CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2025-2028

Raadsvergadering 5 november 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Algemene beschouwingen en begroting: Raadsvoorstel 2e halfjaarrapportage 2024 (RV 24-056)41.246 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

Mogelijke nieuwe grondexploitatie: woonwagencentrum De Strijp De gemeente is voornemens om in 2025 het woonwagencentrum De Strijp te herstructureren. De administratieve verwerking, mogelijk in de vorm van een (verplichte) grondexploitatie, is nog in onderzoek. De kosten en opbrengsten zijn thans opgenomen in het investeringsplan.

Beleidsproduct 8.3 Wonen en bouwen Wat willen we bereiken? De komende jaren zullen diverse woningbouw- en gebiedsontwikkelingen vorm krijgen. Zowel in RijswijkBuiten (zie paragraaf 8.2) als in de gebieds- en locatieontwikkelingen waar de gemeente zelf geen grondpositie heeft. In 2025 zet de gemeente in op het verder uitwerken van deze gebieds- en locatieontwikkelingen, het in gang houden van de bouwstromen en het actualiseren van beleid om passend woonaanbod te bieden. Het taakveld 8.3 Wonen en bouwen is uitgewerkt in vier onderdelen: • 8.3.1 Actualiseren beleid en beleidsuitvoering inclusief nieuwe taken • 8.3.2 Realisatie Stadsas (facilitaire gebiedsontwikkelingen) • 8.3.3 Realisatie en verkoop losse gebieds- en locatieontwikkelingen • 8.3.4 Energietransitie 8.3.1 Actualiseren beleid en beleidsuitvoering inclusief nieuwe taken De gemeente Rijswijk streeft naar een passend woningaanbod voor alle huidige en nieuwe bewoners. Dit omvat het creëren van voldoende betaalbare woningen en een divers aanbod dat tegemoetkomt aan de behoeften van verschillende aandachtsgroepen, zoals ouderen en minder zelfredzame doelgroepen. Een belangrijk doel hierbij is het vergroten van de sociale woningvoorraad, zoals beschreven in de notitie "5 sporen; op weg naar 30% sociale woningvoorraad" uit 2023. We willen

88

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

daarnaast ouderen en minder zelfredzame groepen langer in staat stellen om zelfstandig te wonen, wat vraagt om passende woonoplossingen. Door recente wetgeving, zoals de Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur, zal de gemeente in 2025 meer aandacht besteden aan het toezicht op woonruimten en de regulering van de volkshuisvesting. Deze wetgeving maakt het mogelijk om huurprijzen beter te reguleren en te controleren, waardoor de gemeente nieuwe taken krijgt op het gebied van handhaving en toezicht. Daarnaast voldoet de huidige Woonvisie, die dateert uit 2015 en in 2021 is geactualiseerd, niet langer aan de eisen die voortvloeien uit de vele veranderingen in de wetgeving en het (Rijks-)beleid op het gebied van volkshuisvesting. Daarom heeft de gemeenteraad via een motie verzocht om het volkshuisvestelijke beleid te vernieuwen, met als doel om dit vernieuwde beleid in de loop van 2025 gereed te hebben. In 2025 zal de gemeente bij bouwontwikkelingen nadrukkelijk sturen op de betaalbaarheid van woningen en het voortzetten van de woningbouwproductie. Dit is cruciaal om aan de woonbehoeften van diverse doelgroepen in Rijswijk te voldoen. De regionale woonzorgvisie, die in 2025 duidelijkheid zal bieden over de huisvestingsopgave voor diverse aandachtsgroepen, vormt een belangrijk onderdeel van deze strategie.

8.3.2 Realisatie Stadsas (facilitaire gebiedsontwikkelingen) De gemeente wil zoveel mogelijk groene gebieden behouden en verdichten in de al bebouwde delen. In de Stadsas wil de gemeente economische functies behouden en een kwaliteitsimpuls geven. Zo wordt het oude winkelcentrum aangepast naar een eigentijds en groen Bogaard stadscentrum, komt er een campus nabij het station Rijswijk (Kessler Park) en komen er nieuwe bedrijfsruimten en woningen in het Havenkwartier. Ook start de grootschalige sloop en nieuwbouw van het oostelijke deel van de wijk Te Werve waardoor daar een meer divers woningaanbod komt. De verschillende projecten zorgen voor de realisatie van grote aantallen woningen in de Stadsas. Zo is de bouw van onder andere The Orchard en Hof van Rijswijk in Bogaard stadscentrum in volle gang. In 2025 wordt naar verwachting gestart met verschillende grote bouwplannen binnen zowel Bogaard stadscentrum, Havenkwartier als Kessler Park. Hiervoor zijn en worden afspraken gemaakt met de ontwikkelende partijen en worden in 2025 meerdere planologische procedures doorlopen (voorheen: bestemmingsplan, nu wordt veelal met buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA's) gewerkt). Tot aan circa 2035 is de intentie om ruim 7.500 woningen en voorzieningen toe te voegen aan deze gebieden. Rijswijk streeft naar start bouw en het realiseren van ruim 5.000 nieuwe woningen in de periode 2025-2028.

Voor 2025 staat de oplevering van ongeveer 550 permanente woningen (naast flexwoningen) gepland. Voor de verkeersveiligheid en de gebiedsontwikkeling van Kessler Park heeft de gemeenteraad in 2024 een motie aangenomen voor de aanpassing van de Volmerlaan. Deze investering is opgenomen in programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat. De gebiedsontwikkelingen langs de Stadsas zijn in volle gang en lopen de komende jaren door. Anders dan RijswijkBuiten zijn de ontwikkelingen in de Stadsas geen grondexploitatie, maar facilitair. Net als bij RijswijkBuiten lopen deze ontwikkelingen langjarig en daarmee voor de verantwoording ook over meerdere begrotingen heen. Daarom is een passende verantwoordingsmethodiek nodig. Dit gaat de gemeente doen door in 2025 een Meerjarenprognose Gebiedsontwikkelingen (MPG) op te stellen. 8.3.3 Realisatie en verkoop losse gebieds- en locatieontwikkelingen Naast deze gebiedsontwikkelingen in de Stadsas werkt de gemeente in 2025 ook verder aan losse gebieds- en locatieontwikkelingen. Welke gelet op hun omvang, van belang zijn voor het vergroten van het aanbod van woningen, en ook in het voorzien van huisvesting van verschillende doelgroepen.

Het gaat hierbij onder meer om flexwoningen aan de Verrijn Stuartlaan en het Hof van Elsenburg en realisatie van sociale woningbouw op de voormalige Triaslocatie aan de Buziaulaan, aan de Godfried Bomansstraat, aan de Admiraal Helfrichsingel en aan de Sammersweg. Daarnaast speelt er een aantal initiatieven die nog in een pril stadium zijn, zoals de realisatie van woonzorgeenheden aan de

89

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

Burgemeester Elsenlaan. Ook de verkoop van De Voorde en het Oude Raadhuis pakt de gemeente verder op. Flexwonen Verrijn Stuartlaan en Hof van Elsenburg De gemeente heeft samen met Magis Real Estate, Rijswijk Wonen en Vidomes subsidie gekregen voor de huisvesting van onder andere statushouders in het pand aan de Verrijn Stuartlaan 2. Er worden hier 460 wooneenheden gerealiseerd in dit te transformeren, leegstaande kantoorpand. Naast dat er 1/3 van dit aantal woningen wordt gereserveerd voor statushouders en Oekraïense ontheemden, wordt ook 1/3 gereserveerd voor starters en 1/3 voor spoedzoekers. Voor starters wordt dan vooral gedacht aan jongeren die in Rijswijk op zoek zijn naar huisvesting. Naast de realisatie van een asielzoekerscentrum op de locatie Hof van Elsenburg (in het kader van de Spreidingswet), onderzoekt de gemeente de mogelijkheden voor het realiseren van een flexwooncentrum voor spoedzoekers op deze locatie. De gemeente werkt hiervoor een voorstel uit. Sociale woningbouwprojecten De gemeente wil het aandeel sociale huurwoningen in de stad op 30% houden. Om dit te borgen wordt ingezet op vijf sporen (vastgelegd in de notitie “5 Sporen: op weg naar 30% sociale woningbouw in Rijswijk”). Het beoogd resultaat is een versnelling van de geplande sociale woningbouw en een toename van het aantal te realiseren sociale woningen.

In samenwerking met de woningcorporaties is per spoor aangegeven op welke locaties wordt ingezet en wat daarvoor nodig is. De gemeente werkt concreet aan: • Sociale woningbouwplannen op bijvoorbeeld de locaties Godfried Bomansstraat en Sammersweg, waarbij de gemeente inzet op versnelling van deze projecten (spoor 0) • Realisatie van sociale woningbouw op gemeentelijke locaties zoals de Buziaulaan, de voormalige Trias-locatie waar seniorenwoningen worden voorzien. Beoogde datum van verkoop van deze locatie aan woningcorporatie Vidomes is medio 2025 (spoor 2). • Ruimtelijke uitwerking voor de locatie Marimbahal van het door de raad gekozen scenario met sportzaalfunctie en sociale woningbouw. In Q4 2024 ligt dit ontwikkelscenario ter besluitvorming voor in de raad (spoor 2). • De herstructurering en verdichting van bestaand bezit van corporaties in Te Werve Oost (als onderdeel van de gebiedsontwikkelingen binnen de Stadsas; spoor 3); • Een herstructurering en verdichting aan de Plataanstraat e.o. (Bomenbuurt): vernieuwing van de bestaande voorraad, waarvoor in het eerste kwartaal van 2025 de omgevingsvergunning wordt aangevraagd. (spoor 3) Verkoop van De Voorde en Oude Raadhuis De verkoop van De Voorde en het Oude Raadhuis zullen eind 2024 of in 2025 worden afgerond. Voor De Voorde dient een grootschalige cascorenovatie plaats te vinden, parallel aan het verkoopproces.

De kosten hiervoor worden naar verwachting gedekt vanuit de verkoopopbrengsten (zie ook paragraaf grondbeleid). Standplaatsen woonwagens In 2025 start de gemeente met de herstructurering van woonwagenlocatie De Strijp, op grond van het recent geactualiseerde “Projectplan herstructurering en overdracht woonwagenlocatie de Strijp” (2024). Deze herstructurering voert de gemeente uit in samenwerking met Rijswijk Wonen, met als uiteindelijk doel de overdracht van de locatie aan Rijswijk Wonen. De standplaatsen en woonwagens zijn momenteel nog in bezit van de gemeente. Dit bezit en de exploitatie van standplaatsen en woonwagens past niet bij het takenpakket van de gemeente. Rijswijk Wonen is bereid om de locatie over te nemen en de investering in nieuwe woonwagens op zich te nemen (zie ook paragraaf grondbeleid).

90

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

8.3.4 Energietransitie De gemeente wil in 2050 dat de gebouwde omgeving wordt verwarmd met duurzame energie in plaats van aardgas. De gemeente doet dit door: 1. Het energieverbruik te verminderen. 2. In verschillende wijken de overstap van gas naar een duurzame energiebron (elektriciteit en warmte) te maken. 3. Het bewustzijn te vergroten In 2025 wil de gemeente de volgende doelen bereiken: • Circa 480 woningen (waaronder 50 VvE’s) starten met (de voorbereidingen voor) het treffen van isolatiemaatregelen. • Het ecologisch onderzoek voor het opstellen van het soorten managementplan wordt uitgevoerd. • 20 ondernemers worden met een energiescan geadviseerd over verduurzaming van hun onderneming. • Het Warmteprogramma Rijswijk (herziening van de Transitievisie Warmte) wordt vastgesteld door de gemeenteraad. • De verkenning en planvorming voor de aanleg van het warmtenet in Rijswijk West wordt voorgezet en de gemeente start de voorbereiding van de aanleg van het warmtenet, indien de verkenning heeft geleid tot een samenwerkingsovereenkomst tussen HVC, Vidomes, Rijswijk Wonen en gemeente Rijswijk. • De gemeente start met het uitvoeringsplan en de daaropvolgende aanpassingen van het omgevingsplan (of buitenplanse omgevingsactiviteit) voor de aansluiting op het warmtenet in Rijswijk West. • De verkenning en ontwikkeling van het warmteoverdrachtstation wordt voorgezet.

Dit resulteert in een definitieve locatiekeuze en voorwaarden waaronder het station kan worden gebouwd. • De gemeente stimuleert de opwek van hernieuwbare elektriciteit in onbenutte ruimte. • De gemeente stelt aan alle basisscholen in Rijswijk de leerlijn Energietransitie beschikbaar voor educatie over de Energietransitie en geeft per jaar twee basisscholen de mogelijkheid om een door helden van de natuur begeleide energietransitieweek af te nemen. • In samenwerking met het Rijswijks Lyceum en de Energy Cave wordt een leermodule ontwikkeld over de Energietransitie en techniekonderwijs. Met inzet van bestaande en nog te ontwikkelen tentoonstellingen binnen de Energy Cave, wordt heldere, concrete en praktische informatie aangeboden over de energie- en warmtetransitie aan inwoners, ondernemers en VvE’s. Wat gaan we daarvoor doen? 8.3.1 Actualiseren beleid en beleidsuitvoering inclusief nieuwe taken In 2025 is het nodig om nieuw beleid te vormen en afspraken te maken over het uitvoeren van (nieuwe) taken. Dit gaat de gemeente doen door: • Beleid te actualiseren door een gemeentelijk Volkshuisvestingsprogramma op te stellen; • Woonbehoefte onderzoek te laten uitvoeren in het kader van het Volkshuisvestingsprogramma.

Zo brengt de gemeente de woonbehoefte van verschillende doelgroepen in Rijswijk in kaart; • Op basis van de Woonzorgvisie in te zetten op de huisvesting voor bijzondere doelgroepen; • Mee te werken aan de totstandkoming en uitvoering van de regionale woonzorgvisie; • In te blijven zetten op het vergroten van het aandeel sociale huurwoningen • De functie kwartiermaker seniorenhuisvesting voort te zetten; • de werkwijze taakuitvoering bij de Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur te implementeren; • Landelijke en regionale samenwerking te blijven voortzetten. Met het oog op de Omgevingswet en de Wet versterking regie volkshuisvesting stelt de gemeente in 2025 een gemeentelijk Volkshuisvestingsprogramma als opvolger van de huidige Woonvisie op. In dit programma neemt de gemeente een aantal wettelijk verplichte onderdelen op, zoals het nastreven van 30% sociale woningvoorraad en het beleid ten aanzien van de zogeheten aandachtsgroepen (op grond van het programma ‘Een thuis voor iedereen’). Ook het programma ‘Wonen en zorg voor

91

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

ouderen’, tevens onderdeel van de Nationale Woon- en Bouwagenda, neemt de gemeente in dit programma op. Per 1 januari 2025 dient de gemeente de handhaving op grond van de Wet betaalbare huur op zich te nemen. De gemeente moet daarbij gaan toezien op de huurprijzen van woonruimten. De nieuwe taken die voortkomen uit de Wet goed Verhuurderschap en Wet betaalbare huur kunnen niet zomaar door de Pandbrigade opgepakt worden. De Pandbrigade is immers hoofdzakelijk gericht op het tegengaan van meer specifieke misstanden. In 2025 zal de gemeente, in samenhang met het op te stellen Volkshuisvestingsprogramma en op grond van eerste ervaringen, uitwerken wat de financiële consequenties van deze nieuwe gemeentelijke taken zijn. Mede door de inzet van een kwartiermaker seniorenhuisvesting blijft de gemeente inzetten op woningen die aansluiten bij de behoefte van senioren, bijvoorbeeld door te letten op toegankelijkheid en door het toevoegen van bepaalde voorzieningen. In het Kessler Park komen er veel woningen bij die zijn gericht op de jongere doelgroepen en bij de campusontwikkeling. Daarnaast werkt de gemeente op verschillende locaties in de Plaspoelpolder (o.a.

Verrijn Stuartlaan, Hof van Elsenburg en Polakweg) aan de realisatie van flex- en transformatiewoningen gericht op specifieke doelgroepen zoals studenten, statushouders en Oekraïense ontheemden, en zogeheten spoedzoekers (zie ook Flexwonen Verrijn Stuartlaan en Hof van Elsenburg). Voor het opstellen van het Volkshuisvestingsprogramma en het bijbehorend woonbehoefteonderzoek stelt de gemeente een budget van 50.000 euro beschikbaar. Overige beleidsaanpassingen dekt de gemeente vanuit de reguliere budgetten. De (financiële en formatieve) impact van de Wet goed verhuurderschap en Wet betaalbare huur moet de gemeente nog inzichtelijk maken. Voor inhuur van de kwartiermaker seniorenhuisvesting is voor 2025 (nog) geen budget beschikbaar. Hier wordt vanuit het sociaal domein gewerkt aan een voorstel met dekking vanuit staande budgetten. 8.3.2 Realisatie Stadsas (facilitaire gebiedsontwikkelingen) De gemeenteraad heeft voor de gebiedsontwikkelingen Bogaard stadscentrum, Kesslerpark en omgeving, Havenkwartier, en Te Werve Oost duidelijke kaders vastgesteld. Deze kaders, vastgelegd in masterplannen of ontwikkelkaders, dienen als richtlijnen voor wat er gebouwd mag worden, welke eisen aan die bouw worden gesteld, en hoe de buitenruimte moet worden ingericht. De gemeente Rijswijk vervult een faciliterende rol bij de realisatie van deze vier belangrijke gebiedsontwikkelingen binnen de Stadsas.

Dit doet zij door de volgende acties: • De gemeente maakt duidelijke afspraken met ontwikkelaars over wat er gebouwd gaat worden en binnen welke tijd, budget en kwaliteit dit gerealiseerd moet worden. Hierbij worden ook afspraken gemaakt over de specifieke gemeentelijke inzet. • Door omgevingsmanagement in te zetten, bevordert de gemeente de afstemming tussen ontwikkelaars en gemeentelijke diensten, wat cruciaal is voor een soepele uitvoering van de projecten. • De gemeente begeleidt de plannen en levert integrale gemeentelijke producten zoals het omgevingsplan en buitenplanse omgevingsplanactiviteiten (BOPA). • De gemeente zet actief subsidies in om bouwplannen te stimuleren en versnellen, waardoor stagnatie in de projecten wordt tegengegaan. • De gemeente streeft naar inhoudelijke en financiële afstemming tussen de meerjaren investeringsprogramma’s voor de buitenruimte, zoals opgenomen in Programma 2 (Verkeer, vervoer en waterstaat) en Programma 7 (Volksgezondheid en milieu). Dit zorgt ervoor dat projecten efficiënt worden uitgevoerd. • De gemeente werkt aan het opzetten van een Meerjaren Prognose Gebiedsontwikkeling. • Gebiedsontwikkeling, die helpt bij het plannen en monitoren van de voortgang van de gebiedsontwikkelingen.

Met deze aanpak zorgt de gemeente ervoor dat de gebiedsontwikkelingen in de Stadsas niet alleen voldoen aan de gestelde kaders, maar ook efficiënt en effectief worden gerealiseerd, met oog voor tijd, geld, kwaliteit, en integrale samenwerking.

92

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

De ontwikkelingen binnen de Stadsas worden deels gefinancierd door het verhalen van kosten op de ontwikkelende partijen. Daarnaast heeft de gemeente verschillende subsidies verkregen om de kosten verder te dekken. Het doel is om de projecten zo veel mogelijk kostenneutraal uit te voeren, hoewel dit niet altijd haalbaar is. Dit komt door de tijdsperiode tussen het sluiten van een overeenkomst waarin kostenverhaal is vastgelegd en het moment van uitvoering. In deze tussenliggende periode kunnen kosten stijgen door inflatie en andere onvoorziene externe factoren, wat tot tekorten kan leiden. Ook kan de gemeente al kosten moeten maken voordat de inkomsten via kostenverhaal beschikbaar zijn. Omdat gebiedsontwikkelingen een lange looptijd hebben (10-20 jaar), zijn de baten en lasten niet gelijkmatig verdeeld over de jaren. In 2025 wordt daarom een Meerjaren Prognose Gebiedsontwikkeling (MPG) opgesteld om beter inzicht te krijgen in de financiële ontwikkeling gedurende de gehele looptijd van deze projecten en deze ook te kunnen verantwoorden. Investeringen in de openbare ruimte in relatie tot gebiedsontwikkelingen Een aantal noodzakelijke investeringen in de buitenruimte zijn niet uitsluitend gekoppeld aan specifieke bouwplannen en zouden ook zonder gebiedsontwikkeling uitgevoerd moeten worden. Hierdoor kunnen deze kosten niet volledig op de ontwikkelaar worden verhaald.

Om deze aanpassingen toch te realiseren, zijn investeringen nodig die opgenomen moeten worden in het meerjaren investeringsprogramma Wegen (Programma 2 Verkeer, vervoer en waterstaat). Voor de periode 2025-2028 gaat het om de volgende investeringen: • Herinrichting van de Kareldoormanlaan mede ten behoeve van de gebiedsontwikkeling Te Werve Oost, met een investering van €1,4 miljoen; • Vervanging van het asfalt van de Sir Winston Churchilllaan (tussen de Volmerlaan en de Burgemeester Elsenlaan) als geluidsreducerende maatregel voor de gebiedsontwikkeling Te Werve Oost. Deze extra kosten worden verhaald bij de ontwikkelaar en de uitvoering wordt geïntegreerd in het reguliere onderhoud. Voor 2027 is hiervoor een investering van €700.000 opgenomen in het beheerplan wegen; • Aanpassing van de Volmerlaan en de kruising Volmerlaan/Treubstraat/Kesslerpark ter bevordering van de verkeersstromen en ten behoeve van de gebiedsontwikkeling Kessler Park. Hiervoor is een investering van €1,3 miljoen gepland, waarbij in 2024 al een motie is aangenomen. 8.3.3 Realisatie en verkoop losse gebieds- en locatieontwikkelingen In 2025 blijven de diverse gebieds- en locatieontwikkelingen binnen de gemeente Rijswijk in volle gang.

De gemeente heeft hiervoor de volgende acties gepland: • De flexwoningen aan de Verrijn Stuartlaan worden opgeleverd en de mogelijkheden voor flexwoningen bij Hof van Elsenburg worden verder onderzocht; • De gemeente jaagt de sociale woningbouwprojecten aan; ◦ De projecten aan de Godfried Bomanstraat, Sammersweg en Admiraal Helfrichsingel worden verder gestimuleerd om de bouw van sociale woningen te versnellen. ◦ De locatie Buziaulaan wordt verkocht, en de verdere uitwerking van de plannen voor hofjeswoningen voor senioren op deze locatie wordt opgepakt. ◦ Na het raadsbesluit wordt de verdere ontwikkeling van de Marimbahal en omgeving voortgezet, met behoud van de sport(zaal)functie. Er wordt tevens onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor nieuwbouw van een sporthal. ◦ De herstructurering van Te Werve Oost (onderdeel van gebiedsontwikkeling Stadsas) en de herontwikkeling van de Plataanstraat worden verder uitgewerkt. Hiervoor wordt de opdracht voor de ingehuurde projectleider verlengd.

• De gemeente geeft vervolg aan de ontwikkeling van het woonzorginitiatief aan de Burgemeester Elsenlaan en faciliteert mogelijk nieuw ontwikkelingen passend binnen beleid en met oog op beschikbare capaciteit; • De gemeente draagt de exploitatie voor standplaatsen en woonwagens op locatie De Strijp over aan aan Rijswijk Wonen om de continuïteit en beheersbaarheid te waarborgen; • De gemeente renoveert en verkoopt locatie De Voorde. Het historisch karakter van het landhuis in de landgoederenzone blijft hierbij behouden; • De gemeente verkoopt na de nodige voorbereidingen het Oude Raadhuis. De publieke toegankelijkheid tot park Hofrust wordt behouden.

93

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

Met deze acties zet de gemeente zich in om de diverse projecten in 2025 voortvarend te realiseren, met speciale aandacht voor sociale woningbouw, strategische herontwikkeling van locaties, en het behoud van een goede balans tussen woningaanbod en ruimtelijke kwaliteit. De losse locatieontwikkelingen worden voor een groot deel gedekt uit het verhalen van kosten bij de ontwikkelende partijen (kostenverhaal) en zijn zoveel mogelijk budgetneutraal. Voor Flexwonen Verrijn Stuartlaan is een subsidie verkregen van 4,8 miljoen. Deze is deels in te zetten voor het onrendabele deel van de beoogde flexwonen bij Hof van Elsenburg. Voor de locaties Buziaulaan en Marimbahal (sociale woningbouwdeel) worden op basis van de planvorming grondopbrengsten geraamd. Deze zijn nu nog niet inzichtelijk. Voor de studie naar gebiedsontwikkeling Marimbahal is een voorbereidingskrediet van 150.000 euro beschikbaar. Voor de cascorenovatie van De Voorde neemt de gemeente een investeringskrediet van 1,3 miljoen op in de begroting. Naar verwachting (op basis van taxatie) kan deze investering goed worden gemaakt vanuit de verkoopopbrengst en mogelijk subsidie. Voor de herstructurering van woonwagencentrum Strijp neemt de gemeente een investeringskrediet van circa 1,6 miljoen op in de begroting. Daar staan geraamde grondverkoop baten van circa 200.000 euro tegenover. 8.3.4 Energietransitie 1.

Het energieverbruik verminderen Woningisolatieprogramma De gemeente biedt energieadviezen aan particuliere woningeigenaren en subsidie voor onderzoek aan VvE’s, zodat woningeigenaren persoonlijk advies krijgen over isolatiemaatregelen voor hun pand. De gemeente biedt subsidie aan woningeigenaren en VvE’s voor de uitvoering van isolatiemaatregelen. Daarnaast is er voor VvE’s subsidie om procesbegeleiding binnen de VvE te organiseren. Vanwege de financiële tekorten in de gemeentebegroting wordt de uitvoering van het Woningisolatieprogramma over meer jaren uitgespreid. Dit betekent dat de uitvoering van het programma wordt verlengd met 2 jaar (tot en met 2028). Ecologisch onderzoek voor het soorten managementplan In 2025 start het ecologisch onderzoek naar de aanwezigheid van gebouwgebonden beschermde diersoorten (vleermuizen, gierzwaluwen, spreeuwen en huismussen). Met de uitkomsten van dit onderzoek wordt een plan opgesteld voor bescherming van deze diersoorten bij isolatiewerkzaamheden, waarmee een gebiedsontheffing voor verduurzaming en renovatie van de gebouwde omgeving voor de hele gemeente Rijswijk wordt aangevraagd bij de Provincie Zuid Holland. Alle woning - en pandeigenaren kunnen gebruik maken van deze gebiedsontheffing als zij aan de slag gaan met isolatiemaatregelen en hoeven daardoor niet zelfstandig onderzoek te doen om aan de Wet natuurbescherming te voldoen.

Naar verwachting wordt de gebiedsontheffing medio 2026 verleend. Energiescans ondernemers Ondernemers die aan de slag willen met verduurzaming kunnen met het aanbod van een energiescan inzicht krijgen in welke maatregelen effectief zijn om energie te besparen, hoe vraag en aanbod beter op elkaar kan worden afgestemd en wat de kosten en terugverdientijd van deze maatregelen zijn. Hiermee faciliteren we ondernemers om duurzame keuzes te maken. 2. De overstap naar een duurzame Warmtebron

94

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

Warmteprogramma Rijswijk In 2025 wordt het Warmteprogramma opgesteld. De planning is om het Warmteprogramma eind 2025 vast te stellen in de gemeenteraad. In het warmteprogramma beschrijft de gemeente op welke manier er de komende 10 jaar gewerkt wordt aan het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Het Warmteprogramma is de opvolger van de Transitievisie Warmte Rijswijk die in december 2021 door de gemeenteraad is vastgesteld. Warmtenet Rijswijk west Voor de wijken in Rijswijk West wordt de planvorming voor de aanleg van een Warmtenet voorgezet. In 2025 moet er duidelijkheid zijn over de haalbaarheid van het warmtenet. Vanaf dat moment wordt gestart met een intensiever communicatie- en participatietraject richting inwoners. Met de uitwerking van het Warmteprogramma en een uitvoeringsplan wordt toegewerkt naar aanpassing van het Omgevingsplan. Verkenning en ontwikkeling van het warmteoverdrachtstation Het Warmteoverdrachtstation zet de warmte uit WarmtelinQ of een andere duurzame warmtebron over naar het lokale warmtenetwerk. In samenwerking met HVC en WarmtelinQ wordt onderzocht op welke locatie de WOS moet komen en onder welke voorwaarden dit kan. Stimuleren opwek hernieuwbare elektriciteit We stimuleren opwek van hernieuwbare elektriciteit, door de mogelijkheden voor zon- op- dak te onderzoeken en te stimuleren bij ondernemers, inwoners en energie coöperaties.

Daarnaast ondersteunen en stimuleren we het opzetten van lokale energiesystemen/hubs. We richten ons op kansrijke, onbenutte daken van gebouwen, geschikte infrastructuur en onbenutte terreinen zoals parkeerterreinen of fietsenstallingen en zoeken zoveel mogelijk de aansluiting op bestaande projecten en plannen. Zo kunnen we de schaarse ruimte multifunctioneel inzetten. 3. Bewustzijn vergroten Vanuit de leerlijn Energietransitie is voor leerlingen vanaf groep 1 van de basisschool tot en met groep 6 van het VWO van het voorgezet onderwijs en het technische deel van het MBO, lesmateriaal over de Energietransitie beschikbaar. In samenwerking met onderwijsinstellingen, gemeente Den Haag, Helden van de natuur en met inzet van de Energy Cave maken leerlingen kennis met de energietransitie en de baankansen die dat oplevert. De Energie Cave biedt ruimte aan tentoonstellingen en debat over de Energietransitie, waarmee leerlingen, inwoners, ondernemers en VvE’s een concreet beeld krijgen van de maatregelen en kansen binnen de energietransitie. Voor de uitvoering van de energietransitie heeft de gemeente een specifieke uitkering capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE) ontvangen. Deze middelen zijn bestemd voor de bekostiging van personele lasten. In de begroting is een werkbudget op genomen van € 326.970,- . Hieruit worden o.a.

onderzoeken en communicatie voor de warmtenetten, het warmteoverdrachtstation, het Soorten managementplan en het warmteprogramma betaald. De kosten voor de uitvoering van het Woningisolatieprogramma bedragen in 2025 € 1.453.800.

95

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

Algemene middelen en overig Algemene middelen en overig Bedragen x € 1.000

Lasten 2025

a) Lokale belastingen waarvan de besteding niet gebonden is: - Ozb eigenaren woningen - Ozb eigenaren niet-woningen - Ozb - Wet WOZ - Precariobelasting b) Algemene uitkeringen: - Uitkering uit het gemeentefonds c) Dividend: - Dividenden d) Overige algemene dekkingsmiddelen: - Overig Subtotaal algemene dekkingsmiddelen

Baten 2025

Saldo

8.219 7.440

25

8.219 7.440 -56 -237 25

172

134.660

134.488

129

1.145

1.016

2.266 2.861

554 152.043

-1.712 149.182

56 237

Vennootschapsbelasting Subtotaal vennootschapsbelasting

100 100

-100 -100

Onvoorzien Onvoorziene uitgaven Subtotaal onvoorziene uitgaven

50 50

-50 -50

Totaal

3.011

152.043

149.032

Toelichting In dit hoofdstuk worden de onderdelen van de algemene dekkingsmiddelen beknopt toegelicht. Grondslagen voor de meerjarenbegroting Grondslagen Aantal woningen Aantal inwoners

2025 29.500 60.806

2026 30.251 62.354

2027 31.025 63.950

2028 31.799 65.545

Lokale belastingen In de paragraaf lokale heffingen wordt nader ingegaan op beleidsuitgangspunten, ontwikkelingen op het gebied van lokale heffingen, de lastendruk en een vergelijking met andere gemeenten in de regio Haaglanden. Algemene uitkering uit het gemeentefonds In deze begroting 2024-2028 zijn de resultaten tot en met de meicirculaire 2024 verwerkt. Voor een uitgebreide toelichting op de ontwikkelingen van het gemeentefonds wordt verwezen naar de 2e Halfjaarrapportage onder algemene dekkingsmiddelen. Dividend Betreft het geraamde dividend 2025 van de BNG Bank en Stedin.

Algemene middelen en overig 96

Overige algemene dekkingsmiddelen De overige algemene dekkingsmiddelen bestaan vooral uit de gemeentelijke eigendommen, bezuinigingstaakstellingen, het structureel begrotingsoverschot en toegerekende uren Gemeente eigendommen Betreft de opbrengst van huren, erfpachten en dergelijke. De bezuinigingstaakstellingen 2025 bestaan uit: Omschrijving Ombuigingen maatschappelijk vastgoed Ombuigingen korting subsidie Totaal

Bedrag 225.000 314.000 729.000

Begrotingsoverschot In het coalitieakkoord heeft het college afgesproken dat ze streeft naar een structureel begrotingsoverschot van 0,5% van het begrotingstotaal. Toegerekende uren Onder algemene dekkingsmiddelen zijn de uren verantwoord van vooral de afdelingen Publiekszaken, Financiën, Grondzaken en Juridische zaken die werkzaamheden verrichten voor de producten belastingen en het beheer van vastgoed Onvoorziene uitgaven Om eventuele tegenvallers op te vangen bestaat de post onvoorziene uitgaven. Deze wordt gelijk gesteld aan de begroting 2025 voor een bedrag van structureel € 50.000. Onder uitputting kapitaallasten Naast het investeringsplan 2025-2028 bestaan nog niet gerealiseerde investeringskredieten, die we jaarlijks kritisch beoordelen. Naar schatting levert dit € 500.000 per jaar op.

Algemene middelen en overig 97

Overhead Wat gaat het kosten? Toelichting op de afwijkingen Programma / beleidsproduct (bedrag x € 1.000) Overhead 0.4 Overhead (beleidsproduct) Het Huis van de stad is inmiddels opgeleverd en volledig in gebruik genomen. In 2024 is het project overgegaan van de projectfase naar de beheerfase. Deze overgangsfase heeft zich nog gekenmerkt door verschillende overlopende zaken, waarvoor diverse incidentele kosten (huurkosten/leeg opleveren van Hoogvoorde en afboeking van restwaarde investeringen) zijn gemaakt. Deze kosten zijn met de 1ste halfjaarrapportage '24 uit de bestemmingsreserve Huis van de Stad onttrokken. De personele lasten van het ambtelijk apparaat stijgen ongeveer met € 4,4 miljoen. De belangrijkste oorzaken zijn: -€ 1,2 mln. omzetting van externe consulenten Jeugd en Sociale wijkteams naar interne formatie -€ 0,9 mln. door de lastige arbeidsmarkt voor het werven van ervaren juristen in combinatie met complexe dossiers is in 2024 incidenteel het inhuurbudget verhoogd in de 2e halfjaarsrapportage 2024. -€ 0,7 mln. uitbreiding formatie Informatiebeheer vanwege op orde krijgen capaciteit voor de ICT-omgeving -€ 0,5 mln. uitbreiding formatie voor afhandelen aanvragen vergunningen -€ 0,3 mln. reservering voor salarisstijging als gevolg hogere inschaling door groei naar 60.000+ gemeente -€ 0,3 mln.

correctie te lage begroting arbeidsvoorwaarden (reiskosten, thuiswerkvergoeding, Inconveniententoelage etc.). -€ 0,2 mln. voor Garantiebanen om aan de landelijke afspraken te voldoen. Deze budgetten worden in eerste instantie centraal geboekt, maar vervolgens doorbelast aan verschillende beleidsproducten. Bij de beleidsproducten kunnen er dan verschillen ontstaan ten opzichte van de begroting van vorig jaar. Indien dat van toepassing is, wordt dat bij het betreffende beleidsproduct benoemd.

Baten -

Lasten -79 -2.722

4.400

Wat willen we bereiken? Het doel van het overzicht overhead is om de overhead bij de gemeente beter zichtbaar te maken. Daarnaast ontstaat beter inzicht in de directe kosten die de gemeente maakt voor het leveren van haar producten en het halen van haar doelstellingen binnen de beleidsprogramma’s. Ook kan door het hanteren van een eenduidige systematiek een betere vergelijking met andere gemeenten worden gemaakt. Het overzicht van het totale apparaat en de onderverdeling naar de verschillende organisatieonderdelen is opgenomen in de paragraaf bedrijfsvoering. Hiermee wordt de raad inzicht geboden in de omvang en aard van de totale apparaatslasten van de gemeente. De beoogde effecten zijn: • Een transparant inzicht in de omvang en samenstelling van de overhead; • Een efficiënte en effectieve ondersteuning van het primair proces. Voor de definitie van Overhead wordt aangesloten bij het BBV: Overhead is het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van het primaire proces. Overhead bestaat uit: • Leidinggevenden primair proces (projectleiding valt hierbuiten). • Financiën, toezicht en controle gericht op de (eigen) gemeentelijke organisatie. • Personeel en organisatie. • Inkoop. • Communicatie. • Juridische zaken. • Informatievoorziening en automatisering (ICT). • Facilitaire zaken en huisvesting (inclusief beveiliging). • Documentaire informatievoorziening

Overhead 98

• Bestuurszaken en bestuursondersteuning. • Managementondersteuning primair proces. Voor toerekening van overhead aan grondexploitaties en investeringen heeft de commissie BBV een uitzondering gemaakt, aangezien het niet langer toerekenen een gat in de begroting zou veroorzaken. Begrote lasten 2025 21.640 60.452 82.092 -40.773 41.319

Onderdeel Materieel en kapitaallasten Personeel Eindtotaal apparaatskosten Naar programma's en investeringen Restant(=overhead)

Begrote baten 2025 9.319 86 9.405 315 9.720

Saldo 12.321 60.366 72.687 -41.088 31.600

Na toerekening van de directe lasten resteert een bedrag aan overhead van netto € 31,6 mln. In de programma’s worden alleen de kosten opgenomen die betrekking hebben op het primaire proces. Het centraal begroten van de kosten van overhead betekent dat het niet langer mogelijk is om uit de ramingen op de beleidsproducten alle tarieven te bepalen. Om deze reden dient op een andere wijze uit de begroting te blijken hoe de tarieven worden berekend en welke beleidskeuzes bij die berekening zijn gemaakt. Hierbij dient in ieder geval vermeld te worden welke overhead- en andere kosten, niet geraamd onder het beleidsproduct (lees: extracomptabel), toegerekend worden.

Beleidsindicatoren In de regeling beleidsindicatoren van BZK is een aantal indicatoren voorgeschreven die betrekking hebben op de eigen organisatie. Deze indicatoren worden hieronder weergegeven. Indicator

Eenheid

Formatie Fte per 1.000 inwoners Bezetting Fte per 1.000 inwoners Apparaatskosten Kosten per inwoner Kosten als % van totale loonsom + totale kosten Externe inhuur inhuur externen Overhead % van totale lasten

Jaarrekening 2023 9,65 8,57 € 920,59

Begroting 2024 9,63 8,51 € 1.089,09

Begroting 2025 9,98 8,94 € 1.210,23

23,2%

9,1%

7,2%

11,6%

12,0%

11,6%

De definitie voor overhead die is vastgesteld door de commissie BBV creëert een nieuwe discussie over de kosten van de gemeentebrede bedrijfsvoering en de toerekening hiervan. Omdat iedere gemeente anders is georganiseerd is het niet eenvoudig om de overhead met andere gemeenten te vergelijken. Er zijn bijvoorbeeld gemeenten die de bedrijfsvoering in een gemeenschappelijke regeling laten uitvoeren en daardoor minder fte per inwoner hebben. Deze diverse manieren van organiseren maakt een discussie over de overhead complex. We voeren benchmarks uit met andere gemeenten. Voorbeeld hiervan is de benchmark van Vensters voor Bedrijfsvoering die diverse aspecten van de bedrijfsvoering belicht. De groei van de gemeente leidt ook tot hogere inkomsten uit het gemeentefonds. Een deel van deze inkomsten wordt gereserveerd voor extra taken die met de groei gepaard gaan. Zolang deze gelden niet zijn toebedeeld aan het primaire proces worden deze nog toegerekend aan de overhead. Voor de ontwikkeling van de personeelsbegroting en de externe inhuur wordt verwezen naar de paragraaf Bedrijfsvoering.

Overhead 99

Paragrafen

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=7e995349-1f60-4633-a61b-38f8c22cf182