CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

IB 20 181 bijlage Actieplan Jeugd en Wmo.pdf

Forum Samenleving 19 januari 2021, gemeente RijswijkBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken17.082 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Regionale maatregelen Regionale maatregelen voeren we in gezamenlijkheid met de andere H10-gemeenten uit. Hiermee krijgen ze meer waarde, omdat jeugdzorg over de gemeentegrenzen gaat én ook zorgaanbieders niet enkel voor één gemeente werken. Regionale maatregelen worden in H10 verband opgezet en vervolgens vindt lokale implementatie plaats. Dit zijn dus maatregelen met sturing, coördinatie en verantwoording in regionaal verband en uitwerking in lokaal verband. De volgende maatregelen zijn op dit moment in gang gezet.

Integrale triage opzet Er is een verwijsprotocol opgezet tussen jeugdzorgaanbieders en huisartsen. Dit protocol voorziet erin dat verwijzers en zorgaanbieders weten wat de aard en eisen van bepaalde zorg zijn.

Richtinggevend kader Vanaf 1 januari 2021 zal gewerkt gaan worden met het richtinggevend kader. Dit is een instrument dat gebruikt kan worden om de omvang en duur van de toewijzing van jeugdzorg realistisch in te schatten en duidelijk vast te leggen. Bijvoorbeeld: een huisarts verwijst een inwoner door naar een jeugdzorgaanbieder. De jeugdaanbieder legt vervolgens een ’verzoek om toewijzing’ (VOT) voor jeugdzorg bij de gemeente dat binnen “het normale” aantal uren, zoals vastgelegd in het richtinggevend kader, valt. Vervolgens ontvangt de jeugdzorgaanbieder een bericht met daarin exact aangegeven hoeveel uur per week en tot wanneer zij deze hulp mogen inzetten. Professionals in het lokale team en ook jeugdzorgaanbieders worden met dit instrument voorzien van inzichten in passende duur en omvang van een jeugdzorgtraject op productniveau. Het gaat om een ’lerend’ referentiekader, dus geen absolute norm. In 2021 zal hier samen met aanbieders aan de ontwikkeltafels aan gewerkt worden. Hiermee kan de gemeente sturen op de trend dat trajecten steeds langer duren en intensiever worden. Momenteel werkt het jeugdteam hard aan het omzetten van lopende indicaties die deze begrenzing in de hoeveelheid en duur van zorg nog niet hebben.

Q-Controle Het richtinggevend kader maakt het mogelijk om met een Q-controle te gaan werken. Q staat voor quantity oftewel de hoeveelheid jeugdzorg. In het toewijzingssysteem wordt vanaf 1 januari 2021 automatisch een blokkade gezet als de maximaal toegekende hulp voor een jeugdige bereikt is. Vanaf dat moment kunnen geen declaraties ingediend worden. Als er toch nog jeugdzorg nodig is moet de aanbieder opnieuw in gesprek met de gemeente. Ieder kwartaal wordt een analyse gedaan bij welke aanbieders blokkades zich vaak voordoen; vervolgens wordt het contractgesprek aangegaan met deze jeugdzorgaanbieders.

Bestedingsruimte per aanbieder De regio H10 gaat per 2021 in de jeugdzorg werken met een bestedingsruimte per jeugdzorgaanbieder per gemeente. De bestedingsruimte wordt in de Resultaatovereenkomsten opgenomen per gemeente per aanbieder. De bestedingsruimte geeft voor het betreffende

Pagina 28

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma kalenderjaar het [maximaal] door de aanbieder bij de gemeente te declareren bedrag aan jeugdzorg weer, waarbij – onder voorwaarden – tussentijdse bijstelling gedurende het jaar mogelijk is. Dit middel is bedoeld als maatregel ter beheersing van kosten en resultaatsturing. Het uitgangspunt in de regio is dat de bestedingsruimte per aanbieder 95% van de (geïndexeerde) omzet uit 2019 is. Het totaal van de bestedingsruimte van alle in Rijswijk gecontracteerde jeugdzorgaanbieders is vastgesteld op € 12.829.697.

Fraudecontrole Het Servicebureau H10 heeft een tool aangekocht voor de opsporing van fraude bij aanbieders. De tool vereenvoudigt de controle op onregelmatigheden in de jaarrekeningen van zorgaanbieders.

Lobby landelijke politiek Vanuit de gemeenten wordt er een stevige lobby gevoerd in de richting van de landelijke politiek. De onderhandelingen met het Rijk over eerlijke financiële verhoudingen en voor meer structurele middelen voor de uitvoering van Jeugdzorg en Wmo lopen via de VNG. Op de Algemene Ledenvergadering van de VNG op 25 september 2020 zijn met ruime steun 7 moties aangenomen die hier op betrekking hebben. In de moties wordt het VNG bestuur onder andere verzocht om meer structurele middelen voor het sociaal domein voor alle gemeente te bepleiten. De motie ‘raden in verzet’ is van verdergaande strekking. Deze motie roept het bestuur op om in overleg te treden met het kabinet over structurele financiële armslag voor gemeenten en acties uit te voeren indien het rijk de gemeenten onvoldoende tegemoetkomt. Bij acties valt te denken aan opschorten van de overleggen met het rijk, voorbereiden van juridische acties over de opschalingskorting en het stoppen van (nieuwe) taken. Op 22 oktober heeft de VNG een brief gestuurd aan het kabinet, met daarin de boodschap die de leden op de ledenvergadering hebben uitgesproken, dat wil zeggen: -

Uitgangspunt bij herverdeling Gemeentefonds moet zijn ‘’de koek moet groter’’ Verwachting dat gemeenten vanaf 2021 volledig worden gecompenseerd voor werkelijke kosten jeugdzorg, als uitkomst van het onderzoek naar kosten voor jeugdzorg (uitkomsten in najaar bekend) - Noodzaak van structurele en incidentele oplossingen voor financiële tekorten De brief vormt de start van nieuwe gesprekken met het rijk.

Dekkingsplan begroting 2020 - 2023 Als onderdeel van de dekkingsvoorstellen in de begroting 2020 – 2023 heeft het Sociaal Domein reeds voor een bedrag van € 650.000 structureel bezuinigd.

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 29

Gertjan Willems en Siem Bosma

Hoofdstuk 8. Directe dekking Personeel Door het minimaliseren van uitvoeringskosten is er met ingang van het jaar 2021 een structureel voordeel. Bij de overheveling van de nieuwe taken WMO en Jeugd is in eerste instantie personeel ingehuurd voor werkzaamheden waarvan niet bekend was hoe deze werkzaamheden zich zouden ontwikkelen en of ze structureel zouden zijn. Omdat het inhuren van extern personeel aanzienlijk duurder is dan de kosten die betrekking hebben op eigen personeel is structurele inhuur omgezet naar arbeidscontracten bij de gemeente Rijswijk. Hierdoor is sprake van een besparing op jaarbasis van € 200.000. Door een heroriëntatie met betrekking tot uitbestede werkzaamheden is er een besparing op jaarbasis van € 700.000.

BUIG Het definitief macrobudget 2020 voor de gebundelde uitkering (BUIG) op grond van artikel 69, eerste lid, van de Participatiewet (Pw) is op 30 september 2020 bekend gemaakt en is ca. € 228 miljoen hoger dan het voorlopige macrobudget 2020 en € 302 miljoen hoger dan het definitieve macrobudget 2019. De bijstelling ten opzichte van het voorlopige macrobudget is een saldo van positieve en negatieve mutaties en vindt zijn oorsprong in de verwerking van de realisatiecijfers (volume en prijs) over 2019, nieuwe inzichten in de conjunctuur, effecten van rijksbeleid en de loon- en prijsbijstelling. Voor de gemeente Rijswijk betekent dit definitieve budget een voordeel van € 1.629.686 ten opzichte ven het voorlopige budget waarmee ten tijde van de 2e halfjaarrapportage gerekend werd. Op basis van de realisaties tot en met oktober 2020 en het bijgestelde definitieve budget zal er naar verwachting bij de jaarrekening een voordeel ontstaan van € 1.300.000. Bij het sluiten van de jaarrekening zal bestuurlijke besluitvorming worden gevraagd om dit voordeel (deels) te reserveren voor de tekorten op de jeugdzorg in het jaar 2021.

Hugo-gelden 2023-2024 De keuze om de tegemoetkoming van het kabinet om extra middelen voor Jeugd voor de jaren 20192021 voor drie jaar in de begroting op te nemen zou onder de huidige omstandigheden herzien kunnen worden. De grondslag daarvoor kan gevonden worden in de communicatie tussen het ministerie van VWS en de VNG inzake dit onderwerp. In een brief van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan de VNG is onderstaande passage opgenomen om gemeenten een grondslag te geven voor de meerjarenraming: “Zekerheid in de meerjarenraming Het is van belang dat de provinciale toezichthouders het voorgenomen onderzoek en de uitkomsten daarvan meeweegt in de beoordeling van de meerjarenraming in de gemeentelijke begroting. Het Rijk komt hiertoe in overleg met de provinciale toezichthouders tot een richtlijn ten aanzien van de meerjarenraming jeugd in de gemeentelijke begroting. Deze richtlijn wordt door de provinciale toezichthouder op uniforme wijze gehanteerd. De richtlijn is erop gericht dat de toezichthouder meeweegt dat er nog onderzoek loopt dat erop is gericht om een nieuw kabinet te laten besluiten over een passend budget voor 2022 en latere jaren. Hierdoor worden gemeenten in staat gesteld om in het licht van de afspraken een meerjarenraming in de begroting op te nemen voor uitgaven jeugd”.

Inmiddels is via de septembercirculaire van het Gemeentefonds ook voor het jaar 2022 al aanvullend budget beschikbaar gesteld en zijn landelijk de signalen van tekorten op jeugdzorg dusdanig dat ook voor de jaren 2023 – 2024 aanvullend budget verwacht mag worden. Bestuurlijke besluitvorming zal worden gevraagd om de eerdere keuze te herzien en het extra jeugdbudget ook in de begroting op te nemen voor de jaren 2023-2024.

Pagina 30

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma

Hoofdstuk 9. Transparant begroten De keuzemogelijkheden uit het traject Transparant zijn in onderstaande tabel ge-update. Deze keuzemogelijkheden betreffen mogelijkheden waarop in 2021 bestuurlijke besluitvorming kan plaatsvinden.

Update tabel transparant begroten

2021

2022

2023

2024

Ombuiging

Ombuiging

Ombuiging

Ombuiging

Aanvullende collectieve ziektekostenverzekering

0

100.000

100.000

100.000

Deze ombuiging zal worden bereikt door de bijdrage van Rijswijk aan aanvullende collectieve ziektekosten neerwaarts bij te stellen tot regionaal niveau.

Sociaal Fonds

0

5.000

5.000

5.000

Er zal gecontroleerd moeten worden wanneer beëindiging kan plaatsvinden op basis van de overeenkomst. Er vinden nu gesprekken plaats over het nieuwe beleid vanaf 2022. Het Sociaal Fonds is een samenwerkingsverband met de kerk. Dit zou beëindigd kunnen worden alleen zouden mensen die op basis van regelgeving net overal buiten vallen dan geen vangnet meer hebben.

Ooievaarspas

0

261.000

261.000

261.000

Omdat bij de Ooievaarspas getoetst wordt of iemand er recht op heeft, hoeft bijv. Stichting Kei niet meer te toetsen voor het uitvoeren van kind regelingen. Als de Ooievaarspas getoond kan worden, is namelijk helder dat iemand recht heeft op de kind regelingen. De Ooievaarspas stopzetten, betekent extra werk voor Stichting Kei omdat ze dan moeten gaan toetsen, de kosten daar zullen dus stijgen.

Communicatie

14.030

14.030

14.030

14.030

Dit budget wordt gebruikt voor folders en dergelijke.

0

50.000

50.000

50.000

Dit is een regeling op basis van bestuurlijke afspraken waarop een ombuiging mogelijk is. De regeling is bestemd voor ouders die gebruik maken van kinderopvang op grond van een sociaal medische indicatie vanwege het kind of zichzelf. De gedachte erachter is dat de kinderopvang geen eigen keuze is, maar wordt ingegeven door een externe noodzaak.

100.000

100.000

100.000

100.000

Dit betreft een wettelijke verplichting met ruimte voor gemeentelijk beleid. Een neerwaartse bijstelling kan daarom wel maar beperkt de actuele bestuurlijke ambities rond het WSP en

Product

Wet kinderopvang

Activering

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 31

Gertjan Willems en Siem Bosma FSP. Verdere neerwaartse bijstellingen van de budgetten zullen ten kosten gaan van het resultaat en zullen een negatieve werking hebben op de uitgaven BUIG. Ook heeft de gemeenteraad bij herhaling verzocht om beleid – en dus extra uitgaven – op het onderdeel participatie (of reintegratie van ca. 2/3 van het bestand dat nu niet wordt geactiveerd). Er is toegezegd dat hier een kadernota maatschappelijke participatie voor wordt opgeleverd. De meest actuele ontwikkeling betreft de door het kabinet gewenste extra impuls voor de crisisdienstverlening aan mensen die zijn getroffen door de coronacrisis. Daarover zijn onlangs op bestuurlijk niveau afspraken gemaakt in de regio. Diensten bij wonen met zorg

0

119.330

119.330

119.330

Dit betreft een subsidie die afhankelijk van de subsidievoorwaarden bezuinigd kan worden. Deze subsidie stimuleert het langer thuis kunnen wonen van hulpbehoevenden. Het wegbezuinigen van deze subsidie zal daarom leiden tot hogere uitgaven aan andersoortige zorg.

Wmo financiële ondersteuning

0

194.000

194.000

194.000

Deze uitgaven betreffen een tegemoetkoming in de meerkosten voor zorg bedoeld voor chronisch zieken.

Organisatie voor ouderenwerk

0

36.820

36.820

36.820

Deze subsidies zijn verstrekt aan organisaties die in het voorliggend veld opereren en gericht zijn op sociale samenhang en het voorkomen dat ingezetenen op maatschappelijke ondersteuning aangewezen zullen zijn. Het is een wettelijke taak om beleid te voeren voor deze doelgroepen

2.670

2.670

2.670

2.670

Deze uitgaven kunnen bezuinigd worden

Gehandicaptenwerk

0

28.160

28.160

28.160

Deze subsidies zijn verstrekt aan organisaties die in het voorliggend veld opereren en gericht zijn op sociale samenhang en het voorkomen dat ingezetenen op maatschappelijke ondersteuning aangewezen zullen zijn. Het is een wettelijke taak om beleid te voeren voor deze doelgroepen

Mantelzorg

0

0

0

0

Deze subsidies zijn verstrekt aan organisaties die in het voorliggend veld opereren en gericht zijn op sociale samenhang en het voorkomen dat ingezetenen op maatschappelijke ondersteuning aangewezen zullen zijn. Het is een wettelijke taak om beleid te voeren voor deze doelgroepen

Flankerend ouderenbeleid

Pagina 32

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Wijkwerk- en bewonersorganisaties

0

91.530

91.530

91.530

Deze subsidies zijn verstrekt aan organisaties die in het voorliggend veld opereren en gericht zijn op sociale samenhang en het voorkomen dat ingezetenen op maatschappelijke ondersteuning aangewezen zullen zijn. Het is een wettelijke taak om beleid te voeren voor deze doelgroepen

Vrijwilligersdag

0

11.060

11.060

11.060

Opheffing van de vrijwilligersdag

Collectieve verzekering vrijwilligers

0

10.610

10.610

10.610

Het betreft hier financiële ondersteuning van actieve Rijswijkse mantelzorgers en vrijwilligers in de vorm van een collectieve verzekering

400.000

450.000

450.000

450.000

Het volledige bedrag betreft het in de begroting 2020 – 2023 toegevoegde budget Bestuursopdracht Welzijn (eenzaamheid)

Organisaties voor vrouwenwerk

0

4.830

4.830

4.830

Deze subsidies zijn verstrekt aan organisaties die in het voorliggend veld opereren en gericht zijn op sociale samenhang en het voorkomen dat ingezetenen op maatschappelijke ondersteuning aangewezen zullen zijn. Het is een wettelijke taak om beleid te voeren voor deze doelgroepen

Emancipatieprojecten

0

23.340

23.340

23.340

Hier worden in de afgelopen jaren de regenboogactiviteiten mee betaald. Door geen of minder beleid te voeren op het gebied van emancipatie en inclusiviteit is een keuze mogelijk

Mantelzorg (transitie)

0

135.000

135.000

135.000

Het betreft hier financiële ondersteuning van actieve Rijswijkse mantelzorgers en vrijwilligers in de vorm van een mantelzorgvergoeding

Preventieve gezondheidszorg

0

110.000

110.000

110.000

Wettelijke taak waarvan het beleid op het gebied van sport en gezondheid teruggedraaid kan worden. Er is een uitvoeringsagenda voor 2 jaar opgesteld en zijn er samenwerkingen aangegaan met partners. Deze post zou met ingang van 2022 bezuinigd kunnen worden.

516.700

1.747.380

1.747.380

1.747.380

Bredewelzijnsorganisatie

Totaal:

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 33

Gertjan Willems en Siem Bosma

Hoofdstuk 10. Maatregelen in onderzoek en/of uitwerking Algemeen In dit hoofdstuk worden alle onderwerpen van onderzoek opgenomen. Het overzicht zoals onderstaand is opgenomen is niet limitatief en betreft het vertrekpunt van het actieplan. In de loop der tijd zal dit worden aangevuld met nieuwe onderwerpen van onderzoek. Landelijke actualiteiten met betrekking tot het terugdringen van kosten worden gevolgd en waar dit van toepassing is ook toegevoegd aan de lokale maatregelen. Bij het onderzoeken van de maatregelen zal er een financieel inzicht met betrekking tot het onderwerp en de eventuele besparing worden toegevoegd.

Randvoorwaarden uitvoeren maatregelen Om de maatregelen uitvoerbaar te maken, binnen de gewenste planning is het volgende nodig: - Veel van onderstaande maatregelen moeten in samenwerking met anderen worden uitgevoerd. Dit vraagt om tijd en inzet van betrokken medewerkers. - Het resultaat van onderstaande maatregelen kan ertoe leiden dat bestuurlijke keuzes gemaakt moeten worden. Om een financieel effect te behalen moet het bestuur onderbouwde keuzes maken. - Sommige van onderstaande maatregelen vragen om een financiële investering op korte termijn. Hiervoor zal budget moeten worden vrijgemaakt.

Overzicht maatregelen in onderzoek Informele PGB Wat gaan we onderzoeken? Zorg vanuit de Wmo en de Jeugdwet kan door het sociale netwerk (informeel) van de hulpbehoevende worden geleverd. Hiervoor kan een informeel persoonsgebonden budget worden toegekend. De scheidslijn tussen gebruikelijke zorgtaken en professionele zorgtaken is per casus verschillend. Daarom gaan we een dossieronderzoek doen op cliënten met een informele PGB. Daarbij kijken we naar de gronden van ‘’boven-gebruikelijke’’ zorg en de combinatie met overige zorgproducten. De uitgaven voor PGB bedragen minder dan 5% van de totale kosten voor maatwerkvoorzieningen Jeugd. Bandbreedte onderzoek   

Vastgestelde kaders in het gemeentelijk PGB-beleid. 26 dossiers met in 2020 een PGB informeel. €510.000 informele PGB toegekend in 2020. Uitnutting rond 75%, dus €382.500.

Wat bereiken we hiermee? Inzicht biedt mogelijke resultaten met een financieel effect:  Informele PGB wordt onterecht toegekend  Andere zorg naast de PGB wordt onterecht toegekend  Er is passender zorg beschikbaar, die ook doelmatiger is. Herziening van PGB beleid voor informele PGB’s, om op basis van andere kaders te (her)indiceren. Wanneer is het klaar? Q4 2020 • Dossieronderzoek

Pagina 34

Q1 2021 • Mogelijkheden bijsturing bekend

Q2 2021 • Uitwerken keuzes op basis van resultaten • Financiele impact bekend

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Incidentele verstrekkingen Wat gaan we onderzoeken? Naast de in H10-verband ingekochte zorg wordt er lokaal ook zorg ingekocht en geleverd. Dit betreft bijvoorbeeld het Jeugdwetvervoer, maar ook noodoplossingen voor inwoners die tussen wal en schip belanden en (tijdelijk) een oplossing om erger te voorkomen wordt geboden. Het onderzoek richt zich op deze incidentele verstrekkingen waarbij we pogen te achterhalen wat de aard van de problematiek en verstrekte voorzieningen is. Bandbreedte onderzoek  

Lokale inkoop, buiten H10-verband Schatting omvang onderzoek €200.000 per jaar, waarvan €115.000 vervoersdiensten

Wat bereiken we hiermee? Inzicht biedt mogelijke resultaten met financieel effect:  

Is levering zorg noodzakelijk en meest passend? Is er een besparing mogelijk op bredere inkoop dan lokaal?

Wanneer is het klaar? Q1 2021

Q2 2021

• Onderzoek

• Resultaten bekend • Financiele impact bekend • Uitwerken keuzes op basis van resultaten.

Stapeling van voorzieningen Wat gaan we onderzoeken? Zowel binnen de verschillende wetten (Jeugdwet/ Wmo/ Participatie) als integraal doen we een analyse op stapeling van zorg. Het onderzoek richt zich op het aantal en soort voorzieningen dat één inwoner of één huishouden afneemt. Op casusniveau beoordelen we of de zorgcombinaties logisch en wenselijk zijn en aansluiten bij de gestelde doelen en (indien mogelijk) structurele oplossingen. Bandbreedte onderzoek 

Nog niet bekend, hiervoor moeten we verschillende informatiebronnen aan elkaar koppelen en daarop selecties voor dossieronderzoek maken.

Wat bereiken we hiermee? Inzicht biedt mogelijke resultaten met een financieel effect: 

Effectievere hulp en integrale ondersteuning aan huishoudens met problemen op verschillende levensgebieden (huisvesting, inkomen, schulden, verwaarlozing, sociaal isolement, psychische of psychosociale problematiek, jeugd- en opvoedhulp, huiselijk geweld, criminaliteit). Stapeling is onterecht, onwenselijk of onlogisch; aanpassen van dienstenpakket

Wanneer is het klaar? Q1 2021 • Onderzoeksplan opstellen

Actieplan Jeugd en Wmo

Q2 2021 • Informatiebronnen koppelen en selectie te onderzoeken dossiers maken

Q3 2021 • Dossieronderzoek • Resultaten onderzoek • Financiele impact bekend

Q4 2021 • Vervolgacties uit onderzoek implementeren in de toegang

Pagina 35

Gertjan Willems en Siem Bosma Leeftijd vs. voorziening Wat gaan we onderzoeken? In het onderzoek naar geïndiceerde voorzieningen in verhouding tot de leeftijdscategorie waarin de hulpbehoevende zit is het mogelijk om gericht tot maatregelen te komen die de hele groep kan helpen. Bandbreedte onderzoek  Jeugdigen van 0 – 18  Jeugdigen 18 - 23  Circa 1400 unieke cliënten Wat bereiken we hiermee? Inzicht biedt mogelijke resultaten met een financieel effect:  Schaalvoordelen met leeftijdsgericht preventief werk  Besparing of verleggen rekening in verband met overloop verlengde jeugdzorg Het onderzoek is niet specifiek gericht op een concrete financiële besparing, want het financieel effect van preventie is niet hard te maken. Wanneer is het klaar?

Q1 2021 • Data analyse

Q2 2021 • Resultaten data analyse

Q3 2021 • Eventuele gerichte acties naar aanleiding van data analyse • Financiele impact bekend

Geld als eigen kracht Wat gaan we onderzoeken? Voor verstrekking van iedere voorziening moet worden beoordeeld of de aanvrager de hulpvraag op eigen kracht, uit het sociaal netwerk of in het voorliggend veld kan oplossen. Het onderzoek richt zich op de definitie van eigen kracht en of het juridisch haalbaar is om geld als eigen kracht te zien. Wanneer is die eigen kracht toereikend en vooral, wat zijn criteria op grond waarvan kan worden geconcludeerd of de eigen kracht toereikend is? Uiteraard zit hier, als het juridisch mogelijk is, een bestuurlijke keuze aan verbonden. Bandbreedte onderzoek 

Juridisch kader; Jeugdwet, Wmo, Participatiewet.

Wat bereiken we hiermee? 

Financiële draagkracht als eigen kracht meenemen in beoordelen kan leiden tot lagere instroom

Wanneer is het klaar? Afhankelijk van de doorlooptijd van het juridisch onderzoek is het streven Q2 2021.

Q1 2021 • Vraagformulering aan afdeling juridische zaken

Q2 2021 • Resultaten juridisch onderzoek bekend

Q3 2021 • Keuzemogelijkehden uitwerken

Verstrekkingen bij inactieve cliënten Wat gaan we onderzoeken? Het kan zijn dat inwoners wel een indicatie hebben voor een bepaalde of een aantal voorzieningen, maar deze niet worden gebruikt. Het onderzoek richt zich op deze ‘slapende’ cliënten; bestaan deze? Hoe groot is deze groep? En is het terecht dat deze cliënten nog een voorziening krijgen waarop een betaling plaats kán vinden?

Pagina 36

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Bandbreedte onderzoek  Jeugdwet en Wmo  Omvang nog niet bekend, data-analyse moet uitwijzen wat de omvang is van ‘slapende’ cliënten Wat bereiken we hiermee?  

Afsluiten voorzieningen, uitsluiten dat declaratie plaats vindt Afsluiten voorzieningen leidt tot beter inzicht in de som van toewijzingen en daarmee beter zicht op verplichtingen en daarmee prognose van lasten

Wanneer is het klaar?

Q1 2021 • Data analyse • Resultaten data analyse

Q2 2021 • Eventuele gerichte acties naar aanleiding van data analyse

Screening op onbekende aanbieders Wat gaan we onderzoeken? Zowel binnen de jeugdzorg als de Wmo zijn er veel zorgaanbieders die zorg leveren. Alle aanbieders die partij zijn in de (open-house) inkoop, en dus een contract hebben, kunnen zorg leveren en declareren. Het is de vraag of het wenselijk is met iedere zorgaanbieder ‘zaken’ te doen, met name als deze ver buiten de regio ligt, onbekend is of niet naar wens presteert. Het onderzoek richt zich op de exoten binnen het scala aan aanbieders om vervolgens te kunnen bepalen wat we met deze zorgaanbieders willen. Bandbreedte onderzoek 

In Haaglanden circa 375 zorgaanbieders, lokaal circa 100 aanbieders

Wat bereiken we hiermee? Gerichte samenwerking met zorgaanbieders leidt tot: 

Meer grip op zorgaanbieders, waardoor gesprek over en sturing op kosten en informatie beter mogelijk is.  ‘Wildgroei’ aan zorgaanbieders tegengaan. Deze maatregel is niet specifiek gericht op een concrete financiële besparing, want het financieel effect van intensiever contractmanagement is niet hard te maken. Wanneer is het klaar?

Q1 2021 • Data analyse • Resultaten data analyse

Q2 2021 • Eventuele gerichte acties naar aanleiding van data analyse

Woonplaatsbeginsel Wat gaan we onderzoeken? De hoofdregel is dat de jeugdige de woonplaats volgt van degene die gezag over hem/haar uitoefent. Deze woonplaats is niet altijd de plaats waar de jeugdige werkelijk verblijft. Jeugdigen van 18 jaar en ouder kunnen in uitzonderlijke situaties ook jeugdzorg krijgen. Jeugdzorg kan ook aan ouders worden toegekend, in de vorm van opvoedondersteuning. De gemeente waar de jeugdige zijn juridische woonplaats heeft is verantwoordelijk voor deze hulp. Ook als de ouder die de jeugdzorg aanvraagt in een andere gemeente woont.

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 37

Gertjan Willems en Siem Bosma Gemeenten zijn verantwoordelijk voor alle jeugdzorg die moet wordt getroffen ten behoeve van de jeugdige die zijn woonplaats heeft binnen zijn gemeente. Het onderzoek naar woonplaatsbeginsel heeft eerder plaatsgevonden en herhalen we om te controleren of er nieuwe gevallen zijn die op basis van het (complexe) woonplaatsbeginsel onder de verantwoordelijk van onze of een andere gemeente vallen. Bandbreedte onderzoek Dossieronderzoek op complete bestand (1400 jeugdigen) is te omvangrijk, daarom onderzoeken we gericht de massa met een uitzondering op de hoofdregel van het woonplaatsbeginsel. In eerste instantie zijn dat de volgende categorieën waarin eventueel een overlap is:   

14 jeugdigen met voogdij (2020 ca. €400.000) 23 jeugdigen 18+ waarvan postcode buiten Rijswijk ligt (2020 ca. €250.000) 38 jeugdigen 18+ met een verblijfsvoorziening (2020 ca. € 1 mln.)

Wat bereiken we hiermee? Het uitgangspunt is dat het woonplaatsbeginsel juist wordt toegepast, omdat de controle hiervan in het proces van toewijzing en declaratie is vastgelegd. Mogelijke afwijkingen zouden kunnen leiden tot:  

Verleggen van de rekening voor geleverde zorg naar andere gemeente Verleggen van de zorg op grond van andere wet

Wanneer is het klaar?

Q1 2021

Q2 2021

• Dossieronderzoek

Q3 2021

• Resultaten onderzoek • Financiele impact bekend

• Eventueel: • verleggen rekening • aanpassen proces

Doorlooptijd van de voorziening Wat gaan we onderzoeken? De doorlooptijd van de voorziening moet in logisch verband staan tot de aard van het product. We hebben geen signalen dat de doorlooptijd niet klopt, maar willen starten met een data onderzoek op doorlooptijd van een voorziening. Hierbij richt het onderzoek zich op opvallendheden waarbij bijvoorbeeld kortdurende zorgproducten een lange doorlooptijd hebben. Als we hierin onregelmatigheden ontdekken zal het onderzoek zich uitbreiden naar casuïstisch onderzoek en gesprekken met betreffende zorgaanbieders. Bandbreedte onderzoek  Nog niet bekend, hiervoor moet eerst worden vastgesteld welke definities we vaststellen om de massa van onderzoek te bepalen Wat bereiken we hiermee? Inzicht biedt mogelijke resultaten met een financieel effect:  

Voorzieningen die een niet passende doorlooptijd hebben worden afgesloten of omgezet Doorlooptijd voorzieningen neemt af.

Wanneer is het klaar?

Q1 2021 • Data analyse • Resultaten data analyse

Pagina 38

Q2 en Q3 2021 • Eventuele gerichte acties naar aanleiding van data analyse

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma

Declaratie bestand 2020 controleren op onregelmatigheden Wat gaan we onderzoeken? De declaraties van zorgaanbieders worden grotendeels verwerkt door het Servicebureau H10 en deels lokaal. Het systeem is zo ingericht dat declaraties enkel worden goedgekeurd als ze aan bepaalde eisen voldoen. Zo moet er:  Een geldige indicatie binnen de periode van declaratie zijn,  Mag er over deze periode niet eerder zijn gedeclareerd,  Moet de jeugdige onder het woonplaatsbeginsel van de gemeente vallen  en andere checks. We gaan een controle doen op het declaratiebestand van 2020 of er onregelmatigheden zitten in de goedgekeurde declaraties om zeker te weten dat de systeemregels werken en er eventueel gevallen tussen zitten die wel aan de eisen voldoen, maar niet wenselijk zijn. Bandbreedte onderzoek  Het volledige declaratiebestand 2020 (circa 20.000 tot 25.000 declaraties) Wat bereiken we hiermee? Inzicht biedt mogelijke resultaten met een financieel effect:   

Het corrigeren van foutieve of dubbele declaraties Het voorkomen van foutieve of dubbele declaraties Inzicht in declaratiegedrag van zorgaanbieders

Wanneer is het klaar?

Q2 2021 • Data analyse

Q3 2021 • Resultaten data analyse • Financiele impact bekend

Q4 2021 • Eventuele gerichte acties naar aanleiding van data analyse

T-medewerker in het jeugdteam Wat gaan we onderzoeken? De hulpvraag wordt vastgesteld door een medewerker in de toegang. Dit kan in geval van jeugdzorg ook een andere verwijzer zijn dan de gemeente: huisarts, jeugdarts, medisch specialist, gecertificeerde instelling of de rechtbank. Welke zorgoplossing er vervolgens geboden wordt is niet altijd makkelijk te bepalen, gezien de vele zorgaanbieders en verschillende producten en diensten. Er wordt een Toetser (T-medewerker) aangenomen die een brug slaat tussen de consulenten Jeugdteam, de toewijzing voor de jeugdige en de aanbieders van de Jeugdzorg. Deze medewerker zal ook zorgdragen voor meer kostenbewustzijn bij de consulenten Jeugd. Deze medewerker voert de volgende taken uit: - De T medewerker gaat het gesprek aan met collega’s consulent jeugd. Waarbij de consulent jeugd vooral het wat formuleert en T-medewerker ondersteunend is in het hoe (middel, prijs, omvang en duur). - De T medewerker voert een data analyse uit rondom de declaraties om opvallende zaken gedegen te onderzoeken. - De T medewerker gaat het gesprek (dialoog) aan met de jeugdaanbieder op. Door actieve sturing op productkeuze op dossierniveau krijgen we meer grip op de externe verwijsstroom en wordt er gerichter zorg toegewezen. Eventuele signalen over gedrag van zorgaanbieders wordt door de contractmanager Jeugd besproken met de zorgaanbieder.

Bandbreedte onderzoek  Alle nieuwe toewijzingen zitten in de review door de T-medewerker Wat bereiken we hiermee? De verwachting is dat naast een kwaliteitsimpuls, een financiële besparing op kan treden. Wanneer is het klaar?

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 39

Gertjan Willems en Siem Bosma

Q1 2021

Q4 2020 • Opstellen profiel en takenpakket T-medewerker • Werven T-medewerker

• Start T-Medewerker in jeugdteam

Rust in de begroting Wat gaan we onderzoeken? De schommelingen in prognoses ontstaan doordat we nieuwe productieoverzichten ontvangen die heel anders zijn, declaratie achterstanden worden ingehaald of in de nieuwe maanden een grotere stijging van aantal jeugdigen met eventueel zware producten plaats vindt. We onderzoeken op welke manier de schommelingen in de verwachtingen van het Servicebureau H10 tot het minimale kunnen worden teruggebracht. Bandbreedte onderzoek  Samenwerking met H10-servicebureau  Databestanden optimaliseren waarop prognose gedaan wordt Wat bereiken we hiermee?   

Betere voorspelbaarheid van de lasten Minder schommelingen in prognose Minder afhankelijkheid van zorgaanbieders in prognose

Wanneer is het klaar?

Q1 2021

Q2 2021

• Afstemming in H10-verband met Servicebureau • Onderzoeken prognose Servicebureau op mogelijke verbeteringen

• Beoordelen mogelijkheden aanpassen Prognose servicebureau

Keuzemogelijkheden subsidies Wat gaan we onderzoeken? Alle subsidies zullen opnieuw beoordeeld gaan worden. Bandbreedte onderzoek  Alle subsidies die binnen het sociaal domein (programma 6) vallen Wat bereiken we hiermee?  

Inzicht in verstrekte subsidies en ontwikkeling daarvan door de jaren Keuzemogelijkheden in hoeverre besparingen mogelijk zijn

Wanneer is het klaar?

Q1 2021 • Inventarisatie ter beoordeling subsidies

Pagina 40

Q2 2021 • Beoordeling subsidies • Inzicht wettelijke /niet-wetttelijke taken

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma

Verwante wetgeving Wat gaan we onderzoeken? Er zijn grijze gebieden in het onderzoek vanuit welke wet (en budget) zorg geleverd dient te worden. Bepaalde zorg kan zowel onder de jeugdwet, Wmo, Wet langdurige zorg of de Zorgverzekeringswet vallen. De indicatie hiervoor ligt niet altijd bij de gemeente. Een van de aandachtspunten in dit onderzoek is de mogelijkheid om een inwoner een andere zorgplek te bieden vanwege het (landelijk) grote gebrek aan zorglocaties waar complexe en/of verblijfszorg geboden wordt. Onderzocht gaat worden welke zorg vanuit welke wet moet worden geleverd. Daarbij wordt in ieder geval gekeken naar de zorgverzekeringswet en de wet langdurige zorg. Innovatieve ideeën om zorg elders onder te brengen krijgen hierin ook aandacht. Bandbreedte onderzoek  De scope van het onderzoek moet nog worden vastgesteld, hierbij wordt in overweging genomen het onderzoek uit te laten voeren door een extern bureau. Wat bereiken we hiermee? 

De zorglevering vanuit de juiste wet en budget betaald wordt.

Wanneer is het klaar? Niet bekend. Mogelijk wordt hiervoor een extern bureau ingeschakeld. Daarover moet eerst de bandbreedte van het onderzoek worden vastgesteld. Als de omvang van de onderzoek groot blijkt te zijn is het een mogelijke uitkomst dit uit te besteden.

Praktijkondersteuner huisarts (POH) De grootste verwijzer naar jeugdzorg is de huisarts. Uit overleg met de huisartsen is gekomen dat we starten met het versterken door vaste contactpersonen van het Jeugdteam te verbinden aan de verschillende praktijken. Zodoende dragen we casuïstiek warm over en onderhouden we korte lijnen tussen praktijk en jeugdteam. Dit is een gezamenlijke wens van huisartsen en de gemeente. Bovengenoemde werkwijze evalueren we na een jaar met vooraf geformuleerde doelen. Hierbij kijken we ook naar ervaringen in de regio van het inzetten van POH JGGZ, op basis van het regionaal plan van aanpak “Samen werken aan jeugdhulpexpertise in de huisartsenpraktijk”. Ook in Rijswijk zullen we dus in samenspraak en samenwerking met huisartsen bekijken of en hoe POHers van toegevoegde waarde zijn in de dienstverlening en kostenbeheersing. Om meer grip te krijgen op deze verwijsstroom en het aantal doorverwijzingen te temperen werken we samen met huisartsen toe naar het inzetten van praktijkondersteuners. De praktijkondersteuner helpt de cliënt direct zelf, verwijst door naar voorzieningen in het voorliggend veld of verwijst (met meer kennis van aanbieders en diensten) gericht naar geschikte 2e-lijns zorg. Bandbreedte onderzoek   

Verwijsstroom via huisarts Alle huisartsen in Rijswijk Regionale samenwerking om zoveel mogelijk huisartsen in Haaglanden te koppelen

Wat bereiken we hiermee? We bereiken hiermee dat we meer grip krijgen op verwijsstromen waar we nu weinig tot geen grip op hebben. Financieel zijn de landelijke resultaten niet eenduidig. De mogelijke financiële besparing zou zitten in:   

Kwaliteit doorverwijzing wordt beter; jeugdige krijgt direct de juiste hulp Scherpere (soort, zwaarte en duur) verwijzingen naar 2e lijns-zorg Lichte hulp of advies wordt door POH-er zelf gedaan

Wanneer is het klaar?

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 41

Gertjan Willems en Siem Bosma

Q1 2021 • 'Bureaudienst' voor consultatie door huisarts in jeugdteam actief • Bijeenkomst met huisartsen • afspraken maken met een aantal huisartsen over POH-er op hun praktijk.

Pagina 42

Q2 2021 • Werven POH-er

Q2 of Q3 • Start POH-er op de huisartsenpraktijke n

Q4 2021 • Eerste evaluatie POH-er

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma

Hoofdstuk 11. Moties In de Begrotingsraad zijn verschillende moties ingediend die betrekking hebben op de jeugdzorg. In de raadswerkgroep sociaal domein zijn deze moties ter sprake gekomen. Toegezegd is dat de raad wordt geïnformeerd via een raadsinformatiebrief over de stand van zaken uit de moties. De uitwerking van de moties zal een plek krijgen in de kadernota. Een aantal elementen uit de moties zijn in de analyse of als maatregel in het actieplan opgenomen. Het betreffen de volgende moties: 1. I. Tijdige en passende jeugdhulp (GL, VVD, PVDA, D66, RB) 2. VI Motie VVD Passende en gewenste financiering in de jeugdhulp 3. IX Motie CDA def jeugdzorg kaderdebat 2020 070720 (CDA, GB, BVR, WIJ, RB) 4. XVI Motie CDA, D66, WIJ, BVR, GBR Snappen of schrappen

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 43

Gertjan Willems en Siem Bosma

Hoofdstuk 12. Financiële recapitulatie Onderstaand overzicht is een financiële weergave van hetgeen is behandeld in de voorgaande hoofdstukken. Zoals te zien is zal met directe mogelijkheden het tekort kunnen worden teruggedrongen van 3,2 naar 2,3 miljoen in 2021. De in de tabel opgenomen dekking maatregelen in onderzoek kunnen een extra positief effect opleveren. 2021

2022

2023

2024

Uitgaven WMO

€ 12.655.600

€ 12.764.060

€ 12.775.060

€ 12.775.060

Jeugd

€ 18.366.380

€ 17.363.132

€ 17.363.132

€ 17.363.132

€ 31.021.980

€ 30.127.192

€ 30.138.192

€ 30.138.192

€ 14.365.786 € 13.450.941

€ 14.679.213 € 13.671.916

€ 14.847.697 € 12.995.483

€ 15.053.211 € 13.278.201

€27.816.727

€ 28.351.130

€ 27.843.179

€ 28.331.412

Tekort in de risicoparagraaf

€ -3.205.253

€ -1.776.062

€ -2.295.013

€ -1.806.780

Directe dekking: besparing personeelskosten besparing uitbesteed werk

€ €

200.000 700.000

€ €

200.000 700.000

€ €

€ €

€ -2.305.253

€

-876.062

€ -1.395.013

€ - 906.780

PM

PM

PM

PM

Inkomsten Budget WMO Budget Jeugd

Tekort minus directe dekking Dekking maatregelen in onderzoek

Pagina 44

200.000 700.000

200.000 700.000

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma

Bijlagen: Bijlage 1: Algemeen beeld op basis van benchmarking Demografische gegevens Rijswijk

  

In 2019/2020 heeft de gemeente Rijswijk een bevolkingsomvang van 54.795 inwoners waarvan de gemiddelde leeftijd in Rijswijk (42,9 jr.) hoger ligt dan in de rest van Haaglanden (40,3 jr.) Ten opzichte van het jaar 2018 zal de bevolking tot het jaar 2050 naar verwachting stijgen met 38,9%. In Haaglanden ligt de verwachting van de groei op 29,2% Het verwachte aandeel 75 plussers zal in het jaar 2050 in Rijswijk op 15% liggen. In Haaglanden zal dit aandeel naar verwachting 13,1% zijn. In de bevolkingsopbouw van Rijswijk ligt het aandeel jongeren tot en met 14 jaar iets hoger dan in de Haaglanden het geval is. Ook het aandeel ouderen vanaf 65 is in Rijswijk hoger dan in Haaglanden

De bevolkingsgroei tot het jaar 2050 zal in de periode na het jaar 2020 sneller gaan dan de jaren voor 2020

Benchmark Jeugdzorg algemeen - VNG

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 45

Gertjan Willems en Siem Bosma VNG Realisatie helpt gemeenten om uit een stortvloed aan data de juiste gegevens en de juiste informatie te filteren om daarmee hun prestaties te verbeteren. Het dataplatform Waarstaatjegemeente bundelt, bewerkt en presenteert data van en over gemeenten. De dashboards op Waarstaatjegemeente zijn onder te verdelen in thema's, producten en monitors. Thema's sluiten aan op de gemeentelijke beleidsterreinen, zoals Jeugd en Jeugdzorgverlening. Op 14 september 2020 laat het dashboard met betrekking tot het thema Jeugd en Jeugdzorgverlening het volgende beeld zien:

Definitie: Het % eenoudergezinnen t.o.v. het totaal aantal huishoudens 

Rijswijk heeft in 2020 0,7% meer eenouder huishoudens dan Haaglanden

Definitie: Bevolking in de leeftijd van 4 tot en met 11 jaar. 

Het percentage 4 tot 11 jarigen loopt in 2020 in Rijswijk in de pas met de rest van Haaglanden

Definitie: Bevolking in de leeftijd van 0 tot en met 19 jaar  

In de periode 2016 – 2020 is in Haaglanden de bevolking van 0 tot en met 19 jaar afgenomen van 22,5% naar 22,4%. In Rijswijk is deze groep toegenomen van 19,1% naar 21,2%

Definitie: Tienermoeders t.o.v. de totale vrouwelijke bevolking tussen 15 en 19 jaar. Een tienermoeder is een moeder van 19 jaar of jonger 

Pagina 46

In Rijswijk ligt in 2018 het percentage tienermoeders

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma 0,02% hoger dan in Haaglanden. Definitie: % kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. 

Het percentage kinderen in uitkeringsgezinnen ligt in 2018 in Rijswijk 1% lager dan in Haaglanden

Definitie: % kinderen tot 18 jaar met een handicap. Het gaat om het % kinderen van 0 tm 17 jaar als % van het totale aantal kinderen, dat op basis van de gegevens van de zorgverzekeraars een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of meervoudige handicap heeft. 

Het percentage kinderen met een handicap ligt in 2015 in Rijswijk hoger dan in Haaglanden

Definitie: Er wordt gesproken van absoluut verzuim als een leerplichtige en/of kwalificatie plichtige jongere niet op een school os instelling staat ingeschreven. 

Het absoluut verzuim ligt in 2018 in Rijswijk hoger dan in Haaglanden

Definitie: Er is sprake van relatief verzuim als een jongere wel op een school staat ingeschreven, maar gedurende een bepaalde tijd de lessen/praktijk verzuimt. Ook veelvuldig te laat komen kan hiertoe worden gerekend. 

Actieplan Jeugd en Wmo

Het relatief verzuim ligt in 2018 in Rijswijk fors hoger dan in Haaglanden

Pagina 47

Gertjan Willems en Siem Bosma

Definitie: Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV Werkbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Polisadministratie. 

Het percentage werkloze jongeren in 2018 in Rijswijk ligt in lijn met het percentage in Haaglanden

Definitie: Het % jongeren tot 18 jaar met jeugdzorg t.o.v. alle jongeren tot 18 jaar. 

Het percentage jongeren met jeugdzorg ligt in het 2e halfjaar 2019 lager dan in Haaglanden

Definitie: Het % jongeren tot 18 jaar met jeugdzorg zonder verblijf, jeugdzorg met verblijf of jeugdbescherming ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar. 

Pagina 48

Het percentage jongeren met jeugdzorg zonder verblijf en het aantal jongeren met jeugdbescherming liggen in het 2e halfjaar 2019 lager dan in Haaglanden Het percentage jongeren met jeugdzorg met verblijf ligt hoger dan in Haaglanden

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Definitie: Het % jeugdzorgtrajecten zonder verblijf, met verblijf, jeugdbescherming en jeugdreclassering als % van het totaal aantal Jeugdzorgtrajecten. 

Zie de constatering bij Jongeren met jeugdzorg naar soort.

Definitie: Het %jeugdzorgtrajecten dat volgens plan is beëindigd en dat voortijdig is afgesloten ten opzichte van het totaal aantal jeugdzorgtrajecten. 

In het 2e halfjaar 2019 worden er in Rijswijk verhoudingsgewijs meer trajecten voortijdig gesloten dan in Haaglanden.

Definitie: Het % trajecten jeugdzorg uitgevoerd door wijk-/buurtteam en het % trajecten niet uitgevoerd door een wijk-/buurtteam ten opzichte van het totaal aantal trajecten jeugdzorg zonder verblijf. 

In het 2e halfjaar 2019 ligt het % jeugdzorg dat door het wijk/buurtteam word uitgevoerd lager dan in Haaglanden terwijl het aandeel dat niet wordt uitgevoerd door een wijk-/buurtteam hoger ligt.

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 49

Gertjan Willems en Siem Bosma

Definitie: Het aantal verwijzingen Halt per 10.000 inwoners van 12 tot 18 jaar. 

Zowel in Rijswijk als in Haaglanden is er in de periode 2015 - 2019 een stijging te zien in het aantal verwijzingen naar Halt. Het aantal ligt in Rijswijk hoger dan in Haaglanden.

Definitie: Het % jongeren van 12 tot 23 jaar met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren van 12 tot 23 jaar. 

Pagina 50

Het percentage jongeren met jeugdreclassering ligt in het 2e halfjaar 2019 in Rijswijk lager dan in Haaglanden

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma

Benchmark Jeugdzorg specifiek - CBS De Benchmark Jeugdzorg in de gemeente is een benchmark van het CBS en toont het gebruik van jeugdzorg, jeugdbescherming en jeugdreclassering voor elke gemeente in Nederland, en maakt vergelijkingen mogelijk met de betreffende jeugdregio en met het hele land. Daarnaast worden cijfers getoond die betrekking hebben op verschillende verwijzers, en op uitval in jeugdzorgtrajecten. Definitie: Totaal aantal personen tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode gebruik gemaakt hebben van jeugdzorg in natura. In uitzonderlijke gevallen wordt de hulp of zorg voortgezet tot de leeftijd van 23 jaar. Het betreft hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014), en in natura door de zorgaanbieder is geleverd. PGB gefinancierde hulp en zorg valt hier dus buiten. Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische-, psychosociale- en of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders. Zorg in Natura wordt direct vergoed aan de zorgverlener zonder tussenkomst van de zorggebruiker. In het kader van de jeugdzorg betekent dit dat de hulp rechtstreeks door de gemeente wordt vergoed. Jongeren met Jeugdzorg in natura 2019

Gemeente (per 1 januari 2019)

Inwonertal

Verstedelijking code en omschrijving

%

Den Haag

537.833

1

zeer sterk stedelijk

13,5

Zoetermeer

124.944

2

sterk stedelijk

14,8

Westland

108.603

3

matig stedelijk

11,6

Delft

103.163

1

zeer sterk stedelijk

15,2

Leidschendam-Voorburg

75.425

1

zeer sterk stedelijk

11,4

Pijnacker-Nootdorp

54.331

3

matig stedelijk

12,2

Rijswijk

53.467

1

zeer sterk stedelijk

12,4

Wassenaar

26.211

3

matig stedelijk

9,9

Voorschoten

25.479

2

sterk stedelijk

11

Midden-Delfland

19.391

3

matig stedelijk

8

binnen de categorie zeer sterk stedelijk laat Rijswijk geen afwijkend percentage aan jongeren met jeugdzorg in natura zien

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 51

Gertjan Willems en Siem Bosma Definitie: Personen tot 18 jaar die gebruik gemaakt hebben van jeugdbescherming (op peildatum ultimo verslagperiode). Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan 'onder toezicht gesteld' of ‘onder voogdij geplaatst’.

Jongeren met Jeugdbescherming, 2019

Gemeente (per 1 januari 2019)

Inwonertal

Verstedelijking code en omschrijving

%

Den Haag

537.833

1

zeer sterk stedelijk

1,1

Zoetermeer

124.944

2

sterk stedelijk

1,6

Westland

108.603

3

matig stedelijk

0,8

Delft

103.163

1

zeer sterk stedelijk

1,4

Leidschendam-Voorburg

75.425

1

zeer sterk stedelijk

1,1

Pijnacker-Nootdorp

54.331

3

matig stedelijk

0,6

Rijswijk

53.467

1

zeer sterk stedelijk

1,0

Wassenaar

26.211

3

matig stedelijk

0,5

Voorschoten

25.479

2

sterk stedelijk

0,6

Midden-Delfland

19.391

3

matig stedelijk

0,6

binnen de categorie zeer sterk stedelijk heeft Rijswijk het laagste percentage jongeren met jeugdbescherming

Pagina 52

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Definitie: Personen van 12 tot 23 jaar die gebruik gemaakt hebben van jeugdreclassering (op peildatum ultimo verslagperiode). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in de leeftijd 18 tot en met 22 jaar. Jeugdreclassering kan worden opgelegd door een kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. De begeleiding kan doorlopen tot de jongere 23 jaar wordt. Jongeren met Jeugdreclassering, 2019 Gemeente (per 1 januari 2019)

Inwonertal

Verstedelijking code en omschrijving

%

Den Haag

537.833

1

zeer sterk stedelijk

0,6

Zoetermeer

124.944

2

sterk stedelijk

0,9

Westland

108.603

3

matig stedelijk

0,3

Delft

103.163

1

zeer sterk stedelijk

0,2

Leidschendam-Voorburg

75.425

1

zeer sterk stedelijk

0,5

Pijnacker-Nootdorp

54.331

3

matig stedelijk

0,1

Rijswijk

53.467

1

zeer sterk stedelijk

0,4

Wassenaar

26.211

3

matig stedelijk

Onbekend

Voorschoten

25.479

2

sterk stedelijk

Onbekend

Midden-Delfland

19.391

3

matig stedelijk

Onbekend

binnen de categorie zeer sterk stedelijk laat Rijswijk geen afwijkend percentage jongeren met jeugdreclassering zien

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 53

Gertjan Willems en Siem Bosma Het totaal % jongeren met jeugdzorg in natura laat in Rijswijk een continu stijgende trend zien. Dit is in lijn met de landelijke ontwikkeling maar wijkt af van de regio.

Jongeren met Jeugdzorg in natura (totaal) 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

8,0

9,0

9,3

9,9

10,3

Jeugdregio Haaglanden

8,8

10,0

10,2

9,7

10,1

Nederland

7,8

8,5

9,0

9,3

9,6

Het % jongeren met jeugdzorg in natura zonder verblijf is in het jaar 2018 op hetzelfde niveau gekomen als de rest van de Jeugdregio Haaglanden.

Jongeren met Jeugdzorg in natura zonder verblijf 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

7,8

8,6

8,7

9,4

9,9

Jeugdregio Haaglanden

8,6

9,7

9,9

9,4

9,9

Nederland

7,5

8,1

8,5

8,8

9,1

Pagina 54

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Het % jongeren met jeugdzorg in natura met verblijf ligt structureel iets hoger dan regionaal het geval is

Jongeren met Jeugdzorg in natura met verblijf 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

0,8

1,0

1,1

1,2

1,0

Jeugdregio Haaglanden

0,8

0,8

0,9

0,9

0,9

Nederland

0,9

1,0

1,0

1,0

1,0 Het % jongeren met jeugdbescherming ligt enigszins lager dan het landelijke percentage en het regionale percentage

Jongeren met jeugdbescherming 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

1,1

1,0

1,2

1,0

1,0

Jeugdregio Haaglanden

1,1

1,1

1,0

1,0

1,1

Nederland

1,2

1,2

1,2

1,2

1,2

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 55

Gertjan Willems en Siem Bosma Het % jongeren met ondertoezichtstellin g is in Rijswijk in lijn met de regio. Het regionale beeld is gunstiger dan het landelijke beeld.

Jongeren met ondertoezichtstelling 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

0,9

0,8

0,9

0,8

0,8

Jeugdregio Haaglanden

0,9

0,8

0,8

0,8

0,8

Nederland

1,0

0,9

0,9

0,9

0,9 Het % jongeren met voogdij is in Rijswijk in lijn met de regio. Het regionale beeld is gunstiger dan het landelijke beeld.

Jongeren met voogdij 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

0,2

0,3

0,3

0,2

0,2

Jeugdregio Haaglanden

0,3

0,3

0,3

0,3

0,2

Nederland

0,3

0,3

0,3

0,3

0,3

Pagina 56

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma Het percentage jongeren met jeugdreclassering laat een dalende trend zien zoals die ook landelijke en regionaal te zien zijn

Jongeren met jeugdreclassering 2015

2016

2017

2018

2019

Rijswijk

0,7

0,6

0,7

0,5

0,4

Jeugdregio Haaglanden

0,7

0,6

0,6

0,5

0,5

Nederland

0,5

0,5

0,4

0,4

0,4 Het percentage trajecten dat eenzijdig door cliënten wordt beëindigd is in Rijswijk hoger dan regionaal en landelijk.

Totaal Jeugdzorgtrajecten

Trajecten zonder verblijf

Trajecten met verblijf

Rijswijk

5,4

6,0

--

Jeugdregio Haaglanden

4,3

4,3

4,0

Nederland

3,5

3,5

3,4

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 57

Gertjan Willems en Siem Bosma In Rijswijk is het beïnvloedbare deel (verwijzingen middels de toegang en geen verwijzer) met 34 % een stuk lager is dan regionaal (44%) en landelijk (45%) het geval is. Dit verschil is strek zichtbaar in de verwijzingen van huisartsen.

Aantal hulptrajecten zonder verblijf naar verwijzer, 2019

Gemeentelijke toegang Huisarts Jeugdarts Gecerticifeerde instelling Medisch specialist Rechter, OvJ, functionaris justitiele jeugdinrichting Geen verwijzer Onbekende verwijzer

Rijswijk

Jeugdregio Haaglanden

Nederland

445 860 50 90 100 0

9.100 17.030 1.360 2.455 1.940 15

171.635 213.985 15.225 32.585 28.325 1.830

110 0

8.515 50

68.560 8.575

% hulptrajecten zonder verblijf naar verwijzer, 2019

Gemeentelijke toegang Huisarts Jeugdarts Gecerticifeerde instelling Medisch specialist Rechter, OvJ, functionaris justitiele jeugdinrichting Geen verwijzer Onbekende verwijzer

Pagina 58

Rijswijk

Jeugdregio Haaglanden

Nederland

27 52 3 5 6 0

23 42 3 6 5 0

32 39 3 6 5 0

7 0

21 0

13 2

Actieplan Jeugd en Wmo

Gertjan Willems en Siem Bosma In Rijswijk is er een hoger % verwijzingen via de toegang dan in de regio en landelijk het geval is. Daarentegen is het % verwijzingen via de huisarts lager.

Aantal hulptrajecten met verblijf naar verwijzer, 2019

Gemeentelijke toegang Huisarts Jeugdarts Gecerticifeerde instelling Medisch specialist Rechter, OvJ, functionaris justitiele jeugdinrichting Onbekende verwijzer

Rijswijk

Jeugdregio Haaglanden

Nederland

60 0 0 85 10

1.090 120 0 1.720 155

21.190 2.235 125 23.450 1.600

0 0

0 55

320 2.925

% hulptrajecten met verblijf naar verwijzer, 2019

Gemeentelijke toegang Huisarts Jeugdarts Gecerticifeerde instelling Medisch specialist Rechter, OvJ, functionaris justitiele jeugdinrichting Onbekende verwijzer

Rijswijk

Jeugdregio Haaglanden

Nederland

39 0 0 55 6

35 4 0 55 5

41 4 0 45 3

0 0

0 1

1 6

Benchmark Begroting - Rijksoverheid Deze benchmark is een functionaliteit binnen de databank voor financiën van decentrale overheden en is een product van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze integrale

Actieplan Jeugd en Wmo

Pagina 59

Gertjan Willems en Siem Bosma webbased database is ontwikkeld vanuit de gedachte dat goede informatie over de (ontwikkeling van de) financiële positie en de hoogte, samenstelling en ontwikkeling van de rijksuitkeringen voor medeoverheden van groot belang is voor het goed kunnen uitoefenen van hun taken en het maken van weloverwogen keuzes. Rekening 2019

Baten per inwoner: 1.285

Rijswijk

€ 442

Zeer sterk stedelijk € 669

Lasten per inwoner: Rijswijk

€

Zeer sterk stedelijk €

2.006 Begroting 2020

Baten per inwoner: 1.219

Rijswijk

€ 430

Zeer sterk stedelijk € 640

Lasten per inwoner: Rijswijk

€

Zeer sterk stedelijk €

1.981 In vergelijk tot andere zeer sterk stedelijke gemeenten is het Sociaal Domein in Rijswijk per saldo € 494 per inwoner voordeliger als gekeken wordt naar de rekening 2019. In de begroting 2020 is dit voordeel € 552

Pagina 60

Actieplan Jeugd en Wmo

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=febb9dc3-1810-48dd-a97d-616a48ebdcae