RIB 25 067 Stand van zaken De Vlietlijn 3e kwartaal 2025
Tekst van het document
ons kenmerk Portefeuillehouder
25.047938 A.H. van de Waart
Beleidsthema Mobiliteit en Parkeren De Raad Doel raadsinformatiebrief Informerend
Betreft
Stand van zaken project De Vlietlijn 3e kwartaal 2025
Datum
1. Inleiding In de raadsinformatiebrief van 24 september 2024 (RIB 24 068) bent u voor het laatst schriftelijk geïnformeerd over het project De Vlietlijn (voorheen: Bereikbaarheid CID-Binckhorst). Op 22 mei 2025 is de stand van zaken en het vervolg aan u en de raadsleden van Leidschendam-Voorburg gepresenteerd tijdens een gezamenlijke raadsinformatiebijeenkomst. Sinds de besluitvorming door uw raad op 1 juni 2023, zit het project De Vlietlijn in de planning- en studiefase, waarin nader onderzoek plaatsvindt naar het zogenoemde voorkeursalternatief. Naast de uit te werken HOV-tramverbinding is de herinrichting van de Geestbrugweg tussen de Geestbrug en de kruising met de Haagweg (inclusief entree Oud Rijswijk en de tunnel onder de Haagweg) onderdeel van dit onderzoek. In deze raadsinformatiebrief geven wij u weer een tussentijdse inhoudelijke update. Met daarin aandacht voor de terinzagelegging na de zomer van het ontwerp Intergemeentelijk Gebiedsprogramma (IGP) ‘doorontwikkeling Binckhorst, De Vlietlijn en geothermie’ en de bijlagen, waaronder het ontwerp PlanMER (milieueffectrapport) en het schetsontwerp (SO+) van De Vlietlijn. Het bekendmaken van de terinzagelegging van deze stukken door het college, vormt een volgende stap in het besluitvormingsproces in aanloop naar besluitvorming over de projectbeslissing.
De projectbeslissing markeert de afronding van de huidige planning- en studiefase, die is voorzien in 2027. 2. Kern informatie Context De gemeente Den Haag transformeert de Binckhorst naar een gemengd woon-werkgebied. Daartoe is in 2018 een omgevingsplan vastgesteld waarin de bouw van 5.000 woningen is vastgelegd. De doorontwikkeling Binckhorst voorziet aanvullend in de bouw van 7.000 woningen. Hiervoor is een aanvulling van het omgevingsplan (2.0) nodig. Tegelijkertijd onderzoekt de gemeente Den Haag ook de realisatie van een geothermiecentrale in het gebied. Voorwaardelijk voor de (door)ontwikkeling van de Binckhorst is de komst van De Vlietlijn; een HOVtramverbinding waarvan het voorkeursalternatief via Rijswijk (Geestbrugweg) is beoogd. Het voorkeursalternatief wordt op dit moment verder uitgewerkt. De voornoemde drie ontwikkelingen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en die verbinding werkt door in de planprocedure. Een tussenstap naar een Omgevingsplan Binckhorst 2.0 is een zogenoemd gebiedsprogramma. Omdat één van de drie ontwikkelingen – De Vlietlijn – is geprojecteerd in drie gemeenten, is een intergemeentelijk gebiedsprogramma opgesteld. Aan dit gebiedsprogramma is een PlanMER (milieueffectrapport) gekoppeld om het milieubelang volwaardig mee te kunnen wegen in de besluitvorming. Ook de schetsontwerptekeningen (SO+) van De Vlietlijn horen hierbij.
S.v.p. bij correspondentie datum en kenmerk van deze brief vermelden en richten aan: Gemeente Rijswijk, , Postbus 5305, 2280 HH Rijswijk
Het Huis van de stad is te bereiken met tram 17 en bus 23 pagina 1 van 4
Een programma onder de Omgevingswet Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. Vanaf dat moment hebben gemeenten op grond van artikel 3.5 Omgevingswet de mogelijkheid om een vrijwillig programma op te stellen. Het programma kan ingezet worden voor sectorale, multisectorale of gebiedsgerichte uitwerking van beleid. Vaststellen van een programma is op grond van artikel 3.4 omgevingswet de bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. Een programma is zelfbindend, dat betekent dat het alleen het bestuur zelf bindt. Het programma vormt daarmee een kader voor nadere uitwerking in (bijvoorbeeld) een omgevingsplan om daarmee de in het programma beleidsmatig vastgelegde en gewenste kwaliteit van de fysieke leefomgeving juridisch planologisch te borgen. Ontwerp IGP ‘doorontwikkeling Binckhorst, De Vlietlijn en geothermie’ In het ontwerp IGP hebben de gemeenten Den Haag, Leidschendam-Voorburg en Rijswijk De Vlietlijn uitgewerkt (deel B). De gemeente Den Haag beschrijft individueel het Gebiedsprogramma ‘Doorontwikkeling Binckhorst en Geothermie’ (deel C). In deel D worden de milieueffecten en het vervolg beschreven. De milieueffecten hebben betrekking op alle drie de onderdelen: doorontwikkeling Binckhorst, De Vlietlijn en de geothermiecentrale. De opbouw in delen is in de volgende figuur weergegeven.
Figuur: opbouw in delen van het IGP
De opgave is intergemeentelijk, omdat het tracé van De Vlietlijn gelegen is in alle drie de gemeenten en de mobiliteitsmaatregelen voor alle drie de gemeenten relevant zijn. Daarnaast is de doorontwikkeling van de Binckhorst niet alleen van invloed op de mobiliteitsdruk in het gebied zelf, maar ook op de omliggende gemeenten. Vanwege deze samenhang is gekozen voor een Intergemeentelijk Gebiedsprogramma. Het IGP voorkomt daarmee versnippering en biedt duidelijke kaders voor besluitvorming, waarbij elke gemeente verantwoordelijk blijft voor de vaststelling van die onderdelen op haar eigen grondgebied. Inhoud van het ontwerp IGP Deel A: Deel A betreft de algemene inleiding van het IGP. Hier is kort toegelicht wat een (intergemeentelijk) gebiedsprogramma is en waarom ervoor gekozen is dit IGP op te stellen. Ook is hier kort de inhoud van het gebiedsprogramma toegelicht en een toelichting gegeven op het bijbehorende PlanMER (bijlage). Deel B: In het deel De Vlietlijn van dit IGP is de inpassing van de beoogde HOV-tramverbinding in de drie gemeenten beschreven. Het project De Vlietlijn is een zogeheten MIRT-project. MIRT staat voor het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. In het MIRT zijn projecten en programma’s opgenomen, waarbij het Rijk samen met de regio werkt aan de ruimtelijke inrichting van Nederland.
De Vlietlijn is een hoogwaardige openbaar vervoerverbinding die Den Haag, Rijswijk en Leidschendam-Voorburg met elkaar en met het stedelijk gebied in de regio verbindt. Deze HOVtramverbinding is voorwaardelijk om de groeiende mobiliteitsvraag op te vangen als gevolg van de stedelijke ontwikkeling. Daarom is De Vlietlijn onderdeel van het ontwerp IGP, maar De Vlietlijn kent zijn eigen besluitvormingstraject (zie ook de inleiding) passend bij de status van MIRT-project. Het SO+ van De Vlietlijn is bijlage bij (deel B van) het ontwerp IGP. Op basis van onderzoek en participatie is tot deze versie van het SO+ gekomen. Ook de participatieverantwoording is bijlage bij het IGP. 25.047938
2-9-2025 14:01
pagina 2 van 4
Deel C: In het deel ‘Doorontwikkeling Binckhorst’ (deel C) van het IGP zijn de verdere transformatie van de Binckhorst en de aanleg van de Geothermiecentrale beschreven. Het Gebiedsprogramma Binckhorst is door de gemeente Den Haag opgesteld en geïntegreerd in het IGP. Deel D: In deel D is nader ingegaan op de omgevingseffecten die volgen uit het PlanMER. Binnen het IGP is sprake van drie MER-plichtige activiteiten: 1) De aanleg van een intergemeentelijk HOV-tracé (De Vlietlijn); 2) De doorontwikkeling Binckhorst; 3) De aanleg van een geothermiecentrale. Voor deze drie MER-plichtige activiteiten is één PlanMER opgesteld, die gekoppeld is aan het IGP. Eerder werd daarvoor de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld en vrijgegeven voor zienswijzen. De zienswijzen op de NRD zijn vervat in de Nota van Antwoord (NvA), te vinden in de bibliotheek op de website www.devlietlijn.nl. De onderzoeksmethode van het PlanMER is beschreven en per activiteit zijn de effecten, conclusies en aanbevelingen weergegeven, zowel op de diverse omgevingsaspecten als voor het doelbereik dat volgt uit het IGP. Voor zowel De Vlietlijn (maatregelpakketten) als voor de doorontwikkeling Binckhorst (inclusief geothermiecentrale) zijn bovendien een aantal varianten afgewogen en gevoeligheidsanalyses uitgevoerd. Ook daarvan zijn de resultaten en de aanbevelingen opgenomen in het PlanMER.
Tot slot is (deels) invulling gegeven aan de moties die u heeft aangenomen bij de besluitvorming over de vorige fase (de verkenning) van het project op 1 juni 2023. Participatie De Omgevingswet en de Rijswijkse Verordening participatie en uitdaagrecht vereisen dat er over beleidsvoornemens participatie plaatsvindt. Daarom heeft er op verschillende momenten participatie plaatsgevonden, zowel voor deel B Vlietlijn als voor deel C doorontwikkeling Binckhorst. Voor de doorontwikkeling Binckhorst heeft de gemeente Den Haag een Participatieverslag opgesteld, dat onderdeel is van de stukken die ter inzage worden gelegd bij het ontwerp IGP. Voor de Vlietlijn is een participatieverantwoording opgesteld, waarin is geduid wat er met de inbreng van de participatie is gebeurd. Ook deze is onderdeel van de ter inzage te leggen stukken. Hieronder is het participatietraject met betrekking tot De Vlietlijn kort toegelicht. Het SO+ van De Vlietlijn is in samenwerking met bewoners, ondernemers en andere belanghebbenden uit de omgeving verder uitgewerkt en tot stand gekomen. Het participatieproces heeft in drie participatierondes plaatsgevonden. Tijdens deze rondes hebben informatiemarkten (inloopbijeenkomsten), online participatie en werkgroepsessies per deelgebied plaatsgevonden.
Belanghebbenden hebben zo op verschillende manieren en momenten – online en fysiek – kunnen meedenken over de plannen. Voor de participatie zijn werkgroepen opgericht per deelgebied: ▪ Deelgebied 1: Lekstraat-Sporendriehoek (Den Haag) ▪ Deelgebied 2: Binckhorstlaan-Maanweg (Den Haag) ▪ Deelgebied 3: Leidschendam-Voorburg ▪ Deelgebied 4: Rijswijk Tijdens de werksessies is opgehaald wat bewoners, ondernemers en belanghebbenden belangrijk vinden en waar aandacht voor moet zijn bij het opstellen van het SO+ en het maken van ontwerpkeuzes. Daarna zijn stapsgewijs voorstellen gemaakt voor de inpassing van De Vlietlijn. De werkgroepen wogen verschillende belangen af, spraken voorkeuren uit en adviseerden over de meest geschikte oplossingen. Het schetsontwerp voor de Geestbrugweg en omgeving, zoals tijdens de participatie in 2023 is opgesteld, vormt de basis van het huidige SO+ voor Rijswijk. Elke werkgroep bestaat uit verschillende deelnemers, waaronder vertegenwoordigers van organisaties en individuele belanghebbenden, zoals bewoners en ondernemers. In Rijswijk bestaat de werkgroep uit 27 bewoners. In totaal vonden per deelgebied drie participatierondes plaats. Elke ronde bestond uit een of twee werkgroepsessies per gemeente (deelgebieden).
Met een afsluitende Informatiemarkt (inloop) per ronde en een online enquête via het digitale platform van het ingenieursbureau: www.doemeedevlietlijn.nl. De informatiemarkten van de drie participatierondes vonden plaats op 3 25.047938
2-9-2025 14:01
pagina 3 van 4
september 2024 (startbijeenkomst), 7 november 2024 en 3 april 2025. Op 7 juli jongstleden heeft de volgende informatiemarkt plaatsgevonden. De verzamelde input en samenvattingen van de werkgroepen zijn terug te vinden op de website van De Vlietlijn (www.devlietlijn.nl). Parallel aan de participatie voor het opstellen van het SO+ voor de inpassing van De Vlietlijn heeft participatie in twee bijeenkomsten plaatsgevonden voor de verkeersonderzoeken. De uitkomsten van de verkeersonderzoeken zijn meegenomen in het schetsontwerp. 3. Vervolgtraject De terinzagelegging van het ontwerp IGP met bijbehorende ontwerp-PlanMER vormt de volgende stap in het besluitvormingsproces. De terinzagelegging voor de duur van zes weken start op 1 september en duurt tot en met 13 oktober 2025. De terinzagelegging start na publicatie van het ontwerp IGP en de bijlagen in het Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO); te benaderen via www.omgevingsloket.nl. Op 22 september van 19:00 – 21:00 uur wordt een inloopbijeenkomst georganiseerd in de Caballero Fabriek, Saturnusstraat 60 te Den Haag. Na afloop van de inzageperiode worden eventuele zienswijzen zorgvuldig beoordeeld en, waar nodig, verwerkt in het definitieve IGP en de definitieve PlanMER. Vervolgens zal naar verwachting in februari 2026 het definitieve IGP ter vaststelling worden voorgelegd aan de drie betrokken gemeenten.
Elk college stelt het deel van het IGP vast dat ziet op het eigen grondgebied. In overeenstemming met de Omgevingswet zal hierbij worden aangegeven op welke wijze is omgegaan met de zienswijzen en hoe de participatieverordening van de gemeente is toegepast. Wij bieden het definitieve IGP en de bijlagen vervolgens aan ter besluitvorming door uw raad. Verder uitwerken SO+ De Vlietlijn Het SO+ van De Vlietlijn dat ter inzage wordt gelegd is in feite nog een stand van zaken; een ‘work in progress’. De komende periode wordt verder gewerkt aan het SO+. In het najaar van 2025 volgt een brede online raadpleging over De Vlietlijn. Hierbij worden alle huidige en toekomstige betrokkenen in het gebied uitgenodigd om hun mening te geven over De Vlietlijn en de maatregelpakketten. Dit alles om te zorgen dat de benodigde beslisinformatie beschikbaar is bij de keuze voor één van de maatregelpakketten. Op 18 september wordt daartoe weer een gezamenlijke raadsinformatiebijeenkomst georganiseerd, waarna de besluitvorming door uw raad wordt voorbereid. Naast de scope van de projecten die onderdeel zijn van het ontwerp IGP, loopt een gezamenlijk (Rijswijk, Den Haag en Leidschendam-Voorburg) onderzoek om een compleet beeld te krijgen van de verkeersafwikkeling, leefbaarheid, verkeersveiligheid en de gezamenlijke ambitie om het STOMPprincipe te hanteren.
Dit complete beeld is noodzakelijk om inzichtelijk te hebben voor de verdere besluitvorming over de doorontwikkeling Binckhorst. Daarnaast moeten de buitenscope maatregelen aansluiten op de scope van De Vlietlijn om een compleet beeld te krijgen hoe het verkeerssysteem werkt en de leefbaarheid en verkeerveiligheid geborgd worden.
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
P.M. Schuit
H. Sahin
Bijlage(n): Geen
25.047938
2-9-2025 14:01
pagina 4 van 4