CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage E Vergelijkingstabel tarieventabel Leges 2026

Raadsvergadering 11 november 2025, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling belastingverordeningen 2026 (RV 25 049)11.939 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Paragraaf 2.14

Teruggaaf

Artikel 2.54

Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteiten waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteiten waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

2.

3.

Artikel 2.55

Artikel 2.56

21

100,00%

€

100,00%

135,90

€

85,00%

85,00%

85,00%

85,00%

132,50

25.078254 vergelijkingstabel tarieventabel Leges 2026 a.

b.

c.

d. Artikel 2.57

a.

b.

c.

d. Artikel 2.58 Artikel 2.59

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen twee weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking vanaf twee weken tot vier weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag wordt geen teruggaaf verleend. Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

De teruggaaf bedraagt: bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier weken tot twaalf weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf twaalf weken tot zestien weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zestien weken na de indiening van de aanvraag wordt geen teruggaaf verleend. Gereserveerd

Artikel 2.60

Geen teruggaaf bij het weigeren van een omgevingsvergunning Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning weigert, bestaat geen aanspraak op teruggaaf van leges. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging bij rechterlijke uitspraak van de beschikking waarbij de vergunning is verleend. Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten

Artikel 2.61

In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12. Minimumbedrag voor teruggaaf

a. b.

Hoofdstuk 3

Een bedrag minder dan € 50,00 wordt niet teruggegeven. Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2

22

75,00%

75,00%

50,00%

50,00%

25,00%

25,00%

60,00%

60,00%

40,00%

40,00%

15,00%

15,00%

25.078254 vergelijkingstabel tarieventabel Leges 2026 Paragraaf 3.1

Horeca

Artikel 3.1

Exploitatie horecabedrijf

1.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecabedrijf exclusief terras (artikel 2:28 van de APV) een aanvraag tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecabedrijf inclusief terras (artikel 2:28 van de APV) Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een exploitatievergunning zoals bedoeld in artikel 2:28, lid 4 van de APV: Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf

a. b. 2.

Artikel 3.2

€

593,35

€

578,35

€

791,25

€

771,20

€

185,75

€

181,05

€

395,60

€

385,60

€

65,50

€

63,85

€

148,35

€

144,60

€

103,40

€

100,80

€

148,35

€

144,60

Paragraaf 3.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet: een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet: een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet: een aanvraag om wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Alcoholwet: een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet: Seksbedrijven

Artikel 3.3

Vergunning prostitutiebedrijven

a.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene plaatselijke verordening: voor een escortbedrijf:

€

3.034,05

€

2.957,20

b.

voor een seksinrichting:

€

3.034,05

€

2.957,20

c.

voor andere prostitutiebedrijven dan bedoeld in de onderdelen a en b: Wijzigen vergunning prostitutiebedrijven

€

3.034,05

€

2.957,20

a.

Als het prostitutiebedrijf wijzigt en als gevolg daarvan niet meer in overeenstemming is met de in de afgegeven vergunning opgenomen gegevens, dient de vergunning te worden gewijzigd. Voor het in behandeling nemen van een wijziging van een in artikel 3.3 bedoelde vergunning bedraagt het tarief, als de wijziging betreft: de exploitant aan wie de vergunning is verleend:

€

208,20

€

202,95

b.

de activiteit waarvoor de vergunning is verleend:

€

208,20

€

202,95

c.

het vaste telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf zal worden gebruikt: het adres waar het seksbedrijf wordt uitgeoefend:

€

208,20

€

202,95

€

208,20

€

202,95

€

208,20

€

202,95

€

208,20

€

202,95

a.

het adres van de onder dat seksbedrijf vallende seksinrichting waarvoor de vergunning mede is verleend: het aantal prostituees dat ten hoogste voor of bij het seksbedrijf mag werken: In afwijking van het eerste lid, bedraagt het tarief voor een wijziging van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3.15, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening: voor een seksinrichting:

€

208,20

€

202,95

b.

voor een escortbedrijf:

€

208,20

€

202,95

a. b. c. d. e.

Artikel 3.4 1.

d. e. f. 2.

23

25.078254 vergelijkingstabel tarieventabel Leges 2026 Paragraaf 3.3

Winkeltijdenwet

Artikel 3.5

Ontheffing winkeltijden

a.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet:

€

74,05

€

72,20

b.

wijziging van een in onderdeel a bedoelde ontheffing:

€

74,05

€

72,20

Paragraaf 3.4

Organiseren evenement of markt

Artikel 3.6

Organiseren evenement

a.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning): een klein evenement (A-evenement)

€

49,10

€

47,90

b.

een middelgroot evenement (B-evenement)

€

263,65

€

257,00

c.

een groot evenement (C-evenement)

€

791,00

€

771,00

d.

een herdenkingsplechtigheid:

€

49,10

€

47,90

e.

een braderie:

€

49,10

€

47,90

f.

een optocht, niet zijnde een betoging, op de weg:

€

263,65

€

257,00

g.

een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of aan de weg: Organiseren markt

€

263,65

€

257,00

€

49,10

€

47,90

€

395,00

€

650,00

€

650,00

€

650,00

€

650,00

€

650,00

€

650,00

€

650,00

Artikel 3.7

Paragraaf 3.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning: voor het organiseren van een snuffelmarkt als bedoeld in artikel 5:23 van de Algemene plaatselijke verordening: Standplaatsen (Gereserveerd)

Paragraaf 3.6

Huisvestigingswet 2014

Artikel 3.11

Vergunning of ontheffing onttrekken woonruimte

a.

Artikel 3.12

Artikel 3.13

Artikel 3.14

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of ontheffing van het verbod om woonruimte aan de bestemming tot bewoning te onttrekken of onttrokken te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder a, respectievelijk tweede lid, van de Huisvestingswet 2014: Vergunning of ontheffing samenvoegen woonruimte Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of ontheffing van het verbod om woonruimte met andere woonruimte samen te voegen of samengevoegd te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder b, respectievelijk tweede lid, van de Huisvestingswet 2014: Vergunning of ontheffing omzetten zelfstandige in onzelfstandige woonruimte Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of ontheffing van het verbod om zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte om te zetten of omgezet te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid, aanhef en onder c en onder d, respectievelijk tweede lid, van de Huisvestingswet 2014: Vergunning of ontheffing verbouwen woonruimte tot meer woonruimten Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of ontheffing van het verbod om woonruimte tot twee of meer woonruimten te verbouwen of in die verbouwde staat te houden, als bedoeld in artikel 21, eerste lid,

24

25.078254 vergelijkingstabel tarieventabel Leges 2026 aanhef en onder e, respectievelijk tweede lid, van de Huisvestingswet 2014: Artikel 3.15

Splitsingsvergunning

Artikel 3.16

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning [of ontheffing van het verbod] om een recht op een gebouw te splitsen in appartementsrechten, als bedoeld in artikel 22, eerste[, respectievelijk tweede lid,] van de Huisvestingswet 2014: Gereserveerd

Artikel 3.17

Verhuurvergunning opkoopbescherming

Artikel 3.18

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning om een woonruimte in gebruik te geven binnen een periode van vier jaar na de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering van die woonruimte aan de nieuwe eigenaar, als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Huisvestingswet 2014: Gereserveerd

Paragraaf 3.7

In dit hoofdstuk niet benoemd besluit

Artikel 3.19

Niet benoemd besluit op aanvraag

Paragraaf 3.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking: Gereserveerd

Paragraaf 3.9

Teruggaaf

Artikel 3.21

Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen ontheffing/vergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning of ontheffing zoals bedoeld in dit hoofdstuk oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen vergunning of ontheffing is vereist, kan op verzoek teruggaaf worden verleend van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteiten waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag om een vergunning of ontheffing zoals bedoeld in dit hoofdstuk buiten behandeling wordt gelaten, kan op verzoek teruggaaf worden verleend van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteiten waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag

Artikel 3.22

Artikel 3.23

a.

b.

Als een aanvrager zijn aanvraag om een vergunning of ontheffing, zoals bedoeld in de in dit hoofdstuk geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, kan op verzoek teruggaaf worden verleend van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen twee weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking vanaf twee weken tot vier weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;

25

€

650,00

€

385,60

€

350,00

€

350,00

€

49,10

€

47,90

85%

85%

85%

85%

75%

75%

50%

50%

25.078254 vergelijkingstabel tarieventabel Leges 2026 c.

d. Artikel 3.24 a.

b.

Artikel 3.25

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges; bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag wordt geen teruggaaf verleend. Geen teruggaaf bij het weigeren van een vergunning of ontheffing Als het college van burgemeester en wethouders een vergunning of ontheffing zoals bedoeld in dit hoofdstuk weigert, bestaat geen aanspraak op teruggaaf van leges. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging bij rechterlijke uitspraak van de beschikking waarbij de vergunning is verleend. Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 50,00 wordt niet teruggegeven.

26

25%

25%

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=16a207df-b14d-4c05-899c-b1ece055e16e