concept-verslag Rijswijk Forum Stad 8 december 2020 (vervolg van Forum Stad 3/12)
Tekst van het document
De heer Lugthart: Moet ik even over nadenken. Want afhankelijk van wat er natuurlijk uit de alternatieven komt, wordt er een keuze gemaakt voor de Geestbrugweg. Die kan heel anders zijn wanneer zij voor een andere keuze gesteld worden. Ik heb toegezegd aan alle bewoners in dat gebied, dat bij de herontwikkeling van de Geestbrugweg wij ze wel gaan benaderen. Dat maakt het wel wat lastig. Maar ik denk hier nog even goed over na, dan kom ik bij u terug wat we doen met de bewoners. De voorzitter: Ik ben bij de fractie van Wij. Rijswijk, de heer van Bemmelen over oliebollen en de Scouting de Hoeve. De heer Van Bemmelen: Dat is een mooie introductie. Het ging over een vergunningsaanvraag. Maar ik heb begrepen dat er inmiddels positieve vorderingen zijn en dat mijn vragen dus niet meer nodig zijn. Dat is altijd fijn. De voorzitter: Mevrouw Jansen, PvdA, u heeft het woord. Mevrouw Jansen-Dirkx: Ik had nog in eerste instantie een vraag staan over het kindervragenuur. Maar ik begin wel met de verkeersveiligheid rondom het Rembrandtkwartier. Die wordt met de dag eigenlijk slechter. Auto’s die staan op stoepen geparkeerd en scholen zijn zelf inmiddels aan de gang gegaan om de verkeersveiligheid veilig te stellen rondom de plekken waar kinderen opgehaald worden. Daarvoor blokkeren ze parkeerplaatsen.
Daardoor wordt eigenlijk het probleem alleen maar groter, waardoor er dus nog meer mensen op stoepen parkeren en voetgangers op de weg gaan lopen. De vraag is, is de wethouder van plan hier iets aan te doen? Bent u op de hoogte van deze situatie? De voorzitter: Wethouder Lugthart. De heer Lugthart: Voorzitter, ja, niet in de laatste plaats omdat u natuurlijk deze vraag heeft gesteld en we daar kritisch naar gekeken hebben, wat zijn we daar nu precies aan het doen en wat kunnen we verwachten? Ik heb nog even gekeken wanneer de schoolzone in de wijk gepland staat. Dat is in het tweede kwartaal van 2021. In het proces daarnaartoe zal er ook veelvuldig worden overlegd met de ouders, met de school en met
de kinderen om te bekijken wat wij daar kunnen doen en hoe we die locatie kunnen aanpakken. De school die besteedt ook aandacht hieraan door met een verkeerskundige van de gemeente in gesprek te gaan. Dan kunnen we bekijken welke eventuele infrastructurele aanpassingen daar nog worden gedaan. Wat ik volgens mij in een eerder forum ook al aangegeven heb, is dat ik nauwe contacten heb met de wethouder Robert van Asten in Den Haag, omdat wij aan het kijken zijn, wat kunnen we doen met bijvoorbeeld het afsluiten van de straat op het moment dat kinderen naar school gaan? Nou, we hebben volgens mij begin volgend jaar weer een resultaat van een onderzoek van hen. Dan zullen we bekijken of dat dat hier in de omgeving, die eigenlijk wel vergelijkbaar is als die met Den Haag, dan ook kan. Waarbij het essentieel is dat we de verkeersveiligheid wel willen borgen. Dus eigenlijk, kortom, er is veel aandacht voor. We zijn ermee aan de slag. Ik verwacht dat het tweede kwartaal 2021 er toch aardig wat aanpassingen zijn gedaan. Ik ben zelf voorstander om die straten wel af te gaan sluiten. Dus mocht blijken dat het positieve resultaten heeft, dan denk ik dat we die kant op gaan. Mevrouw Jansen-Dirkx: In aansluiting daar eigenlijk op hebben we tijdens het kindervragenuur een document gepresenteerd gekregen over verkeersonveilige situaties in Rijswijk.
Zij geven niet alleen de verkeerssituaties aan, maar ze komen ook met oplossingen. Wat ik wel heel erg goed van ze vind. De vraag is aan de wethouder, wat gaat u doen met dat document? Want dat werd ook aan ons gevraagd. Nou ja, wij gaan het hier kenbaar maken dat het document er natuurlijk is en dat we graag willen weten of er iets mee gedaan gaat worden. Gaat hij nog persoonlijk in gesprek met de kinderrechtenambassadeurs? Is het misschien een idee, in het verlengde van dit document, om alle scholen en hun leerlingen in Rijswijk te benaderen om mee te denken over verkeersveiligheid in de buurt van hun scholen? Dat is weer aansluitend op de vraag die ik hier net voor stelde. De voorzitter: Wethouder Lugthart. De heer Lugthart: Ik heb het rapport overhandigd gekregen. Het is op mijn stafoverleg ook besproken. Ambtenaren gaven ook aan dat er zeer zeker zeer waardevolle tips inzitten. Ik vind het leuk om met de kinderen ook in gesprek te gaan om te bekijken van, waarom is de ene oplossing nu wel een goede en waarom de andere niet? Dus dat moeten we zeker doen. Tegelijkertijd is het denk ik ook wel grappig om bij de scholen uit te gaan vragen wat kinderen precies tegengekomen. Die maatregelen, laten we daar dan bijvoorbeeld één uithalen die echt heel goed zijn, dat we die dan ook direct uitvoeren.
Als u van mij vraagt, wat was hier nu een opmerking waar we met ze alle van hebben gezegd dat moeten we echt doen? Dat was het advies dat de kinderen hebben gegeven, dat we de zebrapaden in Rijswijk weleens een keer, nou ja, een mooie opknapbeurt mogen geven, zodat het er weer goed uitziet. We hebben in de begroting gekeken en daar zijn ook middelen voor geraamd. Dus ik denk dat het leuk is om ook bij kinderen terug te geven, nou, we zijn het zeer zeker met jullie eens, we trekken dat naar voren en we moeten dat gaan doen. De voorzitter: Dan gaan we over naar de vragen over specifieke IB-brieven. Ik begin met IB-brief 20 134, de bief over de scenariostudie halteplaats RijswijkBuiten waar de heer Cupedo van Beter voor Rijswijk vragen over gesteld heeft. De heer Cupedo: Beter voor Rijswijk heeft met interesse het stuk gelezen. Onze fractie is voorzichtig optimistisch gestemd over de plannen, maar heeft wel een aantal vragen. Kan er niet eerst een betere, fatsoenlijke dienstregeling worden gerealiseerd voor buslijn 51, voor de Beatrixlaan? Is er al contact geweest met de MEDA, ProRail? Wat zijn nou uitkomsten hiervan? Een mogelijk nieuw station, wordt dit meegenomen in een totaalplan van Pasgeld?
De voorzitter: Wethouder Lugthart, in eerste instantie. De heer Lugthart: Die eerste, misschien flauw om te zeggen, maar als RijswijkBuiten meer inwoners krijgt, dan zal de bus 51 die dat op dit moment is, ook vaker gaan rijden. We kijken daar ieder jaar naar. Ieder jaar hebben we die vervoersplannen. Als de vervoersplannen moeten worden bijgesteld, dan doen we dat. Uiteindelijk is het gewoon een financiële kwestie. Tegelijkertijd wil ik hier de verwachting wat temperen, gezien corona en alles wat dat met de reizigersaantallen doet bij het OV, moeten we echt kijken waar we dan volgend jaar op uitkomen. De heer Cupedo: dank u wel. De voorzitter: Ben ik bij brief 20 136, het plan buitenplaats Hofstede. De VVD en PvdA hebben daar vragen over gesteld. De heer Oelen van de VVD als eerste. De heer Oelen: Nou, de vraag is duidelijk. Gevolgen van het afbranden van de voormalige boerderij voor het plan. In de IB-brief staat ook nog een opmerking over dat gelet de economische situatie er wellicht geen B&B of horecagelegenheid zal worden gesitueerd op de plek waar nu die boerderij is afgebrand. Kan daar iets meer over worden verteld? De voorzitter: De heer Kooy van de PvdA over het plan Hofstede. De heer Kooy: Wij hadden van de ontwikkelaar en eigenaar een uitnodiging gehad en zijn ter plekke wezen kijken. Dus ook dank voor deze IB-brief daarop aansluitend.
Daarbij, bij de eerste planvorming, viel ons op de ontsluitingsweg die men voorstelt. Dat komt op het smalle stuk van de Van Vredenburch uit. Het is tegenwoordig een goed gebruikte fietsroute, ook voornamelijk voor jeugd in de ochtend die naar school gaat. Wil het college in de gesprekken meenemen of er een alternatieve ontsluitingsroute mogelijk is, ook tijdens de bouwperiode. Ik begrijp dat de ontwikkelaar er zelf ook voor openstaat, maar dat het een suggestie is van de provincie om de weg door te trekken naar voren. In het verlengde daarvan, in het voorlopig ontwerp stond ook dat het fietspad over het Julialaantje dan een brug zou krijgen waar ook autoverkeer over ging lopen in het achtergebied. Kunnen we hier ook meteen in de gesprekken kijken naar een veilige oplossing? Zowel de eigenaar, die we daar gesproken hebben, als de ontwikkelaar hebben we gesproken, omdat het juist een plan is waar grondruil ook wordt voorgesteld met de gemeente, om dat een keer voor redelijke mate met open boeken te doen, om te kunnen zien van wat is de ontwikkeling versus de ruil? De voorzitter: Wethouder de heer Van de Laar voor de eerste termijn. De heer Van de Laar: De boerderij is voor de derde keer, meen ik, in brand ... Heeft daar brand gewoed. Nu met zulke gevolgen dat hij voor een grotendeel verdwenen is.
Dat is zonde, omdat we van plan waren om daar ook nog archeologisch onderzoek te doen. Dat is nu niet meer mogelijk. Vandaag is ook begonnen, op last van de brandweer, om het helemaal te slopen. Dus die werkzaamheden heeft u vandaag wellicht al kunnen zien. Dat heeft voor het plan zelf, de brand op zichzelf, geen effect. Er werd gesproken om op de plek van de boerderij of horeca te doen, lichte horeca, een bed en breakfast zoals u al zegt, of woningen. Over de horeca werd getwijfeld, omdat er verschillende plekken zijn in de landgoederenzone waar al horeca gevestigd is. Horeca heeft ook weer een aanzuigende werking voor het verkeer over de weg, waar de heer Kooy over spreekt. Dus dat waren de overwegingen bij de horeca. Maar dat zat nog helemaal niet in het definitieve plan, omdat we pas een positief advies hebben gegeven op het principeakkoord, waarna het nog helemaal uitgewerkt moet worden en participatie moet plaatsvinden, dat soort zaken. Dan de andere vraag van de heer
Kooy over de ontsluitingsweg. Het is nu inderdaad een weg die heel goed gebruikt wordt voor fietsers. Als je dat nou vergelijkt met toen het Leisure Center om het zo te noemen, de bowlingbaan er nog stond, is dat in vergelijking met de geplande woningbouw aanzienlijk minder vervoersbewegingen. Maar als je dat vergelijkt met afgelopen vijf jaar, gaat dat wel waarschijnlijk meer worden. Maar de juiste ontsluitingsweg, daar zal nog naar worden gekeken, vooral naar de effecten eigenlijk daar. De gemeente zegt ook, daar moeten de bewoners goed in worden meegenomen. Zijn aanzien van de brug, ja, dat kan nader worden bekeken voor de veiligheid voor het langzaam verkeer. Dat dat goed wordt ingepast, om het zo te zeggen. Van grondruil, zoals u het formuleert, is geen sprake. Het is honderd procent gebied van de ontwikkelaar, waarvan de footprint, om het in het Engels te noemen, van het voormalige centrum wat daar stond, dat 3.200 vierkante meter is nu weg, dat daar ook 3.200 vierkante meter bebouwd wordt. Dat de rest wordt teruggegeven aan de natuur, een deel ook aan feitelijk de gemeente Rijswijk, door er een park van te maken, namelijk op de tennisbanen. Maar er is geen sprake van dat wij als gemeente ook grond inbrengen. De voorzitter: De heer Kooy, nog een korte reactie. De heer Kooy: Om met die grondruil te komen, dat is inderdaad de juiste bewoording.
Er wordt gevraagd een bestemmingsplanwijziging en de gemeente krijgt daar een stuk grond voor terug. Dat was mijn achterliggende gedachte over de grondruil. Het idee van open boeken achter die ruil heeft u nog niet beantwoord. Dus daar nog graag een antwoord op. Waar het specifiek om ging bij de verkeersveiligheid, is dat naar mijns inziens nu de ontsluiting is via het smalle gedeelte van de Vredenburchweg, terwijl aan de brede kant, waar ook de voetbalterreinen zijn en de ingang naar het woonzorgcentrum, en meer mogelijkheden zijn voor verkeer af te handelen. Ik moet er nog even aan toevoegen dat de ontwikkelaar ook zo vriendelijk is geweest om mij de verkeersprognoses ook toe te sturen, naar aanleiding van vragen die wij op die dag gehad hebben. Die kwamen overeen met de schattingen die we hadden. Specifiek gaat het erom dat het bowlingcentrum, die het eerst was ook een meer bezetting had in de avonduren en nu dus de schoolgaande jeugd ook in de ochtenduren er is. Zeker met bouwverkeer zou het onze voorkeur hebben als we het over de brede kant van de Vredenburchweg de ontsluiting hebben. De voorzitter: Wethouder Van de Laar. De heer Van de Laar: Uw overwegingen zijn genoteerd en die worden allemaal meegenomen in de uiteindelijke keuzes die gemaakt worden, zowel in het bouwverkeer als ...
Ik hoor al van verschillende kanten, er zijn meerdere dingen om te overwegen, niet alleen de bewoners, maar ook de sportfaciliteiten aan de andere kant. Maar dat wordt meegenomen. Over alle kosten en opbrengsten eventueel kunnen we gewoon transparant zijn, als dat is wat u verlangt. De voorzitter: Ga ik over naar IB 20 139, GroenLinks en D66 hebben vragen gesteld over de voortgangsrapportage energietransitie. De heer De Vries Groen Links als eerste. De heer De Vries: Ik hou het op één vraag, want ik had gehoord dat er een agenderingsverzoek lag. Eén vraag is voor ons urgent op dit moment. Dat gezien de RES, de lijn die eraan komt. De vraag is, nou, in de RES in ieder geval, Rotterdam, Den Haag, is afgesproken dat iedere individuele gemeente verantwoordelijk is voor het betrekken van haar inwoners, de maatschappelijke organisaties en bedrijven. Nou, wij vroegen ons af hoe deze betrokkenheid in onze gemeente wordt vormgegeven? De voorzitter: Dan ga ik over naar de heer Veerman D66.
De heer Veerman: . Waar ik ook een klein vraagje had. Januari komt hij weer terug in zijn geheel, dus dat is mooi. Klein haakje gevonden. Vorige week hadden we een raadsvoorstel in het forum Stad over revitalisatie van de Johan Snijdersschool. Het college heeft daarbij mogelijkheden voor het dak te gebruiken eigenlijk niet voorgesteld in dit plan, dat ik toch heel jammer vind eigenlijk. Ik heb al eerder binnen de energietransitie gevraagd om ook brieven die door onder andere Zon op Rijswijk, maar ook de schooldakrevolutie, moet ik zeggen, heeft gestuurd naar de gemeente om te kijken hoe maatschappelijk vastgoed meegenomen kan worden en daar gebruik van te maken om daar zonnepanelen op te leggen, om dat mee te nemen. Dat de gemeente daar ook de regiefunctie in zou vervullen. Nou, dat is heel jammer, want integraal heeft het college daar niet naar gekeken. Dat vind ik heel jammer. Dus vandaar dat ik de vraag aan de wethouder had, om te kijken en misschien nog op laatste termijn ... Want volgende week komt het ook al in de raad, dat hebben we al eerder meegemaakt, toen lukte het ook bij sport Altius, dus wie weet gaat het nu ook lukken. Wat zijn de mogelijkheden dat er alsnog gebruikt kan worden gemaakt van het dak om daar zonnepanelen op te leggen? De voorzitter: Ik ga over naar Wethouder Keus. De heer Keus: Inderdaad, ik had ook begrepen dat dit onderwerp geagendeerd is.
Ik denk ook dat het een belangrijk onderwerp is om gewoon de tijd voor te nemen om stil bij te staan. Maar ik begrijp ook de vraag en de urgentie erachter. Om te beginnen bij de fractie van GroenLinks ten aanzien van de RES en de mate waarin inwoners en instellingen en organisaties en bedrijven betrokken worden. De RES is een regionaal vragending, ik denk dat het daarom nog interessanter ook daarbij is om te kijken naar de transitievisie warmte die we ook eind 2021 moeten opleveren. We hebben er vandaag uitgebreid in het college ook bij stilgestaan, maar wat er komend jaar gaat gebeuren op het vlak van energietransitie en hoe dat ook alle andere opgaves die we met elkaar hebben raakt. Wij hebben volgende week in college een voorstel voor een plan van aanpak voor die transitievisie warmte, waarbij we ook nadenken over de participatie en ook het voorstel zullen doen om een adviesraad in te gaan stellen, waarbij partijen betrokken kunnen worden die vanuit hun kennis en expertise en vanuit hun belanghebbendenrol betrokken zouden kunnen worden hoe dat dan feitelijk allemaal ingevuld gaat worden. Daar moet nog verder over gepraat worden. Maar dat is hoe we nadenken om die betrokkenheid te hebben. Dat is, nou, breder dan alleen voor de transitievisie, maar ook inderdaad andere vraagstukken die leven op het gebied van energie. Maar dat krijgt nog een vervolg.
Verder dan de vraag van de fractie van D66 over de Snijdersschool. Ik neem die mee naar mijn collega Besteman. In hoeverre dat concreet op dit plan nog kan worden betrokken. Het heeft wel onze aandacht, zoals u ook in de voortgangsrapportage kunt lezen, betrekken wij ook de energietransitie bij het opstellen van het integraal huisvestingsplan. Daarin werken de verschillende teams goed met elkaar samen, zodat we daar geen kansen laten liggen. Verder ook natuurlijk bij ons maatschappelijk vastgoed, hoe we de energietransitie ... Hoe we zelf inderdaad vanuit onze voorbeeldfunctie daar invulling aan gaan geven. Vandaag ook onder andere stilgestaan bij de meerjarenonderhoudsplannen en hoe we duurzaamheid daarin, en het energievraagstuk, dat we dat daarin geborgd hebben, zodat wij ook onze voorbeeldrol goed kunnen vervullen. Ik hoop hiermee voldoende antwoord te hebben gegeven. De voorzitter: De heer De Vries nog voor een korte reactie. De heer De Vries: Dank voor de beantwoording over de transitievisie warmte. Goed dat daarin naar participatie wordt gekeken. Mijn vraag ging specifiek over de RES. In de regio is er afgesproken dat wij daar verantwoordelijk zijn voor de participatie of voor de betrokkenheid. Ik kreeg niet zozeer het idee dat er dus vanuit Rijswijk een traject daar wordt opgestart.
Dan vraag ik me af, wat zijn er bijvoorbeeld de gevolgen van als we dat niet doen? Dan sturen we onze stukken naar de regio op. Dan gaat het vervolgens naar het Rijk. Dan
wordt de daar bijvoorbeeld ... Of de provincie. Dan wordt bijvoorbeeld gevraagd, wat hebben jullie gedaan qua betrokkenheid? Wat voor invloed heeft dat dan op het stuk? De voorzitter: Wethouder Keus, met in achtneming dat we er 21 januari nog uitgebreid over terugkomen. Dus u kunt kort een reactie geven. De heer Keus: Laat ik het zo zeggen, dat de RES is inderdaad een regionaal vraagstuk waarbij de participatie vooral gericht zal zijn op over, hoe die regionale opgave landt lokaal binnen de gemeentegrenzen. Je ziet in de praktijk dat daar vooral dan de betrokkenheid van bewoners, omdat dan de invloed van wat die RES is ook direct gevoeld ook gaat worden. Wij hebben natuurlijk bij de concept RES, bij dus totstandkoming daarvoor, middels een consultatie onze inwoners gevraagd van, hoe kijken jullie naar dit regionale vraagstuk? Was overigens, nou ja, vond ik toch echt ... Ik was daar heel enthousiast over dat er ook met een regionale bril gekeken werd, in plaats van echt alleen hoe dit lokaal landt. Dus dat is wel het moment geweest inderdaad dat daar invloed uitgeoefend kon worden. Dus op echt de totstandkoming van dit document en ook voor de RES 1.0. Dus ik word er volgende week ... Deze week is er volgens mij nog een atelier, waarin ook een toelichting wordt gegeven over wat er zoal regionaal is opgehaald. Dan is het vooral werk in uitvoering.
Hoe dat uiteindelijk landt in de RES 1.0 die ter besluitvorming aan uw raad uiteindelijk wordt vastgelegd. Maar ik zou met name zeggen dat de rol en de participatie en het meedenken vooral zit op hoe uiteindelijk die regionale plannen lokaal gaan landen. De heer Veerman D66: Ik had nog een klein vraagje, want ik vind het toch een beetje te makkelijk eigenlijk. Met de sporthal ging het ook op het laatste moment ... Kijk, het probleem is een beetje dat dat dak op die school wordt binnenkort aangepast. Voor 15 december moeten we daar een eindoordeel over geven, welke variant te kiezen. Volgens mij kunnen dit soort ontwikkelingen mooi meegenomen worden in dit proces. Als u dit tot in januari laten liggen, dan moet dat dak weer en dan hebben we weer andere dingen die spelen. Dan is het vaak weer niet mogelijk. Dus ik vraag me toch af, zeker ook als we zien dat de BENG norm meegenomen wordt in dit hele proces. Dat was ook bij de sporthal het geval. Dat vergt niet het gebruik van het dak of zonnepanelen op te leggen. Maar het zou wel heel mooi zijn, binnen die BENG normen wordt er ook over lucht- en over water- en over warmtekwaliteit eisen aan gesteld. Het zou juist mooi zijn om dat te voorzien juist ook met die zonnepanelen. Als we dat weer doorschuiven naar januari, dan zie ik dat de kans vervlogen is. Dat zou jammer zijn. De voorzitter: Wethouder de heer Keus.
De heer Keus: Ik heb volgens mij aangegeven, voorzitter, dat ik dit meeneem naar collega Besteman om te kijken hoe we dit nog kunnen betrekken. Als ik die indruk heb gewekt dat we daar tot januari mee wachten, dan spijt me dat. Nogmaals, ik zal het meenemen naar collega Besteman te kijken of dit nog onderdeel kan uitmaken van het plan. De voorzitter: Komt dus terug bij het raadsvoorstel wat we volgende week in de raad hebben. Ben ik nu wel gekomen bij IB 20 144, het Nationaal Groeifonds. Er zijn vragen gesteld door D66 en Wij. Rijswijk. De heer Dolmans D66 als eerste. De heer Dolmans: Zoals u weet, is er een Nationaal Groeifonds opgericht, daar zit wel 20 miljard in. Het is een enorm bedrag als je dat vergelijkt met ons Rijswijks Groeifonds. Maar toch denk ik dat er mogelijkheden zijn om die twee met elkaar te combineren.
Dus ik denk dat het heel mooi is om die twee met elkaar te combineren. Het Nationaal Groeifonds heeft natuurlijk best strenge voorwaarden in wat betreft financiering. Er moet een aanvullende publieke middelen zijn. Maar die zijn er dus vanuit het Rijswijks Groeifonds. Dan moeten er aanvullende private investeringen zijn. Moet bijdragen aan economische groei. Moet bijdragen aan afweging in maatschappelijke kostenbatenanalyse. Dus de vraag is concreet aan het college van, maak nou alsjeblieft wat ambtelijke capaciteit vrij om te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor Rijswijk om gebruik te maken van dat Nationaal Groeifonds. Doe een haalbaarheidsanalyse en kom daar ook bij de raad op terug wat de mogelijkheden zijn. De voorzitter: WIJ, De heer Van Bemmelen. De heer Van Bemmelen: Twee korte vragen. Eigenlijk vrij specifiek. Wat is de bijdrage en wat zijn de mogelijkheden van Rijswijk? Hoorde ik hiervoor ook al even. Hoe is Rijswijk een waardevolle partner in het Groeifonds en kunnen we daarmee onze belangen goed behartigen? Dat is met name vanwege de tekst dat er in de eerste tranche, dat de projecten geen specifieke betrekking hebben op Rijswijk. Dus graag een toelichting daarop. De voorzitter: . Ik kijk naar wethouder Van de Laar. De heer Van de Laar: . Ik ben hier woordvoerder op, omdat het Groeifonds een onderdeel is van de MRDH.
Ik zit bij het economische vestigingsklimaat, maar ook in die bestuurlijke kerngroep die voor het Nationaal Groeifonds vanuit de MRDH de bestuurlijke coördinatie doet. Nou, dit geeft gelijk al aan hoe abstract eigenlijk dat hele fonds is en dat het inderdaad nodig is dat er iemand goed naar kijkt wat wij eraan kunnen hebben. Dat is ook de grote vraag op dit moment eigenlijk van, maakt dat hele voorstel gewoon wat concreter wat we daar hebben aangedragen, want dat is namelijk al het geval. Als Rijswijk zijn we onderdeel van de MRDH. Als MRDH zijn we onderdeel van de brede coalitie die in de hele provincie Zuid-Holland is samengesteld met … Die allemaal voorstellen hebben gemaakt en neergelegd hebben bij het Ministerie van EZK en het Ministerie van I&W. Dat zijn voorstellen als de nationale artificial intelligence propositie en de nationale waterstofpropositie. Dat gaat allemaal over systeeminterventies. Dat is dus een vrij abstracte agenda voor investeringsvoorstellen groter dan dertig miljoen. Die criteria staan allemaal in die kamerbrief die Wiebes onder andere naar dus de Tweede Kamer heeft gestuurd. Op dit moment is het van belang dat wij als Rijswijk ons onderdeel voelen van de regio en steunen eigenlijk die voorstellen die we als regio bij het ministerie hebben neergelegd. Daarvoor is er ook een lobbycampagne opgericht. Daar worden filmpjes bijvoorbeeld voor gemaakt.
Die ziet u veelvuldig op Twitter voorbijkomen. Onder andere van onze gast vanavond, de Commissaris van de Koning, Jaap Smit, die voorzitter is van dat hele clubje. Zuidholland4nl, dat is de hashtag die wordt gebruikt. Zuid-Holland voor Nederland. En onder dat mom wordt aangetoond dat die regionale voorstellen een impact hebben op de ZuidHollandse en Nederlandse economie ook. Niet alleen Zuid-Holland, maar ook Nederland. Wat betekent dat nou voor Rijswijk? Ik stel dat voor dat we en een haalbaarheidsstudie … Dat moeten we overwegen of we daar echt een hele haalbaarheidsstudie voor willen opzetten. Maar in het voorjaar januari maximaal februari, wordt die definitieve groeiagenda gepresenteerd. Dus al die voorstellen die daarbij staan, voor de eerste tranche. Die zal ik naar u toe geleiden met een schrijven erbij over wat wij als Rijswijk nou verder … De positie van Rijswijk in het verdere proces. Want daar komen meerdere tranches aan. Dan zijn er mogelijk ook systeeminterventies, waar het dan over gaat, vanuit Rijswijk te bedenken. Ik denk bijvoorbeeld aan de nationale geothermiepropositie, over de Plaspoelpolder wat daar allemaal gebeurt. Of andere zaken die interessanter zijn voor het Ministerie van I&W. Nou, dat kunt u dan verder in de brief lezen. Het is wederom wat abstract, maar ik hoop toch dat ik u voldoende antwoord heb gegeven. U vroeg nog, hoe zijn we een
waardevolle partner, de heer Van Bemmelen. Door dat te steunen. U kunt zich daar via Twitter in verdiepen, zou ik kunnen zeggen. Kost het ons geld? Nee. Behalve dan de ambtelijke ondersteuning. De voorzitter: De heer Dolmans nog kort. De heer Dolmans: Heel kort. De samenwerking in regionaal verband en met de MRDH is hartstikke goed op zich. Maar waar ik bang voor ben, is dus niet vanuit Rijswijk zelf ook gewoon onze analyse doen, is dat we in het grote geheel gewoon verdwijnen. Dus toch nogmaals mijn vraag om zeker ook voor volgende tranches, of daar ook gewoon vanuit de gemeente Rijswijk zelfstandig gekeken kan worden naar mogelijkheden. Dan kunnen we vervolgens de lobby doen naar de MRDH. Vervolgens de lobby naar Zuid-Holland. Vervolgens de lobby naar het kabinet. Ik begrijp dat dat allemaal heel moeilijk is, maar laten we alsjeblieft ook vanuit de eigen Rijswijkse organisatie kijken of er mogelijkheden zijn. De voorzitter: De heer Van de Laar. De heer Van de Laar: Ik stel voor dat wij dat oppakken. De voorzitter: Dan ben ik bij de brief 20 145, het wijzigingsplan De Schakel, waar de heer Kooy van de PvdA vragen voor heeft gesteld. De heer Kooy: Voorzitter, eigenlijk zoals het er staat.
Hoeveel DAB-woningen, sociale woningen komen er meer of minder op dat plekje beschikbaar dan? De voorzitter: Ik begreep dat de heer Verkerk in afwezigheid van mevrouw Besteman de beantwoording op hem neemt. De heer Verkerk: Ik ben een beetje chef algemene zaken. Dus ik heb lang gewacht waar de vraag dan precies in de vergadering zou worden gesteld. Wat ik begrepen heb uit de briefing, die ik niet zo gauw meer kan vinden, is dat er ruim de aandacht is voor sociale woningbouw. Volgens mij was er sprake van 57 woningen, waarvan ongeveer 9 tiny houses. Dat is ongeveer het plan wat voorligt. Dat is denk ik het antwoord op deze vraag. De voorzitter: Voldoende zo, de heer Kooy? De heer Kooy: Voorzitter, mijn vraag was hoeveel het meer of minder was dan wat er nu staan? Hoeveel er in het plan staan was mij duidelijk. Of dat de tiny houses dan ook als DAB-woningen worden gezien bijvoorbeeld? De voorzitter: Is het een idee om hier even schriftelijk op terug te komen, de heer Verkerk? Dat is voor de voortgang denk ik wel makkelijk. De heer Verkerk: Kunnen we afspreken dat u daar even over gebeld wordt? De voorzitter: Dat is nog beter, nog sneller. Dan ga ik over naar IB 20 152, over het Nationaal Park Hollandse Duinen. De heer Van Bemmelen, Wij. Rijswijk. De heer Van Bemmelen: Korte vraag. Wat zijn de financiële commitments dan wel de consequenties voor Rijswijk?
De voorzitter: Wethouder Van de Laar. De heer Van de Laar: Vooralsnog zijn er geen financiële consequenties, ook weer afgezien van de ambtelijke capaciteit die hiervoor is gebruikt. Morgen zullen we met die hele coalitie het plan aanbieden aan de minister. De hoop is natuurlijk dat met het nieuwe initiatief van nieuwe parken uiteindelijk ook meer geld vanuit het Rijk aan die parken wordt toegekend. Dus dat we daarmee goed voorgesorteerd staan, dat als er positieve financiële consequenties voor Rijswijk zijn, dat wij daar dan ook van gebruik kunnen maken. Tot zover. De voorzitter: Dan ga ik over naar brief IB 20 158, de Waterberging Pasgeld. De VVD en PvdA hebben vragen hierover gesteld. De heer Oelen, VVD, als eerste. De heer Oelen: Ik hoop dat de wethouder Keus hetzelfde antwoord kan geven als wethouder Van de Laar op de vraag of dit financiële consequenties heeft om de waterberging te situeren daar waar het nu bedacht is. De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Kooy PvdA , over de waterberging Pasgeld, uw vragen. De heer Kooy: Eigenlijk wat er staat. De toelichting van de keuze en het financiële aspect. Rijkswaterstaat heeft een project, maar wie gaat uiteindelijk de kosten voor het onderhoud van het aanpassen in het Slagenlandschap betalen? De voorzitter: Ik kijk naar wethouder Van de Laar, in eerste instantie. De heer Van de Laar: Dank u wel.
De vraag specifiek voor de gevolgen, financiële consequenties voor het aanleggen, die zijn voor Rijkswaterstaat. Daarmee is dan ook de vraag beantwoord, heeft het gevolgen ? De financiële consequenties voor het onderhoud zijn voor ons. Dan moet er dus nog worden uitgerekend wat dat is. Er zijn schattingen van gemaakt. Het zijn niet watergangen die continu of veelvuldig onderhouden moeten worden, maar wel eens in de zoveel tijd. Maar daar krijgen we dan dat natuurgebied voor terug. Maar die zijn voor ons. De heer Oelen: Nou, sorry voorzitter. Even klip en klaar. Want het gebied staat voor een bepaald bedrag ingeboekt in de begroting. Het feit dat hier nu die waterberging wordt gerealiseerd ter compensatie, dat heeft geen gevolgen voor de begroting? De voorzitter: Wethouder de heer Van de Laar. De heer Van de Laar: Nu begrijp ik inderdaad waar de verwarring vandaan komt. Het betreft hier twee verschillende gebieden. De waterberging komt in het Slagenlandschap. Dat is die driehoek bij Herberg Vlietzicht. Waar u op doelt is Pasgeld Oost. Dat is de driehoek, De Drassige Driehoek, als u dat meer zegt. Die staat inderdaad in de begroting. Maar die valt dus daar … Daar is hier geen sprake van als we het hebben over de waterberging. De voorzitter: Dan ga ik tot slot naar IB 20 159, over de uitwerking van de motie speelplekken RijswijkBuiten. Mevrouw Jansen van de PvdA als eerste.
Mevrouw Jansen-Dirkx: In uw brief vraagt u om een reactie. Die kunnen wij hierbij geven. Bent u het met ons eens dat een traject waarbij een keuze wordt voorgelegd, voor een invulling van een speeltuin, niet het overleg is met bewoners, waar in de motie om gevraagd wordt. Realiseert u zich dat jongeren er niet op zitten te wachten om te moeten hangen, tussen aanhalingstekens, op plekken waar ook kleine kinderen spelen en
ook ouders bij zijn. Is het daarom ook juist niet verstandig om clustering van doelgroepen toe te passen, zoals gesteld in de brief. Aangezien het ombouwen van huidige speelplekken niet wenselijk is, welke stappen gaat u dan nog meer nemen om de doelgroep 10+, naast het voorgestelde tweede trapveldje in Parkrijk en de tafeltennistafel … Wij denken hier bijvoorbeeld aan het invullen door de jongeren zelf, met een voorstel hoe zij graag een plek zouden willen zien. Dan verwijs ik nog even naar de motie die wij nog aanhouden rondom een hangplek voor jongeren. De voorzitter: . Ga ik over naar de heer Cupedo, Beter voor Rijswijk. De heer Cupedo: Heel kort. Beter voor Rijswijk heeft op 9 juli 2019 samen met de VVD en Wij. Rijswijk een motie ingediend. Beter voor Rijswijk is blij met die IB-brief en dat de afgelopen periode actie is ondernomen. Zou graag als aandachtspunt willen meegeven, denk ook aan de doelgroep, 10-jarigen. Zelf woon ik in RijswijkBuiten. Voor de kleintjes heb je heel veel speelveldjes, speelpleintjes. Alleen voor de 10-jarigen niet. Dus neem dat alsjeblieft mee. De voorzitter: Dan kijk ik even naar het college. Er wordt naar de heer Verkerk gewezen, chef algemene zaken. De heer Verkerk: Vind je het goed dat we dat schriftelijk doen? Ik ben er niet op gebriefd. De heer Cupedo: Dat is prima. De voorzitter: Dan krijgt u de schriftelijke beantwoording. 4.
Sluiting De voorzitter: Dan zijn we aan het einde gekomen van deze vergadering. Dank u wel voor uw komst en wel thuis.