CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB 23 012b Bijlagen bij Ontwerpbestemmingsplan Pasgeld

Forum Stad 7 maart 2023, gemeente RijswijkBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken: vaststelling wijze van afdoening15.103 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Rijswijk

Bestemmingsplan “Pasgeld-West” Bijlagenboek

7 februari 2023

Gemeente Rijswijk

Bestemmingsplan “Pasgeld-West” Bijlagenboek

Inhoud: - Bijlagen bij de toelichting - Bijlagen bij de regels

werknummer: 621.164.50 datum: 7 februari 2023 bestand: J:\621\164\50\3.projectresultaat\ Procedureoverzicht Fase

Datum

Concept

1 april 2022

Voorontwerp

20 juli 2022

Ontwerp

7 februari 2023

Vaststelling

KuiperCompagnons BV Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap Rotterdam

Bijlagen bij toelichting

Bijlage 1 KuiperCompagnons (27 januari 2023) Luchtkwaliteitsonderzoek bestemmingsplan Pasgeld-West

Onderzoek luchtkwaliteit Bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk

27 januari 2023

`

Projectgegevens Onderzoek luchtkwaliteit Bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk

Opdrachtgever Contactpersoon

Gemeente Rijswijk De heer. J. de Oude

Werknummer

621.101.41

Datum

27 januari 2023

Adviseur

KuiperCompagnons Projectverantwoordelijke: J. Kraaijeveld Behandeld door: J. Kraaijeveld Tefoonnummer: 06 – 22012330

File: j:\621\164\50\3 projectresultaat\luchtkwaliteit\02 rapport\621.164.50 concept luchtkwaliteitonderzoek pasgeld-west 27 januari 2023.docx

Inhoudsopgave

blz.

1

Inleiding................................................................................................................................. 1

2

Wettelijk kader ...................................................................................................................... 2 2.1 Normstelling ................................................................................................................... 3 2.2 Toepasbaarheidsbeginsel ............................................................................................. 3 2.3 Blootstelling ................................................................................................................... 3 2.4. Advieswaarden WHO .................................................................................................... 4

3

Uitgangspunten berekening................................................................................................ 5 3.1 Verkeersgegevens......................................................................................................... 5 3.2 Berekeningsmethode .................................................................................................... 5

4

Resultaten luchtkwaliteit ..................................................................................................... 9

5

Conclusies .......................................................................................................................... 10

Bijlagen Bijlage 1 - Wegverkeersgegevens Bijlage 2 - Toelichting invoergegevens STACKS Bijlage 3 - Rekenresultaten nieuwbouw Bijlage 4 - Rekenresultaten op 10 meter van de weg

1

Inleiding In het plan Pasgeld-West wordt voorzien in de bouw van circa 1.000 woningen en andere bij een woonbestemming behorende functies ten noorden van de Laan van ’t Haantje en de bestemmingbedrijventerrein ten zuiden van deze weg. De nieuwbouw binnen de woonbestemming is gelegen langs de druk bereden Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje. Voor deze wegverkeersbronnen is onderzoek uitgevoerd naar de concentraties luchtverontreinigende stoffen langs deze weg en ter plaatse van de gevoelige bestemmingen langs deze wegen. Leeswijzer Dit onderzoeksrapport bestaat uit vijf hoofdstukken, waarvan hoofdstuk 1 deze inleiding is. In hoofdstuk 2 is het wettelijk kader beschreven. De uitgangspunten en berekeningsmethode zijn beschreven in hoofdstuk 3. De berekeningsresultaten zijn in hoofdstuk 4 beschreven en het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 5 waarin de conclusies van het onderzoek worden beschreven.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

1

2

Wettelijk kader Een belangrijk onderdeel van de Wet luchtkwaliteit is het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Het NSL is een bundeling maatregelen op regionaal, nationaal en internationaal niveau die de luchtkwaliteit verbeteren en waarin alle ruimtelijke ontwikkelingen/projecten zijn opgenomen die de luchtkwaliteit in belangrijke mate verslechteren. Het doel van de NSL is om overal in Nederland te voldoen aan de Europese normen voor de luchtverontreinigende stoffen. Voor wegverkeer zijn stikstofdioxide (NO2), fijnstof (PM10) en zeer fijnstof (PM2,5) de belangrijkste stoffen. Naast de introductie van het NSL is het begrip ‘niet in betekenende mate’ (NIBM) bijdragen een belangrijk onderdeel van de Wet luchtkwaliteit. Een project draagt NIBM bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit als de NO2 en PM10 jaargemiddelde concentraties niet meer toeneemt dan 1,2 µg/m3. In dat geval is de ontwikkeling als NIBM te beschouwen. Een ruimtelijke ontwikkeling vindt volgens de Wet luchtkwaliteit doorgang als ten minste aan één van de volgende voorwaarden is voldaan: - de ontwikkeling is opgenomen in het NSL; - de ontwikkeling aangemerkt wordt als een NIBM-project; - de gestelde grenswaarden in bijlage 2 van de Wet luchtkwaliteit niet worden overschreden; - projectsaldering kan worden toegepast.

Voor zover de ruimtelijke ontwikkeling is opgenomen in het NSL of de ontwikkeling kan worden aangemerkt als NIBM-project is toetsing aan de normen van de Wet luchtkwaliteit niet nodig. Voor het plangebied geldt dat het gebied niet is opgenomen in het NSL. Binnen de locatie wordt naast de realisatie van circa 1.000 woningen ook een bedrijvenbestemming mogelijk gemaakt. In de Regeling ‘Niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)’ zijn categorieën opgenomen voor ontwikkelingen die als NIBM worden aangemerkt. Dit zijn onder andere: - kantoorlocaties, indien een dergelijke locatie, in geval van één ontsluitingsweg, een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 omvat, dan wel, in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling, een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 200.000 m2 omvat; - woningbouwlocaties, indien een dergelijke locatie, in geval van één ontsluitingsweg, netto niet meer dan 1.500 nieuwe woningen omvat, dan wel, in geval van twee ontsluitingswegen met een gelijkmatige verkeersverdeling, netto niet meer dan 3.000 woningen omvat. Aangezien de ontwikkeling naast woningen bestaat uit bedrijven, is de ontwikkeling niet zondermeer aan te merken als een ontwikkeling die NIBM bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit.

Op basis van artikel 5 Besluit ‘Niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)’ (anticumulatiebeding) is aangegeven dat diverse ontwikkelingen in elkaars nabijheid niet afzonderlijk mogen worden getoetst aan de normen van de Wet luchtkwaliteit.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

2

2.1

Normstelling In bijlage 2 van de Wet luchtkwaliteit is een overzicht gegeven van de grenswaarden voor luchtverontreinigende stoffen. Deze grenswaarden voor NO 2, PM10 en PM2,5 zijn weergegeven in de volgende tabel. Tabel 1: Grenswaarden Wet luchtkwaliteit Stof

Grenswaarde

NO2

Jaargemiddelde grenswaarde

40 µg/m3

PM10

Jaargemiddelde grenswaarde

40 µg/m3

24 uurgemiddelde grenswaarde

50 µg/m3, welke maximaal 35 dagen per jaar mag worden overschreden

Jaargemiddelde grenswaarde

25 µg/m3

PM2,5

2.2

Toepasbaarheidsbeginsel In de Wet milieubeheer is het toepasbaarheidsbeginsel in artikel 5.19 lid 2 opgenomen. Het gaat daarin voornamelijk om de toegankelijkheid van plaatsen. De strekking van dit beginsel is dat de luchtkwaliteit niet hoeft te worden beoordeeld op locaties die niet toegankelijk zijn voor het publiek en waar geen vaste bewoning is. Daarnaast is geen onderzoek nodig voor terreinen waarop een of meer inrichtingen zijn gelegen en de rijbaan van wegen en de middenberm van wegen, tenzij voetgangers normaliter toegang tot de middenberm hebben.

2.3

Blootstelling De luchtkwaliteit wordt alleen bepaald op plaatsen waar de blootstelling significant is. In artikel 22 van de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (Rbl 2007) staat dat de luchtkwaliteit wordt bepaald op plaatsen waar de bevolking ‘kan worden blootgesteld gedurende een periode die in vergelijking met de middelingstijd van de betreffende luchtkwaliteitseis significant is'. Hiermee wordt bedoeld dat bij de bepaling of een verblijfstijd significant is, de verblijfstijd vergeleken moet worden met een jaar, dag of uur, afhankelijk van de vraag of je te maken hebt met een jaargemiddelde, een daggemiddelde of een uurgemiddelde grenswaarde voor een stof. Uit het NSL komt naar voren dat een overschrijding van de uurgemiddelde norm (vrijwel) niet voorkomt. Overschrijdingen van het jaargemiddelde komen vaker voor, maar hoeven alleen bepaald te worden op plaatsen waar de verblijfstijd significant is in vergelijking met een jaar. Het staat ter beoordeling van het bevoegd gezag of een locatie een verblijfstijd heeft die significant is.

In de toelichting op de gewijzigde Rbl 2007 wordt een aantal voorbeelden gegeven van plaatsen waar de verblijfstijd significant is: - woningen, andere voor wonen bestemde gebouwen, woonboten; - kinderopvang; - basisscholen en scholen voor middelbaar en hoger onderwijs; - verzorgings- en bejaardentehuizen; - revalidatie-instellingen; - overige gebouwen, niet zijnde (hoofdzakelijk) een werkplek, waar sprake is van een langdurig verblijf door personen en zoals penitentiaire inrichtingen, asielzoekerscentra en dergelijke.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

3

2.4.

Advieswaarden WHO De WHO hanteert advieswaarden in het kader van de toetsing van gezondheidseffecten, aangezien ook beneden de normen uit de Wet luchtkwaliteit negatieve gezondheidseffecten kunnen optreden. De waarden die de WHO hanteert zijn 40 µg/m3 voor NO2, 20 µg/m3 voor PM10 en 10 µg/m3 voor PM2,5. De advieswaarde voor NO2 is gelijk aan de grenswaarde uit de Wet luchtkwaliteit. De waarden voor PM10 en PM2,5 liggen aanzienlijk lager dan de normen uit de Wet luchtkwaliteit.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

4

3

Uitgangspunten berekening Omdat de ontwikkeling die mogelijk wordt gemaakt binnen het plangebied niet in het NSL is opgenomen en ook niet zondermeer als NIBM is aan te merken, wordt door een berekening een toetsing aan de grenswaarden uit de Wet luchtkwaliteit uitgevoerd. In het onderzoek is de luchtkwaliteit onderzocht langs de drukkere (ontsluitings)wegen in de nabijheid van het plangebied. Het betreft de Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje. In dit onderzoek zijn de concentraties NO2, PM10 en PM2,5 berekend voor het jaar 2023. De achtergrondconcentraties en de emissies van motorvoertuigen zijn in het jaar 2023 hoger dan in het jaar 2030, waardoor dit rekenjaar als worst-case scenario is te beschouwen. De emissie van de bedrijven ten zuiden van de Laan van ’t Haantje zijn niet in dit onderzoek betrokken. Uit diverse andere ervaringen blijkt dat bedrijven in de milieucategorie van maximaal 3.1 op de grens van de bedrijfsbestemming niet of nauwelijks een emissiebijdrage opleveren.

3.1

Verkeersgegevens De voor dit onderzoek gehanteerde verkeersgegevens zijn gebaseerd op de resultaten van het verkeersonderzoek voor de ontwikkeling van de totale woningbouw in Rijswijk Zuid inclusief Pasgeld-Oost. De verkeersintensitetien voor het prognosejaar 2040 van deze studie zijn in digitale vorm aangeleverd. Er zijn verkeersgegevens aangeleverd voor de variant dat geen knips worden aangebracht in de Lange Kleiweg. Eveneens zijn verkeersgegevens aangeleverd in de situatie dat 2 knips in de Lange Kleiweg worden aangebracht. Omdat op dit moment nog niet duidelijk is welke variant wordt uitgevoerd, is voor elk deel van de Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje die in dit onderzoek is betrokken bepaald welke variant de hoogste verkeersintensiteit oplevert. In de tabellen in bijlage 1 is aangegeven dat de verkeersintensiteit op het westelijke deel van de Laan van ‘t Haantje (wegvak 2a, 2b1 en 2b2) maatgevend is in het geval 2 knips worden aangebracht in de Lange Kleiweg. In dat geval krijgt het grootste deel van de Laan van ’t Haantje een hogere verkeersontsluitende functie. Voor de Lange Kleiweg is de situatie zonder knips altijd de maatgevende variant. Naast de verkeersintensiteiten zijn in de aangeleverde bestanden ook de verdeling van het verkeer in de dag-, avond- en nachtperiode alsmede de verdeling van het verkeer in de onderscheiden voertuigcategorieën opgenomen.

In bijlage 1 zijn de gehanteerde wegverkeersgegevens opgenomen.

3.2

Berekeningsmethode Om de luchtkwaliteit te bepalen is een drietal Standaardrekenmethodes (SRM) ontwikkeld. Deze rekenmethodes zijn vastgelegd in de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 (Rbl 2007). Langs wegen wordt de luchtkwaliteit bepaald met SRM 1 en SRM 2. Het toepassingsbereik voor SRM 1 betreft de wegen in stedelijk gebied. SRM 2 wordt gebruikt voor wegen in het buitenstedelijk gebied. SRM 3 is ontwikkeld voor het bepalen van de luchtkwaliteit voor (industriële) puntbronnen.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

5

Het gehanteerde rekenmodel voor de luchtkwaliteitsberekeningen is STACKS (Geomilieu, versie 2022.2). Dit rekenmodel bevat zowel SRM 1, SRM2 en SRM 3. Het rekenmodel STACKS is gevalideerd voor het bepalen van de luchtkwaliteit. In bijlage 2 is een toelichting gegeven op de invoergegevens voor STACKS. In het rekenmodel Stacks kunnen voor de maatgevende verkeersgerelateerde verontreinigende stoffen berekeningen worden uitgevoerd. De achtergrondconcentraties en de emissies zijn gebaseerd op de door de overheid beschikbaar gestelde emissiekentallen. In het onderstaande gedeelte is een beschrijving gegeven van de modeluitgangspunten. Rekenafstanden Het onderzoek is uitgevoerd conform de Rbl 2007. In artikel 70, lid 1 onder b van het Rbl 2007 is aangegeven dat de concentraties NO2 en PM10 op maximaal 10 m uit de rand van de weg worden bepaald. Indien er bebouwing dichter dan 10 m uit de rand van de weg is gelegen, dan wordt de luchtkwaliteit bepaald op die afstand. De luchtkwaliteit mag op grotere afstand van een weg worden beoordeeld voor zover in dat gebied geen functies zijn gelegen waar personen langdurig verblijven. In de Wet luchtkwaliteit wordt dit aangeduid als het toepasbaarheidsbeginsel. Voor het aanmaken van de toetspunten is gebruikgemaakt van de verhardingsvlakken van de wegen1, waarlangs een buffer van 10 meter is aangemaakt.

Naast de beoordelingspunten langs de wegen zijn aanvullende beoordelingspunten toegevoegd op een aantal woningen die dichter bij de weg zijn gelegen. Een overzicht van de ligging van de beoordelingspunten is opgenomen in bijlage 3. Bomenfactor De bomenfactor is een maat voor de aanwezigheid van bomen. Drie bomenfactoren worden onderscheiden: 1 hier en daar bomen of in het geheel niet; 1,25 één of meer rijen bomen met een onderlinge afstand van minder dan 15 meter met openingen tussen de kronen; 1,5 de kronen raken elkaar en overspannen minstens een derde gedeelte van de straat breedte. De bomenfactor is bepaald aan de hand van Streetview (Google). Langs alle beschouwde wegdelen is uitgegaan van een bomenfactor van1. Correctie voor natuurlijke bronnen (zeezout) In artikel 5.19 lid 3 en 4 van de Wet milieubeheer is het volgende geregeld: - Bij het vaststellen van het kwaliteitsniveau worden bij het bepalen van de concentraties verontreinigende stoffen de concentratiebijdragen van natuurlijke bronnen, na afzonderlijk te zijn bepaald, meegerekend. - Bij het bepalen van de mate waarin een vastgesteld kwaliteitsniveau voldoet aan een in bijlage 2 opgenomen grenswaarde worden, indien dat kwaliteitsniveau hoger is dan die grenswaarde, de concentratiebijdragen van natuurlijke bronnen steeds in aftrek gebracht. 1

Basisregistratie Grootschalige Topografie

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

6

Dit betekent dat er geen correctie voor natuurlijke bronnen plaatsvindt indien er geen sprake is van een overschrijding van de grenswaarden. Voor de toepassing van artikel 5.19, vierde lid, van de wet, wordt ten aanzien van zeezout gebruik gemaakt van de procedure zoals beschreven in bijlage 5 bij het Rbl 2007. Op grond van bijlage 5 wordt (bij overschrijding van de grenswaarden) op de volgende wijze gecorrigeerd voor zeezout: - een plaatsafhankelijke correctie voor de jaargemiddelde concentratie van 3 µg/m3 voor de gemeente Rijswijk; - per provincie geldt een correctie op het aantal overschrijdingsdagen van de 24 uurgemiddelde concentratie, welke voor de provincie Zuid-Holland 4 dagen bedraagt. In het rekenpakket Geomilieu zijn de nieuwe zeezoutcorrecties verwerkt. In de resultaten van PM10 is in dit onderzoek geen rekening gehouden met de zogenaamde zeezoutcorrectie, omdat de jaargemiddelde concentratie de grenswaarde niet overschrijdt. Ruwheidslengte De ruwheidslengte wordt jaarlijks vastgesteld door het KNMI. De ruwheidslengte heeft waarden die in het model kunnen worden gevarieerd van 0 tot 1. Een ruwheidslengte van 0 betekent een zeer glad oppervlak waarbij een vrijwel ongehinderde verspreiding van de luchtverontreinigende stoffen kan plaatsvinden. In een gebied met een ruwheidslengte van 1 komt relatief veel bebouwing/bomen voor.

Door deze bebouwing/bomen treedt extra turbulentie op waardoor een betere verdunning plaatsvindt. In de berekeningen is uitgegaan van een ruwheidslengte van 0,65 en is gebaseerd op de ligging van het studiegebied. Rekenperiode meteorologie Voor de meteorologische gegevens is uitgegaan van de periode van 2005 tot 2014. Voor het berekenen van de luchtkwaliteit is het verplicht met deze meteorologische periode te rekenen. Congestie Filevorming heeft een negatieve invloed op de concentraties luchtverontreinigende stoffen. In dit onderzoek is voor het verkeer op de Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje geen rekening gehouden met stagnatie. Beoordelingsjaar Het referentiejaar waarin de luchtkwaliteit is beoordeeld is 2023. Berekend zijn de concentraties in het jaar 2023, waarbij uitgegaan wordt dat de totale planontwikkeling is gerealiseerd in 2023. Deze situatie kan als worstcase worden beschouwd omdat in de toekomst een verlaging van de achtergrondconcentraties wordt verwacht en een afname van de emissie van motorvoertuigen. Dit betekent als in het jaar 2023 kan worden voldaan aan de grenswaarden uit de Wet luchtkwaliteit in latere jaren zonder meer kan worden voldaan aan deze grenswaarden.

Dubbeltellingcorrectie Om de luchtkwaliteit langs wegen te berekenen wordt de bijdrage van verontreinigende stoffen door het verkeer op deze wegen opgeteld bij de bijdrage van deze stoffen door specifieke bronnen in de directe omgeving en overige bronnen op grotere afstand, bijvoorbeeld snelwegen, industrie

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

7

en landbouw. De bronnen in de directe omgeving en op grotere afstand vormen de achtergrondconcentratie. Deze achtergrondconcentratie wordt jaarlijks door het Planbureau voor de Leefomgeving bepaald (de zogenaamde grootschalige concentratie-gegevens (GCN)). De achtergrondconcentraties worden weergegeven op vlakken van 1 x 1 km 2. Omdat in deze achtergrondconcentraties ook de grootschalige bijdrage van wegverkeer is meegenomen en in het luchtonderzoek deze wegen ook worden doorgerekend vindt in bepaalde mate dubbeltelling plaats. Over het algemeen is deze dubbeltelling van wegen verwaarloosbaar met uitzondering van de bijdrage van snelwegen aan de grootschalige NO2- en PM10-achtergrondconcentraties voor toekomstige jaren. Om de dubbeltellingcorrectie te berekenen zijn deze correcties voor de grootschalige concentraties O3 (ozon), NO2 en PM10 beschikbaar gesteld en verwerkt in het rekenprogramma Stacks. In de resultaten van dit onderzoek is rekening gehouden met deze correctie voor dubbeltelling omdat de bijdrage van rijkswegen in dit onderzoek is betrokken.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

8

4

Resultaten luchtkwaliteit Op grond van de hiervoor beschreven aanpak en uitgangspunten zijn in deze paragraaf de resultaten beschreven. Onderzoek is uitgevoerd naar de absolute waarde van de concentraties luchtverontreinigende stoffen op de grens van het bouwvlak en op een afstand van 10 m van de rand weg. Resultaten bouwvlak De resultaten voor de luchtverontreinigende stoffen NO 2, PM10 en PM2,5 op de grens van het bouwvlak zijn gepresenteerd op de drie afbeeldingen in bijlage 3. Op de eerste afbeelding is de jaargemiddelde concentratie van NO2 gepresenteerd op de tweede afbeelding die van PM 10 en op de derde van PM2,5. Uit deze resultaten blijkt dat deze jaargemiddelde concentratie luchtverontreinigende stoffen respectievelijk maximaal 18, 17 en 10 µg/m3 bedraagt. Deze concentraties zijn ruim lager dan de grenswaarden uit de Wet luchtkwaliteit van deze stoffen. Tevens zijn de berekende waarden lager of gelijk aan de advieswaarden van de WHO. Een overschrijding van de 24 uurgemiddelde grenswaarde voor PM 10, te weten 35 dagen van meer dan 50 µg/m3, treedt op bij een jaargemiddelde concentratie die hoger is dan 32 µg/m3. Aangezien de jaargemiddelde concentratie van PM10 maximaal 17 µg/m3 bedraagt, kan op grond van statistische regels voor de daggrenswaarde worden geconcludeerd dat het aantal overschrijdingsdagen zeker niet meer is dan 35 dagen per jaar.

Resultaten op 10 m van de rand van de weg De jaargemiddelde concentraties van de luchtverontreinigende stoffen op 10 m vanaf de rand van de weg zijn op de drie afbeeldingen in bijlage 4 gepresenteerd. De concentraties voor de drie beschouwde stoffen zijn exact hetzelfde als op de grens van het bouwvlak. Het onderzoek naar de concentraties luchtverontreinigende stoffen heeft plaatsgevonden voor plansituatie in het beoordelingsjaar 2023. Verwacht wordt dat in de toekomst de achtergrondconcentraties en emissies van motorvoertuigen en industriële activiteiten afnemen. Dit betekent dat de berekende concentraties in de toekomst afnemen. Omdat in het jaar 2023 het aspect luchtkwaliteit niet leidt tot belemmeringen is dat ook niet het geval in toekomstige jaren.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

9

5

Conclusies In het kader van de ontwikkelingen binnen het bestemmingsplan ‘Pasgeld-West’ in de gemeente Rijswijk is een onderzoek naar de gevolgen voor de luchtkwaliteit uitgevoerd. Uit het onderzoek blijkt dat op de grens van het bouwvlak waarbinnen de gevoelige bestemmingen moeten worden gebouwd en op 10 meter uit de rand van de beschouwde wegen geen concentraties optreden die hoger zijn dan de grenswaarden uit de Wet luchtkwaliteit. Omdat de ontwikkelingen in het plan niet leiden tot concentraties die de grenswaarden overschrijden leidt de Wet luchtkwaliteit niet tot belemmeringen voor de ontwikkelingen in dit plan. Verder blijkt uit het onderzoek dat ook de WHO-advieswaarden voor de onderzochte stoffen eveneens worden gerespecteerd. Omdat de grenswaarden uit de Wet luchtkwaliteit en de WHO-advieswaarden niet worden overschreden veroorzaakt het aspect luchtkwaliteit geen belemmeringen voor de ontwikkelingen in het plan.

Onderzoek luchtkwaliteit bestemmingsplan Pasgeld-West, Rijswijk 621.164.50 / 27 januari 2023

10

Bijlagen >>>

Bijlage 1 - Wegverkeersgegevens (2030)

Tabel : Verkeersgegevens akoestisch onderzoek bestemmingsplan Pasgeld-West, gemeente Rijswijk. Dagperiode [%] Avondperiode [%] Nachtperiode [%] Weg Naam Intensiteit Snelheid Wegdek daguur licht middel zwaar avonduur licht middel zwaar nachtuur licht middel 1a Lange Kleiweg 14036 50 Referentiewegdek 6,58 96,81 2,30 0,89 3,36 98,17 1,22 0,60 0,95 96,00 2,76 1b Lange Kleiweg 14022 50 Referentiewegdek 6,58 96,81 2,30 0,89 3,36 98,17 1,23 0,60 0,95 96,00 2,76 1c Lange Kleiweg 12807 50 Referentiewegdek 6,58 96,75 2,34 0,91 3,36 98,14 1,25 0,61 0,95 95,92 2,81 1d Lange Kleiweg 12632 50 Referentiewegdek 6,58 96,78 2,32 0,90 3,36 98,16 1,24 0,61 0,95 95,96 2,79 1e Lange Kleiweg 12416 50 Referentiewegdek 6,58 96,74 2,35 0,91 3,36 98,13 1,25 0,62 0,95 95,90 2,82 1f Lange Kleiweg 9659 50 Referentiewegdek 6,58 96,38 2,61 1,01 3,35 97,92 1,39 0,69 0,95 95,44 3,15 1g Lange Kleiweg 9663 50 Referentiewegdek 6,91 96,51 2,79 0,70 3,14 97,90 1,72 0,38 0,56 92,69 5,63 1h Lange Kleiweg 9549 50 Referentiewegdek 6,58 96,36 2,62 1,02 3,35 97,91 1,40 0,69 0,95 95,45 3,14 1i Wateringseweg 9175 50 Referentiewegdek 6,16 96,72 2,91 0,36 4,30 98,82 1,07 0,11 1,11 98,33 1,67 2a Laan van 't Haantje * 5607 50 Referentiewegdek 6,58 98,57 1,03 0,40 3,38 99,18 0,55 0,27 0,94 98,19 1,24 2b1 Laan van 't Haantje * 4518 50 Referentiewegdek 6,57 99,12 0,64 0,25 3,39 99,49 0,34 0,17 0,94 98,86 0,79 2b2 Laan van 't

Haantje * 4518 50 Referentiewegdek 6,57 99,12 0,64 0,25 3,39 99,49 0,34 0,17 0,94 98,86 0,79 2c Laan van 't Haantje 4210 50 Referentiewegdek 6,57 99,10 0,65 0,25 3,39 99,49 0,34 0,17 0,94 98,87 0,78 3 Heulweg 2140 50 Elementenverharding in keperverband 6,91 97,96 1,63 0,41 3,16 98,79 1,00 0,21 0,55 95,61 3,38 4a Buurtweg noord 327 30 Elementenverharding in keperverband 6,91 96,28 2,96 0,75 3,14 97,86 1,75 0,39 0,56 92,39 5,98 4b Buurtweg midden 672 30 Elementenverharding in keperverband 6,91 98,75 1,00 0,25 3,17 99,36 0,55 0,09 0,55 97,30 2,21 4c Buurtweg zuid 2002 30 Elementenverharding in keperverband 6,91 98,76 0,99 0,25 3,17 99,28 0,60 0,13 0,55 97,44 2,01 4d Jaagpad 1482 30 Referentiewegdek 6,91 91,28 6,98 1,74 3,08 94,65 4,39 0,96 0,60 82,69 13,24 4e Jaagpad 462 30 Referentiewegdek 6,91 80,23 15,79 3,98 2,93 87,30 10,41 2,29 0,67 64,94 26,95 * : De verkeersintensiteit op deze wegen is gabaseerd op de variant met 2 knippen in de Lange Kleiweg. Daarnaast is de aangeleverde verkeersintensiteit verminderd met 10% voor omrekening van werkdag naar weekdag.

zwaar 1,24 1,24 1,27 1,25 1,27 1,42 1,67 1,41 0,00 0,57 0,35 0,35 0,35 1,01 1,63 0,49 0,55 4,07 8,12

Bijlage 2 - Toelichting invoergegevens STACKS

Bijlage 3 - Rekenresultaten nieuwbouw

Bijlage 4 - Rekenresultaten op 10 meter van de weg

Bijlage 2 KuiperCompagnons (7 februari 2023) Akoestisch onderzoek wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai – Bestemmingsplan “Pasgeld-West”

Akoestisch onderzoek wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”

7 februari 2023

Projectgegevens Akoestisch onderzoek wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West” Rijswijk

Opdrachtgever Contactpersoon

Programmabureau Rijswijk Buiten

Werknummer

621.164.50

Datum

7 februari 2023

Adviseur

de heer J. de Oude

KuiperCompagnons Projectverantwoordelijke: S. M. Klingens Behandeld door: M. Delegas en J. Kraaijeveld Telefoonnummer: 06 - 22012330

File: j:\621\164\50\3 projectresultaat\geluid\04 rapport\621.164.50 concept ak pasgeld west 7 februari 2023.docm

Inhoudsopgave

blz.

1

Inleiding................................................................................................................................. 1

2

Wettelijk Kader ..................................................................................................................... 2 2.1. 2.2. 2.3. 2.4.

3.

Uitgangspunten en berekeningsmethode ......................................................................... 6 3.1. 3.2. 3.3. 3.4. 3.5.

4.

Wegverkeersgegevens ........................................................................................ 6 Railverkeersgegevens ......................................................................................... 6 DSM ..................................................................................................................... 6 Berekeningsmethode ........................................................................................... 6 Aanvaardbaar woon- en leefklimaat .................................................................... 8

Berekeningsresultaten ........................................................................................................ 9 4.1. 4.2. 4.3.

5.

Wegverkeerslawaai ............................................................................................. 2 Railverkeerslawaai ............................................................................................... 3 Industrielawaai ..................................................................................................... 4 Cumulatie ............................................................................................................. 5

Resultaten op basis van het bouwvlak binnen de bestemming Woongebied ..... 9 Toetsing verkavelingsplan Pasgeld-West............................................................ 9 Maatregelen en hogere waarden ....................................................................... 10

Conclusies .......................................................................................................................... 13

Bijlagen Bijlage 1 Overzicht wegverkeersgegevens Bijlage 2 Overzicht rekenmodellen wegverkeer-, railverkeer- en industrielawaai Bijlage 3 Berekeningsresultaten grens woonbestemming Bijlage 4 Berekeningsresultaten eerder verkavelingsplan Bijlage 5 Berekeningsresultaten per bron ten behoeve van vaststelling hogere waarde

1

Inleiding In het plan Pasgeld-West wordt voorzien in de bouw van circa 1.000 woningen. Daarnaast zijn ook andere geluidsgevoelige gebouwen mogelijk zoals bijvoorbeeld een school en een kinderdagverblijf. De woningen en de nieuwe geluidsgevoelige gebouwen worden in dit bestemmingsplan als recht bestemd, waardoor akoestisch onderzoek noodzakelijk is. Daarnaast moet waar nodig een hogere waarde worden vastgesteld. De woningen en nieuwe geluidsgevoelige gebouwen woningen zijn (deels) gelegen binnen de onderzoekszone van de Lange Kleiweg, de Laan van ’t Haantje, de spoorlijn van Den Haag naar Rotterdam en de zone rond het industrieterrein DSM. Dit betekent dat akoestisch onderzoek op grond van de Wet geluidhinder noodzakelijk is. De zone langs de Rijksweg A4 is 600 m. Het uiterst noordelijke deel van de woonbestemming is net binnen deze zone gelegen Om deze reden is het verkeer op de rijkswegen ook in dit onderzoek betrokken. Leeswijzer Dit onderzoeksrapport bestaat uit vijf hoofdstukken, waarvan hoofdstuk 1 deze inleiding is. In hoofdstuk 2 is het wettelijk kader beschreven. De uitgangspunten en berekeningsmethode zijn beschreven in hoofdstuk 3. De berekeningsresultaten zijn in hoofdstuk 4 beschreven en het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 5 waarin de conclusies van het onderzoek worden beschreven.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

1

2

Wettelijk Kader

2.1.

Wegverkeerslawaai In hoofdstuk VI van de Wgh wordt voor wegverkeerslawaai onderscheid gemaakt in nieuwe, bestaande en reconstructie situaties. In dit onderzoek is afdeling 2 ‘Maatregelen met betrekking tot nieuwe situaties in zones’ van toepassing. Onderzoekszone Op grond van artikel 74 Wgh geldt aan weerszijde van een weg een zone. Als er nieuwe woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen mogelijk worden gemaakt in de zone van een weg of als nieuwe wegen worden aangelegd dan is een akoestisch onderzoek verplicht. De zonebreedte is afhankelijk van het aantal rijstroken en van de aard van de omgeving (stedelijk of buitenstedelijk gebied). De definities van stedelijk en buitenstedelijk gebied zijn opgenomen in artikel 1 Wgh. Deze definities luiden: - stedelijk gebied: het gebied binnen de bebouwde kom (bepaald door komgrensborden) met uitzondering van het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg; - buitenstedelijk gebied: het gebied buiten de bebouwde kom en het gebied binnen de bebouwde kom dat is gelegen binnen de zone van een autoweg of autosnelweg. De Rijksweg A4 heeft een zone van 600 m (weg met meer dan 4 rijstroken buitenstedelijk gebied). De Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje hebben een zone van 200 m (2x1 rijstrook, stedelijk gebied). Deze zone wordt gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook.

Voor de overige wegen, van ondergeschikt verkeerskundig belang, is of wordt een wettelijke toegestane rijsnelheid ingesteld van 30 km/uur. Volgens artikel 74, lid 2 Wgh geldt langs een 30 km/uur-weg geen onderzoekszone. De normen van de Wgh zijn dan ook niet van toepassing. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is wel aandacht besteed aan de mogelijke hinder van deze wegen. Normstelling Wgh In de Wgh is voor nieuwe woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen bestemmingen de voorkeurswaarde vastgelegd. Is de geluidsbelasting hoger dan de voorkeurswaarde, dan moeten maatregelen worden overwogen om hieraan alsnog te kunnen voldoen. Is dat niet mogelijk of stuiten deze maatregelen op bezwaren dan is het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijswijk bevoegd tot het vaststellen van een hogere waarde. De hogere waarde mag de maximale hogere waarde niet overschrijden. In de hierna opgenomen tabellen 1a en 1b is de voorkeurswaarde en de maximale hogere waarde aangegeven voor respectievelijk de nieuwe woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen in dit plan.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

2

Tabel 1a : Voorkeurswaarde en hogere waarde nieuwe woningen wegverkeerslawaai. Bron

Voorkeurswaarde

Maximale hogere waarde

Rijksweg A4

48 dB (art. 82, lid 1 Wgh)

53 dB (art. 83, lid 1 Wgh)

Lange Kleiweg

48 dB (art. 82, lid 1 Wgh)

63 dB (art. 83, lid 2 Wgh)

Laan van ‘t Haantje

48 dB (art. 82, lid 1 Wgh)

58 dB (art. 83, lid 1 Wgh)

Lokale wegen

Tabel 1b : Voorkeurswaarde en hogere waarde nieuwe andere geluidsgevoelige gebouwen wegverkeerslawaai. Bron

Voorkeurswaarde

Maximale hogere waarde

Rijksweg A4

48 dB (art. 3.1. Bgh)

53 dB (art. 3.2. lid 2 Bgh)

Lokale wegen

48 dB (art. 3.1. Bgh)

63 dB (art. 3.2. lid 1b Bgh)

Voor de nieuwe woningen is ten aanzien van de maximale hogere waarde onderscheid gemaakt tussen de Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje. De Lange Kleiweg is een bestaande weg waardoor een maximale hogere waarde van toepassing is van 63 dB. De Laan van ’t Haantje wordt aangelegd in verband met de bouw van de woningen in Pasgeld-West en is in die zin een nieuwe weg waardoor de maximale hogere wordt begrensd tot 58 dB. Bij de projectie van andere geluidsgevoelige gebouwen wordt geen onderscheid gemaakt tussen bestaande en nieuw aan te leggen wegen waardoor de maximale hogere waarde voor die gevallen 63 dB bedraagt. In het Bouwbesluit 2012 is aangegeven wat de karakteristieke geluidwering dient te zijn om een binnenwaarde, bij gesloten ramen, te garanderen voor verblijfsgebieden. Voor nieuwe woningen mag de geluidsbelasting in verblijfsgebieden niet hoger zijn dan 33 dB. Voor de verblijfsruimten in een onderwijsgebouw of kinderdagverblijf kunnen andere waarden gelden. Reductie geluidsbelastingen Op grond van de verwachting dat de geluidproductie van motorvoertuigen in de toekomst afneemt, mogen de berekende geluidbelastingen op de gevels worden gereduceerd. Vanaf 1 juli 2012 moet worden gerekend met het vernieuwde ‘Reken- en meetvoorschrift geluid 2012’. (RMG 2012).

Voor de Lange Kleiweg en de Laan van ’t Haantje is in dit onderzoek een reductie aangehouden van 5 dB omdat op beide wegen een wettelijk toegestane rijsnelheid geldt van 50 km/h. Voor de Rijksweg A4 met een wettelijk toegestane rijsnelheid van 70 km/h en hoger is in het onderstaande overzicht aangegeven welke reductie is toegepast: - de resultaten van de Rijksweg A4 zijn met 2 dB gereduceerd voor zover de geluidsbelasting zonder correctie kleiner of gelijk is aan 55 dB of groter is dan 57 dB is; - de resultaten van de Rijksweg A4 zijn met 3 dB gereduceerd voor zover de geluidsbelasting zonder correctie 56 dB is; - de resultaten van de Rijksweg A4 zijn met 4 dB gereduceerd voor zover de geluidsbelasting zonder correctie 57 dB is. 2.2.

Railverkeerslawaai Op grond van hoofdstuk VII ‘Zones langs spoorwegen’ Wgh en hoofdstuk 4 ‘Spoorwegen’ van het Bgh is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar spoorweglawaai. Voor het plangebied is de spoorlijn van Den Haag naar Rotterdam van belang.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

3

Onderzoekszone De breedte van de geluidzone langs spoorwegen is geregeld in artikel 1.3 van het Bgh en is gerelateerd aan het gebruik van de spoorweg. De zonebreedte langs de beschouwde spoorlijn Rotterdam - Den Haag heeft een breedte die varieert van 900 tot 1.200 m vanuit het hart van het spoor gemeten vanuit de buitenste spoorstaaf. Normstelling In afdeling 4.2 van het Besluit geluidhinder worden de grenswaarden vermeld met betrekking tot nieuwe situaties bij zones. In de hierna opgenomen tabel zijn deze waarden (voorkeursgrenswaarde en de maximaal toelaatbare hogere waarde) opgenomen. Tabel 2a : Voorkeurswaarde en hogere waarde nieuwe woningen railverkeerslawaai. Bron

Voorkeurswaarde

Maximale hogere waarde

Spoorlijn Rotterdam - Den Haag

55 dB (art. 4.9 lid 1 Bgh)

68 dB (art. 4.10 Bgh)

Tabel 2b : Voorkeurswaarde en hogere waarde nieuwe andere geluidsgevoelige gebouwen railverkeerslawaai. Bron

Voorkeurswaarde

Maximale hogere waarde

Spoorlijn Rotterdam - Den Haag

53 dB (art. 4.9 lid 2 Bgh)

68 dB (art. 4.11 Bgh)

In het Bouwbesluit 2012 is aangegeven wat de karakteristieke geluidwering dient te zijn om een binnenwaarde, bij gesloten ramen, te garanderen voor verblijfsgebieden. Voor nieuwe woningen mag de geluidsbelasting in verblijfsgebieden niet hoger zijn dan 33 dB. Voor de verblijfsruimten in een onderwijsgebouw of kinderdagverblijf kunnen andere waarden gelden. 2.3.

Industrielawaai Op grond van hoofdstuk V ‘Zones rond industrieterreinen’ Wgh en hoofdstuk 2 ‘Industrieterreinen’ van het Besluit geluidhinder (Bgh) is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar industrielawaai. Het zuidelijke deel van het plangebied Sion - ’t Haantje is gelegen in de zone van het industrieterrein ‘DSM’. Onderzoekszone Voor industrielawaai is de Wgh van toepassing binnen de geluidszone rond een industrieterrein waarbinnen een categorie van inrichtingen is gevestigd of volgens het bestemmingsplan mogen worden gevestigd en die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken. In artikel 59 en 61 Wgh worden de grenswaarden vermeld met betrekking tot nieuwe situaties waarbij nieuwe geluidsgevoelige objecten binnen de geluidszone kunnen worden gevestigd. In de hierna opgenomen tabel zijn deze waarden (voorkeursgrenswaarde en de maximaal toelaatbare hogere waarde) opgenomen.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

4

Tabel 3a : Voorkeurswaarde en hogere waarde nieuwe woningen industrielawaai. Bron

Voorkeurswaarde

Maximale hogere waarde

DSM

50 dB(A) (art. 44 Wgh)

55 dB(A) (art. 59 lid 1 Wgh)

Tabel 3b : Voorkeurswaarde en hogere waarde nieuwe andere geluidsgevoelige gebouwen industrielawaai. Bron

Voorkeurswaarde

Maximale hogere waarde

DSM

50 dB(A) (art. 2.1 Bgh)

60 dB(A) (art. 2.2 Bgh)

In het Bouwbesluit 2012 is aangegeven wat de karakteristieke geluidwering dient te zijn om een binnenwaarde, bij gesloten ramen, te garanderen voor verblijfsgebieden. Voor nieuwe woningen mag de geluidsbelasting in verblijfsgebieden niet hoger zijn dan 35 dB(A). Voor de verblijfsruimten in een onderwijsgebouw en een kinderdagverblijf kunnen andere waarden gelden. 2.4.

Cumulatie In deze rekenmethode moeten de berekende geluidsbelastingen van de verschillende geluidssoorten energetisch bij elkaar worden opgeteld. Voor de energetische optelling van verschillende geluidssoorten, worden de geluidsbelastingen van de verschillende soorten omgerekend naar een geluidsbelasting vanwege wegverkeer. Hiervoor zijn de volgende omrekenformules voor wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai van toepassing: - Wegverkeerslawaai (VL): L*VL = 1,00 LVL + 0,00 - Railverkeerslawaai (RL): L*RL = 0,95 LRL - 1,40 - Industrielawaai (IL): L*IL = 1,00 LIL + 1,00 Voor wegverkeerslawaai wordt de reductie ex artikel 110g Wet geluidhinder niet toegepast. Nadat de geluidsbelastingen van de betrokken geluidssoorten op bovenstaande wijze zijn omgerekend in L*-waarden (in dB), dan wordt de gecumuleerde waarde berekend door de zogenoemde energetische sommatie. De rekenregel hiervoor is: LCUM = 10 log (10 L*vl/10 + 10 L*rl/10+ 10 L*il/10) Na het berekenen van de LCUM moet deze waarde worden teruggerekend naar de geluidsbelastingen voor de afzonderlijke bronsoort. De ‘terugrekenformules’ zijn: - Wegverkeerslawaai (VL): LVL,CUM = 1,00 LCUM + 0,00 - Railverkeerslawaai (RL): LRL,CUM = 1,05 LCUM + 1,47 - Industrielawaai (IL): LIL,CUM = 1,00 LCUM - 1,00

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

5

3.

Uitgangspunten en berekeningsmethode

3.1.

Wegverkeersgegevens De voor dit onderzoek gehanteerde verkeersgegevens zijn gebaseerd op de resultaten van het verkeersonderzoek voor de ontwikkeling van de totale woningbouw in Rijswijk Zuid inclusief Pasgeld-Oost. De verkeersintensitetien voor het prognosejaar 2040 van deze studie zijn in digitale vorm aangeleverd. Er zijn verkeersgegevens aangeleverd voor de variant dat geen knips worden aangebracht in de Lange Kleiweg. Eveneens zijn verkeersgegevens aangeleverd in de situatie dat 2 knips in de Lange Kleiweg worden aangebracht. Van deze specifieke gegevens is uitgegaan omdat deze situaties de hoogste verkeersintensiteit op de Laan van het Haantje en de Lange Kleiweg opleveren. In de tabellen in bijlage 1 is aangegeven dat de verkeersintensiteit op het westelijke deel van de Laan van ‘t Haantje (wegvak 2a, 2b1 en 2b2) maatgevend is in het geval 2 knips worden aangebracht in de Lange Kleiweg. In dat geval krijgt het grootste deel van de Laan van ’t Haantje een hogere verkeersontsluitende functie. Voor de Lange Kleiweg is de situatie zonder knips altijd de maatgevende variant. Alle andere gegevens zoals de verdeling van het verkeer in de dag-, avond- en nachtperiode, de verdeling van het verkeer in de onderscheiden voertuigcategorieën, het wegdek en de wettelijk toegestane rijsnelheid is gebaseerd op deze gegeven.

Een overzicht van de gehanteerde wegverkeersgegevens voor de lokale wegen is opgenomen in bijlage 1 ‘Overzicht wegverkeersgegevens lokale wegen’. De gegevens met betrekking tot de wegverkeersintensiteiten op de rijkswegen is gebaseerd op de gegevens uit het geluidregister. Naast de gegevens omtrent het gebruik van de rijkswegen A4 en A13 zijn in het geluidregister ook gegevens omtrent het wegdektype, de rijsnelheid en de aanwezigheid van geluidsschermen opgenomen. Deze gegevens zijn gebruikt in dit akoestisch onderzoek.

3.2.

Railverkeersgegevens De gegevens met betrekking tot de railverkeersintensiteiten op de spoorlijn van Den Haag naar Rotterdam is gebaseerd op de gegevens uit het geluidregister. Naast de gegevens omtrent het gebruik van de spoorlijn zijn in het geluidregister ook gegevens omtrent de bovenbouw van het spoor, het snelheidsprofiel van de treinen en de stopfractie van de treinen opgenomen.

3.3.

DSM Door de Omgevingsdienst Haaglanden zijn verschillende zonebewakingsmodellen aangeleverd. Met het rekenmodel voor de vergunde situatie is de geluidsbelasting ter plaatse van de nieuw geprojecteerde woningen in dit plan berekend.

3.4.

Berekeningsmethode Voor het bepalen van de geluidsbelasting door het weg- en railverkeer is gebruik gemaakt van Standaardrekenmethode 2 overeenkomstig het RMG 2012. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van het softwarepakket Geomilieu, versie 2021.1.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

6

In het rekenmodel zijn de volgende elementen ingevoerd: - rijlijnen (hart van de zoneplichtige wegen); - bodemgebieden (hard/zacht gebieden); - objecten (gebouwen); - hoogtelijnen; - geluidsschermen/wallen; - toetspunten. Rijlijnen Als uitgangspunt is voor de ligging van de rijkswegen uitgegaan van de gegevens uit het geluidregister. Waar nodig is de ligging van de wegen gefit. Voor de ligging van de lokale wegen in het plan is uitgegaan van een recente digitale versie van het plangebied met haar omgeving. Voor de ligging van de lokale wegen verder van het plan is uitgegaan van de digitale ondergrond van de gemeente Rijswijk (GBKN). Bodemgebieden In het rekenmodel is als uitgangspunt een akoestisch harde bodem gekozen. Alle akoestische zachte gebieden zoals gras en bermen zijn als specifieke bodemgebieden in het rekenmodel ingevoerd. Objecten De ligging van de gebouwen en de hoogte van deze gebouwen zijn gebaseerd op BAG-gegevens in combinatie met de gegevens uit het Actueel Hoogtebestand Nederland. Binnen de bestemming ‘Woongebied’ kunnen eengezinswoningen en gestapelde woningen worden gebouwd met een maximale hoogte van 35 m. In combinatie met de vrijstelling van 10% kan de maximale bouwhoogte daarom 38,5 m zijn. Toetspunten In de rekenmodellen zijn toetspunten opgenomen. Op deze punten kan de geluidsbelasting inzichtelijke worden gemaakt per bron of cumulatief.

De beoordelingshoogte kan bij deze toetspunten worden aangegeven. Voor het berekenen van de geluidsbelasting ter plaatse van de nieuwe woningen binnen de bestemming ‘Woongebied’ is uitgegaan van een maximum bouwhoogte van 35 m. Daarnaast kan op basis van de algemene afwijkingsregeling binnen het gehele bouwvlak 10% hoger worden gebouwd. Dit betekent dat op de grens van het bouwvlak is gerekend op de beoordelingshoogten van 1,5, 7,5, 10,5, 19,5, 28,5 en 37,5 m. Een 3D-impressie van het model is weergegeven in de hierna opgenomen afbeelding.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

7

Afbeelding : 3D-impressie rekenmodel wegverkeerslawaai

Een overzicht van de ontwikkelde rekenmodellen is opgenomen in bijlage 2 ‘Rekenmodel wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai’. Voor de aspecten weg-, rail- en industrielawaai zijn in bijlage 2 steeds twee afbeeldingen gepresenteerd. Dit betreft het rekenmodel met het bouwvlak en het rekenmodel met de verkaveling. Vanwege de grootte van de rekenmodellen is er voor gekozen geen uitdraai van de items van het rekenmodel op te nemen. Indien gewenst kan deze uitdraai of een kopie van het rekenmodel worden aangeleverd. 3.5.

Aanvaardbaar woon- en leefklimaat Voor de beoordeling van het woon- en leefklimaat is in het akoestisch onderzoek een afweging gemaakt. Er is sprake van een goed woon- en leefklimaat binnen het plangebied wanneer de cumulatieve geluidsbelasting (omgerekend naar wegverkeerslawaai) niet hoger is dan 58 dB. Deze waarde is bepaald op basis van het ontwerpbeleid hogere waarden van de gemeente Rijswijk. Daarin wordt deze waarde gehanteerd als maximale geluidsbelasting als gevolg van wegverkeerslawaai en als gevolg van railverkeerslawaai ter plaatse van een geluidsluwe gevel. Wanneer de cumulatieve geluidsbelasting binnen het plangebied gelijk aan of beneden deze geluidsbelasting is, is sprake van een goed woon- en leefklimaat. Een cumulatieve geluidsbelasting tot deze waarde wordt door de gemeente gezien als een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarbij stelt het college dat iedere woning tenminste over één gevelzijde beschikt waaraan een buitenruimte kan worden gesitueerd waar de cumulatieve geluidsbelasting de genoemde 58 dB niet te boven mag gaan. Voor grondgebonden woningen is de eerste bouwlaag maatgevend omdat daar de tuinen zijn gesitueerd.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

8

4.

Berekeningsresultaten

4.1.

Resultaten op basis van het bouwvlak binnen de bestemming Woongebied Voor het berekenen van de maximale geluidsbelasting is de geluidsbelasting berekend op de grens van het bouwvlak binnen de bestemming ‘Woongebied’. De geluidsbelasting op deze grens is maximaal omdat woningbouw niet dichter bij de geluidsbron kan plaatsvinden. Voor wat betreft de rekenhoogte is rekening gehouden met de 10% extra bouwhoogte op basis van de algemene afwijkingsregeling. In de hierna opgenomen tabel is een samenvatting van de resultaten voor wegverkeers-, railverkeers- en industrielawaai gegeven. Tabel 4 : Geluidsbelasting op de grens van de bestemming ‘Woongebied’. Geluidsbron Geluidsbelasting [dB/dB(A)] Lange Kleiweg 65* Laan van ’t Haantje 53 Heulweg <48 Rijksweg A4 52 Railverkeerslawaai 75* Industrielawaai DSM 60* * : Overschrijding maximale hogere waarde wegverkeers, railverkeers- en industrielawaai.

Op grond van de bovenstaande tabel blijkt dat de maximale hogere waarde van 63 dB voor het verkeer op de Lange Kleiweg, 68 dB voor railverkeerslawaai en 55 dB(A) voor het industrielawaai van DSM wordt overschreden. Voor het verkeer op de Laan van ’t Haantje en de Rijksweg A4 is sprake van een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde maar niet van de maximale hogere waarde. Voor de Rijksweg A4 is sprake van een bijzondere situatie. De A4 is ten noorden van dit bestemmingsplan gelegen. Een zeer gering deel van de bestemming ‘Woongebied’ is binnen de geluidszone van de Rijksweg A4 gelegen. Op basis van actuele verkavelingsplannen blijkt dat de daadwerkelijk woningbouw ruimschoots buiten de zone van de Rijksweg A4 plaatsvindt. Binnen de geluidszone van de Rijksweg A4 wordt alleen voorzien in de aanleg van wegen, parkeerplaatsen, voetpaden en andere aan de woonbestemming gerelateerde functies. Dit betekent dat een hogere waarde voor het verkeer op de Rijksweg A4 niet mogelijk is omdat woningbouw plaatsvindt buiten de geluidszone. De geluidsbelasting van de rijkswegen wordt in het kader van een goede ruimtelijke ordening wel betrokken in dit onderzoek omdat voorkeursgrenswaarde wel wordt overschreden.

Omdat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden is het noodzakelijk dat in het kader van de voorbereiding van dit bestemmingsplan nader onderzoek noodzakelijk is naar geluidsreducerende maatregelen. Voor het wegverkeer wordt hierbij gedacht aan de toepassing van een stiller wegdek op de Lange Kleiweg en/of de Laan van ’t Haantje. Ter hoogte van het noordelijke deel van de spoorlijn is reeds voorzien in de aanleg van een geluidsscherm van 2,5 m hoog. Voor zover een overschrijding van de voorkeursgrenswaarde ook daarna aan de orde is, moet in het kader van dit bestemmingsplan een hogere waarde worden vastgesteld. 4.2.

Toetsing verkavelingsplan Pasgeld-West Uit het onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde voor een groot deel van de onderzochte bronnen en bij een aanzienlijk deel van de nieuwe woningen wordt overschreden. Om deze reden

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

9

is ook een actueel verkavelingsplan getoetst aan een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Dat betekent in Rijswijk Buiten dat elke woning een gevel heeft met een cumulatieve geluidsbelasting van 58 dB of lager. In bijlage 4 zijn de resultaten van deze berekening gepresenteerd. Dove gevels op basis van verkavelingsplan Op de eerste afbeelding is op basis van deze verkaveling aangegeven waar de toepassing van een dove gevel noodzakelijk is voor railverkeers- en industrielawaai. Aan de zijde van het spoor is alleen een dove gevel noodzakelijk op de verdiepingen van de woning. Op de begane grond is de geluidsbelasting 68 dB of lager zodat daar wel te openen delen (deur en ramen) kunnen worden toegepast. Voor industrielawaai is een dove gevel noodzakelijk aan de zijde van de Laan van ’t Haantje. Op de tweede verdieping is daar op enkele plekken een geluidsbelasting berekend die hoger is dan 55 dB(A) zodat een dove gevel noodzakelijk is. Omdat de woningen op grotere afstand van de Lange Kleiweg worden gebouwd is de geluidsbelasting op de gevels langs deze weg lager dan 63 dB. Hier zijn dus geen dove gevels noodzakelijk. Aanvaardbaar woon- en leefklimaat Op de tweede en derde afbeelding in bijlage 4 is een toetsing uitgevoerd voor het woon- en leefklimaat.

Er is sprake van een goed woon- en leefklimaat binnen het plangebied wanneer de cumulatieve geluidsbelasting (omgerekend naar wegverkeerslawaai) niet hoger is dan 58 dB. De plaatsen waar dat het geval is zijn aangeduid met een groene stip. De gevels van de woningen waar geen sprake is van een cumulatieve geluidsbelasting van 58 dB of lager zijn aangeduid met een rode stip. In het algemeen zullen de achterkanten van de woningen grenzen aan de zijde van het woongebouw waar sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Aandachtspunten zijn de hoekwoningen aan de zijde van het spoor en de Lange Kleiweg. Op diverse plekken is op beide gevels sprake van een hoge geluidsbelasting. Deze woningen moeten ook een geveldeel hebben dat is georienteerd op de geluidsluwe zijde van het bouwblokgebouw. Dit geldt ook voor het appartementengebouw langs het spoor in het uiterste noordwesten van het plan. 4.3.

Maatregelen en hogere waarden Uit het onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde(n) op de nieuwe woningen wordt overschreden. Maatregelen om de geluidsbelasting voor industrielawaai te reduceren is door het grote aantal, de verspreide ligging en hoge geluidsbronnen op het terrein van DSM. Op een zeer klein deel van de woningen wordt de maximale hogere waarde van 55 dB(A) overschreden. Deze woningen zijn evenwijdig langs de Laan van ’t Haantje gelegen in het zuidwestelijke deel van het plan. In de volgende afbeelding zijn de gevels aangeduid waar sprake is van een geluidsbelasting van hoger dan 55 dB(A) (zie ook bijlage 4).

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

10

`

Afbeelding : Dove gevels industrielawaai

Omdat de overschrijding van de maximale hogere waarde van 55 dB(A) voor industrielawaai alleen aan de orde is op de derde bouwlaag en hoger kan de toepassing van dove gevels eventueel worden voorkomen door de bouwhoogte van de woningen te beperken tot 2 bouwlagen of op de derde bouwlaag en eventueel hogere bouwlagen geen geluidsgevoelige ruimten toe te staan. Dit uitgangspunt moet dan worden vastgelegd in de regels van het bestemmingsplan. De twee het verste van het spoor gelegen overschrijdingen van de 55 dB(A) worden veroorzaakt door een reflectie in de andere gevels van de nieuwe woningen. In de situatie dat hier 3 bouwlagen worden toegepast zonder inhammen op de derde bouwlaag kan wel worden voldaan aan de maximale hogere waarde van 55 dB(A) ook op de derde bouwlaag. Ten aanzien van railverkeerslawaai wordt ook de maximale hogere waarde overschreden op de verdiepingen van de woningen op de gevels gericht naar het spoor. Om dove gevels te voorkomen moet langs het spoor ter hoogte van de nieuwbouw een scherm met een hoogte van 1 á 1,5 m hoog worden gerealiseerd. Geluidsreductie van circa 2 á 3 dB door het wegverkeer kan worden bewerkstelligd door de toepassing van stil wegdek op de Laan van ’t Haantje en de Lange Kleiweg. Ook na de toepassing van maatregelen worden de voorkeursgrenswaarden overschreden. Dit betekent dat hogere waarden moeten worden vastgesteld.

In de hierna opgenomen tabel zijn

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

11

deze hogere waarden opgenomen. In deze hogere waarden is geen rekening gehouden met eventuele maatregelen zoals een scherm langs het spoor of de toepassing van stil wegdek. Tabel : Hogere waarden nieuwe woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen Geluidsbron

Aantal woningen

Aantal andere

Geluidsbelasting

geluidsgevoelige gebouwen

[dB/dB(A)]

Lange Kleiweg

375

3

63

Laan van ’t Haantje

75

3

53

Spoorlijn

550

3

68

DSM

400

3

55

In de hogere waarde voor wat betreft wegverkeerslawaai is rekening gehouden met de reductie van 5 dB ex artikel 110g Wgh.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

12

5.

Conclusies In het plan Pasgeld -West wordt voorzien in de bouw van circa 1.000 woningen. De regels van het bestemmingsplan laten daarnaast ook andere geluidsgevoelige gebouwen toe zoals een school of kinderdagverblijf. Omdat het bestemmingsplangebied deels is gelegen binnen de onderzoekszone van de Lange Kleiweg, de Laan van ’t Haantje, Rijksweg A4, de spoorlijn van Den Haag naar Rotterdam en de zone rond het industrieterrein DSM moet op grond van de Wet geluidhinder onderzoek worden uitgevoerd. Uit het onderzoek wordt geconcludeerd dat het verkeer op de Lange Kleiweg, de Laan van ’t Haantje, de Rijksweg A4, het spoorverkeer over de spoorlijn en de activiteiten op het industrieterrein DSM een geluidsbelasting veroorzaakt die hoger is dan voorkeursgrenswaarde(n). Het spoorverkeer over de spoorlijn en de activiteiten op het industrieterrein DSM veroorzaken daarnaast ook een geluidsbelasting die hoger is dan de maximale hogere waarde van respectievelijk 68 dB en 55 dB(A). Op die plaatsen moet een dove gevel of gelijkwaardige bouwkundige maatregelen worden toegepast. Langs het spoor kunnen dove gevels worden voorkomen door de aanleg van een scherm met een hoogte van 1 à 1,5 m.

Het wegverkeer op de Lange Kleiweg veroorzaakt ook een geluidsbelasting die hoger is dan de maximale waarde van 63 dB op de grens van het bouwvlak binnen de woonbestemming omdat deze grens direct naast de weg is gelegen. Omdat de woningen op grotere afstand van de Lange Kleiweg worden gebouwd, zijn langs de Lange Kleiweg geen dove gevels noodzakelijk. Omdat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden moet worden getoetst aan het geluidbeleid. Dit betekent dat alle woningen waarvoor een hogere waarde noodzakelijk is een zijde hebben waar de cumulatieve geluidsbelasting 58 dB of lager is. Uit een berekening op basis van een actueel verkavelingsplan blijkt dat langs de randen van het plan en ter plaatse van de buurtweggetjes ook dieper het plan in, niet overal sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Bij de verdere uitwerking van de bouwplannen moet zorggedragen worden dat elke woning een geveldeel heeft waar sprake is van een cumulatieve geluidsbelasting van 58 dB of lager. Bij de verdere uitwerking van de gebouwen moet speciale aandacht worden besteed aan de hoeken van de gebouwen omdat deze niet altijd een geveldeel hebben die grenst aan de geluidsluwe zijde. Omdat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden moet een hogere waarde worden vastgesteld.

Dit betekent dat een ontwerpbesluit tot vaststelling van een hogere waarde terinzage moet worden gelegd gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan.

Akoestisch onderzoek wegverkeer- en industrielawaai Bestemmingsplan “Pasgeld-West”, gemeente Rijswijk 621.164.50 / 7 februari 2023

13

Bijlagen >>>

Bijlage 1 Overzicht wegverkeersgegevens lokale wegen

Tabel : Verkeersgegevens akoestisch onderzoek bestemmingsplan Pasgeld-West, gemeente Rijswijk. Dagperiode [%] Avondperiode [%] Nachtperiode [%] Weg Naam Intensiteit Snelheid Wegdek daguur licht middel zwaar avonduur licht middel zwaar nachtuur licht middel 1a Lange Kleiweg 14036 50 Referentiewegdek 6,58 96,81 2,30 0,89 3,36 98,17 1,22 0,60 0,95 96,00 2,76 1b Lange Kleiweg 14022 50 Referentiewegdek 6,58 96,81 2,30 0,89 3,36 98,17 1,23 0,60 0,95 96,00 2,76 1c Lange Kleiweg 12807 50 Referentiewegdek 6,58 96,75 2,34 0,91 3,36 98,14 1,25 0,61 0,95 95,92 2,81 1d Lange Kleiweg 12632 50 Referentiewegdek 6,58 96,78 2,32 0,90 3,36 98,16 1,24 0,61 0,95 95,96 2,79 1e Lange Kleiweg 12416 50 Referentiewegdek 6,58 96,74 2,35 0,91 3,36 98,13 1,25 0,62 0,95 95,90 2,82 1f Lange Kleiweg 9659 50 Referentiewegdek 6,58 96,38 2,61 1,01 3,35 97,92 1,39 0,69 0,95 95,44 3,15 1g Lange Kleiweg 9663 50 Referentiewegdek 6,91 96,51 2,79 0,70 3,14 97,90 1,72 0,38 0,56 92,69 5,63 1h Lange Kleiweg 9549 50 Referentiewegdek 6,58 96,36 2,62 1,02 3,35 97,91 1,40 0,69 0,95 95,45 3,14 1i Wateringseweg 9175 50 Referentiewegdek 6,16 96,72 2,91 0,36 4,30 98,82 1,07 0,11 1,11 98,33 1,67 2a Laan van 't Haantje * 5607 50 Referentiewegdek 6,58 98,57 1,03 0,40 3,38 99,18 0,55 0,27 0,94 98,19 1,24 2b1 Laan van 't Haantje * 4518 50 Referentiewegdek 6,57 99,12 0,64 0,25 3,39 99,49 0,34 0,17 0,94 98,86 0,79 2b2 Laan van 't

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=70883cdc-05d0-4db5-a3ec-0010aacea48b