CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Campus At the Park_vastgesteld_Regels

Raadsvergadering 18 juni 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen Bestemmingsplan Campus at the Park (RV 24-029)28.525 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Kadans Science Partner, ontwikkelaar gespecialiseerd in het ontwikkelen van campussen, heeft het vastgoedcomplex van Shell overgenomen en wil hier een aantrekkelijke faciliteitencampus maken waar het goed werken, wonen en verblijven is. Rijswijk wil het héle Kesslerpark transformeren in een bruisend stedelijk woon-werkgebied, pal naast het station. Om deze ambitie te bereiken worden ook woningen en andere functies toegevoegd, de openbare ruimte verbeterd en wordt het gebied aantrekkelijk gemaakt voor kennisintensieve bedrijven, onderwijsinstellingen en inwoners die zich thuis voelen in een stedelijk woonmilieu op loopafstand van station en voorzieningen. De leegstand wordt aangepakt door kantoren te slopen en te transformeren naar woningen of weer verhuurbaar te maken in kleine eenheden. Shell liet bij haar vertrek een infrastructuur met ook een uniek fieldlab op Kesslerpark achter en in 2019 werd het Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG) 1 opgericht. In het voormalig fieldlab van Shell verricht TNO nu verder onderzoek naar geothermie en boortechnieken en levert hier een belangrijke bijdrage aan onderzoek naar duurzame hernieuwbare energie en de energietransitie. Het voormalig Shellcomplex aan Kesslerpark ‘At the Park’ heeft grote potentie voor een campus met als hoofdfunctie research & development met daarnaast onderwijs- en educatiefaciliteiten en woon/werkunits.

Hierbij geldt dat er bij de geschiedenis van de locatie aangesloten kan worden. Voor de kennis en innovatieve bedrijven en organisaties zijn het RCSG, TNO en het Europees Octrooibureau in de buurt aantrekkelijke ‘magneten’. Kadans wil met ‘At the Park’ een aantrekkelijke campus ontwikkelen waarin bedrijven elkaar kunnen opzoeken en samen innoveren met daarbij ook een goede woon- en werkomgeving voor young professionals. Er is ook een groeiende vraag naar dit soort inspirerende multifunctionele binnenstedelijke innovatielocaties en faciliteitencampussen. Bij een innovatiedistrict draait het om een combinatie van economische assets (bedrijven en instellingen die innovaties bedenken, testen en produceren), fysieke assets (aantrekkelijke publieke ruimte met uitnodigende gebouwen en werkplekken, goed bereikbaar met ook openbaar vervoer en fiets) en netwerk assets (denk aan community building, ontmoetingsplekken). In dit acceptatiekader beschrijven we specifieker welke bedrijven en organisaties bij uitstek passend zijn binnen de campus At the Park. Juist door een mix van bedrijven, laboratoria, kantoren, onderwijs en de faciliteit zoals een bezoekers- en informatiecentrum kunnen verdere samenwerkingen ontstaan.

1.3 Doelgroep is prioritair innovatieve bedrijven in renewable energy, life sciences & health én overige innovatieve bedrijven gericht op duurzaamheid Het Rijswijk Centre for Sustainable Geo-Energy op het voormalig Shell-terrein Kesslerpark heeft grote potentie voor de ontwikkeling van een duurzaam energiecluster op het gebied van geothermie en de verdere duurzame energietransitie. Bedrijven of organisaties actief in de sector geothermie & energietransitie vestigen zich er graag. In elkaars nabijheid worden verdere innovaties en samenwerkingen aangejaagd.

1 Aardwarmte kan een belangrijke rol spelen in de energietransitie. Om die ontwikkeling te versnellen hebben het

Ministerie van Economische Zaken, Energie Beheer Nederland, Provincie Zuid-Holland, gemeente Rijswijk en TNO het RCSG opgericht.

Verder ligt de focus op bedrijven in Health & Life Sciences. In 2019 is Eurofins Scientific met haar COVID-testen laboratoria gevestigd op de faciliteitencampus At the Park. Een faciliteitencampus is ook interessant voor overige innovatieve bedrijven die verdere samenwerkingen willen opzoeken met focus op het oplossen van maatschappelijke vraagstukken zoals de energietransitie. De uitdagingen vragen om samenwerkingen tussen kennisinstellingen, overheid en bedrijven. In de directe nabijheid van de campus At the Park is ook het European Patent Office in Rijswijk gevestigd en een aantrekkelijke magneet voor innovatieve start ups en bedrijven. Via het Rijswijk Informatie en Educatie Centrum, werknaam REDIN, jagen we verdere samenwerkingen aan met onderwijs, arbeidsmarkt, en overige kennisinstellingen en vakopleidingen. In de nabijheid zijn innovatielabs, praktijklocaties en (MKB)werkplaatsen een meerwaarde voor zowel onderwijs als de bedrijven die op een campus gevestigd zijn. Wat bedrijven betreft gaat het om zowel grote, zelfstandige bedrijven met bijvoorbeeld ook laboratoria behoefte, als kleine bedrijven zoals startups die interesse hebben in het delen van de faciliteiten binnen de campus At the Park.

Juist de verschillende kenmerken naar omvang, kennisniveau, ontwikkelstadium, sector en toepassing van technologie van de bedrijven maakt de campus als werklocatie interessant en een broedplaats voor verdere samenwerkingen. De broedplaats en faciliteiten zijn ook interessant voor andere innovatieve bedrijven uit (Top)sectoren die verdere samenwerkingen opzoeken. Op die manier kunnen (technische) innovaties worden gecombineerd en maatschappelijke vraagstukken worden opgelost. Innovatieve bedrijven zoeken, bedenken en realiseren oplossingen, en versterken de economie met innovaties. De toepassing van geothermie groeit met grote sprongen, bedrijven in deze sector halen voordelen uit het vestigen in de buurt van andere bedrijven, het samenwerken en het gezamenlijk gebruiken van de faciliteiten. Dit past ook goed bij de trend waarbij bedrijven faciliteiten met elkaar delen, in plaats van alles zelf te bezitten. Waar vroeger op Kesslerpark innovaties werden gedaan voor het boren naar olie en gas, gaan nu bedrijven o.a. de energietransitie vormgeven met onderzoek en doorontwikkeling van geothermie, warmtepompen, waterstof, zon, wind en andere wijze van duurzame energieproductie en opslagtechnieken. Het is belangrijk om het innovatieprofiel vast te houden, te versterken en om dit goed te blijven communiceren naar de buitenwereld.

De bedrijven zoals TNO en Eurofins die er nu al gevestigd zijn blijven, en er zullen juist ook nieuwe bedrijven aangetrokken worden. De bedrijven die we richting Kesslerpark en specifieker binnen de campus At the Park willen aantrekken zijn weergegeven in een schillenmodel. De doelgroepen zijn verder uitgeschreven in een aantal ‘schillen’; in de kern bevinden zich de organisaties en bedrijven die zich binnen en op de faciliteitencampus At the Park kunnen vestigen. In de schillen daaromheen andere bedrijven, die al dan niet gelieerd zijn aan de organisaties en bedrijven binnen en op de campus At the Park. Zie hieronder voor meer toelichting op dit model.

Faciliteitencampus At the Park wil bedrijven en organisaties aantrekken die actief zijn op het gebied van; Geothermie en energietransitie Innovatieve bedrijven, organisaties, onderwijs, vakopleidingen maar bijvoorbeeld ook een bezoekers- en informatiecentrum op het gebied van geothermie en de verdere energietransitie Life sciences & health Innovatieve bedrijven, organisaties met al dan niet ook laboratoria of kantoor behoefte Overige innovatieve (Top)sectoren (impact economy) Innovatieve bedrijven, organisaties die verdere samenwerking hebben of juist willen opzoeken en met verdere innovaties zo bijdragen aan maatschappelijke opgaven met een belangrijke impact.

Het is daarbij belangrijk om de signatuur, karakter, en capaciteit te blijven koesteren waardoor bedrijven, kennisinstellingen en talent blijvend worden aangetrokken.

Figuur 1: Schillenmodel Kesslerpark en omgeving

1.4 Schillenmodel en Acceptiekader bedrijvigheid Het schillenmodel laat zien welke bedrijven en organisaties passend zijn binnen de campusontwikkeling op Kesslerpark en omgeving en specifieker binnen de faciliteitencampus van At the Park van Kadans Science Partner.

Het type bedrijven met SBI codes hieronder in tabel 1. kern schillenmodel passen sowieso binnen de campus van At the Park. Het type bedrijven met SBI codes hieronder in tabel 2. 1e schil schillenmodel passen eventueel ook binnen de campus van At the Park als zij al samenwerken met, of nauw gaan samenwerken, of op een andere manier gelieerd zijn aan gevestigde bedrijven of organisaties binnen de campus van At the Park. Uiteraard zijn bedrijven niet altijd in een hokje te plaatsen. De SBI indeling is ook niet altijd onderscheidend genoeg. Daarom zal er altijd een ‘grijs gebied’ zijn. Het is aan de gemeente en eigenaar van de campus om het concept niet te laten verwateren. Zodat ook op langere termijn het concept sterk blijft en in een behoefte kan blijven voorzien. Tabel 1: Overzicht SBI-codes kern schillenmodel Type bedrijf

SBI Branche

SBI Hoofdactiviteit

SBI Code

Duurzame energie

D: Productie en distributie van en handel in elektriciteit, aardgas, stoom en gekoelde lucht

Productie van elektriciteit door windenergie

35.11.2

Productie van elektriciteit door zonnecellen, warmtepompen en waterkracht

35.11.3

Energie gerelateerde activiteiten

D: Productie en distributie van en handel in elektriciteit, aardgas, stoom en gekoelde lucht

Beheer en exploitatie van transportnetten voor elektriciteit, aardgas en warm water

35.12

Installatie

F: Bouwnijverheid

Installatie van verwarmings- en luchtbehandelingsapparatuur

Onderzoek

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

Biotechnologisch speur- en ontwikkelingswerk

43.22.2

72.11

Biotechnologisch speur- en ontwikkelingswerk op het gebied van agrarische producten en processen

72.11.1

Biotechnologisch speur- en ontwikkelingswerk op het gebied van medische producten en farmaceutische processen en van voeding

72.11.2

Biotechnologisch speur- en ontwikkelingswerk voor overige toepassingen

72.11.3

Speur- en ontwikkelingswerk op het gebied van landbouw en visserij (niet biotechnologisch)

72.19.1

Technisch speur- en ontwikkelingswerk

72.19.2

Speur- en ontwikkelingswerk op het gebied van gezondheid en voeding (niet biotechnologisch)

72.19.3

Overig natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk (niet biotechnologisch)

72.19.9

Medische instrumenten

Zorg

C: Industrie

Q: Gezondheids- en welzijnszorg

Speur- en ontwikkelingswerk op het gebied van de maatschappij- en geesteswetenschappen

72.20

Vervaardiging van bestralingsapparatuur en van elektromedische en elektrotherapeutische apparatuur

26.60

Tandtechnische bedrijven

32.50.1

Vervaardiging van medische instrumenten en hulpmiddelen (geen tandtechniek)

32.50.2

Medische laboratoria, trombosediensten en overig behandelingsondersteunend onderzoek

86.92.4

Tabel 2: Overzicht SBI-codes 1e schil schillenmodel Onderstaande bedrijven kunnen eventueel ook binnen de faciliteitencampus At the Park vestigen, als zij gaan, of al samenwerken met, of op een andere manier belangrijk gelieerd zijn aan gevestigde bedrijven of organisaties op de campus.

Type bedrijf

SBI Branche

SBI Hoofdactiviteit

Softwareontwikkeling

J: Informatie en communicatie

Ontwikkelen, produceren en uitgeven van software

62.01

ICTdienstverlening

J: Informatie en communicatie

Overige uitgeverijen van software

58.29

Telecommunicatie via satelliet

61.30

Overige telecommunicatie

61.90

Advisering en ondersteuning op het gebied van informatietechnologie

62.02

Overige dienstverlenende activiteiten op het gebied van informatietechnologie

62.09

Gegevensverwerking, webhosting en aanverwante activiteiten

63.11

Webportals

63.12

Architecten

71.11

Ingenieurs en overig technisch ontwerp en advies

71.12

Ontwerp

Advies

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

SBI Code

Communicatie- en grafisch ontwerp

74.10.1

Industrieel en productontwerp

74.10.2

Interieur- en ruimtelijk ontwerp

74.10.3

Organisatieadviesbureaus

70.22.1

Keuring

Rechtskundige dienstverlening

Reclame

Financiële dienstverlening

ICT-industrie

Bemiddeling

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

Advisering op het gebied van management en bedrijfsvoering (geen public relations en organisatieadviesbureaus)

70.22.2

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

Keuring en controle van agrarische producten en voedingsmiddelen

71.20.1

Keuring en controle van machines, apparaten en materialen

71.20.2

Overige keuring en controle

71.20.3

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

Advocatenkantoren, bewindvoerders en curatoren

69.10.1

Octrooibureaus

69.10.5

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

Markt- en opinieonderzoekbureaus

73.20

Reclamebureaus

73.11

M: Advisering, onderzoek en overige specialistische zakelijke dienstverlening

Accountants-administratieconsulenten

69.20.2

Boekhoudkantoren

69.20.3

Overige administratiekantoren

69.20.9

C: Industrie

Vervaardiging van communicatieapparatuur

26.30

Vervaardiging van elektronische componenten

26.11

Vervaardiging van elektronische printplaten

26.12

Vervaardiging van computers en randapparatuur

26.20

Vervaardiging van consumentenelektronica

26.40

Arbeidsbemiddeling

78.10

N: Verhuur van roerende goederen en overige zakelijke dienstverlening

1.5 Acceptatiekader en conceptbewaking van het Schillenmodel Het afwegingskader voor de campus At The Park van Kadans Science Partner is gebaseerd op het principe dat alleen campusgerelateerde bedrijven en organisaties zich mogen vestigen op de campus At the Park waarbij het belang van vestiging van dit bedrijf of de

organisatie passend is in het innovatieve karakter en de signatuur van de faciliteitencampus At The Park en bijdraagt aan verdere samenwerkingen, start ups. Juist een mix van verschillende functies; bedrijven, laboratoria, kantoren, onderwijs en educatiecenter maken At the Park een interessante werklocatie en aanjager van verdere samenwerkingen. Dit Acceptatiekader vormt het verdere instrument op te toetsen of bedrijven en organisaties op de campus At the Park passen. Concreter willen we niet toestaan dat niet in de signatuur passende en binnen de campus bijdragende bedrijven of organisaties zich vestigen in At the Park. Voor de (toekomstige) interesse, het behoud en aantrekken van (nieuwe) eindgebruikers, maar ook voor de marketing van de faciliteitencampus ‘At The Park’ is het van belang dat de campus voldoende onderscheidend is en blijft van de andere campuslocaties binnen Nederland, maar ook in relatie tot andere werklocaties binnen Rijswijk en de regio. Het is dan ook van groot belang om het innovatieprofiel vast te houden en te versterken. We willen juist verschillende type organisaties, bedrijven, start- en scale ups, (vak)onderwijs, instellingen en educatiecenter aantrekken en verdere samenwerkingen aanjagen.

Het uitdragen van de specifieke capaciteiten van de faciliteitencampus en het open innovatie systeem zijn het ‘campusmerk’ en belangrijk om te blijven koesteren voor het aantrekken van bedrijven, kennisinstellingen en talent. Conceptbewaking schillenmodel Als onderlegger van het acceptatiekader geldt dat van binnen (de kern) naar buiten (2 e schil) de conceptbewaking steeds belangrijker wordt. De kern van bedrijvigheid moet niet ‘verwateren’ om het campusconcept sterk te houden. Naarmate de noodzaak van nabijheid tot de faciliteitencampus ‘At the Park’ verder afneemt, neemt ook de conceptbewaking verder af. Bedrijven in de 1e en 2e schil kunnen zich namelijk zonder beperking buiten de campus vestigen.

At The Park Rijswijk Akoestisch onderzoek industrielawaai

Opdrachtgevers Green Living C.V. Kadans Science Partner XIV BV. Contactpersonen de heer W Hagenaar de heer S. Harsveldt Kenmerk R008_01_L230529 Versie 01 Datum 3 april 2024 Auteur E. (Ed) Goudriaan ing. J.M.M. (Han) Vossen

Kelvinbaan 40 2e verd., 3439 MT Nieuwegein | Postbus 1475, 3430 BL Nieuwegein | T (030) 231 13 77 | F (030) 234 17 54 E info@lbpsight.nl | www.lbpsight.nl | IBAN: NL62 RABO 036 42 36 558 | KvK 30073990 | BTW NL007076083B01

Inhoudsopgave

1

Inleiding ..................................................................................................................................... 3

2

Beschrijving plangebied met het TNO-complex ..................................................................... 6

3

Toetsingskader ........................................................................................................................... 7

4

Uitgangspunten berekeningen ................................................................................................. 9 4.1

5

Maatregelen TNO boorinstallatie RIG (onderzoek Herrenknecht) ............................................. 13

Geluidbelasting equivalente waarden ...................................................................................15 5.1

Beoordeling vanuit goede ruimtelijke ordening (cumulatie van alle activiteiten binnen

Kesslerpark) ................................................................................................................................................................... 15

6

5.2

Beoordeling activiteiten TNO aan artikel 22.63 omgevingsplan ................................................ 20

5.3

Geluidbelasting maximale geluidniveaus ter plaatse van gebouw 1 en 2 .............................. 23

5.4

Geluidbelasting verkeersaantrekkende werking ter plaatse van gebouw 1 en 2 ................ 25

5.5

Nadere analyses bijdragen TNO .............................................................................................................. 26 5.5.1

Nadere analyse boortoren niet in werking ......................................................................... 28

5.5.2

Nadere analyse uitzonderlijke bedrijfssituatie ................................................................... 29

Conclusie ..................................................................................................................................31

Bijlagen Bijlage I

Opgave aantal voertuigen

Bijlage II

Rapport Herenknecht Vertical GmbH

Bijlage II

Modelgegevens

Bijlage III

Rekenresultaten

R008_01_L230529 | 3 april 2024

2

1

Inleiding

In het kader van de herontwikkeling van het Kesslerpark in Rijswijk heeft de gemeente Rijswijk een visie ontwikkeld om tot een woon-werklocatie te komen met de ontwikkeling van meer woningen in de omgeving. Het Kessler Park ligt binnen het bestemminsplan Plaspoelpolder 1 e Herziening (onherroepelijk 29 augustus 2013) en heeft de bestemming ‘Bedrijventerrein’. Bedrijven, niet-zelfstandige kantoorfuncties en een bedrijf met een laboratorium behorend tot categorie 4.1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn hier onder andere toegestaan (de activiteiten van TNO passen binnen het bestemmingsplan). De gewenste nieuwe woonfuncties passen niet binnen dit bestemmingsplan. Een planologische procedure is hiermee noodzakelijk. Ten behoeve van het bestemmingsplan “Campus (here) At The Park” moest inzicht worden verkregen in de geluidbelasting als gevolg van het weg- en railverkeer en als gevolg van de omliggende bedrijven waaronder TNO. Deze rapportage gaat over de geluidbelasting als gevolg van de activiteiten bij TNO en overige bedrijven gelegen binnen het plangebied. In figuur 1 zijn de grenzen van het plangebied gegeven.

Figuur 1.1 Plangebied ontwikkeling Kesslerpark Rijswijk Het plangebied wordt omsloten door de 50km/u-wegen de Volmerlaan, de Visseringlaan, Lange Kleiweg en het Kesslerpark. Daarnaast ligt het plangebied nabij rijksweg A4 en de spoorlijn Den Haag – Delft.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

3

Binnen het plangebied is voorzien in 9 nieuwe woongebouwen. In figuur 1.2 is de verbeelding weergegeven.

Figuur 1.2 Verbeelding bestemmingsplan “Campus (here) At The Park” met 9 nieuwe woongebouwen Door de Omgevingsdienst Haaglanden zijn op de eerdere rapportage van 3 november 2023 een aantal opmerkingen gemaakt (zie brief 14-02-2024 kenmerk ODH957689) die in deze versie van het rapport zijn verwerkt. De opmerkingen waren: -

Representatief met betrekking tot het gehele TNO complex. Mogelijk zullen ook andere bedrijven in het complex trekken, waar volgens de rapportage rekening mee is gehouden met betrekking tot de verkeersbewegingen over het terrein en bedrijfstijden, echter dit zijn prognoses. Ook zal de Omgevingswet primair uitgaan van activiteiten met onderlinge binding en niet van een inrichtingsgrens waarbinnen werkzaamheden plaatsvinden. TNO kan dus apart worden beschouwd, zie verder de notitie “Voorstel aanpassing concept-ontwerp bestemmingsplan CatP” van LBP|SIGHT d.d. 7 december 2023. Uit deze notitie blijkt mogelijk ook dat de bedrijfssituaties zoals geschetst in het rapport, door TNO niet geheel juist en/of actueel worden bevonden.

-

Adviseren om ook de geluidbelasting te bepalen zonder dat de boortoren in werking is, zodat inzichtelijk is hoe maatgevend de boortoren is en hoeveel ruimte er is voor toekomstige andere activiteiten bij TNO.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

4

-

Het rapport moet worden aangepast aan de nieuwe inzichten.

-

Wij adviseren om in een (aangepast) geluidonderzoek een analyse op te nemen van de mogelijke geluidbelasting bij tegenvallende reductiewaarden van de te treffen maatregelen. Daarbij zou onderscheid gemaakt kunnen worden tussen geluidbronnen die binnen een kleine onzekerheidsmarge goed zijn in te schatten en geluidbronnen waarvan het werkelijke bronvermogen nu nog onzeker is, zodat inzichtelijk is hoe groot het effect van het onzekere deel is op de totale geluidbelasting.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

5

2

Beschrijving plangebied met het TNO-complex

De TNO-locatie ligt aan de Kessler Parkweg 1D in Rijswijk. In figuur 2.1 is TNO en de directe omgeving weergegeven.

Figuur 2.1 Locatie TNO De noordelijke kant van het plangebied bestaat vooral uit een ondergrondse parkeergarage bedekt door gras en enkele bomen. Verder is er centraal in het plangebied een groot kantorencomplex aanwezig. Te midden van het complex is een vijver omringd door een aantal bomen gesitueerd. Het kantorencomplex wordt voor een deel gebruikt door innovatieve bedrijven zoals TNO en Eurofins. Tevens bevindt zich op het Kesslerpark een uniek fieldlab het Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG). In dit fieldlab verricht TNO onderzoek naar geothermie en boortechnieken. Een groot deel van het ontwikkelgebied wordt ingenomen door de bestaande gebouwen Rockies, Andes, Zagros en Alps. Hierin zijn de planologische mogelijkheden verleend, door middel van een gebruiksverruiming om aan te sluiten op het faciliteitencampusconcept; een mix van innovatieve bedrijven en organisaties mét ook onderwijs, vakopleidingen en een informatie- en bezoekerscentrum.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

6

3

Toetsingskader

Omgevingswet (algemeen) Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet inwerking getreden. Op dat tijdstip zijn veel wetten over de fysieke leefomgeving, zoals de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), de Wet ruimtelijke ordening (Wro), de Wet milieubeheer (Wm) en de Wet geluidhinder, ingetrokken en vervangen door de Omgevingswet (en onderliggende regelgeving). Met de Omgevingswet zijn ook veel algemene rijksregels gedecentraliseerd naar de gemeente. Dat geldt bijvoorbeeld voor de regels van het Activiteitenbesluit over het geluid door milieubelastende activiteiten. Onder de Omgevingswet wordt geluid door de gemeente gereguleerd met regels in het omgevingsplan. Overgangsrecht (algemeen) Het overgangsrecht van de Omgevingswet zorgt er kort samengevat voor dat allerlei rechten en plichten blijven gelden. Zo zijn alle bestemmingsplannen onderdeel geworden van (het tijdelijk deel van) het gemeentelijke omgevingsplan. In dat tijdelijk deel zijn (in hoofdstuk 22) ook de regels van het voormalige Activiteitenbesluit opgenomen. Die regels worden de bruidsschat genoemd. Het overgangsrecht regelt ook dat bestaande vergunningen en maatwerkvoorschriften blijven gelden. In bepaalde gevallen moet het oude recht, zoals dat gold voor 1 januari 2024, nog worden toegepast.

Dat geldt bijvoorbeeld voor het geluid door bestaande industrieterrein waarvoor nog geen geluidproductieplafonds zijn vastgesteld. Daarvoor moet het oude recht, waaronder de Wet geluidhinder, nog worden toegepast. Regels van het Rijk De regels voor milieubelastende activiteiten (mba) staan in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). In het Bal is de activiteit (het exploiteren van een uniek fieldlab het Rijswijk Center for Sustainable GeoEnergy (RCSG), met kantoren en onderzoeksruimten) niet aangewezen als mba. Daarom gelden er geen direct werkende regels van het Rijk. Regels omgevingsplan Het geluid vanuit milieubelastende activiteiten moet voldoen aan de regels van het omgevingsplan van de gemeente Rijswijk. De regels staan in par. 22.3.4 van het omgevingsplan. De geluidregels staan in artikel 22.63 (bruidsschat). De regels zijn gelijkwaardig aan de regels van het voormalige Activiteitenbesluit. De gemeente heeft nog geen regels gesteld in het nieuwe deel van het omgevingsplan.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

7

Milieubelastende activiteit: het Besluit activiteiten leefomgeving Voor de verdere invulling van wie de “milieubelastende activiteit” (mba) verricht kan worden gekeken naar het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). In dit besluit is consequent als tweede lid bij de desbetreffende bepaling opgenomen dat de aanwijzing ook andere mba's omvat die op dezelfde locatie worden uitgevoerd en functioneel ondersteund door de exploitant. Deze functioneel ondersteunende activiteiten zijn in ruime zin dienstbaar aan de kernactiviteit en zouden hoogstwaarschijnlijk niet bestaan zonder deze kernactiviteit. Naast technische ondersteuning van de kernactiviteit omvat dit ook facilitaire voorzieningen zoals een administratiekantoor, bezoekersfaciliteiten of een showroom die niet aanwezig zouden zijn geweest zonder de kernactiviteit. Degene die de kernactiviteit verricht heeft altijd zeggenschap over de functioneel ondersteunende activiteit (NvT bij het Bal, p. 616). Omdat de organisatorische binding niet meer terugkomt, is TNO verantwoordelijk voor haar eigen kernactiviteit en daarbij behorende functioneel ondersteunende activiteiten. Hieruit volgt dat TNO bij de vraag of zij voldoet en kan voldoen aan de geluidnormen uit de Bruidsschat, naar haar eigen activiteiten moet kijken.

Voor TNO geldt dat het geluid dat op de gevel van het geluidgevoelige gebouw (de woning) wordt veroorzaakt, niet meer dan 50 dB(A) mag bedragen. Goede ruimtelijke ordening Indien de cumulatieve geluidbelasting van activiteiten meer is dan 50 dB(A) zal in het spoor van de goede ruimtelijke ordening een afweging gemaakt moeten worden daaromtrent en zal gemotiveerd moeten worden waarom dit, na afweging van alle betrokken belangen, in dit geval ruimtelijk aanvaardbaar is (ABRvS 1 juni 2016, ECLI:NL:RVS:2016:1538). Daarbij geldt dat er geen wettelijke normen zijn, op basis waarvan de gecumuleerde geluidbelasting moet worden berekend en beoordeeld. Om tot een beoordeling van deze geluidbelasting te komen kan gebruik worden gemaakt van de Lden (ABRvS 8 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX3931). In dat kader is ook de gecumuleerde geluidbelasting van alle activiteiten binnen het Kesslerpark beschouwd.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

8

4

Uitgangspunten berekeningen

Voor de berekening is uitgegaan van de representatieve bedrijfssituatie voor de verschillende activiteiten. De representatieve bedrijfssituatie betreft de bedrijfssituatie die meer dan 12 keer per jaar voorkomt. De volgende samenhangende activiteiten en de daarbij behorende functioneel ondersteunende activiteiten zijn als volgt onderscheiden: TNO -

buitenwerkzaamheden TNO;

-

uitstraling dak- en geveldelen activiteiten TNO plus installatie dakbronnen Siërrasgebouw, plus twee ventilatoren Andes gebouw, plus transportbewegingen met bestelwagens en vrachtwagens.

Overige -

ventilatie gebouwen (installatie dakbronnen Zagrosgebouw en Andesgebouw;

-

uitstraling ketelhuis;

-

uitstraling installaties ondergrondse parkeergarage.

In het kader van de ontwikkeling van het Kesslerpark zal de grens en de entree van het TNOcomplex wijzigen. Het hek wat er nu staat en waardoor vrachtverkeer in en uit kan rijden en ook de oorspronkelijke grens van de inrichting markeert zal onderdeel worden van de openbare ruimte. In figuur 3.1 en figuur 3.2 is de nieuwe grens en de nieuwe entree van de inrichting aangegeven.

Figuur 4.1 Illustratie van de wijzigingen van de grens van de inrichting

R008_01_L230529 | 3 april 2024

9

Figuur 4.2 Grens inrichting (bedrijfsterrein van TNO) is de rode lijn Buitenwerkzaamheden TNO -

in werking zijn van Test Rig;

-

in werking zijn van Donau Test-Loop;

-

in werking zijn van 10-tons kraan;

-

in werking zijn van een pomp.

Test RIG (Ea044R) De RIG wordt voornamelijk gebruikt om buizen in een bestaande put te plaatsen voor verschillende soorten testen. Gedurende een werkdag van 8 uur wordt daarvoor de topdrive 4 uur gebruikt. Het vast- en losdraaien van de buizen op elkaar duurt gemiddeld 1 minuut en komt circa vier keer per uur voor, op een dag is dit 16 minuten. Donau Test-Loop (Ea038S) De Donau Test-Loop wordt incidenteel per dag gebruikt. Voor de berekeningen is uitgegaan van een gemiddeld gebruik van 0,25 uur in de dagperiode. Kranen buiten Op het buitenterrein bevinden zich meerdere hijskraaninstallaties die worden gebruikt voor experimenten. Er wordt uitgegaan van een worstcasescenario waarbij de bovenloopkranen 1 uur in bedrijf zijn in de dagperiode (07.00 - 19.00 uur). Deze bedrijfstijd is verdeeld over twee puntbronnen. Pomp Op het buitenterrein bevindt zicht een pomp die 20 uur per etmaal in werking is waarvan 4 uur in de nachtperiode.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

10

Geluiduitstraling door dak- en geveldelen TNO Werkzaamheden binnen Siërras In de grote hal vinden verschillende experimenten en werkzaamheden plaats zoals boren. Tijdens de metingen waren er geen activiteiten. Op verzoek is er een buis doorgezaagd en is de bovenloopkraan in gebruik genomen om een indruk te krijgen van het binnenniveau. Op basis van ervaring stellen we dat het binnenniveau ten hoogste 75 dB(A) zal zijn gedurende 4 uur per dag. In de twee kleinere hallen vinden verschillende en wisselende experimenten plaats. Hiervoor is ook een binnenniveau van 75 dB(A) gedurende 4 uur aangehouden. In de berekening zijn voor de uitstraling naar de omgeving alleen grote glasdelen en overheaddeuren opgenomen. De overige dichte geveldelen zijn opgebouwd uit zware betonpanelen die aan de buitenzijde en aan de binnenzijde zijn voorzien van gasbetonblokken. Werkzaamheden Andesgebouw In het Andes-gebouw is men van plan flowloopmetingen te doen. Op een locatie in Delft is op 28 januari 2022 gemeten welke geluidniveaus er bij dergelijke flowmetingen plaatsvinden in een ruimte. De gemeten binnengeluidniveaus bedroegen ten hoogste 80-90 dB(A) bij verschillende capaciteiten waarbij het hoogste niveau zeer kortdurend optreedt. Op basis van de geluidmetingen hebben we gerekend met een gemiddeld binnengeluidniveau van 85 dB(A).

Ventilatie gebouwen Op het dak van het voormalig Siërrasgebouw zijn negen ventilatoren aanwezig waarvan er slechts drie in werking zijn op een lage stand 100% van de tijd. Op het gebouw Andes staan ook nog vijf ventilatoren. Drie afzuigingen behoren bij Solvent waarvan er twee op 100% draaien. Twee afzuigingen zijn voor TNO (chemicaliën opslag) waarvan één ventilator 100% van de tijd draait. Op het gebouw Zagros staat een luchtbehandelingskast die 100% in werking is op 80% van het vermogen. Op 27 januari 2021 zijn geluidmetingen verricht aan de installaties op het dak van Siërras en Andes. Op 29 maart 2024 zijn aanvullende geluidmetingen verricht ter controle van de gehanteerde gegevens. De uitkomst van die geluidmeting aan de dak installaties zijn verwerkt in het rekenmodel. Ketelhuis In het ketelhuis bevindt zich een aantal ketels en koelmachines ten behoeve van de verwarming en koeling van de panden. De koeltorens boven op het ketelhuis staan in rechtstreekse verbinding met de koelinstallaties. Ten tijde van de geluidmetingen 27 januari 2021 konden deze niet worden waargenomen. Op 29 maart 2024 zijn aanvullende geluidmetingen verricht ter controle van de gehanteerde gegevens. Van de zes koelinstallaties draaien er vier op 25% vermogen.

De westzijde van het ketelhuis is voorzien van een wand/geluidscherm dat tot aan de dakhoogte reikt waarvan in figuur 4.3 een afbeelding is gegeven.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

11

Figuur 4.3 Wand/Geluidscherm voor westgevel ketelhuis Uitlaat roosters ventilatoren parkeergarage Op 29 maart 2024 zijn aanvullende geluidmetingen verricht aan de installaties van de parkeergarage. De uitkomst van die geluidmeting zijn verwerkt in het rekenmodel. Het ventilatiesysteem kent vijf standen waarbij de lage stand voldoende is voor de luchtverversing. Op een afstand van 1 meter van de roosters is de laagste stand niet hoorbaar, maar de standen FW2, FW3 en FW5 zijn wel gemeten. De hogere FW3 – FW5 standen worden alleen bij calamiteiten ingezet (hoog percentage koolmonoxide en bij brand in garage). Representatief is de lage stand en daarvoor hanteren we de stand FW2 (is eigenlijk al een te hoge stand) gedurende 24 uur in een etmaal. Transportbewegingen met bestelwagens en vrachtwagens voor alle bedrijven binnen het plangebied Per etmaal komen en/of gaan transporten met bestelwagens en vrachtwagens van en naar de inrichting. TNO heeft aangegeven dat er in de dagperiode rekening moet worden gehouden met 20 bestelwagens (busjes/lichte motorvoertuigen), 2 zware vrachtwagens en 2 middelzware vrachtwagens per dag. In aanvulling geldt dat voor de overige huurders rekening is gehouden met 40 extra bedrijfsbusjes en 1 middelzware vrachtwagens in de dagperiode en 1 bestelbusje in de avondperiode.

Deze opgave wordt volgens de verhuurder representatief geacht voor de voertuigbewegingen voor de bedrijven binnen het plangebied. In bijlage I is de opgave van de verhuurder opgenomen. Er is geen sprake van tonaliteit voor het achteruitrijden van voertuigen omdat de bewegingen zeer kortstondig zijn en geen invloed hebben op de equivalente geluidemissie.

R008_01_L230529 | 3 april 2024

12

Afvalcontainers Twaalfmaal per maand worden de afvalcontainers geleegd die zijn opgesteld op de "Waste-yard" (openbare ruimte gelegen nabij Andes). Deze handeling vindt plaats gedurende 5 minuten door middel van een vrachtwagen met hefsysteem. Deze activiteit is niet geluidrelevant.

4.1

Maatregelen TNO boorinstallatie RIG (onderzoek Herrenknecht)

In de periode 2020-2021 is door ons bureau in opdracht van TNO een akoestisch onderzoek verricht om inzicht te krijgen in hoeverre de activiteiten van TNO nu en in de toekomst op deze locatie samen kunnen gaan met de beoogde ontwikkeling van gevoelige bestemmingen in de omgeving. Op 11 november 2020 zijn geluidmetingen verricht op de TNO-locatie in Rijswijk en in Delft. Uit ons onderzoek (ons rapport R056083aa.210AC0X.rvh van 12 augustus 2021) bleek dat de RIG-installatie een maatgevedende geluidbron is ter plaatse van de beoogde woningbouw. Door de firma Herrenknecht Vertical GmbH zijn in 2022 aanvullende geluidmetingen aan de RIG uitgevoerd. Doel van deze geluidmetingen is om de geluidemissie van de RIG meer gedetailleerd in kaart te brengen en na te gaan welke bronmaatregelen getroffen kunnen worden om de totale geluidemissie van deze installatie te verminderen. De uitkomsten van die geluidmetingen zijn in dit onderzoek verwerkt. De rapportage van deze firma is als bijlage II bijgevoegd. In het onderzoek van de firma Herrenknecht Vertical GmbH zijn een aantal maatregelen beschouwd om de geluidemissie van de RIG te beperken. De eerste maatregelvariant bestaat uit het beperkt op hoog toeren draaien - hooguit 5 min - op 180 bpm, het gedurende 25 minuten op ten hoogste 160 bpm draaien en de rest van de tijd (3,5 uur) op nog een lager toerental op 140 bpm.

In figuur 4.4 is het resultaat van het beperken van de toeren weergegeven.

Figuur 4.4 Maatregel reduceren toerental

R008_01_L230529 | 3 april 2024

13

De tweede maatregelvariant is het overkappen van de boorinstallatie met een reductie van 10 dB. In figuur 4.5 is het principe van deze maatregelvariant weergegeven.

Figuur 4.5 Maatregel overkappen boorinstallatie Daarnaast moet het rooster van de powercontainer geluidisolerend worden uitgevoerd en moet er rondom de shaker een geluidscherm worden aangebracht. In het kader van dit onderzoek gaan we uit van de situatie dat de genoemde maatregelen zowel aan de RIG zijn getroffen (met 3 toeren draaien, de overkapping van de boorinstallatie een reductie heeft van 10 dB) als bij de shaker en de powercontainer. Bronmodel In bijlage III is een overzicht gegeven van het gehanteerde bronmodel. Zowel het bronmodel als de berekeningen zijn overeenkomstig de regels uit de Meet- en rekenmethode industrie (Bijlage IVh uit de Omgevingsregeling).

R008_01_L230529 | 3 april 2024

14

5

Geluidbelasting equivalente waarden

Bij de bepaling van de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus is onderscheid gemaakt in de situatie dat alle activiteiten binnen het Kesslerpark gecumuleerd zijn beschouwd en de situatie dat alleen de activiteiten van TNO (buitenwerkzaamheden, uitstraling gevels, dakbronnen en transportbewegingen) worden beschouwd.

5.1

Beoordeling vanuit goede ruimtelijke ordening (cumulatie van alle activiteiten binnen Kesslerpark)

Gebouw 1 en 2 In figuur 5.1 is de geluidbelasting weergegeven waarbij is uitgegaan dat de boorinstallatie op 3 verschillende toerentallen draait met een overkapping van de boorinstallatie met een reductie van 10 dB plus een geluidscherm rondom de shaker en het rooster van de powercontainer geluidisolerend is uitgevoerd.

Figuur 5.1 Resultaten geluidbelasting van alle gezamenlijke activiteiten binnen het Kesslerpark na maatregelen bij TNO

R008_01_L230529 | 3 april 2024

15

Uit de rekenresultaten blijkt dat de geluidbelasting alleen op de langs- kopgevels aan de openbare ruimte tussen TNO en de beoogde woningen een overschrijding geeft van de aan te houden standaardwaarde vanuit goede ruimtelijke ordening van 50 dB(A) (wnp 026b). Voor deze gevel is al voorgesteld om die gevel als een niet geluidgevoelige (dove) gevel uit te voeren. Dit wordt mede ingegeven doordat het verkeer op de openbare (verkeersaantrekkende werking) eveneens op deze gevel een geluidbelasting geeft van 54 dB(A) (zie paragraaf 5.4) Bij de overige punten ontstaat geen overschrijding van de in het kader van goede ruimtelijke ordening aan te houden standaardwaarde van 50 dB(A). Gebouw A tot en met G Voor de overige 7 gebouwen zijn de geluidbelastingen als gevolg van de activiteiten binnen het plangebied eveneens inzichtelijk gemaakt. Daarbij zijn de maximale geluidniveaus ondergeschikt aan het berekende geluidniveau ter plaatse van gebouw 1 en 2. In figuren 5.2 is de geluidbelasting op de bouwvlakken F en G opgenomen.

Figuur 5.2 Resultaten geluidbelasting bouwvlakken F en G

R008_01_L230529 | 3 april 2024

16

Figuur 5.3 Resultaten geluidbelasting bouwvlak E en de gebouwen C en D

R008_01_L230529 | 3 april 2024

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=c0bde5ff-322c-45ca-b1c6-1f4bb09b345c