CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RA 21 062 Omgevingsdienst Haaglanden - Begeleidende brief reactie zienswijze begroting 2022 Rijswijk.pdf

Forum Samenleving 31 augustus 2021, gemeente RijswijkBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken794 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bezoekadres

Zuid-Hollandplein 1 2596 AW Den Haag Postadres

Aan:

De gemeenteraad van Rijswijk

Postbus 14060 2501 GB Den Haag T (070) 21 899 00 E info@odh.nl I www.odh.nl

Datum

Uw Brief

Ons Kenmerk

Afdeling

Contactpersoon

Bijlage(n)

Uw Kenmerk

Zaaknummer

Team

Telefoonnummer

30-6-2021 1

4 juni 2021 21.043252

Betreft

Reactie ODH ingediende zienswijzen Begroting ODH 2022

ODH18201 -

Bedrijfsvoering Financiën

C.M.J. Veerman 0621561992 Email

Cees.Veerman@odh.nl

Geachte leden van de raad, Het Algemeen Bestuur (AB) van de ODH heeft uw zienswijze op de begroting 2022 in goede orde ontvangen en betrokken in de vergadering van 30 juni bij de beraadslagingen over de begroting 2022. Het AB dankt u voor de door u ingediende zienswijze. In de bijlage treft u de reactie van het AB aan.

Hoogachtend, Namens het AB

Drs. R.S. Noé Plv. directeur/secretaris

Reactie zienswijze Rijswijk begroting ODH 2022 Het Algemeen Bestuur (AB) heeft met genoegen vastgesteld dat u kunt instemmen met de voorgelegde begroting 2022. U heeft tevens aandacht gevraagd voor een aantal onderwerpen. 1. Indexering en stijging deelnemersbijdrage U constateert dat de indexering van de deelnemersbijdrage, zoals die is opgenomen in de Macro Economische Verkenning van september 2020, conform de gemeentelijke kaderbrief is toegepast en dat de verhoging van de deelnemersbijdrage een gevolg is van de overdracht van de asbesttaken. Ten aanzien van de begroting 2021 is vastgesteld dat de exploitatie geen ruimte bood om loon - en prijsbijstellingen endogeen op te vangen. Indien de lastenstijging vanwege de uitkomst van de caoonderhandelingen hoger uitkomt dan de gehanteerde loonindex blijft de eerder getrokken conclusie dat deze lasten niet binnen de huidige exploitatie kunnen worden opgevangen ongewijzigd. Opgemerkt wordt dat er in de primitieve begroting 2022 geen rekening is gehouden met de werkelijke lastenstijging over 2021 omdat deze lasten niet (volledig) bekend zijn. 2. Kostenstijging en Omgevingswet VNG en IPO hebben bij het Kabinet kenbaar gemaakt dat de kosten voor de implementatie van de Omgevingswet met inbegrip van de kosten van Omgevingsdiensten 1 tot 1,5 miljard euro bedragen.

Onduidelijk is of dit bedrag kan worden terugverdiend zoals het Kabinet veronderstelt. De verwachtingen van legesheffing als inkomstenbron zal in dit kader niet te optimistisch moeten worden ingeschat door de beperking van het verlenen van vergunningen zoals met de wet wordt beoogd. Het voornoemde bedrag heeft geen betrekking op eventuele structurele meerkosten. Een beeld over mogelijke structurele effecten kan pas na enige jaren ervaring met de uitvoering van de wet worden verkregen en zal alsdan, conform ook de bestuurlijke afspraken daarover, worden besproken of zoveel eerder indien nodig. De beoogde inwerkingtredingsdatum is thans voorzien op 1 juli 2022. Wij delen uw constatering dat de invoering van de Omgevingswet een lastenstijging van 10-12 procent tot gevolg kan hebben. Wij houden de verhouding tussen kosten en opbrengsten scherp in de gaten en sturen zo nodig bij. Uiteraard zullen wij zoeken naar mogelijkheden om intensiveringen als gevolg van de komst van de Omgevingswet binnen de reguliere exploitatie op te vangen waarbij het in het Koersplan 2018-2021 opgenomen uitgangspunt geldt dat een herstel van het evenwicht tussen lasten en baten niet mag leiden tot een vermindering van de kwantiteit en kwaliteit van de dienstverlening. 3.

Toekomstbestendige uitvoering van de VTH-taken De mogelijke financiële consequenties van de adviezen van de Commissie van Aartsen of het rapport Doorontwikkeling Zuid- Hollandse Omgevingsdiensten zijn afhankelijk van het al of niet overnemen van deze adviezen. Het primaat hiervoor ligt niet bij het bestuur van de Omgevingsdienst. Een kabinetsstandpunt over het rapport van Aartsen ontbreekt en ook over het rapport Doorontwikkeling Zuid-Hollandse Omgevingsdiensten heeft Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland nog geen standpunt ingenomen. 4. Overig U geeft aan dat door oplopende tekorten en onzekerheid over de ontwikkeling van de rijksgelden de gemeentefinanciën steeds verder onder druk komen te staan en dat de gemeenten in hun zoektocht naar financiële dekking zich niet expliciet tot gemeenschappelijke regelingen hebben gericht. In verband daarmee vraagt u te onderzoeken hoe in de begroting van de ODH besparingen gevonden kunnen worden o.a. door efficiënter te werken en het beperken van de overheadkosten. Wij delen u mede dat de in het Bedrijfsplan 2012 afgesproken doelstellingen (10% efficiencybesparing en een verlaging van de personele overhead van 23,6 naar 21,2%) de afgelopen jaren ruimschoots zijn gerealiseerd. In werkelijkheid is een efficiencybesparing gerealiseerd van ruim 14% en is de personele overhead inmiddels afgebouwd naar het minimumpercentage van 21,2%.

Verdere besparingen kunnen tot gevolg hebben dat niet meer kan worden voldaan aan het in het Koersplan 2018-2021 vastgestelde uitgangspunt ten aanzien van de kwaliteit en kwantiteit van de dienstverlening.

2

Dat laat onverlet dat wij kritisch blijven kijken naar mogelijkheden tot besparingen in aanloop naar een nog vast te stellen (op)volgend Koersplan.

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=418e599f-49c9-4506-8605-738840395f69