RA 24 053 Meerjarenbegroting VO Haaglanden 2025-2029
Tekst van het document
Parkstraat 83 2514 JG Den Haag
| (o7o\ 4262626 E info@vohaaglanden.nl
|BAN NL64 RABO 0113 2182 73
W ww.vohaaglanden.nl
KvK 27253825
BTW NL 811170019 B 01
Gemeente Rijswijk Postbus 5305
2280 HH Rijswijk
a
¡ O
Onderwerp Meerjarenbegroting 2025-2029
Kenmerk
uP/24/302/MK
a .ç
Datum 12 november 2024
o c c
I
a
O
I
a
T
.c-
:
¡ O
a
o o N 0
Geachte leden van de gemeenteraad,
o)
o o
Bijgaand ontvangt u de meerjarenbegroting 2025-2029 van de stichting VO Haaglanden
cõ c ô
Deze begroting is op 5 november 2024 goedgekeurd door de Raad van Toezicht.
D
I
I Ø
Õ)
Hoogachtend,
a)
I
o Ê
{ O O
tf.
q L O c
Zegers
C
Lid College van Bestuur
ç
Õl
c C I
VO HAaglanden
o Õ
-
a I
ô ôO
sEichU¡ng
VO Ho oglonden Pagina 1 van 1
Meerjarenbegroting 2025 - 2029 St¡cht¡ng VO Haaglanden Goedgekeurd door Raod von Toezicht op 5 november 2024
Het tij keert De afgelopen jaren was er sprake van sterk stijgende inkomsten. Het aantal leerlingen steeg en er werden door de overheid tijdelijke, extra middelen beschikbaar gesteld. ln vijf jaar tijd steeg het aantalVOH-leerlingen met bijnag% en daardoor ook de reguliere bekostiging. De tijdelijke middelen werden vertaald in overheidssubsidies voor een Nationaal Programma Onderwijs (NPO), School & Omgeving, Basisvaardigheden, Schoolmaaltijden, Heterogene Klassen. Natuurlijk werden deze
middelen verstrekt met een 'bedoeling', om maatschappelijke impact te realiseren, zoals achterstanden wegwerken, armoedeproblematiek aanpakken, het verbeteren van het taal- en rekenniveau en het uitstellen van de keuze voor het schoolniveau. Het jaar 2024 is het jaar waarin deze maatschappelijke problemen niet de wereld uit zijn, maar wel
het jaar waarin de inkomsten niet langer st¡jgen. Het aantal leerlingen stabil¡seert op VOH-niveau, subsidies lopen ten einde en de overheid kondigt bezuinigingen aan. Daarmee ligt er een opdracht om de kwaliteit van het onderwijs te borgen, in onze grootstedel¡jke context, met dalende middelen De afgelopen jaren hebben we financiële resultaten gerealiseerd waardoor alle financiële
signaleringwaarden positief zijn. We hebben de beschikking over eigen vermogen, reserves, om de continuiTeit te borgen.
ln 2023 zijn we als VO Haaglanden ook gestart met een herijking van de strategische ambit¡es. ln de aanloop naar ons nieuwe strategisch plan, Koers 2025-2029, hebben we onze ambities inmiddels sterk geprioriteerd. Wij richten ons op goed onderwijs, met speciale aandacht voor eerlijke kansen en inclusie. Daarnaast staat -in een tijd met grote en groeiende personeelstekorten- het werken aan voldoende en goed opgeleide medewerkers centraal. Om deze amb¡ties en daarbij behorende plannen de komende jaren te kunnen uitvoeren, hebben wij een Stimulerings- en Ontwikkelagenda (STOA 2025-20291ontwikkeld. Het deelvan ons eigen vermogen dat door OCW op dit moment als 'bovenmatig' wordt beschouwd, vormt de financiële voeding voor deze agenda. Deze middelen komen daarmee gedurende de planperiode direct ten goede aan de ontwikkel¡ng van ons onderwijs, aan onze medewerkers en/of aan transities binnen onze scholen. Om bovenstaande te kwantificeren, enkele kengetallen ultimo 2023 Norm
VO Haaglanden
Solvabiliteit
Hoeer dan 30%
L¡qu¡diteitsratio Financiële buffer Publiek vermogen
Hoeer dan 0.75 Hoeer dan 5% Lager dan EUR 28.700.000
s8% 2,7
L45% EUR s9,800.000
lwaarvan 76.000.000 voor NPO en SHRM bestemd)
Context van deze begroting Eind maart is gestart met de meerjarenbegrot¡ng 2025 - 2029. Ten tijde van het vaststellen van de
kaderbrief was er veel onzekerheid over een regeerakkoord, de ontwikkeling van het aantal leerlingen en het niveau van de basisschooladviezen.
M ee rja re n begrot¡ n g 2025-2029
L
/22
Tijdens het begrotingsproces is een aantaluitgangspunten gehanteerd, dat van belang is bij het beoordelen van de voorliggende begroting: T
Zorgvuldig investeren in Koers 2025 - 2029 oan de hand von de STOA 2025-2029. Zoals hiervoor geschetst worden momenteel de contouren van de Koers 2025 - 2029 uitgewerkt Op sommige onderdelen zijn we ook algestart met de implementatie van deze koers aan de hand van onderwerpen die op de STimulerings- en OntwikkelAgenda 2025 -2029 (STOA) zijn
opgenomen, ln de begroting is een drietal activiteiten verwerkt, namelijk: - het financieren van de stagevergoedingen voor studenten van opleidingsscholen (ambitie voldoende en goed opgeleide medewerkers) - een tegemoetkoming in de kosten van de opleidingsscholen (ambitie voldoende en goed opgeleide medewerkers)
-
een compensatieregeling ouderbijdrage die het voor alle scholen, onafhankelijk van de betalingsbereidheid/-mogelijkheid van ouders, mogelijk moet maken dat iedere
bovenbouw-leerling een buitenlandse reiservaring kan opdoen (ambitie eerlijke kansen). Daarnaast is in deze begroting jaarlijks een generiek budget gereserveerd (op VOH-niveau) voor de uitvoering van de STOA 2025 -2029. Op deze manier creëren we de vereiste flexibiliteit om de komende jaren nadere keuzes te kunnen maken in de fasering, uitvoering en financiële ruimte. Bovendien kunnen we inspelen op nieuwe ontwikkelingen binnen de scholen of in onze omgeving. Daarbij maken we periodiek een actuele en zorgvuldige afweging van risico's en ambities. Van belang is dat binnen bovengenoemde generieke ruimte ook invulling gegeven moet worden aan afspraken met het RWVC. Aan de school is, in 2022, een garantstelling door het bestuur verstrekt voor het uitvoeren van haar schoolplan, met daarin de rijke, verlengde schooldag. Dit in het kader van het bevorderen van eerlijke kansen voor de leerlingen. Tot en mel2O27 is deze garantstelling maximaal EUR 4.562K. ln de komende periode wordt door het RL/WC een nieuw schoolplan 2026 - 2029 opgesteld. Daarin wordt het onderwijsconcept verder uitgewerkt, o.a. aan de hand van de bevindingen uit de (inhoudelijke) evaluatie van de interventies.
ln het nieuwe schoolplan wordt ook rekening gehouden met noodzakelijk interventies in organisatie/aanbod als gevolg van de gewijzigde context, zoals de forse daling van het aantal leerlingen (en daardoor bekostigingformatie) en de verwachte daling van subsidie-inkomsten. Uitgangspunt is een financieel duurzaam gezonde situatie op termijn. Op basis van de
inhoudelijk programmaevaluatie en de voorziene kosten voor een transitie naar een financieel; gezonde school met minder leerlingen, blijft ook na 2027 de inzet van gezamenlijke middelen op basis van solidariteit en ambities mogelijk (nader te bepalen, PM)
2. Aønnomes over hoolbaarheid, impact en plonning vqn voornemen uit het hoofdlijnenakkoord niet verwerken Pas eind mei is het hoofdlijnenakkoord door het kabinet bekend geworden. Hierin zijn diverse voornemens voor het onderwijs opgenomen, waarvan haalbaarheid, impact en invoeringsdatum nog onduidelijk waren. We hebben toen besloten om geen rekening te houden met het hoofdlijnenakkoord, we hebben het toen geldende overheidsbeleid als vertrekpunt voor de begroting gehanteerd. De verwachte impact van het hoofdlijnenakkoord was groot, dus gelijktijdig is afgesproken dat we (minimaal) halfjaarlijks de financiële impact van overheidsbeleid monitoren. En passende maatregelen nemen. Eenzelfde principe is gehanteerd voor de impact van de SHRM-bekost¡ging v¡a de onderwijsregio en de wijziging van de LWOO-bekostiging.
M ee rja re n begrot i n g 2025-2029
2 /22
3. Conservatieve ¡nschatt¡ng leerlingaantollen Als vertrekpunt van de meerjarenbegroting gaan we uit van conservatieve aannames voor de
leerlingenaantallen. Dit jaar was het effect hiervan voor een aantal van onze scholen groot. Een korte opsomming: o De komst van 2 islamitische vo-scholen zorgde voor een lagere brugklas-instroom. Dat geldt vooralvoor het Rijswijks Lyceum/Van Vredenburch College (RL/WC). Maar ook op het Segbroek College, Lyceum Ypenburg en Johan de Witt Scholengroep werd dit gevoeld'
¡ Het Lyceum Ypenburg kent aljarenlang een daling van het aantal leerlingen. Deels .
veroorzaakt door haar situering midden in een Vinex-wijk die eind vorige eeuw is ontstaan. De landelijke doorstroomtoets zorgde gemiddeld voor een stijging van het definitieve basisschool-advies. Dit heeft geleid tot verschuivingen binnen en tussen scholen. Dat is vooral merkbaar op het Maris-College waar veel vmbo-onderwijs wordt aangeboden.
. Johan de Witt Scholengroep (JWS) verzorgt het onderwijs aan nieuwkomers (lSKonderwijs). Deze leerlingen vervolgen hun onderwijs, veelal ook na de ISK-fase, op het JWS. De afgelopen jaren is het aantal nieuwkomers explosief toegenomen, en daarmee het aantalJWS-leerlingen. Voor de komende jaren is voor het JWS een conservatieve inschatting gedaan en wordt een daling van het aantal leerlingen begroot, van 2600 naar 2200. Door het hanteren van conservatieve inschattingen van de leerlingaantallen, geeft elke schoolbegroting een goed inzicht waar interventies noodzakelijk zijn om een financieel gezonde situatie te creëren. Op VOH-niveau voorzien we een daling van L4J70 in 2024 naar 14.24O
leerlingen in2O29.
4, Een nieuw reservebeleid om de beschikbøørheid van middelen (reserves) te goranderen voor het borgen van continui'teit en realiseren ambities Binnen VO Haaglanden is het reservebeleid zo ingericht dat alle scholen een eigen zgn. weerstandsvermogen hebben. Dit weerstandsvermogen wordt gevormd door het gerealiseerde exploitatieresultaat jaarlijks toe te voegen aan het weerstandsvermogen van de school. Eind 2023 was het weerstandsvermogen van de scholen EUR 36.519K. Op VOH-niveau is tot op heden een beperkt eigen vermogen beschikbaar voor het opvangen van calamiteiten (Calamiteitenfonds, CF) en het financieren van specifieke aanvragen (St¡muleringsen innovatiefonds, STIF) van de scholen. Het STIF is opgegaan in de STOA. De beide fondsen worden jaarlijks gevuld door schoolbijdragen van 0,5%o van de baten. Eind 2023 beschikte het CF
over EUR 833K en de STOA over EUR 4.670K'
ln 2025 wordt een nieuw reservebeleid uitgewerkt dat voorziet in heldere afspraken met de bijbehorende bedragen voor het afdekken van risico's op VOH- en schoolniveau. En voor de beleidsvrije ruimte op VOH- en schoolniveau voor het realiseren van ambities. De beleidsvrije ruimte op VOH-niveau moet in ieder geval voorzien in voeding voor de STOA2025-2029. Beslissingen over de inzet van de STOA of andere gezamenlijke reserves zal altijd in samenhang, dialoog en vanuit solidariteit plaatsvinden. Daarbij nemen wij altijd de ontwikkelingen mee rond bijvoorbeeld het overheids- en regionaal beleid, de ontwikkeling van het aantal leerlingen, de financiële situatie van onze scholen en BSB.
M ee rja re n begroti n g 2025-2029
3 /22
Meerjarenbegroting 2025 - 2029 Vertrekpunt voor de monitoring van financiën, risico's en ambities is deze meerjarenbegroting 2025 tot en met 2029 van de Stichting VO Haaglanden. De begroting is opgebouwd vanuit de individuele schoolbegrotingen, aangevuld met de begroting van BSB met daarbinnen een reservering voor de uitvoering van de STOA 2025-2029.
Totstandkoming ln maart is de kaderbrief opgesteld, waarin het kader en de beleidsmatige speerpunten voor 2025 zijn benoemd alsook de financiële uitgangspunten. Deze zijn voor de scholen de leidraad bij het opstellen van het plan en de begroting voor 2025 en opvolgende jaren. Net voor de zomer heeft er met elke school een verkennende bespreking met het College van Bestuur (CvB) en de controllers van het Bestuur- en Servicebureau (BSB) plaatsgevonden, waarin de organisatorische, formatiekeuzes en geplande investeringen zijn besproken. Na deze besprekingen hebben de scholen de begroting verder uitgewerkt o.b.v. de laatste inzichten in de leerlingenpopulatie. De begrotingen van de scholen, aangevuld met de begroting van BSB en de budgetreservering voor implementatie van de STOA 2025-2029, vormen de begroting van Stichting VO Haaglanden (VOH). Deze begroting wordt in dit document toegelicht. Ook de balans, de liquiditeitsbegroting en de
ontwikkeling van de financiële signaleringswaarden van het ministerie worden toegelicht. De individuele begrotingen zijn door de schoolleiding besproken met hun MR en zijn vastgesteld door het College van Bestuur, waarbij gelet is op de doelmatige besteding van de financiële middelen. Na bespreking van de meerjarenbegroting in het R&D-overleg vindt bespreking in de GMR plaats. Aan de PGMR wordt instemming gevraagd op de formatie. Daarnaast wordt de GMR gevraagd advies uit te
brengen over de hoofdlijnen van het meerjarenperspectief. Tenslotte wordt de meerjarenbegroting ter goedkeuring voorgelegd aan de Raad van Toezicht.
lnhoudsopgave A. Uitwerking beleidsmatige speerpunten uit de kaderbrief B. ExploitatieoverzichtVO Haaglanden
C. lnvesteringen D. Toelichtingen en financiële samenvatting op schoolniveau
E. Balans
F. L¡quiditeitsbegroting G. Medewerkers en gebouwen
M ee rja re n begroti ng 2025-2029
4 /22
A, Uitwerking beleidsmatige speerpunten uit de kaderbrief ln de kaderbrief zijn twee beleidsmatige speerpunten voor 2025 opgenomen, te weten
L. Onderwijs 2. Goed werkgeverschap en personeelstekort Deze speerpunten zijn strategische beleidsambities van VOH. Naast deze VOH-brede speerpunten
voor 2025 is in de begroting van elke school ook invulling gegeven aan de schooleigen ambities. Hieronder is een korte toelichting op de plannen van de scholen, behorend bij de genoemde speerpunten, opgenomen.
Onderwijs De scholen blijven inzetten op het borgen en verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs. Dat
doen zij op een wijze die aansluit op de behoefte van hun leerlingenpopulatie. De grootstedelijke context en de aandacht voor eerlijke kansen vormen daarbij belangrijke factoren. ln 2025 zijn basisvaardigheden, persoonlijke begeleiding, passend onderwijs, burgerschap, digitale geletterdheid en het ontwikkelen van onderwijsmethoden die aansluiten bij de behoefte van leerlingen terugkerende thema's in de plannen van de scholen. Daarnaast wordt steeds meer evidence-informed gewerkt, zodat de onderwijskwaliteit en leerprestaties goed te monitoren zijn. Waar nodig wordt extra ondersteun¡ng of uitdaging aangeboden. Bij het Maris College en het Segbroek College worden bijvoorbeeld ontwikkelopgaven als taal, rekenen, burgerschap en formatief handelen gekoppeld aan expert-docenten die de teams
ondersteunen. Een aantal scholen maakt gebruik van wetenschappelijk onderbouwde methoden zoals de Transformatieve School om te professionaliseren en zo hun onderwijskwal¡teit te verbeteren. Deze methoden worden geborgd met lesbezoeken, coaching en intervisies. Twee belangrijke subsidies, Basisvaardigheden en Nationaal Programma Onderwijs (NPO), lopen af. Het wegvallen van deze subsidies zorgt voor uitdag¡ngen op sommige scholen die de formatie
moeten herzien of die de hiermee bekostigde activiteiten niet willen verminderen (zoals bijvoorbeeld ondersteuning voor passend onderwijs). Daarnaast zijn er ook scholen die niet in aanmerking kwamen voor de subsidie Basisvaardigheden in 2025/26. Ook zij moeten voldoen aan de door de lnspectie gestelde eisen aan basisvaardigheden. ln sommige gevallen zijn hiervoor extra inspanningen nodig zijn, bv in de vastlegging of verantwoording, zonder dat daar extra middelen voor beschikbaar zijn. Ten slotte, besteden de scholen aandacht aan inclusiviteit en eerlijke kansen voor de leerlingen. Dit
komt onder andere tot uiting in de begeleiding van leerlingen met speciale onderwijsbehoeften, bijvoorbeeld via NT2-begeleiding, remedialteaching en specifieke zorgtrajecten. Ook het gratis verstrekken van devices op sommige scholen en de balansklas op het Haganum waar leerlingen
tijdelijk onderwijs kunnen volgen zijn hier voorbeelden van. Een aantalscholen maakt gebruik van de subsidie 'School en Omgeving', waarmee buitenschoolse programma's worden aangeboden gericht op de brede ontwikkeling van leerlingen. Alhoewel deze
subsidie flink wordt beperkt, verwachten wij dat RL/VCC en JWS ook vanaf 2028 in aanmerking blijven komen.
M ee rja re n begrot i ng 2025 -2029
s /22
Goed werkgeverschap en personeelstekort De scholen blijven ook investeren in het werven en behouden van gekwalificeerde docenten door aantrekkelijke arbeidsomstandigheden en scholingsmogelijkheden aan te bieden. Alle scholen zetten vroegtijdig in op het werven van docenten van het nieuwe schooljaar. Naast de reguliere wegen, wordt ook ingezet op zij-instromers en zgn. wereldburgers (statushouders die in het onderwijs willen werken). En natuurlijk worden nieuwe en beginnende docenten zo goed mogelijk begeleid, door
werkplekbegeleiders en mentorprogramma's, om uitval in de beginjaren te voorkomen. Een aantal scholen lukt het elk jaar om de formatie rond te krijgen voor de start van het jaar, andere scholen hebben gedurende het hele schooljaarvacatures open staan. De scholen die dit betreft zijn soms genoodzaakt om maatregelen te treffen, zoals het niet aanbieden van bepaalde vakken in de onderbouw, het schrappen van eindexamenvakken, vergroten van klassen of het verhogen van het aantal lessen dat een docent verzorgt. Dit verhoogt de werkdruk in veel gevallen. Er worden nieuwe initiatieven ontwikkeld om de scholen aantrekkelijker te maken voor nieuwe
medewerkers en bestaande medewerkers te behouden. Speerpunten hierbij zijn het verlagen van de werkdruk en het bevorderen van de vital¡teit van docenten. Scholen zetten de collectieve werkdrukmiddelen in om extra begeleiding te bieden tijdens toetsen en lessen, of om docenten meer ontwikkeltijd te geven. Daarnaast wordt er aandacht besteed aan het welzijn van het personeel door v¡tal¡te¡tsprogramma's, trainingen over verzuimpreventie en het proactief voeren van verzuimgesprekken. De kwartiermaker strategisch-HRM faciliteert de scholen vanuit het Bestuurs- en Servicebureau. Onze scholen hechten veel waarde aan de professionalisering van hun personeel. De scholen bieden
zowel docenten als het ondersteunend personeel ruime scholings- en ontwikkelingsmogelijkheden. Ook in de komende meerjarenbegroting investeert VOH samen met Sp¡noza in de Haagse Onderwijs Academie (HOA) ¡n het bovenschoolse professionaliseringsaanbod, waaronder ook programma's
gericht op leiderschapsontwikkeling voor teamleiders en onze schoolleiders. Schooleigen speerpunten Naast deze VOH-brede speerpunten kennen de scholen ook nog eigen speerpunten. Enkele voorbeelden:
-
Het verbeteren van de les- en toetskwalite¡t (HML)
lnzet op verbeteren van het didactisch klimaat binnen vaksecties waarbij de rol van de
sectievoorzitter wordt ve rsterkt (Segbroe k Col lege) Coachend mentoraat (Dalton) Verder ontwikkelen van Loopbaanoriëntatie, -ontwikkeling en -begeleiding (Einder) Gymnasium Haganum gaat een Ouderraad initiëren als klankbordgroep voor de ouderleden van de MR aangaande het schoolbeleid. Daarnaast bevordert het de ouderparticipat¡e bij verschillende (culturele, sportieve of andere buitenschoolse) activiteiten. Verdere uitbreiding van het lB-onderwijs (Middle Years Program, MYP), een driejarige brede brugperiode om de kansengelijkheid in het onderwijs te bevorderen en recht te doen aan haar internationaal georiënteerde leerlingenpopulatie (Joha n de Witt). Het verder ontwikkelen en vormgeven van ambitie- en kwaliteitskaarten (Johan de Witt) Sterke profilering, PR en ambassadeurschap (Lyceum Ypenburg) Het Maerlant-Lyceum gaat van start met een leerlingenraad met als doel leerlingen meer te betrekken bij de schoolorganisatie
M ee rja re n begrot¡ ng 2025 -2029
6 /22
Om de ontwikkel¡ng en inzet van digitale vaardigheden en mogelijkheden in het onderwijs te stimuleren stelt het Maris College op al haar locaties 'Digicoaches' aan. De Digicoaches ondersteunen de schoolleiding en de onderwijsteams op digitaal gebied. Maris College stelt een veiligheidscoördinator aan. Deze coördinator ondersteunt preventief op het vlak van veiligheidsbeleid en kan de schoolleiding ondersteunen bij de afhandeling ernstige of gecompliceerde casuïstiek. Rijswijks Lyceum verbreedt haar aanbod (School & Omgeving) op het gebied van sport, cultuur, cognitieve ontwikkeling, sociale ontwikkeling, oriëntatie op jezelf en oriëntatie op de
wereld.
Bestuurs- en Servicebureau Het Bestuurs- en Service Bureau (BSB) bouwt verder op de ambitie die in 2023 is ingezet om het College van Bestuur en de scholen meer en professioneler advies en ondersteuning te bieden, de kwaliteit te verhogen en de kwetsbaarheid te verminderen. De afgelopen periode zijn beleidsadviseurs aangetrokken op Kwaliteitszorg en strategisch HRM. Daarnaast wordt invulling gegeven aan het verder professionaliseren van de gewenste ondersteuning van de bed rijfsvoeringsprocesse n.
Voorziening groot onderhoud ln deze meerjarenbegroting is de impact van het wijzigingen van het bekostigingsstelselvoor het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) meegenomen. VOH hanteert per 2024 de methodiek van een voorziening groot onderhoud. Medio 2023 is een onderzoek uitgevoerd naar de verwachte ontwikkelingen van het MJOP en is de hoogte van de voorziening en de benodigde dotatie vastgesteld. VOH beoordeelt elk jaar de ontwikkelingen van de voorziening groot onderhoud en of er aanpassingen aan de dotatie moeten plaatsvinden. Voor deze meerjarenbegroting zijn er geen wijzigingen voorzien en blijft de jaarlijkse dotatie aan de voorziening EUR 4,25m.
Een blik op de toekomst: uitdagingen en r¡sico's Zoals reeds genoemd is een aantal ontw¡kkel¡ngen niet opgenomen in deze begroting omdat haalbaarheid en uitwerking nog niet bekend waren of zijn. Deze ontwikkelingen hebben veelal een
negatief effect op de inkomsten van VOH. Dit komt boven op de afbouw van de NPO-gelden en het wegvallen van subsidies (zoals Basisvaardigheden, heterogene brugklassen). Voor een aantal ontwikkelingen uit het Hoofdlijnenakkoord is er in het Regeerprogramma van het kabinet recent toch meer duidelijkheid gekomen over het financiële effect voor VOH. Deze effecten zijn dus niet verwerkt in deze begroting. De overheid heeft besloten om de scholen te compenseren voor de aangekondigde btw-
o
verhoging op boeken;
o De subsidie schoolmaaltijden wordt toch doorgezet; r De functiemix Randstad wordt afgeschaft. Voor VOH betreft dat een jaarlijks bedrag van EUR 2,7 mln;
r
De subsidies voor Brede brugklassen en de Maatschappelijke Diensttijd (MDT) worden
afgeschaft.
o Het programma School en Omgeving wordt gekort met EUR 155 miljoen vanaf 2026. Het programma wordt beperkt voortgezet, waarbij we prioriteren op de scholen met de 5% hoogste re latieve onderwijsachtersta ndsscores
M e e rja re n begrot¡ n g 2025-2029
7 /22
Op basis van de financiële kaders voor de Onderwijsregio, worden de SHRM-middelen de komende jaren gefaseerd toegekend via de Onderwijsregio. Een deel van deze middelen vloeit niet direct terug naar de besturen/scholen, maar wordt ingezet voor de gezamenlijke inspanning gericht op vermindering van de personeelstekorten. Vanaf 2025 heeft dit al (beperkt) invloed op de beschikbare
middelen op schoolniveau. Met het oog op verwachte nieuwe wetgeving over de toekenning/verdeling van LWOO-middelen per l januari 2O27,worden vooruitlopend binnen het Samenwerkingsverband scenario's voor de nieuwe verdeling van middelen van het samenwerkingsverband voor LWOO-leerlingen onderzocht, inclusief een overgangsmodel. De nieuwe wetgeving en verdeelsystematiek kan tot forse reallocatie van middelen voor extra ondersteuning leiden, met mogelijk grote consequenties voor schoollocaties binnen VOH die nu vrijwelgeheel gericht zijn op onderwijs aan leerlingen met LWOO (leerwegondersteunend onderwijs). Zoals eerder aangegeven worden bovenstaande ontwikkelingen nauwlettend gevolgd, zodat VOH
adequaat kan handelen.
M eerja re n begrot¡ n g 2025-2029
I /22
B. Exploitatieoverzicht De geconsolideerde resultaten laten het volgende beeld zien over de periode tot en met 2O29.Van
belang is dat dit resultaat een optelling is van de schoolbegrotingen, waarbij de verschillen tussen de scholen groot zijn. Op sommige scholen wordt geloot omdat er meer aanmeldingen van leerlingen zijn dan geplaatst kunnen worden, andere scholen hebben te maken met dalende of sterk schommelende aanmeldingen. Sommige scholen hebben ruim voldoende middelen, terwijl andere scholen een zeer strak kostenregime moeten handhaven om aan de gestelde begrotingseisen te voldoen.
VOH Totaal
Betroot
1e prognose
Begroot
8€groot
Begroot
Begroot
B€groot
2g¿4
2024
2t25
2026
2t27
20,,A
2@9
1.476
L.439
1.380
1.361
1.3s8
1.3s3
1s.060
14.772
t4.587
74.470
14.298
14.275
L76.972
186.22L
L89.2M
788.792
192.t25
196.32t
202.655
2.663
2.952
3.335
3.369
3.373
3.388
3.402
6.557
7.205
7.788
8.541
8.069
8.138
8.218
Totale baten
tæ.L92
196374
2û.t6t
2W.702
2.007.(n
207.97
2t4.275
Personeelslaste n
172312
1,.462
FTE inc|, TUF
Leerlingaantal 1 okt. t-1 € x 7.000
Rijksbijdragen
0verige overhe¡dsbl jdraten en -subsid¡es 0verige baten
153.312
r6L.725
163157
L62434
7&257
168300
Afschrijvingen
3.277
3.300
3956
4IT9
4048
4Ll1
4150
Hu¡svestingslasten
14.881
75.492
1s948
15948
15925
16021
T6143
Over¡ge lasten
20.80s
2L.æ4
239M
23944
22359
23L37
23226
Totale lasten
192.275
202,12t
207.742
20É.444
206.589
211.569
215.830
-782
-1,.924
-923
-622
-572
-422
-322
Resultaat explo¡tat¡e
-5.301
-3.819
-6.452
-5.XtO
-2.49
.3.300
-1.24
Mutatie bestemmingsreserve
'10.510
r 1.38S
5.374
2.268
1.556
1.988
1,.912
Tgv/tlv wee ßtandsve rmoge n
5.209
7.570
"1.078
-2.853
-894
-1.312
678
7.570
-1.078
-2.853
-894
-1.312
678
Financ¡èle baten en lasten
23
lncidenteel resultaat Structureel rèsultããt
ln onderstaand overzicht zijn de structurele exploitatieresultaten van de scholen opgenomen, evenals de ontwikkeling van het weerstandsvermogen per school.
Dalton
-r07.713
Einder
-310.636
29.271
tt.sttl
140.s16
91.931
r21.369
¿o.s¡gl
59.018
110.852
-277.7731 -127.265
-172,555
90.92i
Haganum
-24.943
-26.s9L
-63.787
Haags Montessori LVceum
63.270
166.s89
75.571-
Johan de Witt Scholengroep
3.418.118
5.8ss.2s2
Lyc YpenburB
-289.866
-343.535
Maerlant
60.885
-499.423
Maris
272.299
-421-.684
-728.560
Rijswijk Lyc/ VVC
558.744
909.429
-1.161.596
-L.7t4.123
Segbroek
-769.824
-707.254
Subtotøol 70 scholen
3.Læ.542
4,774.O78
BSB
Totaal VOH
3r8.264 Lr6.772
295.O20
424.555
4.738.2s1
99.s691 201..374 Lsqa.qgtl L.zæ.273
369.340
605.03'
-202.366
140.0321 -148.s03
-266.347
79.s6(.
t44.339
-s2.oezl
35.726
198.503
387.322
260.8831 26o5s2 -955.7c/1 -81s.498 701.8851 727.589
2s3.492
597.41(
-939.087
-95.791
739.67 -6s6.t87 1.013.812
386.33s
514.30t
526.O28
2.ß8.3L1
2.061.529 2.856.200 -7.877.576 -2.t96.348 -1.907,365 -1.837.727 -1.809.96i 678.45 s.232.O7L 7.s70,278 -1.078.1æ -2.852.535 -893.553 -1.311.699
(*)Voor RL/VVC zijn afspraken gemaakt voor de inzet van STOA-middelen.
M eerja ren begroting 2025-2029
9 /22
lâlton :inder lasanum laass Montessor¡ lvceum
7.62/,
750.3v
,1 1N/^
5,337
-7 1TA
-tt.2æ/, 1 69) 121
?1 ITÁ
q lRo,
8)6%1
57.0104
21.125.48(
15.471
1.889.89t
7,U6t
198.08(
L3,Avt
4.924.77(
10 q.t
? 950 59t
)1 Ao/"
14 7).1
3 40) 79Í
16.24%
Vlâr¡s
li¡swi¡k Lvc/WC ;eEb¡oek
5.256/Á
53,58t/Á L6.54.,6
-1,47% 11 \qÁ
s?7
RTsf
1çl
^760Ál
so8ß31
-4 sso/"|
5.8A/61 660.7561 7,68"/o1 891.2311 10,0æl.1 1.209.49s
4]æ/"1 s?o.240l
-3.s7%l -178.8ss1 -2.32/61 -r19.87L]l -0,170/.1 -9.0181 t, o/.1 107.695
ffiF ß.s7./"1 t.67237s1 16.4T.61 r.460.6æ¡1 llu%l rg3347l ß,2æ/.1 r.220.7861 L3,86%l r.311.7t4 b:o.sssl q.sanl srs.:tzl s37%l gr¿.esel 63s%l Lrt6.2æl 7,71%1 1.411.2801 9'19/.1 183s.839
zq.æs.ngl øz.w¡l za.eß.qEil 6s,4s%l 30.359.9211 74,u%l 3r.640.2ú1 76,1e/,1 32.û9.5401 7s'27"/.1 32.674 s72 tctl
rsql r erc aøl
ß.eo¿l 1.630.8ss1 1L67%l r.¡ø.sæl
Áa1%l
-26TÁ1 4ôs.s13l
42.692.265
çubtotødl 70 scholen
Koers en STOA 2025 -2029 Bovenstaande begrotingen van de scholen zijn vastgesteld door het CvB. ln de BSB-regel zijn twee onderdelen opgenomen. Ten eerste de begroting van het BSB, waarin kosten voor formatie, inhuur van expertise, accountant en adviseurs, hu¡svesting van het bureau en groot onderhoud van de scholen zijn opgenomen. Ten tweede is op deze regel een budgetreservering voor de uitvoering van de Koers 2025 -2029 en STOA 2025-2029 opgenomen. Een aantal posten is reeds toegekend in de begroting2O2S, bij de overige posten betreft het een
budgetreservering STOA 2025-2029. Stimulerings- en
STOAx €x1.000
2025 2026 2027 2028 2029 Totaal 1.453
283
293
293
293
293
180
180
180
180
180
900
s28
528
528
528
s28
2.æ2
Compensatie subsdie Brugfunctionaris Lyceum Ypenburg Biidrage Mercur¡us proiect Lvceum Ypenburg
r20
L20
70
0
0
310
98
0
0
0
0
98
Subtotaal I opsenomen STOA bijdraeen schoolbegrotingen Uitvoerins schoolplan RVWC en transitie Benodigde trans¡ties van scholen met dalende Ieerlingpopulaties en/of scholen met min¡male subsidieinkomsten + overige STOA initatieven
1.209
t.t2l,
1.071
1.001
1.001
5.403
pm
2.28t
2.28r
pm
Þm
4.562
Staseversoed¡nsen 9 scholen Ooleldinesschool vaste voet 9 scholen Bovenbouwreis com pensatie 6 scholen
Subtotaal 2
Iotaal STOA reservering
500
800
900
1.500
1.500
s.200
500
3.081
3.181
1.500
1.500
9.762
L.709
4.202
4.252
2.s01
2.501
15.165
De opgenomen budgetten (subtotaal L) betreffen budgetten die toegekend zijn aan de scholen voor
stagevergoedingen studenten, tegemoetkoming van kosten voor opleidingsscholen en het faciliteren bovenbouwreizen leerlingen. Dit wordt bekostigd door de inzet van de STOA-middelen (voorheen STIF). Afgesproken is dat de inzet van deze budgetten (inhoudelijk en financieel) na 2 jaar wordt geëvalueerd. Op dat moment kan besloten worden dat de inzet wordt beëindigd of gewijzigd. De reservering in de jaren 2025 - 2029 is bedoeld om invulling te geven aan het koersplan én de gewenste solidariteit met en tussen de scholen (subtotaal 2). Vanuit deze gedachte is in het verleden
een aanvraag van RL/VVC gehonoreerd. De verwachting is dat ook andere scholen de komende periode aanspraak zullen maken op deze reservering, omdat er trans¡ties nodig zijn ten gevolge van dalende/wijzigende leerlingpopulaties (afuloeiing personeel) of door het wegvallen van subsidies, terwijl de onderliggende vraagstukken niet uit de school verdwijnen. Zo is bijvoorbeeld de
zorgbehoefte op scholen hoger dan vóór Corona, terwijl de NPO-subsidie weggevallen zijn. Met deze budgetreservering bouwen we het bovenmatig vermogen af. Er blijft na de afbouw voldoende eigen vermogen beschikbaar om fluctuaties en risico's in de exploitat¡e op te vangen.
M ee rja re n begroti n g 2025-2029
[,u%l r.444.074
-397.60s1 -2.sæ/.1 .36L.87s1 -r,2a,41 -763.3'161 r,7ú/.1 223.947 2rol :.qas.68ol 8.96./.1 3.224Js71 g.1splol 3.¡t8s.3791 9,4s/61 3j38,8111 r0,6s%l 4.336.281 ßo-66e1 t7.77./.1 3.2rs.o]Æ,l ß.M%l 2.2633691 ¿,st¡l t. 4t.e71l 3,Iú/61 s08.7841 -0,82/"1 -737.013 3.e65.99s1 77.ß%l 2.7sr.2721 8.þ%l 2.089.3871 8,2ú/.1 2.2t6.s751 9,3ú/.1 2.6033101 10'uÒ,41 3.777.618 -tçt tttl
10/22
B. l- Financiële toel ichti ng op stichtingsn iveau
Rijksbijdragen De totale rijksbijdragen volgen een patroon dat overeenkomt met de ontwikkeling van het
leerlingenaantal en de verwachte indexering van de lumpsum.
Aantal leerllngen op teldatum
Lyceum
Maerlant
Mar¡s
RIIWC
Segbroek
7.796
745
1.910
7.261
2.378
1.310
831
1.910
1.348
2.297
1.506
!.362
892
2.032
7.445
2.283
910
1.618
1..41,4
961
2.120
7.478
2.339
795
969
1.696
7.454
1.003
2.254
1.477
2.291,
284
829
1.103
t.752
1,.443
1.046
2.4t3
1.456
2.260
998
24A
802
1.245
1.798
1,.446
1.054
2.608
7.444
2.223
1 oktober 2019
14.O97
998
235
a74
1.40s
1.896
1.403
1.070
2.694
1,.442
2.134
1 oktober 2020
1,4.263
7.O72
270
831
1.539
1.999
1,.3r2
7.712
2.7 64
7.423
2.O67
2.O39
1.319
1.139
2.832
r.367
1.986
2.426
1.363
2.053
lotaal
Dâlton
€lnder
¡letânum
HML
JWS
1 oktober 2012
T1,79L
990
254
753
937
1,.427
L oktober 2013
72.744
996
267
771
944
7.464
1 oktober 2014
12.5r9
993
290
776
940
1 oktober 2015
72.89r
999
297
767
1 oktober 2016
13.234
992
303
1 oktober 2017
13,576
990
1 oktober 2018
13.866
i ncl us i ef vavol
eerl i ngen
YDenburc
1 oktober 2021
14.436
7.O29
203
840
7.682
L oktober 2022
14.898
1.031
200
a29
1.681
2.497
t.293
7.r25
i. oktober 2023
15.048
1.O30
222
813
1..670
2.662
t.209
1.118
2.A36
!.274
2.270
1 oktober 2024
74.772
1.030
)23
815
1.610
2.662
1.150
1.130
2.704
L.273
2.23r
1 oktober 2025
L4.587
1.030
223
815
1.610
2.486
1.125
1.130
2.763
1.108
2.297
1.063
1.130
2.&4t
1.048
2.353
L oktober 2026
74.470
1.030
226
815
1.610
2.354
! oklobel 2027
74.294
1.030
2to
815
1.610
2.221
L.O22
1.130
2.465
7.OL2
2.363
1 oktober 2028
74.275
1.030
230
815
1.6L0
2.227
1.028
1.130
2.865
997
2.349
1 oktober 2029
74.246
L.030
230
815
1.610
2.205
1.040
1.130
2.860
997
2.329
98
100
100
100
vb
100
95
101
95
95
101
I
ndex I eerl i ngengro ei 2024 t.o.v.2023
Het aantal leerlingen laat de komende jaren een kleine daling zien van (2029 versus 2024) van 3,6%. De belangrijkste reden hiervan is de verwachting dat bij Johan de Witt het aantal leerlingen (waarvan het overgrote deel ISK-leerlingen) met circa 460 terugloopt. Ook Lyceum Ypenburg en Rijswijks
Lyceum/WC voorzien een daling in het aantal leerlingen. De andere scholen behouden een constant leerlingaantal of voorzien nog een lichte stijging, grotendeels bepaald door de capaciteit van de huisvesting. Het Segbroek College zag in 2023 een grote stijging en verwacht deze stijgende lijn tot en met 2027 door te zetten. Overige subsidies OCW - NPO De NPO-inkomsten zijn ontvangen tot en met 2023, terwijl de uitgaven zich uitstrekken tot en met 2O25. De volgende tabel laat de beschikkingen en de bestedingen per school zien van de subsidie
Nationaal Programma Onderwijs.
2022
2021
aeattre
Totâal subs¡d¡e
subsdte
NPO
1ôa
35:
141
49:
sa2
2a',
qML
1078
tws
125Á
91! 78C
icwiì!c I v.eÍñ/ván Vredenhurch Cóllese
tesbroek colleee
65;
9t
Meerja ren begroti ng 2025-2029
ml
z7¿
329
972
71
n9l
3311
N
0l
7aq
14:
3631
2453
32f
Ml
¡t6l
2li
2osl 1a7l
3ßsl
Brll
r¿ogl
3sgl
nd
411
234¡
7Aa
17tA
30!
7Bl
380l
301
2218
T t
559{
13(
)1)11
21271
s3l
421
zoßl
rozol
436€
47i
16ml
105q1
tlu
2621
10rl
l1tr|
968!
@M
ffi 971
14 7r751
437!
1(
5n1
5C
2493
Ã3
¡184s
u¡tgev€n
32',
ß7
147f
tam
1
s6a;
268f
1ú
s5
s¿gl
38!
Totæl
202s
hvemothtl
zta
294)
gegÍoot l2enroenose
1562
1(
ao2
406:
)4)l
Maris colleee Ri
aealroue
I
€ x L0æ D€ tinder
|
kosten 2027 kosren 2o22lkoeten 20231 2024
NPO
2023
L7q 36f
Ê4
1g
l115
659(
145:
,(
43',
t714
s3t ß6f
4&
t1. / 22
De overheid heeft in 202L het NPO aangekondigd, bedoeld om de achterstanden door Corona weg te
werken. tn de jaren 2O2Lt/m2O23zijn de middelen verstrekt; t/m2025 kunnen de middelen besteed worden. Elke school heeft een NPO-plan opgesteld, bedoeld om de achterstanden voor de leerlingenpopulatie weg te werken. Deze plannen worden jaarlijks gemonitord en aangepast op basis van de evaluatie. VO Haaglanden ontving in totaal EUR 40,8 mln. ln 2023 zijn de laatste NPO-gelden ontvangen die vervolgens voor een aanzienlijk deel nog uitgegeven worden in2024 en2O25; hetgeen verklaart waarom de resultaten over deze jaren negatief zijn. De scholen zetten de NPO-middelen resultaatneutraal in: de lasten zijn gelijk aan de baten. Het resultaat van NPO wordt gerealiseerd op VOHniveau. De ontvangen, maar nog niet uitgegeven, middelen zijn in een bestemmingsreserve NPO opgenomen. Overige subsidies OCW - Basisvaardigheden De subsidie Basisvaardigheden is toegekend aan de scholen op basis van hun positie op de CBSindicator voor onderw¡jsachterstanden. De scholen die geen subsidie hebben gekregen moeten wel aan dezelfde normen voldoen. Hieronder zijn de verstrekte subsidies per school opgenomen, aangevuld met de geplande besteding Bas¡svaardigheden
Eerchlk*lng
Seschlkkl¡g
Eesch¡kklns
2022 (ln t€ ¿enen
2@3 {i¡ te zenen
2O4lln te z€nen
Tobal subs¡dle ¡a!lwâãrdlSheden
tm lull 20241
Reallsatê
Reallsôde
242
2ø
)ñ^
111!
Toualvltpen
lu¡svaadlgheden I
Ð:
?ot
ai
17@
ßIi ffi
8e8rcot I
8€Fot
1A
Ðx
ãI
ft6:
a6! 21ü.
É
p9
M
Æ
M
t7Á
re7
tÁl
Overige subsidies OCW - Werkdrukmiddelen Voor de subsidie Werkdrukverlichting zijn er door de medezeggenschap van alle scholen plannen gemaakt die worden uitgevoerd. Totool kosten De personeelskosten fluctueren zoveel mogelijk in lijn met de beschikbare middelen. Een aanzienlijk deel van de middelen voor NPO en Basisvaardigheden is geïnvesteerd in het aantrekken van extra onderwijsondersteunend personeel. Sommige scholen hebben ervoor gekozen om het personeel dat betrokken is bij het NPO-programma (deels) aan te houden na afloop van het NPO-programma, op
voorwaarde dat d¡t financieel haalbaar is. De afschrijvingen vloeien voort uit de investeringen, onder andere in de ventilatie van de klaslokalen
M e e rja re n begroti ng 2025-2029
12/22
C. lnvesteringen Onderstaand het overzicht van investeringen zoals opgenomen in de meerjarenbegroting. lnvesteringen 2025 (boven de e 20.000)
lnventaris
tcT
Leermiddelen Renovatie/
Nieuwbouw fotaal 2025
verbouw Datton Den Haag
c 49.000
€ 378.000
c 62.000
€ 267.000
Praktiikschoot de Einder e 180.000
c s0.000
€ 50.000
€ 190.000
€ 370.000
Gymnasium Haganum Haâgs Montessori Lvceum
c32.876
Joha n de Witt Schoten groep
€ 897.500
€ 3.110.000
Lvceum Ypenburg
€ 141.000
c 30.000
Maerta nt Lvceum
€ 20.000
Maris ColteÊe
c 750.000
Riiswiiks Lvceum/WC
€ 302.000
€ 30.000
SeÉbroek Cotltese
c 30.000
€ 589.000
€ 2.222.376
e4&6.000
€0
e755.500
€a
e7.æ:t.876,
c2.^^^.376
€ 4.rm6.000
€0
€ 755.500
€0
€ 7.383.876
subtotaal 70 scholen
e32.87G € 4.007.500
c 171.000
6 200.000
c 30.000
€ s0.000
€ 200.000
€ 1.150.000 € 3:t2.000 € 842.s00
€ 223.500
€0
BSB
fotaal scholen en BSB fotaal investeringen per laar (VOH [otaa[, boven de € 20.0001
totaal2S29
2025
2026
2028
2029
tcT
e2.222.376
c 1.537.000
€ 1.574.000
c 1.67l.396
c 827.000
€,7.837.Tr2
lnventaris Leermiddelen Renovatle/verbouw Nieuwbouw totaal
€ 4.406.000
c 280.000
cL.274.500
€ 120.000
€ 200.000
€ 6.280.500
c 6.150.000
€ 7.875.500
2027
€c € 755.50C
€ 320.611 € 430.000
€ 390.000
€ 150.000
€ 5.050.000 e 1.050.000 € 4.000.000 c0 €7.383.876 e2.247.000 €3.238.500 €3.318.007€,7t.177.000 €27.364.383
Toelichting: Voor de investeringen in2O25 zijn business cases opgesteld, die door het CvB zijn getoetst op doelmatigheid. Deze investeringen lopen deels door in 2026. ln2028 koopt een aantal scholen boeken waarop afgeschreven wordt in 4 jaar ln 2028 en 2029 is investeringsruimte gereserveerd voor de nieuwbouw van Maris Waldeck, HML en een Kunstcampus.
M ee rja re n begroti ng 2025 -2029
t3/22
D. Toelichtingen en financlële samenvatting op schoolniveau Dalton Den Haae heeft in de periode t/m 2025 moeite om met de beschikbare bekostiging een positief structureel resultaat te draaien. De school kan met haar leerlingpopulatie nauwelijks aanspraak maken op aanvullende subsidies. Door geplande interventies is het begrotingsresultaat vanaf 2027 toch weer positief. Daarmee wordt Dalton Den Haag een duurzaam, financieel gezonde school. Het sluitend krijgen van de begroting is het gevolg van het verminderen van het aantal docenten en ondersteunend personeel, door het fors verlagen van de taakuren, personeelsleden die met pensioen gaan worden slechts gedeeltelijk vervangen (bijvoorbeeld door het combineren van de vakken tekenen en handvaardigheid in een nieuw vak) en/ of vervangen door medewerkers in lagere schalen. Concreet betekent dit dat er wordt gestuurd op een OP van 6]. fte en een OOP van L2 fte. Dalton blijft inzetten op het bevorderen van zelfstandigheid en ontwikkeling van leerlingen o.a, door coachend mentoraat, kleine havo klassen in leerjaar 2 en 3,leerlingbegeleiding op maat en ontwikkeling van de Kleine(re) Daltonkernwaarden. Dalton gaat uit van een stabiel leerlingaantal van 1.030 leerlingen.
De Einder heeft te maken met de grote impact van het wegvallen van twee grote additionele subsidies; NPO in 2024 en Basisvaardigheden in 2025. Anderzijds is er sprake van nieuwe subsidies, namelijk de subsidie brugfunctionaris (EUR 120.000 per kalenderjaar) en ESF-subsidie (EUR 99.375 in
2025). De subsidie Brugfunctionaris wordt ingezet voor een project in samenwerking met de SGK,
gericht op partic¡patie (in het verenigingsleven en de buurt) door leerlingen en ouders. De Einder slaagt er - na jaren van negatieve resultaten - in om positieve resultaten te begroten. De formatie en het uitgavenpatroon sluiten de komende begrotingsperiode mooi aan bij de baten zonder daarbij de inhoudelijke doelstellingen uit het oog te verliezen. Praktijkschool de Einder heeft nu een gezonde financiële koers die in 2029 moet leiden tot een positief weerstandsvermogen. lnhoudelijke speerpunten zijn het ontw¡kkelen van een didactisch kader, het uitbreiden en verbeteren van profielen (o.a. aanbieden van sportprofiel, fiets- en autotechniek), het starten met het vak Engels in de onderbouw en een inductietraject voor nieuw personeel met als doel personeel te behouden. Het leerlingaantal van de Einder ligt rond de 225 met een (gewenste) toename naar 230 vanaf 2028. Aandachtspunt is het teruglopend aantal leerlingen dat regionaal een advies ontvangt voor het Praktijkonderwijs. Tegelijkertijd streeft de school in het kader van het bevorderen van inclusie ook naar schoolgrensoverstijgende samenwerking met VSO, andere vmbo's en met het MBO. Dit kan mede bijdragen aan een financieel duurzaam gezond perspect¡ef, Gvmnasium Haganum koerst op een stabiel leerlingaantal van 815 leerlingen en werkt de komende jaren met een relatief hoge formatie.
Haganum beoogt met deze formatie te voldoen aan goed personeelsbeleid, bijvoorbeeld door klassen relatief klein te houden en/of collega's meer tijd te geven voor onderwijsontwikkeling. De school zet de komende jaren ¡n op bestrijding kansenongelijkheid (gratis huiswerkbegeleiding), inclusief onderwijs (balansklas) en op verdere versterking van cyclisch werken en het creëren/stimuleren van een onderzoekscultuur bij docenten en secties. De balansklas is een nieuwe voorziening om leerlingen die om diverse (sociale, medische
of psychische) redenen niet in de reguliere les kunnen zijn, wel onderwijs te b¡eden op school. De balansklas voorziet in een behoefte van leerlingen (en ouders) om onderwijs op school te kunnen blijven volgen en werkt hopelijk tevens ontlastend en ondersteunend voor docenten, mentoren en afdelingsle iders. Haganum ¡nvesteert de komende jaren in het gebouw, waarbij de ruimte die het gebouw biedt, efficiënter benut wordt en er bovendien voldaan wordt aan bepaalde basale eisen op sanita¡r gebied.
Meerja ren begroti ng 2025-2029
t4/22
De (extra) formatieve inzet wordt in eerste instantie bekostigd uit resterende NPO-gelden (2025) en voor een deel uit de basisvaardighedensubsidie (2025 en 2026). Vanaf 2026 is er sprake van een
daling in het ondersteunend personeel van circa 1 fte in 2026 en 0,5 fte in 2027. Ook worden collega's die met pensioen gaan vervangen door medewerkers in lagere salarisschalen. De begrote tekorten in de periode 2025-2028 worden gedekt vanuit het hoge weerstandsvermogen van de school, in 2029 is er sprake van een positief financieel resultaat.
Haags Montessori Lvceum (HMLI beoogt de komende jaren een stabiel leerlingaantal te hebben van 1610 leerlingen en een gelijkblijvende formatie van L3L fte. Om tot een sluitende begroting te komen- ook na het wegvallen van de NPO-subsidie vanaf 2025 - is een aantal keuzes gemaakt. Zoals
het fors terugbrengen van inhuur, het terugbrengen van het aantal reizen, maar ook lagere afschrijvingslasten en afnemende onderhoudslasten vooruitlopend op de beoogde nieuwbouw in 2029. HML begroot vanaf 2026 positieve financiële resultaten. Het onderwijs van HML is volop in beweging met de focus op (verbeteren van de) leskwaliteit, basisvaardigheden, vrijheid in gebondenheid en toetskwaliteit. Voorop staat dat HML de kwaliteit van het onderwijs wil behouden en verbeteren o.a. door het trainen van docenten op het gebied van didactisch coachen en door de inzet van gedachtengoed van de transformatieve school. HML neemt deel aan de pilot onderwijstijd. Johan de Witt Scholengroep (JWSì verwacht deze begrotingsperiode een (stapsgewijze, maar forse) leerlingdaling; de school gaat van 2.662 leerlingen in 2025 naar 2.227leerlingen in 2028. De
verwachting van JWS is dat het aantal nieuwkomers (lSK-leerlingen) afneemt door politieke ontwikkelingen rond migratie en dat een aantal leerlingen overstappen naar de lslamitische school nu deze gaat uitbreiden. ln de meerjarenbegroting zijn de effecten van leerlingafname verwerkt; minder bekostiging en minder formatie. Johan de Witt is in staat de formatie te reduceren door het terugbrengen van inhuur en ondersteunend personeel. De formatie loopt terug van 278 fte in 2025 naar 268 fte in 2029.
ln 2O25lopen twee grote subsidies af; NPO en Basisvaardigheden. JWS heeft voldoende reguliere- en nieuwkomersbekost¡g¡ng en past uitgaven aan zodat er ook op termijn positieve financiële resultaten worden verwacht. Door diverse investeringen nemen afschrijvingslasten toen, anderzijds nemen kosten voor scholing van personeel af door een dalend leerlingaantal en afnemende formatie. Op de Johan de Witt Scholengroep betekent kwalitatief goed onderwijs dat elke leerling nauwkeurig
in beeld is, hun ontwikkeling zorgvuldig wordt gevolgd en er doelgericht wordt gewerkt aan het behalen van een diploma op het hoogst haalbare niveau. ln het schooliaar 2024-2025 zal de nadruk liggen op het verbeteren van de leskwalite¡t en resultaten, het verminderen van het verzuim door leerlingen. Sinds juli 2024 is de Johan de Witt Scholengroep de eerste geaccrediteerde openbare MYP-schoolin Nederland (Middle Years Program van het lB-onderwijsl.ln2024-2025 wordt het MYP verder uitgebreid met internationale onderwijsprogramma's, gericht op curriculumontwikkeling, personeelswerving en beleidsvorming. Lvceum Ypenburs verwacht dat het leerlingaantal verder terugloopt de komende jaren en heeft te maken met de impact van het wegvallen van twee grote additionele subsidies; NPO in 2024 en
Basisvaardigheden in 2O26. Zowel het teruglopende leerlingaantal als het afnemen van additionele subsidies zijn impactvol voor de meerjarenbegrot¡ng.
M ee rja re n beg rot¡ ng 2025 -2029
Ls/22
De formatie loopt vanaf 2025 - noodgedwongen- terug met circa 8 fte naar 101fte en neemt in de jaren erna stapsgewijs af tot circa 85 fte.
Lyceum Ypenburg heeft een aantaljaren negatieve structurele resultaten begroot, maar heeft ruimte om dat op te vangen met het hoge weerstandsvermogen. Ook zijn er nog diverse maatregelen die genomen kunnen worden indien andere scenario's zich voordoen. Deze maatregelen zijn niet verwerkt in deze meerjarenbegroting (zoals aanpassen van de lessentabel, duur van de lessen, organisatie van ons onderwijs, splitsingsnorm en taakbeleid)' ln de periode 25-29 staat kwalitatief goed onderw¡js met eerlijke kansen centraal, Hierbij wordt gefocust op goede lessen, schoolbrede aandacht voor de basisvaardigheden, het accent op talent, onderwijskundige doorlopende leerlijnen, het bevorderen van de motivatie en het eigenaarschap ten gunste van de doorstroom en het terugdringen van de tussentijdse uitstroom, de examenresultaten en de samenwerking binnen en tussen de secties. De school verkent scenario's om in te spelen op de voorziene leerlingdaling en ook op langere termijn een duurzaam financieel gezond perspectief te hebben.
Maerlant Lvceum heeft in de periode 2025-2029 drie accenten; wereldburgerschap, duurzaamheid en leerlingbegeleiding en deze zijn verweven in de meerjarenbegroting. Voor wereldburgerschap is Erasmus+ subsidie ontvangen, die in 2025 volledig besteed wordt. Maerlant heeft de volledige NPOsubsidie in 2024 besteed. De school kan met haar leerlingpopulatie nauwelijks aanspraak maken op aanvullende subsidies. Het lukt Maerlant-Lyceum toch om vanaf 2O27 een positief begrotingsresultaatte halen en dat zet door in de daaropvolgende jaren. Dit wordt gerealiseerd door het terugbrengen van de formatie door minder inhuur en het niet of slechts gedeeltelijk vervangen van medewerkers die met pensioen gaan De school koerst op een stabiel aantal leerlingen van 1130, omdat d¡t het maximumaantal leerlingen is dat kan worden gehuisvest in het monumentale gebouw.
Vanuit het verleden heeft Maerlant een negatief weerstandsvermogen waarvan de positie verder is verslechterd door een hoog ziekteverzuim in 2024 en daarmee samenhangende (vervangings)kosten in 2024. De verwachting is dat vanaf 2029 het weerstandsvermogen positief is. Maris College heeft nieuw kwaliteitsbeleid vastgesteld om te werken aan het realiseren en stimuleren van een cultuur gericht op het verbeteren van het onderwijs. De daling van het aantal leerlingen (2836 leerlingen in2023 naar 2708 leerlingen in 2024) in combinatie met het wegvallen van additionele subsidies NPO en Basisvaardigheden heeft zijn weerslag op de begrote formatie. ln 2024 is er sprake van circa 296 fte, dat loopt vanaf 2025 terug naar een stab¡ele formatie in2O27 van circa 27Ofte. Er wordt voor schooljaar25-26 en verder per locatie een formatieve taakstelling berekend voor zowel onderwijs- als ondersteunend personeel' De
formatieafbouw zal zo veel mogelijk plaatsvinden door natuurlijk verloop en het niet verlengen van tijdelijke contracten of uitbreidingen. Hoewel er weer een geleidelijke leerlingstijging wordt verwacht vanaf 2026 naar een stabiel leerlingaantal van 2865 vanaf 2028, gaat deze stijging stapsgewijs en is formatieve aanpassing daarop nodig. Dit resulteert in2O25 en2O26 in negatieve financiële resultaten. Om de onttrekking uit het (toereikende) weerstandsvermogen enigszins te temperen, wordt de reserve werkdrukmiddelen (EUR 824.000 opgebouwdin2O22l ingezet om de geleidelijke afbouw te faciliteren. Riiswiiks Lvceum/ Van Vredenburch Collese zet voortdurend en intensief in op kansengelijkheid en wil het onderwijs zodanig organiseren dat leerlingen in een grootstedelijke omgeving de beste kansen worden geboden om succesvolte zijn in hun onderwijsloopbaan én in de samenleving.
Meerja re n begroti ng 2025-2029
L6/22
Vijf interventles (van professor lnge de Wolf) vormen daarbij een belangrijk uitgangspunt: lnvesteer in goede leraren en goede en schoolleiders/ Begeleid of coach leerlingen die dat nodig hebben extra/ Betrek ouders bij het onderwijs/ Maak effectieve zorg en ondersteuning mogelijk/ Vergroot de belevingswereld va n leerlingen. Rijswijks Lyceum/ Van Vredenburch College verwacht een sterke daling van het aantal leerlingen (1291 op 1 oktober 2O24,verwacht leerlingaantal op 1 oktober 2029 is 997), waardoor ook de basisbekostiging (lumpsum) sterk terugloopt. Bezien over een periode van L0 jaar (2019 -2029) is daarmee sprake van een daling van circa3O%. Daarnaast is er sprake van het wegvallen van (aanvullende) bekostiging zoals NPO, Basisvaardigheden en praktijkgerichte VMBO GL/TL. De subsidie School en Omgeving blijft ondanks de aangekondigde versmalling in het Regeerprogramma voor de school behouden, maar op basis van een al eerder aangepaste methodiek wel op een
substantieel lager niveau dan enkele jaren geleden voorzien. ln deze begroting is de forse (financiële) uitdaging op hoofdlijnen uitgewerkt. Evaluaties van het huidige onderwijsconcept, scenario's voor de dalende leerlingpopulatie en inkomsten moeten nog plaatsvinden. Deze worden in de komende periode uitgevoerd en vervolgens vertaald in een benodigde transitie om te komen tot een onderwijsconcept dat aansluit bij de leerlingpopulatie en dat voor de school op termijn een duurzaam financieel gezond perspect¡ef oplevert. ln de voorliggende begroting is de formatie teruggebracht van 127 lte in 2025 naar 106 in 2028. Het
getoonde perspectief in de begrotingsjaren 2027-2029 is in deze fase indicatief en dient vooral als early warning. Segbroek College heeft als speerpunt gekozen voor het verbeteren van de basisvaardigheden op het gebied van taal, rekenen en burgerschap. Ook gaat er veel aandacht naar het verder ontwikkelen van de pedagogische lijn en wordt volop ingezet op formatief handelen. Dit alles om het leerrendement van de leerlingen te verbeteren. Het Segbroek College profileert zich sterk met de talentprogramma's. ln 2024-2025 volgen ongeveer 800 leerlingen een talentprogramma waarbij ongeveer de helft valt onder het topsporttalentprogramma. ln de afgelopen jaren is de sterke profilering als (topsport)talentschool verder geïntensiveerd. Dit heeft duidelijk positieve gevolgen
voor de naam, uitstraling en populariteit van de school. Het leerlingaantal blijft naar verwachting groeien tot 2363 in 2027, daarna wordt een lichte da li ng/sta bi lisatie ve rwacht ( het leerli ngaa ntal pe r L okt 2024 is 22311. tn de periode 2025-2028 blijft de formatie stabiel, net onder de 200. Dit is een lichte terugloop die wordt bewerkstelligd door minder inzet van inhuur en het niet of slechts gedeeltelijk vervangen van
medewerkers die met pensioen gaan. Maar ook door de optimale/ grotere bezetting van de klassen binnen de bovenbouw van met name het vwo. Hierdoor is er vanaf 2026 minder formatie nodig, Momenteel heeft het Segbroek College een breed aanbod binnen de kleine vwo-bovenbouwklassen'
M ee rja re n begrot¡ n g 2025 -2029
L7 /22
E. Balans
Hieronder staan de prognoses voor de balans. Door het uitnutten van de bestemmingsreserves voor NPO en Basisvaardigheden in 2024 en 2025 en door de STOA 2025-2029 neemt het totaal eigen vermogen de komende jaren af en wordt het bovenmatig deel van het eigen vermogen door de inzet voor het onderwijs stapsgewijs afgebouwd.
Balans EUR *1.ü¡0
37-t2-2023
3L-12-2024
3L-12-2025
3r-12-2026
EUR
EUR
EUR
EUR
EUR
Realisatie
Prognose
Prognose
Prognose
Prognose
20.344
23.390
24.750
22.536
23.636
160
r49
749
749
r49
20.504
23.539
24.299
22.685
23.785
3t-72-2027
Activa
vqste ddivo Møteriële voste odiva Fi nonciële voste activa Vaste oct¡vo, totaol
Vlottende qctívo
0
0
0
0
0
7.354 75.r72
5.s52
5.413
4.172
4.436
6s.646
s3.986
47.964
43.036
82.526
7I.r97
s9.399
s2.736
47.472
103.031
94.736
83.698
74.820
7L.257
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Eigen vermogen, algemene reserve
36.s20
43.6s2
4r.292
37.2r3
35.321
Ei ge n v e r moge n, beste mmi ngs re s e rv es
23.293
10.838
4.677
3.904
3.902
Voorzieningen
12.457
12.605
12.355
9.630
9.s60
Vorderingen Líquide middelen Vl otte n de o div a, totaa I
Act¡vd, totddl Pass¡va
Longlopende schulden
0
0
0
0
0
Kortlopende schulden
30.760
27.641
25.374
24.074
22.474
103.031
94.736
83.698
74.820
7L.257
Passiva, totaal
Financiéle kengetallen De overheid heeft een aantal financiële signaleringswaarden ontwikkeld waarmee de continuTteit van
een onderwijs¡nstelling gemonitord ka n wo rden. Deze zien toe op de ontwikkeling van de solvabiliteit, liquidite¡t, rentabiliteit en het eigen vermogen. Het verloop van deze signaleringswaarden ziet er op basis van de voorliggende begroting als volgt uit
voorVO Haaglanden: tlnanclële
rãtlo'3
Solvabilite¡t Solvabílite¡t ¡nclusíef voorzieningen L¡qu¡d¡te¡t (current
røt¡o)
f{orm nvt
xn4
NB
ñ¿6
wn
52,28%
s3,25%
54,34%
55,04%
iæ'6
67,23%
68,56%
67,39%
68,46./.
3,0s
3,18
3,07
3,17
r,89%
-3,39%
-2,82%
L,98%
¡ntern > L%
sedor > 0,75% Rentobil¡te¡t ten opzichte von bedr¡jÍsopbrengsten inclus¡eÍ rentebote >0 (3 ioren)
De rentabiliteit is in alle jaren negatief vanwege het verminderen van het bovenmatig vermogen.
M ee rja re n begrot i n g 2025-2029
L8/22
Normatief eigen vermogen De overheid heeft een signaleringswaarde voor het eigen vermogen vastgesteld waarmee berekend
wordt hoeveel eigen vermogen een onderwijsinstelling redelijkerwijs nodig heeft voor een gezonde bedrijfsvoering. o€w
EUR
' 1.000
ef eigen vermogen ¡ek e¡gen vermogen
2ß24
WE
29.899 33.432 ¿14.090 42.969
2lR.6
34.209 40.tL7
xtn 32.738 39.223
9.5t7
5.907
6.¿t85
ngsreserve NPO
2.91L
ngsreserve SHRM
3.676
2.4M
L.990
2.088
g na NPO en SHRM
7.Ø4
7.133
3.977
4.396
na aftrek alle BR
7.604
7.733
3.917
4.396
BR
Bove nmat¡
Als het eigen vermogen hoger is dan de vastgestelde norm dan wordt dat als bovenmatig bestempeld en wordt de onderwijsinstelling geacht daar een bestedingsplan voor te maken. Het bestedingsplan is door VOH vertaald in een STOA 2025-2029. Zoals in bovenstaande tabel af te lezen is daalt het
bovenmatig vermogen in 2027 naar EUR 4,4 miljoen door de inzet van de STOA.
M ee rja re n begrot¡ ng 2025 -2029
Le/22
F. Liquiditeitsbegroting Bovenstaande is uitgewerkt in een liquiditeitsbegrot¡ng voor 2025 en2O26. Er is naar verwachting de komende jaren geen vreemd vermogen nodig.
2025
tÀìleb€dr$x€ 1.tx)(),-)
æ @
!m r00æ
:&
æ ffi o
6Sæl
Æ1V
4391 3l
lotsJ uit@r qâH^ k¿r¿ñ¡¡-
1411 s_È
¿s111
lM
ffi
6ml l:ml
4s6l rml
!¡'||@l
1al
*nol
æ$d
Eagosl 4ß21 qazl
rslgl
4Þt1¡ 49æl 45s4 1a851 ¡s1rd 1s111 13æ81 tcl3q
51133
tK r
4ss€21 wA
2026
*?A1l æl
{ss7l
5t
1æl
ñ58
48۾
iAleb€dr4cðx€1000.¡
?tm
6@ :0æ0
sto to@
m m o
rôk ñiñâ bdrû ñtánd
ç:¡¡:l
leh.26
mil-26
næ-26
dæ 26
¿81101 ¿ls¡¡l
sgto2l 661641 604561 603$1 6û3791 60?561 5993d1 555781 55155 ì¡tt5¡ r¡g¡¡l ¿oseol rrg¡¡l r61i8¡ 1¡e751 15!t5l 206601 216511 Its52l tttszl leeo¡l 11ss2l ld85rl 162ü1 148521 t1852 16204l ra8s2l 266901 2u1¿l 1¿9151
¡ollol
¿ðs7l
M e e rja re n begrot¡ ng 2025 -2029
119751
197021 661G¡l 6û4561 603311 6!3791 602561 5993{1 5557E1 55¡561
J95td
20/22
G. Medewerkers en gebouwen 1,. Medewerkers De onderstaande tabel geeft een overzicht van de begrote bestuursformatie inclusief BSB.
2025 2026 2027 2028
ovenicht bestuursformatie gemiddeld per iaar FTE inzet directie scholen FTE lnzet OP scholen FTE inzet OOP scholen
subtotool L0scholen
20ã,
29,8
29,8
29,8
29,8
29,8
1.025,1
992,s
979,8
978,9
976,7
323,r
299,2
294,3
293,3
290,s
1.378,0
1.321,5
1,303,9
1.302,0
1.297,0
FTE inzet directie BSB
2,0
2,0
2,0
2,0
2,
FTE lnzet OP BSB
0,5
05
05
0,s
0,
27
27
31,3
30,4
29,5
6
FTE inzet OOP BSB
30,1
subtotaal BSB
t.352,8 t.33/.,? 1.331,5 1.326,4
l'40Í,.,t
TOTAATVO Haaglanden
29,4
Het aantal FTE fluctueert vooral door de inzet van formatie voor de subsidies NPO en Werkdrukvermindering. Sommige scholen kiezen ervoor om, na afloop van de NPO-middelen, de formatie (deels) langer in stand te houden ten behoeve van de onderwijskwaliteit maar anderen moeten de formatie afbouwen. Het personeelsverloop op sommige scholen is hoog (>20%l waardoor afbouw een natuurlijk verloop kent. Tegelijkertijd blijft het vinden van nieuwe docenten een u¡tdag¡ng. Op het BSB is in de komende jaren sprake van een relatief fors aantal medewerkers die met pensioen gaan. ln de begroting start de benodigde vervanging veelal net vóór het vertrek van deze medewerkers.
l0scholenleertingenperFTE,gemiddeldperiaar 2025
2026
2027
2028
2029
1.378,0
1,.32L,5
1.303,9
1.301,9
r.297
14.587
t4.470
74.298
1,4.275
t4.
otaal FTE inzet otãal aantal leerlingen Gemiddeld aantal
9
FTE
teerlingen per FTE per school
2025 L3,6
2028
2027
2026 L3,8
2029
13,9
L3,
5,4
5,3
5,3
t3,6
t3,6
L3,9
Dalton Den Haag Praktijkschool de Einder Gymnasium Haganum
5,3
5,4
13,3
13,4
Haags Montessori Lyceu m
L2,2
L2,3
12,3
12,3
Johan de W¡tt Scholengroep Lyceum Ypenburg
9,4
9,L
8,7
8,7
8,
tt,6
Ll,7
t2,L
L2,3
Maerlant Lyceum Maris College
13,0
L3,L
13,3
13,3
10,0
10,9
Lt,8 t3,2 Lt,o
10,9
10,
Rijswijks Lyceum/ WC
7,8
8,8
9,2
9,3
Co
M ee rja re n begroti n g 2025-2029
9
12,3
tL,8
2r/22
10 scholen leerlingen per FIE OP (cemlddeld
2025
2026 2027
2028
2029 976,
perfaer) otaal FTE inzet OP otaal aantal leerlingen emiddeld aantal leerli
' \oz5,r4'
gg2,A87
g7g,777
g78,837
74.587
14.470
L4.298
74.275
leerlingen per FTE OP per school
6
6
r FTE OP
2025
m26
2027
2ß29
20?ß
Dalton Den Haag
16,6
76,7
76,7
16,8
Prakt¡jkschool de Einder
153
15,6
15,8
15,2
14,6
Gymnasium Haganum
18,3
78,4
18,5
18,5
18,5
16,8
Haags Montessori Lyceum
16,7
76,7
76,7
16,7
76,7
Johan de Witt Scholengroep
72,4
11,8
tt,2
7r,2
7r,2
Lyceum Ypenburg
15,2
15,8
16,0
16,4
76,7
Maerlant Lyceum
16,3
16,5
16,6
76,7
76,t
Maris College Rijswijks Lyceum/ VVC
13,3
14,4
L4,6
14,4
74,3
10,6
71,6
12,7
72,3
72,5
Segbroek Collleee
ß,r
15,5
15,5
15,4
15,3
2. Gebouwen De meeste scholen zitten aan hun maximale (huisvestings)capaciteit en zien nauwelijks tot geen
ruimte voor uitbreiding. Een aandachtspunt daarbij is het verzorgen van voldoende capac¡te¡t
voor ISK-opvang, welke een grillig en moeilijk te voorspellen verloop kent. Naast de uitvoering van het reguliere MJOP staan er voor de komende begrotingsperiode twee grote projecten geagendeerd waarvoor nu de voorbereidingen worden getroffen. Dit zijn de nieuwbouw van Maris Waldeck in 2028 en het HML in 2029. Ook kent ons huisvestingsportfolio diverse monumentale panden, die, gezien regelgeving en kostenniveaus, extra complex zijn.
ln 2024 is een Strategisch Huisvestingsplan opgesteld, waarin ambities van VO Haaglanden zijn opgenomen. ln het najaar van 2024 wordt dit plan in de diverse gremia besproken en vervolgens goedgekeurd. Daarnaast wordt er beleid ontwikkeld op het gebied van duurzaamheid, installatieverantwoordelijkheid (E-installaties)en toegankelijkheid/inclusiviteit.
M ee rja re n begrot¡ n g 2025 -2029
22/22