CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebeantwoordingvragen CDA

Raadsvergadering 16 december 2025, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Verordening Jeugdhulp 2026 (RV 25 101)800 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen CDA Betreft: RV 25.101 Verordening Jeugdhulp 2026

Beste griffie,

Hierbij mijn vragen bij het agendapunt 13 van het forum van morgen.

1. Wordt met deze wijziging van de verordening de normalisering voor het eerst in de verordening jeugdhulp vastgelegd? 2. Is de lijst met normale ouderlijke taken en verantwoordelijkheden uitputtend of kunnen er ook andere normale taken en verantwoordelijkheden “normaal” voor ouders zijn? 3. Zijn de wijzigingen van de verordening afgestemd met het servicebureau? 4. Hanteren de andere deelnemende gemeenten en Den Haag dezelfde beschrijving van taken en verantwoordelijkheden van de ouders? 5. Regelt deze verordening ook de verschuiving van individuele jeugdhulp naar collectieve jeugdhulp? Zo ja op welke wijze? Zo nee waarom niet?

Helma van Schie Raadslid CDA 06 270 546 48

Rijswijk

Beantwoording vragen CDA: 1. Wordt met deze wijziging van de verordening de normalisering voor het eerst in de verordening jeugdhulp vastgelegd? Antwoord: Nee, in de Verordening Jeugdhulp Rijswijk 2022 was de volgende bepaling opgenomen: Paragraaf 3. Beoordeling Artikel 8. Onderzoek en opstellen ondersteuningsplan 1. Het college onderzoekt in een gesprek met de jeugdige en/of ouder(s) zo spoedig mogelijk en voor zover nodig in het kader van de hulpvraag:

c. het vermogen van de jeugdige en/of ouder(s) om zelf of met ondersteuning van de naaste omgeving een oplossing voor de hulpvraag te vinden;

2. Is de lijst met normale ouderlijke taken en verantwoordelijkheden uitputtend of kunnen er ook andere normale taken en verantwoordelijkheden “normaal” voor ouders zijn? Antwoord: Het overzicht in Bijlage 1 (‘Overzicht ouderlijke verzorgings- en opvoedtaken’) is niet uitputtend. Het geeft voorbeelden van ouderlijke verzorgings- en opvoedtaken, maar er kunnen ook andere taken en verantwoordelijkheden zijn die als normaal voor ouders worden beschouwd. 3. Zijn de wijzigingen van de verordening afgestemd met het servicebureau? Antwoord: De verordening valt onder de lokale bevoegdheid van gemeenten. Regionaal hebben de gemeenten het initiatief genomen om de lokale verordeningen met elkaar te vergelijken. Dat is ook een onderdeel van het samen leren zoals verwoord in de Regiovisie Jeugdzorg Haaglanden 2021-2026. 4. Hanteren de andere deelnemende gemeenten en Den Haag dezelfde beschrijving van taken en verantwoordelijkheden van de ouders? Antwoord: zie vraag 3. Aanvullend, veel gemeente gebruiken net als Rijswijk de modelverordening van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, waardoor er veel overeenkomsten zullen bestaan tussen de verordeningen van regiogemeenten. 5.

Regelt deze verordening ook de verschuiving van individuele jeugdhulp naar collectieve jeugdhulp? Zo ja op welke wijze? Zo nee waarom niet? Antwoord: ja, hulpvragen die gerelateerd zijn aan de onderwerpen in het overzicht ouderlijke verzorgings- en opvoedtaken worden niet vanuit een individuele jeugdhulpvoorziening opgelost, maar vanuit het preventieve voorliggend veld. Hiervoor wordt doorverwezen naar het voorliggende preventieve veld. In de Verordening Jeugdhulp Rijswijk 2026 is dat als volgt geformuleerd (zie vetgedrukte tekst): Artikel 10. Het opstellen van een ondersteuningsplan 1. Het college en de jeugdige en/of ouder(s) leggen de zaken als genoemd in artikel 9 vierde lid

van deze verordening, vast in het ondersteuningsplan. Dit wordt gedaan conform het stappenplan van de Centrale Raad van beroep:

a. Stap 1. Het vaststellen van de hulpvraag: de hulpvraag wordt daarbij tevens geanalyseerd op veiligheid en urgentieaspecten; b. Stap 2. Vaststellen of sprake is van opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen en zo ja, welke problemen en stoornissen dat zijn: in dit kader wordt tevens onderzoek verricht naar (beschermende en risicovolle) factoren binnen de jeugdige en ouder(s) die van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling en de manier van opvoeden in verhouding tot de hulpvraag. Hierbij wordt nagegaan wat de ouderlijke verzorgings- en opvoedingsplicht is. Ook wordt gekeken naar de beleving en manier van omgaan met de hulpvraag; c. Stap 3. Nadat de samenhang tussen al de verzamelde informatie in kaart is gebracht, wordt gezamenlijk gekeken naar welke hulp naar aard en omvang nodig is voor de jeugdige om, rekening houdend met zijn leeftijd en ontwikkelingsniveau, gezond en veilig op te groeien, te groeien naar zelfstandigheid en voldoende zelfredzaam te zijn en maatschappelijk te participeren. Daarnaast wordt gekeken naar wat de behoefte van de jeugdige en ouder(s) hierin is; d. Stap 4. Voor het inzetten van deze hulp wordt eerst gekeken in hoeverre de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouder(s) en van het sociale netwerk toereikend zijn om zelf de nodige hulp en ondersteuning te kunnen bieden.

De eigen kracht wordt hierbij onderzocht en bepaalt. e. Stap 5. Slechts voor zover die mogelijkheden ontoereikend zijn dient het college een voorziening van jeugdhulp te verlenen. Indien uit voorgaand onderzoek dus blijkt dat de jeugdige, ouder(s) en hun netwerk meer hulp nodig hebben dan zij op basis van eigen kracht kunnen bieden, wordt eerst nog bekeken of algemene (preventieve)

voorzieningen in het voorliggende veld, of voorzieningen vanuit aanpalende wetgeving uitkomst kunnen bieden voordat een individuele voorziening wordt ingezet.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=bce8f865-9e47-435d-b1e7-60f313de960b