Raadsvoorstel nota bodembeheer en bodemkwaliteitskaart
Tekst van het document
Raadsvoorstel Datum besluit B&W Forumverg. d.d. Agendapunt nr. Portefeuillehouder(s)
14 maart 2023 (datum) (nummer) M. Wit - Energie(transitie), Openbare Ruimte, Milieu en Duurzaamheid, Volksgezondheid en Kunst en Cultuur
Redacteur
F. Boogert
Doorkiesnummer Domein / Team Corsanummer
RO/Bereikbare Stad 23.016348
Aan de Raad, 1.
Onderwerp Nota Bodembeheer en bodemkwaliteitskaart
2.
Voorstel 1. De Nota Bodembeheer gemeente Rijswijk en de Technische rapportage bodemkwaliteitskaart gemeente Rijswijk vast te stellen. 2. De bevoegdheid tot het vaststellen van de Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart in de volgende gevallen te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders: a. Wijzigingen die geen invloed hebben op het geldende beleid; b. Wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege gewijzigde hogere wet- en regelgeving; c. Opkomende stoffen waarvoor nieuw beleid noodzakelijk is; d. Het erkennen van bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten als milieuhygiënische verklaring voor het toepassen van grond.
3.
Inleiding Het is niet zonder meer toegestaan om grond ergens te ontgraven en op een andere plaats neer te leggen of toe te passen. Voorkomen moet worden dat het toepassen van grond de ontvangende bodem verontreinigt en risico's vormt voor het (toekomstige) bodemgebruik. De Nota Bodembeheer gaat over het duurzame hergebruiksbeleid voor grond op het grondgebied van de gemeente Rijswijk. De nota is gebaseerd op de geactualiseerde bodemkwaliteitskaart en de wettelijke bepalingen uit het Besluit bodemkwaliteit. De nieuwe Nota Bodembeheer vervangt de Nota Bodembeheer uit 2011 en de beleidsnotitie “Omgaan met grondverzet in de Gemeente Rijswijk -PFAS bodemkwaliteitskaart”. De nota behoudt ook bij inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn geldigheid en gaat dan op in het tijdelijk deel van het Omgevingsplan. Het Besluit bodemkwaliteit maakt voor het toepassen van grond onderscheid in generiek beleid en gebiedsspecifiek beleid. Het generieke beleid betreft algemene landelijke regels en normen. Het principe hiervan wordt toegelicht in Bijlage 1. Het is niet noodzakelijk om generiek beleid vast te leggen in een lokale nota bodembeheer. Met gebiedsspecifiek beleid kunnen voor het mogen toepassen van grond lokale normen worden vastgesteld die hoger of lager zijn dan de landelijke generieke normen. In dat geval spreekt men van Lokale Maximale Waarden (LMW).
In de Nota Bodembeheer uit 2011 zijn hogere LMW opgenomen om knelpunten bij grondverzet in de praktijk op te lossen. Zonder LMW bleek hergebruik van vrijkomende grond bij de gebiedsontwikkelingen in Rijswijk Buiten niet mogelijk, ook niet binnen hetzelfde gebied als waar de grond zou vrijkomen. Met LMW werd voorkomen dat deze grond zou moeten worden afgevoerd en vervangen door nieuw aan te voeren grond. Ook in deze Nota Bodembeheer zijn op basis van de resultaten van de actuele bodemkwaliteitskaart LMW opgenomen om grondverzet binnen de gemeente zo veel als mogelijk te faciliteren. Uitgangspunt daarbij is het standstill principe op gemeentelijk grondgebied. Wanneer wordt toegestaan dat plaatselijk de bodemkwaliteit verslechtert, dan mag daar alleen gebiedseigen grond worden toegepast, zodat elders in
Corsanr. 23.016348
Pagina 1 van 6
Raadsvoorstel (vervolg)
hetzelfde gebied de kwaliteit verbetert. De LMW gelden dus niet voor het toepassen van grond afkomstig van buiten het grondgebied van de gemeente. Beleidskeuzes die gelden als gebiedsspecifiek beleid moeten op grond van artikel 44 van het Besluit bodemkwaliteit door de raad worden vastgesteld en op grond van artikel 49 van het Besluit bodemkwaliteit worden voorafgegaan door het volgen van een openbare voorbereidingsprocedure zoals omschreven in afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Bij de vaststelling van de Nota Bodembeheer wordt ook de bodemkwaliteitskaart vastgesteld.
4.
Beoogd effect Met het opnieuw vaststellen van gebiedsspecifiek grondstromenbeleid wordt de huidige uitvoeringspraktijk gecontinueerd waarbij: a. sprake is van duurzaam bodembeheer dat praktisch uitvoerbaar, milieuhygiënisch verantwoord en transparant is; b. meer vrij grondverzet kan plaatsvinden; c. voor de gemeente en haar inwoners besparingen kunnen worden gerealiseerd in tijd en kosten bij projecten waar grondverzet plaats gaat vinden omdat geen onderzoek uitgevoerd hoeft te worden naar de kwaliteit van de toe te passen grond en de ontvangende bodem; d. meer toepassingslocaties beschikbaar zijn om vrijkomende grond duurzaam her te gebruiken; e. de druk op het gebruik van primaire bouwstoffen én secundaire bouwstoffen (bijvoorbeeld zand uit zandwinputten of grond van een grondbank) wordt verminderd en tegelijkertijd op de aanschafkosten hiervan kan worden bespaard; f. de druk op het wegennet, de uitstoot van uitlaatgassen en het gebruik van energie wordt verminderd (grond hoeft minder ver te worden getransporteerd).
5.
Argumenten 1.1. De Nota Bodembeheer uit 2011 is niet meer actueel. In het Besluit bodemkwaliteit is bepaald dat een nota bodembeheer een geldigheidsduur heeft van 10 jaar. Een bodemkwaliteitskaart wordt na 5 jaar geëvalueerd en moet na 10 jaar worden geactualiseerd. Daarom is er een noodzaak om de nota en de bodemkwaliteitskaart te herzien. 1.2 Gebiedsspecifiek beleid is nodig om vrijkomende grond zoveel als mogelijk binnen de gemeente te kunnen hergebruiken. Als vrijkomende grond niet binnen de gemeente kan worden toegepast moet hiervoor een andere toepassingslocatie worden gezocht of moet de grond naar een erkende verwerker worden afgevoerd. Ook moet dan vaak voor werkzaamheden grond van elders worden aangevoerd. Dit leidt niet alleen tot hogere kosten, maar ook tot een grotere milieubelasting. De belangrijkste punten uit de Nota Bodembeheer die nieuw of gewijzigd zijn ten opzichte van de nota uit 2011 zijn: a. In de Nota Bodembeheer zijn Lokale Maximale Waarden opgenomen voor koper, zink en drins. Uit de actuele bodemkwaliteitskaart blijkt dat in een aantal gebieden deze stoffen licht verhoogd voorkomen als gevolg van langdurig gebruik waaronder tuinbouw. Door het opstellen van Lokale Maximale Waarden kan de grond uit bovengenoemde gebieden toch worden hergebruikt binnen Rijswijk in gebieden met een (toekomstige) woon- of industriefunctie.
De LMW zijn aangepast op basis van de actuele bodemkwaliteitskaart.
Corsanr. 23.016348
Pagina 2 van 6
Raadsvoorstel (vervolg)
b. Het percentage bodemvreemd materiaal (puin) dat herbruikbare grond mag bevatten is verlaagd van 10 gewicht-% naar 5 gewicht-% voor woongebieden. Volgens het generieke beleid is 20 % toegestaan. Het is niet wenselijk dat (toekomstige) woongebieden voorzien worden van grond die veel puinresten bevat. Grond met veel puin mag wel voorafgaand aan toepassing gezeefd worden om deze van puin te ontdoen. c. Voor een ontgraving of toepassing van grond in wegbermen wordt aangesloten bij de direct aangrenzende zone behalve voor de bermen van de gemeentelijke hoofdwegstructuur. De kwaliteit van de grond in de wegbermen is vaak gelijk aan de kwaliteit in de directe omgeving. Alleen voor de wegbermen langs de hoofdwegenstructuur is gekozen voor functie 'Industrie' en om enkel aan deze functie te toetsen, omdat dit het grondverzet veel gemakkelijker maakt en hier geen bodemgevoelige activiteiten plaatsvinden. De bodemkwaliteit zal per saldo niet wezenlijk verslechteren omdat wegbermen langs drukke wegen doorgaans al van mindere kwaliteit zijn. 1.3 Verantwoord hergebruik van grond is mogelijk zonder risico’s voor de volksgezondheid. Het vaststellen van Lokale Maximale Waarden voor het toepassen van grond is alleen mogelijk als getoetst is of deze waarden geen humane of ecologische risico’s opleveren. Deze toets is opgenomen in de nota.
De kwaliteit van grond die vrijkomt bij ontgraven dient bepaald te worden alvorens zij kan worden toegepast. Bij toepassing van grond die binnen de gemeente vrijkomt kan gebruik gemaakt worden gemaakt van de bodemkwaliteitskaart als milieuhygiënische verklaring. Hiermee wordt duur bodemonderzoek voorkomen. Op basis van verzamelde meetgegevens is bij de bodemkwaliteitskaart de gemeente ingedeeld in zones met een gemiddelde bodemkwaliteit per zone. Voordat gegraven gaat worden vindt ook een vooronderzoek plaats om na te gaan of een bodembedreigende activiteit uit het verleden (bijvoorbeeld een voormalige brandstoftank) tot een afwijkende bodemkwaliteit zou kunnen leiden. Alleen als de bodem niet verdacht is op bodemverontreiniging kan van de bodemkwaliteitskaart gebruik worden gemaakt. Anders moet eerst bodemonderzoek plaats vinden. Door gebruik te maken van de Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart ontstaan er geen risico’s voor de volksgezondheid. 2.1 Dit is wenselijk uit oogpunt van efficiency Om de raad niet onnodig te belasten en om slagvaardig te kunnen handelen wordt voorgesteld om kleine aanpassingen aan de bodemkwaliteitskaart of de nota te delegeren naar het college van burgemeester en wethouders. Het gaat daarbij om de volgende gevallen: a.
Wijzigingen die geen invloed hebben op het geldende beleid; Toelichting: De bodemkwaliteitskaart en de bodemfunctiekaart dienen na 5 jaar geëvalueerd te worden en opnieuw te worden vastgesteld ook als geen wijzigingen nodig zijn. b. Wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege gewijzigde hogere wet- en regelgeving; Toelichting: Bijvoorbeeld als gevolg van de inwerkingtreding of wijziging van de Omgevingswet. c. Indien sprake is van opkomende stoffen waarvoor nieuw beleid noodzakelijk is; Toelichting: Hiermee kan stagnatie in de uitvoeringspraktijk worden voorkomen zoals destijds bij PFAS het geval was. d. Het erkennen van bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten als milieuhygiënische verklaring voor het toepassen van grond.
Corsanr. 23.016348
Pagina 3 van 6
Raadsvoorstel (vervolg)
6.
Kanttekeningen 1.1. Er wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid die het gebiedsspecifieke beleid biedt om bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten te erkennen als milieuhygiënische verklaring voor het toepassen van grond. Op een enkele gemeente na in de regio accepteren gemeenten elkaars bodemkwaliteitskaart niet als milieuhygiënische verklaring voor het toepassen van grond. Dit betekent dat als grond in een andere gemeente wordt toegepast altijd bodemonderzoek moet worden verricht. Dit doet te weinig recht aan de opgestelde bodemkwaliteitskaarten en voelt als een gemiste kans om grondverzet nog meer te faciliteren. Maar het eenzijdig accepteren van bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten zonder dat deze gemeenten de bodemkwaliteitskaart van onze gemeente accepteren is niet in het belang van Rijswijk. Daarom zijn wij voornemens om binnen de regio Haaglanden te verkennen welke mogelijkheden er zijn om hierover nadere afspraken te maken.
7.
Financiën De Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart leiden niet tot extra kosten voor onderzoek. De Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart hebben dus geen financiële gevolgen.
8.
Vervolg Bij inwerkingtreding van de Omgevingswet worden de bodemkwaliteitskaart en de bepalingen uit de Nota Bodembeheer van rechtswege onderdeel van het tijdelijk deel van het Omgevingsplan.
9.
Communicatie De ontwerp Nota Bodembeheer gemeente Rijswijk en de ontwerp Technische rapportage bodemkwaliteitskaart gemeente Rijswijk hebben 6 weken ter inzage gelegen voor het indienen zienswijzen. Er zijn geen zienswijzen ontvangen. De Nota Bodembeheer gemeente Rijswijk en de Technische rapportage bodemkwaliteitskaart gemeente Rijswijk zullen na vaststelling opnieuw worden gepubliceerd. Het besluit is vatbaar voor beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
10.
Bijlagen 1. Toelichting generiek en gebiedsspecifiek beleid (corsanr. 23.018595) 2. Nota Bodembeheer gemeente Rijswijk (corsanr. 22.065012) 3. Technische rapportage bodemkwaliteitskaart gemeente Rijswijk (corsnr. 22.06514)
Burgemeester en wethouders, de secretaris,
de burgemeester,
P.M. Schuit
H. Sahin
Corsanr. 23.016348
Pagina 4 van 6
Raadsvoorstel (vervolg)
Corsanr. 23.016348
Pagina 5 van 6
Raadsbesluit
De gemeenteraad van Rijswijk, Bijeen in openbare vergadering op 18 april 2023, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 14 maart 2023, nr. Gelet op de artikelen 44, 47 en 53 van het Besluit bodemkwaliteit, BESLUIT:
1
De Nota Bodembeheer gemeente Rijswijk en de Technische rapportage bodemkwaliteitskaart gemeente Rijswijk vast te stellen.
2
De bevoegdheid tot het vaststellen van de Nota Bodembeheer en de bodemkwaliteitskaart in de volgende gevallen te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders: a. Wijzigingen die geen invloed hebben op het geldende beleid; b. Wijzigingen die noodzakelijk zijn vanwege gewijzigde hogere wet- en regelgeving; c. Opkomende stoffen waarvoor nieuw beleid noodzakelijk is; d. Het erkennen van bodemkwaliteitskaarten van andere gemeenten als milieuhygiënische verklaring voor het toepassen van grond.
Aldus besloten door de Raad van de gemeente Rijswijk, in zijn openbare vergadering van 18 april 2023
De gemeenteraad, de griffier,
de voorzitter,
J.A. Massaar, bpa
H. Sahin
Corsanr. 23.016348
Pagina 6 van 6