichten de inhoud van deze rapportage graag nader aan u toe. Met vriendelijke groet, Baker Tilly (Netherlands) N.V.

drs. R. Opendorp RA Partner

2

Inhoudsopgave

1.

Bestuurlijke samenvatting

4

2.

Uitkomsten jaarrekeningcontrole

7

3.

Financiële positie

23

4.

Bevindingen interne beheersing

26

5.

Overige onderwerpen

29

Bijlagen

33

3

Bestuurlijke samenvatting

1. Bestuurlijke samenvatting Financiële kengetallen en signaleringwaarden

Toelichting Wij signaleren een significante mutatie in het gerealiseerde saldo van baten en lasten ten opzichte van voorgaande jaren dat voornamelijk veroorzaakt wordt door de ontvangen Eneco-gelden. De verkoop van Eneco heeft tevens een positief effect op de ontwikkeling van het weerstandsvermogen, de solvabiliteit, de weerstandsratio en de schuldquote. Het totaal van de risico’s neemt toe ten opzichte van voorgaande jaren. Dit wordt veroorzaakt doordat ten opzichte van voorgaand jaar de financiële omvang van de volgende risico’s is gestegen: • Corona (voorgaand jaar niet opgenomen) • Actieplan Jeugdzorg/WMO Wij begrijpen de toevoeging en stijging van deze risico’s, maar constateren tegelijkertijd dat de verwachting is dat de gemeente komende jaren meer geld vanuit het Rijk gaat ontvangen voor de Jeugdhulp, waardoor het laatste risico wellicht naar beneden kan worden bijgesteld. Gezien de huidige status van de politieke discussie in Den Haag snappen wij de toename. De verbetering van het resultaat ten opzichte van voorgaand jaar wordt voornamelijk veroorzaakt door: • Vrijval voorzieningen (€ 1.006.000) • Impact verkoop Eneco ( € 1.400.000; voor de toelichting op deze oorzaak verwijzen wij naar de overige bevindingen) • Sociaal domein (€ 581.000) • Meerjarige ombuigingen ad € 2,9 miljoen in 2020 gerealiseerd.

5

1. Bestuurlijke samenvatting Wij zijn voornemens een goedkeurend oordeel te verstrekken bij zowel de getrouwheid als de rechtmatigheid.

Het jaarverslag is cf. NV COS 720 is verenigbaar met de jaarrekening en voldoet aan de laatste actuele voorschriften.

Het Besluit Begroting en Verantwoording is in alle opzichten nageleefd in 2020.

Covid-19: Wij constateren dat uw gemeente een specifieke Corona-paragraaf heeft toegevoegd aan de jaarstukken. In deze paragraaf zijn de financiële gevolgen van Corona toegelicht. Per saldo zijn de lasten van Corona € 1.154.000 (negatief) voor de gemeente Rijswijk. Hiervan was reeds € 988.000 meegenomen in de slotwijziging van de begroting. Wij constateren dat de gemeente in deze paragraaf ook vooruitblikt naar 2021. Wij adviseren u deze ontwikkelingen te volgen en waar nodig de begroting hierop te wijzigingen.

Uit onze controle blijken wel ongecorrigeerde fouten. Het totaal van de ongecorrigeerde getrouwheidsfouten bedraagt € 387.000.

Wij hebben ten aanzien van de financiële rechtmatigheidscontrole bevindingen die wij, op basis van de rapporteringstolerantie, aan u zouden moeten rapporteren. Wij hebben bij de controle op de aanbestedingsrechtmatigheid inkopen een fout van € 1.304.000 geconstateerd. Daarnaast signaleren wij een onrechtmatige begrotingsoverschrijding van € 144.000. Te samen met de getrouwheidsfout van € 387.000 leidt dit niet tot een aanpassing van het oordeel.

Wij hebben vastgesteld dat de bezoldigingen over 2020 in overeenstemming is met de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) en dat de jaarrekening 2020 van de gemeente Rijswijk voldoet aan de publicatieverplichtingen van de WNT.

6

Uitkomsten jaarrekeningcontrole

Opdracht, scope en uitkomsten Strekking controleverklaring Op basis van de geconstateerde bevindingen zijn wij voornemens een goedkeurend oordeel te verstrekken voor getrouwheid en rechtmatigheid.

Reikwijdte van de controle De jaarstukken van uw gemeente bestaan uit: - Het jaarverslag (programmaverantwoording + paragrafen) - De jaarrekening - Bijlagen

Ongecorrigeerde fouten

Fouten Fouten Onzekerheden (getrouwheid) (rechtmatigheid)

Met de opdrachtbevestiging van d.d. 22 oktober 2020 heeft u ons opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2020. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle geen sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle.

Rechtmatigheidsfout inkopen

€ 1.304.000

Geëxtrapoleerde fout ‘inschatting vooruit betaalde € 168.000 bedragen’

€ 168.000

Tijdens de uitvoering van de controleplanning hebben zich geen wijzigingen van materieel belang in de reikwijdte voorgedaan.

Prestatielevering Jeugdhulp

Overzicht toleranties De materialiteit bij de uitvoering van onze controle is € 2.800.000 Deze materialiteit sluit aan op het door de gemeenteraad vastgestelde controleprotocol. Grondslag

Bedrag

1% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 2.800.000

Goedkeuringstolerantie onzekerheden 3% lasten inclusief toevoegingen reserves

€ 8.400.000

Rapporteringstolerantie

€ 100.000

Goedkeuringstolerantie fouten

5% van de goedkeuringstolerantie

Wettelijk is voorgeschreven dat de materialiteit bepaald wordt op basis van 1% van de lasten inclusief de toevoeging aan de reserves. Wij willen u erop wijzen dat dit (eenmalig) leidt tot een hogere materialiteit, vanwege de toevoeging van € 71,4 miljoen aan de reserves. Deze toevoeging heeft een positief effect van € 710.000 op onze materialiteit. Onze controlediepgang hebben wij bepaald op basis van de uitvoeringsmaterialiteit (€ 1.050.000) en is berekend zonder het effect van Eneco.

Ongecorrigeerde fout ‘voorgaand jaar

€ 219.000 € 1.221.000

Overschrijding Programma Algemeen bestuur en Organisatie Totaal

€ 144.000 € 387.000

€ 1.616.000

€ 1.221.000

Bovenstaande fouten en onzekerheden hebben wij kwalitatief beoordeeld. De geconstateerde bevindingen leiden niet tot een aanpassing van ons oordeel. Voor de inhoudelijke toelichting op deze bevindingen verwijzen wij naar de paragraaf ‘Overige bevindingen’. Verslaggevingsrichtlijnen Wij hebben de aanvaardbaarheid van de gehanteerde waarderingsgrondslagen, de consistente toepassing daarvan alsmede de duidelijkheid en volledigheid van de jaarverslaggeving beoordeeld. Uw gemeente heeft gedurende 2020 geen wijzigingen doorgevoerd in de keuze of de toepassing van belangrijke verslaggevingsgrondslagen. Wij concluderen dat de gehanteerde waarderingsgrondslagen aanvaardbaar zijn en dat de toepassing daarvan, samen met de in de jaarrekening opgenomen toelichtingen, een getrouw beeld geeft van de financiële positie van de gemeente.

8

Opdracht, scope en uitkomsten Algemeen beeld Naar aanleiding van de jaarrekeningcontrole 2018 heeft de organisatie een verbeterplan opgesteld. Vanwege het tijdsstip van afronden van de jaarrekeningcontrole 2018 waren bij de jaarrekeningcontrole 2019 slechts beperkt verbeteringen zichtbaar. Bij de controle werkzaamheden over boekjaar 2020 signaleren wij dat de eerste stappen zijn gezet in het verbeterproces. Wij signaleren dit o.a. in een verbeterde aanlevering van de spend-analyse en een afname van de geconstateerde rechtmatigheidsfout, waardoor wij voornemens zijn zowel bij de getrouwheid als bij de rechtmatigheid een goedkeurend oordeel te verstrekken.

Managementinzicht en schattingen Schattingen op basis waarvan sommige jaarrekeningposten worden bepaald, zijn gebaseerd op inzichten van het management. Wij hebben de belangrijkste gehanteerde factoren en veronderstellingen beoordeeld op basis waarvan de afzonderlijke oordelen en schattingen zijn gevormd. Wij hebben vastgesteld dat dit aanvaardbaar is in het kader van de jaarrekening als geheel. Met betrekking tot Rijswijk Buiten verwijzen we naar de afzonderlijke passage in deze rapportage.

Vanwege deze daling in geconstateerde fouten hebben wij tijdens de controle wel aanvullende werkzaamheden verricht. Dit wordt veroorzaakt doordat de totale omvang aan rechtmatigheidsfouten gedaald is en de cumulatieve rechtmatigheidsfout de kritische grens tussen een goedkeurend oordeel en een oordeel met beperking naderde. Om tot een goedkeurende oordeel te komen is de jaarrekening in een laat stadium gecorrigeerd. Hoewel de omvang van het aantal geconstateerde fouten is afgenomen ten opzichte van voorgaand jaar constateren wij wel dat er nog flinke stappen gezet kunnen worden. Wij signaleren onder andere dat de samenwerking tussen afdelingen met financiën en de interne controle nog aandacht vergt. Door een verbetering in de samenwerking kan een efficiency slag gemaakt worden op onder andere een interne controle die beter afgestemd is op onze controle en kunnen jaarrekeningposten beter onderbouwd worden. Dit voorkomt dat de afdeling financiën tijdens onze controle nog veel basale vragen moet beantwoorden. Wij adviseren u om de interne procedures met betrekking tot het afsluiten van de administratie en het opstellen en onderbouwen van de jaarrekening kritisch te bekijken en andere afdelingen hierbij te betrekken, te waarborgen dat informatie beschikbaar is en toereikend om de betrouwbaarheid van de jaarrekening te onderbouwen.

9

Covid-19 Impact Covid-19 voor de gemeente De belangrijkste effecten van de Corona-crisis voor de gemeente zijn nader toegelicht in een afzonderlijke paragraaf. De belangrijkste impact voor de gemeente en voor onze controle is hieronder benoemd: • Uitvoeren Tozo regeling • Daling van de opbrengsten parkeergelden, burgerleges (huwelijken, uitgifte paspoorten, etc.), verhuur sportaccommodaties, culturele instellingen, afvalinzameling en toeristenbelasting. • Toelichting met betrekking tot corona in jaarverslag, grondslagen en jaarrekening Mogelijk zal het Rijk een deel van deze opbrengstendalingen nog compenseren via een aanvullende uitkering in het gemeentefonds. Wij adviseren u om deze ontwikkelingen te volgen en (indien nodig) de begroting hierop te wijzigen. Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers Het kabinet heeft meerdere maatregelen getroffen om ondernemers te ondersteunen tijdens de coronacrisis. De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (hierna: Tozo) is één van die maatregelen om specifiek zelfstandige ondernemers, waaronder ZZP’ers, financieel te ondersteunen. De uitvoering van de Tozo is decentraal door het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bij de gemeente neergelegd.

Op basis van de Tozo kunnen zelfstandigen een beroep doen op twee soorten voorzieningen: een aanvullende uitkering voor levensonderhoud en een lening voor bedrijfskapitaal. Uw gemeente heeft in 2020 € 7.840.000 ontvangen in het kader van de Tozo. Er zijn in 2020 1814 aanvragen behandeld en uiteindelijk is een bedrag van € 6.381.000 verstrekt aan zelfstandigen. Voor de uitvoering van deze regeling heeft de gemeente een bijdrage van het Rijk van € 855.000 ontvangen.

De Tozo is onder grote tijdsdruk door het Rijk opengesteld en door uw gemeente met grote inspanning in uitvoering gebracht. Met name bij Tozo 1 is er gezien de grote tijdsdruk sprake geweest van beperktere controle-eisen op de aanvraag, dan dat dit geldt voor andere regelingen binnen de bestaande wetten, waaronder de Participatiewet (hierna: PW). Voor Tozo 1, 2, 3 (en in 2021 ook voor 4) mag vanuit de wetgeving ten behoeve van de beoordeling van de aanvraag in zeer belangrijke mate door de gemeente worden gesteund op de eigen verklaringen van de zelfstandig ondernemer. De verstrekkingen voor levensonderhoud zijn gebaseerd op de Participatiewet (hierna: PW) en de bedrijfskaptaalverstrekkingen zijn gebaseerd op de BBZ. De bepalingen van de PW zijn daardoor in belangrijke mate van toepassing op de Tozo-regeling. De nadere instructies vanuit het Rijk aangaande de interne controle en de verantwoording zijn pas begin april 2021 definitief geworden, belangrijk onderdeel van de eisen aan de interne controle is het hebben van beleid aangaande Misbruik en Oneigenlijk gebruik (M&O-beleid). Om te waarborgen dat er geen misbruik wordt gemaakt van de faciliteiten heeft uw gemeente, overeenkomstig aan de gestelde eisen, dit specifieke M&O-beleid geformuleerd voor de Tozo. Wij hebben de opzet, bestaan en werking van dit beleid gecontroleerd.

Met dit beleid, dat onder meer bestaat uit een controleplan wordt, naast controles op het aanvraagproces, achteraf vastgesteld dat er geen misbruik is gemaakt. Het belangrijkste onderdeel van dit controleplan is welke signalen van het Inlichtingenbureau worden onderzocht, in welke diepgang deze signalen worden onderzocht en binnen welke periode deze signalen worden onderzocht. Waar geconstateerd wordt dat de aanvrager geen of een lager recht op vergoeding had volgen terugvorderingen.

10

Covid-19 De wetgever staat toe dat de door u geplande controles op signalen van misbruik of oneigenlijk gebruik gedurende 2021 worden opgepakt en de consequenties hiervan in de administratie van 2021 worden verwerkt. U bent nog niet klaar met het uitzoeken en verwerken van alle signalen voortkomend uit Tozo 1, 2 en 3. De Tozo-regeling stelt dat dit ook niet hoeft. Eventuele terugvorderingen na de genoemde datum zullen worden verwerkt in boekjaar 2021. Bij de controle van de jaarrekening 2021 wordt door ons vastgesteld dat daadwerkelijk het plan is opgevolgd. Bij de controle op de ToZo- regelingen hebben wij vastgesteld dat niet eenduidig gedocumenteerd is dat de aanvrager in bezit is van alle vergunningen die nodig zijn voor het uitvoeren van het beroep. Door het Rijk is aangegeven dat dit een vereiste is waaraan wij moeten toetsen. Door de gemeente is bij het onderzoek naar de toekenning telefonisch gesproken met de aanvragers en gevraagd of zij alle verplichte vergunningen hebben. Tijdens onze controle hebben aanvragers bevestigd dat dit telefoongesprek heeft plaatsgevonden en dat het toetsten van de vergunningen in dit gesprek aan bod gekomen is. Hiermee is voldaan aan de vereisten en enkel sprake van een formele fout.

Deze formele fout hoeven wij niet te rapporteren (conform de Nota verwachtingen accountantscontrole Sisa) en heeft geen verdere consequenties voor het oordeel.

11

Waardering van de grondexploitaties Algemeen De waardering van de grondexploitaties is een significant risico in onze controleaanpak, vanwege de mate van schattingsonzekerheid. Wij hebben het proces rondom de totstandkoming van de waardering in opzet en bestaan getoetst en gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd. Wij achten de waardering aanvaardbaar en vinden de veronderstellingen redelijk. Hieronder hebben wij de ontwikkeling van uw grondexploitatie gedurende de afgelopen vier jaar weergegeven. Grafiek ontwikkeling grondexploitaties (x € 1 miljoen) 200.000

2017

150.000

2018 2019

100.000

2020

50.000 0 Bruto boekwaarde

Verliesvoorziening

Netto boekwaarde

Ten opzichte van 31 december 2020 is de boekwaarde van de post grondexploitatie afgenomen met € 23,8 miljoen. De afname/toename van de boekwaarde per 31 december 2020 is als volgt samen te vatten: (x € 1.000)

2020

2019

Boekwaarde per 1 januari

144.600

146.339

Investeringen

16.006

17.460

Grondverkopen

(39.351)

(19.067)

(428)

(132)

€ 120.827

€ 144.600

Mutatie verliesvoorziening Boekwaarde per 31 december

Waardering inclusief specifieke projectrisico’s Verliesvoorziening De verliesvoorziening is in 2020 toegenomen met € 428.000. Deze toename wordt voornamelijk veroorzaakt doordat de supermarkt in 2021 voor € 390.000 minder is verkocht dan meegenomen was in de prognose. Besluitvorming Pasgeld Voor de ontwikkeling van Pasgeld West moeten nog enkele belangrijke politieke keuzes gemaakt worden, onder andere over het aantal woningen, de woning typologieën en het programma. In de grondexploitatie is om die reden slechts een globale berekening van de verwachte opbrengsten meegenomen. Bij een afwijking (zowel negatief als positief) van 5% resulteert dit in een onzekerheid van € 3,2 miljoen. Wij adviseren u om te komen tot een besluit over de invulling van Pasgeld-West zodat de omvang van de onzekerheden in de grondexploitatie afnemen. Overige risico’s Wij signaleren dat de risico’s voor RijswijkBuiten afgelopen jaar met € 600.000 zijn afgelopen. De grootste mutatie ten opzichte van voorgaand jaar betreft een afname van € 400.000 in het afzetrisico. Deze daling ligt in lijn met de significante omvang van de afzet afgelopen jaar. Onderbouwing prognoses Wij constateren dat er komende jaren nog voor € 166,5 miljoen aan opbrengsten en € 45,1 miljoen aan kosten gerealiseerd moeten worden.

De kostenindexering, opbrengstenindexering en de rente kan vanwege deze omvang een significante impact hebben op het resultaat van dit project. Wij signaleren hierbij dat er binnen de grondexploitatie nog steeds voor meerdere onderdelen gebruik gemaakt wordt van globale schattingen. Wij adviseren u organisatie om deze schattingen verder te onderbouwen en de impact van deze parameters uit te werken in diverse scenario’s zodat een beeld ontstaat van de mogelijke impact van ontwikkelingen in het prijspeil en de rente.

12

Waardering van de grondexploitaties Actualisatie Vanwege de omvang van deze grondexploitatie neemt het doornemen van de onderbouwingen voor onze controle de nodige tijd in beslag. Dit heeft in een laat stadium van onze controle nog tot aanpassingen van de jaarrekening geleid. Voorgaand jaar hebben wij om die reden reeds geadviseerd om de actualisatie naar voren te halen, zodat de eventuele impact van onze controle op de jaarrekening tijdig bekend is. Wij benadrukken nogmaals het belang van een vervroeging van de jaarlijkse actualisatie. Ons inziens kan de actualisatie van de grondexploitatie opgepakt worden in de laatste maanden van het boekjaar, waardoor wij de controle op de prognose eerder (en vooruitlopend op het opstellen van de jaarrekening) kunnen controleren. Wij willen de organisatie voor komend jaar vragen dit te wijzigingen in de P&C cyclus. Gehanteerde parameters De waardering van uw grondexploitaties is voor een groot deel afhankelijk van de gemaakte schattingen. Om inzicht te krijgen in de financiële risico’s stelt de gemeente exploitatieoverzichten op waarin schattingen zijn opgenomen. Aan deze schattingen liggen diverse parameters en uitgangspunten ten grondslag. Wij hebben de door gemeente Rijswijk gehanteerde uitgangspunten en parameters getoetst.

De belangrijkste uitkomsten hiervan kunnen als volgt worden samengevat: Parameter 2020 2019 Legenda status:   Kostenstijging  = evenwichtig   Opbrengstenstijging  = optimistisch  = voorzichtig   Rekenrente  = controleverschil   Disconteringsvoet 

Programmering

Verkoopprijzen woningen

Verkoopprijzen bedrijven

Kostenstijging De gehanteerde parameter voor de kostenstijging is 2,5% voor 2021 en 2022 en 2,0% voor na 2022. (2019: 2020/2021 2,5%, > 2022: 2,0%) Deze parameter ligt in lijn met de landelijke prijsindexcijfers. Op basis van de momenteel beschikbare informatie achten wij deze parameter evenwichtig. Gezien de prijsontwikkelingen in de markt is het van belang de ontwikkelingen hierin goed te monitoren. Opbrengstenstijging Het college rekent met de volgende opbrengstenstijgingen: Jaartal

Opbrengstenstijging

2021

4,5% per jaar (vorig jaar 4,5%)

2022

2,5% per jaar (vorig jaar 2,5%)

2023 en verder

2,0% per jaar (vorig jaar 2,0%)

Op basis van de momenteel beschikbare informatie achten wij deze parameter evenwichtig. Gezien de ontwikkelingen in de markt achten wij het van belang dit goed te blijven volgen. Rekenrente Het college rekent binnen de huidige grondexploitaties met de volgende rekenrrente: Jaartal

Rekenrente

2021

0,48% per jaar (vorig jaar 0,52%)

2022

0,37% per jaar (vorig jaar 0,42%)

2023 en verder

-0,01% per jaar (vorig jaar 0,01%)

De gemeente heeft in 2020 een aantal leningen met een gunstig rentepercentage kunnen afsluiten, om die reden daalt de rekenrente in de toekomstige jaren. Deze grondslag is in overeenstemming met de notitie grondexploitatie en de bepaling in de notitie rente van de commissie BBV. Wij achten deze parameter evenwichtig.

13

Waardering van de grondexploitaties Disconteringsvoet De disconteringsvoet die moet worden gehanteerd in de berekening van de contante waarde ten behoeve van het treffen van een verliesvoorziening voor negatieve grondexploitaties is door de commissie BBV voor alle gemeenten gelijkgesteld aan het maximale meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor inflatie binnen de Eurozone (2%). Dit percentage is door de gemeente correct toegepast, waardoor wij deze parameter kwalificeren als evenwichtig. Programmering De programmering van de grondexploitaties wordt actief gemonitord door de gemeente Rijswijk. De ingerekende programmering ligt in lijn met vorig jaar en is onder andere gebaseerd op interne en externe onderzoeken. Wij wijzen u wel op de eerdere aanbeveling rondom de besluitvorming van Pasgeld-West. Verkoopprijzen De verkoopprijzen voor zowel woningen als bedrijven zijn niet significant gewijzigd. Wij signaleren dat de verkoopprijzen voor woningen relatief voorzichtig zijn ingerekend in de grondexploitatie en de verkoopprijzen voor bedrijventerreinen relatief optimistisch. Gedurende 2020 hebben voor zowel woningen als bedrijven verkopen plaatsgevonden waarbij de ingerekende prijs is gerealiseerd, waardoor wij de waardering realistisch achten.

Wij adviseren wel om de prijzen ten opzichte van de verwachting te blijven volgen zodat prognoses tijdig bijgesteld kunnen worden.

14

Sociaal domein Algemeen De gemeente Rijswijk voert diverse regelingen uit in het sociaal domein waarbij taken veelal zijn ondergebracht bij derde partijen. Hieronder hebben wij een overzicht opgenomen van de belangrijkste onderdelen en door wie deze werkzaamheden uitgevoerd worden: Onderdeel

Uitvoerder

Wijze van uitbesteding

Bepaling last boekjaar

Uitkeringen (Participatiewet)

Zelfstandig

n.v.t.

Werkelijke lasten

Werkdeel (WSW)

DSW Rijswijk e.o.

Mandatering

Vaste bijdrage op basis van de begroting / gerealiseerde aantallen.

Jeugdwet Regionaal

H-10

Mandatering

Afrekening op basis van werkelijke lasten

Jeugdwet Lokaal

Zelfstandig

N.v.t.

Afrekening op basis van werkelijke lasten

Jeugdwet (afgifte beschikking)

Zelfstandig

N.v.t.

N.v.t.

Jeugdwet Een deel van de uitvoering van de Jeugdwet is door de gemeente uitbesteed aan Servicebureau Jeugdhulp Haaglanden. In 2015 zijn bij de oprichting van deze Gemeenschappelijke regeling afspraken gemaakt over de controleaanpak van deze lasten. Destijds was dit het eerste jaar dat de gemeente verantwoordelijk was voor deze uitvoering en waren er nog veel onzekerheden. Wij constateren dat de afspraken over de verantwoording en de controle niet zijn aangepast, terwijl er meer informatie beschikbaar is. Wij adviseren u om de afspraken met betrekking tot managementinformatie, de verantwoording en de controleaanpak te evalueren. Mogelijk kan dit leiden tot een efficiëntere controleaanpak. Vanuit de controleverklaring van de GAD over de verantwoording Jeugdhulp blijkt een onzekerheid van € 1,1 miljoen die betrekking heeft op de prestatielevering. Deze omvang is hoger dan voorgaande jaren, omdat meerdere zorgpartijen een productielevering hebben lager dan de verantwoordingsgrens van € 250.000, waardoor bij deze partijen geen bevestiging van de prestatieleveringen is opgevraagd.

Zo constateren wij dat het servicebureau een inschatting maakt voor de nog te verwachten declaraties over voorgaande jaren, maar deze niet meegenomen worden in de controle door de GAD. Aangezien de regio over veel meer declaratie gegevens beschikt dan de gemeente zou dit regionaal tot een betrouwbaardere inschatting moeten leiden. Nog te betalen declaraties voorgaande jaren Tijdens de controle hebben wij vastgesteld dat in de jaarrekening rekening gehouden is met de ‘nog te betalen’ kosten Jeugdhulp over voorgaande jaren (declaraties 2019 en eerder). Op basis van de informatie van het servicebureau zou deze inschatting hoger moeten zijn dan in de concept jaarrekening was opgenomen. In de wetgeving is bepaald dat er tot 5 jaar na zorglevering nog gedeclareerd kan worden. Door het servicebureau is aangegeven welke lasten de gemeente maximaal nog kan verwachten over 2016 en later. De inschatting van deze lasten was niet meegenomen in de bepaling van de ‘nog te betalen kosten Jeugdhulp. Dit heeft geleid tot een correctie van € 171.000 in de jaarrekening. Aangezien dit geleid heeft tot een correctie in de jaarrekening weegt deze constatering niet mee in ons oordeel. Meerkosten Corona Bij onze controle hebben wij vastgesteld dat de meerkosten Corona en de omzetderving die samenhangt met Corona zijn opgenomen in de jaarrekening.

Deze lasten zijn verantwoord op basis van de beste inschatting. Wij kunnen ons vinden in deze waardering. Eigen bijdrage WMO Een aanvrager van een voorziening, hulp in de huishouding, zorg in natura of een financiële tegemoetkoming (persoonsgebonden budget) is op grond van de WMO een eigen bijdrage verschuldigd. De wetgever heeft bepaald dat de berekening, oplegging en incasso van deze eigen bijdrage wordt uitgevoerd door het CAK. De informatie van het CAK (om privacy redenen beperkt) is ontoereikend om als gemeente de juistheid op persoonsniveau en volledigheid van de eigen bijdragen als geheel te kunnen vaststellen. Door de systematiek te kiezen van het vaststellen van de eigen bijdragen door het CAK, heeft de wetgever in feite bepaald, dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdragen op grond van de WMO geen gemeentelijke verantwoordelijkheid is. Dit betekent dat door de gemeenten geen zekerheden omtrent omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen worden verkregen.

15

Overige bevindingen Materiële vaste activa Binnen de MVA zijn de strategische gronden opgenomen. Strategische gronden zijn gronden die aangehouden worden voor een toekomstige ontwikkeling. Om die reden moeten deze gronden tegen een reële waarde gewaardeerd worden. De commissie BBV schrijft voor deze waarde elke twee jaar te bepalen. Wij constateren dat deze waardering afgelopen jaren niet getoetst is. Op basis van de gegevens concluderen wij dat de waardering per meterprijs dusdanig laag is dat er geen risico is op afwaardering. Wel adviseren wij u de waardering van strategische gronden periodiek zelfstandig te toetsen. Tijdens onze controle constateerden wij enkele activa met een negatieve boekwaarde. Reden hiervan is dat de gemeente een bijdrage vooruit ontvangen heeft en de investeringen nog niet volledig zijn afgerond. Per saldo resulteert dit per jaareinde in een hoger ontvangen bedrag dan de realisatie van de investering. Dit vooruit ontvangen bedrag moet als overlopend passief verantwoord worden (vooruitontvangen gelden), aangezien de gemeente de plicht heeft voor minimaal dit bedrag te investeren. In de definitieve versie van de jaarrekening heeft dit geleid tot een correctie van € 967.000, waardoor deze constatering niet meeweegt in ons oordeel.

Voorzieningen Onderhoudsvoorzieningen In de begroting van 2020 waren dotaties opgenomen voor het onderhoudsplan MOP en het baggerplan. Deze dotaties kunnen echter alleen plaatsvinden als er een door de raad goedgekeurd onderhoudsplan aan ten grondslag ligt. In 2017 heeft de commissie BBV besloten dat onderhoudsvoorzieningen enkel opgenomen mogen worden als het onderhoudsplan (o.a. de kwaliteit) goedgekeurd is door de Raad. Wij constateren dat de plannen in 2020 vernieuwd zijn, maar formeel niet goedgekeurd zijn door de raad. Om die reden zijn de voorzieningen groot onderhoud vrijgevallen. Wij begrijpen dat het bespreken en goedkeuren van de onderhoudsplannen inmiddels geagendeerd is op de agenda van de Raad. Dit punt is daarmee voor komend jaar verholpen, wij adviseren u wel kennis te nemen van de overige vereisten die in deze notitie van de commissie BBV vermeld staan. Voor het opnemen van onderhoudsvoorzieningen in de jaarrekening gelden onder andere de volgende vereisten: − − − −

Voorzieningen groot onderhoud kunnen alleen gevormd worden met instemming van de raad en op basis van een recent beheerplan (maximaal 5 jaar oud); Tussentijdse bijstelling van het plan is verplicht indien een belangrijke afwijking is opgetreden in de staat van het onderhoud; en In geval van achterstallig onderhoud (kapitaalvernietiging en/of onveilige situaties) moet een voorziening worden gevormd. Belangrijk om goed onderscheid te maken tussen klein en groot onderhoud en herinvesteringen.

Voorziening wachtgeld Wij hebben tijdens de controle kennis genomen van de onderbouwingen voor het opnemen van de wachtgeldvoorzieningen. Een wachtgeld voorziening mag opgenomen worden als verwacht wordt dat de (oud)wethouder niet aan het werk komt. Bij de berekening van de wachtgeldvoorziening is niet gekeken naar de mogelijke inkomsten van voormalig wethouders in het nieuwe boekjaar. De impact op de voorziening is beperkt en om die reden heeft dit niet tot een correctie geleid. Wij adviseren u wel om verwachtingen over gebruiksduur en hoogte vergoeding te onderbouwen in de bepaling van de voorziening. 16

Overige bevindingen Notitie lokale heffingen Recent heeft de Commissie BBV een notitie gepubliceerd over de paragraaf ‘Lokale Heffingen’. In deze notitie is een nadere duiding opgenomen van de kosten (o.a. overhead en rente) die toegerekend mogen worden aan de kosten afvalstoffen inzameling en riolering. Op basis van een analyse op de opbrengsten en de kosten van de afvalstoffen inzameling en riolering wordt de toevoeging aan de (verplichte) voorziening afvalstoffenheffing en rioolrecht bepaald. Wij adviseren u kennis te nemen van deze notitie en hier bij het opstellen van de jaarrekening rekening mee te houden. Deze notitie gaat in vanaf boekjaar 2021. Belastingheffing Tijdens de controle op de belastingopbrengsten hebben wij geconstateerd dat de gemeente een vordering van € 600.000 opgenomen heeft voor aanslagen naheffingen. Wij constateren dat de gemeente deze vordering verantwoord heeft met inachtneming van voorzichtigheidsprincipes en de vordering enkel is opgenomen voor het deel waarvan de organisatie verwacht dat deze ook binnenkomt. De reden van deze vordering is de achterstand die opgelopen is bij het opleggen van de naheffingen. Wij adviseren u de interne beheersing rondom dit proces te evalueren zodat deze situatie in de toekomst voorkomen kan worden.

Tegelijkertijd constateren wij dat er op de belastingafdeling slechts beperkte grip en informatie (en/of kennis) is om de volledigheid en nauwkeurigheid van de gegevens die nodig zijn voor de belastingoplegging te controleren. Op basis van externe gegevens (waaronder informatie van het Centraal Bureau van Statistiek) hebben wij de volledigheid van de opbrengsten gecontroleerd. Wij concluderen dat er geen risico is op een materiële onvolledigheid in de opbrengsten, maar adviseren u wel kritisch te kijken naar de grip op de belastingopbrengsten.

Vastlegging en onderbouwing prestatielevering Bij onze controle op de bedrijfskosten toetsen wij onder andere of de prestaties waarvoor de gemeente Rijswijk betaald wel geleverd zijn voor de organisatie. Tijdens deze controle constateren wij dat de vastlegging en onderbouwing van de prestatielevering nog tekort schiet. Wij signaleren dat veel afdelingen nog onbekend zijn met prestatieleveringen en er veelal wordt teruggegrepen op contracten om de prestatielevering te onderbouwen. Het risico waar onze werkzaamheden op plaatsvindt ziet echter op een toetsing van de juiste en toereikende levering aan de gemeente en kan pas plaatsvinden nadat de werkzaamheden door de externe partij zijn uitgevoerd. In onze controle hebben wij diverse malen doorgevraagd naar specifieke onderbouwingen en motiveringen van de prestatielevering en met enkele medewerkers gesprekken gevoerd. Na evaluatie concluderen wij dat de prestatielevering voldoende kan worden aangetoond. Wij adviseren u echter wel om de controle op prestatielevering af te dwingen via het systeem en de medewerker die deze controles moeten uitvoeren op te leiden. Ten aanzien van de aanstaande rechtmatigheidsmededeling dient dit proces echt te verbeteren.

Presentatie uitzettingen met een rente typische looptijd < 1 jaar en overlopende activa In de concept jaarrekening constateerden wij dat de prestentatie van de uitzettingen met een rent typische looptijd < 1 jaar en overlopende activa niet in overeenstemming was met de verslaggevingsstandaarden. Deze constatering heeft tot een herrubricering geleid tussen de overlopende activa en de uitzettingen met een rente typische looptijd < 1 jaar. Deze constatering heeft geen impact op ons oordeel. Wel adviseren wij u kennis te nemen van de verslagggevingsstandaarden en deze bij het opstellen van de jaarrekening juist toe te passen. Toerekening lasten aan het juiste boekjaar Bij een controle op de lasten en de inkoopfacturen uit 2021constateerden wij dat niet alle lasten en investeringen zijn toegerekend aan het juiste boekjaar. Deze constatering leid tot een ongecorrigeerde geëxtrapoleerde fout in de jaarrekening van € 168.000 (positief effect op het resultaat). Wij vragen de organisatie bij het afsluitproces kritisch te kijken naar de juiste toerekening van baten en lasten aan het boekjaar.

17

Overige bevindingen Financiële vaste activa Onder de financiële vaste activa stond op 1/1/2020 een bedrag van € 2.800.000 verantwoord voor de aandelen Eneco en Stedin. Op basis van de verhouding van het vermogen en de financiële impact van de splitsing tussen Eneco en Stedin is bij de verkoop van Eneco door de organisatie bepaald dat 50% hiervan toegerekend moest worden aan Eneco. Bij de controle hebben wij gecontroleerd of dit juridisch juist is. Uit de controle komt naar voren dat het volledige bedrag toegerekend moet worden aan de aandelen van Stedin. Dit heeft geleid tot een correctie in de definitieve jaarrekening van € 1.400.000 (positief effect op het resultaat). Sub administratie subsidies (subsidieregister) Voorgaande jaren hebben wij gecommuniceerd over onze aanbevelingen met betrekking tot de beheersing van het subsidieproces. Tijdens onze controle constateren wij dat dit subsidieregister nog niet in gebruik genomen is. De verwachting is dat de implementatie komend jaar plaatsvind. Bij de controle constateren wij dat de oplevering van stukken per afdeling sterk verschilt. Wij adviseren de organisatie via het register te waarborgen dat bij verlening en vaststelling tijdig de juiste stappen gezet worden. Wij constateerden bij de controle geen financiële fouten of onzekerheden.

18

Rechtmatigheid Europese aanbestedingsrichtlijnen In het kader van de rechtmatigheid van de jaarrekening 2020 is een controle uitgevoerd op de naleving van de (Europese) aanbestedingsrichtlijnen. Uit onze controle op de rechtmatigheid van de inkopen blijkt dat voor enkele gemeentelijk inkooptrajecten met een inkoopwaarde van in totaal € 1.304.000 niet de juiste procedure is gevolgd. Ten opzichte van voorgaande jaren is de geconstateerde fout aanzienlijk gedaald. Wij signaleren dat een groot deel van deze fout nog voortkomt uit voorgaande jaren ( € 957.000) en het aantal nieuwe fouten beperkt is (347.000). Op basis van onze controle komt naar voren dat deze inkopen Europees aanbesteed hadden moeten worden. Wij hebben dit bedrag als rechtmatigheidsfout aangemerkt. Wij adviseren (in lijn met voorgaande jaren) het college om de interne beheersing op de aanbestedingen aan te scherpen. Begrotingsrechtmatigheid Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2020, hebben wij de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moeten door de gemeenteraad zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd.

Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan de gemeenteraad, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan de gemeenteraad van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van de raad. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota 2018 van de Commissie BBV.

In de kadernota is opgenomen dat het overschrijden van de begroting altijd onrechtmatig is, maar niet in alle gevallen hoeft te worden meegewogen in het accountantsoordeel. Deze kostenoverschrijdingen moeten dan wel goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen per programma. In de toelichting op de staat van baten en lasten is door het college een analyse van de overschrijdingen opgenomen. De overschrijdingen zijn toereikend toegelicht en passen binnen het bestaande beleid of worden gecompenseerd door hogere baten binnen het programma. Het college stelt uw gemeenteraad voor genoemde overschrijdingen te autoriseren in het kader van de vaststelling van de jaarrekening 2020. Wij constateren de volgende overschrijdingen (> € 100.000) op lastenniveau ten opzichte van de gewijzigde begroting. Lastenoverschrijding programma

Begrotingsafwijking € 96.000 vanwege een extra storting in de pensioenvoorziening en

Programma Algemeen bestuur en Organisatie (totaal € 250.000)

€ 144.000 vanwege meerwerkkosten in de jaarrekeningcontrole. De aanvullende kosten voor de jaarrekeningcontrole waren reeds eerder bekend en had gerapporteerd kunnen worden, om die reden weegt deze constatering mee in ons oordeel. € 340.000 Aanvullende dotatie Functioneel leeftijdsontslag van de

Programma Openbare Orde en Veiligheid

Veiligheidsregio Haaglanden. Deze overschrijding past binnen het

(totaal € 254.000)

beleid en was niet eerder bekend. Onrechtmatig en telt niet mee in het oordeel

19

Rechtmatigheid Kredieten Wij zijn nagegaan of de investeringen tot stand zijn gekomen binnen de grenzen van de door de gemeenteraad geautoriseerde kredieten. Wij constateren dat er geen overschrijdingen op investeringsniveau aanwezig zijn ten opzichte van de gevoteerde kredieten. Mutaties in de reserves De mutaties in de reserves zoals opgenomen in de jaarrekening kunnen als volgt worden gespecificeerd: (x € 1.000)

Gewijzigde begroting

Jaarrekening

Verschil

Dotaties

€ 71.077

€ 71.753

€ 189

Onttrekkingen

€ 1.056

€ 387

€ -670

Saldo mutaties in de reserves

€ 70.886

€ 71.367

€ - 480

Uit onze controle inzake de mutaties in de reserves zijn geen bevindingen voortgekomen. De afwijkingen zijn met name gelegen in de afwikkeling van de resultaten op parkeren (programma verkeer en vervoer) waarvoor besloten is het resultaat toe te voegen aan de reserves.

Niet financiële beheershandelingen Handelingen en beslissingen van niet-financiële aard vallen buiten de scope van de rechtmatigheidscontrole door de accountant. De accountant toetst deze handelingen en beslissingen niet inhoudelijk door gegevensgericht onderzoek. Volstaan wordt in dit kader met het beoordelen van het interne systeem van risicoafwegingen. Binnen dit systeem moeten voorwaarden zijn geschapen om risico’s goed te kunnen beoordelen en in de tijd te kunnen volgen. Wij hebben ons een beeld gevormd over de wijze van totstandkoming van de inventarisatie van de risico’s en de getrouwe weergave van de hieruit mogelijk voortvloeiende financiële gevolgen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van het jaarverslag. Misbruik en oneigenlijk gebruik In de externe en interne regelgeving zijn diverse bepalingen opgenomen die erop zijn gericht om misbruik en oneigenlijk gebruik te voorkomen. Uw gemeente heeft de toets op het misbruik en oneigenlijk gebruik neergelegd in interne controleplannen. De uitkomst van deze toets heeft niet geleid tot bevindingen die invloed hebben op de rechtmatigheid van baten en lasten en balansmutaties. Financiering In 2020 heeft uw gemeente voor € 217 miljoen nieuwe langlopende leningen afgesloten. Wij hebben vastgesteld dat deze leningen zijn afgesloten in overeenstemming met het Treasury statuut.

Ten aanzien van de naleving van de renterisiconorm, het kasgeldlimiet en de naleving schatkistbankieren merken wij op dat de gemeente Rijswijk zich aan de wettelijke normen heeft gehouden, zoals ook toereikend is toegelicht in de paragraaf financiering respectievelijk de jaarrekening. 20

Jaarverslag Jaarverslag In het jaarverslag worden de beleidsuitgangspunten en beleidsevaluaties zichtbaar. De paragrafen maken deel uit van het jaarverslag en vallen dus niet onder de controle van de jaarrekening. Primair object van de accountantscontrole (op grond van Artikel 213 van de Gemeentewet) is de jaarrekening, waaronder het overzicht van baten en lasten met toelichting en de balans met toelichting, zoals in de jaarstukken 2020 is opgenomen. Voor de accountantscontrole onderzoeken wij het jaarverslag om vast te stellen of het jaarverslag verenigbaar is met de jaarrekening en geen materiële afwijkingen bevat en of het jaarverslag alle informatie bevat die op grond van de Gemeentewet en de Nederlandse Standaard 720 is vereist. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden bij de jaarrekening.

Hieronder zijn onze conclusies en aanbevelingen inzake het jaarverslag opgenomen: Element jaarverslag

Vereisten BBV Verenigbaar

Onze waarneming Uw jaarverslag bevat de vereiste informatie op basis van artikel 24 lid 2, artikel 25 en 26 BBV Uw jaarverslag is verenigbaar met de jaarrekening Wij hebben vastgesteld dat de informatie in het jaarverslag

Overeenstemming

overeenstemmen met de resultaten van de uitgevoerde controlewerkzaamheden

Paragrafen

Alle verplichte paragrafen zijn opgenomen en zijn kwalitatief van voldoende niveau De toelichtingen zijn goed leesbaar en geven een adequate

Wij hebben geen strijdigheden geconstateerd tussen de in het jaarverslag opgenomen informatie en het beeld van de jaarrekening en geen materiele afwijkingen gesignaleerd.

Informatiewaarde

analyse tussen het uitgevoerde beleid en de financiële gevolgen.

Incidentele baten en lasten

De toelichting op de incidentele baten en lasten voldoet aan de vereisten van de BBV. Uw gemeente heeft ervoor gekozen om een afzonderlijke

Covid-19

paragraaf op te nemen waarin de impact als gevolg van Covid19 is beschreven. Hiermee geeft u een goed inzicht in deze bijzondere gebeurtenissen.

21

SiSa-bijlage en WNT SiSa-bijlage Wij hebben de in de SiSa-bijlage van de jaarrekening genoemde specifieke uitkeringen gecontroleerd met inachtneming van de Nota verwachtingen accountantscontrole 2020. De hierbij geconstateerde fouten en onzekerheden dienen op grond van het Bado in het verslag van bevindingen te worden opgenomen indien de navolgende rapporteringstolerantie per specifieke uitkering wordt overschreden: − € 12.500 indien de omvangbasis kleiner dan of gelijk aan € 125.000 is; − 10% indien de omvangbasis groter dan € 125.000 en kleiner dan of gelijk aan € 1.000.000 is; − € 125.000 indien de omvangbasis groter dan € 1.000.000 is. Op grond van ons onderzoek hebben wij bij de specifieke uitkeringen geen fouten en/of onzekerheden geconstateerd die de voor SiSa geldende rapporteringstolerantie overschrijden. De SiSa-bijlage dient door uw gemeente samen met een aantal andere verplicht voorgeschreven verantwoordingsstukken voor 15 juli aanstaande elektronisch bij het CBS te worden aangeleverd. Door middel van een voorgeschreven tabel dienen wij te rapporteren over onze bevindingen ten aanzien van de in de jaarrekening opgenomen SiSa-bijlage. In bijlage A bij dit rapport zijn deze bevindingen in de voorgeschreven tabel opgenomen. U kunt deze tabel hanteren ten behoeve van verzending naar het CBS.

WNT verantwoording Sinds enkele jaren geldt de Wet normering topinkomens (WNT). Op basis van deze wet zijn de bezoldiging van topfunctionarissen in de publieke en semipublieke sector en de uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen wettelijk gemaximeerd. Voor gemeenten geldt dat de gemeentesecretaris en de griffier als topfunctionaris worden aangemerkt. Beide topfunctionarissen zijn in loondienst en er hebben zich gedurende 2020 geen wijzigingen voorgedaan. Voor topfunctionarissen geldt naast de maximering van de bezoldiging en eventuele uitkering wegens beëindiging van het dienstverband een publicatieverplichting in de jaarrekening. Deze publicatieverplichtingen geldt eveneens voor bezoldiging van niet-topfunctionarissen met een dienstbetrekking, indien hun bezoldiging het algemene bezoldigingsmaximum (naar rato van de omvang van het dienstverband) overschrijdt. Wij hebben vastgesteld dat de bezoldigingen over 2020 niet strijdig zijn met de WNT en dat de jaarrekening voldoet aan de publicatieverplichtingen van de WNT. Wij willen benadrukken dat de naleving van de anticumulatiebepaling overigens geen onderdeel uitmaakt van de controle van de accountant. De WNTtoezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden.

22

Financiële positie

3. Ontwikkelingen in de jaarcijfers 3.1 Verloop van het eigen vermogen van uw gemeente Het eigen vermogen, inclusief het gerealiseerde resultaat, bedraagt per 31 december 2020 volgens de jaarrekening € 101,4 miljoen en heeft zich de afgelopen jaren als volgt ontwikkeld: Grafiek ontwikkeling eigen vermogen (x € 1.000) 120.000 100.000 80.000 60.000 40.000 20.000 0 2017

2018

2019

2020

-20.000 Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat

Van de totale reserves ter hoogte van € 100 miljoen is € 32,6 miljoen opgenomen als algemene reserve. Het saldo van deze reserve is ten opzichte van voorgaand jaar gestegen met € 15,2 miljoen. Per saldo is gedurende 2020 € 71,4 miljoen toegevoegd aan de reserves. Deze toevoeging (ten laste van het resultaat) vormt samen met het totaal saldo van baten en lasten (€ 72,7 miljoen nadelig) het gerealiseerde resultaat van € 1,3 miljoen (positief resultaat)

3.2 Analyse van het resultaat Het resultaat voor mutaties in de reserves laat een positief saldo zien. Het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten bedraagt afgerond € 72,7 miljoen. Tussentijds is per saldo afgerond € 71,4 miljoen aan de reserves gedoteerd waardoor het gerealiseerde resultaat afgerond € 1,3 miljoen positief is. Wij hebben vastgesteld dat aan de toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves raadsbesluiten ten grondslag liggen. Wij constateren dat de jaarcijfers sterk beïnvloed worden door de verkoop van Eneco (bruto opbrengst ad € 72,5 miljoen waarvan € 71,4 miljoen is toegevoegd aan de reserves) In de toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening wordt vanaf pagina 165 in hoofdlijnen een verklaring gegeven voor de gerealiseerde afwijkingen ten opzichte van de begroting na wijziging. Als onderdeel van de toelichting op het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening 2020 wordt overzichtelijk aangegeven welke baten en lasten als incidenteel zijn aan te merken. Voor een nader gedetailleerd inzicht van de afwijkingen en de verklarende toelichting hierop verwijzen wij u naar de toelichtingen per programma, zoals opgenomen in de toelichting op het overzicht van baten en lasten in uw jaarrekening. Wij constateren dat u de organisatie als taak heeft gesteld komende jaren ruim € 5 miljoen te bezuinigen.

In de huidige meerjaren begroting die u hebt goedgekeurd zijn deze ombuigingen verder toegelicht. Wij willen u er wel op wijzen dat in deze begroting geen rekening gehouden is met de aanvullende lasten WMO/Jeugd ( € 3,7 miljoen in 2020 ten opzichte van begroting). Onlangs is door het Rijk besloten dat gemeenten voor de uitvoering van het sociale domein extra bijdragen zullen ontvangen. Wij willen u er wel op wijzen deze ontwikkelingen te volgen en mogelijk bij te sturen via de begroting.

24

3. Financiële positie 3.3 Weerstandsvermogen en financiële kengetallen De analyse van het weerstandsvermogen en de financiële kengetallen is een onderdeel van het jaarverslag en de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing. Vanuit onze controlerende rol dienen wij vast te stellen of het jaarverslag (en dus deze paragraaf) niet strijdig is met de jaarrekening en geen materiële onjuistheden bevat. De kengetallen moeten altijd in relatie tot elkaar worden bezien. Uit de combinatie van de kengetallen kan een beeld worden gemaakt van de financiële positie van de gemeente. Daarbij kan ook inzichtelijk worden gemaakt wat de oorzaak is van een sterke of zwakke financiële positie. De financiële kengetallen geven, met de inherente beperkingen hierbij, inzicht in (de ontwikkeling) uw financiële positie, mede in relatie tot de landelijke benchmark. Hieronder hebben wij de ontwikkelingen in uw kengetallen en een relatie naar de landelijke ontwikkelingen weergegeven: Kengetallen

Gemeente

Landelijk

2020

2019

2020

2019

Netto schuldquote

70,7

161,1

56,1

66,7

Netto schuldquote gecorrigeerd

71,6

160,7

48,5

60,2

Solvabiliteit

21

8,2

33,8

31,6

Grondexploitaties

43

86

11,6

9,9

Belastingcapaciteit

104

98

102,8

104,7

Structurele exploitatieruimte

-0,9

-2,6

0

0

Wij signaleren sterke afwijkingen ten opzichte van het gemiddelde in Nederland. Dit wordt veroorzaakt door de relatief grote grondexloitatie RijswijkBuiten binnen de gemeente. Afwijkingen ten opzichte van voorgaand jaar worden voornamelijk veroorzaakt door de sterke afname van de boekwaarde RijswijkBuiten en de verkoop van Eneco.

3.4 Weerstandsvermogen en risicobeheersing De gemeente heeft als interne norm een weerstandsratio van 1. Hieronder is het verloop over de afgelopen 3 jaar weergegeven inclusief een kwalificatie van de weerstandsratio. De weerstandscapaciteit is opgebouwd uit de algemene reserve De grootste door uw gemeente geïdentificeerde risico zijn: Risico’s als gevolg van de Coronacrisis Risico’s binnen het grondbedrijf − Risico op fluctuaties binnen de algemene uitkering gemeentefonds − Risico op overschrijdingen aangaande jeugdzorg − −

2020

2019

2018

Weerstandscapaciteit

EUR 32,7

EUR 17,5

EUR 25,1

Risico’s

EUR 14,5

EUR 12,2

EUR 10,7

2,25

1,44

2,35

( in miljoenen euro’s)

Weerstandsratio

Wij signaleren dat de weerstandratio ten opzichte van voorgaand jaar is gestegen. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de verkoop van de Eneco gelden. Wij concluderen dat de weerstandsratio uitstekend is, maar adviseren u de ontwikkelingen van de structurele baten en lasten ten opzichte van de incidentele baten en lasten te blijven volgen om te beoordelen of de gemeente structureel in evenwicht is.

Weerstandsratio

Betekenis

>= 2.0

Uitstekend

1.4 < 2.0

Ruim voldoende

1.0 < 1.4

Voldoende

0.8 < 1.0

Matig

0.6 < 0.8

Onvoldoende

< 0.6

Ruim onvoldoende

25

Bevindingen interne beheersing

4. Bevindingen interne beheersing 4.1 Algemeen Naar aanleiding van onze tussentijdse controle over 2020 hebben wij op 16 december 2020 jl. een managementletter uitgebracht. Onze doelstelling van deze controle is om een beeld te krijgen of de interne beheersingsomgeving en de daarin opgenomen maatregelen van interne controle toereikend zijn in het kader van onze opdracht tot de controle van de jaarrekening van uw gemeente. Dit beeld is in belangrijke mate bepalend voor onze risico-inschatting en hiermee voor de omvang en diepgang van onze werkzaamheden die wij bij de jaarrekeningcontrole moeten uitvoeren teneinde de gewenste zekerheid te verkrijgen dat de jaarrekening géén materiële fouten bevat. Uit onze risico-inschatting komen een aantal risicogebieden naar voren die een verhoogd risico met zich meebrengen op een materiële fout in uw jaarrekening. Risico’s met een verhoogde aandacht zijn: − Naleving rechtmatige aanbesteding inkopen; − Waardering van de grondexploitatie; − Juistheid van betalingen. 4.2 Automatisering IT wordt een steeds belangrijker onderdeel van de bedrijfsvoering en daarmee ook van de jaarrekening- controle. Uit onze IT audit komt naar voren dat ook op het gebied van automatisering nog verbeteringen mogelijk zijn. Wij adviseren het college hieraan prioriteit te geven. Enerzijds in verband met de risico's die er mee samenhangen.

Anderzijds om de IT omgeving de bedrijfsvoering zo goed mogelijk te laten faciliteren. Onze controle was niet primair gericht op het doen van een uitspraak omtrent de continuïteit en betrouwbaarheid van (delen van) de geautomatiseerde gegevensverwerking en wij hebben daartoe ook geen opdracht van het management ontvangen. De jaarrekeningcontrole heeft geen tekortkomingen in de continuïteit en betrouwbaarheid van de geautomatiseerde gegevensverwerking aan het licht gebracht.

4.3 Fraude, corruptie en naleving wet- en regelgeving Fraude Het college is primair verantwoordelijk voor het voorkomen van fraude, het naleven van wet- en regelgeving en voor een cultuur van eerlijkheid en integriteit en dient zowel preventieve als repressieve beheersingsmaatregelen te nemen om de kans op fraude en overtreding van wet- en regelgeving zo veel mogelijk te beperken. De gemeenteraad is verantwoordelijk voor het toezicht op het college in de uitvoering van deze taken. Voor het uitoefenen van deze verantwoordelijkheid maakt het college gebruik van diverse beheersingsmaatregelen, zoals interne richtlijnen en gedragscodes, controle technische functiescheiding en periodieke rapportages over financiën. Ten behoeve van onze jaarrekeningcontrole identificeren wij, in het kader van NV COS 240/250, de risico’s met betrekking tot fraude en overtreding van wet- en regelgeving en beoordelen wij de interne beheersings-maatregelen die gericht zijn op het voorkomen en signaleren van (materiële) fraude en niet-naleving van weten regelgeving. Voor zover relevant voor onze controle voeren wij gegevensgerichte controlewerkzaamheden uit. Onze controle is echter niet specifiek gericht op het signaleren van fraude en niet-naleving van wet- en regelgeving. In het kader van onze controle hebben wij geen bevindingen te melden met betrekking tot fraude.

27

4. Bevindingen interne beheersing Naleving wet- en regelgeving en overige Wij informeren de gemeenteraad over illegale handelingen waarbij het hoger kader is betrokken en over fraude en illegale handelingen (of deze nu door het hoger kader of door andere werknemers zijn veroorzaakt) die een onjuistheid van materieel belang in de jaarrekening tot gevolg hebben. Gedurende de controle zijn geen significante punten gesignaleerd ten aanzien van feitelijke of vermoedelijke niet-nakoming van wet- en regelgeving, voor zover deze van belang worden geacht voor de mate waarin de gemeenteraad in staat is haar taken te vervullen. Corruptie en omkopingsrisico’s Uw gemeente maakt onderdeel uit van de overheidssector waarin corruptie vaker dan bij andere sectoren voorkomt. Dit komt onder andere omdat veel transacties met een relatief grote omvang plaatsvinden, de transparantie over marktprijzen niet in alle gevallen voldoende is om te beoordelen en frequent zaken gedaan wordt met andere corruptiegevoelige sectoren (vastgoed, constructie, infrastructuur et cetera). Hierdoor hebben wij dit als aandachtspunt in onze controle meegenomen.

Wij hebben de volgende werkzaamheden verricht om eventuele effecten van dit risico ten behoeve van onze controle van de jaarrekening te mitigeren: − Detailcontrole op de inkopen en aanbestedingen om vast te stellen dat alle inkopen conform de geldende Europese aanbestedingsregels en de Aanbestedingswet 2012 zijn aanbesteed. − Door middel van een steekproef vaststellen of voor alle inkopen welke in rekening zijn gebracht aan de gemeente ook een prestatie is geleverd door de tegenpartij. − Door middel van een steekproef vaststellen of bij alle materiële grondaankopen en –verkopen door de gemeente vastgestelde procedures in materiële zin zijn gevolgd. − Door middel van een steekproef vaststellen of alle verstrekte subsidies in overeenstemming met de geldende interne wet- en regelgeving zijn verstrekt. Uit bovenstaande werkzaamheden zijn geen bevindingen voortgekomen.

Corruptie is een wereldwijd probleem waarbij het uw verantwoordelijkheid is om corruptie binnen uw gemeente te voorkomen. Onze beroepsregels zijn in de praktijkhandreiking “Corruptie, werkzaamheden van de accountant” verder aangescherpt, hetgeen tot aanvullende werkzaamheden heeft geleid. Gemeente Rijswijk beschikt over beschreven procedures ten aanzien van de samenwerking met derden en een intern inkoop- en aanbestedingsbeleid aangevuld met trainingen voor de juiste mindset van de medewerkers. Zichtbare monitoring op de werking en naleving van dit beleid, is een aandachtspunt voor uw organisatie.

28

Overige onderwerpen

5. Overige onderwerpen Zorgplicht voor een gezonde en veilige werkplek Nu het thuiswerken zo lang aanhoudt, wordt aandacht voor de verantwoordelijkheid en zorgplicht van de werkgever in relatie tot de werkplek steeds belangrijker. De Arbowet bepaalt namelijk dat werkgevers moeten zorgen voor een gezonde en veilige werkplek voor de werknemers. Dit geldt uiteraard voor de normale werkplek, maar nu er veel en structureel wordt thuisgewerkt, geldt dit ook voor de thuiswerkplek. Denk hierbij aan goed gebruik van een computer, juiste verlichting en een passende inrichting van tafel en stoel. Omdat elke thuiswerksituatie anders is, kunnen de eisen per werknemer enorm verschillen. De ene werknemer heeft een voetenbankje nodig om in de juiste houding te zitten, de andere een verstevigde bureaustoel. Twee belangrijk onderdelen van het voldoen aan de zorgplicht is dan ook maatwerk én voldoende voorlichting geven over wat een gezonde en veilige werkplek is. De ene werknemer ondervindt namelijk meer problemen bij het inrichten van een goede thuiswerkplek dan de ander. Nalatigheid zorgplicht kan tot boetes leiden Als u als werkgever niet of onvoldoende aan deze zorgplicht voldoet, kunt u een boete krijgen.

De inspectie SZW controleert werkgevers naar aanleiding van klachten (die medewerkers via de website van de inspectie kunnen indienen) of al dan niet aan de eisen voor een thuiswerkplek wordt voldaan. Wie niet aan de eisen voldoet, moet rekening houden met boetes van € 430 tot € 13.500. De Inspectie SZW is zelfs bevoegd om thuiswerkplekken te controleren, ook als de werknemer geen toestemming geeft om zijn woning te betreden.

Ook aandacht voor werkplek op werkvloer Ook voor werknemers die niet thuis kunnen werken, geldt dat u maatregelen en voorzieningen moet treffen om te zorgen dat werk-plekken veilig toegankelijk moeten zijn en veilig moeten kunnen worden verlaten. In het Arbobesluit zijn voor de duur van de pandemie tijdelijke aanvullende eisen opgenomen in verband met het corona-virus. Tot deze tijdelijke maatregelen en voorzieningen behoren in ieder geval: − Werkgever dient voldoende hygiënische voorzieningen te treffen; − Werkgever dient voorlichting aan werknemers te geven over bestrijding van het coronavirus op de werkplek; − Werknemers dienen de maatregelen na te leven en gebruik te maken van de beschikbare voorzieningen; − Werkgever dient adequaat toezicht te houden op naleving van voorgaande maatregelen. Boete en werk stilleggen De Inspectie SZW heeft de bevoegdheid heeft om bij herhaalde overtreding van bovenstaande maatregelen en voorzieningen het werk stil te leggen. Dat kunnen zij doen zonder voorafgaande waarschuwing. Daarnaast lopen werkgevers het risico dat de Inspectie SZW hen bij overtreding een bestuurlijke boete oplegt € 4.500. Tref dus voldoende maatregelen op de werkvloer om uw werknemers zo veel mogelijk te beschermen tegen besmetting van het coronavirus.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=5d0d2bd3-7909-423e-95e6-d0adf4b85d04