Raadsvoorstel Toestemming voor de vaststelling van de 5e wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Haaglanden (RV 25 109)
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Raadsvergadering 27 januari 2026 Agendapunt nr. Corsanr. 25.085465
Portefeuillehouder(s) M. Wit - Energie(transitie), Openbare Ruimte, Milieu en Duurzaamheid, Volksgezondheid en Kunst en Cultuur
Beleidsthema Milieu
Aan de Raad, 1. Onderwerp Toestemming voor de vaststelling van de 5e wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Haaglanden (GR ODH). 2. Beoogd effect voorstel Met de vaststelling van de 5e wijziging GR ODH wordt uitvoering gegeven aan de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). Het doel van de gewijzigde Wgr is de kaderstellende en controlerende rol van de volksvertegenwoordigers in samenwerkingsverbanden sterker te maken. De gemeenschappelijke regeling ODH is de basis voor de samenwerking tussen gemeenten in Haaglanden, de provincie Zuid-Holland en de ODH. Door de vaststelling van deze 5e wijziging GR ODH krijgen volksvertegenwoordigers meer invloed op het toezicht en de besluitvorming binnen het samenwerkingsverband. 3. Inleiding Op 1 juli 2022 is de wijziging van de Wgr in werking getreden. De ODH heeft met de (ontwerp) 5e wijziging de gemeenschappelijke regeling in overeenstemming gebracht met de Wgr. De ontwerp 5e wijziging van de gemeenschappelijke regeling is vervolgens voor zienswijze voorgelegd. De gemeenteraden van Delft, Pijnacker-Nootdorp en Zoetermeer hebben zienswijzen naar voren gebracht. De Provinciale Staten van Zuid-Holland en de overige raden hebben de ODH laten weten in te stemmen met de ontwerpregeling.
De ODH heeft in het voorliggende definitief ontwerp van de GR ODH de zienswijzen zorgvuldig gewogen en waar mogelijk verwerkt in de bijgevoegde toelichting op het definitieve ontwerp. Samengevat gaat het over de volgende punten: a) Het instellen van een adviescommissie verplicht stellen in plaats van als mogelijkheid aanbieden. Er is gekozen om het instellen van een adviescommissie als optie te houden en niet verplicht te maken. De wetgever heeft dit bewust als mogelijkheid in de wet opgenomen. Volgens artikel 24a van de Wet gemeenschappelijke regelingen is het altijd mogelijk om een commissie in te stellen, zonder dat de regeling moet worden aangepast. Een verplichte commissie zou de besluitvorming vertragen en past niet bij de flexibele aard van een GR. Daarnaast hebben de raden van de overige deelnemers niet gevraagd om een verplichte commissie. Volgens de wet moeten alle raden instemmen met het instellen van de adviescommissie. b) Een verplichte zienswijze procedure bij majeure wijziging die van belangwekkende betekenis zijn voor de strategie en organisatie van de ODH. Er is besloten geen verplichte zienswijzeprocedure in te voeren. Het algemeen bestuur kan, op basis van de wet, de gemeenteraden en Provinciale Staten om een zienswijze vragen wanneer het nodig wordt geacht. c) Besluit tot volgen van zienswijze-procedure kan worden aangenomen bij gekwalificeerde minderheid.
De zienswijze is niet overgenomen. De Wgr biedt geen mogelijkheid om besluiten bij een (gekwalificeerde) minderheid van stemmen aan te nemen. d) Er wordt voorgesteld om de artikelen 29 en 30 te wijzigen, zodat duidelijk wordt dat toeof uittreding op verzoek van een gemeente gebeurt, het DB de financiële gevolgen onderzoekt, en het AB unaniem beslist over de toe- of uittreding en de voorwaarden. De zienswijze is overgenomen. Corsanr. 25.085465
Pagina 1 van 3
RAADSVOORSTEL (vervolg) e) Voorstel om datum “30 april” in artikel 24, eerste lid, van de ontwerpregeling te vervangen door “28 februari” en om de zinsnede “ten minste twaalf weken” in artikel 24, tweede lid, van de ontwerpregeling te vervangen door “uiterlijk 30 april” Deze zienswijze is niet overgenomen. f)
Volgens de raad van Pijnacker-Nootdorp lijkt er ten nadele van het AB een onbalans te zijn in de verdeling van de bevoegdheden tussen het AB en het DB. De raad van Pijnacker-Nootdorp vraagt hier aandacht voor bij de eerstvolgende evaluatie van de GR. Deze zienswijze heeft geen directe relatie met de voorgestelde wijziging. 4. Argumenten Instemming van de raad is wenselijk en noodzakelijk. Pas na instemming van alle raden van de deelnemende gemeenten en Provinciale Staten kan de GR ODH worden vastgesteld door de colleges en gepubliceerd. Het voorliggende GR omvat alle noodzakelijke wijzigingen om te voldoen aan de wetgeving. De gewijzigde GR draagt bij aan een efficiëntere werking van de ODH, zowel in de uitvoering als in de besluitvorming. 5. Kanttekeningen geen. 6. Juridisch perspectief Geen. 7. Financiën Er zijn geen financiële gevolgen voor het instemmen met de ontwerpregeling. 8. Vervolg Na toestemming van de raden en de vaststelling door de colleges wordt de nieuwe GR-ODH gepubliceerd. 9. Communicatie en Participatie De Gemeenschappelijke regeling wordt gepubliceerd in het blad gemeenschappelijke regeling op Overheid.nl. 10. Wat gebeurt er bij niet (tijdig) beslissen? Dan kan de regeling niet worden vastgesteld en tijdig inwerking treden. 11. Bijlage(n) - Aanbiedingsbrief 5e wijziging gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Haaglanden.
- Toelichting op het definitief voorstel na verwerking zienswijze. - Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Haaglanden.
Burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
P.M. Schuit
H. Sahin
Corsanr. 25.085465
Pagina 2 van 3
RAADSBESLUIT
De gemeenteraad van Rijswijk, Bijeen in openbare vergadering op 27 januari 2026 Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 9 december 2025, nr.
BESLUIT: •
het college van burgemeester en wethouders toestemming te verlenen voor de vaststelling van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Haaglanden.
Aldus besloten door de Raad van de gemeente Rijswijk, in zijn vergadering van 27 januari 2026
De gemeenteraad, de griffier,
de voorzitter,
J.A. Massaar, bpa
H. Sahin
Corsanr. 25.085465
Pagina 3 van 3