CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Rapport proeftuin jongeren Delft - Rijswijk

Raadsvergadering 8 november 2022, gemeente RijswijkBij agendapunt: Algemene beschouwingen en begroting (RV 22-017)4.104 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stichting Lezen en Schrijven lezenenschrijven.nl

Proeftuin jongeren en geletterdheid Arbeidsmarktregio Haaglanden: Delft en Rijswijk

Datum

: 9 september 2022

Opdrachtgever

: Gemeenten Delft en Rijswijk

Projectleider

: Arnout Timmerman, Stichting Lezen en Schrijven

Versie

: 3 (na revisie)

Inhoud Inleiding ..............................................................................................................................................3 1.

Probleemstelling.......................................................................................................................4

2.

Centrale vraag ...........................................................................................................................5

3.

Doelen ........................................................................................................................................6

4.

Aanpak........................................................................................................................................7 Spoor 1 Aansluiten bij of ontwikkelen van een activiteit .........................................................7 Spoor 2 Kennisverwerking ............................................................................................................7

5.

Resultaat ....................................................................................................................................9 Resultaten Spoor 1.........................................................................................................................9 Resultaten Spoor 2 ......................................................................................................................11 Oplossing 1 Houd oog voor wederkerigheid ............................................................................13 Oplossing 2 Vier de rites de passage.........................................................................................13 Oplossing 3 Zet sleutelfiguren in en bied ondersteuning ......................................................13 Oplossing 4 Werk aan de hand van een menukaart .................................................................14

6.

Deelnemers..............................................................................................................................15

7.

Aanbevelingen en oplossingen uit de proeftuin .................................................................17

2

Inleiding Een steeds groter wordende groep schoolverlaters is laaggeletterd is of zal dit spoedig worden. De vijf gemeenten in Haaglanden (Delft, Den Haag, Midden-Delfland, Rijswijk en Westland) hebben in het regionaal programma aanpak laaggeletterdheid (2021-2024) opgenomen, dat zij aandacht hebben voor kwetsbare doelgroepen, waaronder jongeren. De gemeenten Delft en Rijswijk gaan nog verder. Zij besloten om in hun gemeentelijke taalnota's een aanpak op te nemen, die specifiek is gericht op de doelgroep jongeren. De aanleiding hiervoor was een signaal van Doe Weer Mee!. Zij deelden met Stichting Lezen en Schrijven hun zorg over het feit dat een groeiend aantal jongeren na hun schooltijd minder goed kan meekomen in de samenleving. Stichting Lezen en Schrijven nam vervolgens contact op met de gemeenten Rijswijk en Delft, en vroeg hen of zij een lokale aanpak voor jongeren en hun basisvaardigheden wilden agenderen. Dat deden zij, en de eerste stap van de aanpak is het inrichten van een proeftuin (pilot) in Haaglanden. In dit verslag leest u hoe de proeftuin Jongeren en geletterdheid is verlopen. Achtereenvolgens worden de opdracht, de twee sporen binnen de opdracht, de resultaten van deze sporen en de conclusie met aanbevelingen behandeld.

3

1. Probleemstelling Om te voorkomen dat een nieuwe generatie laaggeletterden haar opwachting maakt en/of om de maatschappelijke effecten ervan te beperken, is het van belang, dat er ook ná school op meerdere fronten wordt gewerkt aan de ontwikkeling van de basisvaardigheden die men nodig heeft om mee te kunnen doen in de samenleving. Dat hebben de vijf gemeenten vastgelegd in het Regionale programma aanpak laaggeletterdheid (2021-2024) en de lokale beleids-/actieplannen. Het ondersteuningsaanbod voor jongeren om aan hun basisvaardigheden te werken is nu onvoldoende toereikend. Daarvoor zijn enkele oorzaken aan te wijzen: ▪

jongeren vinden de weg naar hulp niet

▪

het sociale netwerk van jongeren ondersteunt in beperkte mate

▪

professionals stemmen hun aanbod onvoldoende af op de vraag van de jongere en zijn netwerk.

Als een jongere achttien jaar wordt, vervalt de leerplicht. Jongeren zijn niet gehouden zich blijvend te ontwikkelen. Dat heeft gevolgen voor de basisvaardigheden en de participatie in de samenleving. De gemeenten Delft en Rijswijk zijn benaderd om dit maatschappelijke vraagstuk in Haaglanden te adresseren. Beide gemeenten hebben dit daarop opgenomen in het lokale (taal)beleid en Stichting Lezen en Schrijven gevraagd om een proeftuin (pilot) in te richten.

4

2. Centrale vraag De centrale vraag waarmee we aan de slag gegaan zijn, luidde: wat is er nodig om jongeren, hun omgeving en professionals in hun kracht te zetten en te activeren tot het levenslang ontwikkelen van basisvaardigheden?1

Het woord “geletterdheid” in de titel van de proeftuin wordt gezien als het resultaat van een leven lang ontwikkelen van de basisvaardigheden. 1

5

3. Doelen Het hoofddoel van de proeftuin waste ontdekken hoe jongeren kunnen blijven meedoen in de samenleving door learning by doing. Daarbij zijn we uitgegaan van enkele uitgangspunten: -

Het is belangrijk, dat jongeren van 18 tot 27 jaar leren wat de noodzaak van een leven lang ontwikkelen is dat zij ontdekken waar zij terecht kunnen voor hulp.

-

Efficiënte inzet van de kanalen is belangrijk om jongeren te bereiken.

-

Het sociale netwerk van jongeren ondersteunt jongeren meer en uit eigen beweging.

-

Professionals leren de leefwereld van jongeren en hun netwerk kennen en stemmen hun aanbod/ondersteuning daarop steeds opnieuw af.

-

Taal is een middel en geen doel: de juiste hulp sluit goed aan op de (impliciete) vraag van jongeren.

-

Je kunt bestaande activiteiten versterken door er een taal-, reken-, en/of digitale component aan toe te voegen.

-

Alle betrokkenen experimenteren met activiteiten rond basisvaardigheden voor jongeren.

-

De kennis uit deze proeftuin wordt gebundeld en gedeeld.

6

4. Aanpak Het vraagstuk om basisvaardigheden een leven lang te ontwikkelen door de focus te leggen op de jongeren van nu, is complex. Om tot de kern te komen, was het daarom nodig om het vraagstuk eerst goed verder te verkennen. Eén van de opdrachtgevers, Gemeente Rijswijk, gaf echter aan, dat een nadere verkenning mogelijk te vaag was. Zij gaf er de voorkeur aan om direct in te zetten op resultaten. Om te voorkomen dat we het vraagstuk zonder strategie zouden aanpakken, hebben we de aanpak opgedeeld in twee sporen: een spoor dat direct inzet leverde op activiteiten en een spoor dat middels een changelab het vraagstuk verder zou ontrafelen. In de opdrachtomschrijving hebben we de sporen als volgt beschreven:

Spoor 1 Aansluiten bij of ontwikkelen van een activiteit “Stichting Lezen en Schrijven sluit aan op twee of drie bestaande of nog te ontwikkelen kortlopende activiteiten per gemeente. Deze activiteiten vinden plaats bij partners uit het taalnetwerk gedurende de looptijd van de proeftuin (januari – oktober 2022). Deze partners kunnen kernpartners zijn, maar ook (nieuwe) partners voor wie taal geen kerntaak is. De contacten met enkele van deze partners zijn gelegd en de eerste activiteit waaraan een taalelement is toegevoegd, heeft al plaatsgevonden. Het gaat om activiteiten voor jongeren en hun netwerk, waarbij de ontwikkeling van basisvaardigheden een belangrijk element is.”

Spoor 2 Kennisverwerking “Het tweede spoor bestaat uit een focusgroep van verschillende jongeren, hun netwerk en professionals. Deze groep buigt zich over onderzoeken, actualiteit en de ervaringen van de activiteiten onder Spoor 1. De werkmethode die hier wordt gebruikt, is Social Design Thinking. De opbrengst van deze groep verwerken we in het eindrapport van de proeftuin. Dit rapport wordt in de regio gedeeld.”

7

Activiteiten per gemeente Delft Spoor 1

Spoor 2

Rijswijk twee of drie bestaande of te ontwikkelen

Spoor 1

twee of drie bestaande of te ontwikkelen

activiteiten bij (jongeren)organisaties

activiteiten bij (jongeren)organisaties

waaraan taal-, reken- en/of digitale

waaraan taal-, reken- en/of digitale

componenten worden toegevoegd

componenten worden toegevoegd

opbrengst van de activiteiten meenemen

opbrengst van de activiteiten meenemen

in Spoor 2 (ook van Rijswijk)

in Spoor 2 (ook van Delft)

(jongeren)organisaties ondersteunen in

(jongeren)organisaties ondersteunen in

het actief doorverwijzen naar de

het actief doorverwijzen naar de

taalketen

taalketen

geen actieve deelname vanuit Delft, maar

Spoor 2

vier bijeenkomsten focusgroep onder

de opbrengsten (die deels op Delftse

leiding van een social designer

activiteiten zijn gebaseerd) worden wel

waarbinnen onderzoek, actualiteit,

gedeeld

innovatie en opbrengsten van de activiteiten van Spoor 1 worden verwerkt opstellen prototypen producten en rapport met conclusies en aanbevelingen proeftuin rapportpresentatie delen van bevindingen

De gemeente Delft heeft de proeftuin opgenomen in haar lokale taalbeleid maar kon helaas, vanwege gebrek aan tijd, zelf geen capaciteit inzetten. We spraken met Delft af, dat we hen alleen op hoofdlijnen zouden informeren over dit project. Op die manier bleven ze toch goed op de hoogte van wat er gebeurt.

8

5. Resultaat Spoor 1 is nog niet afgesloten, maar toch laten we hier graag zien wat we tot nu toe al hebben bereikt op dit spoor. Er zijn al interessante resultaten te melden. Daarna gaan we in op de resultaten van Spoor 2.

Resultaten Spoor 1 In Delft en Rijswijk is vanaf het voorjaar van 2022 (opnieuw) met verschillende organisaties contact gezocht. Van deze organisaties wisten we van tevoren, dat zij zich actief met jongeren bezighouden. We noemen enkele waar concrete actie heeft plaatsgevonden: -

Welzijn Rijswijk

-

Delft voor Elkaar

-

Haaglanden Beweegt (Sportief Besteed Groep)

-

Don Bosco

Bij de volgende activiteiten is sprake geweest van aandacht voor de basisvaardigheden (digi)taal en cijfers: -

activiteit gemeenteraadsverkiezingen voor de kinderrechtenambassadeurs

-

een voorlichting over (digi)taal en cijfers bij Young Talents

-

gesprekken met drie medewerkers van Haaglanden Beweegt (Rijswijk) over de inzet van (digi)taal en cijfers binnen gezonde voeding, sport en werk – Collegetour)

-

gesprek met Haaglanden Beweegt (Delft), Delft voor elkaar en Taalplusschool over de vormgeving van een sollicitatietraining voor jongeren

-

koppeling met basisvaardigheden tot stand gebracht voor de jongerenavonden van Don Bosco

-

uitvraag gedaan bij DOK Taalhuis en Taalhuis Bibliotheek aan de Vliet

Men ervaart het belang van inzet op de basisvaardigheden De contacten kwamen eenvoudig van de grond. Er blijkt behoefte te zijn aan aandacht voor de basisvaardigheden. Haaglanden Beweegt spreekt hier van taal als één van de vijf pijlers waarop de organisatie inzet pleegt. Alle organisaties geven aan, dat zij het belang van de basisvaardigheden ervaren. Tegelijkertijd ontbreekt het aan een gerichte inzet op de 9

basisvaardigheden. Dat lijkt met kennistekort te maken hebben. Het is immers niet duidelijk voor professionals en vrijwilligers wat een gebrek aan basisvaardigheden met hun deelnemers doet. Ook ervaart men het als ingewikkeld om de basisvaardigheden te verwerken in de bestaande of nieuwe activiteiten. Praktische tips zoals recepten lezen en online opzoeken, sportscores bijhouden en optellen worden ter harte genomen. We geven periodieke voorlichting en bieden praktische en relevante ondersteuning aan jongerenwerkers. Hier speelt het lokale taalnetwerk een belangrijke rol. Je kunt bijvoorbeeld denken aan een taalhuismedewerker die op locatie de helpende hand biedt.

Druk en wisselingen van medewerkers Door een hoge werkdruk is het moeilijk voor medewerkers om naast de reguliere werkzaamheden aandacht te geven aan basisvaardigheden. Dat geldt voor bestaande activiteiten en nog te ontwikkelen activiteiten. In het laatste geval lijkt dat wel gemakkelijker te zijn, omdat men daar vanaf het eerste moment al rekening houdt met de basisvaardigheden. Een door de Taalplusschool opgezette korte cursus (op locatie) voor jongeren die (online) willen leren solliciteren, kwam echter niet van de grond, omdat Haaglanden Beweegt niet meer reageerde. Ook is binnen het jongerenwerk sprake van verloop. Kennis verdwijnt, wanneer een medewerker bijvoorbeeld een nieuwe baan heeft. We pleiten voor het vastleggen van kennis over de basisvaardigheden en overdracht als een medewerker weggaat. Daar kunnen de taalnetwerken eveneens de helpende hand bieden.

Urgentie Mensen die een tekort aan basisvaardigheden hebben, bereik je mondjesmaat, wanneer je direct inzet op (non-)formeel aanbod. Mensen willen het liefst kennis opdoen over praktische zaken die direct aansluiten op hun leven. Het gaat hier dan onder meer om solliciteren, je (klein)kinderen voorlezen, een recept uitproberen, online zaken regelen of een profiel aanmaken. De “Ik wil leren-campagne” sluit daar goed op aan. Echter, de urgentie op inzet op de basisvaardigheden wordt niet altijd gevoeld door organisaties. Het wordt hen niet duidelijk waarom zij baat hebben om deze te verwerken in hun activiteiten. Als een deelnemer moeite heeft met lezen of schrijven is er altijd wel iemand die even bijspringt. Dat is op dat moment niet erg, want zo werkt dat ook in onze samenleving: je helpt elkaar, je trekt samen de boel vlot. Een tekort aan basisvaardigheden heeft echter wel gevolgen voor de 10

langere termijn. De kans op lager inkomen, schulden, een ongezonde leefstijl of eenzaamheid is groter als je de basisvaardigheden niet of onvoldoende zelf beheerst of niet bijhoudt. Hier is een rol weggelegd voor de gemeenten. Door in resultaatafspraken voor subsidies of als social return on investment bij aanbestedingen vast te leggen dat er aandacht voor jongeren en hun basisvaardigheden is, kun je de urgentie overbrengen. Dat vraagt van gemeenten ook om naar binnen te kijken: wordt er voldoende afgestemd tussen de verschillende beleidsonderwerpen. Spoor 1 loopt nog tot oktober 2022. We adviseren de gemeenten om nu alvast te kijken welke van de aanbevelingen zij ter harte nemen.

Resultaten Spoor 2 Voor de nadere verdieping van het vraagstuk jongeren en hun basisvaardigheden gebruikten we de methode Social Design Thinking. Met een groep mensen die zich betrokken voelden bij het vraagstuk, hebben we in drie sessies op een actiegerichte wijze gewerkt aan het vraagstuk. Wat is Social Design Thinking?2 Social Design Thinking geeft handvatten om (complexe) vraagstukken op te lossen en inzichtelijk te maken. Het gaat om denken door te doen of ontwerpend onderzoek. Social Design Thinking gaat uit van vijf fasen (iteratief): 1. Krijg empathie met je doelgroep: breng de behoeftes, belevingswereld van de doelgroep en betrokkenen in kaart en handel vanuit dat perspectief. 2. Definieer het probleem: zet de doelgroep centraal bij het definiëren van het probleem om het perfecte uitgangspunt te hebben voor een innovatietraject. 3. Genereer en filter ideeën: ontwikkel zoveel mogelijk ideeën en filter ze op basis van de kennis over de doelgroep. 4. Maak een prototype: vertaal de ideeën naar een werkend prototype en ontwikkel een sterk experiment. 5. Test de oplossing: ga het veld in en de straat op om het experiment te testen bij de doelgroep.

2 Service Design (18 juli 2022): https://www.makedesignwork.com/blog/design-thinking-methode-eenvoudig-

uitgelegd-stappen

11

Om tot een goed resultaat te komen met Social Design Thinking, worden bovenstaande fasen herhaald tot een resultaat is ontwikkeld dat de vraag van de doelgroep beantwoordt.

Een nieuwe centrale vraag In juni en juli hebben onder leiding van Ellen Maliepaard van BONVUE verschillende bijeenkomsten plaatsgevonden waarbinnen aan de eerste vier fasen is gewerkt. De methode Social Design Thinking werd gebruikt om te komen tot een prototype (of product) gericht op levenslang mee kunnen doen in de maatschappij. Zoals gebruikelijk bij Social Design Thinking, pasten we de centrale vraag gaandeweg de sessies aan. Deze luidde bij aanvang van de bijeenkomsten wat is er nodig om jongeren, hun omgeving en professionals in hun kracht te zetten en te activeren tot het levenslang ontwikkelen van basisvaardigheden? Aan het einde van de eerste bijeenkomst luidde deze: de verwachting van de maatschappij is uit balans. De omgeving creëert dat je niet je eigen pad kunt bewandelen waardoor er onvoldoende aansluiting is. Dat was wellicht niet zo’n strakke beleidszin, maar duidde wel het achterliggende probleem. Als een jongere achttien jaar wordt, wordt hij geacht (volledig) op eigen benen te kunnen staan. De weg naar volwassenheid wordt onvoldoende begeleid en na de achttiende verjaardag is er onvoldoende ondersteuning. De manier waarop we als samenleving de volwassenheid hebben vormgegeven is terug te voeren naar regels, een systeemwereld. Echter, mensen raken al vroeg in hun volwassen leven in de verdrukking. Daarvoor zochten we een oplossing.

Het resultaat van de sessies is op de derde dag van Spoor 2 opgetekend door Buro Brand. Dat vind je verderop in dit verslag.

12

Mogelijke oplossingen voor het vraagstuk De deelnemers aan de bijeenkomsten ontwikkelden enkele oplossingen voor het vraagstuk. Deze moeten in de praktijk worden getest. Hiervoor is nodig, dat de opdrachtgevers zich achter de conclusie scharen en de partners in het taalnetwerk en daarbuiten de kans geven om hiermee aan het werk te gaan.

Oplossing 1 Houd oog voor wederkerigheid Professionals en vrijwilligers zijn gewend om op een vaste manier te werken. Alle trainingen rond deskundigheidsbevordering nemen niet weg, dat de connectie van professionals en vrijwilligers met jongeren onbedoeld afneemt. Denk hierbij aan technologische ontwikkelingen en het verschil in omgang en gebruik ervan. Het is bijvoorbeeld niet nodig om een gebruiksaanwijzing te kunnen lezen als je een elektrisch apparaat koopt (oplossing van de professional), als je op internet ook een filmpje kan bekijken (oplossing van de jongere). Het is belangrijk, dat een professional of een vrijwilliger zich te allen tijde bewust is van de eigen positie in de samenleving en een open blik blijft behouden. In de sessies zeiden we: “Kom van je troon van cassettebandjes!”

Oplossing 2 Vier de rites de passage Op je achttiende mag je heel veel. En moet je ook heel veel. Het is een goed idee om al eerder te werken aan enkele aspecten van het opgroeien of het “groeien” naar volwassenheid en om deze steeds positief en stapsgewijs te bekrachtigen. Volwassen worden is immers ook gewoon heel leuk! Denk aan Bar Mitswa, “sweet sixteen”, quinceañera en andere (feestelijke) uitingen van opgroeien. Het belang van ontwikkelen in je eigen tempo staat voorop. We laten aan de markt over hoe dat wordt ontwikkeld, maar kunnen een handje helpen door het belang van vieren van belangrijke momenten in het leven van een jongere actief uit te dragen.

Oplossing 3 Zet sleutelfiguren in en bied ondersteuning Zet in op herkenbare sleutelfiguren. Denk aan sportcoaches, peer-to-peer, decanen, wijkagenten en (social) infuencers. Deze sleutelfiguren zijn herkenbaar voor allerlei type vragen of zaken waar jongeren mee worstelen. Ze zijn er ook om een band mee op te bouwen of om je aan te spiegelen. Het gaat wat ver om deze sleutelfiguren te trainen op allerlei 13

gebieden, omdat de kans dan groot is dat zij afhaken (het “moet”). Wel dient er een vraagbaak te worden ingericht waar sleutelfiguren meer informatie kunnen vinden of een vraagstuk kunnen voorleggen. Maatschappelijke en commerciële partijen, en in het bijzonder de welzijnsinstelling en het taalhuis, hebben daarin een aanjagende rol. Kernwoorden zijn: gebruikersgemak, snel en toegankelijk.

Oplossing 4 Werk aan de hand van een menukaart Via een gemeentelijk brede/gezamenlijke digitale toepassing of vorm; applicatie, Augmented Reality of een website kijk je anders naar je aangeboden diensten. De startpagina is de menukaart en kent enkele keuzes. Als je een keuze maakt volgt een uitleg. Dat kan tekstueel, maar liever nog auditief of in combinatie met pictogrammen of andere plaatjes. Vanaf dat punt navigeer je verder. Niet alleen jongeren, maar ook sleutelfiguren worden zo beter bediend. Een menukaart doet niet alles over, maar verbindt slim en helpt wanneer je er even niet uitkomt. Dat betekent dus ook dat sleutelfiguren hulp krijgen als zij een vraag van een jongere niet kunnen beantwoorden.

Een visueel notulist legde de oplossingen in een tekening vast:

14

Figuur: getekende weergave van de ontwikkeling van de verschillende prototypen

15

6. Deelnemers Aan Spoor 2 namen naast jongeren verschillende organisaties deel3: -

Haaglanden Beweegt / Sportief Besteed

-

Bibliotheek aan de Vliet

-

Welzijn Rijswijk

-

Feel Good Media

-

Doe Weer Mee! / Taalplusschool (ROC Mondriaan)

-

Stichting Lezen en Schrijven

-

Stichting Mensch

In totaal hebben dertien verschillende professionals, allen met een buitengewoon groot netwerk aan professionals, vrijwilligers en jongeren, meegewerkt aan het changelab onder leiding van begeleider Ellen Maliepaard. De meeste jongeren die we hadden uitgenodigd, lieten verstek gaan voor de bijeenkomsten zelf. Om het gemis van jongeren op te vangen hebben we het volgende gedaan: -

We hebben een separaat traject met Delftse en Rijswijkse jongeren gedaan, door hen te interviewen en delen van de interviews op te nemen. Deze delen zijn getoond aan de deelnemers aan het changelab.

-

Na elke bijeenkomst namen de deelnemers huiswerk mee. Dat huiswerk bestond uit desktopresearch én het gesprek aangaan met jongeren over de huiswerkvragen. De inzichten die dat opleverde, namen we steeds mee terug naar het changelab.

-

Van de betrokken organisaties deden mensen mee die veel met jongeren werken of zelf nog tot de doelgroep (18-27 jaar) behoren.

Ervaring vanuit andere changelabs leerde bovendien, dat het een mythe is om strategisch denkende professionals te mengen met jongeren (niveau MBO1-2). Dat is een wens die in de praktijk niet werkt. Ook in dit changelab merkten we, dat de jongeren zich met moeite konden mengen in het gesprek over het vraagstuk. Door bovenstaande interventies hebben we geprobeerd te voorkomen dat er alleen maar over en niet met jongeren is gesproken. Aan jongeren vragen om uit hun eigen schaduw te stappen en op metaniveau met professionals in een systeemsetting over het vraagstuk na te denken én er inbreng voor te leveren, is een brug te ver.

3 Door capaciteitsgebrek in Delft hebben we ons voornamelijk op Rijswijkse organisaties gericht. Delftse organisaties

zijn uitgenodigd, maar de respons bleef helaas achter.

16

7. Aanbevelingen en oplossingen uit de proeftuin Aanbevelingen We adviseren de opdrachtgevers en het maatschappelijke veld in Delft en Rijswijk om: -

periodiek voorlichting over de laatste ontwikkelingen in de jongerencultuur te organiseren. Het taalhuis kan daarbij helpen. Voor jongerenwerk en andere organisaties voor welke jongeren de corebusiness is, achten we het verstandig om naast voorlichting ook trainingen te volgen;

-

kennis over jongeren en hun basisvaardigheden vast te leggen en te updaten. Let erop, dat kennis over jongeren en hun basisvaardigheden in elk overdrachtsformulier wordt meegenomen;

-

scherp te kijken naar de resultaatafspraken die je als subsidiënt of opdrachtgever maakt. Hierbij kun je denken aan meetbare doelstellingen die organisaties die activiteiten voor jongeren opzetten ondersteunen in de keuze voor activiteiten en de manier waarop die worden georganiseerd. Aandacht voor jongeren en hun basisvaardigheden kun je evenzo een plaats geven binnen de aanbestedingen die je organiseert. Denk aan social return on investment.

-

een integrale blik te hebben. Vind als organisatie of afdeling niet telkens opnieuw het wiel uit, maar ken elkaars aanbod en werk samen. Er is een aangetoond verband tussen een gebrek aan basisvaardigheden enerzijds en schulden, armoede, eenzaamheid, woonwijken ongezondheid anderzijds. Gemeenten moeten zich niet beperken tot het onderwijsbeleid, maar actief op zoek naar verbinding met cultuur, sport, wonen/ruimte, economie, en werk en inkomen. Organisaties doen er goed aan om ook eens naar binnen te kijken om te ontdekken in hoeverre het organisatiebelang slimme samenwerking met partners in de weg staat.

De adviezen die we geven zijn eenvoudig te implementeren en betreffen vooral een mindset: anders kijken en het belang van investeren in jongeren erkennen (en daarop handelen). Stichting Lezen en Schrijven werkt bovendien aan een methode om opbrengsten van kleine activiteiten inzichtelijk te maken.4 Zo ontdek je in hoeverre een bestaande activiteit werkt aan de basisvaardigheden. Ook op te zetten activiteiten kun je op deze manier toetsen.

4 Onder kleine activiteiten verstaan we laagdrempelig (camouflage)aanbod. Al naar gelang de wijze van financieren

wordt door organisaties een verschillende definitie voor kleine activiteiten gebruikt. Wij denken hier aan de reikwijdte van minder gestructureerd en systematisch leren dat dikwijls onder non-formeel wordt geschaard en waarvoor geen officiële erkenning in de vorm van een getuigschrift o.i.d. bestaat, tot onbedoeld leren al dan niet in een georganiseerde leersetting. In alle gevallen gaat het om activiteiten die direct aansluiten op de leefwereld en leervraag van de deelnemer.

17

Oplossingen De oplossingsrichtingen die naar voren kwamen uit de changelabs, zijn niet heel ingewikkeld. Maar, zoals eerder gezegd, vragen ze wél om een andere manier van kijken, een andere mindset. We raden dan ook aan om met een open blik aan de slag te gaan met het doorontwikkelen van de volgende oplossingen: 1. Houd oog voor wederkerigheid: dit gaat verder dan een goede intentie. Organisaties moeten jongeren en hun omgeving uitnodigen om mee te denken over (en deel te nemen aan) activiteiten. Deze activiteiten worden in samenspraak georganiseerd waarbij organisaties de visie van jongeren en hun omgeving niet alleen aannemen maar ook verwerken. De wederkerigheid is van belang om jongeren blijvend te betrekken bij activiteiten. Zo groeit de mogelijkheid om aan de basisvaardigheden te blijven werken. 2. Vier de rites de passage: de leeftijd van achttien jaar staat voor de (wettelijke) drempel naar de volwassenheid. Op weg hiernaartoe en zijn er verschillende momenten waarop een jongere kan worden voorbereid. Sluit daarbij aan bij rites de passage uit andere culturen, zoals een hedendaagse en lokale versie van de quinceañera of de sweet sixteen. Dat zijn in beginsel geen collectieve feesten. Het maatschappelijke en commerciële veld kunnen hierop inspelen. Maak dat mogelijk door belemmeringen weg te nemen of door middelen voor rites de passage vrij te maken.

Zorg er bovendien voor dat er ook na de achttiende verjaardag momenten zijn die je kunt vieren en waar je mag leren en ontwikkelen. 3. Zet sleutelfiguren in en bied ondersteuning: sportcoaches, buurtwerkers, geestelijken, peers en familieleden zijn slechts enkele benamingen van sleutelfiguren. Zet een campagne op om mensen in de samenleving actief uit te nodigen er voor de nieuwe generaties te zijn. Dat kan op verschillende manieren. We roepen op om daar uitnodigend in te zijn. Aan het maatschappelijke veld om naast de campagne ook een vraagbaak te organiseren waar sleutelfiguren terecht kunnen. Met name voor jongeren (net) ouder dan achttien jaar kunnen sleutelfiguren vertrouwde mentoren zijn om je weg te kunnen vinden in de samenleving. 4. Werk aan de hand van een menukaart: maak een applicatie of website waar jongeren, sleutelfiguren en organisaties eenvoudig een antwoord op allerlei vragen kunnen vinden. Het gaat hier meer om een netwerk dan een nieuw product. Er bestaan namelijk al veel producten. Helaas zijn die lang niet altijd toegankelijk door een ingewikkelde manier van navigeren, veel te veel tekst en wollig taalgebruik. Deze oplossingen zijn niet getest. Het verdient aanbeveling om deze oplossingen aan de maatschappelijke (en commerciële) partners voor te leggen voor een doorontwikkeling. Door

18

middelen anders in te zetten kunnen deze oplossingen budgetneutraal worden uitgevoerd, zonder aanloopkosten.

19

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=b97440e8-c7c6-4963-8cb9-dac8b0eae914