CConstaterende datRijswijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage B Godfried Bomansstraat regels met verbeelding

Raadsvergadering 27 juni 2023, gemeente RijswijkBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststelling bestemmingsplan Godfried Bomansstraat (RV 23 046)18.423 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

bestemmingsplan

Godfried Bomansstraat Rijswijk

DATUM IMRO IDN

09-09-2022 NL.IMRO.0603.bpgodfriedbomansst-VA01

PROJECT PROJECTLEIDER

Godfried Bomansstraat J. van Broekhoven

OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER

Weboma 20210560

AUTEUR STATUS

E. Louwers, W.Timmermans vastgesteld

Inhoudsopgave

Regels Hoofdstuk 1

4 Inleidende regels

5

Artikel 1

Begrippen

5

Artikel 2

Wijze van meten

9

Bestemmingsregels

10

Artikel 3

Groen

10

Artikel 4

Verkeer - 3

11

Artikel 5

Wonen

12

Artikel 6

Wonen - 2

13

Artikel 7

Waarde - Archeologie - 3

15

Hoofdstuk 3

Algemene regels

17

Artikel 8

Anti-dubbeltelregel

17

Artikel 9

Algemene bouwregels

18

Artikel 10

Algemene gebruiksregels

20

Artikel 11

Algemene afwijkingsregels

21

Artikel 12

Algemene wijzigingsregels

22

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

23

Artikel 13

Overgangsrecht

23

Artikel 14

Slotregel

24

Hoofdstuk 2

3/24

Regels

4/24

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder: 1.1 plan het bestemmingsplan 'Godfried Bomansstraat' met identificatienummer NL.IMRO.0603.bpgodfriedbomansst-VA01' van de gemeente Rijswijk; 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels (en daarbij behorende bijlagen); Verdere begrippen in alfabetische volgorde: 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 aangebouwd bijgebouw een indirect met het hoofdgebouw verbonden gebouw dat ten dienste staat van het hoofdgebouw dan wel in functioneel opzicht deel uitmaakt van het hoofdgebouw en door zijn ligging, constructie en afmetingen ondergeschikt is aan het hoofdgebouw; 1.6 archeologische waarde de aan een gebied toegerekende waarde in verband met de kennis en de studie van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteit uit oude tijden; 1.7 bebouwing één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.8 bebouwingspercentage een percentage dat aangeeft welk deel van het bestemmings- of aanduidingsvlak maximaal mag worden bebouwd; 1.9 begane grond de bouwlaag van een gebouw waarvan de vloer zich op maaiveld, of nagenoeg op

maaiveld, bevindt; 1.10 bestaand a. bestaand gebruik: het gebruik van de gronden en bouwwerken zoals aanwezig op moment van de

5/24

terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan; daaronder valt niet het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan; b. bestaande bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan; 1. aanwezig zijn én bij of krachtens de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht zijn gebouwd; 2. nog kunnen worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen c. bestaande aantal: het aantal zoals aanwezig op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan.

1.11 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak; 1.12 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming; 1.13 bijgebouw een zelfstandig gebouw behorende bij en ruimtelijk ondergeschikt aan een op hetzelfde perceel gelegen hoofdgebouw, met een aan dat hoofdgebouw ondergeschikte functie; 1.14 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats; 1.15 bouwgrens de grens van een bouwvlak; 1.16 bouwlaag een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke hoogte of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, met inbegrip van de begane grond; hieronder wordt niet begrepen: een onderbouw: een gedeelte van een gebouw dat wordt afgedekt door een vloer waarvan de bovenkant minder dan 1,20 m boven peil is gelegen; een vide, waarvan de oppervlakte niet meer bedraagt dan 50% van de onderliggende laag; een zolder waarvan de oppervlakte, voor zover de hoogte groter is dan 1,50 m, niet meer bedraagt dan 50% van de oppervlakte van de onderliggende laag; 1.17 bouwperceel een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.18 bouwperceelsgrens een grens van een bouwperceel; 1.19 bouwvlak een geometrisch

bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten;

6/24

1.20 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.21 gebouw elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.22 gestapelde woningen boven elkaar of nagenoeg boven elkaar gebouwde woningen; 1.23 hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie of afmetingen dan wel gelet op de bestemming, als het belangrijkste gebouw valt aan te merken; 1.24 onderkomen voor verblijf geschikte, al dan niet aan hun bestemming onttrokken voer-, vlieg- of vaartuigen, kampeermiddelen, loodsen, keten en soortgelijke verblijfsmiddelen, voor zover deze niet als bouwwerken zijn aan te merken; 1.25 overkapping een kapconstructie over een ruimte of ander bouwwerk. 1.26 peil a. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de bovenkant van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; c.

voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de hoogte van het terrein ter plaatse van de bouw; tenzij elders in deze regels anders bepaald; 1.27 prostitutie het zich in bedrijfsmatige zin beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding; 1.28 seksinrichting een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: a. een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon; b. een seksbioscoop of sekstheater; c. een seksautomatenhal; d. een seksclub of parenclub,

7/24

al dan niet in combinatie met elkaar, dan wel in combinatie met een sekswinkel; 1.29 woning een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.

8/24

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 inhoud van een bouwwerk tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen; 2.2 bouwhoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen, zie ook de 'Algemene bouwregels'; 2.3 goothoogte van een bouwwerk vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, casu quo de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel; 2.4 oppervlakte van een bouwwerk tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk; 2.5 grondoppervlakte van een bouwwerk van een gebouw of ander bouwwerk, buitenwerks en boven peil; 2.6 brutovloeroppervlakte binnenwerks, met dien verstande, dat de totale vloeroppervlakte ten dienste van kantoren, winkels of bedrijven, met inbegrip van de daarbij behorende magazijnen en overige dienstruimten worden opgeteld; 2.7 verkoopvloeroppervlakte binnenwerks, met dien verstande, dat de totale vloeroppervlakte van ruimten welke rechtstreeks ten dienste staan

van de detailhandelsactiviteiten en voor publiek toegankelijk zijn worden opgeteld; kantoren, magazijnen en overige dienstruimten worden hieronder niet begrepen.

9/24

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels

Groen

3.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen; b. bermen, oevers, water en waterhuishoudkundige voorzieningen; c. paden en bruggen voor langzaam verkeer; d. speelvoorzieningen; e. straatmeubilair; f. bij deze bestemming behorende voorzieningen. 3.2 Bouwregels Ten aanzien van de in lid 3.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande, dat de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan: a. 7 m voor kunstobjecten, licht-, zend en vlaggenmasten; b. 6 m voor geluidwerende voorzieningen; c. 4 m voor speel- en ontmoetingsvoorzieningen; d. 2 m voor overige bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde. 3.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 3.2 ten behoeve van het bouwen van gebouwen en overkappingen met dien verstande dat: a. gebouwen en overkappingen zijn toegestaan tot een oppervlakte van 20 m² per object; b. de bouwhoogte van gebouwen en overkappingen maximaal 3 m mag bedragen.

10/24

Artikel 4

Verkeer - 3

4.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Verkeer - 3' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. erftoegangswegen en verblijfsgebieden; b. bruggen, viaducten en tunnels ten behoeve van kruisende infrastructuur; c. bermen en beplanting; met daaraan ondergeschikt: d. speelvoorzieningen; e. parkeervoorzieningen, al dan niet (half) ondergronds; f. paden; g. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; h. geluidwerende voorzieningen; met de daarbij behorende: i. gebouwen; j. bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 4.2 Bouwregels Ten aanzien van de in lid 4.1 bedoelde gronden gelden de volgende regels: a. gebouwen en overkappingen zijn toegestaan tot een oppervlakte van 10 m² per object; b. de bouwhoogte van gebouwen en overkappingen mag maximaal 3 m bedragen; c. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, mag niet meer bedragen dan: 1. 7 m voor kunstobjecten, licht- en vlaggenmasten; 2. 6 m voor geluidwerende voorzieningen; 3. 4 m voor speel- en ontmoetingsvoorzieningen; 4. 2 m voor overige bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde.

11/24

Artikel 5

Wonen

5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in de vorm van gestapelde woningen; met daarbij behorend(e): b. bergingen; c. tuinen en terrassen; d. paden; e. in- en uitritten; f. groen; g. nutsvoorzieningen; h. parkeren; i. speelvoorzieningen; j. water en waterhuiskundige voorzieningen. 5.2 Bouwregels 5.2.1 Hoofdgebouwen Op de in lid 5.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande dat: a. als hoofdgebouwen uitsluitend gestapelde woningen mogen worden gebouwd; b. hoofdgebouwen uitsluitend binnen het aangegeven bouwvlak mogen worden gebouwd; c. de bouwhoogte van gebouwen niet meer mag bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding "maximum bouwhoogte"; d. het aantal woningen niet meer bedraagt dan is aangegeven bij de aanduiding "maximum aantal wooneenheden". 5.2.2 Aan- en uitbouwen en bijgebouwen Aan- en uitbouwen en bijgebouwen zijn niet toegestaan. 5.2.3 Overige bouwwerken Ten aanzien van de in lid 5.1 bedoelde gronden geldt voor overige bouwwerken dat de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan: a. 7 m voor kunstobjecten en licht-, zend- en vlaggenmasten; b. 3 m voor speel- en ontmoetingsvoorzieningen; c.

1 m voor erf- en terreinafscheidingen op gronden, gelegen tussen 1 m achter de voorgevel (of het verlengde daarvan) en de openbare weg aan de voorzijde van het hoofdgebouw; d. 2 m voor de overige delen van het erf. e. 2 m voor erf- en terreinafscheidingen; f. 2 m voor andere overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

12/24

Artikel 6

Wonen - 2

6.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Wonen - 2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen in de vorm van gestapelde woningen; b. op de begane grondlaag of tweede bouwlaag voor een maatschappelijke functie met een bedrijfsvloeroppervlakte van maximaal 150 m2 per bouwvlak; c. beroepsuitoefening aan huis (zie lid 6.4); d. tuinen en erven; e. parkeervoorzieningen (niet gebouwde), groenvoorzieningen en water. 6.2 Bouwregels 6.2.1 Algemeen Op de in lid 6.1 bedoelde gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming worden gebouwd, met dien verstande, dat: a. als hoofdgebouwen uitsluitend gestapelde woningen mogen worden gebouwd; b. hoofdgebouwen uitsluitend binnen het aangegeven bouwvlak mogen worden gebouwd; c. het hoofdgebouw in de voorgevelbouwgrens dient te worden gebouwd; d. aan- en uitbouwen, vrijstaande bijgebouwen en overkappingen niet zijn toegestaan; e. de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen niet meer mag bedragen dan: 1. 1 m op gronden, gelegen tussen 1 m achter de voorgevel (of het verlengde daarvan) en de openbare weg aan de voorzijde; 2. 2 m op de overige delen van het erf; f. de bouwhoogte van kunstobjecten, licht-, zend- en vlaggenmasten niet meer mag bedragen dan 7 m; g. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, niet meer mag bedragen dan 2 m.

6.3 Afwijken van de bouwregels Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.2 voor de bouw van een extra garage en/of bijgebouw, met dien verstande, dat: a. de totale oppervlakte maximaal 25 m2 per bestemmingsvlak bedraagt; b. de bouwhoogte maximaal 4 m bedraagt 6.4 Specifieke gebruiksregels 6.4.1 Beroepsmatige activiteiten Het bepaalde in lid 6.1 ten aanzien van ten aanzien van het gebruik van woningen als praktijkruimte voor beroep aan huis is toegestaan mits: a. de woonfunctie in overwegende mate blijft gehandhaafd, waarbij geldt dat de brutovloeroppervlakte niet meer mag bedragen dan 40% van de woning met een maximum van 40 m²; b. geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat in de omgeving; c. in de omgeving geen onevenredige toename van de verkeersbelasting optreedt; d. er wordt voorzien in voldoende parkeerruimte op eigen terrein; e. de beroepsmatige activiteiten geschieden door degene die op het perceel woonachtig is;

13/24

f.

detailhandel (al dan niet via internet) uitsluitend is toegestaan; 1. in goederen, die ter plaatse worden vervaardigd, verwerkt of bewerkt, en mits dit een onderschikt deel van de bedrijfsvoering is; 2. mits er geen sprake is van winkel- of uitstallingsruimte van goederen ten behoeve van de beroepsactiviteit.

6.5 Afwijken van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 6.4 voor het medegebruik van woningen en/of aangebouwde bijgebouwen ten behoeve van bedrijf aan huis tot en met ten hoogste categorie 2 zoals opgenomen in 'Bijlage 1 Staat van bedrijfsactiviteiten' al dan niet in combinatie met handel in en verkoop van goederen en diensten via internet, met dien verstande, dat: a. de woonfunctie in overwegende mate blijft gehandhaafd, waarbij geldt dat de grondoppervlakte niet meer mag bedragen dan 40% van de woning met een maximum van 40 m²; b. geen afbreuk wordt gedaan aan het woon- en leefklimaat in de omgeving; c. in de omgeving geen onevenredige toename van de verkeersbelasting optreedt; d. de bedrijfsuitoefening geschiedt door degene die op het perceel woonachtig is; e. er, behoudens een beperkte kleinschalige verkoop in direct verband met de bedrijfsmatige activiteiten, geen detailhandelsactiviteiten plaatsvinden; f. er geen vergunningplichtige inrichtingen op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht mogen worden opgericht; g. geen detailhandel mag plaatsvinden, uitgezonderd een beperkte verkoop ondergeschikt aan de uitoefening van de kleinschalige bedrijfsactiviteiten en/of handel in en verkoop van goederen en diensten via internet.

14/24

Artikel 7

Waarde - Archeologie - 3

7.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waarde - Archeologie - 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van de aanwezige archeologische waarden. 7.2 Bouwregels Op de in lid 7.1 bedoelde gronden mogen geen bouwwerken worden gebouwd die dieper reiken dan 0,80 m onder maaiveld. 7.3 Afwijken van de bouwregels a. Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.2, voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken bij de in lid 7.1 bedoelde bestemming, mits de archeologische waarden niet worden geschaad. b. Alvorens de omgevingsvergunning (voor het bouwen) te kunnen verlenen, dient de aanvrager van omgevingsvergunning aan burgemeester en wethouders hieromtrent een schriftelijk advies te overleggen die door de gemeentelijke archeoloog wordt beoordeeld. Aan een omgevingsvergunning kunnen de volgende regels worden verbonden: c. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; d. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een door de gemeente aan te wijzen deskundige op archeologisch gebied.

7.4 Omgevingsvergunning voor werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden 7.4.1 Verbod Het is verboden op de tot 'Waarde - Archeologie - 3' bestemde grond, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, de volgende werken of werkzaamheden uit te voeren: a. het ophogen, egaliseren en ontginnen van gronden; b. het bodemverlagen of afgraven van gronden waarvoor geen ontgrondingsvergunning is vereist; c. het aanbrengen van diepwortelende beplanting; d. het aanleggen of verharden van wegen, rijwielpaden, banen of parkeer- gelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; e. het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; f. het graven of dempen van sloten, watergangen, vijvers of vaarten; g. verhogen of verlagen van de grondwaterstand. 7.4.2 Uitzonderingen Het in lid 7.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die: a. tussen maaiveld en 0,80 m onder maaiveld worden uitgevoerd; b. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen en gericht zijn op en noodzakelijk zijn voor de

15/24

instandhouding van het onderhavige plangebied; c. in uitvoering waren ten tijde van de inwerkingtreding van het plan, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan; d. werkzaamheden in het kader van uitvoeren van archeologisch onderzoek door een archeologisch deskundige. 7.4.3 Voorwaarden Het in lid 7.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend: a. indien uit een door de aanvrager van de vergunning te overleggen rapport of andere beschikbare informatiebron de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag mogelijk kunnen worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate zijn vastgesteld en hieruit blijkt dat geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden; b. voor zover de genoemde werken of werkzaamheden dan wel de directe of indirecte gevolgen daarvan kunnen leiden tot een verstoring van archeologisch materiaal, indien aan de vergunning de volgende regels worden verbonden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; c. de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.

7.5 Wijzigingsbevoegdheid Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de bestemming te wijzigen door de dubbelbestemming 'Waarde Archeologie - 3' geheel of gedeeltelijk te laten vervallen, indien: a. uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat ter plaatse geen archeologische waarden aanwezig zijn; b. het op grond van nader archeologisch onderzoek niet meer noodzakelijk wordt geacht dat het bestemmingsplan ter plaatse in bescherming en veiligstelling van archeologische waarden voorziet. Alvorens toepassing te geven aan deze regel winnen burgemeester en wethouders advies in bij een archeologisch deskundige.

16/24

Hoofdstuk 3 Artikel 8

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

17/24

Artikel 9

Algemene bouwregels

9.1 Overschrijding bouwgrenzen 9.1.1 Algemeen De in deze regels opgenomen bepalingen ten aanzien van bouwgrenzen zijn niet van toepassing voor wat betreft overschrijdingen met betrekking tot: a. stoepen, stoeptreden, toegangsbruggen en funderingen; b. plinten, pilasters, kozijnen, standleidingen voor hemelwater, gevelversieringen, wanden van ventilatiekanalen en schoorstenen, indien de overschrijding van de voorgevelbouwgrens niet meer dan 12 cm bedraagt; c. gevel en kroonlijsten en overstekende daken, overbouwingen, galerijen en luifels, mits zij de bouwgrens met niet meer dan 0,50 m overschrijden; d. erkers en balkons voor zover deze de bouwgrens met niet meer dan 1 m overschrijden; e. ondergrondse funderingen en ondergrondse bouwwerken, voor zover deze de bouwgrens met niet meer dan 1 m overschrijden; f. hijsinrichtingen aan tot bewoning bestemde gebouwen, voor zover deze hijsinrichtingen in geen enkele stand de voorgevelbouwgrens met meer dan 1 m overschrijden. 9.1.2 Afwijkingen a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om met een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde onder 9.1.1 voor het overschrijden van de aangegeven bouwgrenzen met ten hoogste 1,50 m, indien het betreft: 1. toegangen van bouwwerken; 2. stoepen, stoeptreden, toegangsbruggen en funderingen; 3. plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, wanden van ventilatiekanalen en schoorstenen; 4.

gevel en kroonlijsten en overstekende daken; 5. balkons en galerijen; 6. luifels, reclametoestellen en draagconstructies voor reclame; 7. hijsinrichtingen, laadbruggen, stortgoten, stort- en zuigbuizen; 8. kelderingangen en kelderkoekoeken; b. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde onder 9.1.1 voor het overschrijden van de aangegeven bouwgrenzen ten behoeve van het bouwen van verbindingen (loopbruggen) tussen gebouwen, mits die uit oogpunt van verkeersveiligheid aanvaardbaar wordt geacht. 9.2 Ondergronds bouwen De planregels inzake de toelaatbaarheid, de aard, de omvang en de situering van gebouwen zijn in geval van ondergrondse bouw van overeenkomstige toepassing, met dien verstande, dat deze uitsluitend is toegestaan met inachtneming van de volgende voorwaarden: a. ondergrondse bouw is uitsluitend toegestaan onder de oppervlakte van bovengronds gelegen gebouwen, alsmede ter verbinding van gebouwen, met dien verstande, dat dit niet van toepassing is op situaties als bedoeld in 9.1.1, onder e;

18/24

b. gebouwd mag worden tussen peil en 3,50 m onder peil.

19/24

Artikel 10 Algemene gebruiksregels 10.1 Gebruik onbebouwde gronden en bouwwerken Onder verboden gebruik van onbebouwde gronden wordt in ieder geval verstaan: a. het storten of lozen van puin, vuil of andere vaste of vloeibare afvalstoffen; b. het opslaan van goederen, zoals vaten, kisten, bouwmaterialen, voer- of vaartuigen, werktuigen, machines of onderdelen hiervan; c. het opslaan van onklare voer- en vaartuigen of onderdelen hiervan; d. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens; e. het opslaan van vuurwerk en/of andere gevaarlijke stoffen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (artikel 1 onder g); f. het gebruik van bijgebouwen voor zelfstandige bewoning; g. g. het gebruik van bouwwerken voor seksinrichtingen. 10.2 Uitzonderingen gebruiksverbod Het bepaalde in lid 10.1 van dit artikel is niet van toepassing op: a. het (tijdelijk) gebruik ten behoeve van de realisering en/of handhaving van de bestemmingen of het normale onderhoud van de gronden; b. de opslag van goederen in het kader van de in het plan toegestane bedrijfsvoering; c. het opslaan of storten van afval- en meststoffen, voor zover noodzakelijk voor het normale onderhoud van de gronden en de watergangen. 10.3 Gebruik bouwwerken Onder verboden gebruik van bouwwerken wordt in ieder geval verstaan: a. vrijstaande bijgebouwen voor bewoning; b. prostitutie; c. seksinrichtingen; d.

het opslaan van vuurwerk en/of andere gevaarlijke stoffen als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (artikel 1 onder g). 10.4 Uitzondering gebruiksverbod Het bepaalde in lid 10.3 van dit artikel is niet van toepassing op: a. het (tijdelijk) gebruik ten behoeve van de realisering en/of handhaving van de bestemmingen of het normale onderhoud van de bouwwerken; b. de opslag van goederen in het kader van de in het plan toegestane bedrijfsvoering.

20/24

Artikel 11 Algemene afwijkingsregels a. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in deze regels ten behoeve van: 1. het in geringe mate afwijken ten aanzien van bouwgrenzen, hoogtescheidingslijnen en overige aanduidingen in het horizontale vlak, indien bij definitieve uitmeting of verkaveling blijkt dat deze afwijking in het belang van een juiste verwezenlijking van het plan redelijk, gewenst of noodzakelijk is en de afwijking ten opzichte van hetgeen is aangegeven niet meer bedraagt dan 3 m; 2. het afwijken van de voorgeschreven maatvoering van bouwwerken (waaronder goothoogte, bouwhoogte, grondoppervlakte, onderlinge afstand, afstand tot perceelsgrenzen), eventueel met een overschrijding van de bouwgrens, mits deze afwijkingen niet meer bedragen dan 10% van de in het plan voorgeschreven maten; 3. het overschrijden van de regels inzake de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met maximaal 20%; 4. de bouw van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals een vlaggenmast, een kunstobject, antennes en dergelijke tot een bouwhoogte van 15 m. b. Afwijken is alleen mogelijk indien geen onevenredige afbreuk plaatsvindt van: 1. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; 2. een goede woonsituatie; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; 5. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden.

21/24

Artikel 12 Algemene wijzigingsregels Burgemeester en wethouders zijn, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening, bevoegd het plan te wijzigen, indien de wijziging betrekking heeft op: a. een enigszins andere situering en/of begrenzing van bouwpercelen, dan wel bestemmingsgrenzen, bouwgrenzen en bouwvlakken en/of aanduidingen, indien bij de uitvoering van het plan mocht blijken dat verschuivingen nodig zijn ter uitvoering van een bouwplan, op voorwaarde, dat de oppervlakte van het betreffende bouwperceel, bestemmingsvlak dan wel bouwvlak met niet meer dan 10% zal worden gewijzigd; b. het wijzigen van de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 3', indien uit nader archeologisch onderzoek is gebleken dat sprake is van een hogere dan wel lagere verwachtingswaarde;

22/24

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

Artikel 13 Overgangsrecht 13.1 Overgangsrecht bouwwerken 13.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 13.1.2 Afwijken Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van lid 13.1.1 omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 13.1.1 met maximaal 10%. 13.1.3 Uitzondering Lid 13.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 13.2 Overgangsrecht gebruik 13.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

13.2.2 Afwijkingsmogelijkheid Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 13.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 13.2.3 Verlooptermijn Indien het gebruik, bedoeld in het lid 13.2.1 na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 13.2.4 Uitzondering Lid 13.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

23/24

Artikel 14 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Godfried Bomansstraat.

24/24

bestemmingsplan

Godfried Bomansstraat Rijswijk

DATUM IMRO IDN

09-09-2022 NL.IMRO.0603.bpgodfriedbomansst-VA01

PROJECT PROJECTLEIDER

Godfried Bomansstraat J. van Broekhoven

OPDRACHTGEVER PROJECTNUMMER

Weboma 20210560

AUTEUR STATUS

E. Louwers, W.Timmermans vastgesteld

Inhoudsopgave

Bijlagen regels Bijlage 1

3/33

5 Staat van bedrijfsactiviteiten

7

4/33

Bijlagen regels

5/33

6/33

Bijlage 1

7/33

Staat van bedrijfsactiviteiten

Richtafstandenlijst, Versie 101 Toelichting op de Staat van bedrijfsactiviteiten

naar de eerdergenoemde publicatie "Bedrijven en milieuzonering" van de VNG.

Inleiding

Staat van bedrijfsactiviteiten

Een goede milieuhygiënische kwaliteit in gebieden kan worden gerealiseerd door een juiste afstemming van de situering van bedrijven en milieugevoelige functies (zoals woningen). Om dit te bereiken kunnen globaal bezien twee wegen worden bewandeld: beïnvloeding door middel van ruimtelijke ordening; het nemen van maatregelen op het milieuhygiënische vlak.

De Staat van bedrijfsactiviteiten geeft slechts inzicht in milieuplanologische aspecten per bedrijfstype en een specifieke bedrijfssituatie. Voor de onderscheiden bedrijfstypen, gerangschikt volgens de Standaard Bedrijfs Indeling (SBI-lijst) van het CBS, zijn per bedrijfstype voor elk van de aspecten geur, stof, geluid en gevaar de richtafstanden aangegeven die in de meeste gevallen kunnen worden aangehouden tussen een bedrijf, bedrijven c.q. bedrijfsactiviteiten (de milieubelastende activiteiten, opslagen en installaties) en een rustige woonwijk. Bij het aanhouden van de richtafstanden tussen de bedrijven/bedrijfsactiviteiten en milieugevoelige objecten (woningen) kan hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen worden gehouden. Onder bedrijven worden in dit verband ook begrepen diverse productie- en handelsbedrijven en recreatiebedrijven en milieubelastende vormen van publieke dienstverlening en openbare instellingen. Onder milieugevoelige objecten vallen ook ziekenhuizen scholen en terreinen voor verblijfsrecreatie.

De ruimtelijke ordening fungeert daarbij als het beleidskader en vormt een "grove zeef", waarbij getracht wordt de juiste functie op de juiste plaats te situeren. Bij de ruimtelijke ordening zijn het aanhouden van afstand tussen bron en gevoelig object (zonering) en functietoedeling de belangrijkste middelen. Milieuhygiënische maatregelen zorgen er vervolgens voor dat, zonodig, voor de inrichting maatregelen worden getroffen ter voorkoming of beperking van hinder in het omliggende gebied. Bij de regeling in het bestemmingsplan wordt gebruik gemaakt van een "Staat van bedrijfsactiviteiten", gebaseerd op de publicatie "Bedrijven en milieuzonering" van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG, publicatie juni 2007; “het groene boekje”). Door het koppelen van soorten bedrijven aan richtafstanden met betrekking tot aan te houden afstanden tussen bedrijven en milieugevoelige objecten biedt de staat een (aanvullend) instrument voor ruimtelijk-ordeningsbeleid bij bestemmingsplannen. Hierna wordt een korte toelichting gegeven op de Staat van bedrijfsactiviteiten. Voor een uitgebreide toelichting wordt verwezen

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

In verband met de specifieke situatie van bedrijventerreinen is er, in het kader van een goede ruimtelijke ordening, gekozen voor het in eerste instantie uitsluiten van een aantal bedrijven/bedrijfsactiviteiten (de negatieve lijst). Deze activiteiten zijn in bijgaande staat doorgehaald. Aan vestiging van de doorgehaalde bedrijven kan, na een door burgemeester en wethouders te verlenen omgevingsvergunning voor afwijken, en na een nadere belangenafweging, medewerking worden verleend. In de regels is aangegeven of en zo ja onder welke voorwaarden medewerking kan

1

Richtafstandenlijst, Versie 101 worden verleend. Aan de omgevingsvergunning voor afwijken kunnen daarbij, zo nodig voorwaarden worden gesteld. Voor wat betreft de milieucomponenten zijn "afstanden" bepaald ten aanzien van: geur; stof; geluid; gevaar. Richtafstanden voor geur, stof, geluid en gevaar

Bij de onderscheiden bedrijfstypen is bij de beoordeling van de milieu-planologische aspecten uitgegaan van: in Nederland aanvaarde normen voor wat betreft de emissies door milieubelastende activiteiten; in Nederland voorgeschreven of aanvaarde grens- en richtwaarden voor wat betreft de toelaatbare immissies bij woningen en andere milieugevoelige objecten; ervaringen/waarnemingen voor wat betreft de omvang en schadelijkheid van emissies door activiteiten.

De in lijst 1 en 2 vermelden richtafstanden voor de vier ruimtelijk relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Bij het bepalen van de richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:: het betreft "gemiddelde" nieuwe bedrijven met voor nieuwe bedrijven gangbare voorzieningen binnen het gedefinieerde bedrijfstype; het referentiegebied betreft woningen in een “rustige woonwijk” en een “rustig buitengebied”; de opgenomen richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten;

Doordat de bedrijfstypen zodanig gedefinieerd/geclusterd zijn dat voor wat betreft de milieubelastingen sprake is van een zekere uniformiteit kan, onder meer door verschillende installaties, processen, (grond)stoffen, producten, productieomvang, terreinindeling, voorzieningen en dergelijke, sprake zijn een zekere variatie. De in de lijst aangegeven afstanden zijn dan ook indicatief. In concrete situaties kan er sprake zijn van afwijkingen van de gehanteerde uitgangspunten voor lijst 1 en 2. Daarbij kan er in concrete situaties sprake zijn van een hogere dan wel een lagere milieubelasting

Wijze van meten richtafstanden

Kolom met richtafstanden voor geluid

De richtafstanden gelden enerzijds de grens van de bestemming of perceel die bedrijven/bedrijfsactiviteiten en/of andere milieubelastende functies toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van het milieugevoelig object zoals een woning of een andere milieugevoelige functie die volgens het bestemmingsplan of via vergunningvrij bouwen (bijvoorbeeld voor een uitbreiding van de woning) mogelijk is. De gegeven afstanden zijn richtafstanden en geen harde afstandsnormen. Geringe afwijkingen kunnen in de lokale situatie (gemotiveerd) mogelijk zijn.

In de kolom met richtafstanden voor geluid is, waar van toepassing, de letter “C” van continu opgenomen om aan te geven dat bij de betreffende activiteiten voor geluid meestal continu (dag en nacht) in bedrijf zijn. Voor bedrijven die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken in de zin van de Wet geluidhinder art 4.2 van het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer is de letter “Z“ opgenomen.

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

2

Richtafstandenlijst, Versie 101 Kolom met richtafstanden voor gevaar

Kolom milieucategorie

Het betreft hier over het algemeen alle gevaarsaspecten met inbegrip van brandgevaar en explosiegevaar. De letter “R” is opgenomen voor activiteiten die onder de werking van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) vallen of gaan vallen. Voor deze activiteiten die altijd te worden nagegaan of het Bevi van toepassing is en dient zonodig te worden getoetst aan de in het Bevi opgenomen vaste afstanden voor het plaatsgebonden risico. Daarnaast geldt ook nog de verantwoordingsplicht voor het groepsrisico in het invloedsgebied rondom deze inrichtingen. Nieuwvestiging van een Bevi-inrichting is slechts mogelijk nadat een “afweging op maat” heeft plaatsgevonden, waarbij is bezien wat de gevolgen zijn voor de bouw- en gebruiksmogelijkheden in de omgeving van de vestiging. De letter “V” is opgenomen voor activiteiten waarop het Vuurwerkbesluit van toepassing is.

Bij de bepaling van de richtafstanden is uitgegaan van “gemiddelde moderne activiteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen. In deze kolom is de letter “D” opgenomen indien er sprake is van een grote variatie in productieprocessen, waardoor er sprake kan zijn van een grote variatie in milieubelasting. In die gevallen dient dat per casus te worden bekeken.

Grootste afstand en milieucategorie -

Per bedrijfsactiviteit is voor elke milieucomponent een afstand aangegeven, die vanwege die milieucomponent tot een milieugevoelig object in beginsel moet worden aangehouden. De grootste daarvan vormt de indicatie voor de aan te houden afstand van de bedrijfsactiviteit tot een milieugevoelig object. Deze grootste afstand is daarom in de Staat van bedrijfsactiviteiten opgenomen in de kolom "afstand". De in deze kolom gegeven afstandsmaten bepalen tezamen met de indices de milieucategorie van een bedrijfsactiviteit; deze categorieën staan vermeld in de kolom "cat". Er zijn zes milieucategorieën; per milieucategorie gelden de volgende afstanden:

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

Milieucategorie

1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6

Aan te houden richtafstand tot omgevingstype rustige woonwijk en rustig buitengebied 0 - 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m 1.500 m

Tevens zijn indices opgenomen voor verkeer, visueel, bodem en lucht, waarbij voor: index 1 sprake is van potentieel geen of geringe emissie of hinder; index 2 sprake is van aanzienlijke emissie of hinder; index 3 sprake is van potentieel ernstige emissie of hinder.

3

Richtafstandenlijst, Versie 101 Index voor verkeersaantrekkende werking In de kolom is onderscheid gemaakt tussen goederenvervoer (G) en personenvervoer (P). De index is van belang in relatie tot de gekozen verkeersontsluiting. Daar waar de verkeersontsluiting slecht is zijn activiteiten met een relatief grote verkeersaantrekkende werking niet gewenst. Visuele hinder De index voor visuele hinder is een indicator voor de (visuele) inpasbaarheid van activiteiten. Hoe kolossale industriële bouwwerken hebben een index gelijk aan 3; een klein kantoorgebouw een index gelijk aan 1. De bepaling van de index is subjectief en niet eenduidig. Door aankleding of afscherming kunnen “lelijke” installaties worden gemaskeerd. De index heeft dan ook vooral een signaalfunctie. Bodemverontreiniging De index voor bodem kan een hulpmiddel zijn bij de selectie van toelaatbare inrichtingen op gevoelige gebieden zoals bodembeschermingsgebieden. In de kolom is de letter “B” opgenomen indien een activiteit een verhoogde kans geeft op bodemverontreiniging bijvoorbeeld bij calamiteiten, incidenten of “sluimerende” lekkages.

geëmitteerde stoffen op gevoelige bodems, gewassen en flora, zoals ingeval van neerslag verzurende stoffen op natuurgebieden en de neerslag van ware metalen op groenten. Bij activiteiten waar dit mogelijk relevant is, is de letter “L“ van luchtverontreiniging opgenomen. Tabellen De Staat van bedrijfsactiviteiten uit de publicatie "Bedrijven en milieuzonering" van de VNG bevat twee tabellen. Tabel 1 van de Staat van bedrijfsactiviteiten bevat de verschillende bedrijfstypen met de SBI-codes, alsmede de bij de bedrijfstypen behorende milieu-planologische kenmerken gerelateerd aan de richtafstand tot het omgevingstype "rustige woonwijk" en "rustig buitengebied"; deze gegevens zijn verwerkt in de hierna volgende Staat van bedrijfsactiviteiten. De in tabel 2 van de Staat van bedrijfsactiviteiten van de VNG opgenomen "Opslagen en installaties" zijn niet afzonderlijk in de hierna volgende versie van de Staat vermeld, omdat deze doorgaans reeds tot een andere bedrijfsvoering gerekend worden.

Luchtverontreiniging De uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht is niet te vertalen in een richtafstand die bij voorkeur tot milieugevoelige objecten in acht genomen zou moeten worden. Toch kan de uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht planologisch relevant zijn, zoals ingeval van

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

4

Richtafstandenlijst, Versie 101 Milieucategorie

1 2 3.1 3.2 4.1 4.2 5.1 5.2 5.3 6

Aan te houden richtafstand tot omgevingstype gemengd gebied 0m 10 m 30 m 50 m 100 m 200 m 300 m 500 m 700 m 1.000 m

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

Lijst van afkortingen: niet van toepassing of niet relevant < kleiner dan > groter dan = gelijk aan cat. categorie e.d. en dergelijke kl. klasse n.e.g. niet elders genoemd o.c. opslagcapaciteit p.c. productiecapaciteit p.o. productieoppervlak v.c. verwerkingscapaciteit u uur d dag w week t ton j jaar B bodemverontreiniging C continu D divers L luchtverontreiniging Z zonering (op basis van de Wet geluidhinder) R risico (Besluit externe veiligheid inrichtingen mogelijk van toepassing V vuurwerkbesluit van toepassing

5

Richtafstandenlijst, Versie 101

SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

LUCHT

BODEM

VISUEEL

VERKEER

GROOTSTE AFSTAND

GEVAAR

GELUID

016 016 016 016 016 0162 02

STOF

01

0111, 0113 011, 012, 013 0112 011, 012, 013, 016 0112 011, 012, 013 0112 011, 012, 013 0112 011, 012, 013 0112 0113 0112 0113 0112 0163 0112 011 0121 0141, 0142 0122 0143, 0145 0122 0143 0122 0145 0123 0146 0124 0147 0124 0147 0124 0147 0124 0147 0124 0147 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0125 0149 0130 0150 014 014 014 014 014 0142 02

indices

GEUR

nummer

01

AFSTANDEN IN METERS

-

CATEGORIE

-

10

10

30 C

10

30

2

1G

1

B

L

10 10 10 30 100 30 30 100

10 10 10 10 10 10 10 30

30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C 30 C

10 10 10 10 10 10 10 0

30 30 30 30 100 30 30 100

2 2 2 2 3.2 2 2 3.2

1G 1G 1G 1G 1G 1G 1G 1G

1 1 1 1 1 1

B B B B B B

L L L

50 50 200

30 30 30

30 C 30 C 50 C

0 0 0

50 50 200 D

3.1 3.1 4.1

1G 1G 1G

1 1 1

200 200 200 100

30 30 50 30

50 C 50 C 50 C 50 C

0 0 0 0

200 D 200 200 100 D

4.1 4.1 4.1 3.2

1G 1G 1G 1G

1 1 1 1

200 100 30 100 10 30 100

30 30 0 0 0 10 30

30 C 30 C 50 C 30 C 30 C 30 C 30 C

0 0 10 10 10 0 0

200 100 50 100 30 30 D 100

4.1 3.2 3.1 3.2 2 2 3.2

1G 1G 1G 1G 1G 1G 1G

1 1 1 1 1 1 1

30 30 30 30 30

10 10 10 10 10

50 30 50 30 30 C

10 10 10 10 0

50 D 30 50 30 30

3.1 2 3.1 2 2

2G 1G 2G 1G 1G

1 1 1 1 1

- LANDBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. DE LANDBOUW

0 1 2 3 4 5 6 7 0 1 2 0 1 2 3 4 0 1 2 3 4 5 6

0 1 2 3 4

Akkerbouw en fruitteelt (bedrijfsgebouwen) Tuinbouw: - bedrijfsgebouwen - kassen zonder verwarming - kassen met gasverwarming - champignonkwekerijen (algemeen) - champignonkwekerijen met mestfermentatie - bloembollendroog- en prepareerbedrijven - witlofkwekerijen (algemeen) Fokken en houden van rundvee Fokken en houden van overige graasdieren: - paardenfokkerijen - overige graasdieren Fokken en houden van varkens Fokken en houden van pluimvee: - legkippen - opfokkippen en mestkuikens - eenden en ganzen - overig pluimvee Fokken en houden van overige dieren: - nertsen en vossen - konijnen - huisdieren - maden, wormen e.d. - bijen - overige dieren Akker-en/of tuinbouw in combinatie met het fokken en houden van dieren (niet intensief) Dienstverlening t.b.v. de landbouw: - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o. > 500 m² - algemeen (o.a. loonbedrijven): b.o.<= 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. > 500 m² - plantsoenendiensten en hoveniersbedrijven: b.o. <= 500 m² KI-stations

1

-

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

6

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

AFSTANDEN IN METERS

indices

-

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

10

50

0

50

3.1

1G

1

100 50

0 0

100 C 50 C

50 R 10

100 50

3.2 3.1

2G 1G

2 1

100 50

30 0

50 C 50 C

0 0

100 50

3.2 3.1

1G 1G

1 1

50

50

100 C

10

100

3.2

2G

2

100 30 50

0 0 0

200 C 500 C 700 C Z

200 R 200 R 200 R

200 500 700

4.1 5.1 5.2

1G 1G 1G

2 1 1

10 10 50 10

100 200 10 200

200 700 Z 100 C 500 C

10 10 30 50

200 D 700 100 500

4.1 5.2 3.2 5.1

2G 2G 2G 3G

1 2 1 3

100 700 300 100 50 30 50

0 0 0 0 0 0 0

100 C 100 C 100 C 100 C 50 C 50 50

50 R 30 50 R 50 R 30 10 10

100 D 700 300 100 50 50 50

3.2 5.2 4.2 3.2 3.1 3.1 3.1

2G 2G 2G 2G 1G 1G 1G

1 2 2 2 1 1 1

50

0

50

10

50

3.1

2G

1

7

B B B

B

LUCHT

8 - vervaardiging van snacks en vervaardiging van kant-en-klaar-maaltijden met p.o. < 2.000 m²

10

BODEM

108

VISUEEL

151

VERKEER

- VISSERIJ- EN VISTEELTBEDRIJVEN Zeevisserijbedrijven Binnenvisserijbedrijven 0 Vis- en schaaldierkwekerijen 1 - oester, mossel- en schelpenteelt bedrijven 2 - visteeltbedrijven - TURFWINNING Turfwinningbedrijven - AARDOLIE- EN AARDGASWINNING 0 Aardolie- en aardgaswinning: 1 - aardoliewinputten 2 - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: < 10.000.000 N m3/d 3 - aardgaswinning incl. gasbeh.inst.: >= 10.000.000 N m3/d - WINNING VAN ZAND, GRIND, KLEI, ZOUT, E.D. 0 Steen-, grit- en krijtmalerijen (open lucht): 1 - algemeen 2 - steenbrekerijen Zoutwinningbedrijven Mergel- en overige delfstoffenwinningbedrijven - VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN 0 Slachterijen en overige vleesverwerking: 1 - slachterijen en pluimveeslachterijen 2 - vetsmelterijen 3 - bewerkingsinrichting van darmen en vleesafval 4 - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. > 1000 m² 5 - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 1000 m² 6 - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken: p.o. <= 200 m² 7 - loonslachterijen

GROOTSTE AFSTAND

03 03 0311 0312 032 032 032 08 08 089 06 06 061, 062 061 062 062 08 08 0812 0812 0812 0893 0899 10, 11 10, 11 101, 102 101, 102 101 101 101 101 101 101, 102

GEVAAR

05 05 0501.1 0501.2 0502 0502 0502 10 10 103 11 11 111 111 111 111 14 14 1421 1421 1421 144 145 15 15 151 151 151 151 151 151 151 151

GELUID

- BOSBOUW EN DIENSTVERLENING T.B.V. BOSBOUW Bosbouwbedrijven

STOF

02 021, 022, 024

GEUR

nummer

02 020

CATEGORIE

-

L

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

AFSTANDEN IN METERS

indices

-

700 200 300 300 100 50

100 0 0 10 10 10

200 C 100 C 50 C 50 C 50 30

30 30 0 30 30 10

700 200 300 300 D 100 50

5.2 4.1 4.2 4.2 3.2 3.1

2G 2G 1G 2G 1G 1G

2 2 2 2 1 1

300 50

30 10

200 C 50

50 R 50 R

300 50

4.2 3.1

2G 1G

2 1

50 50 100 300 300

10 10 10 10 10

100 C 100 C 100 C 200 C 100 C

10 10 10 30 10

100 100 100 300 300

3.2 3.2 3.2 4.2 4.2

1G 2G 2G 2G 2G

1 2 2 2 2

200 300

30 50

100 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

3G 3G

2 3

B B

200 300

10 10

100 C 300 C Z

100 R 200 R

200 300

4.1 4.2

3G 3G

2 3

B B

100 200

10 10

200 C 300 C Z

30 R 50 R

200 300

4.1 4.2

3G 3G

2 3

B

200 200 50 100 50 50 10

100 30 0 0 50 0 0

500 C Z 500 C Z 100 C 300 C Z 300 C 100 C 30

50 50 50 50 50 50 0

500 500 100 300 300 100 30

5.1 5.1 3.2 4.2 4.2 3.2 2

3G 3G 2G 3G 3G 2G 1G

2 2 1 2 2 2 1

200 100 50

100 50 100

300 C Z 200 C 200 C

100 R 50 R 50

300 200 200 D

4.2 4.1 4.1

2G 2G 2G

2 2 2

200

50

200 C

30 R

200

4.1

1G

2

R R R R R R

8

LUCHT

BODEM

VISUEEL

VERKEER

GROOTSTE AFSTAND

GEVAAR

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

GELUID

Visverwerkingsbedrijven: - drogen - conserveren - roken - verwerken anderszins: p.o.> 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 1000 m² - verwerken anderszins: p.o. <= 300 m² Aardappelprodukten fabrieken: - vervaardiging van aardappelproducten - vervaardiging van snacks met p.o. < 2.000 m² Groente- en fruitconservenfabrieken: - jam - groente algemeen - met koolsoorten - met drogerijen - met uienconservering (zoutinleggerij) Vervaardiging van ruwe plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Raffinage van plantaardige en dierlijke oliën en vetten: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Margarinefabrieken: - p.c. < 250.000 t/j - p.c. >= 250.000 t/j Zuivelprodukten fabrieken: - gedroogde produkten, p.c. >= 1,5 t/u - geconcentreerde produkten, verdamp. cap. >=20 t/u - melkprodukten fabrieken v.c. < 55.000 t/j - melkprodukten fabrieken v.c. >= 55.000 t/j - overige zuivelprodukten fabrieken Consumptie-ijsfabrieken: p.o. > 200 m² - consumptie-ijsfabrieken: p.o. <= 200 m² Meelfabrieken: - p.c. >= 500 t/u - p.c. < 500 t/u Grutterswarenfabrieken 0 Zetmeelfabrieken: 1 - p.c. < 10 t/u

STOF

0 1 2 3 4 5 6 0 1 2 0 1 2 3 4 5 0 1 2 0 1 2 0 1 2 0 1 2 3 4 5 1 2 0 1 2

GEUR

nummer

152 102 152 102 152 102 152 102 152 102 152 102 152 102 1531 1031 1531 1031 1531 1031 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1532, 1533 1032, 1039 1541 104101 1541 104101 1541 104101 1542 104102 1542 104102 1542 104102 1543 1042 1543 1042 1543 1042 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1551 1051 1552 1052 1552 1052 1561 1061 1561 1061 1561 1061 1561 1061 1562 1062 1562 1062

CATEGORIE

-

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

AFSTANDEN IN METERS

indices

-

0 1 2

0 1 2

0 1

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

50 R

300

4.2

2G

3

700 700 300 700 200 300 200

30 100 100 200 50 100 100

200 C 100 C 200 C 300 C Z 200 C 300 C Z 200 C

50 30 R 30 50 30 50 R 30

700 D 700 D 300 700 200 300 200

5.2 5.2 4.2 5.2 4.1 4.2 4.1

3G 3G 2G 3G 3G 3G 2G

3 3 2 3 3 3 2

30 100 100

10 30 10

30 C 100 C 100 C

10 30 30

30 100 100

2 3.2 3.2

1G 2G 2G

1 2 2

500 1000

100 200

300 C 700 C Z

100 R 200 R

500 1000

5.1 5.3

2G 3G

2 3

500 100

50 30

100 50

50 R 30

500 100

5.1 3.2

2G 2G

3 2

30

10

30

10

30

2

1G

1

300 100 30 50

30 30 10 30

50 50 30 10

30 R 30 R 10 10

300 100 30 50

4.2 3.2 2 3.1

2G 2G 1G 2G

2 2 1 2

500 100 200 200 200

30 10 30 30 50

200 C 30 50 50 50

10 10 10 30 50 R

500 D 100 200 200 D 200

5.1 3.2 4.1 4.1 4.1

2G 2G 2G 2G 2G

1 1 1 2 2

100 300 200 300

10 50 50 30

50 50 50 200 C

10 50 R 30 30

100 300 200 300

3.2 4.2 4.1 4.2

2G 2G 2G 2G

2 2 2 2

200

30

200 C

30 R

200

4.1

1G

2

9

B B

LUCHT

4 5 6

300 C Z

BODEM

10821 10821 10821 1073 1083 1083 1083 108401 1089 1089 1089 1089 1089 1089 110101 110102 110102

100

VISUEEL

1584 1584 1584 1585 1586 1586 1586 1587 1589 1589.1 1589.2 1589.2 1589.2 1589.2 1591 1592 1592

300

VERKEER

3

GROOTSTE AFSTAND

10821

0 1 2 0 1 2

GEVAAR

1584

0 1 2

- p.c. >= 10 t/u Veevoerfabrieken: - destructiebedrijven - beender-, veren-, vis-, en vleesmeelfabriek - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. < 10 t/u water - drogerijen (gras, pulp, groenvoeder, veevoeder) cap. >= 10 t/u water - mengvoeder, p.c. < 100 t/u - mengvoeder, p.c. >= 100 t/u Vervaardiging van voer voor huisdieren Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen: - v.c. < 7500 kg meel/week, bij gebruik van charge-ovens - v.c. >= 7500 kg meel/week Banket, biscuit- en koekfabrieken Suikerfabrieken: - v.c. < 2.500 t/j - v.c. >= 2.500 t/j Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - Cacao- en chocoladefabrieken: p.o. > 2.000 m² - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 2.000 m² - cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken met p.o. <= 200 m² - Suikerwerkfabrieken met suiker branden - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o. > 200 m² - suikerwerkfabrieken zonder suiker branden: p.o.

<= 200 m² Deegwarenfabrieken Koffiebranderijen en theepakkerijen: - koffiebranderijen - theepakkerijen Vervaardiging van azijn, specerijen en kruiden Vervaardiging van overige voedingsmiddelen Bakkerijgrondstoffenfabrieken Soep- en soeparomafabrieken: - zonder poederdrogen - met poederdrogen Bakmeel- en puddingpoederfabrieken Destilleerderijen en likeurstokerijen Vervaardiging van ethylalcohol door gisting: - p.c. < 5.000 t/j

GELUID

2 0 1 2 3 4 5 6

STOF

1062 1091 1091 1091 1091 1091 1091 1091 1092 1071 1071 1071 1072 1081 1081 1081 10821 10821 10821

GEUR

nummer

1562 1571 1571 1571 1571 1571 1571 1571 1572 1581 1581 1581 1582 1583 1583 1583 1584 1584 1584

CATEGORIE

-

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

indices

50 R 0

300 30

4.2 2

2G 1G

3 1

300 300 10

30 50 0

100 C 100 C 100

50 R 30 50 R

300 300 100

4.2 4.2 3.2

2G 2G 3G

2 2 2

30

50 C

30

200

4.1

2G

1

50

100

30

100

3.2

2G

1

10 30 0 0 30 10

100 300 50 50 200 50

0 50 10 10 10 10

100 300 50 50 200 50

3.2 4.2 3.1 3.1 4.1 3.1

2G 3G 2G 1G 2G 1G

1 2 2 1 2 2

0 10 10

50 30 10

0 10 10

50 30 50

3.1 2 3.1

1G 2G 1G

1 2 1

30 10 10

100 30 50

10 10 10

300 50 D 50

4.2 3.1 3.1

2G 2G 2G

2 2 1

50

100

50 R

100

3.2

2G

2

30 30 30 30

50 50 100 100

10 10 10 0

200 50 100 100

4.1 3.1 3.2 3.2

2G 2G 3G 2G

2 1 2 2

30

50

0

50

3.1

1G

1

162

1 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

10

0

Z

VERKEER

16 16101 16102 16102 16102 1621 162

- VERWERKING VAN TABAK Tabakverwerkende industrie 200 - VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Bewerken en spinnen van textielvezels 10 0 Weven van textiel: 1 - aantal weefgetouwen < 50 10 2 - aantal weefgetouwen >= 50 10 Textielveredelingsbedrijven 50 Vervaardiging van textielwaren 10 Tapijt-, kokos- en vloermattenfabrieken 100 Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen 0 - VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer 30 Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) 10 Bereiden en verven van bont; vervaardiging van artikelen van bont 50 - VERVAARDIGING VAN LEER EN LEDERWAREN (EXCL. KLEDING) Lederfabrieken 300 Lederwarenfabrieken (excl. kleding en schoeisel) 50 Schoenenfabrieken 50 - HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Houtzagerijen 0 0 Houtconserveringsbedrijven: 1 - met creosootolie 200 2 - met zoutoplossingen 10 Fineer- en plaatmaterialenfabrieken 100 0 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout 0

LUCHT

300 C 30 C

BODEM

GROOTSTE AFSTAND

50 0

VISUEEL

GEVAAR

Bierbrouwerijen Mouterijen Mineraalwater- en frisdrankfabrieken

300 10

GELUID

1105 1106 1107 12 12 120 13 13 131 132 132 132 133 139 1393 139, 143 14 14 141 141 142, 151 19 15 151,152 151 152

2 - p.c. >= 5.000 t/j Vervaardiging van wijn, cider e.d.

STOF

110102 1102 t/m 1104

GEUR

nummer

1592 1593 t/m 1595 1596 1597 1598 16 16 160 17 17 171 172 172 172 173 174, 175 1751 176, 177 18 18 181 182 183 19 19 191 192 193 20 20 2010.1 2010.2 2010.2 2010.2 202 203, 204, 205 203, 204, 205

AFSTANDEN IN METERS

-

CATEGORIE

-

B

B B

L

B

L

B

L

B B B

L

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

indices

30

0

30

2

1G

1

100

200 C

50 R

200

4.1

3G

2

30 50 100 30

50 C 200 C Z 300 C Z 100 C

30 50 100 30

R R R R

50 200 300 100

3.1 4.1 4.2 3.2

1G 2G 3G 2G

2 2 2 2

30 30

100 C 200 C Z

30 R 30 R

100 200

3.2 4.1

2G 2G

2 2

0 0 0 0 0 0 0 0 0

10 100 C 100 30 10 30 10 30 10

0 10 10 0 0 0 10 10 0

10 100 100 30 10 30 30 30 D 10

1 3.2 3.2 2 1 2 2 2 1

1P 3G 3G 1P 1G 2G 2G 2G 1G

1 2 2 1 1 1 1 1 1

R R R R R

1000 1500 100 300 300 D 1500 D

5.3 6 3.2 4.2 4.2 6

2G 3G 2G 2G 2G 1G

3 3 2 2 2 2

R R R R

700 500 500 200 D

5.2 5.1 5.1 4.1

3G 3G 3G 3G

3 3 3 3

700 1000 C Z 100 100 1500 C Z 1500 0 100 30 0 100 50 0 200 50 10 100 1500

0 0 0 0

700 C Z 500 C 500 C 200 C

100 100 300 200

B B B

LUCHT

10

BODEM

VISUEEL

VERKEER

GROOTSTE AFSTAND

GEVAAR

Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken 10 - VERVAARDIGING VAN PAPIER, KARTON EN PAPIER- EN KARTONWAREN Vervaardiging van pulp 200 0 Papier- en kartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 50 2 - p.c. 3 - 15 t/u 100 3 - p.c. >= 15 t/u 200 Papier- en kartonwarenfabrieken 30 0 Golfkartonfabrieken: 1 - p.c. < 3 t/u 30 2 - p.c. >= 3 t/u 50 - UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) 0 Drukkerijen van dagbladen 30 Drukkerijen (vlak- en rotatie-diepdrukkerijen) 30 Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen 10 A Grafische afwerking 0 B Binderijen 30 Grafische reproduktie en zetten 30 Overige grafische aktiviteiten 30 Reproduktiebedrijven opgenomen media 0 - AARDOLIE-/STEENKOOLVERWERK. IND.; BEWERKING SPLIJT-/KWEEKSTOFFEN Cokesfabrieken 1000 Aardolieraffinaderijen 1500 A Smeeroliën- en vettenfabrieken 50 B Recyclingbedrijven voor afgewerkte olie 300 C Aardolieproduktenfabrieken n.e.g. 300 Splijt- en kweekstoffenbewerkingsbedrijven 10 - VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Vervaardiging van industriële gassen: 1 - luchtscheidingsinstallatie v.c. >= 10 t/d lucht 10 2 - overige gassenfabrieken, niet explosief 100 3 - overige gassenfabrieken, explosief 100 Kleur- en verfstoffenfabrieken 200 0 Anorg. chemische grondstoffenfabrieken:

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

11

GELUID

STOF

162902 17 17 1711 1712 1712 1712 1712 172 17212 17212 17212 58 58 581 1811 1812 18129 1814 1814 1813 1814 182 19 19 191 19201 19202 19202 19202 201, 212, 244 20 20 2011 2011 2011 2011 2012 2012

GEUR

nummer

205 21 21 2111 2112 2112 2112 2112 212 2121.2 2121.2 2121.2 22 22 221 2221 2222 2222.6 2223 2223 2224 2225 223 23 23 231 2320.1 2320.2 2320.2 2320.2 233 24 24 2411 2411 2411 2411 2412 2413

AFSTANDEN IN METERS

-

CATEGORIE

-

L

B B

B B B B B B

B

L L L L L

L L L

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

indices LUCHT

BODEM

VISUEEL

VERKEER

GROOTSTE AFSTAND

12

GEVAAR

Gemeente Rijswijk, Bestemmingsplan Steenvoorde

GELUID

1 - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" 2 - vallend onder "post-Seveso-richtlijn" A0 Organ. chemische grondstoffenfabrieken: A1 - niet vallend onder "post-Seveso-richtlijn" A2 - vallend onder "post-Seveso-richtlijn" B0 Methanolfabrieken: B1 - p.c. < 100.000 t/j B2 - p.c. >= 100.000 t/j 0 Vetzuren en alkanolenfabrieken (niet synth.): 1 - p.c. < 50.000 t/j 2 - p.c. >= 50.000 t/j Kunstmeststoffenfabrieken Kunstharsenfabrieken e.d. 0 Landbouwchemicaliënfabrieken: 1 - fabricage 2 - formulering en afvullen Verf, lak en vernisfabrieken 0 Farmaceutische grondstoffenfabrieken: 1 - p.c. < 1.000 t/j 2 - p.c. >= 1.000 t/j 0 Farmaceutische produktenfabrieken: 1 - formulering en afvullen geneesmiddelen 2 - verbandmiddelenfabrieken Zeep-, was- en reinigingsmiddelenfabrieken Parfumerie- en cosmeticafabrieken Kruit-, vuurwerk-, en springstoffenfabrieken 0 Lijm- en plakmiddelenfabrieken: 1 - zonder dierlijke grondstoffen 2 - met dierlijke grondstoffen Fotochemische produktenfabrieken A Chemische kantoorbenodigdhedenfabrieken B Overige chemische produktenfabrieken n.e.g. Kunstmatige synthetische garen- en vezelfabrieken - VERVAARDIGING VAN PRODUKTEN VAN RUBBER EN KUNSTSTOF Rubberbandenfabrieken 0 Loopvlakvernieuwingsbedrijven: 1 - vloeropp. < 100 m2 2 - vloeropp. >= 100 m2

STOF

2012 2012 20141 20141 20141 20141 20141 20141 20149 20149 20149 2015 2016 202 202 202 203 2110 2110 2110 2120 2120 2120 2041 2042 2051 2052 2052 2052 205902 205903 205903 2060 22 22 221101 221102 221102 221102

GEUR

nummer

2413 2413 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.1 2414.2 2414.2 2414.2 2415 2416 242 242 242 243 2441 2441 2441 2442 2442 2442 2451 2452 2461 2462 2462 2462 2464 2466 2466 247 25 25 2511 2512 2512 2512

AFSTANDEN IN METERS

-

CATEGORIE

-

100 300

30 50

300 C 500 C

300 R 700 R

300 D 700 D

4.2 5.2

2G 3G

3 3

B B

L L

300 1000

10 30

200 C 500 C

300 R 700 R

300 D 1000 D

4.2 5.3

2G 2G

3 2

B B

L L

100 200

0 0

200 C 300 C Z

100 R 200 R

200 300

4.1 4.2

2G 3G

2 3

B B

300 500 500 700

0 0 300 30

200 C 300 C Z 500 C 300 C

100 200 500 500

300 500 500 700

4.2 5.1 5.1 5.2

2G 3G 3G 3G

2 3 3 3

B B B B

L L L L

300 100 300

50 10 30

100 C 30 C 200 C

1000 R 500 R 300 R

1000 500 D 300 D

5.3 5.1 4.2

3G 2G 3G

3 2 2

B B B

L

200 300

10 10

200 C 300 C

300 R 500 R

300 500

4.2 5.1

1G 2G

2 2

B B

L L

50 10 300 300 30

10 10 100 30 10

50 30 200 C 50 C 50

50 10 100 50 1000

3.1 2 4.2 4.2 5.3

2G 2G 3G 2G 1G

1 1 2 2 2

B

L

R R V

50 30 300 300 1000

100 500 50 50 200 300

10 30 10 10 30 30

100 100 100 50 100 C 300 C

50 50 50 50 200 200

R R R R

100 500 100 50 200 D 300

3.2 5.1 3.2 3.1 4.1 4.2

3G 3G 3G 3G 2G 3G

2 2 2 2 2 3

B B B B B B

300

50

300 C

100 R

300

4.2

2G

2

B

50 200

10 50

30 100

30 50 R

50 200

3.1 4.1

1G 2G

1 2

B

R R R R

R

L

B B L L L L

Richtafstandenlijst, Versie 101 SBI-1993 SBI-2008

OMSCHRIJVING

AFSTANDEN IN METERS

indices

-

LUCHT

13

BODEM

3.2

1G

2

200 300 50

50 50 30

100 100 50

100 R 200 R 30

200 300 50

4.1 4.2 3.1

2G 2G 2G

2 2 1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Rijswijk&id=465c94f9-c99c-4884-9aa5-03ccfe3ba6b4