CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Campus At the Park_vastgesteld_Bijlagen bij toelichting_Bijlage 1-5

Forum Stad 4 juni 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen bestemmingsplan ''Campus at the Park"" (RV 24 029)29.907 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

VOORONDERZOEK ......................................................................................................................................... 2 2.1 Locatiebeschrijving ............................................................................................................................... 2 2.2 Basisinformatie / afbakening onderzoekslocatie .......................................................................... 2 2.3 Voormalig bodemgebruik................................................................................................................... 2 2.4 Huidig bodemgebruik.......................................................................................................................... 3 2.6 Toekomstig bodemgebruik ................................................................................................................. 4 2.7 Bodemopbouw en geohydrologie..................................................................................................... 4 2.8 (Financieel-)juridische aspecten ......................................................................................................... 4 2.9 Bodemkwaliteitskaart ..........................................................................................................................

4 2.10 Bodemonderzoeken ............................................................................................................................. 5 2.11 Terreinverkenning ................................................................................................................................. 6 2.12 Conclusie vooronderzoek .................................................................................................................... 6

3

ONDERZOEKSOPZET....................................................................................................................................... 7 3.1 3.2 3.3 3.4

4

Onderzoekshypothese ......................................................................................................................... 7 Onderzoeksstrategie ........................................................................................................................... 7 Kwaliteit ................................................................................................................................................. 8 Veiligheidsmaatregelen ...................................................................................................................... 8

UITVOERING EN RESULTATEN BODEMONDERZOEK ............................................................................... 9 4.1 4.2

Veldwerk ................................................................................................................................................ 9 Veldwaarnemingen .............................................................................................................................. 9 2.4.1 Maaiveld .................................................................................................................................... 9 2.4.2 Opgegraven en -geboorde grond ....................................................................................... 9

4.3 4.4 4.5 4.6 5

Analyse ................................................................................................................................................. 10 Analyseresultaten ............................................................................................................................... 11 Interpretatie analyseresultaten........................................................................................................ 11 Toetsing hypothese ............................................................................................................................. 13

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ........................................................................................................... 14 5.1 5.2

Conclusies ............................................................................................................................................. 14 Aanbevelingen .................................................................................................................................... 14

6

VERANTWOORDING .................................................................................................................................... 15

7

LITERATUUROPGAVE..................................................................................................................................... 16

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 inhoudsopgave

BIJLAGEN 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Regionale en kadastrale ligging onderzoekslocatie Uitsnedes historische topografische kaarten Onderzoekslocatie met monsternameposities Bodemprofielen Analysecertificaten Toetsingskader analyseresultaten en toetsingswaarden Toetsing analyseresultaten

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 inhoudsopgave

1

INLEIDING

1.1

Inleiding Op verzoek van Pescado Avenida bv is door Koenders & Partners adviseurs en procesmanagers bv een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van Visseringlaan 26-28 te Rijswijk. De aanleiding voor het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen overdracht van de twee kadastrale percelen. Doelstelling van onderhavig onderzoek is de milieuhygiënische kwaliteit van de grond en het grondwater vast te stellen in het kader van de voorgenomen overdracht.

1.2

Opbouw rapportage In deze rapportage zijn het vooronderzoek en de beschikbare gegevens beschreven (hoofdstuk 2), waarna een hypothese wordt opgesteld ten aanzien van mogelijke verdachte en niet verdachte (deel-)locaties ter plaatse van de onderzoekslocatie. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op de onderzoeksopzet en in hoofdstuk 4 worden de resultaten beschreven en geïnterpreteerd. In hoofdstuk 5 tenslotte worden conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 1 van 16

2

VOORONDERZOEK Het vooronderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5725, met als doelstelling om een hypothese te formuleren met betrekking tot de te verwachten bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. Het vooronderzoek naar de bodemkwaliteit heeft zich gericht op de onderzoekslocatie en de direct hieraan grenzende terreindelen. Het totaal vormt het onderzoeksgebied van het vooronderzoek. De gegevens van het vooronderzoek zijn afkomstig van onder andere de volgende bronnen: ƒ Verstrekte informatie opdrachtgever; ƒ Gemeente Rijswijk ( www.rijswijk.nl); ƒ Omgevingsdienst Haaglanden ( www.odh.nl); ƒ Bodemkwaliteitskaart gemeente Rijswijk; ƒ Bodemfunctieklassenkaart gemeente Rijswijk; ƒ Recente luchtfoto / topografische kaart; ƒ Bodemloket ( www.bodemloket.nl); ƒ Atlas Leefomgeving ( www.atlasleefomgeving.nl); ƒ Data en Informatie van de Nederlandse Ondergrond ( www.dinoloket.nl); ƒ Historische topografische kaarten ( www.topotijdreis.nl); ƒ Het Kadaster ( www.kadaster.nl / bagviewer.kadaster.nl); ƒ Terreinverkenning.

2.1

Locatiebeschrijving De onderzoekslocatie betreft een kantoorpand (“Hoekstede”) met parkeerplaats, gelegen aan de Visseringlaan 26 en 28 te Rijswijk. De locatie wordt mogelijk getransformeerd naar woongebruik. Het buitenterrein is nagenoeg volledig verhard met hoofdzakelijk klinkers en tegels. De regionale en kadastrale ligging van de locatie is weergegeven op de kaarten in bijlage 1.

2.2

Basisinformatie / afbakening onderzoekslocatie Adres onderzoekslocatie: Visseringlaan 26-28 te Rijswijk.

2.3

Oppervlakte onderzoekslocatie:

7.519 m2.

Kadastrale aanduiding:

Gemeente Rijswijk, sectie G, nummers 2411 en 2412.

Aanleiding bodemonderzoek:

Voorgenomen vastgoedtransactie.

Bodemfunctieklasse o.b.v. bodemfunctieklassenkaart:

Industrie.

Voormalig bodemgebruik Voormalig bodemgebruik:

De locatie is gelegen in het de voormalige Plaspoelpolder, welke met name omstreeks 1960 ontwikkeld is ten behoeve van industrie. Hiervoor was ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie vermoedelijk weinig activiteit in het gebied. Het huidige Hoekstede-gebouw dateert op basis van de Basisregistratie Adressen en Gebouwen uit 1980. Uit door de opdrachtgever aangeleverde informatie blijkt dat omstreeks 2009 enkele kleine panden gesloopt zijn ter plaatse van de noordoostzijde van de onderzoekslocatie, waarna het huidige parkeerterrein is gerealiseerd (klinkers op zandlaag). Gelijktijdig is vermoedelijk de puinhoudende bovengrond ter plaatse verwijderd.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 2 van 16

Voormalige bodembedreigende (bedrijfs)activiteiten (incl. periode):

Het Hoekstede-gebouw is omstreeks 1980 in gebruik genomen ten behoeve van arbeidsvoorzieningen bij de aangrenzende Shell-fabriek (noordzijde onderzoekslocatie) en is omstreeks 2009 weer afgestoten. Aan de zuidwestgeval van het pand is een olie-benzineafscheider (hierna OBAS) aanwezig (geweest). Nadere informatie hieromtrent is opgenomen onder §2.10.

Informatie (resten) van voormalige kelders, funderingen, rioolsystemen, enz:

Uitpandig vermoedelijk niet aanwezig.

Informatie verrichte handelingen met grond, verhardingsmateriaal of afval:

Uit historische topografische kaarten (zie bijlage 2) blijkt dat met name in de periode na 1960 enkele voormalige sloten zijn gedempt ter plaatse van de onderzoekslocatie. De globale locaties van de voormalige watergangen zijn ingetekend op de overzichtstekening onder bijlage 3. In het verleden zijn ter plaatse en in de nabijheid van de onderzoekslocatie enkele bodemsaneringen uitgevoerd. Nadere informatie hieromtrent is opgenomen onder §2.10.

2.4

Kans op aantreffen asbestresten a.g.v. bedrijfsactiviteiten, toepassing asbest in opstallen, toepassen bouwstoffen, stortingen, enz.):

Bij eerder uitgevoerd bodemonderzoek (zie §2.10) is plaatselijk puinbijmenging in de bodem waargenomen. Derhalve wordt de locatie als verdacht aangemerkt op het voorkomen van asbest in de grond.

Aanwezigheid brandstoftanks (incl. ligging, inhoud, wel/niet verwijderd/afgevuld):

Aan de zuidwestgevel van het pand is een OBAS aanwezig (geweest). Nadere informatie hieromtrent is opgenomen onder §2.10.

Verwachting archeologische waarden:

Op basis van de Archeologische waarden- en beleidskaart van Rijswijk blijkt dat de onderzoekslocatie is gelegen in een zone met middelhoge / lage verwachting ten aanzien van respectievelijk het Neolithicum / de Brons- en IJzertijd.

Verwachting niet gesprongen explosieven:

Geen relevante informatie bekend.

Huidig bodemgebruik Huidig bodemgebruik:

Onderhavige onderzoekslocatie betreft een kantoorpand met parkeerterrein.

Gebouwen of objecten aanwezig (kelders, fundering, kunstwerken, enz):

Ten zuidwesten van onderhavige onderzoekslocatie is ten tijde van onderhavig bodemonderzoek een ondergrondse kelderbak gesloopt. Nadere gegevens hieromtrent ontbreken.

Eventuele (zichtbare) resten van asbest op/in bodem:

Niet waargenomen.

Gegevens over ligging tanks, kabels, slootdempingen, stortplekken, andere verdachte activiteiten:

In de periode na 1960 zijn enkele sloten gedempt ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie, zoals weergegeven op de overzichtstekening onder bijlage 3. Met betrekking tot kabels en leidingen wordt voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden een KLIC-melding uitgevoerd via het Kadaster.

(Niet-doordringbare) verhardingslagen aanwezig op de locatie:

Inpandig is een betonvloer aanwezig en uitpandig is de locatie nagenoeg volledig verhard met hoofdzakelijk klinkers en tegels.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 3 van 16

2.5

2.6

2.7

2.8

Toekomstig bodemgebruik Informatie geplande herinrichting en/of bouwplannen:

De locatie wordt mogelijk getransformeerd tot woongebruik.

Informatie geplande bedrijfsactiviteiten:

Geen specifieke informatie bekend.

Informatie (voorgenomen) grondwateronttrekkingen:

Vermoedelijk niet voorgenomen.

Grootte en diepte e.v.t. geplande watergangen:

Vermoedelijk niet voorgenomen.

Planning ondergrondse infrastructuur (tunnels, parkeerkelders, funderingen, riolen ed.):

Vermoedelijk niet voorgenomen.

Voorgenomen potentieel bodembedreigende activiteiten:

Vermoedelijk niet voorgenomen.

Voorgenomen specifiek (zeer) gevoelig gebruik (volks(moes)tuinen, land- en/of tuinbouwgewassen):

Vermoedelijk niet voorgenomen.

Bodemopbouw en geohydrologie Ophooggeschiedenis en wijze bouwrijp maken van de locatie:

Geen relevante informatie bekend.

Globale bodemopbouw tot 10 m-mv:

DINOloket boring B30G0320 bevindt zich nabij de locatie. De bodem ter plaatse van deze boring bestaat in de eerste 10 meter minus maaiveld uit zand met incidenteel klei/veen.

Verwachte grondwaterstand:

Circa 1,5 m-mv.

Locatie gelegen nabij oppervlaktewater:

In de nabijheid van de onderzoekslocatie zijn geen oppervlaktewateren gelegen.

Richting stroming grondwater 1e watervoerend pakket:

Uit de isohypsen van de grondwaterstanden in het 1e watervoerende pakket blijkt dat het grondwater globaal in zuidelijke richting (DSM) stroomt.

Ligging binnen beschermde zone:

De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied of boringvrije zone.

(Financieel-)juridische aspecten Overige belanghebbenden aanwezig:

Geen relevante informatie bekend.

Sprake van calamiteit en/of overtreding i.k.v. Wm of Wbb:

Geen relevante informatie bekend.

Periode waarin verontreiniging mogelijk is ontstaan:

Vanaf ingebruikname van de locatie omstreeks 1980.

Bodemkwaliteitskaart Uit de bodemkwaliteitskaart van de gemeente Rijswijk blijkt dat de onderzoekslocatie is gelegen in zone Plaspoelpolder, waar de gemiddelde bodemkwaliteit van zowel de boven- als ondergrond wordt aangemerkt als klasse AW2000.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 4 van 16

2.9

Bodemonderzoeken In het verleden zijn ter plaatse van de SIEP-locatie (Shell International Exploration and Production BV), waar het Hoekstede-gebouw onderdeel van heeft uitgemaakt, diverse bodemonderzoeken uitgevoerd. Navolgend worden de voor onderhavige onderzoekslocatie relevante bodemonderzoeken beknopt samengevat. Samenvattend bodemonderzoeksrapport van het SIEP-terrein aan de Volmerlaan 6/8 te Rijswijk, Oranjewoud B.V., projectnummer 99516, maart 1998. Doelstelling van het onderzoek was een overzicht te maken van alle bodemonderzoeken die waren uitgevoerd vóór 1998. Destijds zijn nabij het Hoekstede-gebouw geen bodembedreigende activiteiten gedefinieerd. Nulsituatie bodemonderzoek 2008 SIEP te Rijswijk, Oranjewoud B.V., projectnummer 181328, april 2009. Het onderzoek is uitgevoerd in verband met een grootschalige herinrichting van het SIEP-terrein, waaronder het voorgenomen afstoten van onderhavige onderzoekslocatie (inclusief het Hoekstede-gebouw). Uit het vooronderzoek blijkt dat ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie in 2003 ten hoogste licht verhoogde gehaltes aan zware metalen zijn aangetoond. Bij het uitgevoerde nulsituatie-bodemonderzoek is aan de noordzijde van onderhavige onderzoekslocatie analytisch een sterke bariumverontreiniging in de bovengrond aangetoond (boring I808).

In het grondwater zijn (na herbemonstering) ten hoogste lichte verontreinigingen met xylenen en VOCl aangetoond. Nulsituatie bodemonderzoek 2013 Shell te Rijswijk, Oranjewoud B.V., projectnummer 196198.118, 17 maart 2014. Het onderzoek betreft een actualisatie van het in 2008 uitgevoerd nulsituatie-bodemonderzoek. Uit het actualiserend vooronderzoek blijkt dat in 2010 een bodemonderzoek is uitgevoerd ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie, waarbij de eerder aangetoonde sterke bariumverontreiniging niet is aangetoond. Mogelijk is de bariumverontreiniging gesaneerd bij de ontmanteling van de kleine gebouwtjes achter het Hoekstede-gebouw ten behoeve van herinrichting tot parkeerplaats. Tevens blijkt zich een olie-benzineafscheider (OBAS) te bevinden aan de noordwestgevel van het Hoekstede-gebouw, welke aanvullend is onderzocht. In het grondwater zijn geen verhoogde concentraties aan minerale olie en/of aromaten aangetoond. Evaluatierapport bodemsanering hydrauliekolie nabij gebouw Zagros, Kessler Park 1 te Rijswijk, AnteaGroup B.V., projectnummer 196198.126, 28 maart 2014. Aanleiding voor de uitgevoerde bereddering / bodemsanering was een spill met hydrauliekolie (calamiteit) op de klinkers circa 25 meter ten noorden van onderhavige onderzoekslocatie.

In fase 1 zijn de klinkers ter plaatse van de drie zintuiglijk verontreinigde spots verwijderd en de onderliggende zandlaag is bemonsterd. De zandlaag ter plaatse van twee van de drie bleek niet verontreinigd met minerale olie. De zandlaag ter plaatse van de derde spot was sterk verontreinigd en is afgevoerd. In fase 2 is de zintuiglijk met olie verontreinigde repac en overige grond verwijderd (totaal 0,14 ton repac en grond). De putbodems en –wanden bleken niet verontreinigd met minerale olie. Monitoring PCB’s- en minerale olieverontreiniging Kessler Park 1 te Rijswijk, AnteaGroup B.V., projectnummer 275965.04, 22 augustus 2016. De aanleiding voor de monitoring zijn de restverontreinigingen met (immobiele) PCB en minerale olie circa 40 meter ten noordwesten van onderhavige onderzoekslocatie, welke zijn achtergebleven na een bodemsanering in 2010 (beschikking provincie Zuid-Holland, kenmerk ZH060300030B52, 22 juni 2010). Sindsdien is jaarlijks een monitoringsronde uitgevoerd,

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 5 van 16

waarbij geen verhoogde gehaltes aan PCB of minerale olie zijn aangetoond in grond en grondwater. 2.10 Terreinverkenning Op 4 februari 2019 heeft een locatie-inspectie plaatsgevonden. Tijdens de locatie-inspectie zijn geen verdachte activiteiten, brandplekken, verzakkingen, ophogingen, vul- en ontluchtingspunten en/of (asbest)verdachte materialen op het maaiveld waargenomen. 2.11 Conclusie vooronderzoek Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek wordt de locatie aangemerkt als verdacht op het voorkomen van (lichte) bodemverontreiniging met de klassieke chemische bodemparameters, alsmede PCB in grondwater en asbest in grond. Er is mogelijk sprake van potentiële beïnvloeding op de bodemkwaliteit vanuit de omgeving. Bij de uitvoering van het onderzoek dient specifiek aandacht te worden besteed aan de voormalige bodemsaneringslocaties ten noorden en noordwesten van de onderzoekslocatie, de OBAS aan de zuidwestgevel van het Hoekstede-gebouw, alsmede de in het verleden aangetoonde sterke bariumverontreiniging ter plaatse van het parkeerterrein en de gedempte sloten ter plaatse.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 6 van 16

3

ONDERZOEKSOPZET

3.1

Onderzoekshypothese Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek wordt de locatie aangemerkt als verdacht op het voorkomen van bodemverontreiniging met de klassieke chemische bodemparameters, PCB in grondwater en asbest in grond.

3.2

Onderzoeksstrategie Verkennend chemisch bodemonderzoek De onderzoekslocatie zal worden onderzocht conform NEN 5740 ‘Bodem – Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond’, waarbij de onderzoeksstrategie voor een verdachte, niet-lijnvormige locatie, diffuse bodembelasting, heterogeen verdeelde verontreiniging op schaal van monsterneming (VED-HENL) wordt gehanteerd. Hierbij wordt in eerste instantie de bovengrond (grondlaag vanaf onderzijde verharding tot 0,5 meter minus maaiveld (m-mv)) als meest verdachte bodemlaag beschouwd. In overleg met de opdrachtgever is besloten om inpandig geen onderzoek uit te voeren. Ter plaatse van de gedempte sloten worden aanvullende diepe boringen (tot circa 2 m-mv) geplaatst. Om onderbouwd een uitspraak te kunnen doen over de kwaliteit van de ondergrond worden (aanvullend op de strategie) twee mengmonsters van de ondergrond samengesteld en geanalyseerd op het standaardpakket grond. Verkennend bodemonderzoek asbest De onderzoekslocatie zal worden onderzocht conform NEN 5707 ‘Bodem – Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond’, waarbij de onderzoeksstrategie voor een diffuus belaste locatie met een heterogeen verdeelde asbestverontreiniging op de schaal van monsterneming wordt gehanteerd (strategie VED-HE).

Hierbij wordt met name de bovenste grondlaag (vanaf maaiveld tot circa 1 m-mv) als verdacht beschouwd. In de navolgende tabel zijn de uit te voeren werkzaamheden samengevat. Tabel 1: Samenvatting onderzoeksstrategie Veldwerk Duiding locatie

inspectiegat + boring tot 1 m-mv

inspectiegat + boring tot 2 m-mv

boring met peilbuis

Aantal te analyseren (meng)monsters

4 x standaardpakket bovengrond2 2 x standaardpakket ondergrond2 Perceel 11 10 21 (7.519 m2) 2 x standaardpakket grondwater3 + PCB 4 x asbest in grond4 1. Peilbuis NEN, de bovenkant van het filter wordt circa 0,5 meter beneden de geschatte grondwaterstand geplaatst. 2. Standaardpakket grond: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PCB’s (som 7), minerale olie, PAK (10 VROM), lutum en organische stof. 3. Standaardpakket grondwater: zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), VAK (Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen), VOCL (Vluchtige Alifatische Koolwaterstoffen) en minerale olie. 4. Conform NEN 5898.

Op basis van het vooronderzoek worden de peilbuizen (gericht) geplaatst aan de noordzijde van de onderzoekslocatie, ter hoogte van de saneringslocaties (minerale (hydrauliek)olie en PCB). Het grondwater wordt, conform de norm, ten minste zeven dagen na plaatsen van de peilbuizen bemonsterd en geanlyseerd op het standaardpakket grondwater + PCB.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 7 van 16

3.3

Kwaliteit De genomen (grond)monsters worden afzonderlijk verpakt, geconserveerd en naar het laboratorium gebracht. De mengmonsters van de boven- en ondergrond worden in het laboratorium samengesteld. De bemonsteringswerkzaamheden worden uitgevoerd conform de methode zoals omschreven in de BRL 2000 ‘Richtlijn voor het veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek’ en daarbij behorende SIKB-protocollen.

3.4

Veiligheidsmaatregelen De arbeidshygiënische maatregelen tijdens het uitvoeren van het onderzoek moeten voldoen aan de voorschriften uit het Arbeidsomstandighedenbesluit (hoofdstuk 4: afdeling 1 en 2). De maatregelen zijn uitgewerkt in de CROW-publicatie 400 ‘Werken in of met verontreinigde bodem’. Voorafgaand aan het onderzoek is een beoordeling uitgevoerd van mogelijke blootstellingrisico’s aan schadelijke stoffen. Tijdens de beoordeling van de locatie zijn geen blootstellingsrisico’s gedefinieerd. Daarom worden naast de standaard persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) geen aanvullende maatregelen noodzakelijk geacht.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 8 van 16

4

UITVOERING EN RESULTATEN BODEMONDERZOEK

4.1

Veldwerk Het veldwerk is uitgevoerd op 4, 5 (grond) en 13 (grondwater) februari 2019 door de heer A.S.W. Scheper van Koenders & Partners adviseurs en procesmanagers bv die als gecertificeerd en aangewezen veldwerker de werkzaamheden onder BRL SIKB 2000-certificaat heeft uitgevoerd. Uitvoering van het veldwerk heeft bestaan uit de volgende werkzaamheden: ƒ Het uitvoeren van een maaiveldinspectie; ƒ Het graven van 23 inspectiegaten; ƒ Plaatsen van 23 handboringen tot maximaal 3 m-mv; ƒ Het afwerken van twee boringen met een peilbuis; ƒ Het zintuiglijk beoordelen van de vrijgekomen grond; ƒ Inschatten van de inspectie-efficiëntie; ƒ Samenstellen van drie mengmonsters van de asbestverdachte grond (minimaal 10 kg na drogen); ƒ Bemonsteren van het opgeboorde materiaal per bodemsoort (max. in trajecten van 0,5 m); ƒ Peilen van de grondwaterstand en bemonstering van het grondwater. In bijlage 3 zijn de monsternameposities met betrekking tot het uitgevoerde bodemonderzoek weergegeven.

4.2

Veldwaarnemingen

2.4.1 Maaiveld De maaiveldinspectie is uitgevoerd conform § 6.2 van de NEN 5707. De weersomstandigheden voor de visuele inspectie waren goed: droog, bewolkt en goed zicht. Het maaiveld van de onderzoekslocatie was tijdens de uitvoering van het veldwerk echter voor een groot deel verhard. Derhalve kan geen verdere opdeling worden gemaakt in verdachte en onverdachte deellocaties en dient de hele locatie als verdacht te worden beschouwd. Het verwijderen van de obstakels staat niet verhouding tot de gehanteerde onderzoeksintensiteit. Voor zover inspecteerbaar zijn op het maaiveld geen fragmenten asbestverdacht materiaal waargenomen. 2.4.2 Opgegraven en -geboorde grond Tijdens de uitvoering van de veldwerkzaamheden zijn geen puinbijmengingen in de bodem waargenomen. Visueel zijn in de opgegraven en -geboorde grond geen asbestverdachte materialen waargenomen. Boring 016 is ter plaatse van de in het verleden aangetoonde sterke bariumverontreiniging in de bovengrond geplaatst en boring 006 is ter plaatse van de OBAS. In bijlage 4 zijn de boorprofielen en organoleptische waarnemingen van de uitgevoerde grondboringen weergegeven. De globale bodemopbouw ter plaatse van de onderzoekslocatie is op basis van de verrichte boorwerkzaamheden als volgt samen te vatten: ƒ Bovengrond : zand; ƒ Ondergrond : zand; ƒ Diepere ondergrond : zand/klei.

Het freatisch grondwatervlak ter plaatse van de onderzoekslocatie is tijdens de grondwatermonstername waargenomen op circa 1,85 m-mv. Van de bemonsterde peilbuizen zijn de navolgende waarden aan zuurgraad (pH), elektrisch geleidingsvermogen (E.G.V.) en troebelheid (NTU) in het veld gemeten:

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 9 van 16

Tabel 2: Meetwaarden grondwater Filtertraject (m-mv)

Peilbuis Pb 001 Pb 002

2,00 2,00

-

Grondwaterstand (m-mv)

pH

E.G.V. (µS/cm)

Troebelheid NTU

1,85 1,85

7,88 7,80

2.153 2.011

29,4 23,9

3,00 3,00

De zuurgraad (pH) en het elektrisch geleidingsvermogen (E.G.V.) komen overeen met de natuurlijke situatie voor het gebied en geven geen aanleiding de onderzoeksstrategie aan te passen. 4.3

Analyse De analyses en bewerkingen zijn uitgevoerd door een RvA-geaccrediteerd laboratorium. In de navolgende tabellen is een overzicht gegeven van de samengestelde (meng)monsters, het analysetraject en de analyseparameters met betrekking tot onderhavig onderzoek. Naar aanleiding van de analyseresultaten zijn aanvullende afperkende analyses ingezet om gelijktijdig inzicht te krijgen in de globale aard en omvang van de verontreiniging(en). Tabel 3: Uitgevoerde analyses grond Monstercode

Boring

Traject (m-mv)

Zintuiglijke waarneming

Geanalyseerde parameters

Grond asbest

MM1

MM2

MM3

MM4

004 005 006 020 t/m 023 002 003 013 016 t/m 019 010 011 012 014 015 001 007 008 009

0.00

-

1.00

-

asbest in grond

0.00

-

1.00

-

asbest in grond

0.00

-

1.00

-

asbest in grond

0.00

-

1.00

-

asbest in grond

0.10 0.10 0.10 0.10 0.00 0.10 0.10 0.10

-

0.50 0.50 0.50 0.50 0.30 0.50 0.50 0.30

-

Grond chemisch MM1 (BG)

MM 2 (BG)

001 002 010 013 006 007 008 011

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

standaardpakket grond

standaardpakket grond

1 maart 2019 pagina 10 van 16

Monstercode MM 3 (BG)

MM 4 (BG) MM 5 (BG) MM 6 (OG) MM 7 (OG)

MM 8 (OG)

Boring 004 005 020 021 003 012 014 019 016 017 001 002 006 001 002 016 022 007 010 013 020

Traject (m-mv) 0.05 0.05 0.05 0.10 0.05 0.10 0.10 0.10 0.10 0.10 1.50 1.30 1.00 2.00 1.50 1.50 1.50 1.50 1.50 1.00 1.00

-

Zintuiglijke waarneming

0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 2.00 1.50 1.50 2.50 2.00 2.00 2.00 2.00 2.00 1.50 1.50

-

Geanalyseerde parameters

standaardpakket grond

standaardpakket grond

standaardpakket grond standaardpakket grond

standaardpakket grond

standaardpakket grond

Voor verklaring van aangegeven analysepakketten zie §3.2 Tabel 4: Uitgevoerde analyses grondwater Peilbuis Pb 001 Pb 002

Traject (m-mv) 2.00 2.00

-

3.00 3.00

Zintuiglijke waarneming

Geanalyseerde parameters

troebel troebel

standaardpakket grondwater + PCB standaardpakket grondwater + PCB

Voor verklaring van aangegeven analysepakketten zie §3.2

4.4

Analyseresultaten Grond asbest De analyseresultaten van de asbestanalyses zijn opgenomen in bijlage 5. De resultaten van het onderzoek zijn getoetst aan de circulaire bodemsanering 2013 met hierin opgenomen de interventiewaarde voor asbest in grond van 100 mg/kg ds gewogen. Grond chemisch De analyseresultaten (opgenomen onder bijlage 5) zijn na correctie naar standaardbodem, getoetst aan de streef-/achtergrond- en interventiewaarden (bijlage 7), als genoemd in de circulaire bodemsanering 2013. Enige informatie over de interpretatie van de streef/achtergrond- en interventiewaarden alsmede de toetsingstabel (voor een standaardbodem) uit de ‘circulaire bodemsanering 2013’ staat vermeld in bijlage 6.

4.5

Interpretatie analyseresultaten Ter beoordeling van mogelijke risico's voor de volksgezondheid en de aantasting van het milieu dient naast de aard en concentraties van de stoffen ook rekening te worden gehouden met het gebruik van de bodem ter plaatse. Bij interpretatie van de analyseresultaten dient men er rekening mee te houden dat de resultaten, voor wat betreft de boven- en ondergrond betrekking hebben op mengmonsters. Hierbij is het mogelijk dat de gemeten gehalten in de

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 11 van 16

separate monsters waaruit het mengmonster is samengesteld, een gelijke factor hoger kunnen liggen dan het aantal monsters waaruit het mengmonster is samengesteld. Overschrijdingen van de normen worden als volgt geïnterpreteerd: ƒ Gehalte > achtergrond- (AW)/streefwaarde (S-waarde) : licht verontreinigd; ƒ Gehalte > tussenwaarde (½(AW+I)/ ½(S+I)-waarde) : matig verontreinigd; ƒ Gehalte > interventiewaarde (I-waarde) : sterk verontreinigd. Grond In de navolgende tabel zijn de overschrijdingen van de achtergrond-, tussen- en interventiewaarden in de grond per (meng)monster weergegeven. De resultaten zijn tevens indicatief getoetst aan het Besluit bodemkwaliteit. In verband met de Tabel 5: Overschrijdingen achtergrond-, tussen- en interventiewaarden grond + bodemkwaliteitsklasse Bbk Monstercode

Boring

Traject (m-mv)

Overschrijding Overschrijding Overschrijding Bodemkwaliteitsachtergrondwaarde tussenwaarde interventiewaarde klasse Bbk

Grond asbest

MM1

MM2

MM3

MM4

004 005 006 020 t/m 023 002 003 013 016 t/m 019 010 011 012 014 015 001 007 008 009

0.00 - 1.00

asbest niet aantoonbaar

nvt

0.00 - 1.00

asbest niet aantoonbaar

nvt

0.00 - 1.00

asbest 0,67 mg/kg ds (gewogen)

nvt

0.00 - 1.00

asbest niet aantoonbaar

nvt

Grond chemisch MM1 (BG)

MM 2 (BG)

MM 3 (BG)

MM 4 (BG)

001 002 010 013 006 007 008 011 004 005 020 021 003 012 014 019

0.10 0.10 0.10 0.10 0.00 0.10 0.10 0.10 0.05 0.05 0.05 0.10 0.05 0.10 0.10 0.10

-

0.50 0.50 0.50 0.50 0.30 0.50 0.50 0.30 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50 0.50

kwik, PCB

-

-

AW2000*

PCB

-

-

AW2000*

-

-

-

AW2000

-

-

-

AW2000

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 12 van 16

Monstercode MM 5 (BG) MM 6 (OG) MM 7 (OG)

MM 8 (OG)

Traject (m-mv)

Boring 016 017 001 002 006 001 002 016 022 007 010 013 020

0.10 0.10 1.50 1.30 1.00 2.00 1.50 1.50 1.50 1.50 1.50 1.00 1.00

-

Overschrijding Overschrijding Overschrijding Bodemkwaliteitsachtergrondwaarde tussenwaarde interventiewaarde klasse Bbk

0.50 0.50 2.00 1.50 1.50 2.50 2.00 2.00 2.00 2.00 2.00 1.50 1.50

zink

-

-

AW2000*

-

-

-

AW2000

nikkel

-

-

AW2000*

-

-

-

AW2000

* Altijd toepasbaar op basis van vrijstellingsregeling.

In de boven- en ondergrond (tot 1 m-mv) is in één mengmonster (MM3) een marginaal verhoogd asbestgehalte aangetoond ten opzichte van de detectiegrens en in de overige grond is geen asbest aangetoond. In zowel de boven- als ondergrond (tot maximaal 2,5 m-mv) zijn ten hoogste lichte verontreinigingen aangetoond met enkele zware metalen en PCB. Er is geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader grondonderzoek. Grondwater In de navolgende tabel zijn de overschrijdingen van de streef-, tussen- en interventiewaarden in het grondwater per grondwatermonster weergegeven. Tabel 6: Overschrijdingen streef-, tussen- en interventiewaarden grondwater Peilbuis Pb 001 Pb 002

Filterstelling (m-mv) 2.00 2.00

-

3.00 3.00

Overschrijding streefwaarde

Overschrijding tussenwaarde

Overschrijding interventiewaarde

-

-

-

In het grondwater zijn geen verhoogde gehaltes aangetoond ten opzichte van de detectielimieten danwel streefwaarden. Er is geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader grondwateronderzoek. 4.6

Toetsing hypothese Op basis van de onderzoeksresultaten wordt de hypothese “verdacht op het voorkomen van bodemverontreiniging” aanvaard. De zeer licht verhoogde gehaltes aan zware metalen en PCB in de grond geven geen aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek.

Rapport verkennend bodemonderzoek Visseringlaan 26-28 te Rijswijk Projectnummer 190013-B01

1 maart 2019 pagina 13 van 16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=38d93ab4-376e-4b79-9c60-33ab9375d484