Brief aan Adviesraad Energietransitie
Tekst van het document
uw kenmerk uw brief van
September 2Q2 j
ons <9 kenmerk rvcillliciiv
fcw. I
inlichtingen bij doorkiesnummer
23.193316 T w M. B0kê
U ! CfCVp
06-lS697>ig- * ' * *“-'
ff D |
^-./vCt Vlf
A A D
LM A H
-------------------------- ------- —______ Maatschappelijke Ontwikkelingen
Adviesraad Energietransitie Rijswijk Huis van de stad. Generaal Spoortaan 2 Postbus 5305, 2280 HH Rijswijk Telefoon 14 070 stadhuis@riiswijk.nl wwwrijswijk.nl iban BNG: NL15BNGH0285007424
betreft
Concept Bodemenergieplan Rijswijk, Bogaard stadscentrum en Plaspoelpolder
datum bijlage(n)
28 november 2023 1
VERZONDEN 2 9N0Y.20Z3
Geachte leden van de Adviesraad, Wij bedanken de Adviesraad Energietransitie voor het uitgebreide advies op het concept Bodemenergieplan Rijswijk, Bogaard stadscentrum en Plaspoelpolder. In uw advies geeft u ons vijf zaken mee. Hieronder reageren wij op uw inbreng en geven wij aan hoe wij met uw advies zijn omgegaan. 1.
Zorg dat ten behoeve van de ruimtelijke ordening van de ondergrond in Rijswijk, alle systemen met potentiële toepassing in Rijswijk, zoals open en gesloten bodemenergiesystemen, aardwarmte en warmteopslag een plaats krijgen in het Bodemenergieplan. Wij begrijpen uw advies goed, om alle bodemenergiesystemen in dit Bodemenergieplan op te nemen. Ook wij zien de druk op de gehele ondergrond toenemen. Dit vraagt, in onze ogen, uiteindelijk meer regie vanuit de overheid om beter gebruik te maken van de duurzame energie die in de bodem aanwezig is. Dit bodemenergieplan is geen visie of alles omvattend plan op de bodem, maar is specifiek gericht om een aantal aanvullende regels vast te leggen om meer sturing mogelijk te maken aan open en gesloten bodemenergiesystemen. Ten aanzien van geothermie zijn per 1 juli 2023 nieuwe regels van kracht geworden in de Mijnbouwwet. Het Rijk is bevoegd gezag en voert dus regie. Vooralsnog zien wij geen reden om aanvullende eisen aan geothermie te stellen. De opslag van warmte in de bodem (HTO/MTO) staat nog in de kinderschoenen, in het land lopen op dit moment enkele pilots. Ook in Rijswijk, RCSG, is een pilot voor een HTO vergund, waarin de provincie het bevoegd gezag is. Er is nog geen specifieke regelgeving voor HTO/MTO.
Het zal voorbarig zijn om in ons Bodemenergieplan nu al regels op te gaan nemen over HTO/MTO als er nog geen provinciaal kader is. Wel kijken we positief naar deze ontwikkelingen en zijn we bereid om pilots mogelijk te maken. Het is niet uitgesloten dat in de nabije toekomst dat we, in overleg met de provincie, hierover wel nadere regels willen vaststellen maar voor nu is hiervoor niet gekozen.
2.
Onderbouw waarom in het concept Bodemenergieplan geen verband is gelegd met het landelijk beleid voor de waterhuishouding en de bodem. U snijdt hier een terecht punt aan. Bodemenergiesystemen kunnen invloed hebben op de waterhuishouding. Ondanks dat de regelgeving voor bodemenergiesystemen hier eisen aan stelt, is het goed om in het Bodemenergieplan een paragraaf hier over op te nemen. Ook wij erkennen het belang van een goede waterhuishouding. Dit leidt overigens niet tot aanvullende regels. Het behoud van een goede grondwaterkwaliteit en een vitale bodem is echter wel van groot belang. Mede hierom willen we grondwater dat vrijkomt bij onderhoudswerkzaamheden lozen op het
S.v.p bij correspondentie datum en kenmertr van deze brief vermelden en richten aan: Gemeente Rijswijk,, Postbus 5305, 2280 HH Rijswijk
Het Huis van de stad is te bereiken met tram 17 en bus 23 pagina 1 van 3
rioleringsstelsel in plaats van op de bodem. De stoffen die in grondwater op 140 meter diep zitten hoeven immers niet altijd meer gebiedseigen te zijn. 3.
Licht toe waarom een vergunningensysteem het beste systeem is voor het behalen van de doelen. En inventariseer of de gemeente over voldoende deskundigheid kan beschikken of kan inhuren om het vergunningenproces, inclusief de handhaving daarvan een goede invulling te geven. Om rechtsongelijkheid te voorkomen, adviseren wij daarnaast om te komen tot één regime voor de hele gemeente en niet alleen voor de gebieden Plaspoelpolder en het Bogaardstadscentrum. Voorts geven we in overweging het concept Bodemenergieplan te vervolmaken met (globale) financiële paragraaf De provincie is op dit moment bevoegd gezag voor bodemenergiesystemen, maar stuurt niet op optimalisatie van de ondergrond. Het “wie het eerst komt, wie het eerst maalt-principe” geldt op dit moment. Dit staat de noodzakelijke optimalisatie van gebruik van bodemenergie in de weg. In overleg met de provincie is gekeken naar hoe wij als overheden meer grip kunnen krijgen op het verdelingsvraagstuk van de schaarse energiebronnen. De provincie gaf aan dat wij als gemeente het best zelf een aantal regels kunnen opstellen, in plaats dat de provincie een aantal generieke regels zou moeten vaststellen. Wij zijn ervan overtuigd dat alleen goed sturing is te geven door enkele aanvullende regels. Sturing geven door middel van informatie verstrekken of overleg is in onze ogen te vrijblijvend.
We zien nu al in de praktijk dat de initiatiefnemers dan alleen kijken naar de eigen belangen. Ten aanzien van de handhaving en de kennis merken wij op dat het onderwerp inderdaad veel kennis vergt. De gemeente zelf heeft deze kennis niet in huis, maar is indien nodig, wel in te huren. Wij wijzen de Adviesraad er op dat de aanvullende regels worden toegevoegd aan de huidige provinciale regels. Om de vergunningverlening en handhaving binnen de gestelde kaders op te pakken is de Omgevingsdienst door de provincie aangewezen als specialistische uitvoeringsinstantie. In overleg met de provincie en de Omgevingsdienst zal om de paar jaar gekeken worden of de regels nog voldoen. Op basis van de ontwikkelingen die bij alle partijen spelen. Het college is van mening, met de kennis van nu, dat alleen extra regels moeten worden gesteld voor die gebieden waar met redelijkheid is te verwachten dat de druk in de ondergrond zo groot is dat aanvullende regels nodig zijn. Naast de twee genoemde gebieden is de verwachting niet dat op korte termijn noch op langere termijn de druk op de ondergrond zo groot is dat aanvullende regels nodig zijn. Wanneer dit toch voorkomt, bijvoorbeeld doordat de woningbouwcorporaties grootschalige sloop- en herbouw trajecten gaan doorvoeren, dan kunnen we het plan altijd herzien. Ditzelfde geldt natuurlijk ook wanneer technieken als HTO/MTO meer volwassen worden.
De huidige provinciale regels volstaan voor nu in deze gebieden. Dit ook in het licht van de Transitievisie Warmte, waarin opgenomen is dat grote delen van de gemeente in de toekomst het best zijn te verwarmen met een collectief warmtenet tegen de laagst mogelijk maatschappelijke kosten. Een warmtenet in Rijswijk is te voeden met restwarmte via WarmtelinQ, dan wel met geothermie.
4.
Laat aanvullend lokaal geologisch onderzoek naar zogeheten watervoerende pakketten. Mogelijk komt hieruit naar voren dat extra mogelijkheden ontstaan voor een optimalere warmtewinning. Zoals eerder in deze brief is aangegeven, is er inderdaad nog veel onbekend als het gaat om de potentie van bodemenergie. Aanvullend onderzoek zou meer inzicht kunnen geven in het optimaler inrichten van de bodemenergiesystemen. Het afgelopen jaar hebben we daartoe al een eerste stap gezet om in samenwerking met de gemeente Den Haag, TNO en Witteveen en Bos door middel van seismologie meer inzicht te krijgen van de potentie. We zijn niet ingegaan op een vervolgonderzoekstraject met de eerder genoemde partijen omdat de inschatting was dat deze stap onvoldoende zou opleveren in verhouding tot de kosten. Wij volgen het onderzoek dat nu alleen in Den Haag wordt uitgevoerd wel. Daarnaast, en wellicht belangrijker,
23103316
28-11-2023 13:44
pagina 2 van 3
is dat Haagse Aardwarmte in samenwerking met IF Technologie concreet aan de gang is gegaan als het gaat om te kijken wat de potentie is voor een HTO in de Rijswijkse ondergrond. De opgedane kennis (en data) uit het seismologisch onderzoek hebben wij met de genoemde partijen gedeeld. 5.
Afsluitend nog het volgende: het Bodemenergieplan is een onzes inziens zeer technisch stuk en moeilijk leesbaar voor niet-deskundigen. Omdat de doelgroep bestaat uit het college en de gemeenteraad, adviseren wij om de samenvatting in toegankelijker bewoording te formuleren. Dit waarborgt ook een goede basis voor besluitvorming door de Raad. U maakt een terechte opmerking. Het bodemenergieplan is een technisch stuk dat lastig leesbaar is voor niet deskundigen. De doelgroep voor het stuk, is overigens niet primair het college/gemeente, maar de initiatiefnemers (lees adviesbureaus die worden ingehuurd) voor het ontwikkelen van bodemsystemen en de vergunningverleners bij de Omgevingsdienst. Desalniettemin is het wel goed als het college en de raad in hoofdlijnen begrijpen wat zij moeten vaststellen. We hebben een begrijpelijke samenvatting toegevoegd.
Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders, ctejfeecretaris.
a i
de burgemeester.
H. Sahin
Schuit
Bijlagen: Concept Bodemenergieplan Rijswijk, Bogaard stadscentrum en Plaspoelpolder
23.103316
28-11-202313:44
pagina 3 van 3