CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage G Wijzigingsbesluit

Forum Samenleving 14 mei 2024, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (RV 24-025)9.411 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Wijzigingsbesluit gemeente Rijswijk Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 De gemeenteraad, het college van Burgemeester en Wethouders en de Burgemeester, Ieder voor zover het zijn bevoegdheid betreft, gelet op: • • •

de Wet gemeenschappelijke regelingen; de Gemeentewet;

de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014;

overwegende dat: •

de Wet gemeenschappelijke regelingen op 1 juli 2022 is gewijzigd en de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 hier op dient te worden aangepast;

•

deze aanpassing uiterlijk 1 juli 2024 in werking dient te treden;

gelezen: •

het advies van de adviescommissies Va en EV van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en de beantwoording daarvan door het algemeen bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag;

• •

de nota van beantwoording van het algemeen bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag op de zienswijzen van de deelnemende gemeenten; het wijzigingsvoorstel van het algemeen bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag;

Besluiten: Artikel I

De gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 wordt als volgt gewijzigd, waarbij aan de linkerzijde de te wijzigen teksten staan met schuingedrukte passages die de te verwijderen of wijzigen teksten markeren en aan de rechterzijde de nieuwe gemeenschappelijke regeling staat met dikgedrukte passages die de nieuwe ingevoegde tekst -of tekstgedeelten- markeren.

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

Hoofdstuk 1: Algemene bepalingen

Artikel 1:1 Begripsbepalingen

Artikel 1:1 Begripsbepalingen

a.

a.

gemeenschappelijke regelingen;

gemeenschappelijke regelingen;

1.In deze regeling wordt verstaan onder:

adviescommissie: een commissie als bedoeld in artikel 24 van de Wet

1.In deze regeling wordt verstaan onder:

adviescommissie: een commissie als bedoeld in artikel 24 van de Wet

b.

b.

c.

c. bestuurscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 25 van de Wet

Besluit Vervoersregio: de algemene maatregel van bestuur die op grond van artikel 20, derde lid, van de Wet personenvervoer 2000, zoals dit artikel gewijzigd is bij de Wet afschaffing plusregio’s, genomen wordt;

bestuurscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 25 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

Besluit Vervoersregio: artikel 36b van het Besluit personenvervoer 2000;

gemeenschappelijke regelingen;

d.

d.

e.

e.

f.

f.

Capelle aan den IJssel, Delft, Den Haag, Hellevoetsluis, Krimpen aan den

IJssel, Delft, Den Haag, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-

colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten;

gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland;

gemeenten: de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Bernisse, Brielle, IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-

Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rotterdam, Rijswijk, Schiedam,

Spijkenisse, Vlaardingen, Wassenaar, Westland, Westvoorne en Zoetermeer;

colleges: de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten;

gedeputeerde staten: gedeputeerde staten van de provincie Zuid-Holland;

gemeenten: de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den

Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp,

Ridderkerk, Rotterdam, Rijswijk, Schiedam, Vlaardingen, Voorne aan Zee, Wassenaar, Westland en Zoetermeer;

g.

g.

h.

h.

Metropoolregio: het openbaar lichaam, bedoeld in artikel 1:2, eerste lid;

minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

Metropoolregio: het openbaar lichaam, bedoeld in artikel 1:2, eerste lid;

meerjarenbegroting Vervoersautoriteit: Overzicht van beschikbare middelen per jaareinde voor het uitvoeren van de taken van de Vervoersautoriteit gedurende 20 jaar. De meerjarenbegroting is een resultante van de

structurele inkomsten van het Rijk, de structurele uitgaven voor de exploitatie van het openbaar vervoer en de infrastructurele projecten die ofwel in de

uitwerking- of realisatiefase zijn ofwel waarvoor een bestuurlijke toezegging

i.

portefeuillehouder verkeer en vervoer: het lid van het college van

burgemeester en wethouders dat krachtens artikel 168 Gemeentewet door

het betreffende college belast is met de taken op het gebied van verkeer

voor een bijdrage is gedaan; i.

minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

en vervoer.

j.

j.

Haag 2014;

burgemeester en wethouders dat belast is met de taken op het gebied van

regeling: de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den

k.

vertegenwoordigend orgaan: de gemeenteraden van de gemeenten;

l.

Vervoersautoriteit: de in artikel 2:7, derde lid, bedoelde bestuurscommissie;

portefeuillehouder verkeer en vervoer: het lid van het college van verkeer en vervoer.

k.

regeling: de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014; l.

vertegenwoordigend orgaan: de gemeenteraden van de gemeenten;

m. Wet afschaffing plusregio’s: het wetsvoorstel tot afschaffing van de plusregio’s (Kamerstukken II 2012/13, 33 659, nr. 2), en

m.

n.

n.

de regeling.

regeling.

Zienswijzenprocedure: de procedure, bedoeld in artikel 2:1, derde lid, van

Vervoersautoriteit: de in artikel 2:7, derde lid, bedoelde bestuurscommissie;

Zienswijzenprocedure: de procedure, bedoeld in artikel 2:1, derde lid, van de

2.Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere

2.Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet of van enige andere wet

verklaard, komt in die artikelen, onverminderd het bepaalde in artikel 136

komt in die artikelen, onverminderd het bepaalde in artikel 136 van de Wet

wet of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden

van de Wet gemeenschappelijke regelingen, in de plaats van de gemeente, de Metropoolregio en in plaats van de hieronder genoemde

bestuursorganen de daarachter genoemde bestuursorganen:

of wettelijke regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard, gemeenschappelijke regelingen, in de plaats van de gemeente, de

Metropoolregio en in plaats van de hieronder genoemde bestuursorganen de daarachter genoemde bestuursorganen:

a.

a.

b.

b.

c.

c.

Artikel 1:2 Metropoolregio

Artikel 1:2 Metropoolregio

Metropoolregio Rotterdam Den Haag.

Metropoolregio Rotterdam Den Haag.

de gemeenteraad: het algemeen bestuur;

het college van burgemeester en wethouders: het dagelijks bestuur;

de burgemeester: de voorzitter.

1.Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd

de gemeenteraad: het algemeen bestuur;

het college van burgemeester en wethouders: het dagelijks bestuur;

de burgemeester: de voorzitter.

1.Er is een rechtspersoonlijkheid bezittend openbaar lichaam, genaamd

2.De Metropoolregio is gevestigd te Rotterdam.

2.De Metropoolregio is gevestigd te Rotterdam.

3.Het gebied van de Metropoolregio omvat het grondgebied van de

3.Het gebied van de Metropoolregio omvat het grondgebied van de

gemeenten.

gemeenten.

Hoofdstuk 2: De positie van de raden, alsmede de inrichting en

Hoofdstuk 2: De positie van de raden, alsmede de inrichting en samenstelling

Artikel 2:1 Besluitvorming in de gemeenteraden

Artikel 2:1 Besluitvorming in de gemeenteraden

uitgangspunt dat besluitvorming als verlengd lokaal bestuur op

uitgangspunt dat besluitvorming als verlengd lokaal bestuur op transparante

samenstelling van het Metropoolbestuur

1.Voor het bestuur in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag is het transparante wijze democratisch gelegitimeerd plaatsvindt.

van het Metropoolbestuur

1.Voor het bestuur in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag is het wijze democratisch gelegitimeerd plaatsvindt.

2.De vertegenwoordigende organen geven bij belangrijke besluiten steeds

2.De vertegenwoordigende organen geven bij belangrijke besluiten steeds

besluiten worden in ieder geval gerekend:

besluiten worden in ieder geval gerekend:

vooraf hun zienswijzen op de wijze omschreven in het derde lid. Tot deze

vooraf hun zienswijzen op de wijze omschreven in het derde lid. Tot deze

a.

a.

b. het werkplan, bedoeld in artikel 3:2, derde lid;

b.

de strategische agenda, bedoeld in artikel 3:2, eerste lid;

c.

de strategische agenda, bedoeld in artikel 3:2, eerste lid;

het overdragen van bevoegdheden door het algemeen bestuur aan het dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 3:3, derde lid;

het overdragen van bevoegdheden door het algemeen bestuur aan het

c.

d.

d.

dagelijks bestuur, bedoeld in artikel 3:3, derde lid;

de strategische bereikbaarheidsagenda;

e.

de strategische bereikbaarheidsagenda;

het regionaal verkeer- en vervoersplan, ingevolge de Planwet verkeer en vervoer;

het regionaal verkeer- en vervoersplan, ingevolge de Planwet verkeer en

e.

f.

f.

vervoer;

het programma van eisen voor de verlening van een vervoersconcessie;

het programma van eisen voor de verlening van een vervoersconcessie;

de uitgangspunten voor de dienstregeling voor het openbaar vervoer;

g.

de uitgangspunten voor de dienstregeling voor het openbaar vervoer;

h.

g.

het treffen, wijzigen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling,

alsmede het toetreden tot of uittreden uit een gemeenschappelijke regeling;

het treffen, wijzigen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling,

h.

regeling;

waarborgmaatschappij, naamloze of besloten vennootschap, stichting,

alsmede het toetreden tot of uittreden uit een gemeenschappelijke

i.

het oprichten van of deelnemen in een vereniging, coöperatie, onderlinge waarborgmaatschappij, naamloze of besloten vennootschap, stichting, vennootschap onder firma of maatschap;

j. het vaststellen en wijzigen van de begroting, overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

het oprichten van of deelnemen in een vereniging, coöperatie, onderlinge vennootschap onder firma of maatschap; i.

het liquidatieplan bij uittreding en opheffing, en

j.

het besluit bedoeld in artikel 2:8, tweede en derde lid.

k.

het liquidatieplan bij uittreding en opheffing, en

l.

het besluit bedoeld in artikel 2:8, tweede en derde lid. 3.Om de vertegenwoordigende organen in staat te stellen tijdig hun

3.Om de vertegenwoordigende organen in staat te stellen tijdig hun

daarvan aangeboden tenminste acht weken voordat over deze besluiten in

aangeboden tenminste acht weken voordat over deze besluiten in het

zienswijzen over belangrijke besluiten te geven worden de concepten het algemeen bestuur wordt beraadslaagd of besloten. De

vertegenwoordigende organen kunnen bij het dagelijks bestuur hun gevoelens en bezwaren omtrent het voorstel indienen. Het dagelijks

bestuur zendt de zienswijzen aan het algemeen bestuur, waarbij het dagelijks bestuur een advies omtrent de zienswijzen kan toevoegen.

zienswijzen over belangrijke besluiten te geven worden de concepten daarvan algemeen bestuur wordt beraadslaagd of besloten. De vertegenwoordigende

organen kunnen bij het dagelijks bestuur hun gevoelens en bezwaren omtrent het voorstel indienen. Het dagelijks bestuur zendt de zienswijzen aan het

algemeen bestuur en de vertegenwoordigende organen, waarbij het dagelijks bestuur een advies omtrent de zienswijzen toevoegt.

4.Het algemeen bestuur beslist niet dan nadat de vertegenwoordigende

4.Het algemeen bestuur beslist niet dan nadat de vertegenwoordigende

voorgelegde besluit.

voorgelegde besluit.

organen tenminste acht weken de tijd hebben gehad te reageren op het

organen tenminste acht weken de tijd hebben gehad te reageren op het

5.Het algemeen bestuur kan bepalen dat naast de in deze regeling

5.Het algemeen bestuur kan bepalen dat naast de in deze regeling genoemde

zienswijzenprocedure.

zienswijzenprocedure.

genoemde besluiten ook andere besluiten worden onderworpen aan de

besluiten ook andere besluiten worden onderworpen aan de

6.Op besluiten waarop de zienswijzenprocedure van toepassing is, is

6.Op besluiten waarop de zienswijzenprocedure van toepassing is, is artikel

Artikel 2:2 Informatie- en verantwoordingsplicht aan gemeenteraden

Artikel 2:2 Informatie- en verantwoordingsplicht aan gemeenteraden

de vertegenwoordigende organen alle informatie die voor een juiste

vertegenwoordigende organen gevraagd en ongevraagd alle informatie die

artikel 2:3, tweede lid, niet van toepassing.

1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven aan beoordeling van het door het betreffende bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is.

2:3, tweede lid, niet van toepassing

1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter geven aan de voor een juiste beoordeling van het door het betreffende bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is, door middel van toezending van die informatie aan de voorzitters van de vertegenwoordigende organen via de griffie. De begrotingen, de bestuursrapportages, de strategische agenda’s , de

jaarrekening en de evaluaties van de gemeenschappelijke regeling dienen in ieder geval beschouwd te worden als informatie die voor een juiste

beoordeling van het door het betreffende bestuur gevoerde en te voeren beleid nodig is. 2.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter

2.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter verstrekken

door een of meer leden van die organen worden verlangd.

leden van die organen worden verlangd.

verstrekken aan de vertegenwoordigende organen alle inlichtingen die

3.Het reglement van orde voor het algemeen bestuur regelt de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan het in de vorige leden bepaalde.

aan de vertegenwoordigende organen alle inlichtingen die door een of meer

3.De onder het tweede lid bedoelde verstrekking geschiedt schriftelijk door

de eigen vertegenwoordiger van de gemeente in het bestuursorgaan van de

Metropoolregio, vanuit diens rol van bestuurder van de Metropoolregio, op de voor deze gemeente gebruikelijke wijze. De aangeschreven

vertegenwoordiger doet terstond melding aan de Metropoolregio, van de

gestelde vragen en eveneens van het daarop gegeven antwoord. Indien de

vertegenwoordiger verzuimt binnen een termijn van 6 weken de gevraagde

inlichtingen te verstrekken, of in het geval van het dagelijks bestuur er geen bestuurder van de betreffende gemeentezitting heeft in dit bestuursorgaan,

kunnen de leden zich schriftelijk richten tot het betreffende bestuursorgaan van de Metropoolregio zelf.

4.Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op een bestuurscommissie.

4.De onder het derde lid beschreven procedure wijzigt of vervangt niet de

mogelijkheden, noch de procedures vanuit de Gemeentewet en gemeentelijke regelgeving die de vertegenwoordigende organen hebben vanuit de

controlerende functie naar hun eigen gemeentelijke bestuursleden die als lokale vertegenwoordiger in de bestuursorganen van de Metropoolregio zitting hebben.

5.De onder het derde lid schriftelijk gestelde vragen en de naar aanleiding daarvan gegeven schriftelijke antwoorden worden door de Metropoolregio

gedeeld met de vertegenwoordigende organen via een online gedeelde lijst van vragen en antwoorden.

6.Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op de

-------

bestuurscommissies, bedoeld in artikel 2:7.

Artikel 2:2a inspraak van belanghebbenden en ingezetenen 1.

Op de wijze waarop ingezetenen van de deelnemende gemeenten en

belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid op grond van deze regeling betrokken worden is afdeling 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing, tenzij dit wettelijk verplicht is.

2.

Belanghebbenden kunnen bij de op grond van artikel 2:7 ingestelde

bestuurscommissies, het algemeen bestuur en de op grond van artikel 2:8, tweede en derde lid ingestelde adviescommissies, inspreken over

onderwerpen die geagendeerd staan op de agenda van de betreffende vergadering met uitzondering van verslagen van vergaderingen van

organen van de Metropoolregio. Het betreffende reglement van orde stelt in ieder geval regels over aanmelding, toelating en spreektijd. Artikel 2:3 Algemeen bestuur

Artikel 2:3 Algemeen bestuur.

organen wijzen ieder één lid van het algemeen bestuur aan. De

organen wijzen ieder één lid van het algemeen bestuur aan. De

1.Het algemeen bestuur bestaat uit 28 leden. De vertegenwoordigende gemeenteraden van Den Haag en Rotterdam wijzen voorts hun

burgemeester en hun portefeuillehouder verkeer en vervoer aan als lid van het algemeen bestuur.

1.Het algemeen bestuur bestaat uit 25 leden. De vertegenwoordigende gemeenteraden van Den Haag en Rotterdam wijzen voorts hun burgemeester en hun portefeuillehouder verkeer en vervoer aan als lid van het algemeen bestuur.

2.Het dagelijks bestuur zendt de voorstellen waarover in de vergadering

2.Het dagelijks bestuur zendt de voorstellen waarover in de vergadering van

acht weken voor vaststelling aan het algemeen bestuur, behoudens in

weken voor vaststelling aan het algemeen bestuur, behoudens in

van het algemeen bestuur zal worden beraadslaagd en besloten tenminste spoedeisende gevallen.

het algemeen bestuur zal worden beraadslaagd en besloten tenminste twee spoedeisende gevallen.

3.Het algemeen bestuur beslist bij volstrekte meerderheid van stemmen,

3.Het algemeen bestuur beslist bij volstrekte meerderheid van stemmen, met

a.

a.

algemeen bestuur ieder vijftien stemmen kunnen uitbrengen;

bestuur ieder vijftien stemmen kunnen uitbrengen;

met dien verstande dat:

de door de gemeenteraad van Rotterdam aangewezen leden van het

dien verstande dat:

de door de gemeenteraad van Rotterdam aangewezen leden van het algemeen

b.

b.

algemeen bestuur ieder dertien stemmen kunnen uitbrengen;

bestuur ieder dertien stemmen kunnen uitbrengen;

de door de gemeenteraad van Den Haag aangewezen leden van het

de door de gemeenteraad van Den Haag aangewezen leden van het algemeen

c.

c.

leden van het algemeen bestuur ieder negen stemmen kunnen uitbrengen;

aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder negen stemmen kunnen

de door de gemeenteraden van Delft, Westland en Zoetermeer aangewezen

d.

de door de gemeenteraden van Delft, Nissewaard, Westland en Zoetermeer uitbrengen; d.

de door de gemeenteraden van Capelle aan den IJssel, Leidschendam-

de door de gemeenteraden van Capelle aan den IJssel, Leidschendam-

algemeen bestuur ieder zeven stemmen kunnen uitbrengen;

het algemeen bestuur ieder zeven stemmen kunnen uitbrengen;

Voorburg, Schiedam, Spijkenisse, Vlaardingen aangewezen leden van het

Voorburg, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee aangewezen leden van

e.

e.

Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk aangewezen leden van het

Nootdorp, Ridderkerk, Rijswijk aangewezen leden van het algemeen bestuur

de door de gemeenteraden van Barendrecht, Hellevoetsluis, Lansingerland, algemeen bestuur ieder vijf stemmen kunnen uitbrengen;

de door de gemeenteraden van Barendrecht, Lansingerland, Pijnackerieder vijf stemmen kunnen uitbrengen;

f.

f.

Maassluis en Wassenaar aangewezen leden van het algemeen bestuur ieder

Maassluis, Midden-Delfland en Wassenaar aangewezen leden van het

de door de gemeenteraden van Albrandswaard, Krimpen aan den IJssel, vier stemmen kunnen uitbrengen;

de door de gemeenteraden van Albrandswaard, Krimpen aan den IJssel, algemeen bestuur ieder vier stemmen kunnen uitbrengen;

g. de door de gemeenteraden van Bernisse, Brielle, Midden-Delfland, Westvoorne leden van het algemeen bestuur ieder twee stemmen kunnen uitbrengen. 4.De vertegenwoordigende organen kunnen voor ieder lid van het

4.De vertegenwoordigende organen kunnen voor ieder lid van het algemeen

5.De leden van het algemeen bestuur leggen aan het vertegenwoordigend

5.De leden van het algemeen bestuur leggen aan het vertegenwoordigend

het algemeen bestuur gevoerde bestuur. Zij geven het

algemeen bestuur gevoerde bestuur. Zij geven het vertegenwoordigend

algemeen bestuur een plaatsvervangend lid aanwijzen.

orgaan dat hen heeft aangewezen verantwoording af over het door hen in vertegenwoordigend orgaan daartoe alle inlichtingen die een of meerdere

leden van dit orgaan verlangen of die het vertegenwoordigend orgaan voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Het betreffende

vertegenwoordigend orgaan bepaalt op welke wijze verantwoording wordt afgelegd. Indien het betreffende vertegenwoordigend orgaan het

vertrouwen in het eigen lid van het algemeen bestuur verliest, kan dit lid ontslagen worden.

bestuur een plaatsvervangend lid aanwijzen.

orgaan dat hen heeft aangewezen verantwoording af over het door hen in het orgaan daartoe alle inlichtingen die een of meerdere leden van dit orgaan

verlangen of die het vertegenwoordigend orgaan voor de uitoefening van zijn taak nodig heeft. Het betreffende vertegenwoordigend orgaan bepaalt op welke wijze verantwoording wordt afgelegd. Indien het betreffende

vertegenwoordigend orgaan het vertrouwen in het eigen lid van het algemeen bestuur verliest, kan dit lid ontslagen worden.

6.Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten een lid

6.Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten een lid van

van het algemeen bestuur en dat kan deelnemen aan de beraadslaging.

algemeen bestuur en dat kan deelnemen aan de beraadslaging. Het lid van

van gedeputeerde staten aanwijzen dat toegang heeft tot de vergadering

gedeputeerde staten aanwijzen dat toegang heeft tot de vergadering van het gedeputeerde staten heeft daarbij geen stem.

Artikel 2:4 Initiatief, amendement en motie

Artikel 2:4 Initiatief, amendement en motie

aan het algemeen bestuur.

het algemeen bestuur.

1.Ieder lid van het algemeen bestuur heeft het recht voorstellen te doen

1.Ieder lid van het algemeen bestuur heeft het recht voorstellen te doen aan

2.Ieder lid van het algemeen bestuur heeft het recht amendementen voor

2.Ieder lid van het algemeen bestuur heeft het recht amendementen voor te

3.Een lid dat het woord in een vergadering van het algemeen bestuur voert

3.Een lid dat het woord in een vergadering van het algemeen bestuur voert

onderwerp indienen.

onderwerp indienen.

te stellen op voorstellen die aanhangig zijn bij het algemeen bestuur.

kan daarbij moties over het in behandeling zijnde onderwerp of enig ander

stellen op voorstellen die aanhangig zijn bij het algemeen bestuur.

kan daarbij moties over het in behandeling zijnde onderwerp of enig ander

4.Het reglement van orde van het algemeen bestuur bepaalt op welke

4.Het reglement van orde van het algemeen bestuur bepaalt op welke wijze

Artikel 2:5 Voorzitter en plaatsvervangend voorzitter

Artikel 2:5 Voorzitter en plaatsvervangend voorzitter

periode van twee jaar, met dien verstande dat de burgemeester van Den

periode van twee jaar, met dien verstande dat de burgemeester van Den Haag

wijze voorstellen als bedoeld in dit artikel kunnen worden gedaan.

1.Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden de voorzitter aan voor een

Haag of de burgemeester van Rotterdam als voorzitter wordt aangewezen.

voorstellen als bedoeld in dit artikel kunnen worden gedaan.

1.Het algemeen bestuur wijst uit zijn midden de voorzitter aan voor een of de burgemeester van Rotterdam als voorzitter wordt aangewezen.

2.De voorzitter is niet direct herbenoembaar.

2. De in het eerste lid genoemde burgemeester die niet als voorzitter is

3.De in het eerste lid genoemde burgemeester die niet als voorzitter is

vervangt de voorzitter bij diens verhindering of ontstentenis.

aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter van de Metropoolregio en

aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter van de Metropoolregio en

vervangt de voorzitter bij diens verhindering of ontstentenis.

3.De voorzitter is aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd

4.De voorzitter is aan het algemeen bestuur verantwoording verschuldigd

mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen

over het door hem gevoerde bestuur. Hij geeft het algemeen bestuur

over het door hem gevoerde bestuur. Hij geeft het algemeen bestuur waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.

mondeling of schriftelijk de door een of meer leden gevraagde inlichtingen waarvan het verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang. Artikel 2:6 Dagelijks bestuur

Artikel 2:6 Dagelijks bestuur

midden aangewezen leden die ieder één stem hebben, waarbij:

midden aangewezen leden die ieder één stem hebben, waarbij:

1.Het dagelijks bestuur bestaat uit vijf door het algemeen bestuur uit zijn

1.Het dagelijks bestuur bestaat uit vijf door het algemeen bestuur uit zijn

a.

a.

voorzitter en vice-voorzitter;

voorzitter en vice-voorzitter;

de burgemeesters van Den Haag en Rotterdam worden aangewezen als

de burgemeesters van Den Haag en Rotterdam worden aangewezen als

b.

b.

derde lid, onder c tot en met g.

lid, onder c tot en met f.

de overige leden worden benoemd uit de leden bedoeld in artikel 2:3,

2.De leden bedoeld in het eerste lid onder b worden aangewezen voor een periode van twee jaar.

3.In aanvulling op het eerste lid kan het algemeen bestuur op verzoek van

gedeputeerde staten besluiten een additioneel lid in het dagelijks bestuur aan te wijzen uit gedeputeerde staten. Dit lid van het dagelijks bestuur heeft toegang tot de vergadering van het algemeen bestuur en kan aan de beraadslaging deelnemen. Indien toepassing is gegeven aan dit lid, is artikel 2:3, zesde lid, niet van toepassing.

de overige leden worden benoemd uit de leden bedoeld in artikel 2:3, derde 2.De leden bedoeld in het eerste lid onder b worden aangewezen voor een periode van twee jaar.

3.Het dagelijks bestuur kiest in ieder geval een portefeuillehouder Middelen uit haar midden.

4.Het algemeen bestuur kan een lid van het algemeen bestuur aanwijzen dat voor een specifiek, door het algemeen bestuur bepaald, onderwerp kan

deelnemen aan de beraadslagingen van het dagelijks bestuur. Dit lid heeft geen stem.

Artikel 2:7 Bestuurscommissies

Artikel 2:7 Bestuurscommissies

waaraan bevoegdheden van het algemeen bestuur onderscheidenlijk het

waaraan bevoegdheden van het algemeen bestuur onderscheidenlijk het

1.Het algemeen bestuur kan bij verordening bestuurscommissies instellen dagelijks bestuur worden overgedragen.

1.Het algemeen bestuur kan bij verordening bestuurscommissies instellen dagelijks bestuur worden overgedragen.

2.Het algemeen bestuur regelt de afstemming tussen de verschillende

2.Het algemeen bestuur regelt de afstemming tussen de verschillende

wordt ingesteld.

ingesteld.

bestuurscommissies, voor zover er meer dan een bestuurscommissie

bestuurscommissies, voor zover er meer dan één bestuurscommissie wordt

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een bestuurscommissie

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een bestuurscommissie

uit de portefeuillehouders verkeer en vervoer van de gemeenten. Het

de portefeuillehouders verkeer en vervoer van de gemeenten.

Vervoersautoriteit Metropoolregio Rotterdam Den Haag in, welke bestaat

algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten besluiten tevens de portefeuillehouder verkeer en vervoer uit gedeputeerde staten aan te wijzen als lid van de Vervoersautoriteit.

Vervoersautoriteit Metropoolregio Rotterdam Den Haag in, welke bestaat uit

4.De portefeuillehouder verkeer en vervoer van de gemeente Den Haag of

4.Het algemeen bestuur kan op verzoek van gedeputeerde staten de

aangewezen. De voorzitter van de Vervoersautoriteit is niet direct

om deel te nemen aan de openbare beraadslagingen van de

de gemeente Rotterdam wordt als voorzitter van de Vervoersautoriteit

herbenoembaar.

gedeputeerde die belast is met de portefeuille verkeer en vervoer uitnodigen bestuurscommissie Vervoersautoriteit. Deze gedeputeerde heeft in de bestuurscommissie Vervoersautoriteit geen stem.

5.De in het vierde lid genoemde portefeuillehouder die niet als voorzitter

5.De portefeuillehouder verkeer en vervoer van de gemeente Den Haag of de

van de Vervoersautoriteit en vervangt de voorzitter van de

aangewezen.

van de Vervoersautoriteit is aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter Vervoersautoriteit bij diens verhindering of ontstentenis

gemeente Rotterdam wordt als voorzitter van de Vervoersautoriteit

6. De in het vijfde lid genoemde portefeuillehouder die niet als voorzitter van

de Vervoersautoriteit is aangewezen, is de plaatsvervangend voorzitter van de Vervoersautoriteit en vervangt de voorzitter van de Vervoersautoriteit bij diens verhindering of ontstentenis. Artikel 2:8 Adviescommissies

Artikel 2:8 Adviescommissies

het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter instellen. Het

algemeen bestuur, het dagelijks bestuur of de voorzitter instellen. Het

1.Het algemeen bestuur kan bij verordening vaste adviescommissies aan algemeen bestuur regelt bij de instelling de verhouding tot de overige ingestelde adviescommissies en bestuurscommissies.

1.Het algemeen bestuur kan bij verordening vaste adviescommissies aan het algemeen bestuur regelt bij de instelling de verhouding tot de overige ingestelde adviescommissies en bestuurscommissies.

2.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die

2.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die

adviescommissie doet een afschrift van al zijn adviezen toekomen aan de

adviescommissie doet een afschrift van al zijn adviezen toekomen aan de

adviseert omtrent de aangelegenheden van de Vervoersautoriteit. Deze

adviseert omtrent de aangelegenheden van de Vervoersautoriteit. Deze

Vervoersautoriteit. De leden van deze adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen aangewezen en voor zover een lid van

gedeputeerde staten zitting heeft in de Vervoersautoriteit door en uit provinciale staten van Zuid-Holland.

Vervoersautoriteit. De leden van deze adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen aangewezen.

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die

3.Het algemeen bestuur stelt in elk geval een adviescommissie in die

adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen

adviescommissie worden door en uit de vertegenwoordigende organen

adviseert omtrent het economisch vestigingsklimaat. De leden van deze aangewezen en voor zover een lid van gedeputeerde staten zitting heeft in

het dagelijks bestuur door en uit provinciale staten van Zuid-Holland.

adviseert omtrent het economisch vestigingsklimaat. De leden van deze aangewezen.

Hoofdstuk 3: Belang, taken en bevoegdheden

Hoofdstuk 3: Belang, taken en bevoegdheden

Artikel 3:1 Belangen en taken

Artikel 3:1 Belangen en taken

en in deze regeling is bepaald, het bevorderen van de samenwerking

in deze regeling is bepaald, het bevorderen van de samenwerking tussen de

1.De Metropoolregio heeft tot taak, met inachtneming van hetgeen bij wet tussen de gemeenten met het oog op een voorspoedige ontwikkeling in het gebied en het beheer van de aan de regio toevertrouwde voorzieningen. Zij houdt zich daartoe bezig met:

1.De Metropoolregio heeft tot taak, met inachtneming van hetgeen bij wet en gemeenten met het oog op een voorspoedige ontwikkeling in het gebied en

het beheer van de aan de regio toevertrouwde voorzieningen. Zij houdt zich daartoe bezig met:

a.

a.

inachtneming van de autonomie van de gemeenten vaststellen van de

inachtneming van de autonomie van de gemeenten vaststellen van de

het, voor zover daar in het navolgende niet van wordt afgeweken, met doelstellingen op het gebied van verkeer en vervoer en de verbetering van het economische vestigingsklimaat. Het zorg dragen voor het realiseren van de doelstellingen en het voorbereiden en ontwikkelen van een gezamenlijk regionaal beleid op deze terreinen, en

het, voor zover daar in het navolgende niet van wordt afgeweken, met doelstellingen op het gebied van verkeer en vervoer en de verbetering van het economische vestigingsklimaat. Het zorg dragen voor het realiseren van de doelstellingen en het voorbereiden en ontwikkelen van een gezamenlijk regionaal beleid op deze terreinen, en

b.

b.

gemoeide belangen en onderwerpen, rechtstreeks bij of krachtens

gemoeide belangen en onderwerpen, rechtstreeks bij of krachtens wetgeving

het uitvoeren van de, met betrekking tot de met het in a genoemde beleid wetgeving of bij of krachtens deze regeling aan de metropoolregio opgedragen taken en bevoegdheden,

het uitvoeren van de, met betrekking tot de met het in a genoemde beleid

of bij of krachtens deze regeling aan de metropoolregio opgedragen taken en bevoegdheden,

c.

c.

opgedragen taken en bevoegdheden.

opgedragen taken en bevoegdheden.

de bij wet of algemene maatregel van bestuur aan de Metropoolregio

de bij wet of algemene maatregel van bestuur aan de Metropoolregio

2.De in het vorige lid onder a genoemde gebieden ‘verkeer en vervoer’ en

2.De in het vorige lid onder a genoemde gebieden ‘verkeer en vervoer’ en ‘het

andere beleidsterreinen dan na toepassing van artikel 6:3.

beleidsterreinen dan na toepassing van artikel 6:3.

‘het economisch vestigingsklimaat’ kunnen niet worden aangevuld met

economisch vestigingsklimaat’ kunnen niet worden aangevuld met andere

Artikel 3:2 Strategische agenda

Artikel 3:2 Strategische agenda

van de gemeenteraden een Strategische Agenda vast. Deze agenda omvat

van de gemeenteraden een Strategische Agenda vrij voor zienswijze. Deze

1.Het algemeen bestuur stelt in het eerste jaar van iedere bestuursperiode in ieder geval strategieën om de doelstellingen als bedoeld in artikel 3:1 te verwezenlijken.

2.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voor het komende kalenderjaar een

werkplan vast op basis van de Strategische Agenda.

1.Het algemeen bestuur geeft in het eerste jaar van iedere bestuursperiode agenda omvat in ieder geval strategieën om de doelstellingen als bedoeld in artikel 3:1 te verwezenlijken.

2.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voor het komende kalenderjaar een begroting vast op basis van de Strategische Agenda. De informatie in de

MRDH-begroting stelt de gemeenteraden in staat om zo nodig bij te kunnen sturen op de ambities en activiteiten uit de Strategische Agenda.

Artikel 3:3 Bevoegdheidsverdeling

Artikel 3:3 Bevoegdheidsverdeling

deze niet bij of krachtens de wet of bij of krachtens deze regeling aan het

niet bij de wet of bij deze regeling aan het dagelijks bestuur of de voorzitter

1.Aan het algemeen bestuur komen alle bevoegdheden toe, voor zover dagelijks bestuur of de voorzitter zijn toegekend.

1.Aan het algemeen bestuur komen alle bevoegdheden toe, voor zover deze zijn toegekend.

2.Het dagelijks bestuur is bevoegd tot het voeren van het dagelijks

2.Het dagelijks bestuur is bevoegd tot het voeren van het dagelijks bestuur,

3.Het algemeen bestuur stelt de bevoegdheid van het dagelijks bestuur

3.Het algemeen bestuur stelt de bevoegdheid van het dagelijks bestuur vast

spoedheidshalve instellen van bezwaar en beroep, het instellen van

spoedheidshalve instellen van bezwaar en beroep, het instellen van

bestuur, tenzij bij of krachtens de wet anders bepaald.

vast tot het procederen in kort geding, het voegen in strafzaken, het

incidenteel beroep daaronder begrepen, het verzoeken van een voorlopige voorziening en het verrichten van (rechts-)handelingen ter voorkoming

tenzij bij of krachtens de wet anders bepaald.

tot het procederen in kort geding, het voegen in strafzaken, het

incidenteel beroep daaronder begrepen, het verzoeken van een voorlopige

voorziening en het verrichten van (rechts-)handelingen ter voorkoming van

van verjaring of verlies van recht of bezit, en kan aan het dagelijks bestuur

verjaring of verlies van recht of bezit, en kan aan het dagelijks bestuur

de bevoegdheid zich daartegen verzet. Artikel 156 van de Gemeentewet is

bevoegdheid zich daartegen verzet. Artikel 156 van de Gemeentewet is van

bevoegdheden van het algemeen bestuur overdragen, tenzij de aard van van overeenkomstige toepassing.

bevoegdheden van het algemeen bestuur overdragen, tenzij de aard van de overeenkomstige toepassing.

4.De voorzitter vertegenwoordigt de Metropoolregio in en buiten rechte.

4.De voorzitter vertegenwoordigt de Metropoolregio in en buiten rechte.

Artikel 3:4 Bevoegdheden Verkeer en Vervoer

Artikel 3:4 Bevoegdheden Verkeer en Vervoer

bevoegdheden uit voor het bij dat besluit bepaalde territoir.

bevoegdheden uit voor het bij dat besluit bepaalde territoir.

1.Het dagelijks bestuur voert de in het Besluit Vervoersregio genoemde

1.Het dagelijks bestuur voert de in het Besluit Vervoersregio genoemde

2.Aan het algemeen bestuur is overgedragen de bevoegdheid een

2.Aan het algemeen bestuur is overgedragen de bevoegdheid een

Artikel 3:5 Faciliterende en dienstverlenende taken

Artikel 3:5 Faciliterende en dienstverlenende taken

deelnemers een platform voor coördinatie en afstemming tussen

een platform voor coördinatie en afstemming tussen deelnemende

subsidieverordening op te stellen in het kader van verkeer en vervoer. 1.De Metropoolregio faciliteert op verzoek van ten minste twee

deelnemende gemeenten, voor zover de gespreksonderwerpen van dit platform een directe relatie hebben met de strategische agenda als bedoeld in artikel 3:2.

2.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten

behoeve van een of meer andere rechtspersonen ingesteld krachtens

publiekrecht dan de gemeenten, indien deze daarom verzoeken en het algemeen bestuur dat verzoek inwilligt.

3.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten

behoeve van een instelling of orgaan waarin zij namens de gemeenten zitting heeft, indien de desbetreffende instelling hierom verzoekt.

4.Een besluit tot facilitering of dienstverlening wordt genomen door het

algemeen bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en overige voorwaarden waaronder tot de gevraagde facilitering of dienstverlening wordt overgegaan.

subsidieverordening op te stellen in het kader van verkeer en vervoer. 1.De Metropoolregio faciliteert op verzoek van ten minste twee deelnemers gemeenten, voor zover de gespreksonderwerpen van dit platform een directe relatie hebben met de strategische agenda als bedoeld in artikel 3:2.

2.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten behoeve van een of meer deelnemende gemeenten, of een of meer andere

rechtspersonen ingesteld krachtens publiekrecht - anders dan de gemeenten, indien deze daarom verzoeken, deze verzoeken passen binnen de publieke taken van de Metropoolregio en het algemeen bestuur dat verzoek inwilligt. 3.De Metropoolregio is bevoegd tot het verrichten van diensten ten behoeve van een instelling of orgaan waarin zij namens de gemeenten zitting heeft, indien de desbetreffende instelling hierom verzoekt.

4.Een besluit tot facilitering of dienstverlening wordt genomen door het

algemeen bestuur en vermeldt de wijze van kostenverrekening en overige

voorwaarden waaronder tot de gevraagde facilitering of dienstverlening wordt overgegaan.

Artikel 3:6 Treffen gemeenschappelijke regeling

Artikel 3:6 Treffen gemeenschappelijke regeling

ieder voor zover zij voor de Metropoolregio bevoegd zijn, een

voor zover zij voor de Metropoolregio bevoegd zijn, een gemeenschappelijke

1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen, gemeenschappelijke regeling treffen als bedoeld in artikel 93

onderscheidenlijk artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen, ieder regeling treffen als bedoeld in artikel 93 onderscheidenlijk artikel 96 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.

2.Indien het dagelijks bestuur of de voorzitter een gemeenschappelijke

2.Indien het dagelijks bestuur of de voorzitter een gemeenschappelijke

algemeen bestuur kan de toestemming slechts onthouden wegens strijd

algemeen bestuur kan de toestemming slechts onthouden wegens strijd met

regeling treft, behoeft zij toestemming van het algemeen bestuur. Het met het recht of strijd met het algemeen belang.

regeling treft, behoeft zij toestemming van het algemeen bestuur. Het het recht of strijd met het algemeen belang.

3.In dit artikel wordt onder het treffen van een gemeenschappelijke

3.In dit artikel wordt onder het treffen van een gemeenschappelijke regeling

een gemeenschappelijke regeling.

gemeenschappelijke regeling.

regeling tevens verstaan het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van

tevens verstaan het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van een

Artikel 3:7 Overige bevoegdheden

Artikel 3:7 Overige bevoegdheden

lichaam van rechtswege bezit om als rechtspersoon aan het

van rechtswege bezit om als rechtspersoon aan het maatschappelijk verkeer

1.De Metropoolregio komen alle bevoegdheden toe die het openbaar maatschappelijk verkeer deel te nemen.

1.De Metropoolregio komen alle bevoegdheden toe die het openbaar lichaam deel te nemen.

2.Voor alle van de in artikel 3:1 genoemde belangen, taken en

2.Voor alle van de in artikel 3:1 genoemde belangen, taken en bevoegdheden

a.

a.

territoir van belang zijn;

van belang zijn;

bevoegdheden is de Metropoolregio bevoegd tot:

het reageren op rijks- en provinciale nota’s en plannen die voor het

b.

het vertegenwoordigen van de Metropoolregio in overlegsituaties, en

is de Metropoolregio bevoegd tot:

het reageren op rijks- en provinciale nota’s en plannen die voor het territoir b.

het vertegenwoordigen van de Metropoolregio in overlegsituaties, en c.

c.

het organiseren van overleg en het uitbrengen van advies.

Hoofdstuk 4: Financiën

Hoofdstuk 4: Financiën

Artikel 4:1 Begroting

Artikel 4:1 Begroting

deze gelden de begroting en investeringsplannen vast. De artikelen 189

deze gelden de begroting en de meerjarenbegroting Vervoersautoriteit vast.

het organiseren van overleg en het uitbrengen van advies.

1.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voorafgaande aan het jaar waarvoor tot en met 195 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing voor zover daarvan niet bij de Wet gemeenschappelijke regelingen is afgeweken.

2.De zienswijzenprocedure is van overeenkomstige toepassing op

wijzigingen van de begroting, tenzij de bijdragen van de gemeenten niet veranderen en er niet wordt geschoven tussen begrotingsposten.

1.Het algemeen bestuur stelt jaarlijks voorafgaande aan het jaar waarvoor

Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting twaalf weken voordat zij aan het algemeen bestuur wordt aangeboden, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten. De artikelen 34 en 35 van de Wet

gemeenschappelijke regelingen zijn hierop van toepassing. De artikelen 189 tot en met 195 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing voor zover daarvan niet bij de Wet gemeenschappelijke regelingen is afgeweken.

2. Bij wijziging van de begroting wordt slechts een zienswijze gevraagd aan de raden van de deelnemende gemeenten als de inwonerbijdragen van de

gemeenten veranderen of er geschoven wordt tussen begrotingsprogramma’s. Alsdan zal de zienswijzetermijn 8 weken bedragen vanaf het moment van

aanbieden door het dagelijks bestuur aan de vertegenwoordigende organen van de gemeenten. Artikel 4:2 Administratie

Artikel 4:2 Administratie

financiële beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de inrichting

financiële beleid, alsmede voor het financiële beheer en voor de inrichting van

1.Het algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten voor het van de financiële organisatie vast. De verordening waarborgt dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. Artikel 212, tweede lid, van de Gemeentewet is van toepassing.

1.Het algemeen bestuur stelt bij verordening de uitgangspunten voor het

de financiële organisatie vast. De verordening waarborgt dat aan de eisen van rechtmatigheid, verantwoording en controle wordt voldaan. Artikel 212, tweede lid, van de Gemeentewet is van toepassing.

2.Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast voor de controle

2.Het algemeen bestuur stelt bij verordening regels vast voor de controle op

Deze verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financiële

verordening waarborgt dat de rechtmatigheid van het financiële beheer en van

op het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie. beheer en van de inrichting van de financiële organisatie wordt getoetst.

het financiële beheer en op de inrichting van de financiële organisatie. Deze

de inrichting van de financiële organisatie wordt getoetst. Artikel 213, tweede

Artikel 213, tweede tot en met negende lid, van de Gemeentewet is van

tot en met negende lid, van de Gemeentewet is van overeenkomstige

3.Het dagelijks bestuur zendt de verordeningen bedoeld in dit artikel

3.Het dagelijks bestuur zendt de verordeningen bedoeld in dit artikel binnen

overeenkomstige toepassing.

binnen twee weken na vaststelling door het algemeen bestuur aan gedeputeerde staten.

toepassing.

twee weken na vaststelling door het algemeen bestuur aan gedeputeerde staten.

Hoofdstuk 5: De secretaris-directeur, overige ondersteuning, archief,

Hoofdstuk 5: De secretaris-directeur, overige ondersteuning, archief,

Artikel 5:1 Secretaris-directeur

Artikel 5:1 Secretaris-directeur

omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris-directeur van

omtrent benoeming, schorsing en ontslag van de secretaris-directeur van de

ombudsman

1.Het algemeen bestuur beslist op voordracht van het dagelijks bestuur de Metropoolregio.

ombudsman

1.Het algemeen bestuur beslist op voordracht van het dagelijks bestuur Metropoolregio.

2.De secretaris-directeur van de Metropoolregio geeft leiding aan de

2.De secretaris-directeur van de Metropoolregio geeft leiding aan de

3.Het algemeen bestuur regelt de vervanging van de secretaris-directeur

3.Het algemeen bestuur regelt de vervanging van de secretaris-directeur bij

Artikel 5:2 Ambtelijke ondersteuning

Artikel 5:2 Ambtelijke ondersteuning

ambtelijke organisatie.

organisatie.

ondersteuning van het bestuur van de Metropoolregio.

bij diens verhindering of ontstentenis.

1.Het algemeen bestuur stelt een verordening vast met betrekking tot de

2.Het algemeen bestuur regelt de bezoldiging en de rechtspositie van de ambtenaren van de Metropoolregio. Artikel 4 van de Gemeentewet is van

overeenkomstige toepassing. Artikel 5:3 Archief

1.Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de organen bij deze regeling ingesteld, overeenkomstig een door het algemeen bestuur met inachtneming van de Archiefwet 1995 vast te stellen regeling, die aan gedeputeerde staten wordt meegedeeld.

ondersteuning van het bestuur van de Metropoolregio.

diens verhindering of ontstentenis.

1.Het dagelijks bestuur stelt regels vast met betrekking tot de ambtelijke

2.Het dagelijks bestuur regelt de bezoldiging en de rechtspositie van de ambtenaren van de Metropoolregio. Artikel 5:3 Archief

1.Het algemeen bestuur stelt een archiefverordening vast.

2.Gedeputeerde staten oefenen toezicht uit op de krachtens het eerste lid aan het dagelijks bestuur opgedragen zorg voor de archiefbescheiden overeenkomstig het Archiefbesluit, voor zover deze van toepassing is op de organen van gemeenten.

2.Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de

3.De secretaris-directeur is belast met het beheer van de

3. De secretaris-directeur is belast met het beheer van de archiefbescheiden

overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de gemeente waar de

overgebracht naar de archiefbewaarplaats.

archiefbescheiden voor zover deze archiefbescheiden niet zijn

Metropoolregio is gevestigd.

Metropoolregio.

van de Metropoolregio voor zover deze archiefbescheiden niet zijn

4.De archivaris van de gemeente waar de Metropoolregio is gevestigd oefent toezicht uit op het in het derde lid genoemde beheer.

4.Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden wordt

5.Voor de bewaring van de op grond van artikel 12, eerste lid en artikel 13, eerste lid van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden van de in deze regeling genoemde organen is aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente waar de Metropoolregio is gevestigd.

5.De archivaris van de gemeente Rotterdam is belast met het toezicht op het

aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente Rotterdam.

beheer van de in het tweede lid genoemde archiefbescheiden.

6.De in het vijfde lid bedoelde archiefbescheiden worden beheerd door de archivaris van de gemeente waar de Metropoolregio is gevestigd. Artikel 5:4 Ombudsfunctie

Artikel 5:4 Ombudsfunctie

van verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de

verzoekschriften als bedoeld in artikel 9:18, eerste lid, van de Algemene wet

De ombudsman van de gemeente Rotterdam is bevoegd tot behandeling Algemene wet bestuursrecht.

De ombudsman van de gemeente Rotterdam is bevoegd tot behandeling van bestuursrecht.

Hoofdstuk 6: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing

Hoofdstuk 6: Toetreding, uittreding, wijziging en opheffing

Artikel 6:1 Toetreding

Artikel 6:1 Toetreding

strekkende gelijkluidende besluiten van de gemeenteraad, het college en

gelijkluidende besluiten van de gemeenteraad, het college en de

1.Toetreding van gemeentebesturen kan plaatsvinden bij daartoe

1.Toetreding van gemeentebesturen kan plaatsvinden bij daartoe strekkende

de burgemeester van de betreffende gemeente en de instemming van alle

burgemeester van de betreffende gemeente en de instemming van alle

2.Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding en kan aan

2.Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding en kan aan de

3.De toetreding gaat in op een door het algemeen bestuur in het

3.De toetreding gaat in op een door het algemeen bestuur in het

bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

de toetreding gevolgen verbinden.

toetredingsbesluit genoemde datum. Artikel 6:2 Uittreding

1.De gemeenteraad, het college en de burgemeester van een van de gemeenten kunnen uittreden.

bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

toetreding gevolgen verbinden.

toetredingsbesluit genoemde datum. Artikel 6:2 Uittreding

1.De gemeenteraad, het college en de burgemeester van een van de

gemeenten kunnen uitsluitend gezamenlijk uittreden en maken gezamenlijk schriftelijk kenbaar bij het algemeen bestuur van de Metropoolregio dat zij

het voornemen hebben om uit te treden uit de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014 en de uittredingsdatum die zij

2.Het algemeen bestuur kan algemene regels stellen omtrent de procedure van uittreding.

voor ogen hebben.

2.Het algemeen bestuur stelt regels omtrent de procedure van uittreding.

3.Het algemeen bestuur doet aan de bestuursorganen van de gemeenten

3.Het algemeen bestuur doet aan de bestuursorganen van de gemeenten een

ontwerp-uittredingsplan waarbij de belangen van de gemeenten waarvan

uittredingsplan waarin de gevolgen van de mogelijke uittreding in kaart

een voorstel voor regeling van de gevolgen van de uittreding in een

de bestuursorganen uittreden en van de achterblijvende gemeenten op evenwichtige wijze worden afgewogen.

4.De bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen stellen met ten minste twee derde meerderheid het uittredingsplan vast.

voorstel voor regeling van de gevolgen van de uittreding in een ontwerp-

worden gebracht. Daarbij worden de belangen van de gemeenten waarvan de bestuursorganen uittreden en van de achterblijvende gemeenten op evenwichtige wijze afgewogen.

4.De voorbereidingen voor het opstellen van het ontwerp-uittredingsplan

worden gedaan door het dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur benoemt daartoe een projectgroep onder leiding van een onafhankelijke extern financieel deskundige. De portefeuillehouders middelen van de

bestuurscommissies maken in ieder geval deel uit van de projectgroep. In het geval de portefeuillehouder middelen behoort tot de deelnemer die het

voornemen tot uittreding heeft kenbaar gemaakt, wordt een nieuwe portefeuillehouder benoemd.

5.De uittreding vindt slechts plaats op 1 januari na de datum, waarop opname in het register als bedoeld in artikel 27 van de Wet

5.De kosten voor het inschakelen van de onafhankelijke externe deskundige

algemeen bestuur een later tijdstip is bepaald.

uitgesproken.

gemeenschappelijke regelingen heeft plaatsgevonden, tenzij door het

zijn voor rekening van de deelnemer die het voornemen tot uittreding heeft

6.Het uittredingsplan bevat in ieder geval de volgende elementen: a.

een beschrijving van de consequenties voor de wettelijke en overige

b.

een beschrijving van de consequenties voor de financiële middelen

taken van de uittredende deelnemer;

die zijn gekoppeld aan de uittredende deelnemer (BDU);

c.

een beschrijving van de consequenties voor de activiteiten die zijn

d.

een beschrijving van de consequenties voor de lopende openbaar

e.

gekoppeld aan de inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat;

vervoersconcessies voor het grondgebied van de uittredende deelnemer;

een beschrijving van eventuele consequenties voor de verbonden partijen van de Metropoolregio;

f.

een beschrijving van consequenties voor lopende subsidies,

g.

een beschrijving van consequenties voor de structurele

h.

de uittreedsom, of de wijze waarop de uittreedsom wordt berekend.

opdrachten, leningen en overige verplichtingen;

organisatielasten, waaronder personeels- en huisvestingslasten;

7. De uittreedsom bestaat uitsluitend uit de schade die de Metropoolregio en de achterblijvende deelnemers lijden als direct gevolg van het besluit tot uittreding: a.

de Metropoolregio is gehouden redelijkerwijs al het mogelijke te doen om

b.

de berekening van de kosten van uittreding wordt gebaseerd op feiten en

de uittredingskosten zo laag mogelijk te houden;

omstandigheden die bekend zijn tot aan het moment van werkelijke uittreding.

8. De bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen stellen met ten minste twee derde meerderheid het uittredingsplan vast.

9. Na toezending van het ontwerp-uittredingsplan maken de bestuursorganen van de deelnemer die het voornemen tot uittreding hebben kenbaar gemaakt, binnen 3 maanden gezamenlijk bekend of zij definitief willen uittreden. De besluiten tot uittreden worden aangetekend verzonden aan het algemeen bestuur.

10.De uittreding vindt slechts plaats op 1 januari na de datum, waarop opname in het register als bedoeld in artikel 27 van de Wet

gemeenschappelijke regelingen heeft plaatsgevonden, tenzij door het algemeen bestuur een later tijdstip is bepaald. Artikel 6:3 Wijziging

Artikel 6:3 Wijziging

bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

1.De regeling kan worden gewijzigd bij gelijkluidende besluiten van alle

1.De regeling kan worden gewijzigd bij gelijkluidende besluiten van alle

2.De wijzigingsregeling bepaalt wanneer deze in werking treedt.

2.De wijzigingsregeling bepaalt wanneer deze in werking treedt.

Artikel 6:4 Opheffing

Artikel 6:4 Opheffing

1.De regeling kan worden opgeheven bij daartoe strekkende gelijkluidende

1.De regeling kan worden opgeheven bij daartoe strekkende gelijkluidende

2.De opheffing wordt van kracht op 1 januari, volgend op de datum

2.De opheffing wordt van kracht op 1 januari, volgend op de datum waarop

het eerste lid bedoelde besluiten heeft genomen, tenzij het algemeen

lid bedoelde besluiten heeft genomen, tenzij het algemeen bestuur een later

besluiten van alle bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

waarop het laatste bestuursorgaan dat aan deze regeling deelneemt de in bestuur een later tijdstip heeft bepaald.

besluiten van alle bestuursorganen die aan deze regeling deelnemen.

het laatste bestuursorgaan dat aan deze regeling deelneemt de in het eerste tijdstip heeft bepaald.

3.In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot

3.In geval van opheffing van de regeling besluit het algemeen bestuur tot

bepalingen van de regeling worden afgeweken.

van de regeling worden afgeweken.

liquidatie en stelt hij daarvoor de nodige regels. Hierbij kan van de

liquidatie en stelt hij daarvoor de nodige regels. Hierbij kan van de bepalingen

4.Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, na raadpleging van

4.Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, na raadpleging van de

5.Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten tot

5.Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten tot

6.De organen van de Metropoolregio blijven, zo nodig, na het tijdstip van

6. Voor zover financiële gevolgen, zowel in negatieve als in positieve zin,

de vertegenwoordigende organen, vastgesteld.

deelneming in de financiële gevolgen van de beëindiging van de regeling.

de beëindiging in functie totdat de liquidatie is voltooid.

vertegenwoordigende organen, vastgesteld.

deelneming in de financiële gevolgen van de beëindiging van de regeling.

gekoppeld zijn aan de taak economisch vestigingsklimaat zal deze verdeeld worden over de gemeenten naar rato van de inwoneraantallen zoals

opgenomen in de laatste voor de opheffing vastgestelde reguliere begroting.. Hoofdstuk 7: Geschillen

Hoofdstuk 7: Geschillen

Artikel 7:1 Voorprocedure

Artikel 7:1 Voorprocedure

regelingen worden geschillen over de toepassing van de regeling, in de

regelingen worden geschillen over de toepassing van de regeling, in de

1.Onverminderd het bepaalde in artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke ruimste zin van het woord, onderworpen aan een niet-bindend deskundigenadvies.

2.Voordat wordt overgegaan tot het vragen van het in het eerste lid

bedoelde deskundigenadvies, wordt het geschil besproken tussen een

1.Onverminderd het bepaalde in artikel 28 van de Wet gemeenschappelijke ruimste zin van het woord, onderworpen aan een niet-bindend deskundigenadvies.

2.Voordat wordt overgegaan tot het vragen van het in het eerste lid bedoelde

deskundigenadvies, wordt het geschil besproken tussen een afvaardiging van

afvaardiging van het dagelijks bestuur en een afvaardiging van het

het dagelijks bestuur en een afvaardiging van het gemeentebestuur waarmee

3.Indien het in het tweede lid bedoelde overleg niet tot een oplossing leidt,

3.Indien het in het tweede lid bedoelde overleg niet tot een oplossing leidt,

geschil bestaat elk een onafhankelijke deskundige. Beide deskundigen

bestaat elk een onafhankelijke deskundige. Beide deskundigen benoemen een

gemeentebestuur waarmee het geschil bestaat.

benoemen het dagelijks bestuur en het gemeentebestuur waarmee het benoemen een derde deskundige, die tevens als voorzitter van de

adviescommissie optreedt. Het dagelijks bestuur treedt mede namens het betreffende gemeentebestuur op als opdrachtgever van de commissie. In de opdracht wordt tenminste het probleem geschetst, worden de te beantwoorden vragen geformuleerd en wordt de termijn genoemd waarbinnen de commissie haar advies dient uit te brengen.

het geschil bestaat.

benoemen het dagelijks bestuur en het gemeentebestuur waarmee het geschil derde deskundige, die tevens als voorzitter van de adviescommissie optreedt. Het dagelijks bestuur treedt mede namens het betreffende gemeentebestuur op als opdrachtgever van de commissie. In de opdracht wordt tenminste het probleem geschetst, worden de te beantwoorden vragen geformuleerd en

wordt de termijn genoemd waarbinnen de commissie haar advies dient uit te brengen.

4.De in het derde lid bedoelde commissie regelt zelf de wijze waarop zij

4.De in het derde lid bedoelde commissie regelt zelf de wijze waarop zij haar

aan het dagelijks bestuur en aan het betreffende gemeentebestuur.

dagelijks bestuur en aan het betreffende gemeentebestuur.

haar advies tot stand brengt. Het advies wordt tegelijkertijd toegezonden

advies tot stand brengt. Het advies wordt tegelijkertijd toegezonden aan het

5.Op basis van het advies treden de in het tweede lid bedoelde personen

5.Op basis van het advies treden de in het tweede lid bedoelde personen

komen. Indien het overleg niet tot een oplossing leidt, is elk der partijen

komen. Indien het overleg niet tot een oplossing leidt, is elk der partijen vrij

nogmaals in overleg om te trachten tot een oplossing van het geschil te

vrij om het geschil overeenkomstig het gestelde in artikel 28 van de Wet

gemeenschappelijke regelingen voor te leggen aan gedeputeerde staten.

nogmaals in overleg om te trachten tot een oplossing van het geschil te om het geschil overeenkomstig het gestelde in artikel 28 van de Wet

gemeenschappelijke regelingen voor te leggen aan gedeputeerde staten.

6.De kosten van de adviescommissie worden door het dagelijks bestuur en

6.De kosten van de adviescommissie worden door het dagelijks bestuur en

Hoofdstuk 8: Overgangs- en slotbepalingen

Hoofdstuk 8: Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 8:1 Periodieke evaluatie

Artikel 8:1 Periodieke evaluatie

regeling. Bij deze evaluatie worden de deelnemende bestuursorganen

regeling. Bij deze evaluatie worden de deelnemende bestuursorganen

het betreffende gemeentebestuur ieder voor de helft gedragen.

Het algemeen bestuur draagt zorg voor een vijfjaarlijkse evaluatie van de betrokken. De evaluatie wordt aan de vertegenwoordigende organen

het betreffende gemeentebestuur ieder voor de helft gedragen.

Het algemeen bestuur draagt zorg voor een vijfjaarlijkse evaluatie van de betrokken. De evaluatie wordt aan de vertegenwoordigende organen voorgelegd.

voorgelegd. De eerste evaluatie vindt plaats twee jaar na inwerkingtreding

van deze regeling.

Artikel 8:2 Toezending ex artikel 26 van de wet

Artikel 8:2 Toezending ex artikel 26 van de wet

voor de toezending aan gedeputeerde staten en de minister van de

de toezending aan gedeputeerde staten en de minister van de besluiten tot

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=cc384446-c187-482d-8578-165692101620