RIB 25 060 Uitvoering Motie Doorgaan met wat werkt!
Tekst van het document
ons kenmerk Portefeuillehouder
25.049348 L.I. Bentvelzen
Beleidsthema Werk en inkomen De Raad Doel raadsinformatiebrief Afdoen motie
Betreft
Uitvoering Motie Doorgaan met wat werkt!
Datum
Inleiding Op 5 november 2024 heeft de gemeenteraad de motie ‘Doorgaan met wat werkt!’ aangenomen. De motie verzoekt het college om: 1. Te onderzoeken of de participatieconsulenten ook na 1 januari 2026 gefinancierd kunnen worden vanuit het huidige participatiebudget Werk en Inkomen; 2. Een tussentijdse evaluatie met zichtbare resultaten (effectiviteit) spoedig met de raad te delen; 3. De raad te informeren over de structurele financiering van de participatieconsulenten per 1 januari 2026, ten behoeve van het volgende Kaderdebat. Voorgeschiedenis In juni 2021 is de kadernota Meedoen Werkt vastgesteld. Hierin is gestart met een gerichte inzet om inwoners op trede 1 en 2 van de participatieladder toe te leiden naar maatschappelijke participatie. In eerste instantie is er financiële ruimte gecreëerd voor de inzet van één participatieconsulent. Naar aanleiding van de motie ‘Iedereen doet mee’ (6 juli 2021) en het bijbehorende amendement (9 november 2021) heeft de raad incidentele middelen vrijgemaakt, waarmee de aanpak tijdelijk met drie consulenten kon worden uitgevoerd. Omdat dit incidentele inzet betreft, betekent dit dat we vanaf 1 januari 2026 met 1 participatieconsulent de aanpak maatschappelijke participatie continueren. Ad 1) Mogelijkheden onderzocht Conform de motie is onderzocht of de extra inzet van de consulenten na 1 januari 2026 uit de huidige budgetten kan.
Het blijkt niet mogelijk om de extra consulenten te financieren uit het huidige participatiebudget Werk en Inkomen, omdat deze middelen zijn bedoeld voor de inzet van het instrumentarium voor onze inwoners. Consulenten worden in principe gefinancierd via de uitvoeringsmiddelen. Er is vastgesteld dat binnen de huidige uitvoeringsmiddelen op dit moment geen financiële ruimte beschikbaar is voor de inzet van twee extra consulenten. Ad 2) Tussentijdse evaluatie De tussentijdse evaluatie Maatschappelijke Participatie is met u gedeeld via de raadsinformatiebrief Voortgangsrapportage Meedoen Werkt en Rijswijk Werkwijs i.c.m. Programma Aandacht werkt (RIB 24 095) van 4 december 2024. Over 2024 ontvangt u daarbij binnenkort de volgende voortgangsrapportage. In het kort de belangrijkste resultaten: • Vanaf de start van de aanpak in 2022 zijn er meer dan 700 inwoners gesproken uit trede 1 en 2 van de Participatieladder. • De aanpak start met een uitgebreid intakegesprek, waarbij alle leefgebieden in kaart worden gebracht en een plan wordt opgesteld om de inwoner te activeren. Vervolgens vinden voortgangsgesprekken plaats. • Van deze inwoners is inmiddels meer dan 35% geactiveerd, wat inhoudt dat zij vrijwilligerswerk, mantelzorg of een dagbesteding doen. S.v.p.
bij correspondentie datum en kenmerk van deze brief vermelden en richten aan: Gemeente Rijswijk, Beleid Sociaal Domein, Postbus 5305, 2280 HH Rijswijk
Het Huis van de stad is te bereiken met tram 17 en bus 23 pagina 1 van 2
•
Ondanks dat uitstroom uit de uitkering geen doelstelling van de aanpak is, stromen er gemiddeld zo’n 10 inwoners per jaar uit de bijstand.
Kortom, de aanpak is van toegevoegde waarde voor de dienstverlening aan onze inwoners met een bijstandsuitkering. Nieuwe ontwikkelingen De gemeente werkt ondertussen aan een verbetering van de aanpak maatschappelijke participatie in voorbereiding op het wetsvoorstel Participatiewet in balans. Met dit wetvoorstel, dat momenteel voorligt in de Eerste Kamer, zet het rijk in op aanpassingen in de Participatiewet om de wet te vereenvoudigen en verbeteren. Een aantal aanpassingen richt zich specifiek op de verplichting van maatschappelijke participatie en de mogelijkheden om deze (verder) vorm te geven. Rijswijk loopt met haar aanpak maatschappelijke participatie voor ten opzichte van andere gemeenten en wil dat zo houden. Voor nu is nog onduidelijk of hier extra rijksmiddelen voor beschikbaar komen. Een reëel risico is dat wanneer de aanpak per 1 januari 2026 met één consulent moet worden uitgevoerd de gemeente de inwoners slechts het minimale aan basisdienstverlening kan bieden. Ook dit acht het college niet wenselijk, maar een oplossing voor de financiering van de voortzetting van de extra consulenten lijkt niet voorhanden. Ad 3) Informeren over financiering In overleg met het Sociaal Domein heeft het college daarom besloten om voor een tussenvariant te kiezen en om per 1 januari 2026 met 2 participatieconsulenten te blijven werken.
De formatieplek wordt ingevuld door ontstane vacatureruimte bij andere afdelingen van het Sociaal Domein toe te wijzen aan maatschappelijke participatie. Deze toewijzing van formatie heeft wel consequenties voor de uitvoering van andere taken vanuit het Sociaal Domein. Door de formatieruimte toe te wijzen aan maatschappelijke participatie betekent dit dat er bij andere beleidsterreinen een formatieplek onttrokken wordt en dat er werk op deze beleidsterreinen blijft liggen. Dit kan betekenen dat er minder inwoners richting werk begeleid kunnen worden of dat inwoners langer moeten wachten op de afhandeling van hun bijstandsuitkering of andere voorziening. Ook kan dit betekenen dat de ambities en doelen van deze afdelingen naar beneden bijgesteld moeten worden en de werkdruk voor de uitvoerende medewerkers stijgt. Het college hoopt u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en stelt voor de motie als afgedaan te beschouwen. Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
P.M. Schuit
H. Sahin
Bijlage(n): Geen
pagina 2 van 2